CConstaterende datHoeksche Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

B2 Onderzoek b NL.IMRO.1963.BPVolgerlw8NMD22-ON01 tb3

Beeldvormende bijeenkomst 9 mei 2023, gemeente Hoeksche WaardBij agendapunt: Bestemmingsplan Volgerlandseweg 8 Numansdorp2.801 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Soortgericht onderzoek Numansdorp – Volgerlandseweg 8

Datum Auteur Opdrachtgever Rapport code Wijze van citeren

08-12-2021 xx, Msc dhr. xx SO21041v01 Breur, T.D. 2021. Soortgericht onderzoek. Numansdorp, Volgerlandseweg 8, Rapportcode: SO21041v01. Breur Ecologie & Onderzoek. Dordrecht

Breur Ecologie & Onderzoek Schipbeekstraat 74 3313AR Dordrecht Disclaimer Op alle tekst, foto’s en afbeeldingen in dit rapport berust – tenzij anders vermeld – het auteursrecht van Breur Ecologie & Onderzoek. Deze rapportage, inclusief eventuele bijlage(s), is vertrouwelijk en uitsluitend bestemd voor de geadresseerde. Verstrekking aan en gebruik door anderen dan de geadresseerde is zonder toestemming niet toegestaan. Aan dit rapport kunnen geen rechten worden ontleend. Breur Ecologie & Onderzoek kan niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele schade als gevolg van een onjuiste of onvolledige weergave van de gegevens in dit rapport. Copyright © Breur Ecologie & Onderzoek 2021.

1

Soortgericht onderzoek – Numansdorp, Volgerlandseweg 8

Inhoudsopgave 1 Aanleiding.....................................................................................................................................................................................3 2 Doel..................................................................................................................................................................................................3 3 Plangebied & ontwikkeling.....................................................................................................................................................4

3.1 Huidige situatie.........................................................................................................................................................4 3.2 Geplande ontwikkeling..........................................................................................................................................4 3.3 Toekomstige situatie...............................................................................................................................................4 4 Onderzoeksopzet........................................................................................................................................................................5 4.1 Overzicht onderzoeksmomenten.......................................................................................................................5 4.2 Huismusonderzoek.................................................................................................................................................5 4.3 Vleermuisonderzoek..............................................................................................................................................6 5 Resultaten.....................................................................................................................................................................................7 5.1

Huismusonderzoek.................................................................................................................................................7 5.2 Vleermuisonderzoek..............................................................................................................................................8 6 Effectbeoordeling.......................................................................................................................................................................9 6.1 Huismussen................................................................................................................................................................9 6.2 Vleermuizen...............................................................................................................................................................9 7 Conclusie & aanbevelingen...................................................................................................................................................10 Bronvermelding...........................................................................................................................................................................11 Bijlage

I............................................................................................................................................................................................12

2

Soortgericht onderzoek – Numansdorp, Volgerlandseweg 8

1 Aanleiding Dhr. xx heeft Breur Ecologie & Onderzoek verzocht om soortgericht onderzoek uit tevoeren aan de Volgerlandseweg 8 te Numansdorp. De aanleiding voor dit onderzoek betreft de voorgenomen werkzaamheden in het kader van sloop en nieuwbouw. De huidige bebouwing biedt echter potentie voor verblijfplaatsen/nesten van de huismussen en vleermuizen. Het advies voor nader onderzoek naar deze soortgroepen kwam voort uit een ecologische quickscan welke in 2021 is uitgevoerd door Breur Ecologie & Onderzoek 1. Dit soortgericht onderzoek geeft uitsluitsel of het plangebied inderdaad een functie vervult voor deze soorten, en zo ja, welke vervolgstappen genomen dienen te worden.

2 Doel Het doel van dit soortgericht onderzoek onderzoek is om antwoord te geven op de volgende vragen:

1

•

Zijn de huismussen of vleermuizen aanwezig in het plangebied?

•

Welke functie vervult het plangebied voor deze beschermde soorten?

•

Leidt de geplande ontwikkeling tot een overtreding van de Wet natuurbescherming?

•

Welke vervolgstappen dienen genomen te worden?

Breur, T.D. 2021. Quickscan ecologie. Numansdorp, Volgerlandseweg 8. Rapportcode: QS21031v1. Breur Ecologie & Onderzoek. Dordrecht

3

Soortgericht onderzoek – Numansdorp, Volgerlandseweg 8

3 Plangebied & ontwikkeling 3.1 Huidige situatie Het plangebied betreft een perceel aan de Volgerlandseweg 8, in het buitengebied van Numansdorp, gemeente Hoeksche Waard. Op het terrein bevindt zich een woning met aangebouwde loods/schuur, een vervallen kas en enkele kleine opstallen. Het woonhuis en de aangebouwde schuur zijn voorzien van een zadeldak met dakpannen, de gevels zijn opgebouwd uit baksteen en deels voorzien van een houten gevelbekleding. De kas bestaat uit een staalconstructie met deels kapot glas. De twee kleine opstallen bestaan uit baksteen en stalen gevelplaten en zijn voorzien van een dak met golfplaten zonder extra isolatielaag. Groen op het terrein bestaat uit een esdoorn, wilg, twee walnoten, een kleine fruitboomgaard en een haag van elzen en coniferen. Het zuidelijke deel van het terrein bestaat uit grasland.

Afbeelding 1: Ligging van het onderzoeksgebied (rood omkaderd). De regionale ligging is aangegeven rechtsonder in de rode cirkel.

3.2 Geplande ontwikkeling De huidige bebouwing zal worden gesloopt ten behoeve van een nieuw te bouwen woonhuis. Op het grasland worden enkele hobbydieren gehouden (schapen) en er komt een kippenhok en een duivenhok op het terrein. Grote bomen op het terrein, zoals de walnoten ten zuiden van het woonhuis, blijven behouden.

3.3 Toekomstige situatie Een exacte inrichting van de toekomstige situatie is nog niet bekend.

3.4 Planning Een exacte planning van de werkzaamheden is nog niet bekend.

4

Soortgericht onderzoek – Numansdorp, Volgerlandseweg 8

4 Onderzoeksopzet 4.1 Overzicht onderzoeksmomenten Onderstaande tabel geeft een overzicht van de veldbezoeken die zijn uitgevoerd ten behoeve van het aanvullend onderzoek naar huismussen en vleermuizen. De onderzoekers voldoen aan de de definitie van deskundig ecoloog zoals bepaald door de Rijksdienst voor ondernemend Nederland2. Bezoek

Type

Datum

Tijd begin

Tijd eind Onderzoeker

Temp (°C)

1 2 3 4 5 6 7 8

VMO HMO VMO VMO HMO VMO HMO HMO

17-6-21 21-6-21 12-7-21 13-7-21 13-7-21 20-8-21 20-8-21 30-8-21

22:00 13:50 21:55 3:30 5:40 1:15 7:37 7:00

0:15 15:50 0:00 5:40 7:40 3:15 9:37 9:00

24-20 N1 16 NO2 19-18 ZO2 15 N1 17 N2 15 ZW2 16-18 W3 15-17 NO2

6/8 8/8 6/8 8/8 8/8 2/8 3/8 8/8

geen geen geen geen geen geen geen geen

9

VMO

16-9-21

21:50

23:50

17-14

4/8

geen

xx

Wind

NW1

Bewolking

Neerslag

Tabel 1: Overzicht van de veldbezoeken en weersomstandigheden.

4.2 Huismusonderzoek Uitgangspunt voor het huismusonderzoek is het BIJ12 Kennisdocument Huismus, Versie 1.0, juli 2017. Dit protocol stelt dat er 2 gerichte bezoeken nodig zijn in de periode 1 april t/m 15 mei, of 4 bezoeken in de periode 10 maart t/m 20 juni. In dit geval werd het onderzoek t.b.v. de quickscan uitgevoerd op 15 juni 2021, waardoor het niet meer mogelijk was om in 2021 het standaard protocol te volgen. Echter, dit plangebied betreft een verlaten woning met schuur op ruime afstand van omliggende bebouwing in een zeer open agrarische omgeving. De huismus is een echte kolonievogel en verblijft jaarrond in de buurt van de nestplaats. Het broedseizoen duurt van maart t/m augustus (bij gunstige weersomstandigheden t/m september) en er is sprake van meerdere vervolglegsels, dit is noodzakelijk vanwege hoge sterfte onder jonge vogels. Hierom is besloten om in dit specifieke geval van het protocol af te wijken, deze redenen zijn als volgt samen te vatten: •

de kans op nesten van huismussen is relatief laag, dit vanwege de open ligging van het huis en het feit dat dit onbewoond is (aanwezigheid van mensen zorgen vaak voor voedsel en veiligheid tegen bijvoorbeeld roofvogels).

•

Gezien het lange broedseizoen van de huismus en de jaarronde aanwezigheid rondom de nestplaats zou het in dit geval (bebouwing in open omgeving) mogelijk moeten zijn om met een groot aantal bezoeken verspreid door de tweede helft van het broedseizoen met voldoende zekerheid de aan- of afwezigheid van een huismussenkolonie in het plangebied vast te stellen.

Naast het bezoek t.b.v. de quickscan op 15 juni zijn er daarom nog 4 aanvullende bezoeken uitgevoerd t/m augustus. Bij de spreiding van deze bezoeken is rekening gehouden met een broedduur van 12 tot 14 dagen, een voerperiode in het nest van 14 tot 16 dagen en een voerperiode van de vliegvlugge jongen tot 14 dagen na uitvliegen. De onderzoeken zijn uitgevoerd onder gunstige weersomstandigheden en wanneer mogelijk in de ochtend. Één keer is vanwege aanhoudende regen ‘s ochtends het bezoek in de vroege middag uitgevoerd (zie 2

https://www.rvo.nl/onderwerpen/agrarisch-ondernemen/beschermde-planten-dieren-ennatuur/ruimtelijke-ingrepen/ontheffing-vrijstelling/ecologisch-deskundige

5

Soortgericht onderzoek – Numansdorp, Volgerlandseweg 8

tabel 1, bezoek 2). Op 13 juli is het bezoek bewust vanaf zonsopkomst uitgevoerd om vast te kunnen stellen of er slaapplaatsen van mussen aanwezig zijn in het plangebied (deze slaapplaatsen zijn later op de ochtend niet meer vast te stellen). Naast slaap- en nestplaatsen is het plangebied ook onderzocht op functies als foerageergebied, stofbad of anderzijds functioneel leefgebied.

4.3 Vleermuisonderzoek Het vleermuisonderzoek was toegespitst op gebouwbewonende soorten die in deze regio en in dit type habitat (agrarisch gebied) te verwachten zijn: • gewone dwergvleermuis • •

ruige dwergvleermuis laatvlieger

• •

gewone grootoorvleermuis baardvleermuis

Er is een zorgvuldige afweging gemaakt welke gebouwen/gebouwdelen potentie voor verblijfplaatsen bevatten. In dit geval betrof dat met name de straatzijde van het woonhuis met schuur, waardoor het onderzoek met 1 persoon uit te voeren was. De houten gevelbekleding van het woonhuis – met open ruimte aan de onderzijde – werd als meest geschikte vleermuisverblijfplaats geacht. Overige verblijfplaatsmogelijkheden, zoals open stootvoegen in de gevels, waren niet aanwezig. De losse schuurtjes en de glazen kas op het terrein zijn ongeschikt als vleermuisverblijfplaats, deze bouwwerken bestaan uit enkelwandige constructies met kapotte golfplaten of glas als dak. Deze ruimtes zijn bovendien van binnenuit volledig inspecteerbaar. Het onderzoek is te voet uitgevoerd, het gehele terrein en de directe omgeving is onderzocht. Op strategische plekken is gepost, maar afgezien van de tijden rond in- en uitvliegen (schemering) is de onderzoeker vooral mobiel geweest. Zekerheidshalve zijn tijdens de vleermuisbezoeken èn tijdens de huismussenbezoeken ook de losse schuren op het terrein van binnen onderzocht op aanwezigheid van (sporen van) vleermuizen. Tijdens de huismusonderzoeken overdag is de onderzijde van de houten gevelbetimmering ook geïnspecteerd m.b.v. een zaklamp om te zien of hier vleermuizen aanwezig zijn.

Er is bij het vleermuisonderzoek gebruik gemaakt van een Pettersson D240x, een Zoom H1 geluidsrecorder en een Fenix FD40 zaklamp (focusseerbaar, 1000 lumen). Bij twijfel over de soort vleermuis, of bij moeilijk determineerbare soorten is standaard een opname gemaakt welke geanalyseerd is m.b.v. de software BatExplorer 2.1. NB: Het kan altijd voorkomen dat er in een plangebied buitengewoon veel vleermuisactiviteit aanwezig is. In dat geval voeren wij extra rondes uit of schakelen wij over tot een grotere persoonsinzet. In dit geval was dat niet aan de orde, de vleermuisactiviteit in het plangebied was zeer laag.

6

Soortgericht onderzoek – Numansdorp, Volgerlandseweg 8

5 Resultaten 5.1 Huismusonderzoek De huismus is enkel sporadisch waargenomen in het plangebied, er is geen sprake van nestplaatsen of andere essentiële functies op dit terrein. Tijdens het veldbezoek t.b.v. de quickscan op 15 juni waren er geen huismussen aanwezig in het plangebied. Tijdens het aanvullend onderzoek op 21 juni was er wel een huismus mannetje kort zingend waargenomen op het dak van het woonhuis. Deze vogel zat kort op enkele plekke op het dak waarna het richting het zuiden vloog, er was geen sprake van langdurige balts. Tijdens overige bezoeken werden huismussen enkel zeer sporadisch waargenomen in de beplanting in en om het plangebied. Het vroege ochtendbezoek op 13 juli toonde aan dat er geen huismussen overnachtten in het plangebied. Wel werden er tijdens alle bezoeken huismussen gehoord bij het cluster met bebouwing op ca. 175 m ten zuiden van het plangebied. Hier bevinden zich diverse woonhuizen, een dierencrematorium en een landbouwbedrijf met vee. Dit zijn privé terreinen welke tijdens dit onderzoek niet zijn betreden, op basis van gehoorwaarnemingen vanaf de Volgerlandseweg mag echter worden aangenomen dat er zich hier een kleine huismussenkolonie bevindt. De waargenomen huismussen in het plangebied zijn vermoedelijk foeragerende vogels afkomstig uit deze kolonie. Het betrof echter nooit grote aantallen huismussen of langdurig aanwezige vogels.

In het plangebied worden beschermde functies voor huismussen daarom in het geheel als afwezig beschouwd.

Afbeelding 2: Overzicht waarnemingen huismussen.

7

Soortgericht onderzoek – Numansdorp, Volgerlandseweg 8

5.2 Vleermuisonderzoek In en om het plangebied zijn 4 soorten vleermuizen waargenomen. Hieronder worden deze kort toegelicht, in volgorde van aantal waarnemingen: • Gewone dwergvleermuis De gewone dwergvleermuis werd tijdens alle veldbezoeken waargenomen. Het betrof nooit meer dan 1 vleermuis tegelijkertijd in het plangebied. Tijdens de avond- en ochtendschemering in het voorjaar werden er geen vleermuizen waargenomen in het plangebied. De waargenomen activiteit in het voorjaar vond plaats dieper in de nacht, hetgeen aangeeft dat deze vleermuizen van buiten het plangebied afkomstig waren. In het najaar is er tweemaal een vleermuis waargenomen die een enkele sociale roep liet horen. Dit betrof echter geen aanhoudende balts langs vaste patronen in het plangebied, er was dus geen sprake van een paarverblijfplaats. Vanaf de Volgerlandseweg werd er wel een regelmatige baltsroep waargenomen afkomstig vanuit de bebouwinggroep op ca. 175 m ten zuiden van het plangebied. Dit is privé terrein wat niet betreden is tijdens dit onderzoek, een paarverblijfplaats op deze plek buiten het plangebied is echter wel aannemelijk. •

Ruige dwergvleermuis De ruige dwergvleermuis werd enkel waargenomen in het najaar. Het betrof enkele malen een kortstondig aanwezig dier zonder baltsactiviteit.

•

Laatvlieger Op 12 juli is eenmaal een overvliegende laatvlieger waargenomen. Het dier vertoonde geen binding met de bebouwing in het plangebied.

•

Baardvleermuis In het najaar, op 16 sept, is eenmaal een baardvleermuis waargenomen. Deze vleermuis werd in het veld gedetermineerd als Myoot spec., geluidsanalyse van de opname bevestigde dat dit een baard/brandt vleermuis betreft. Onderscheid tussen deze beide soorten is niet mogelijk met enkel een sonogram, op basis van het bekende verspreidingsgebied is baardvleermuis de meest aannemelijke soort. Deze vermoedelijke baardvleermuis werd eenmaal waargenomen, het betrof een langsvliegend dier. (Een andere opname van een onbekende vleermuis bleek na analyse gewone dwergvleermuis te betreffen)

In zijn algemeenheid kan worden gesteld dat er zeer weinig vleermuisactiviteit was in het plangebied. Het grootste gedeelte van de tijd was het “stil” in het plangebied. De waargenomen vleermuizen betroffen diffuus overvliegende of kortstondig foeragerende dieren. Er was geen sprake van verblijfplaats indicatief gedrag, essentiële vliegroutes of een essentiële functie als foerageergebied. Tijdens de controles met de zaklamp onder de houten gevelbekleding en in de losse schuren zijn er eveneens geen (sporen van) vleermuizen aangetroffen. Beschermde functies voor vleermuizen worden hierom in het geheel als afwezig beschouwd.

8

Soortgericht onderzoek – Numansdorp, Volgerlandseweg 8

6 Effectbeoordeling 6.1 Huismussen Het plangebied herbergt geen beschermde functies voor de huismus (nestplaatsen of functioneel leefgebied). De geplande ontwikkeling leidt niet tot een overtreding van de Wet natuurbescherming ten aanzien van deze soort. Naar verwachting zal de geplande ontwikkeling op huismussen enkel een zeer positief effect hebben. De menselijke bewoning van het nieuwe woonhuis zorgt voor bescherming (schrikt roofdieren af) en de realisatie van een kippenhok, een duivenhouderij en enkele hobbydieren zorgen voor jaarrond voedselaanbod.

6.2 Vleermuizen Het plangebied vervult geen functie voor vleermuizen. Verblijfplaatsen of andere essentiële functies (vliegroute of foerageergebied) zijn niet aanwezig binnen de begrenzing van het plangebied. De geplande ontwikkeling leidt niet tot een overtreding van de Wet natuurbescherming ten aanzien van vleermuizen.

9

Soortgericht onderzoek – Numansdorp, Volgerlandseweg 8

7 Conclusie & aanbevelingen Het plangebied vervult geen essentiële functies voor huismussen of vleermuizen. Het aanvragen van een ontheffing is niet noodzakelijk, de werkzaamheden hebben groen licht vanuit de Wet natuurbescherming. Overige aanbevelingen uit de quickscan in het kader van de zorgplicht blijven onverminderd van kracht. De uitvoerder is verplicht om zorgvuldig te werken, onnodige schade aan flora of fauna dient altijd zoveel mogelijk te worden voorkomen (ongeacht de beschermingsstatus). Alsmede wordt van harte aanbevolen om natuurinclusieve maatregelen te treffen op dit terrein, deze maatregelen zijn beschreven in de notitie van Breur Ecologie & Onderzoek: N21041 van 29-09-2021. Desgewenst adviseren wij u graag verder voor de verdere uitwerking van deze maatregelen ten behoeve van de lokale biodiversiteit.

10

Soortgericht onderzoek – Numansdorp, Volgerlandseweg 8

Bronvermelding Breur, T.D. 2021. Quickscan ecologie. Numansdorp, Volgerlandseweg 8. Rapportcode: QS21031v1. Breur Ecologie & Onderzoek. Dordrecht Ministerie van Economische zaken. 2016. Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen. Netwerk Groene Bureaus, Vleermuisprotocol 2021 Kaartmateriaal: http://pdokviewer.pdok.nl Overig: https://www.bij12.nl/onderwerpen/natuur-en-landschap/kennisdocumenten-soortenontheffingen-wet-natuurbescherming/ https://www.verspreidingsatlas.nl https://waarneming.nl/

11

Soortgericht onderzoek – Numansdorp, Volgerlandseweg 8

Bijlage I Verbodsbepalingen Wet natuurbescherming (Wnb) per beschermingscategorie. Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn § 3.1 Wnb

Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn § 3.2 Wnb

Beschermingsregime Nationaal beschermde soorten (andere soorten) § 3.3 Wnb Art 3.10 lid 1a Het is verboden soorten opzettelijk te doden of te vangen.

Art 3.1 lid 1 Art 3.5 lid 1 Het is verboden in het wild levende Het is verboden soorten in hun vogels opzettelijk te doden of te natuurlijke verspreidingsgebied vangen. opzettelijk te doden of te vangen. Art 3.1 lid 2 Art 3.5 lid 4 Art 3.10 lid 1b Het is verboden opzettelijk nesten, Het is verboden de Het is verboden de vaste rustplaatsen en eieren van vogels te voortplantingsplaatsen of voortplantingsplaatsen of vernielen of te beschadigen, of rustplaatsen van dieren te rustplaatsen van dieren opzettelijk nesten van vogels weg te nemen. beschadigen of te vernielen. te beschadigen of te vernielen. Art 3.1 lid 3 Art 3.5 lid 3 Niet van toepassing Het is verboden eieren te rapen en Het is verboden eieren van dieren in deze onder zich te hebben. de natuur opzettelijk te vernielen of te rapen. Art 3.5 lid 2 Niet van toepassing Art 3.1 lid 4 en lid 5 Het is verboden vogels opzettelijk te Het is verboden dieren opzettelijk te verstoren. storen, tenzij de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort.

Niet van toepassing Art 3.5 lid 5 Art 3.10 lid 1c Het is verboden plantensoorten in Het is verboden plantensoorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen. ontwortelen of te vernielen.

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12656403/1