Bijlage 1 Publicatie Brede Regeling Combinatiefuncties Staatscourant
Tekst van het document
Deze opgave is dan ook nauw verbonden met het thema Sociaal veilige sport. Een cultuuromslag binnen de sportsector is nodig, waarin geen meer ruimte is voor uitsluiting, discriminatie en racisme, en de bewustwording over inclusie en diversiteit in sport groeit bij aanbieders, overheden en andere partijen. Met als doel dat iedereen met plezier kan sporten. Voor het verminderen van sociale belemmeringen is de afgelopen jaren de charter diversiteit ingezet en zijn campagnes gevoerd om de bewustwording bij sportaanbieders te vergroten over inclusie en diversiteit. Naast inzet van het bestaande instrumentarium werken we aan nieuw beleid om de sociale drempels te verlagen. Dit doen zoveel mogelijk met de doelgroepen zelf. De partners stellen hiervoor een adviesgroep in om samen dat beleid te ontwikkelen. Vergroting praktische toegankelijkheid. Sport- en beweegdeelname van mensen met een handicap in Nederland is al jaren stabiel laag. Ondanks overheidsbeleid verandert dit niet. Er zijn praktische belemmeringen voor mensen met een handicap om te kunnen sporten en bewegen. Voor een deel zijn dat mentale barrières, maar ook de complexiteit bij aanvragen voor hulpmiddelen, een beperkt aanbod en een lange duur van vervoer, en de ontoegankelijkheid van bepaalde sportvoorzieningen, zijn belangrijke belemmeringen die moeten worden opgelost. Praktische belemmeringen nemen we
73
Staatscourant 2023 nr. 4245
8 februari 2023
weg door de huidige administratieve jungle voor het verkrijgen van sporthulpmiddelen aan te pakken: we richten één loket op – bij Fonds Gehandicaptensport – en maken afspraken tussen gemeenten, zorgverzekeraars, VWS en NOC*NSF over samenwerking bij de (financiële) ondersteuning van de aanschaf en uitleen van hulpmiddelen. Verder pakt VWS haar rol om afspraken te maken met andere ministeries en departementen over het vergroten van de praktische toegankelijkheid van sportvoorzieningen en van vervoer Effectievere toeleiding van inactieve mensen naar sport. Groepen mensen die niet of weinig sporten en bewegen, zoals mensen met een laag inkomen, lage opleiding, of een handicap, gaan dit ook niet snel vanzelf doen. Onbekendheid met sport, angst voor teleurstellingen en pijn, weerstand en het ontbreken van een maatje om mee te gaan zijn redenen om niet te gaan sporten en bewegen. Zogenaamde ‘’warme toe- en begeleiding’ naar de sport is belangrijk, maar wordt nog onvoldoende ingezet. Lokaal stimuleren we dat hier meer op wordt ingezet. Om succesvol te zijn in toeleiding, moet iemand dichtbij de doelgroep staan, zoals een buurtsportcoach of beweegambassadeur. Maatwerk is gevraagd.
Waar NOC*NSF en POS vooral de verantwoordelijkheid hebben dat het sportaanbod toegankelijk en kwalitatief sterk is voor ieder, wordt aan maatschappelijke organisaties vooral gevraagd om maatwerk te leveren en mensen aan de hand te nemen om naar het aanbod toe te leiden. Sportbonden en koepels in de sport worden opgeroepen om met deze partijen samen te werken. En de functionarissen uit de BRC worden vaker ingezet om de toeleiding van inactieve mensen naar het bestaande aanbod te organiseren of te realiseren. Sociaal veilige sport Meer waarborgen voor sociaal veilige sport (basiseisen). Bij sportaanbieders is er nu nog te weinig aandacht voor een veilige sportcultuur. De afgelopen jaren is te weinig voortgang geboekt. In het huidige systeem is een basisniveau veiligheid niet gegarandeerd. De vrijblijvendheid moet van het thema af en daarbij past het introduceren van meer waarborgen. We gaan werken met basiseisen – zoals een VOG, een vertrouwenscontactpersoon, gedragsregels en het doorlopen van een e-learning – voor mensen in de sport en prikkelen sportaanbieders daarmee om in ieder geval de minimaal noodzakelijke stappen richting een sociaal veilige sport te gaan zetten. Deze aanpak is geïnspireerd op de praktijk in de gemeente Amsterdam. Meer aandacht voor en het bespreekbaar maken van veilige sport (normering).
Hoewel iedereen het belang erkent, gaat werken aan een sociaal veilige sport niet vanzelf. De voornaamste reden lijkt dat mensen denken dat het niet nodig is. Het tegendeel is waar. Het gezamenlijk afspreken, bespreken en aanspreken van/op normaal en wenselijk gedrag is van belang om een cultuuromslag te bereiken. De aandacht voor dit thema versterken we verder door in te zetten op de implementatie van de Code Goed Sportbestuur en door voorlichting en scholing te organiseren. Daarnaast stimuleren we de dialoog over sociale veiligheid en grensoverschrijdend gedrag. Waar het zwart-wit is, weet iedereen waar de grens ligt. In het grijze gebied is dat lastig. In de (top)sport gaat het om de vraag: hoe kunnen we grenzen verleggen, zonder grenzen te overschrijden? Daar hebben we elkaar nodig om met elkaar het gesprek aan te gaan en duidelijkheid te scheppen, met respect als uitgangspunt. Het is belangrijk dat er gesproken wordt over grensoverschrijdend gedrag bij zowel de sportaanbieder om de hoek als in de topsport. Versterking van de keten voor sociale veiligheid (signalen). Ondanks alle inspanningen zullen er altijd nog signalen en incidenten zijn die gezien of gemeld moeten worden en die een zeer zorgvuldige behandeling verdienen. We gaan met elkaar verkennen wat de wenselijke verbeteringen in de governance zijn om een veilige en integere sport te bereiken, en voeren ze uit.
Extra ondersteunende infrastructuur rondom sociale veiligheid (versterking). Sociale veiligheid is een landelijke uitdaging, een complexe uitdaging bovendien. En van alle niveaus: van een positieve sportcultuur tot een verantwoord topsportklimaat. Sportaanbieders staan aan de lat om voor een veilig klimaat te zorgen, maar dat kunnen ze niet alleen. Extra ondersteuning is nodig. We versterken bonden en brancheverenigingen met integriteitsmanagers en extra middelen, om hun achterban te ondersteunen bij het werken aan een veilige sportomgeving. Ook organiseren we meer voorlichting en educatie vanuit de koepels om (top)sporters weerbaarder te maken. Vitale sportaanbieders Hogere kwaliteit van mensen in de sector. Al jarenlang wordt er gewerkt aan het verhogen van de kwaliteit van mensen die actief zijn bij sportaanbieders. Dat lukt helaas maar beperkt. We hebben gemerkt dat er naast het opleiden van mensen meer nodig is om de kwaliteit, vooral op het vlak van pedagogische- en didactische vaardigheden, te waarborgen. Onze aanpak om de kwaliteit van mensen actief in de sport te verhogen is het ontwikkelen van een norm voor pedagogische en didactische kwaliteit. In de komende jaren gaan we als partners die norm ontwikkelen, om vervolgens sportaan-
74
Staatscourant 2023 nr. 4245
8 februari 2023
bieders te ondersteunen hieraan te voldoen. Deze kwaliteitsimpuls levert ook een belangrijke bijdrage aan de sociale veiligheid. Versterking van de uitvoeringskracht. NOC*NSF en de sportbonden hebben in de afgelopen jaren diverse programma’s ontwikkeld op thema’s als een Sociaal veilige sport, Vaardig in bewegen en Inclusie en diversiteit. Het ontbreekt sportbonden en aanbieders meestal aan de capaciteit om deze programma’s te implementeren en ook aan het netwerk om van de kennis en kracht uit de omgeving te profiteren. Meer uitvoeringskracht helpt de partijen om ontwikkelde programma’s en ondersteuning vanuit het netwerk beter te benutten. We versterken koepels en bonden met mankracht, zodat zij hun achterban beter kunnen ondersteunen. Daarnaast versterken we de organisatiekracht van sportaanbieders met ondersteuningsbudget. Via gemeenten kan het uitvoeringsbudget bovendien worden ingezet voor ondersteuning en is er de mogelijkheid om via de BRC professionals in te zetten voor sportaanbieders. Effectievere clubondersteuning aan sportaanbieders. Huidige ondersteuning aan sportaanbieders is divers en niet altijd effectief. Lokaal is niet altijd inzichtelijk wie welke aanbieders ondersteunt en welk type ondersteuning een aanbieder krijgt. Dat kan veel beter worden georganiseerd.
De afgelopen periode hebben de adviseurs lokale sport een aanzet gedaan om ervoor te zorgen dat er in elke gemeente één centraal aanspreekpunt is, waar sportaanbieders zich kunnen melden met hun ondersteuningsvraag. Op die aanpak bouwen we voort. Dat realiseren we door gemeenten, in samenwerking met de lokale kernteams, te stimuleren de clubondersteuning effectief te organiseren. Zij worden hierbij ondersteund door de adviseurs lokale sport. Lokaal betere match tussen vraag en aanbod. Slechts een deel van de mensen in ons land is actief, en ook slechts een deel daarvan is nu actief bij een sportaanbieder. Voor een deel komt dat omdat vraag en aanbod op wijk- of buurtniveau nog te weinig op elkaar aansluiten. Meer kennis over de lokale behoefte en hoe het bestaande aanbod daarbij past, helpt sportaanbieders in te spelen op die behoefte. We gaan hiervoor werken met specifieke data (sociale wijkprofielen) en ondersteunen sportaanbieders om hun aanbod zo goed mogelijk aan te passen. We zoeken de samenwerking op met kennisinstellingen, koepels en gemeenten om een dergelijke data-gedreven aanpak effectief vorm te geven. Vaardig in bewegen Meer aandacht voor beweging bij de jongste jeugd. Tot dusver is er wat minder aandacht geweest voor het belang van sport en bewegen voor kinderen van 0 tot 4 jaar.
Inmiddels is er een beweegadvies van de Gezondheidsraad, dat onderstreept dat voldoende bewegen belangrijk is voor de gezondheid en goede ontwikkeling van de jongste jeugd. We gaan het belang van bewegen voor deze doelgroep verder onder de aandacht brengen en bewustzijn bij ouders en (zorg)professionals, waaronder de kinderopvang, vergroten. Tegelijkertijd richten we ons op bonden, brancheverenigingen en sportaanbieders om het bereik van de beweegprogramma’s voor deze kinderen uit te breiden. Betere kansen voor kinderen om sporten en bewegen te ontdekken. Om kinderen (4 tot 12 jaar) enthousiast te krijgen en houden voor sport, is het van belang dat ze zich op vroege leeftijd breed kunnen oriënteren. We ondersteunen de sportbonden met de uitvoering van het Jeugdsportplan, waarin verschillende randvoorwaarden zijn opgenomen om jeugdsport in Nederland te stimuleren. Verder zetten we in op het belang van (buiten)spelen en bewegen tijdens de schooldag. We onderzoeken samen met partners in het onderwijs hoe de brede oriëntatie van kinderen op sporten versterkt kan worden. Verder ondersteunen we aansluiting van de gehele sportsector met het programma School & Omgeving. Meer inzet op motorische ontwikkeling en veelzijdig bewegen bij kinderen. De afgelopen jaren is er veel ingezet op het ontwikkelen van verschillende producten rondom breed motorische ontwikkeling.
Ook het bewustzijn voor ‘veelzijdig bewegen’ is gegroeid. We maken de stap naar bredere implementatie van bestaande instrumenten in jeugdtrainingen/-activiteiten. We blijven net als hiervoor inzetten op de samenwerking met onderwijspartijen en gemeenten over de inzet op het testen van motorische vaardigheden. De uitslag van deze testen leidt steeds vaker tot een beweegadvies en interventie op maat. Ook gaan we aan de slag met verdere verspreiding en implementatie van de handreiking Vaardig in bewegen, waarin onder andere motorisch testen en het daaraan benodigde vervolgplan benoemd worden. Daarnaast biedt deze handreiking ook met het 2+1+2 model inspiratie. Deze koppelt sport- en beweegactiviteiten voor, tijdens (onder andere de gymles) en na school, waarbij een goede samenwerking op lokaal niveau het verschil maakt. Verhogen sportdeelname en verlagen sportuitval bij jongeren. De hoge sportuitval van jongeren vanaf 12 jaar is een grote uitdaging. Helaas ervaren niet alle jongeren het plezier, de motivatie en zelfver-
75
Staatscourant 2023 nr. 4245
8 februari 2023
trouwen om te blijven sporten en bewegen bij een sportaanbieder. Het voorkomen van uitval in deze levensfase is van belang om sport een vanzelfsprekend onderdeel van de gehele levensloop te laten zijn. We doen aanvullend onderzoek naar de behoeften van deze groep jongeren voor sport- en spelvormen. Ook trekken we lering uit werkzame elementen bij aanbieders die het wel goed lukt om jongeren te behouden of later in te laten stromen. We gaan ontdekken wat zij goed doen en delen dat met andere sportaanbieders. Verder continueren we de inzet op de grootste schoolsportcompetitie voor voortgezet onderwijs, Olympic Moves. Ruimte voor sport en bewegen Verduurzaming sportinfrastructuur. Het belang van de transitie naar een duurzame sportsector is groot. De komende jaren zullen de eisen vanuit de samenleving rond duurzaamheid alleen maar intensiveren. Ook de inzet op onderwerpen als circulariteit, biodiversiteit en klimaatadaptiviteit wordt steeds meer van belang. Dit is een grote uitdaging voor de sector, mede door de stijgende energiekosten, verschillen tussen sportaanbieders en accommodaties, en de steeds complexer wordende vraagstukken omtrent verduurzaming. De komende jaren zetten we, samen met ondernemers en verenigingen, gemeenten en bedrijfsleven, onverminderd in op verduurzaming.
De Routekaart Verduurzaming Sport is leidend om deze opgave aan te pakken, en daarom zetten we de activiteiten uit de Routekaart voort. Meer kosteneffectieve en maatschappelijk verantwoorde exploitatie van sportaccommodaties. De sport wordt, net als andere sectoren, geconfronteerd met stijgende kosten en hoge inflatie. De vraag hoe een sportaccommodatie kosteneffectief kan worden gebouwd en geëxploiteerd, en een zo groot mogelijke maatschappelijke waarde kan vertegenwoordigen, is daarom zeer relevant. Nieuwe exploitatiemodellen kunnen ervoor zorgen dat sportaccommodaties efficiënter worden benut en ook zorgen voor nieuwe vormen van gebruik door doelgroepen zoals ondernemers, onderwijs of andere maatschappelijke en commerciële partijen. Daarmee kunnen we gezamenlijk waarde leveren aan de omgeving. We bestuderen hoe kosteneffectieve en maatschappelijk verantwoorde exploitatiemodellen kunnen worden ontwikkeld, verspreid en toegepast, die zorgen dat een accommodatie zo veel mogelijk maatschappelijke waarde oplevert, en dat de toegevoegde waarde van de accommodatie voor andere domeinen duidelijk in beeld komt. Daarbij kijken we ook naar de wijze waarop die waarde een plek kan krijgen in aanbestedingen. Betere spreiding en bereikbaarheid van sportinfrastructuur.
Bereikbaarheid en toegankelijkheid van sportaccommodaties en beweegvoorzieningen zijn belangrijke voorwaarden om mensen te kunnen laten sporten en bewegen. De behoeften aan ruimte voor sport bewegen verschillen van plek tot plek en zijn aan verandering onderhevig. Dat beïnvloedt de optimale spreiding en bereikbaarheid van voorzieningen. We doen meer onderzoek naar de spreiding en bereikbaarheid, met aandacht voor de toegankelijkheid en de kansengelijkheid in het aanbod van voorzieningen. Dit raakt aan het thema Inclusie en diversiteit. Om in te spelen op ontwikkelingen in de sport, ontwikkelen we instrumenten voor inzicht in huidige en toekomstige behoeften aan ruimte voor sport en bewegen. Beleidsmakers kunnen hiermee zien welke huidige en toekomstige verbeteringen mogelijk zijn om sport toegankelijker te maken. Het vergt vervolgens afstemming tussen nationale, regionale en lokale spelers voor een passende spreiding van voorzieningen. Verdere versterking beweegvriendelijke omgeving. Steeds meer mensen sporten en bewegen in de openbare ruimte, bijvoorbeeld wandelen, hardlopen, wielrennen en bootcamp. Om meer mensen te stimuleren dit te doen en het buitenspelen te bevorderen, moeten de bestaande sportparken meer worden benut voor recreatief gebruik en moet de openbare ruimte uitnodigend, inspirerend en beweegvriendelijk zijn ingericht.
Ruimtelijke ordening is hierin essentieel, maar neemt de waarde van ruimte voor sport en bewegen niet altijd mee in gebiedsontwikkeling. We brengen de waarde van een beweegvriendelijke omgeving voor natuur, milieu, mens en omgeving beter in beeld en brengen dit onder de aandacht bij beleidsmakers, wethouders en andere relevante partijen (waaronder planologen en stedenbouwkundigen). Efficiënter ruimtegebruik van sportinfrastructuur. De ruimte in Nederland is schaars en wordt steeds schaarser. Nieuwbouw of uitbreiding van sportvoorzieningen is niet overal vanzelfsprekend. De sportsector biedt veel kansen om efficiënter om te gaan met de ruimte die het nu inneemt, om zo een nog grotere bijdrage te leveren aan de omgeving. Door meervoudig en multifunctioneel gebruik van voorzieningen, verbetert de benutting en kan de verbinding tussen sport en andere domeinen, zoals klimaat, welzijn en onderwijs, verbeteren. We delen voorbeelden met lokale partijen om ze te inspireren hiermee aan de slag te gaan, zoals maatschappelijke business cases over meervoudig gebruik van sportruimte als bijvoorbeeld sociale, beweeg- en energiehub. Ook ontwikkelen we instrumenten om meer sociale, maatschappelijke en/of economische activiteiten te faciliteren vanuit sportvoorzieningen.
76
Staatscourant 2023 nr. 4245
8 februari 2023
Maatschappelijke waarde van topsport Meer aandacht voor maatschappelijk verantwoorde prestaties. De norm hoe talentvolle sporters worden opgeleid of hoe men binnen de topsport omgaat met het verleggen van grenzen is anders dan tien jaar geleden. Het is belangrijk dat iedereen binnen de topsport zich daarvan bewust is, om genoeg maatschappelijk draagvlak te behouden voor de topsport. Daarom moeten we op collectief niveau aan een topsportsysteem werken dat enerzijds bijstuurt wanneer negatieve waarden van topsport te groot dreigen te worden en anderzijds positieve waarden helpt te vergroten. Dit heeft een directe link met het thema sociale veiligheid. Behoud en verrijking waardevolle topsportprestaties. Prestaties zijn van maatschappelijk waarde. Het besef is gegroeid dat de focus op alleen medailles, op zichzelf uniek en inspirerend, de bredere rijkdom van de topsport onvoldoende laat zien. Er zijn ook andere aspecten en momenten, aanvullend op de mondiale successen, die maken dat we als samenleving topsport waarderen en hiervan genieten. Het is zaak om ons meer te richten op alle (aspecten van) waardevolle topsportprestaties. Dat zit vooral in de volgende lijnen: topsport- en opleidingsprogramma’s van de sportbonden, paralympische topsport, commerciële sporten (zoals formule 1, betaald voetbal, schaatsen, wielrennen) en topteamcompetities.
Betere benutting van het platform topsport voor bijdrage maatschappelijke doelen. Topsport en topsportevenementen bieden een prachtig platform om bij te kunnen dragen aan maatschappelijke vraagstukken, zoals duurzaamheidsvraagstukken, overgewicht of eenzaamheid. Dat gebeurt echter niet automatisch. Het is belangrijk dat binnen de topsport het bewustzijn groeit over het platform dat zij te bieden heeft. De platformfunctie zit, naast in de sporters zelf, in alle andere facetten van de topsport (zoals accommodaties en begeleiding) en in de evenementen. De TeamNL centra kunnen lokaal en regionaal meer van maatschappelijke waarde zijn, door de aanwezige kennis en faciliteiten ook beschikbaar te stellen voor andere maatschappelijke vraagstukken. Vergroten zichtbaarheid en bereik van topsport. Ons doel is om het bereik van topsport te vergroten, en om meer en vaker Nederlanders te inspireren met de kracht van topsport. Daarbij richten we ons op alle aspecten van topsport, niet alleen de topsportprestaties zelf, maar ook de weg er naartoe, de manier waarop en de waarde die topsport kan hebben voor andere maatschappelijke vraagstukken.
Bijlage 2 – Uitvoeringsbudget Lokaal Sportakkoord Het Uitvoeringsbudget Lokaal Sportakkoord is gericht op de herijking én de uitvoering van een lokaal Sportakkoord. Voor de G5 (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht, Eindhoven) is het gericht op de herijking en de uitvoering van een lokaal Sportakkoord en de uitvoering van een living lab. Een lokaal Sportakkoord is een akkoord waarin door gemeente, sportaanbieders en maatschappelijke organisaties (welzijn, gezondheidszorg, onderwijs) afspraken zijn gemaakt over het beleid rondom sport en sportief bewegen en dat is gebaseerd op het landelijk Sportakkoord. Het blijft mogelijk voor gemeenten om, bij de herijking, de krachten te bundelen om tot een regionaal Sportakkoord te komen en daar uitvoering aan te geven. Voorwaarden bij het aanvragen van uitvoeringsbudget door een gemeente •
•
•
•
77
Het beschikken over een kernteam dat de regie voert over de herijking en uitvoering van het lokaal Sportakkoord. Dit kernteam bestaat ten minste uit vertegenwoordigers van de gemeente, de lokale sportsector en maatschappelijke organisaties (welzijn, gezondheidszorg, onderwijs). Het inzetten van een coördinator sport en preventie. Deze functionaris coördineert de herijking en uitvoering van het lokaal Sportakkoord. Gemeenten kunnen via de Brede Regeling Combinatiefuncties middelen aanvragen voor het aanstellen van deze functionaris. Het herijken van het lokaal Sportakkoord op basis van de inhoud van dit Sportakkoord, aan de hand van het ‘Raamwerk afspraken Sportakkoord’ (zie hierna). Het herijkte lokaal Sportakkoord wordt uiterlijk 30 juni 2023 ingediend bij VSG Het meewerken aan activiteiten rondom monitoring en evaluatie die in het kader van het Sportakkoord en de Brede SPUK plaatsvinden in de periode 2023–2026.
Staatscourant 2023 nr. 4245
8 februari 2023
Raamwerk afspraken Lokaal Sportakkoord • •
•
•
•
•
•
Herijking van het lokaal Sportakkoord vindt plaats onder verantwoordelijkheid van een lokaal kernteam. De coördinator sport en preventie coördineert en begeleidt deze herijking. Herijking van het lokaal Sportakkoord vindt plaats langs de drie ambities van het Sportakkoord: C Hoe wordt het fundament (vitale sportaanbieders, duurzaam beleid) van de lokale sportsector versterkt? C Hoe wordt het bereik (draagvlak partners, deelname partners) van het lokale Sportakkoord vergroot? C Hoe wordt de betekenis van sport op lokaal niveau zichtbaar gemaakt en benut (verbinding met GALA, IZA, School & Omgeving)? Bij de herijking van het lokaal Sportakkoord wordt aantoonbaar gestreefd naar het betrekken van het merendeel van sportclubs, ondernemers in de sport en maatschappelijke instellingen. Herijking is zichtbaar een proces dat de hele lokale gemeenschap aangaat. In de periode 2023–2026 gaat de gemeente (in samenspraak met het kernteam) werken aan een plan van aanpak om sociale veiligheid en integriteit op lokaal niveau bij alle sportaanbieders waarmee de gemeente een relatie heeft te stimuleren en ondersteunen. In de periode 2023–2026 gaan de gemeente, lokale clubondersteuners en adviseur lokale sport (samen met het kernteam) in gesprek om de toegang, coördinatie en kwaliteit van clubondersteuning op lokaal of regionaal niveau te verbeteren.
De mogelijkheid om één loket voor clubondersteuning in te richten wordt hierbij onderzocht. In de periode 2023–2026 onderzoekt de gemeente (in samenspraak met het kernteam en de adviseur lokale sport) de mogelijkheid om een lokaal sportplatform in te richten. Zo’n sportplatform brengt de lokale sportaanbieders samen met het oog op samenwerking, één aanspreekpunt voor en met de gemeente, en belangenbehartiging. Het herijkte Sportakkoord maakt duidelijk hoe lokale functionarissen die gefinancierd worden vanuit de BRC worden ingezet binnen de zes thema’s van het Sportakkoord.
Raamwerk afspraken living labs •
•
Voor de G5 gelden dezelfde voorwaarden bij het aanvragen van uitvoeringsbudget. Het uitvoeringsbudget kan worden ingezet voor de uitvoering van het lokaal Sportakkoord, een living lab of beide. Bij de keuze voor inzet op een living lab gelden de volgende afspraken: C In de living labs vindt onderzoek en innovatie plaats in wijken en gemeenschappen, waarbij de inwoner centraal staat. Daarbij werken de overheid, de sport, het bedrijfsleven, de inwoner en de kennisinstelling samen. Er zijn meerdere living labs in een stad mogelijk. C De gemeente werkt samen met de programma’s ‘MOOI’ en ‘Sportinnovator’ bij de opzet en uitvoering van het living lab. C De gemeente zet zich in om de leerervaringen en vernieuwende concepten actief, in samenwerking met de kennisinstellingen, te delen met de partners van het Sportakkoord. NOC*NSF, POS en VSG/VNG spreken af de voortgang en resultaten te delen met de sportsector en gemeenten. C De monitoring van de living labs is gericht op de beoogde gedragsverandering van de intermediairs in de betrokken partners bij de living labs. Daarnaast is de monitoring gericht op het in kaart brengen van kansen en aandachtspunten voor opschaling en vertaling van resultaten naar beleid. VWS zet, in samenspraak met de G5, een gezamenlijk programma voor monitoring van de living labs op.
Technische aspecten • • • •
De lokale of regionale akkoorden worden beschikbaar gesteld aan VSG. Op de website www.sportengemeenten.nl worden de profielen van de coördinator sport en preventie, de (andere) functionarissen uit de BRC en de adviseur lokale sport gedeeld. De verschillende functionarissen nemen deel aan bijeenkomsten die worden georganiseerd door NOC*NSF, POS en VSG/VNG en dragen op deze wijze actief bij aan kennisdeling. Ondertekenende partijen van het lokale of regionale Sportakkoord komen minstens twee keer per jaar bijeen om de voortgang te bespreken.
Financiële aspecten •
78
De financiële voorwaarden voor het uitvoeringsbudget Sportakkoord worden vastgesteld in de Brede SPUK ten behoeve van bevorderen van de gezondheid, sport- en beweegstimulering, cultuurparticipatie en versterken van de sociale basis.
Staatscourant 2023 nr. 4245
8 februari 2023
Addendum bestuurlijke afspraken Brede Regeling Combinatiefuncties 2023–2026 Met de Brede Regeling Combinatiefuncties wordt deelname aan sport en cultuur verbonden met ten minste één andere sector, zoals de zorg of het onderwijs. Door de jaren heen hebben de functionarissen zich ingezet om de verbinding tussen sectoren te realiseren. Inzet vanaf 2023: functionarissen binnen het sport-, beweeg- en cultuurdomein De gezamenlijke ministeries en VNG/VSG zetten zich in om de komende jaren vraaggericht de toeleiding en begeleiding naar sport-, beweeg- en cultuuraanbod te versterken, zodat meer mensen actief betrokken raken bij en deelnemen aan sport, bewegen en cultuur en daarmee gezonder, actiever en fitter worden. Onze doelen •
• •
Meer kinderen, jongeren en volwassenen die sporten, bewegen en meedoen aan cultuur. Het gaat hierbij ook om kwetsbare groepen en mensen die achterblijven in sport-, beweeg- en cultuurdeelname; Sterke aanbieders in sport, bewegen en cultuur waarbij kwaliteit, veiligheid en toegankelijkheid geregeld is; Een sterke verbinding tussen sport, bewegen en cultuur met andere domeinen en programma’s (onderwijs, gezondheid, zorg, welzijn en sociale zaken/armoede & schulden) die bijdragen aan de bovenste twee ambities.
De inhoudelijke afspraken bouwen nadrukkelijk voort op het Nationaal Sportakkoord en de ‘Geactualiseerde Bestuurlijke afspraken Brede Regeling Combinatiefuncties 2019–2022’. De herziene bestuurlijke afspraken kennen een looptijd van 1 januari 2023 t/m 31 december 2026. Belangrijke inhoudelijke speerpunten zijn de gestelde doelen in Hoofdlijnen Sportakkoord II, het programma School en omgeving en de meerjarenbrief ‘De kracht van creativiteit’ (2023–2025). Met het onderbrengen van de Brede Regeling Combinatiefuncties in de brede specifieke uitkering (SPUK) gericht op gezondheid, sport- en beweegstimulering, cultuurparticipatie en het versterken van de sociale basis zetten we de volgende stap in het doelgericht inzetten van functionarissen. Als onderdeel van de brede SPUK kunnen gemeenten een budget aanvragen voor sport-, beweeg en cultuurstimulering. Middels deze financiële constructie kunnen zij beter zicht houden op de besteding van de middelen. Historie Vanaf 2008: Impuls brede scholen, sport en cultuur In 2008 start de Impuls Brede scholen Sport en Cultuur vanuit een samenwerking tussen het Ministerie van OCW en VWS en de VNG.
De oorspronkelijke doelstellingen zijn dat de combinatiefunctie moet bijdragen aan de uitbreiding van de brede scholen met sport- en cultuuraanbod, het versterken van de sportverenigingen, het stimuleren van een dagelijks sport- en beweegaanbod op en rond de scholen en/of het vertrouwd raken met en beoefenen van kunst en cultuur door de jeugd. De combinatiefunctionaris is een persoon die ten minste werkzaam is in twee sectoren (onderwijs, sport en cultuur) en in dienst is in één van deze twee sectoren. Vanaf 2012: Uitbreiding van de bestaande afspraken: Brede Impuls Combinatiefuncties In 2012 is de oorspronkelijke Impuls brede scholen, sport en cultuur verbreed en uitgebreid en is verder voortgezet onder de naam Brede Impuls Combinatiefuncties. Met deze uitbreiding en verbreding wilde de toenmalig Minister van VWS bereiken dat meer mensen kunnen sporten en bewegen in de buurt, dat sportverenigingen versterkt worden en dat er een verbinding wordt gelegd tussen sport en bewegen en andere sectoren zoals het onderwijs, welzijn, de kinderopvang, de zorg en het bedrijfsleven. Door in te zetten op deze verbinding kunnen de buurtsportcoaches tevens een bijdrage leveren aan lokale opgaven zoals het bevorderen van de gezondheid en de leefbaarheid van een wijk.
Door de verbrede inzet kunnen buurtsportcoaches breder worden ingezet dan de combinatie Sport en school, waarmee alleen de jeugd werd bereikt. Vanaf 2019: De Brede Regeling Combinatiefuncties In 2019 is gekozen de Impuls om te vormen naar een Regeling die meer de continuïteit en het commitment van Rijk en gemeenten aangeeft.
79
Staatscourant 2023 nr. 4245
8 februari 2023
De Regeling werd met een aantal fte uitgebreid en de doelstellingen kwamen te liggen op het bereiken van een leven lang inclusief sporten, bewegen en beoefenen van culturele activiteiten. De nadruk kwam te liggen op jeugd, kwetsbare groepen, verbindingen tot stand brengen en het versterken van sport-, beweeg- en cultuuraanbieders. Hierin werd ook de verbinding gelegd met het Ministerie van SZW. Afspraken Ten aanzien van de inzet vanaf 2023 gelden de volgende afspraken: 1. Algemeen a. de ambities en doelen uit het Hoofdlijnen Sportakkoord II, het programma School en omgeving en de meerjarenbrief ‘De kracht van creativiteit’ (2023–2025) worden als leidraad genomen bij de inzet van de functionarissen; b. Er is ruimte voor zes profielen in de Brede Regeling Combinatiefuncties: Buurtsportcoach, Cultuurcoach33, Combinatiefunctionaris Onderwijs, Clubkadercoach (incl. Verenigingsmanager en Sportparkmanager), Beweegcoach en Coördinator Sport en Preventie; c. De domeinen waarbinnen de functionarissen werkzaam zijn, zijn: Sport, Bewegen, Cultuur, Onderwijs, Preventie, Gezondheid, Zorg en Welzijn c.q. het sociaal domein (zoals sociale zaken inclusief aanpak armoede & schulden).
Er is hierbij altijd sprake van een combinatie van minimaal twee domeinen, waarbij sport en/of cultuur leidend zijn; De inzet van de functionarissen in de Brede Regeling Combinatiefuncties hangt samen met de doelen die zijn afgesproken in programma’s zoals het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). De functionaris die hiermee de verbinding legt is de Coördinator Sport en Preventie. Andere programma’s waarop de inzet van de functionarissen is gebaseerd zijn bijvoorbeeld Cultuureducatie met kwaliteit, het programma Cultuurparticipatie en de Human Capital Agenda Sportsector; d. De bekostiging van de bevoegde vak- of groepsleerkracht bewegingsonderwijs wordt vanuit het onderwijs gefinancierd. De inzet van functionarissen voor extra aanbod bovenop de onderwijstijd voor bewegingsonderwijs kan vanuit de Brede Regeling Combinatiefuncties worden bekostigd. Voor de looptijd van de huidige Brede Regeling Combinatiefuncties ontwikkelen we een afbouwmodel en heeft het onderwijs tot en met 31 december 2026 de tijd om de inzet van combinatiefunctionarissen in onderwijstijd af te bouwen met als doel uiteindelijk de combinatiefunctionarissen alleen voor extra aanbod, buiten onderwijstijd, in te zetten. Gedurende de looptijd worden de ontwikkelingen gemonitord en is het van belang jaarlijks deze afbouw te gaan zien. 2. Arbeidsvoorwaardelijk a.
Gemeenten maken met opdrachtnemers afspraken die in lijn zijn met de Wet arbeidsmarkt. Het staat gemeenten echter vrij om lokaal de best passende arbeidsconstructie te kiezen; b. Gemeenten en werkgevers volgen het principe van eerlijke beloning, zoals de Fair Practice Code voor cultuur. Dit houdt in dat er wordt gestreefd naar een gelijkwaardige beloning voor functionarissen bij gelijkwaardige inzet, conform cao-afspraken en andere bestaande richtlijnen; c. Overeenkomstig het beleid van een leven lang ontwikkelen en het stimuleren van toekomstbestendige inzetbaarheid van werkenden, is het wenselijk dat gemeenten met werkgevers afspraken maken over de scholing en de arbeidsvoorwaarden van de medewerkers. Hierbij dient 2% van de lokale middelen beschikbaar te zijn voor opleidingen en het versterken van de kwaliteit van functionarissen. Voor buurtsportcoaches specifiek is hier het carrièrepad voor ontwikkeld; d. Gemeenten en werkgevers streven naar een inclusieve samenleving en gelijke kansen, zoals de code Diversiteit & Inclusie voor cultuur of de afspraken in Sportakkoord II onder het thema Sociaal veilige sport. 3. Technisch a. Met het oog op vraagsturing, lokaal maatwerk en een breed draagvlak baseren gemeenten de inzet van de functionarissen op lokale beleidsplannen zoals een lokaal Sport- en/ of Preventieakkoord of cultuurnota’s.
Dit betekent dat in gezamenlijkheid met gemeentelijke partners (zoals binnen het kernteam Sportakkoord of in samenspraak met een lokaal cultuurplatform) wordt besloten waarop de inzet van de functionarissen is gericht. Ook rekening houdend met de risicogroepen bij de aanpak volksziekten; b. De inzet van de functionarissen wordt ook omschreven in het plan van aanpak dat gemeenten indienen om aanspraak te maken op de middelen uit de Brede Specifieke Uitkering ten behoeve van het bevorderen van de gezondheid, sport- en beweegstimulering, cultuurparticipatie en het versterken van de sociale basis. 4. Financieel
33
80
Onder andere gaat het hier ook om cultuurmakelaar, cultuuraanjager, cultuuradviseur, intendant, etc.
Staatscourant 2023 nr. 4245
8 februari 2023
a. De financiële voorwaarden voor het uitvoeringsbudget Sportakkoord worden vastgesteld in de Regeling specifieke uitkering sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis 2023–2026; b. De Rijksbijdrage (Ministeries VWS en OCW) voor de functionarissen is gesteld op € 89.500.000 voor de jaren 2023 tot en met 2025. Voor 2026 is dit bedrag vastgesteld op € 86.500.000,-. Deze bedragen zijn inclusief € 5 miljoen die sinds 2014 structureel beschikbaar zijn vanuit het armoede- en schuldenbeleid34; c. Er wordt binnen de regeling niet meer uitgegaan van een vastgesteld normbedrag. Deze middelen worden verdeeld op basis van de voorwaarden in de brede Specifieke uitkering zoals onder 4a gesteld. De verdeelsleutels zijn het aantal inwoners en het aantal inwoners met gezondheidsachterstanden (lage inkomens, laag opgeleid). Er wordt een overzicht van de beschikbare bedragen per gemeenten als bijlage van de brede Specifieke uitkering toegevoegd; d. Gemeenten en Rijk hebben afgesproken dat de Rijksbijdrage 40% van het totaalbudget is van de investering voor functionarissen in het sport-, beweeg- en cultuurdomein. Gemeenten organiseren de overige 60% van dit bedrag binnen de financiële mogelijkheden die zij hebben. Dit geldt in het bijzonder voor de periode vanaf 2026, wanneer een nieuwe financieringssystematiek moet worden ingevoerd; e.
De btw-vrijstelling voor diensten op het gebied van sport is verruimd. Dit kan ook van toepassing zijn op de inzet van buurtsportcoaches, waardoor gemeenten btw die aan hen in rekening wordt gebracht in relatie tot deze activiteiten niet langer in aftrek zouden kunnen brengen. Hiervoor geldt geen compensatiemogelijkheid vanuit het btw-compensatiefonds. Wel wordt gemeenten compensatie geboden via de Specifieke uitkering Sport. Caribisch Nederland Caribisch Nederland kent een andere historie met de Brede Regeling Combinatiefuncties. Op Bonaire, Sint Eustatius en Saba zijn sinds 2019 buurtsportcoaches actief en in 2023 worden de cultuurcoaches geïntroduceerd. De functies zijn daarmee (relatief) nieuw. Dit in combinatie met de specifieke context van de eilanden maakt het doeltreffender om voor Caribisch Nederland separate afspraken te maken voor het toepassen van de Brede Regeling Combinatiefuncties. Die afspraken zijn, waar het kan en past, in lijn met de ambities en richtlijnen voor Europees Nederland. Het is de ambitie om op de eilanden toe te groeien naar een vergelijkbaar voorzieningenniveau. Ondersteuning De ondersteuning van gemeenten, werkgevers en de functionarissen bestaat uit het organiseren van passend opleidings- en scholingsaanbod, het creëren van een netwerk met uitwisselingsmogelijkheden en het verwerven en delen van kennis.
De verantwoordelijkheid van de landelijke coördinatie van deze ondersteuning ligt bij Vereniging Sport en Gemeenten, ondersteund door het Kenniscentrum Sport en Bewegen, het Landelijk Kennisinstituut Cultuureducatie en Amateurkunst, POS, NOC*NSF en Wij Buurtsportcoaches. Er wordt nauw samengewerkt met de ondersteuning rond de uitvoering van het GALA. Lokaal maatwerk is het uitgangspunt. Er wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van bestaande scholingsmogelijkheden en ondersteuningsstructuren zoals de regionale buurtsportcoach academies. Monitoring en evaluatie De voortgang van de Brede Regeling Combinatiefuncties wordt gemonitord en de impact en resultaten geëvalueerd. Gemeenten dragen bij aan kennisdeling en de daarmee gepaard gaande monitoring zoals ook vastgesteld in de brede Specifieke uitkering ten behoeve van het bevorderen van de gezondheid, sport- en beweegstimulering, cultuurparticipatie en het versterken van de sociale basis.
34
81
De totale bedragen zijn zonder aftrekking van de uitvoeringskosten. Deze bedragen per jaar maximaal € 500.000,- voor de gehele brede SPUK.
Staatscourant 2023 nr. 4245
8 februari 2023
BIJLAGE III , BEHOREND BIJ ARTIKEL 5.1. Naam onderdeel
82
2023
2024
2025
Lokaal Sportakkoord
€ 12.978.290,
€ 12.978.063
€ 12.978.063
€ 9.978.723
Brede Regeling Combinatiefuncties
€ 89.350.534
€ 89.348.971
€ 89.348.971
€ 86.315.957
Terugdringen Gezondheidsachterstanden
€ 19.966.600
€ 19.966.250
€ 19.966.250
€ 19.957.447
Kansrijke Start
€ 14.974.950
€ 15.973.000
€ 15.973.000
€ 19.957.447
Mentale Gezondheid
€ 6.988.310
€ 4.991.563
€ 4.991.563
€0
Aanpak overgewicht en obesitas
€ 17.470.775
€ 17.470.469
€ 17.470.469
€0
Valpreventie
€ 51.413.995
€ 47.419.845
€ 47.419.845
€ 48.895.745
Leefomgeving
€ 9.983.300
€ 9.983.125
€ 9.983.125
€0
OKO & Vroegsignalering alcoholproblematiek
€ 2.495.825
€ 2.495.781
€ 2.495.781
€0
Versterken sociale basis
€ 36.439.045
€ 35.939.251
€ 35.939.251
€ 26.942.553
Mantelzorg
€ 9.983.300
€ 9.983.125
€ 9.983.125
€ 8.980.851
Eén tegen eenzaamheid
€ 9.983.300
€ 9.983.125
€ 7.986.500
€0
Welzijn op recept
€ 5.490.815
€ 9.483.969
€ 11.480.594
€ 13.471.277
Versterking kennis- en adviesfunctie GGD
€ 2.495.825
€ 2.495.781
€ 2.495.781
€0
Coördinatiekosten regionale aanpak en preventie
€ 8.885.137
€ 7.287.681
€ 7.287.681
€0
Staatscourant 2023 nr. 4245
8 februari 2023
2026
BIJLAGE IV , BEHOREND BIJ ARTIKEL 5.2. 2023
Lokaal Sportakkoord
Brede Regeling Combinatiefuncties
Terugdringen Gezondheidsachterstanden
Kansrijke Start
Mentale Gezondheid
Aanpak overgewicht en obesitas
Valpreventie
Aa en Hunze
€ 16.788
€ 115.576
€ 25.827
€ 19.370
€ 9.039
€ 22.599
€ 66.504
Aalsmeer
€ 22.055
€ 151.838
€ 33.930
€ 25.448
€ 11.876
€ 29.689
€ 87.371
Aalten
€ 22.004
€ 151.491
€ 33.853
€ 25.390
€ 11.848
€ 29.621
€ 87.171
Achtkarspelen
€ 25.130
€ 173.013
€ 38.662
€ 28.997
€ 13.532
€ 33.829
€ 99.555
Alblasserdam
€ 16.396
€ 112.879
€ 25.224
€ 18.918
€ 8.829
€ 22.071
€ 64.953
Albrandswaard
€ 15.384
€ 105.912
€ 23.668
€ 17.751
€ 8.284
€ 20.709
€ 60.944
Alkmaar
€ 80.423
€ 553.678
€ 123.727
€ 92.795
€ 43.304
€ 108.261
€ 318.597
Almelo
€ 64.551
€ 444.408
€ 99.309
€ 74.482
€ 34.758
€ 86.895
€ 255.721
Almere
€ 145.509
€ 1.001.775
€ 223.860
€ 167.895
€ 78.351
€ 195.878
€ 576.440
Alphen aan den Rijn
€ 78.524
€ 540.608
€ 120.806
€ 90.605
€ 42.282
€ 105.705
€ 311.076
Alphen-Chaam
€ 6.933
€ 47.733
€ 10.667
€ 8.000
€ 3.733
€ 9.333
€ 27.466
Altena
€ 46.494
€ 320.092
€ 71.529
€ 53.647
€ 25.035
€ 62.588
€ 184.187
Ameland
€ 2.431
€ 16.740
€ 3.741
€ 2.806
€ 1.309
€ 3.273
€ 9.632
Amersfoort
€ 96.949
€ 667.454
€ 149.152
€ 111.864
€ 52.203
€ 130.508
€ 384.066
Amstelveen
€ 54.376
€ 374.357
€ 83.655
€ 62.741
€ 29.279
€ 73.198
€ 215.412
Amsterdam
€ 631.952
€ 4.350.745
€ 972.233
€ 729.175
€ 340.282
€ 850.704
€ 2.503.501
Apeldoorn
€ 122.371
€ 842.481
€ 188.264
€ 141.198
€ 65.892
€ 164.731
€ 484.779
Arnhem
€ 126.740
€ 872.558
€ 194.985
€ 146.239
€ 68.245
€ 170.612
€ 502.086
Assen
€ 47.268
€ 325.424
€ 72.721
€ 54.540
€ 25.452
€ 63.630
€ 187.255
Asten
€ 13.252
€ 91.237
€ 20.388
€ 15.291
€ 7.136
€ 17.840
€ 52.499
Baarle-Nassau
€ 5.652
€ 38.910
€ 8.695
€ 6.521
€ 3.043
€ 7.608
€ 22.389
Baarn
€ 16.199
€ 111.524
€ 24.921
€ 18.691
€ 8.723
€ 21.806
€ 64.173
Barendrecht
€ 29.791
€ 205.097
€ 45.832
€ 34.374
€ 16.041
€ 40.103
€ 118.017
Barneveld
€ 41.486
€ 285.617
€ 63.825
€ 47.869
€ 22.339
€ 55.847
€ 164.349
Beek
€ 12.399
€ 85.363
€ 19.076
€ 14.307
€ 6.676
€ 16.691
€ 49.120
Beekdaelen
€ 28.091
€ 193.398
€ 43.217
€ 32.413
€ 15.126
€ 37.815
€ 111.285
Beesel
€ 11.616
€ 79.975
€ 17.871
€ 13.404
€ 6.255
€ 15.638
€ 46.019
Berg en Dal
€ 28.830
€ 198.483
€ 44.354
€ 33.265
€ 15.524
€ 38.810
€ 114.211
Bergeijk
€ 13.040
€ 89.779
€ 20.062
€ 15.047
€ 7.022
€ 17.555
€ 51.660
Bergen (L.)
€ 11.237
€ 77.365
€ 17.288
€ 12.966
€ 6.051
€ 15.127
€ 44.517
Bergen (NH.)
€ 18.174
€ 125.122
€ 27.960
€ 20.970
€ 9.786
€ 24.465
€ 71.998
Bergen op Zoom
€ 54.636
€ 376.147
€ 84.055
€ 63.041
€ 29.419
€ 73.548
€ 216.442
Berkelland
€ 33.781
€ 232.572
€ 51.971
€ 38.979
€ 18.190
€ 45.475
€ 133.826
Bernheze
€ 23.547
€ 162.115
€ 36.227
€ 27.170
€ 12.679
€ 31.698
€ 93.284
Best
€ 19.408
€ 133.619
€ 29.859
€ 22.394
€ 10.451
€ 26.127
€ 76.887
Beuningen
€ 18.238
€ 125.562
€ 28.059
€ 21.044
€ 9.820
€ 24.551
€ 72.251
Beverwijk
€ 33.142
€ 228.170
€ 50.988
€ 38.241
€ 17.846
€ 44.614
€ 131.293
Bladel
€ 14.867
€ 102.354
€ 22.872
€ 17.154
€ 8.005
€ 20.013
€ 58.896
Blaricum
€ 6.250
€ 43.030
€ 9.616
€ 7.212
€ 3.365
€ 8.414
€ 24.760
Bloemendaal
€ 10.556
€ 72.675
€ 16.240
€ 12.180
€ 5.684
€ 14.210
€ 41.819
Bodegraven-Reeuwijk
€ 23.687
€ 163.073
€ 36.441
€ 27.331
€ 12.754
€ 31.886
€ 93.835
Boekel
€ 7.958
€ 54.785
€ 12.242
€ 9.182
€ 4.285
€ 10.712
€ 31.524
Borger-Odoorn
€ 20.409
€ 140.511
€ 31.399
€ 23.549
€ 10.990
€ 27.474
€ 80.853
Borne
€ 15.307
€ 105.384
€ 23.550
€ 17.662
€ 8.242
€ 20.606
€ 60.640
Borsele
€ 16.407
€ 112.958
€ 25.242
€ 18.932
€ 8.835
€ 22.087
€ 64.998
Boxtel
€ 25.952
€ 178.670
€ 39.926
€ 29.945
€ 13.974
€ 34.936
€ 102.810
Breda
€ 124.061
€ 854.112
€ 190.863
€ 143.147
€ 66.802
€ 167.005
€ 491.472
Bronckhorst
€ 26.696
€ 183.789
€ 41.070
€ 30.803
€ 14.375
€ 35.936
€ 105.756
Brummen
€ 16.031
€ 110.371
€ 24.664
€ 18.498
€ 8.632
€ 21.581
€ 63.509
Brunssum
€ 27.696
€ 190.679
€ 42.610
€ 31.957
€ 14.913
€ 37.284
€ 109.720
Bunnik
€ 7.784
€ 53.589
€ 11.975
€ 8.981
€ 4.191
€ 10.478
€ 30.836
Bunschoten
€ 17.162
€ 118.157
€ 26.404
€ 19.803
€ 9.241
€ 23.103
€ 67.990
Buren
€ 21.633
€ 148.935
€ 33.281
€ 24.961
€ 11.649
€ 29.121
€ 85.700
Capelle aan den IJssel
€ 52.077
€ 358.530
€ 80.118
€ 60.089
€ 28.041
€ 70.104
€ 206.305
Castricum
€ 20.104
€ 138.409
€ 30.929
€ 23.197
€ 10.825
€ 27.063
€ 79.643
Coevorden
€ 28.943
€ 199.258
€ 44.527
€ 33.395
€ 15.584
€ 38.961
€ 114.657
83
Staatscourant 2023 nr. 4245
8 februari 2023
2023
Lokaal Sportakkoord
Brede Regeling Combinatiefuncties
Terugdringen Gezondheidsachterstanden
Kansrijke Start
Mentale Gezondheid
Aanpak overgewicht en obesitas
Valpreventie
Cranendonck
€ 16.668
€ 114.754
€ 25.643
€ 19.232
€ 8.975
€ 22.438
€ 66.031
Culemborg
€ 20.656
€ 142.210
€ 31.779
€ 23.834
€ 11.123
€ 27.806
€ 81.830
Dalfsen
€ 20.517
€ 141.248
€ 31.564
€ 23.673
€ 11.047
€ 27.618
€ 81.277
Dantumadiel
€ 17.223
€ 118.574
€ 26.497
€ 19.873
€ 9.274
€ 23.185
€ 68.230
De Bilt
€ 24.491
€ 168.612
€ 37.679
€ 28.259
€ 13.188
€ 32.969
€ 97.022
De Fryske Marren
€ 39.213
€ 269.967
€ 60.328
€ 45.246
€ 21.115
€ 52.787
€ 155.344
De Ronde Venen
€ 29.087
€ 200.250
€ 44.749
€ 33.561
€ 15.662
€ 39.155
€ 115.228
De Wolden
€ 17.234
€ 118.653
€ 26.515
€ 19.886
€ 9.280
€ 23.200
€ 68.275
Delft
€ 67.528
€ 464.905
€ 103.889
€ 77.917
€ 36.361
€ 90.903
€ 267.515
Den Helder
€ 50.149
€ 345.256
€ 77.152
€ 57.864
€ 27.003
€ 67.508
€ 198.667
Deurne
€ 26.284
€ 180.954
€ 40.437
€ 30.328
€ 14.153
€ 35.382
€ 104.125
Deventer
€ 73.383
€ 505.214
€ 112.897
€ 84.673
€ 39.514
€ 98.785
€ 290.710
Diemen
€ 17.093
€ 117.682
€ 26.298
€ 19.723
€ 9.204
€ 23.010
€ 67.716
Dijk en Waard
€ 58.767
€ 404.590
€ 90.411
€ 67.808
€ 31.644
€ 79.110
€ 232.809
Dinkelland
€ 17.092
€ 117.669
€ 26.295
€ 19.721
€ 9.203
€ 23.008
€ 67.709
Doesburg
€ 9.648
€ 66.420
€ 14.842
€ 11.132
€ 5.195
€ 12.987
€ 38.219
Doetinchem
€ 44.046
€ 303.239
€ 67.763
€ 50.822
€ 23.717
€ 59.292
€ 174.489
Dongen
€ 19.822
€ 136.470
€ 30.496
€ 22.872
€ 10.674
€ 26.684
€ 78.528
Dordrecht
€ 96.974
€ 667.630
€ 149.191
€ 111.893
€ 52.217
€ 130.542
€ 384.167
Drechterland
€ 14.640
€ 100.794
€ 22.524
€ 16.893
€ 7.883
€ 19.708
€ 57.999
Drimmelen
€ 21.508
€ 148.071
€ 33.088
€ 24.816
€ 11.581
€ 28.952
€ 85.203
Dronten
€ 28.524
€ 196.375
€ 43.883
€ 32.912
€ 15.359
€ 38.397
€ 112.998
Druten
€ 14.377
€ 98.978
€ 22.118
€ 16.588
€ 7.741
€ 19.353
€ 56.954
Duiven
€ 17.633
€ 121.395
€ 27.127
€ 20.346
€ 9.495
€ 23.737
€ 69.853
Echt-Susteren
€ 28.422
€ 195.673
€ 43.726
€ 32.794
€ 15.304
€ 38.260
€ 112.594
Edam-Volendam
€ 27.999
€ 192.765
€ 43.076
€ 32.307
€ 15.077
€ 37.692
€ 110.921
Ede
€ 80.263
€ 552.579
€ 123.481
€ 92.611
€ 43.218
€ 108.046
€ 317.964
Eemnes
€ 5.140
€ 35.389
€ 7.908
€ 5.931
€ 2.768
€ 6.920
€ 20.363
Eemsdelta
€ 40.849
€ 281.229
€ 62.844
€ 47.133
€ 21.996
€ 54.989
€ 161.825
Eersel
€ 12.546
€ 86.377
€ 19.302
€ 14.477
€ 6.756
€ 16.889
€ 49.703
Eijsden-Margraten
€ 16.816
€ 115.771
€ 25.871
€ 19.403
€ 9.055
€ 22.637
€ 66.617
Eindhoven
€ 175.985
€ 1.211.589
€ 270.746
€ 203.060
€ 94.761
€ 236.903
€ 697.171
Elburg
€ 18.563
€ 127.800
€ 28.559
€ 21.419
€ 9.996
€ 24.989
€ 73.539
Emmen
€ 99.922
€ 687.925
€ 153.726
€ 115.295
€ 53.804
€ 134.510
€ 395.845
Enkhuizen
€ 15.104
€ 103.986
€ 23.237
€ 17.428
€ 8.133
€ 20.333
€ 59.836
Enschede
€ 130.944
€ 901.499
€ 201.452
€ 151.089
€ 70.508
€ 176.271
€ 518.740
Epe
€ 26.763
€ 184.255
€ 41.174
€ 30.881
€ 14.411
€ 36.028
€ 106.024
Ermelo
€ 18.273
€ 125.804
€ 28.113
€ 21.084
€ 9.839
€ 24.599
€ 72.390
Etten-Leur
€ 32.748
€ 225.456
€ 50.381
€ 37.786
€ 17.633
€ 44.084
€ 129.732
Geertruidenberg
€ 17.723
€ 122.018
€ 27.267
€ 20.450
€ 9.543
€ 23.858
€ 70.212
Geldrop-Mierlo
€ 29.861
€ 205.579
€ 45.939
€ 34.455
€ 16.079
€ 40.197
€ 118.294
Gemert-Bakel
€ 24.560
€ 169.084
€ 37.784
€ 28.338
€ 13.224
€ 33.061
€ 97.294
Gennep
€ 12.927
€ 88.997
€ 19.888
€ 14.916
€ 6.961
€ 17.402
€ 51.211
Gilze en Rijen
€ 19.536
€ 134.498
€ 30.056
€ 22.542
€ 10.519
€ 26.299
€ 77.393
Goeree-Overflakkee
€ 40.460
€ 278.551
€ 62.246
€ 46.685
€ 21.786
€ 54.465
€ 160.283
Goes
€ 30.481
€ 209.849
€ 46.894
€ 35.170
€ 16.413
€ 41.032
€ 120.751
Goirle
€ 15.809
€ 108.840
€ 24.322
€ 18.241
€ 8.513
€ 21.282
€ 62.629
Gooise Meren
€ 32.082
€ 220.874
€ 49.357
€ 37.018
€ 17.275
€ 43.188
€ 127.095
Gorinchem
€ 30.650
€ 211.015
€ 47.154
€ 35.366
€ 16.504
€ 41.260
€ 121.422
Gouda
€ 54.208
€ 373.203
€ 83.397
€ 62.548
€ 29.189
€ 72.973
€ 214.748
Groningen
€ 145.575
€ 1.002.227
€ 223.961
€ 167.971
€ 78.386
€ 195.966
€ 576.701
Gulpen-Wittem
€ 11.521
€ 79.318
€ 17.725
€ 13.294
€ 6.204
€ 15.509
€ 45.641
Haaksbergen
€ 17.266
€ 118.866
€ 26.562
€ 19.922
€ 9.297
€ 23.242
€ 68.398
Haarlem
€ 108.937
€ 749.991
€ 167.596
€ 125.697
€ 58.658
€ 146.646
€ 431.559
Haarlemmermeer
€ 101.418
€ 698.223
€ 156.027
€ 117.021
€ 54.610
€ 136.524
€ 401.770
Halderberge
€ 25.406
€ 174.913
€ 39.087
€ 29.315
€ 13.680
€ 34.201
€ 100.648
Hardenberg
€ 47.487
€ 326.932
€ 73.057
€ 54.793
€ 25.570
€ 63.925
€ 188.123
Harderwijk
€ 35.625
€ 245.262
€ 54.807
€ 41.105
€ 19.183
€ 47.956
€ 141.128
84
Staatscourant 2023 nr. 4245
8 februari 2023
2023
Lokaal Sportakkoord
Brede Regeling Combinatiefuncties
Terugdringen Gezondheidsachterstanden
Kansrijke Start
Mentale Gezondheid
Aanpak overgewicht en obesitas
Valpreventie
Hardinxveld-Giessendam
€ 13.635
€ 93.870
€ 20.977
€ 15.732
€ 7.342
€ 18.355
€ 54.015
Harlingen
€ 13.924
€ 95.860
€ 21.421
€ 16.066
€ 7.497
€ 18.743
€ 55.159
Hattem
€ 8.365
€ 57.587
€ 12.869
€ 9.651
€ 4.504
€ 11.260
€ 33.137
Heemskerk
€ 29.132
€ 200.565
€ 44.819
€ 33.614
€ 15.687
€ 39.217
€ 115.409
Heemstede
€ 13.684
€ 94.206
€ 21.052
€ 15.789
€ 7.368
€ 18.420
€ 54.208
Heerde
€ 14.724
€ 101.369
€ 22.652
€ 16.989
€ 7.928
€ 19.821
€ 58.330
Heerenveen
€ 39.493
€ 271.896
€ 60.759
€ 45.569
€ 21.266
€ 53.164
€ 156.454
Heerlen
€ 90.874
€ 625.631
€ 139.806
€ 104.854
€ 48.932
€ 122.330
€ 360.000
Heeze-Leende
€ 9.360
€ 64.438
€ 14.400
€ 10.800
€ 5.040
€ 12.600
€ 37.079
Heiloo
€ 13.501
€ 92.947
€ 20.770
€ 15.578
€ 7.270
€ 18.174
€ 53.483
Hellendoorn
€ 26.889
€ 185.121
€ 41.368
€ 31.026
€ 14.479
€ 36.197
€ 106.522
Helmond
€ 80.318
€ 552.960
€ 123.566
€ 92.675
€ 43.248
€ 108.121
€ 318.183
Hendrik-Ido-Ambacht
€ 19.623
€ 135.099
€ 30.190
€ 22.642
€ 10.566
€ 26.416
€ 77.738
Hengelo
€ 58.608
€ 403.497
€ 90.167
€ 67.625
€ 31.558
€ 78.896
€ 232.180
Het Hogeland
€ 39.007
€ 268.545
€ 60.010
€ 45.008
€ 21.004
€ 52.509
€ 154.526
Heumen
€ 10.006
€ 68.887
€ 15.394
€ 11.545
€ 5.388
€ 13.469
€ 39.639
Heusden
€ 34.630
€ 238.411
€ 53.276
€ 39.957
€ 18.647
€ 46.617
€ 137.186
Hillegom
€ 16.787
€ 115.569
€ 25.825
€ 19.369
€ 9.039
€ 22.597
€ 66.500
Hilvarenbeek
€ 9.997
€ 68.824
€ 15.380
€ 11.535
€ 5.383
€ 13.457
€ 39.603
Hilversum
€ 64.612
€ 444.826
€ 99.403
€ 74.552
€ 34.791
€ 86.977
€ 255.961
Hoeksche Waard
€ 62.698
€ 431.652
€ 96.458
€ 72.344
€ 33.760
€ 84.401
€ 248.381
Hof van Twente
€ 25.524
€ 175.723
€ 39.268
€ 29.451
€ 13.744
€ 34.359
€ 101.114
Hollands Kroon
€ 37.438
€ 257.748
€ 57.597
€ 43.198
€ 20.159
€ 50.398
€ 148.313
Hoogeveen
€ 50.213
€ 345.696
€ 77.250
€ 57.938
€ 27.038
€ 67.594
€ 198.920
Hoorn
€ 55.551
€ 382.450
€ 85.464
€ 64.098
€ 29.912
€ 74.781
€ 220.069
Horst aan de Maas
€ 31.438
€ 216.439
€ 48.366
€ 36.275
€ 16.928
€ 42.321
€ 124.543
Houten
€ 26.745
€ 184.130
€ 41.146
€ 30.860
€ 14.401
€ 36.003
€ 105.952
Huizen
€ 28.645
€ 197.213
€ 44.070
€ 33.052
€ 15.424
€ 38.561
€ 113.480
Hulst
€ 23.618
€ 162.598
€ 36.335
€ 27.251
€ 12.717
€ 31.793
€ 93.562
IJsselstein
€ 22.429
€ 154.418
€ 34.507
€ 25.880
€ 12.077
€ 30.194
€ 88.855
Kaag en Braassem
€ 20.232
€ 139.292
€ 31.127
€ 23.345
€ 10.894
€ 27.236
€ 80.151
Kampen
€ 42.025
€ 289.325
€ 64.654
€ 48.490
€ 22.629
€ 56.572
€ 166.483
Kapelle
€ 9.440
€ 64.989
€ 14.523
€ 10.892
€ 5.083
€ 12.707
€ 37.396
Katwijk
€ 51.084
€ 351.693
€ 78.591
€ 58.943
€ 27.507
€ 68.767
€ 202.371
Kerkrade
€ 49.869
€ 343.329
€ 76.722
€ 57.541
€ 26.853
€ 67.131
€ 197.558
Koggenland
€ 15.066
€ 103.722
€ 23.178
€ 17.384
€ 8.112
€ 20.281
€ 59.684
Krimpen aan den IJssel
€ 22.778
€ 156.820
€ 35.044
€ 26.283
€ 12.265
€ 30.663
€ 90.237
Krimpenerwaard
€ 42.599
€ 293.279
€ 65.537
€ 49.153
€ 22.938
€ 57.345
€ 168.758
Laarbeek
€ 17.912
€ 123.319
€ 27.557
€ 20.668
€ 9.645
€ 24.113
€ 70.960
Land van Cuijk
€ 67.498
€ 464.697
€ 103.843
€ 77.882
€ 36.345
€ 90.862
€ 267.395
Landgraaf
€ 35.306
€ 243.069
€ 54.317
€ 40.738
€ 19.011
€ 47.528
€ 139.867
Landsmeer
€ 7.064
€ 48.633
€ 10.868
€ 8.151
€ 3.804
€ 9.509
€ 27.985
Lansingerland
€ 35.071
€ 241.454
€ 53.956
€ 40.467
€ 18.885
€ 47.212
€ 138.937
Laren
€ 6.451
€ 44.414
€ 9.925
€ 7.444
€ 3.474
€ 8.684
€ 25.557
Leeuwarden
€ 91.507
€ 629.988
€ 140.779
€ 105.585
€ 49.273
€ 123.182
€ 362.507
Leiden
€ 79.030
€ 544.089
€ 121.584
€ 91.188
€ 42.554
€ 106.386
€ 313.079
Leiderdorp
€ 16.564
€ 114.036
€ 25.483
€ 19.112
€ 8.919
€ 22.298
€ 65.619
Leidschendam-Voorburg
€ 49.968
€ 344.010
€ 76.874
€ 57.655
€ 26.906
€ 67.265
€ 197.950
Lelystad
€ 62.161
€ 427.957
€ 95.633
€ 71.725
€ 33.472
€ 83.679
€ 246.255
Leudal
€ 26.847
€ 184.830
€ 41.303
€ 30.977
€ 14.456
€ 36.140
€ 106.355
Leusden
€ 16.487
€ 113.504
€ 25.364
€ 19.023
€ 8.877
€ 22.194
€ 65.312
Lingewaard
€ 34.428
€ 237.027
€ 52.967
€ 39.725
€ 18.538
€ 46.346
€ 136.390
Lisse
€ 17.228
€ 118.606
€ 26.504
€ 19.878
€ 9.276
€ 23.191
€ 68.248
Lochem
€ 22.308
€ 153.579
€ 34.319
€ 25.739
€ 12.012
€ 30.029
€ 88.372
Loon op Zand
€ 18.638
€ 128.317
€ 28.674
€ 21.506
€ 10.036
€ 25.090
€ 73.836
Lopik
€ 10.892
€ 74.985
€ 16.757
€ 12.567
€ 5.865
€ 14.662
€ 43.148
Losser
€ 17.828
€ 122.741
€ 27.428
€ 20.571
€ 9.600
€ 24.000
€ 70.627
Maasdriel
€ 20.719
€ 142.642
€ 31.875
€ 23.906
€ 11.156
€ 27.891
€ 82.079
85
Staatscourant 2023 nr. 4245
8 februari 2023
2023
Lokaal Sportakkoord
Brede Regeling Combinatiefuncties
Terugdringen Gezondheidsachterstanden
Kansrijke Start
Mentale Gezondheid
Aanpak overgewicht en obesitas
Valpreventie
Maasgouw
€ 19.721
€ 135.770
€ 30.340
€ 22.755
€ 10.619
€ 26.547
€ 78.125
Maashorst
€ 44.348
€ 305.316
€ 68.227
€ 51.170
€ 23.879
€ 59.699
€ 175.684
Maassluis
€ 28.428
€ 195.713
€ 43.735
€ 32.801
€ 15.307
€ 38.268
€ 112.617
Maastricht
€ 98.754
€ 679.882
€ 151.929
€ 113.947
€ 53.175
€ 132.938
€ 391.217
Medemblik
€ 35.732
€ 246.002
€ 54.973
€ 41.229
€ 19.240
€ 48.101
€ 141.554
Meerssen
€ 13.865
€ 95.452
€ 21.330
€ 15.998
€ 7.466
€ 18.664
€ 54.925
Meierijstad
€ 62.070
€ 427.327
€ 95.492
€ 71.619
€ 33.422
€ 83.556
€ 245.892
Meppel
€ 25.143
€ 173.101
€ 38.682
€ 29.011
€ 13.539
€ 33.847
€ 99.606
Middelburg
€ 35.461
€ 244.136
€ 54.556
€ 40.917
€ 19.094
€ 47.736
€ 140.481
Midden-Delfland
€ 11.073
€ 76.236
€ 17.036
€ 12.777
€ 5.963
€ 14.906
€ 43.868
Midden-Drenthe
€ 23.042
€ 158.633
€ 35.449
€ 26.587
€ 12.407
€ 31.018
€ 91.281
Midden-Groningen
€ 53.398
€ 367.622
€ 82.150
€ 61.613
€ 28.753
€ 71.881
€ 211.537
Moerdijk
€ 28.673
€ 197.403
€ 44.112
€ 33.084
€ 15.439
€ 38.598
€ 113.589
Molenlanden
€ 31.310
€ 215.558
€ 48.169
€ 36.127
€ 16.859
€ 42.148
€ 124.036
Montferland
€ 31.197
€ 214.780
€ 47.995
€ 35.997
€ 16.798
€ 41.996
€ 123.588
Montfoort
€ 9.444
€ 65.015
€ 14.529
€ 10.896
€ 5.085
€ 12.712
€ 37.411
Mook en Middelaar
€ 4.418
€ 30.416
€ 6.797
€ 5.098
€ 2.379
€ 5.947
€ 17.502
Neder-Betuwe
€ 20.290
€ 139.690
€ 31.216
€ 23.412
€ 10.925
€ 27.314
€ 80.380
Nederweert
€ 14.089
€ 96.998
€ 21.675
€ 16.257
€ 7.586
€ 18.966
€ 55.814
Nieuwegein
€ 48.389
€ 333.137
€ 74.444
€ 55.833
€ 26.055
€ 65.139
€ 191.693
Nieuwkoop
€ 20.840
€ 143.474
€ 32.061
€ 24.046
€ 11.221
€ 28.054
€ 82.558
Nijkerk
€ 31.668
€ 218.024
€ 48.720
€ 36.540
€ 17.052
€ 42.630
€ 125.455
Nijmegen
€ 126.204
€ 868.866
€ 194.160
€ 145.620
€ 67.956
€ 169.890
€ 499.962
Nissewaard
€ 69.793
€ 480.495
€ 107.373
€ 80.530
€ 37.581
€ 93.952
€ 276.486
Noardeast-Fryslân
€ 39.645
€ 272.938
€ 60.992
€ 45.744
€ 21.347
€ 53.368
€ 157.054
Noord-Beveland
€ 5.284
€ 36.377
€ 8.129
€ 6.097
€ 2.845
€ 7.113
€ 20.932
Noordenveld
€ 20.899
€ 143.884
€ 32.153
€ 24.115
€ 11.253
€ 28.134
€ 82.793
Noordoostpolder
€ 34.456
€ 237.217
€ 53.009
€ 39.757
€ 18.553
€ 46.383
€ 136.499
Noordwijk
€ 30.652
€ 211.027
€ 47.157
€ 35.368
€ 16.505
€ 41.262
€ 121.429
Nuenen, Gerwen en Nederwetten
€ 13.269
€ 91.352
€ 20.414
€ 15.310
€ 7.145
€ 17.862
€ 52.565
Nunspeet
€ 21.584
€ 148.599
€ 33.207
€ 24.905
€ 11.622
€ 29.056
€ 85.507
Oegstgeest
€ 11.124
€ 76.583
€ 17.114
€ 12.835
€ 5.990
€ 14.974
€ 44.067
Oirschot
€ 13.164
€ 90.628
€ 20.252
€ 15.189
€ 7.088
€ 17.721
€ 52.149
Oisterwijk
€ 21.731
€ 149.613
€ 33.433
€ 25.075
€ 11.702
€ 29.254
€ 86.090
Oldambt
€ 37.442
€ 257.777
€ 57.604
€ 43.203
€ 20.161
€ 50.403
€ 148.330
Oldebroek
€ 21.042
€ 144.864
€ 32.372
€ 24.279
€ 11.330
€ 28.325
€ 83.357
Oldenzaal
€ 24.322
€ 167.447
€ 37.418
€ 28.064
€ 13.096
€ 32.741
€ 96.352
Olst-Wijhe
€ 12.914
€ 88.910
€ 19.868
€ 14.901
€ 6.954
€ 17.385
€ 51.161
Ommen
€ 13.534
€ 93.173
€ 20.821
€ 15.616
€ 7.287
€ 18.218
€ 53.614
Oost Gelre
€ 20.772
€ 143.009
€ 31.957
€ 23.968
€ 11.185
€ 27.963
€ 82.290
Oosterhout
€ 43.834
€ 301.782
€ 67.437
€ 50.578
€ 23.603
€ 59.008
€ 173.651
Ooststellingwerf
€ 20.787
€ 143.111
€ 31.980
€ 23.985
€ 11.193
€ 27.983
€ 82.349
Oostzaan
€ 6.725
€ 46.297
€ 10.346
€ 7.759
€ 3.621
€ 9.052
€ 26.640
Opmeer
€ 8.503
€ 58.538
€ 13.081
€ 9.811
€ 4.578
€ 11.446
€ 33.684
Opsterland
€ 21.984
€ 151.349
€ 33.821
€ 25.366
€ 11.837
€ 29.593
€ 87.089
Oss
€ 74.076
€ 509.982
€ 113.962
€ 85.472
€ 39.887
€ 99.717
€ 293.453
Oude IJsselstreek
€ 34.103
€ 234.787
€ 52.466
€ 39.350
€ 18.363
€ 45.908
€ 135.101
Ouder-Amstel
€ 7.902
€ 54.401
€ 12.157
€ 9.117
€ 4.255
€ 10.637
€ 31.303
Oudewater
€ 7.184
€ 49.462
€ 11.053
€ 8.290
€ 3.869
€ 9.671
€ 28.461
Overbetuwe
€ 32.324
€ 222.538
€ 49.729
€ 37.297
€ 17.405
€ 43.513
€ 128.053
Papendrecht
€ 23.581
€ 162.346
€ 36.278
€ 27.209
€ 12.697
€ 31.744
€ 93.417
Peel en Maas
€ 35.442
€ 244.004
€ 54.526
€ 40.895
€ 19.084
€ 47.710
€ 140.405
Pekela
€ 12.565
€ 86.502
€ 19.330
€ 14.498
€ 6.766
€ 16.914
€ 49.775
Pijnacker-Nootdorp
€ 30.519
€ 210.110
€ 46.952
€ 35.214
€ 16.433
€ 41.083
€ 120.902
Purmerend
€ 71.915
€ 495.106
€ 110.638
€ 82.979
€ 38.723
€ 96.808
€ 284.893
Putten
€ 19.492
€ 134.196
€ 29.988
€ 22.491
€ 10.496
€ 26.239
€ 77.219
Raalte
€ 27.183
€ 187.147
€ 41.821
€ 31.365
€ 14.637
€ 36.593
€ 107.688
86
Staatscourant 2023 nr. 4245
8 februari 2023
2023
Lokaal Sportakkoord
Brede Regeling Combinatiefuncties
Terugdringen Gezondheidsachterstanden
Kansrijke Start
Mentale Gezondheid
Aanpak overgewicht en obesitas
Valpreventie
Reimerswaal
€ 18.561
€ 127.783
€ 28.555
€ 21.416
€ 9.994
€ 24.985
€ 73.529
Renkum
€ 20.163
€ 138.816
€ 31.020
€ 23.265
€ 10.857
€ 27.143
€ 79.878
Renswoude
€ 3.562
€ 24.522
€ 5.480
€ 4.110
€ 1.918
€ 4.795
€ 14.110
Reusel-De Mierden
€ 9.600
€ 66.095
€ 14.770
€ 11.077
€ 5.169
€ 12.924
€ 38.032
Rheden
€ 35.325
€ 243.201
€ 54.347
€ 40.760
€ 19.021
€ 47.553
€ 139.943
Rhenen
€ 14.808
€ 101.949
€ 22.782
€ 17.086
€ 7.974
€ 19.934
€ 58.663
Ridderkerk
€ 40.706
€ 280.243
€ 62.624
€ 46.968
€ 21.918
€ 54.796
€ 161.257
Rijssen-Holten
€ 27.626
€ 190.192
€ 42.501
€ 31.876
€ 14.875
€ 37.188
€ 109.440
Rijswijk
€ 40.445
€ 278.445
€ 62.222
€ 46.667
€ 21.778
€ 54.445
€ 160.223
Roerdalen
€ 16.547
€ 113.918
€ 25.456
€ 19.092
€ 8.910
€ 22.274
€ 65.550
Roermond
€ 51.608
€ 355.303
€ 79.397
€ 59.548
€ 27.789
€ 69.473
€ 204.448
Roosendaal
€ 63.087
€ 434.327
€ 97.056
€ 72.792
€ 33.970
€ 84.924
€ 249.920
Rotterdam
€ 558.131
€ 3.842.517
€ 858.663
€ 643.997
€ 300.532
€ 751.330
€ 2.211.057
Rozendaal
€ 713
€ 4.910
€ 1.097
€ 823
€ 384
€ 960
€ 2.825
Rucphen
€ 22.601
€ 155.597
€ 34.770
€ 26.078
€ 12.170
€ 30.424
€ 89.533
Schagen
€ 32.568
€ 224.215
€ 50.104
€ 37.578
€ 17.536
€ 43.841
€ 129.018
Scherpenzeel
€ 7.373
€ 50.757
€ 11.342
€ 8.507
€ 3.970
€ 9.925
€ 29.207
Schiedam
€ 69.356
€ 477.489
€ 106.702
€ 80.026
€ 37.346
€ 93.364
€ 274.757
€ 609
€ 4.194
€ 937
€ 703
€ 328
€ 820
€ 2.413
Schouwen-Duiveland
€ 26.131
€ 179.899
€ 40.201
€ 30.151
€ 14.070
€ 35.176
€ 103.517
’s-Gravenhage
€ 418.004
€ 2.877.797
€ 643.083
€ 482.312
€ 225.079
€ 562.698
€ 1.655.939
’s-Hertogenbosch
€ 113.023
€ 778.117
€ 173.881
€ 130.411
€ 60.858
€ 152.146
€ 447.743
Simpelveld
€ 9.494
€ 65.360
€ 14.606
€ 10.954
€ 5.112
€ 12.780
€ 37.609
Sint-Michielsgestel
€ 19.349
€ 133.212
€ 29.768
€ 22.326
€ 10.419
€ 26.047
€ 76.652
Sittard-Geleen
€ 81.886
€ 563.755
€ 125.979
€ 94.484
€ 44.093
€ 110.231
€ 324.395
Sliedrecht
€ 21.423
€ 147.486
€ 32.958
€ 24.718
€ 11.535
€ 28.838
€ 84.866
Sluis
€ 18.876
€ 129.954
€ 29.040
€ 21.780
€ 10.164
€ 25.410
€ 74.778
Smallingerland
€ 45.784
€ 315.203
€ 70.437
€ 52.827
€ 24.653
€ 61.632
€ 181.374
Soest
€ 30.542
€ 210.271
€ 46.988
€ 35.241
€ 16.446
€ 41.114
€ 120.994
Someren
€ 15.895
€ 109.431
€ 24.454
€ 18.340
€ 8.559
€ 21.397
€ 62.969
Son en Breugel
€ 9.773
€ 67.282
€ 15.035
€ 11.276
€ 5.262
€ 13.156
€ 38.715
Stadskanaal
€ 31.553
€ 217.228
€ 48.543
€ 36.407
€ 16.990
€ 42.475
€ 124.997
Staphorst
€ 12.668
€ 87.217
€ 19.490
€ 14.617
€ 6.821
€ 17.054
€ 50.186
Stede Broec
€ 18.688
€ 128.657
€ 28.750
€ 21.563
€ 10.063
€ 25.156
€ 74.032
Steenbergen
€ 21.008
€ 144.633
€ 32.320
€ 24.240
€ 11.312
€ 28.280
€ 83.225
Steenwijkerland
€ 34.929
€ 240.476
€ 53.738
€ 40.303
€ 18.808
€ 47.020
€ 138.374
Stein
€ 21.883
€ 150.655
€ 33.666
€ 25.250
€ 11.783
€ 29.458
€ 86.690
Stichtse Vecht
€ 42.315
€ 291.324
€ 65.100
€ 48.825
€ 22.785
€ 56.963
€ 167.633
Súdwest-Fryslân
€ 68.998
€ 475.026
€ 106.151
€ 79.613
€ 37.153
€ 92.882
€ 273.339
Terneuzen
€ 47.552
€ 327.376
€ 73.157
€ 54.867
€ 25.605
€ 64.012
€ 188.378
Terschelling
€ 3.241
€ 22.312
€ 4.986
€ 3.739
€ 1.745
€ 4.363
€ 12.839
Texel
€ 10.205
€ 70.260
€ 15.700
€ 11.775
€ 5.495
€ 13.738
€ 40.429
Teylingen
€ 21.813
€ 150.172
€ 33.558
€ 25.169
€ 11.745
€ 29.363
€ 86.412
Tholen
€ 21.647
€ 149.034
€ 33.304
€ 24.978
€ 11.656
€ 29.141
€ 85.757
Tiel
€ 35.935
€ 247.396
€ 55.284
€ 41.463
€ 19.349
€ 48.373
€ 142.356
Tilburg
€ 175.770
€ 1.210.110
€ 270.416
€ 202.812
€ 94.645
€ 236.614
€ 696.320
Tubbergen
€ 14.243
€ 98.057
€ 21.912
€ 16.434
€ 7.669
€ 19.173
€ 56.424
Twenterand
€ 28.754
€ 197.964
€ 44.238
€ 33.178
€ 15.483
€ 38.708
€ 113.912
Tynaarlo
€ 19.159
€ 131.901
€ 29.475
€ 22.106
€ 10.316
€ 25.791
€ 75.898
Tytsjerksteradiel
€ 24.491
€ 168.614
€ 37.679
€ 28.259
€ 13.188
€ 32.969
€ 97.024
Uitgeest
€ 7.183
€ 49.454
€ 11.051
€ 8.288
€ 3.868
€ 9.670
€ 28.457
Uithoorn
€ 20.190
€ 139.003
€ 31.062
€ 23.297
€ 10.872
€ 27.179
€ 79.985
Urk
€ 15.047
€ 103.590
€ 23.149
€ 17.361
€ 8.102
€ 20.255
€ 59.607
Utrecht
€ 207.617
€ 1.429.365
€ 319.411
€ 239.558
€ 111.794
€ 279.485
€ 822.484
Utrechtse Heuvelrug
€ 28.140
€ 193.736
€ 43.293
€ 32.470
€ 15.153
€ 37.881
€ 111.480
Vaals
€ 9.536
€ 65.651
€ 14.671
€ 11.003
€ 5.135
€ 12.837
€ 37.777
Valkenburg aan de Geul
€ 13.422
€ 92.408
€ 20.650
€ 15.487
€ 7.227
€ 18.069
€ 53.174
Valkenswaard
€ 25.533
€ 175.782
€ 39.281
€ 29.461
€ 13.748
€ 34.371
€ 101.148
Schiermonnikoog
87
Staatscourant 2023 nr. 4245
8 februari 2023
2023
Lokaal Sportakkoord
Brede Regeling Combinatiefuncties
Terugdringen Gezondheidsachterstanden
Kansrijke Start
Mentale Gezondheid
Aanpak overgewicht en obesitas
Valpreventie
Veendam
€ 25.176
€ 173.330
€ 38.733
€ 29.050
€ 13.557
€ 33.891
€ 99.737
Veenendaal
€ 48.998
€ 337.333
€ 75.382
€ 56.536
€ 26.384
€ 65.959
€ 194.108
Veere
€ 13.699
€ 94.311
€ 21.075
€ 15.806
€ 7.376
€ 18.441
€ 54.268
Veldhoven
€ 30.143
€ 207.524
€ 46.374
€ 34.781
€ 16.231
€ 40.577
€ 119.413
Velsen
€ 51.175
€ 352.317
€ 78.730
€ 59.048
€ 27.556
€ 68.889
€ 202.730
Venlo
€ 94.555
€ 650.977
€ 145.470
€ 109.102
€ 50.914
€ 127.286
€ 374.584
Venray
€ 35.468
€ 244.184
€ 54.566
€ 40.925
€ 19.098