b NL.IMRO.1963.BPKreupelew70WMS21-ON01 tb5
Tekst van het document
Landschapskavels in de polder
Een landschappelijk ontwerp en beeldkwaliteitplan voor vier woonkavels langs de Kreupeleweg in Westmaas
8 april 2022
Ars Virens
Op initiatief van:
Reedijk Beheer B.V. Oudendijk 77 3291 LM Strijen
Bestemd voor:
Gemeente Hoeksche Waard Sportlaan 22 3299 XG Maasdam
In samenwerking met:
Juridisch Planologisch Adviesbureau R3 Beneden Oostdijk 42 3261 KX Oud-Beijerland
Opgesteld door: Ars Virens | bureau voor buitenruimte Laurens Jansz. Costerstraat 2 3261 LH Oud-Beijerland
2
Kreupeleweg Westmaas | landschapskavels in de polder
bureau voor buitenruimte
Ars Virens
Inleiding - Aanleiding pag. 5 - Doelstelling document pag. 5 - Leeswijzer pag. 5 1 - W a t v o o r a f g i n g
pag. 6-7
2 - L a n d s c h a p s a n a l y s e
pag. 8-9
3 - R u i m t e l i j k c o n c e p t
pag. 10-11
4 - O n t w e r p pag. 12-27 -
Watersysteem
pag. 14-15
-
Bebouwing
pag. 16-17
-
Uitstraling voorzijde
pag. 20-21
-
Landschapselementen achterzijde
-
Samenvatting pag. 26-27
Inhoudsopgave
pag. 22-25
3
Ars Virens
Luchtfoto huidige situatie. 4
(c) Cyclomedia
Kreupeleweg Westmaas | landschapskavels in de polder
bureau voor buitenruimte
Ars Virens
Aanleiding
concept uitgewerkt aan de hand van het schetsontwerp van 8 maart, dat als het ware een blauwdruk
In het kader van Ruimte voor Ruimte is Reefresh Beheer BV al enige tijd bezig met de ontwikkeling van hun
vormt voor het ruimtelijk concept.
gronden waar momenteel een glastuinbouwbedrijf gevestigd is. Het terrein is gelegen op de hoek van de
In hoofdstuk vier is het landschapsplan uitgewerkt, dat vervolgens in hoofdstuk vijf verankerd wordt in een
Kreupeleweg en Oudendijk te Westmaas/Strijen.
aantal bepalingen ten aanzien van beeldkwaliteit, uitstraling gebouwen, bouwvlakken en bebouwingsper-
Het voorliggende ontwerp is een uitwerking van het ontwerp van 8 maart 2021, dat als principeverzoek is
centages. De centrale gedachte van het vijfde hoofdstuk is kwaliteitsborging van de ontworpen landschap-
ingediend bij de gemeente.
pelijke kwaliteit van het integrale plan.
Naar aanleiding van dit verzoek is door de gemeente op 2 juli “in principe positief” gereageerd. Wel is meer aandacht gevraagd voor verdere landschappelijke en stedenbouwkundige uitwerking van het plan: Het huidige plan volgens model 2 is stedenbouwkundig en landschappelijk denkbaar, indien het initiatief zorgvuldig wordt uitgewerkt met een beeldkwaliteitsplan. Op de locatie waar de kassen worden gesaneerd, is ruimtelijk een kwaliteitsverbetering mogelijk. Dit moet in samenspraak met onze landschapsadviseur verder wordt uitgewerkt.
Doelstelling document Het doel van de opgave is het creëren van een landschappelijke inpassing van de vier kavels, waarbij de term ‘zorgvuldigheid’ centraal staat. Hierbij is de samenhang tussen landschap en gebouw van belang. Het landschap geldt zowel de omgeving, als de inrichting van de kavel. Aan de hand van kavelpaspoorten en randvoorwaarden worden de bouwmogelijkheden gereguleerd. Hierbij wordt enerzijds gewaakt om de bouwmogelijkheden zo min mogelijk in te perken. Anderzijds wordt gelet op kwalitatieve uitstraling. Juist de singuliere ontwikkeling van de kavels vergroot het afbreukrisico en vergt daarom een verankering van de ontwerpuitgangspunten in ruimtelijk-juridische zin.
Leeswijzer Het rapport begint met een korte recapitulatie van reeds gepresenteerde ontwerpen in het eerste hoofdstuk. Een beknopte landschapsanalyse volgt in hoofdstuk twee. In het derde hoofdstuk is het ruimtelijk
Inleiding
5
Ars Virens
Schetsontwerp 2017
Reactie / verkenning DSL 2018
Model 1 - 8 maart 2021 Ruimte titel voor | ruimte A3, schaal Reefresh 1: | Westmaas versie .2021- variant 2
Zorghoeven - voorjaar 2020 |
A3 schaal 1:500
|
versie 08.03.2021
Kreupeleweg Westmaas | landschapskavels in de polder
6
Reefresh Kreupeleweg Westmaas |
A2, schaal 1:1000 |
versie 27.02.2020
bureau voor buitenruimte
Ars Virens
De eerste verkenningen naar de ontwikkelingen van de kavel in vanuit de sanering van de bedrijfslocatie dateren uit 2017. Vanuit de vuistregels van Ruimte voor Ruimte is het mogelijk om acht woonkavels te maken. In de verkenning uit 2017 zijn deze ‘tweede-lijns’ achter de Oudendijk gelegd. In een reactie heeft de welstandsorganisatie Dorp Stad en Land deze verkenning afgewezen en de suggestie gedaan om vier kavels te ontwikkelen.
Begin 2020 is een schetsontwerp opgesteld door RoosRos Architecten en Ars Virens ten aanzien van een programma met zorg en sociale huisvesting, vervat in een compositie die refereert aan een boerenerf, met bijbehorende architectuur.
Omdat deze ontwikkeling voor de initiatiefnemer niet haalbaar bleek, is het ontwikkelen van landschappelijke woonkavels in twee modellen bestudeerd. Deze modellen zijn als principeverzoek ingediend in maart 2021. Het model dat linksonder op pag. 6 is afgebeeld, is afgewezen. Het andere model, dat uitgaat van drie kavels langs de Kreupeleweg en één kavel langs de Oudendijk, is in principe positief beoordeeld.
Het in principe positief beoordeelde model uit het principeverzoek maart 2021. Ruimte titel voor | ruimte A3, schaal Reefresh 1: | Westmaas versie .2021- variant 1
1 - Wat vooraf ging
|
A3 schaal 1:500
|
versie 08.03.2021
7
Ars Virens
8
Kreupeleweg Westmaas | landschapskavels in de polder
bureau voor buitenruimte
Ars Virens
Het plangebied ligt langs een zeer karakteristiek dijklint met een veelbewogen geschiedenis. Er is landschappelijk een groot verschil tussen de betrekkelijk kleinschalige polder Munnikenland, de venige polder Oudeland en de grootschalige, open polder Westmaas Nieuwland, waarin de Kreupeleweg een van lange kruiswegen is. De Oudendijk kent een vrij dichte bebouwingsstructuur met een kleinschalige korrel. De huizen staan weerszijden langs de dijk, opgeklampt tussen kruin en dijksloot. Enkele boerderijen en huizen staan wat verder van de dijk af, in het polderlandschap achter de dijksloot. Deze erven hebben overwegend een groene uitstraling, door een diversiteit aan erfbeplanting. In de analysekaart is deze tweeledigheid duidelijk gemaakt, waarbij ook de richting van de bebouwing is ingetekend. De Kreupeleweg is open en grotendeels vrij van bebouwing. In het verleden zijn in de polder ontwikkelingen met betrekking tot fruitteelt geweest. In de negentiende eeuw waren de verschillende kavels tegen de Oudendijk aan omzoomd door (knot)beplanting.
1965: Ontwikkeling langs de dijk(en) en in de polder.
2 - Landschapsanalyse
1856: boerderijen en woningen langs en onderaan de dijk. 9
Ars Virens
10
Kreupeleweg Westmaas | landschapskavels in de polder
bureau voor buitenruimte
Ars Virens
Model twee uit het schetsontwerp van maart 2021 is feitelijk het uitgangspunt voor de verdere uitwerking.
voet staan met de intenties van het schetsontwerp. In het uitwerken van het ruimtelijk concept is het es-
Het ontwerp laat een driedeling zien:
sentieel om de integrale ruimtelijke kwaliteit te bewaken, en niet te laten verloren gaan door individuele kavelontwikkeling.
Kavel 0 is de kavel van familie xx. De tuin wordt vergroot met een landschappelijk gedeelte, evenredigmet
Vanuit de analyse is het ruimtelijk concept erop gericht om, naast de bestaande kavel aan de Kreupeleweg,
de afmetingen van de aangrenzende kavels.
een onderscheid te maken tussen de verschillende kavels. Enerzijds is er kavel 4, die als een tweedelijns erf
Kavel 4 is ontsloten vanaf de Oudendijk en ligt als een soort schuur op een ‘groen erf’ tweedelijns onderaan
langs de Oudendijk ligt. Anderzijds zijn er drie woningen op drie kavels langs de Kreupeleweg. Deze drie
de Oudendijk.
kavels vormen geen gezamenlijk erf, als stonden er drie woningen op één erf. Wel maken de drie kavels ge-
Kavel 1-3 liggen als een trits groene kavels in het open landschap, en worden ontsloten vanaf de Kreupele-
bruik van een min of meer uniforme gereedschapskist van landschapselementen. Hierdoor liggen er geen
weg.
drie separate kavels, maar drie kavels die elkaars gelijkenis tonen. Onderstaand schema verduidelijkt dit:
Het schetsontwerp laat naast de locaties van de plekken de volgende bijzonderheden zien, die in het ruimtelijk concept worden meegenomen: •
Enige distantie van de woningen ten opzichte van de Kreupeleweg.
•
Terugvallende rooilijnen, zodat de kop van de Kreupeleweg zich opent richting Oudendijk en er een
Niet:
vrij zicht ontstaat op de kruising. •
Zichtlijn vanaf Oudendijk 77 naar polder Westmaas Nieuwland.
•
Toegang tot het agrarisch perceel vanaf Oudendijk 77.
•
Onderscheid tussen de bebouwing van kavel 4 (onderaan Oudendijk) en de kavels 1-3 (langs Kreupeleweg.
•
Groene omlijsting van de kavels met aandacht voor zichtlijnen en doorkijkjes.
•
Coherente landschappelijke inpassing door toepassing van universele landschapselementen op de vijf kavels, waardoor de residentiële functie zorgvuldig wordt ingepast en verbonden met het landschap.
Wel:
De borging van de integrale ruimtelijke kwaliteit bij de separate ontwikkeling van de individuele kavels vormt de grote uitdaging van de opgave. Het schetsontwerp uit maart 2021 toont samenhang, zorgvuldige relatie in architectuur en bouwstijl, en een omvattende, royale landschappelijke inpassing. De individuele ontwikkeling, en daarmee persoonlijke smaak, visie en interesses, kunnen op gespannen
3 - Ruimtelijk concept
11
Ars Virens
12
bureau voor buitenruimte
Ars Virens
De zeven aandachtspunten die in het ruimtelijk concept zijn afgeleid van het schetsontwerp zijn vertaald
hagen vormen deze het landschappelijk karakter van de voorzijde.
in het landschapsplan. Waar het schetsontwerp een min of meer suggestieve invulling kent, is deze ‘vrijblijvendheid’ in het landschapsplan niet van toepassing en wordt meer vaste richting gegeven aan bepaalde
Landschapselementen achterzijde
onderdelen. Een en ander wordt hieronder uiteengezet.
De achterzijde van de kavels worden vormgegeven als landschapskamers. Historische boerenerven bevatten afzonderlijke segmenten, die van elkaar waren gescheiden met een hagen, heggen en struwelen, en
Watersysteem
gezamenlijk een ruimtelijk entiteit vormden Evenzo ontstaat op de verschillende percelen een diversiteit
De bestaande watergangen blijven gehandhaafd in hun huidige vorm. Aan de noordzijde van de kavels
aan landschapskamers, die met landschappelijke elementen van elkaar worden gescheiden. In het volgen-
wordt een watergang toegevoegd, die in verbinding staat met de andere watergangen, zodat er sprake is
de hoofdstuk zijn deze landschappelijke elementen uitgewerkt.
van een systeem met doorstroming. Vanuit de bekende trits ‘vasthouden, bergen en vertraagd afvoeren’ wordt hemelwater bij de nieuw te ontwikkelen kavels niet afgevoerd via het riool, maar afgekoppeld via het watersysteem. Hiertoe worden greppels langs de kavelgrenzen aangelegd, die aansluiten op de nieuwe watergang aan de noordzijde.
Bebouwing De woningen op de kavels 1-3 hebben een verspringende rooilijn. Overeenkomstig de aanbeveling van Dorp, Stad en Land hebben de woningen een oriëntatie die parallel is aan of haaks op de Kreupeleweg. De woning op kavel 3 is optisch en ruimtelijk ‘losgekoppeld’ van de Oudendijk. De woning op kavel 4 is ontworpen als een schuurwoning, omdat deze tweedelijns ligt ten opzichte van de Oudendijk. De bebouwing is gesitueerd op het bouwvlak. Nadere bepalingen aan de hand van de zonering middels het bouwvlak komen in het volgende hoofdstuk aan bod.
Uitstraling voorzijde Het aanzicht van de kavels vormt het visitekaartje van de woningen. In het kader van het landschappelijk karakter van de kavels is het essentieel deze voorkanten een groene uitstraling te geven. Deze uitstraling is geïnspireerd vanuit het verleden, toen de separate weilandkavels hier ieder een perceelscheidende, lineaire beplanting had. Dit komt terug in de vorm van een onregelmatig ritme van knotwilgen langs de Kreupeleweg en iepen langs de Oudendijk. Samen met de groene, met gras begroeide slootkant en de
4 - Landschapsplan
13
Ars Virens
Profiel nieuwe watergang.
De greppels bevatten kansen voor natuurwaarden met plasdrassituaties.
Minimaal profiel greppel.
Referentie voor greppel met lineaire beplanting van knotwilgen.
14
bureau voor buitenruimte
Ars Virens
In het vorige hoofdstuk zijn de verschillende hoofdonderdelen van het plan onderscheiden. Per onderdeel wordt in dit hoofdstuk een uitwerking gegeven.
Watersysteem
De nieuwe watergang aan de noordzijde heeft een vergelijkbaar profiel met de watergang aan de westzijde van het plangebied. Wanneer het watersysteem van Waterschap Hollandse Delta, waarvan hiernaast een afbeelding is opgenomen, wordt geraadpleegd, dan leidt dat tot de volgende dimensionering: Bodemhoogte:
-1,85 m NAP
Bodembreedte:
50 cm
Beschermingszone:
1m
Het waterpeil bedraagt -1,80 (winter) à -1,60 (zomer). Een profiel van de watergang is hiernaast opgenomen.
De greppels zijn ondieper dan de watergangen en dienen primair voor de vertraagde hemelwaterafvoer. Een minimaal profiel van de greppel is hiernaast weergegeven. Desgewenst mag deze naar believen worden vergroot. De greppels bieden een uitgelezen kans voor de ontwikkeling van natuurwaarden door plasdrassituaties.
Huidig watersysteem met toekomstige verbinding
5 - Randvoorwaarden beeldkwaliteit
Referentiebeeld nieuwe noordelijke watergang. 15
Ars Virens
16
bureau voor buitenruimte
Ars Virens
Bebouwing
•
schaal van het landschap:
Ten aanzien van de bebouwing zijn twee aspecten onderscheiden, namelijk de positie van de bebouwing op de kavel en de uitstraling van de bebouwing. De gewenste uitstraling wordt omschreven aan de hand van beeldkwaliteitseisen. Positie bebouwing De positie van de woningen wordt gereguleerd aan de hand van het bouwvlak. Binnen het bouwvlak is het schuiven met de woning mogelijk. Voor de kavels 1-3 is deze ruimte beperkt. Aan de voorzijde is de positie van de bebouwing namelijk vastgelegd met een rooilijn, waarvan niet afgeweken kan worden. Het bouwvlak behoudt aan beide zijden van de kavel een afstand van ten opzichte van de zijdelingse perceelsgrens. Bovendien is er een minimale afstand van 12 m tussen de gebouwen, om zo voldoende ‘lucht’
•
Eventuele bijgebouwen dienen op het bouwvlak gesitueerd te zijn, met uitzondering van kleine gereedschapsschuren of stalletjes, die aan de achterzijde van de kavel in de landschappelijke zone gerealiseerd mogen worden. Deze schuren zijn van hout, met een zwart dak, en hebben een rechthoekige footprint van maximaal 15 m2. Uitstraling bebouwing
•
•
•
De gebouwen gaan op in hun omgeving; zij reageren in vorm, massa en/of oriëntatie op het landschap; bebouwing en kap volgen daarmee de richting van de polder.
•
De gebouwen hebben verwantschap qua architectuur, uitstraling en korrelgrootte, waarbij de eerste woning de toon aangeeft.
•
In de architectuur worden evenwicht, rust, weinig opsmuk en harmonieuze verhoudingen nagestreefd.
•
De uitstraling en de schaal van de gebouwen staan in de juiste verhouding tot de maat van de woonkavels, zowel qua bouwhoogte als qua footprint.
5 - Randvoorwaarden beeldkwaliteit
•
De hellingshoek van de kap is minimaal 40 en maximaal 50 graden.
•
Het snijpunt tussen gevel en dak is maximaal 3,5 m en de nokhoogte maximaal 10 m.
De bebouwing staat bij voorkeur op het niveau van het maaiveld. Afwijkingen van meer dan 50 cm zijn
Voor de woning op kavel 4 geldt een nadere bepaling ten aanzien van de vorm: de woning bestaat uit
Architectonische elementen (vorm, massa, detail, kleur&materiaal) omschrijven zich als landschappelijk, ingetogen en verfijnd. Zowel traditionele als eigentijdse elementen zijn denkbaar. Gebouwen met een imponerende, pompeuze uitstraling zijn niet toegestaan.
•
Teveel in- en uitkragingen op de hoofdvorm maken de bouwmassa onnodig complex van vorm en zijn derhalve niet toegestaan.
•
Dakkapellen en andere verbijzonderingen in de hoofdmassa dienen in samenhang en balans met de hoofdmassa ontworpen te zijn.
•
Bergingen, garages, schuurtjes en andere gebouwen met een niet-residentiële functie zijn bij voorkeur onderdeel van het hoofdvolume. Indien separaat dan wordt het gebouw in het bouwvlak geplaatst en is het qua vormgeving familie van het hoofdvolume en in schaal, massa en dakvlakken ondergeschikt
eenvoudige hoofdvorm hebben. De korrelgrootte van de woningen voegt zich naar de omgeving, en maakt
Dit leidt tot de volgende beeldkwaliteitseisen:
De bebouwing wordt vormgegeven met een kap met zadeldak als type kap (zie volgende pagina).
één langwerpig hoofdvolume met een verhouding lengte:breedte van tenminste 4:1.
De woningen van kavel 1-3 hebben een maat en profiel die passend is in de omgeving en bij voorkeur een
dat de woningen te gast zijn in het landschap.
•
niet toegestaan.
tussen de woningen te houden. Bij kavel 4 zijn er meer mogelijkheden ten aanzien van de positie van de woning.
Omdat de kap beeldbepalend is, zijn type, grootte en hoogte van de kap passend bij de sfeer, maat en
aan het hoofdgebouw. •
Het bouwvlak per kavel is een harde grens. Buiten deze contour mogen geen bouwdelen uitsteken, als overkappingen e.d.
•
De kleurstelling is overwegend naturel. Uitzondering is zwart gebeitst hout, als referentie naar geteerde schaaldelen.
•
Toe te passen materialen zijn natuurlijk. Stucwerk en/of kunststof materiaal is niet toegestaan.
•
Zonnepanelen vormen een bouwkundig onderdeel van de kap, geen losse, zichtbare toevoeging.
•
Voor alle bebouwing geldt dat zij alzijdig is. Daarmee wordt een optimale verbinding met de terreinen en het omliggende landschap bewerkstelligd.
•
De maximale woninginhoud bedraagt 775 m3. 17
Ars Virens
Alleen ‘agrarische’ schuurtjes mogen in de landschapszone, overige bebouwing in het bouwvlak.
De kapvorm is beeldbepalend. Om passend in het landschap te zijn is alleen een zadeldak toegestaan. 18
Eenvoudige woning met landschappelijke karakteristieken, te gast in het landschap.
bureau voor buitenruimte
Ars Virens
Vanuit de beeldkwaliteitseisen zijn referentiebeelden te vergaren. Zonder hierin uitputtend te zijn, is een collage van beelden samengesteld, die de mogelijkheden in kaart brengen.
WEL: eenvoudig volume, te gast in omgeving
NIET: complexe samengestelde volumes
WÉL: ensemble van materiaal, kleur en textuur in harmonie
5 - Randvoorwaarden beeldkwaliteit
19
Ars Virens
De kavels hebben een groen aanzicht vanaf de Kreupeleweg.
20
Een te harde en stenige uitstraling moet worden voorkomen.
Ars Virens
bureau voor buitenruimte
Uitstraling voorzijde Om de kavels zo optimaal mogelijk in het landschap te laten opgaan is het belangrijk dat het aanzicht landschappelijk en groen oogt. Om dit te borgen is er voor de voorzijde een set randvoorwaarden of landschappelijke beeldkwaliteitseisen ontworpen. Deze staan los van de knotwilgen en hagen, welke een onderdeel van het landschapsplan zijn.
Naast de rol met betrekking tot de landschappelijke uitstraling is het voorgebied vooral functioneel. Hier komt de oprit, die bij voorkeur met een brug of vaarduiker verbonden is met de Kreupeleweg. In principe worden hier de parkeerplaatsen aangelegd, is er een pad dat de woning ontsluit, etcetera. Om te voorkomen dat het voorgebied te stenig en te hard van uitstraling wordt, zijn de volgende beeldkwaliteitseisen van toepassing. •
De slootkant bestaat uit een talud met gras of gazon.
•
Toepassing van antiworteldoek, al dan niet in combinatie met bodembedekkers, is niet toegestaan.
•
Eventuele beschoeiing steekt maximaal 20 cm boven wateroppervlak uit.
•
De hoeveelheid verharding is gelimiteerd. De maximale hoeveelheid verharding bedraagt 40%.
•
Onder verharding wordt ook halfverharding zoals split en grint verstaan.
•
Parkeerplaatsen zijn visueel afgeschermd door opgaand groen. Dit mag natuurlijk zijn (zoals een losse
Een grastalud en een haag langs de Kreupeleweg is landschappelijk en streekeigen.
haag, bosschage, struiken, windsingel) of meer cultuurlijk (zoals een blokhaag heestervak, sierbeplanting of sierheesters)
Geen artificieel aanzicht door het sloottalud te voorzien van antiworteldoek en/of bodembedekkers.
5 - Randvoorwaarden beeldkwaliteit
21
Ars Virens
De Tintelhof in Veere is een sterk voorbeeld van een woning op een erfkavel, waarbij het groen een intermediair karakter heefft tussen polder en woning. De Tintelhof is landschappelijk wonen in zijn puurste vorm.
Voorbeeld van coulissenlandschap met openheid en diversiteit aan landschapselementen. 22
De Tintelhof heeft een natuur vormgegeven overgang van cultuur (tuin) naar omgeving.
bureau voor buitenruimte
Ars Virens
Landschapselementen achterzijde De achterzijde van de kavels, de landschapszone, wordt vormgegeven als landschapskamers met gebruikmaking van landschappelijke elementen. De referentiebeelden op deze pagina’s zijn bedoeld als inspiratie-afbeeldingen, om de landschapszone uit te werken als een groen intermediairgebied tussen polder en woning. Om de kwantiteit en de massa van het groen en de ruimtelijke verschijningsvorm van de landschapselementen te waarborgen, is in dit hoofdstuk een soort ‘gereedschapskist landschapselementen’ gegeven, op basis waarvan de landschapszone verder uitgewerkt kan worden door de individuele kaveleigenaren. Door gebruikmaking van deze gereedschapskist wordt willekeur voorkomen en de onderlinge samenhang van de kavels bevorderd.
De landschapselementen uit de gereedschapskist zijn: •
Solitaire bomen
•
Bomenrij
•
Knotwilgen langs greppel/sloot
•
Boomgaard
•
Bosplantsoen
•
Struweel
•
Heggen
•
Gras
Een lijnenspel van gazon en hagen, omgeven door hogere beplanting.
Op de volgende pagina zijn de landschapselementen met massa donkergroen weergegeven. Gras daarentegen is lichtgroen weergegeven en zorgt voor openheid. Als vuistregel geldt dat 40% als massa is ingevuld, met een afwijkingsmarge van 10%. Zodoende is er openheid geborgd, alsook beplantingsmassa. Daarnaast wordt er ruimte geboden voor een meer cultuurlijke invulling, met bijvoorbeeld borders, sierheesters etc. Deze ruimte is beperkt tot nabij de huiskavel. In de landschapszone is verharding toegestaan in de vorm van paden. Verhardingsvlakken zijn niet toegestaan. Natuurlijke, streekeigen en opgaande beplanting vormen a.h.w. coulissen voor deze woning.
5 - Randvoorwaarden beeldkwaliteit
23
Ars Virens
24
bureau voor buitenruimte
Ars Virens
Hierna worden de verschillende landschapselementen kort toegelicht. Solitaire bomen De toe te passen bomen zijn streekeigen en behorend tot de Potentieel Natuurlijke Vegetatie. Voorbeelden zijn linde, populier, wilg, es, wilg en esdoorn. Ook meer cultuurlijke soorten zoals paardenkastanje, treurbeuk, zilveresdoorn, zwarte kerspruim etc. zijn toegestaan. Bomenrij Een rij knotwilgen, Italiaanse populieren of elzen komt in de streek veel voor. Door de bomen dicht opeen te planten ontstaat er een windsingel. Deze kan deels (=Zeeuwse haag) of geheel (=windscherm)geschoren worden. Door gaten toe te passen ontstaan half-openwindsingels. Een ander specifiek is knotwilgen langs greppel/sloot (zie referentiebeeld p. 14). Boomgaard Dit kan bestaan uit hoogstam of laagstamfruit, of bijvoorbeeld mispel, walnoot of zelfs in verband geplanten solitaire bomen (=bomenweide). Bosplantsoen
Voorbeeld van bosplantsoen 2 soorten gras langs struweel, met bosplantsoen in de achtergrond.
Een gemengde beplanting van inheemse bomen en struiken, zeer waardevol voor biodiversiteit en fauna. Struweel Vergelijkbaar met bosplantsoen, allen zonder opgaande bomen. Heggen Dit betreft als lineair toegepast struweel. Door deze losse haag te scheren nabij de huiskavel kan eenvoudig een overgang tussen beide zones worden gemaakt. Gras Om de openheid te waarborgen kan bloemrijk gras (kruiden- en faunarijk grasland) worden toegepast, of in een meer cultuurlijke zin, gazon.
Hoogstamboomgaard met semi-transparante structuur.
5 - Randvoorwaarden beeldkwaliteit
25
Ars Virens
26
bureau voor buitenruimte
Ars Virens
Samenvatting
Op de pagina’s hiervoor is het ruimtelijk concept van landschappelijk wonen uitgewerkt aan de hand van vier thema’s: •
Watersysteem
•
Bebouwing
•
Uitstraling voorzijde
•
Landschapselementen achterzijde
Deze vier thema’s zijn hiernaast weergegeven op een samenvattende randvoorwaardenkaart.
De vier landschappelijke kavels hebben ieder een eigen, unieke verschijningsvorm in het landschap, met voor ieder bijzondere kwaliteiten die erom vragen verder uitgewerkt te worden. Het beeldkwaliteitplan geldt hierbij naast randvoorwaardelijk vooral als inspiratiekader. Om de toekomstige kaveleigenaren te sti-
Voorbeeld uit de HW t.a.v woning die te gast is in het landschap.
muleren om hun eigen visie op landschappelijk wonen te ontwikkelen en uit te werken tot een bijzondere plek in de polder. Een plek waar visie en respect voor het landschap garant staan voor de totstandkoming van een geborgen plek in het landschap, een thuis in de Hoeksche Waard.
Voorbeeld van natuurlijke overgang van cultuur/siertuin via landschapszone naar polderlandschap.
5 - Randvoorwaarden beeldkwaliteit
27