231101 Advies Provincie Zuid-Holland Gewijzigd Winningsplan Oud-Bijerland Noord (NAM) Geredigeerd
Tekst van het document
Bezoekadres Zuid-Hollandplein 1 2596 AW Den Haag Postadres Postbus 14060 2501 GB Den Haag (070) 21 899 02 vergunningen@odh.nl www.odh.nl
Ministerie van Economische Zaken en Klimaat T.a.v. 5.1.2.e Postbus 20401 2500 EK DEN HAAG
Datum
01-11-2023 Bijlage(n)
-
Uw brief
Ons kenmerk
11 september 2023
ODH851183
Uw kenmerk
Zaaknummer
IV-34287
01081140
Afdeling
Toetsing & Vergunningverlening Milieu Team
T&V Ruimte & Ondergrond
Contactpersoon
5.1.2.e Telefoonnummer
06 5.1.2.
e
Betreft
Advies Mijnbouwwet inzake wijziging instemmingsbesluit winningsplan Oud Beijerland-Noord
Geachte 5.1.2.e
5.1.2.e
@odh.nl
,
Op 11 september 2023 heeft u het college van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland per e-mailbericht (uw kenmerk IV-34287) verzocht om advies in het kader van de Mijnbouwwet inzake de wijziging van het instemmingsbesluit winningsplan Oud Beijerland Noord. Het adviesverzoek heeft betrekking op een verzoek van de NAM van 16 mei 2023 tot wijziging van het instemmingsbesluit winningsplan koolwaterstoffen Oud Beijerland Noord. De aangevraagde wijziging betreft de verlenging van de geldingsduur van het winningsplan tot en met 2028. De Omgevingsdienst Haaglanden voert de adviestaken in het kader van de Mijnbouwwet in mandaat uit namens Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland. Op 8 januari 2019 hebben wij geadviseerd op de vorige wijziging van het instemmingsbesluit. In dat advies hebben wij u verzocht nadere informatie in te winnen bij de NAM om een duidelijker en vollediger beeld te krijgen over de verwachte en daadwerkelijk opgetreden bodemdaling als gevolg van de winning. Het advies dient uiterlijk 3 november 2023 ingediend te worden bij het Ministerie van EZK. Oordeel Binnen de provincie Zuid-Holland wordt de zogenoemde Bodemladder gebruikt als handelingsperspectief en afwegingskader voor activiteiten in de ondergrond. Centraal hierin staan de begrippen hernieuwbaarheid, omkeerbaarheid en beheersbaarheid.
Voor alle drie de begrippen geldt dat we streven naar een zo hoog mogelijk niveau. In ons afwegingskader wordt hier invulling aan gegeven door activiteiten in de ondergrond te beoordelen op basis van nut en noodzaak, veiligheid, milieuhygiënische aspecten en ruimtelijke inpasbaarheid (zowel bovenals ondergronds). De provincie Zuid-Holland staat in beginsel negatief tegenover de aangevraagde verlenging van de geldingsduur van het winningsplan. Echter, aangezien wij op afzienbare termijn nog zijn aangewezen op gas als brandstof en het hier een reeds vergunde en gerealiseerde gaswinningslocatie betreft, richt ons advies zich op een zo veilig en duurzaam mogelijke exploitatie van het aardgas op deze locatie.
Het SodM is gevraagd of de productie past binnen de verwachtingen van het vigerende winningsplan. TNO is gevraagd de ingediende aanpassingen te controleren op compleetheid, planmatig beheer, bodemdaling, bodemtrillingen (seismiciteit) en de gekozen parameters. In uw adviesverzoek vraagt u ons te adviseren over de eventuele lokale natuur-, milieu- en omgevingseffecten door bodemdaling en bodembeweging en over eventuele effecten op aanwezige bebouwing of infrastructurele bouwwerken. Ons advies over de aangevraagde wijziging van het instemmingsbesluit Oud Beijerland Noord vindt u in de bijlage. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Indien u vragen en/of opmerkingen heeft, kunt u contact opnemen met de in het briefhoofd vermelde contactpersoon.
Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland, voor dezen,
5.1.2.e
5.1.2.e Hoofd Toetsing & Vergunningverlening Milieu van de Omgevingsdienst Haaglanden
ODH851183
2/5
ADVIES
Achtergrond aanvraag wijziging geldingsduur winningsplan Het Oud-Beijerland Noord voorkomen is in 2006 aangeboord met de put OBLZ-2, en in 2010 in productie genomen. Tot eind 2022 is in totaal 159.000 m3 olie en 92.000.000 Nm3aardgas uit het Oud-Beijerland Noord voorkomen geproduceerd. In 2016 is gestopt met de winning van olie. In 2019 is het olievoerende gedeelte van het voorkomen afgesloten met een plug. Sindsdien wordt alleen nog gas geproduceerd, met een beperkte hoeveelheid meegevoerd condensaat en olie. In het winningsplan wordt het Oud-Beijerland Noord voorkomen dus beschouwd als een producerend gasveld. Adviespunten provincie Zuid-Holland 1. Planmatig gebruik en beheer van de ondergrond Het Oud-Beijerland Noord voorkomen is in 2010 in productie genomen. NAM verwacht in het hoge productie scenario nog 67.000.000 Nm3 gas te produceren over een periode van 2022 tot en met 2028. De hoeveelheid mee geproduceerde olie is dan 33.300 m3. NAM stelt dat in dit hoge scenario, de productie onder het huidige vergunde volume blijft. De daadwerkelijke productie hangt af van het gedrag van de winningsput, waarbij het de laatste productievolumes betreft van de bestaande winning. Er zijn zullen geen nieuwe boringen worden uitgevoerd en de huidige put zal niet hydraulisch worden gestimuleerd (‘fracken’).
Advies SodM SodM vindt dat de voorgestelde winning naar huidige kennis en techniek, planmatig en efficiënt uitgevoerd kan worden, onder voorbehoud dat de NAM binnen de voorgestelde productie bandbreedte blijft. SodM adviseert een voorschrift in een eventueel besluit op te nemen waarin is opgenomen dat de NAM tussen begin 2023 en eind 2028 een maximaal volume van 67.000.000 Nm3 aardgas uit het Oud-Beijerland Noord mag produceren. Dit correspondeert met maximaal 2 cm bodemdaling op het diepste punt van de kom. Advies TNO-AGE TNO-AGE merkt net als NAM op dat de onzekerheden in het gedrag van de put toenemen aan het einde van de verwachte productietermijn. De wijze waarop NAM voornemens is het gas te produceren is conform de huidige kennis en technieken. Uit het oogpunt van planmatig gebruik vindt TNO-AGE dit doelmatig en efficiënt. Advies Provincie-Zuid-Holland Wij sluiten ons aan bij de advies van SodM een voorschrift op te nemen in het besluit omtrent het maximale te winnen volume. 2. Bodemdaling In ons advies van 8 januari 2019 (voor het verzoek van de NAM van 16 november 2017) voor de vorige wijziging van het instemmingsbesluit, hebben wij u verzocht nadere informatie in te winnen bij de NAM om een duidelijker en vollediger beeld te krijgen over de verwachte en daadwerkelijk opgetreden bodemdaling als gevolg van de winning.
In de rapportage ‘aanvraag Instemming verlenging Winningsplan Oud-Beijerland Noord (april 2023) van de NAM wordt in hoofdstuk 7 uitgebreid ingegaan op zowel autonome bodemdaling als de bodemdaling die met de gaswinning samenhangt. Op diverse plekken rondom het voorkomen Oud-Beijerland Noord wordt vanaf 1989 de bodemdaling gemeten. De NAM stelt dat de maximale bodemdaling door gaswinning van het Oud-Beijerland Noord gasveld in het hoge scenario minder dan 4 cm is tussen de start van de productie in 2010 en de beëindiging in 2035. De bodemdaling wordt in dit gebied sinds de nulmeting in 1989, gemeten met een minimale frequentie van 3 jaar. De meest recente bodemdalingsmeting in dit gebied heeft plaatsgevonden in het jaar 2022. Door de gas/oliewinning tot en met 2022 is in totaal minder dan 2 cm bodemdaling veroorzaakt. De NAM beschrijft alleen de gevolgen van de toekomstige ODH851183
3/5
bodemdaling. Aangezien deze onder 2 cm blijft, verwacht de NAM geen negatieve effecten voor gebouwen, bouwwerken en infrastructuur. De metingen laten een variabel beeld zien, voor zowel de metingen buiten de gasvelden als boven de gasvelden. De bodemdaling die niet door gaswinning wordt veroorzaakt (de autonome bodemdaling), ligt voor de periode 19892022 tenminste rond de 2 cm. De gemodelleerde bodemdaling als gevolg van de gaswinning bedraagt ongeveer 2 cm. Deze komt bovenop de autonome daling. In figuur 7-7, uit de rapportage van de NAM van april 2023 wordt een voorspelling gegeven van de totale bodemdaling door gaswinning in 2035 vanaf de start van de winning van de velden in deze regio. De maximale totale bodemdaling in het midden van de bodemdalingskom bedraagt minder dan 4 cm. De toekomstige bodemdaling, dus vanaf 2022 tot einde winning, door gaswinning boven het voorkomen is volgens de prognose minder dan 2 cm. Het advies van TNO-AGE TNO-AGE heeft controleberekeningen uitgevoerd, en komt uit op hetzelfde resultaat als de NAM, een voorspelde nog te verwachten bodemdaling van maximaal 2 centimeter in het diepste punt. Inclusief de al gerealiseerde bodemdaling betekent dit een maximaal te verwachten bodemdaling van 4 centimeter in 2035.
Het advies van SodM SodM sluit zich aan bij de berekening van TNO-AGE en vindt het aannemelijk dat de bodemdaling als gevolg van gaswinning beperkt is en de maximale samengestelde bodemdaling in het Oud Beijerland Noord voorkomen maximaal 4 cm zal zijn. Hiervan is 2 cm toe te schrijven aan toekomstige winning in deze aanvraag. SodM is het met TNO en de NAM eens dat een extra 2 cm bodemdaling geen significant veiligheidsrisico is of schade zal veroorzaken voor gebouwen, bouwwerken en infrastructuur. Advies provincie Zuid-Holland In de onderhavige aanvraag om wijziging van de geldingsduur van het winningsplan wordt ten opzichte van 2017 een duidelijker en vollediger beeld gegeven over de verwachte en daadwerkelijk opgetreden bodemdaling als gevolg van de winning. Er wordt nog een maximale bodemdaling als gevolg van de winning verwacht van minder dan 2 cm. De autonome bodemdaling ligt voor de periode 1989 tot 2022 ook rond de 2 cm. Met de nog verwachte bodemdaling als gevolg van de winning vinden wij het aannemelijk dat de eventuele lokale natuur-, milieu- en omgevingseffecten door bodemdaling en bodembeweging beperkt zullen blijven, indien de hoeveelheid opgepompt water wordt geminimaliseerd. Bijgevolg zullen ook eventuele effecten op aanwezige bebouwing en/of infrastructurele bouwwerken beperkt blijven. 3.
Seismische risico’s Overeenkomstig de geldende richtlijnen heeft de NAM een seismische risicoanalyse (SRA) uitgevoerd. Met behulp van de DHAIS-methodiek is vastgesteld, dat het Oud-Beijerland Noord voorkomen een kans op geïnduceerde bevingen heeft. Conform de richtlijnen heeft de NAM de maximale magnitude van de meest realistische en krachtige aardbeving (Mmax) berekend, op basis van breukgeometrie en energetische balans. Aangezien deze Mmax hoger is dan 2,5, schrijft de leidraad voor om een risicomatrix te creëren waarbij zowel ondergrondse als bovengrondse risicofactoren in ogenschouw worden genomen. Uit deze matrix volgt dat OudBeijerland Noord in de laagste seismische risicocategorie (categorie 1) valt. Advies SodM SodM concludeert dat het voorkomen zich inderdaad in de laagste risicocategorie (categorie 1) bevindt. De bestaande monitoring van seismische activiteit -via het reguliere monitoring netwerk van het KNMI met seismometers en versnellingsmeters is daarmee voor dit voorkomen voldoende. ODH851183
4/5
Advies TNO-AGE TNO-AGE heeft controleberekeningen uitgevoerd en komt tot dezelfde conclusie. Hieruit volgt dat het seismische risico ongewijzigd blijft ten opzichte van het vigerende winningsplan. TNO-AGE komt ook tot de conclusie dat het voorkomen zich in de laagste risicocategorie (categorie 1) bevindt. Advies provincie Zuid-Holland Wij sluiten ons aan bij het advies van SodM en TNO-AGE. 4.Nadelige gevolgen voor het milieu Het gebied ligt niet in de nabijheid van een grondwaterbeschermingsgebied. Het meest dichtbij gelegen Natura2000-gebied is Oude Maas en ligt bovenop het voorkomen. Dit gebied bestaat uit smalle uiterwaarden die het grootste, nog resterende zoetwatergetijdengebied in Nederland vormen. De verwachte totale bodemdaling sinds het begin van de productie blijft bij het voorkomen van Oud-Beijerland Noord onder de 4 cm. Echter, de voorspelde toekomstige bodemdaling als gevolg van de resterende gaswinning uit het Oud-Beijerland voorkomen bedraagt minder dan 2 cm. Volgens de NAM zal deze geringe bodemdaling geen grote invloed hebben op de waterhuishouding en leidt in geen geval tot significante aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden, of tot een significante vermindering van de oppervlakte van het NNN-gebied, of van de samenhang tussen de gebieden. Er zal evenmin sprake zijn van verstoring, verlies of beschadiging van leefgebied van beschermde soorten.
Advies SodM SodM vindt dat de geëvalueerde risico’s met betrekking tot de voorgestelde gaswinning naar verwachting niet bijdragen aan nadelige gevolgen voor het milieu. Wel merkt SodM op dat de waterproductie erg hoog kan zijn. Om de risico's die kunnen voortvloeien uit een mogelijk aanzienlijke waterproductie, effectief te beheersen adviseert SodM het volgende voorschrift in een eventueel besluit op te nemen waarin is verwerkt dat de NAM binnen zes maanden na instemming met het voorliggende winningsplan, een plan zal overleggen over de wijze waarop de hoeveelheid water, dat met de productie meekomt, volgens de best beschikbare techniek zo minimaal mogelijk blijft. Advies Provincie Zuid-Holland Op basis van de geëvalueerde risico’s met betrekking tot de voorgestelde gaswinning zijn er naar verwachting geen nadelige gevolgen voor het milieu. Wij sluiten ons aan bij het advies van SodM om een voorschrift op te nemen.
ODH851183
5/5