CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 - Raadsvoorstel

GEMEENTERAAD 19 juli 2023, gemeente HilversumBij agendapunt: Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 (1255765)5.339 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

VOORSTEL zaaknummer:

1255765

afdelingsnaam:

Leefomgeving

steller:

Marco Maréchal / Marc Dols

telefoonnummer

035 629 2548 / 035 629 2237

onderwerp:

Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040

Voorstel 1. 2. 3.

4.

Het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 vast te stellen en uitvoering te geven aan de voorgestelde maatregelen; De lasten van het programma Wonen en Leven in de Begroting 2023 te verhogen met € 81.451 ten laste van de algemene middelen; Het mobiliteitsfonds in lijn met de algemene doelstelling van deze bestemmingsreserve in zetten voor de verbetering van de bereikbaarheid en, in afwijking van de bestedingscriteria in de verordening, in te zetten voor het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040. Het uitvoeringsprogramma voor 2024-2027 zoals opgenomen in bijlage 2 te verwerken in de Begroting 2024, inclusief de dekking uit het mobiliteitsfonds.

Titel

Toelichting

BEELDVORMING

Beeldvormende sessies

In het kader van het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 zijn twee beeldvormende sessies georganiseerd.

22 maart 2022 10 mei 2022

Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040

Het college biedt het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 aan ter vaststelling door de raad.

Raadscommissie 5 juli 2023

OORDEELSVORMING

BESLUITVORMING

Raadscommissie 5 juli 2023

Gemeenteraad 19 juli

Samenvatting Op 21 april 2021 heeft de gemeenteraad van Hilversum de Mobiliteitsvisie 2040 vastgesteld, getiteld ‘Hilversum: de stad voor groene, duurzame en innovatieve mobiliteit’. Met deze visie heeft de raad zijn ambities bepaald voor het verbeteren van de bereikbaarheid van Hilversum. Na elf deelonderzoeken en tientallen participatiebijeenkomsten zijn deze ambities in de afgelopen twee jaar uitgewerkt in het voorliggende Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 volgens de in november 2021 vastgestelde startnotitie. De input vanuit de deelonderzoeken (zie bijlagen 3 t/m 12) en participatie (zie bijlage 13 t/m 16) zijn vertaald naar elf overeenkomstige deelprojecten en een samenhangende mix van maatregelen. Hiermee wil Hilversum de bereikbaarheid richting 2040 verbeteren en inzetten op groene, duurzame,

innovatieve en veilige mobiliteit. In dit voorstel gaan we op hoofdlijnen in op de opbouw van het programma, de onderliggende doelstellingen, de samenhang met trajecten zoals de Omgevingsvisie en het doorlopen traject rondom communicatie en participatie. Ook doen we een voorstel voor de financiële dekking van het programma en gaan we in op de fasering in de uitvoering.

Inleiding Met de vaststelling van de Mobiliteitsvisie 2040 heeft Hilversum gekozen voor het waarborgen van de bereikbaarheid van de stad. De in de visie vastgestelde doelen zijn uitgewerkt in het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 (zie bijlage 1). Met de mix aan maatregelen uit het Uitvoeringsprogramma zetten we concrete stappen om de doorstroming voor alle vormen van verkeer te verbeteren en te verduurzamen richting 2040: te voet, met de fiets, het openbaar vervoer, deelvervoer en tenslotte de auto. Middels het nieuwe parkeerbeleid – dat gelijktijdig met dit voorstel staat geagendeerd – verlagen we de parkeerdruk in de stad door betaald parkeren tot aan de buitenring in te voeren en wonen boven winkels mogelijk te maken. Om de visie te concretiseren en het Uitvoeringsprogramma op te stellen, is gedurende twee jaar nader onderzoek gedaan en geparticipeerd met inwoners van Hilversum en andere stakeholders. Ook is in het programma uitvoering gegeven aan een aantal aangenomen moties (M21-42 ‘Park en Bike als aanvulling op de Mobiliteitsvisie’, M21-53 ‘Concreet op de korte termijn’, M21-55 ‘Betrek OVHZW’ en M22-119 ‘GOW 30 Beperking geluidsoverlast verlegde centrumring’).

Het voorgestelde maatregelenpakket in het Uitvoeringsprogramma is het resultaat van de Mobiliteitsvisie 2040, de bij de startnotitie gestarte elf deelonderzoeken en de uitgebreide participatie (beschreven in de participatieverslagen in bijlage 13 t/m 16). Bij de deelonderzoeken is voor de maatregelen onderzoek gedaan naar de kosten, effecten, samenhang, ruimtelijke impact en kansen voor vergroening. Ook deze input is in de maatregelen verwerkt. Als gemeente is de invloed op mobiliteit beperkt en zijn we naast keuzevrijheid bij de gebruiker ook afhankelijk van rijksbeleid. Het voor een groot deel van de deelonderzoeken ingeschakelde verkeerskundig bureau Royal HaskoningDHV wijst daarnaast ook op het belang van de onderlinge samenhang tussen de voorgestelde maatregelen en de effectiviteit ervan. Het Uitvoeringsprogramma is een ‘pakket’ en geen opsomming van losse maatregelen omdat de maatregelen in samenhang worden aangeboden. Met investeringen in verkeersveiligheid én in verkeersinnovaties én in duurzame alternatieven voor de auto én in verkeersdoorstromingsmaatregelen én in het verbeteren van de leefbaarheid in wijken en buurten. Voor het realiseren van de doelen uit het Uitvoeringsprogramma is namelijk een totaalaanpak nodig. Een aanpak op slechts een deel van de maatregelen resulteert in een beperkt effect.

Net als bij het aanleggen van een nieuwe weg is een weg pas functioneel als je hem in zijn geheel aanlegt en niet slechts voor de helft (of minder). Pas als voetganger, fiets, openbaar vervoer en deelvervoer ook de ruimte krijgen, zijn de randvoorwaarden aanwezig om de bewoner te verleiden tot een ander mobiliteitsgedrag. Het raadsvoorstel over het nieuwe parkeerbeleid maakt integraal onderdeel uit van het voorliggende voorstel over het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040. Vanwege de complexiteit en omvang van beide voorstellen is ervoor gekozen beide voorstellen gezamenlijk, maar in aparte voorstellen, te agenderen. Beide voorstellen werken in elkaar door; door de maatregelen uit het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 is het immers mogelijk om het parkeerbeleid in Hilversum te wijzigen en tegelijkertijd vraagt het nieuwe parkeerbeleid alternatieve vervoersmogelijkheden. Op deze wijze kan het voorstel gezamenlijk worden besproken en vastgesteld.

Probleemstelling/doel

Het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 is de uitwerking van de Mobiliteitsvisie 2040 in een samenhangend geheel van maatregelen binnen de thema’s groen, duurzaam, innovatief en veilig. Het Uitvoeringsprogramma is onderverdeeld in twee tijdvakken: van nu tot en met 2030 en van 2031 tot 2040. Daarnaast wordt er onderscheid gemaakt tussen uitvoeringsmaatregelen – die direct zijn uit te voeren – en procesmaatregelen waar nog nader onderzoek naar wordt gedaan, of een combinatie daarvan indien tijdens de uitvoering nog nader onderzoek gewenst is.

Keuze in planning Bij het opstellen van het Uitvoeringsprogramma is gekeken wat Hilversum nu nodig heeft om in 2040 groene, duurzame, innovatieve en veilige mobiliteit te realiseren. Zoals eerder aangegeven is het voor de realisatie van de doelen uit de Mobiliteitsvisie noodzakelijk om het gehele pakket aan maatregelen uit te voeren. Het niet of gedeeltelijk uitvoeren van de maatregelen zou niet leiden tot het gewenste resultaat en kan ook de effectiviteit van de overige maatregelen beïnvloeden. Daarnaast zijn de problemen met de bereikbaarheid en doorstroming in Hilversum ook nu al actueel. Het college hecht er daarom belang aan om juist in de komende jaren tot 2027 al meters te maken in de uitvoering van het programma en maatregelen niet naar achteren door te schuiven. Tot 2027 zijn daarom harde keuzes gemaakt in de planning, gekoppeld aan de financiële dekking. Voor de periode na 2027 zijn beperkte personele lasten opgenomen om ontwikkelingen te volgen en voorstellen te doen. Eventuele hiermee extra gemoeide exploitatielasten en investeringen zijn niet opgenomen en worden pas op een later moment nader ingevuld en middels de jaarplannen of een apart voorstel verder vastgesteld. Dit geeft ruimte om op de langere termijn in te spelen op nieuwe ontwikkelingen en beschikbare subsidies bij andere overheden.

Denk daarbij aan maatregelen als fijnmazig vervoer en de verdere uitwerking van de mobiliteit- en logistieke hubs.

Omgevingsvisie Het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 functioneert als uitwerking van de Mobiliteitsvisie 2040 als een van de bouwstenen voor de Omgevingsvisie. Naast het zelfstandig doorlopen participatietraject voor de totstandkoming van dit Uitvoeringsprogramma zijn de inzichten uit de participatiebijeenkomsten voor de Omgevingsvisie ook verwerkt in het programma. Het Uitvoeringsprogramma kan daardoor zowel zelfstandig als in samenhang met de Omgevingsvisie functioneren. Na vaststelling van de Omgevingsvisie is deze leidend voor eventuele aanpassingen in het Uitvoeringsprogramma op een later moment.

Communicatie- en participatietraject Communicatie en participatie zijn essentiële onderdelen bij de totstandkoming van het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040. De participatie bij de Mobiliteitsvisie 2040 (d.d. 22 april 2021) was succesvol en kende een grote respons, onder meer door de inzet op wijksessies. Bij het Uitvoeringsprogramma hebben we hierop voortgebouwd. Net als bij de Mobiliteitsvisie 2040 is er intern en extern geparticipeerd en hebben we gebruikgemaakt van de uitgebreide lijst van stakeholders voor de Mobiliteitsvisie. Met de interne participatie zijn we gestart in het derde kwartaal van 2022, na afronding van de onderzoeken en aansluitend op de participatie van de Omgevingsvisie. De externe participatie heeft plaatsgevonden gedurende het vierde kwartaal van 2022 tot en met het tweede kwartaal van 2023. In totaal zijn er circa 35 bijeenkomsten georganiseerd in wijken en met groepen stakeholders (excl. individuele gesprekken) en zijn deze bezocht door meer dan 500 inwoners en stakeholders.

Argumenten

1.1 De vastgestelde kaders uit de Mobiliteitsvisie 2040: ‘Hilversum de stad voor groene, duurzame en innovatieve mobiliteit’ zijn richtinggevend; De maatregelen uit het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 volgen direct uit de in de Mobiliteitsvisie 2040 vastgestelde kaders en ambities. In het Uitvoeringsprogramma zijn de in de visie vastgestelde doelen van groen, duurzaam, innovatief en veilig verder uitgewerkt. Het doel ‘veilig’ is toegevoegd aan de doelen van de Mobiliteitsvisie conform toezeggingen hierover in het coalitieakkoord en bij de behandeling van motie M22-053 ‘Tandje erbij voor de fiets’. 1.2 Het verbeteren van de bereikbaarheid en doorstroming in Hilversum sluit aan bij de ambities uit het coalitieakkoord; Met het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 zet het college concrete stappen om de doorstroming voor alle vormen van verkeer te verbeteren. Daarbij is aandacht voor de inzet van slimme technologische oplossingen, verkeersveiligheid en deelvervoer.hu 1.3 De maatregelen uit het Uitvoeringsprogramma komen overeen met de ambities en maatregelen die volgen uit de Ontwerp Omgevingsvisie; Bij het opstellen van het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 is een intensieve en goede afstemming geweest tussen beide programma’s en met de opgestelde Ontwerp Omgevingsvisie. In de Omgevingsvisie worden principes ‘STOMP’ geïntroduceerd.

Het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 onderschrijft en ondersteunt deze principes door de mens centraal te stellen en mobiliteit te prioriteren naar te voet, te fiets, het openbaar vervoer, deelvervoer en tenslotte de particuliere auto. De ambities en maatregelen die in dit Uitvoeringsprogramma zijn opgenomen, komen daarom overeen met en ondersteunen de ambities die zijn uitgewerkt in de Omgevingsvisie. 1.4 Ook andere visies en projecten ondersteunen de ambities en maatregelen die zijn opgenomen in het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040; Naast de Omgevingsvisie passen de ambities en maatregelen van het Uitvoeringsprogramma ook in de andere visies en trajecten die zijn of worden ontwikkeld. Zo heeft er afstemming plaatsgevonden met vastgestelde stukken als het Economisch Perspectief 2040, de Woonvisie, Programma Groen en de Visie Sociaal Domein. Ook is gekeken waar de ambities uit dit programma overeenkomen met de ambities uit andere projecten en nog vast te stellen beleidsdocumenten, zoals Arenapark, Spoorgebied, het Fietsplan, de Visie Openbare Ruimte en de Sportnota. 1.5 Het Uitvoeringsprogramma geeft tevens uitvoering aan een aantal moties en toezeggingen; Naast de in het Uitvoeringsprogramma verwerkte amendementen geeft het Uitvoeringsprogramma ook uitvoering aan een aantal openstaande moties en toezeggingen: -

M21-42 ‘Park en Bike als aanvulling op de Mobiliteitsvisie’: Bij het opstellen van het Uitvoeringsprogramma zijn gesprekken gevoerd met de werkgevers op het Media Park voor het realiseren van een Park & Bike op het Media Park. Op basis van de gesprekken wordt in het Uitvoeringsprogramma ingezet op het stimuleren van ketenmobiliteit, waarbij gebruik wordt gemaakt van een combinatie van wandelen, fietsen, openbaar vervoer, deelvervoer en de privéauto. Het faciliteren van deelfietsen maakt hier onderdeel van uit.

-

M21-53 ‘Concreet op de korte termijn’: Het verbeteren van de doorstroming en bereikbaarheid van de Diependaalselaan en de Johannes Geradtsweg is een belangrijke doelstelling uit de Mobiliteitsvisie (A21-40 ‘Mobiliteitsvisie’). Er heeft een expertmeeting plaatsgevonden en in het Uitvoeringsprogramma is een short list opgenomen van mogelijke maatregelen voor het verbeteren van de doorstroming op de Johannes Geradtsweg en de Diependaalselaan. Vooruitlopend op het Uitvoeringsprogramma zijn op de Johannes Geradtsweg de VRI's

vervangen door de iVRI's. De maatregelen uit het Uitvoeringsprogramma bouwen hierop voort. Enerzijds door de toepassing van iVRI's verder uit te breiden. Anderzijds door in te zetten op en het stimuleren van alternatieve vervoersopties om zo het aantal vervoersbewegingen op deze wegen te verminderen. -

M21-55 ‘Betrek OVHZW’: Bij het opstellen van het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 is een breed participatietraject doorlopen waarin met vele stakeholders is gesproken. Ook de Ondernemersvereniging Hilversum Zuidwest is bij deze gesprekken betrokken geweest. Specifiek is daarbij gesproken over mobiliteitshubs, slimme mobiliteitsoplossingen, fijnmazig vervoersnetwerk, deelvervoer en de mogelijkheden om de in- en uitgaande pendel op het bedrijventerrein te verkleinen.

-

M22-119 ‘GOW 30 Beperking geluidsoverlast verlegde centrumring’: In navolging op A21/46 ‘Sneller aan de slag met de Autoluwe binnenstad' is in het Uitvoeringsprogramma voorgesteld op welke manier de autoluwe binnenstad kan worden gerealiseerd. Daarbij is ook aandacht voor de beperking van geluidsoverlast door bij het verleggen en ontwerpen van de verlegde centrumring rekening te houden met het voorkomen van geluidsoverlast.

-

T22/65 ‘Planning voor A22/82 ‘Verkeersveiligheid rondom scholen en Sportvoorzieningen’ en T22/74 ‘Mogelijkheden onderzoeken wat binnen bestaande capaciteit mogelijk is’: In het participatietraject is ook uitvoerig gesproken met de wijken en besturen van scholen en sportvoorzieningen om de verkeersveiligheid rondom deze locaties te verbeteren. Als onderdeel van het Uitvoeringsprogramma wordt door het college in 2024 een Actieplan Verkeersveiligheid bij Scholen en Sportparken vastgesteld. Het actieplan is erop gericht om met scholen en sportparken die daar behoefte aan hebben samenwerkingsconvenanten aan te gaan. Scholen en sportparken kunnen deze convenanten vervolgens gebruiken om het gesprek met ouders aan te gaan. Daarbij beginnen we met locaties die nu prioriteit hebben zoals sportpark Crailoo, Dr. H. Bavinckschool, GBS De Wegwijzer en de Wilgetoren. Het actieplan wordt verder uitgewerkt en met de raad gedeeld. In de convenanten staan afspraken met scholen over verkeerseducatie en het stimuleren van fietsgebruik zodat kinderen veilig en zelfstandig van en naar de locaties kunnen komen, wat het autogebruik terugdringt. Waar nodig worden afspraken gemaakt over fysieke ingrepen zoals het inrichten van schoolstraten.

-

T22/72 ‘Ruimhartige uitvoering ‘A21/92 ‘Voor Nixx met de bus’’’: Door het stimuleren van het openbaar vervoer verlagen we het autogebruik en daarmee de druk op het vervoersnetwerk in onze stad. Om dit te stimuleren herintroduceren we ‘Voor Nixx met de bus’ als onderdeel van het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040. Daarbij kunnen alle minima-ouderen (vanaf de AOW-gerechtigde leeftijd en minder dan 130% van het sociaal minimum) gedurende twee jaar doordeweeks na 9.00 uur en in het weekend gratis gebruikmaken van de bus.

-

De Mobiliteitsvisie 2040 is bij behandeling aangevuld met nog een amendement, namelijk: A21/45 ‘Sneller aan de slag met de Gijsbrecht’. Voor het winkelgebied Gijsbrecht wordt een individueel traject doorlopen voor de herinrichting van het gebied.

Met het vaststellen van het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 beschouwen we bovenstaande moties en toezeggingen als afgedaan. T22/30 wordt afgedaan middels het gelijktijdig geagendeerde voorstel over het nieuwe parkeerbeleid. M22/53 en T22/27 worden nader uitgewerkt in het fietsplan dat in Q3 2023 ter besluitvorming wordt voorgelegd. 1.6 Jaarlijks worden de voortgang, ambities en financiën gedeeld middels monitoring en jaarplannen; Het Uitvoeringsprogramma zet de kaders voor de uitvoering van de Mobiliteitsvisie 2040. Middels monitoring en jaarplannen worden de voortgang en effecten van het Uitvoeringsprogramma bijgehouden. Ook worden daarin eventuele wijzigingen en effecten op de financiën opgenomen.

1.7 Vaststelling van een begrotingswijziging is een bevoegdheid van de raad; Aangezien de Voorjaarsnota 2023 al is vastgesteld, wordt voor het lopende begrotingsjaar in dit voorstel een begrotingswijziging voorgelegd. In de Voorjaarsnota 2023 is reeds aangekondigd dat het Uitvoeringsprogramma van de Mobiliteitsvisie voor de zomer ter besluitvorming aan de raad wordt voorgelegd. 1.8 Het mobiliteitsfonds is een bestemmingsreserve die in 2019 middels een verordening is ingesteld. Het mobiliteitsfonds heeft tot doel het parkeren in brede zin te accommoderen en de bereikbaarheid van de gemeente Hilversum te vergroten. In de verordening is bepaald dat het mobiliteitsfonds wordt ingezet ten behoeve van buurten waar de parkeerdruk hoger is dan 80% en voor maatregelen die leiden tot een aantoonbare verbetering van de parkeersituatie. Het zijn voornamelijk parkeervoorzieningen én het verbeteren van openbaarvervoer- en fietsverbindingen waarvoor het mobiliteitsfonds mag worden ingezet. Daarnaast kan het college de raad een voorstel doen voor de aanwending van het mobiliteitsfonds voor bestedingsdoeleinden die afwijken van de voorwaarden in de verordening. Het college stelt voor om het mobiliteitsvraagstuk in de bredere context van de opgave op het terrein van de mobiliteit in te zetten.

Een deel van de kosten voor het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 kan zo uit het mobiliteitsfonds worden gedekt; niet alleen voor parkeervoorzieningen in gebieden met een hoge parkeerdruk, maar ook voor bestedingen in verkeer, vervoer en openbare ruimte in Hilversum met als doel de mobiliteit in de stad in zijn algemeenheid te verbeteren. Dit sluit aan bij het algemene doel zoals deze is vastgelegd in de verordening.

Kanttekeningen 1.1 De haalbaarheid van de maatregelen is afhankelijk van de inzet van en cofinanciering door partners; Voor de uitvoering van een deel van de maatregelen uit het Uitvoeringsprogramma zijn we afhankelijk van onze partners. Zo zijn er verschillende maatregelen die aanspraak kunnen maken op subsidies van de provincie Noord-Holland of het Rijk. Ook zijn we voor de (door)ontwikkeling van OVknooppunten afhankelijk van de inzet door partijen als ProRail, de NS of Transdev/Connexxion. In de berekening van de kosten zijn deze subsidies nog niet meegerekend. Indien subsidies worden toegekend, betekent dit dat de kosten dalen. 1.2 De geraamde kosten kunnen hoger uitvallen als gevolg van stijgende kosten voor materiaal, brandstof en personeel; Als gevolg van ontwikkelingen wereldwijd zijn de kosten gestegen voor materiaal, brandstof en personeel. Onzeker is of deze stijging afvlakt of zich verder doorzet. De geraamde kosten voor de uitvoering van het programma zijn berekend met de actuele prijzen. Tijdens de uitvoering van het Uitvoeringsprogramma worden uitvoeringskosten geraamd met de dan geldende prijzen.

1.3 In de verordening op het mobiliteitsfonds is bepaald dat deze reserve is bestemd voor parkeervoorzieningen en verbetering van openbaarvervoer- en fietsverbindingen; De inzet en besteding van gelden moet een aantoonbare verbetering van de parkeersituatie tot gevolg hebben op in ieder geval die momenten dat de parkeerdruk hoog is. In de verordening worden vooral parkeervoorzieningen genoemd. Gelden worden alleen ingezet ten behoeve van buurten waar de parkeerdruk op één of meerdere momenten hoger is dan 80%. De bestedingen voor het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 vallen niet binnen deze krappe afbakening van de bestedingscriteria (zie ook argument 1.8). 1.4 In de Voorjaarnota 2023 is het uitvoeringsprogramma van de Mobiliteitsvisie aangekondigd, maar niet financieel vertaald. Het Uitvoeringsprogramma komt grotendeels ten laste van de algemene middelen. De vaststelling

van het uitvoeringsplan betekent dat het financiële beeld voor de begroting, zowel voor 2023 als 2024 - 2027, wijzigt ten opzichte van de voorjaarsnota. Met het vaststellen van de Voorjaarsnota 2023 was de begroting voor 2023 sluitend. De vaststelling van de voorgestelde begrotingswijziging gaat daarmee ten laste van de algemene middelen. Een eventueel negatief resultaat aan het einde van het jaar komt ten laste van de algemene reserve. De financiële vertaling van het uitvoeringsprogramma voor de jaren 2024-2027 is onderdeel van de besluitvorming over de Begroting 2024.

Financiën, middelen & capaciteit Om de maatregelen uit het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 te realiseren zijn middelen nodig. Ten eerste is incidenteel budget nodig om de projecten te plannen, te communiceren en om deze samen met de stakeholders op te starten. Deze projecten vragen om investeringen door de gemeente. Ook zijn er subsidies beschikbaar bij onder andere het Rijk en de provincie. Er wordt actief ingezet op het verkrijgen van deze subsidies om zo de kosten van de investeringen te verlagen. Om de extra investeringen uit te kunnen voeren, is in ieder geval tot en met 2040 extra capaciteit nodig. Zonder extra personele capaciteit kunnen de ambities de komende planperiode niet worden gerealiseerd of blijven deze sterk achter op de planning en worden beschikbare middelen niet benut. Het Uitvoeringsprogramma heeft een lange looptijd. In dit raadsvoorstel worden besluiten voorgelegd tot en met 2027. De financiële consequenties 2024 - 2027 worden na vaststelling van het Uitvoeringsprogramma door de raad meerjarig verwerkt in de Begroting 2024. In komende jaren worden de financiën van het Uitvoeringsprogramma als onderdeel van de reguliere P&C cyclus bij de voorjaarsnota en/of begroting geactualiseerd en ter besluitvorming aan de raad voorgelegd. Investeringen De investeringsbedragen in het Uitvoeringsprogramma betreffen de maximale investeringen.

Het totaal van de investeringen voor de hele looptijd van het programma bedraagt € 7,3 miljoen. Er zijn echter diverse landelijke en provinciale subsidieregelingen waar zoveel als mogelijk gebruik van gemaakt zal worden. De uitwerking hiervan is onderdeel van de planning en voorbereiding van alle projecten. Het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 loopt tot 2040. Voor de periode tot met 2027 bedraagt het totaal aan investeringen € 4,8 miljoen (zie tabel 1). Tabel 1. Overzicht investeringen Investering t/m 2027

Investering totaal

200.000

200.000

1.000.000

1.000.000

250.000

250.000

250.000

300.000

300.000

100.000

100.000

100.000

2023

2024

2025

2026

2027

1. Realiseren van een autoluwe binnenstad Bussummerstraat auto te gast Autoluw 30 km invoering

200.000 250.000

2. Verbeteren van de ontsluiting van de randwegen en uitbreiden 30km-zones Randwegen

2.000.000

3.000.000

Extra fietsparkeerplekken

300.000

400.000

Optimaliseren wandel- en fietspaden

275.000

400.000

Veilig naar school en sportvelden

400.000

700.000

1.000.000

1.000.000

100.000

100.000

150.000

125.000

100.000

100.000

3. Betere faciliteiten voor langzaam vervoer

5. Realisatie van deelvervoer, onder meer bij de OV-knooppunten OV-knooppunten 6. Bepalen van zero-emissiezones

-

1.000.000

100.000

100.000

100.000

Zero-emmissiezones Totaal Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040

Investering t/m 2027

Investering totaal

300.000

300.000

4.775.000

7.300.000

2023

2024

-

450.000

2025

550.000

2026

2027

150.000

150.000

2.050.000

1.725.000

Bovenstaande investeringen kunnen worden bekostigd uit vastgestelde investeringsbedragen in het Investeringsprogramma. Het gaat om twee investeringen die nog niet zijn vrijgegeven door de raad en waarvoor de raad nog een besluit voor de nadere invulling te worden gedaan dient te worden voorgelegd. Het betreft de investering van € 4,5 miljoen ‘Divers (w.o. auto te gast, fietspaden, van Linschotentunnel’ uit het IP 2023 en de investering van netto € 3 miljoen voor de verbetering van de doorstroming op de Ringweg-Noord uit het IP 2021. Deze laatste investering was voor de realisatie van een fiets- voetgangersbrug over het spoor op Johannes Geradtsweg. Na het besluit van het college om af te zien van de aanleg van deze brug is dit investeringsbedrag beschikbaar voor andere maatregelen die de doorstroming op de Ringweg-Noord bevorderen zoals is afgesproken in het coalitieakkoord. Exploitatie De totale lasten voor de begroting bedragen € 81.000 in 2023 en lopen op tot maximaal € 0,85 miljoen in 2026. De financiële gevolgen voor de begroting (exploitatie) zijn onder te verdelen in kosten voor formatie, kapitaallasten en overige kosten voor de verschillende (deel)projecten. Een deel van de incidentele kosten kunnen worden gedekt uit het mobiliteitsfonds. De financiële effecten voor de begroting tot en met 2027 zijn weergegeven in tabel 2. Tabel 2.

Samenvattend overzicht van de financiën voor de begroting tot en met 2027. 2023

2024

2025

2026

2027

81.451

507.650

532.650

532.650

407.473

Exploitatie overig

-

270.000

532.500

542.500

342.500

Dekking mobiliteitsfonds

-

-110.000

-222.500

-222.500

-

Kapitaallasten

-

-

51.300

105.370

224.449

Dekking kapitaallasten uit investeringsprogramma

-

-

-51.300

-105.370

-224.449

81.451

667.650

842.650

852.650

749.973

Exploitatie formatie

Het mobiliteitsfonds biedt voldoende dekking (zie tabel 3). Het fonds is in tien jaar tijd gegroeid naar een omvang van afgerond € 1,2 miljoen. Het betreft door projectontwikkelaars betaalde compensatie voor het niet voldoen aan de parkeernorm. Tabel 3. Overzicht onttrekkingen aan het Mobiliteitsfonds voor het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 2024

2025

2026

Stand van het Mobiliteitsfonds (begin van het jaar)

897.000

775.000

465.500

Reeds begrote onttrekkingen

-12.000

-62.000

-62.000

Inzet voor Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 1

Autoluw

-20.000

-20.000

-20.000

2

Randwegen

-50.000

-25.000

-25.000

4

Realisatie van ketenmobiliteit en OV-knooppuntenontwikkeling

-12.500

-12.500

5

Realisatie van deelvervoer onder meer bij de OV-knooppunten

-25.000

-25.000

-25.000

8

Samenwerken met bedrijven en verkleinen in-en uitgaande pendel

-15.000

10

Invoeren van een fijnmazig vervoersnetwerk (Voor Nixx met de bus) Stand van het Mobiliteitsfonds (eind van het jaar)

775.000

-15.000

-15.000

-125.000

-125.000

490.500

206.000

Formatie De kosten voor formatie zijn de eerste jaren het hoogst en starten al in 2023 (zie tabel 4). In 2024 bedragen de kosten € 508.000. In 2025 en 2026 bedragen de kosten € 533.000. Daarna dalen de kosten. Deels doordat kosten zijn toe te rekenen aan de investeringen en deels omdat de formatie verlaagd kan worden omdat de werkzaamheden zijn afgerond. Vanaf 2030 t/m 2040 bedraagt het voorstel voor formatie-uitbreiding € 218.000. Dit bedrag bestaat uit € 188.000 voor programma-management en projectleiding en € 30.000 voor de vergunningverlening en het beheer van de laadpalen. De kosten voor deze extra capaciteit zijn onderdeel van het totaal van de financiën voor het Uitvoeringsprogramma. Tabel 4. Overzicht formatie-uitbreiding Omschrijving

Aantal fte, duur en dekking

1. Programmamanager

1 fte, 2023 t/m 2040, deels gedekt uit coalitieakkoord

2. Projectleider

1 fte 2023, 2 fte 2024/2025, 2 fte 2026. Waarbij vanaf 2026 1 fte wordt toegerekend aan investeringen

3. Inregelen iVRI’s en monitoringsysteem

1 fte voor 2024 t/m 2028

4. Beleidsmedewerker beleid hybride werken/veilig naar school

1 fte voor 2024 t/m 2030

5. Beheer laadpalen (aanvragen/klachten)

1 fte structureel, deels dekking uit coalitieakkoord

6. Verkeerskundig ontwerper

1 fte, vanaf 2023 structureel

7. Landschapsontwerper

0,4 fte, toe te rekenen aan investeringen

8. Werkvoorbereider

1 fte, toe te rekenen aan investeringen

9. Toezicht en directievoering

1 fte, toe te rekenen aan investeringen

Kapitaallasten De kapitaallasten van de investeringen in het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 kunnen worden gedekt middels de reeds begrote kapitaallasten van investeringen uit die reeds zijn vastgesteld in Investeringsprogramma 2021 en 2023. Zie de toelichting op de investeringen hierboven. Overige kosten Deze kosten zijn het hoogst in 2025 en 2026 en bedragen € 0,5 miljoen. Vanaf 2027 dalen deze kosten naar gemiddeld € 0,2 miljoen voor de jaren tot en met 2040 (zie tabel 2). Tot slot In bijlage 2 is het totaal van de benodigde budgetten voor het Uitvoeringsprogramma opgenomen. In tabel 5 hieronder staat een overzicht van de benodigde budgetten tot en met 2027. Voor de uitvoering van het programma is het van belang om de budgetten voor de komende jaren vast te leggen. Tegelijkertijd wordt er een doorkijk gegeven tot 2040 en daarmee het totaal van de uit te voeren plannen. Hiervoor geldt een zekere mate van onzekerheid, daar waar het latere jaren richting 2040 betreft. Zoals hiervoor beschreven, wordt nog geen rekening gehouden met de mogelijk te ontvangen subsidies. Het is een indicatie op basis van het nu geldende prijspeil 2023 en de huidige kennis van zaken en middelen. Het afgelopen jaar was er sprake van een zeer hoge inflatie, waardoor ook vele grondstoffen duurder zijn geworden. Het is nog onzeker hoe zich dit de komende jaren ontwikkelt.

Tabel 5. Overzicht van de financiën per deelproject

0 Programma/Projectmanagement Exploitatie

2023

2024

2025

2026

2027

106.451

313.079

313.079

313.079

212.902

-25.000

-25.000

Investering Formatie

Coalitieakkoord

-25.000

1 Realiseren van een autoluwe binnenstad Bussummerstraat auto te gast

Investering Dekking

Autoluw

30 km invoering

200.000

9.467

IP (Divers; auto te gast, fietspaden enz)

Investering

-9.467 1.000.000

Dekking

IP (Divers; auto te gast, fietspaden enz)

Exploitatie

Overig

Dekking

Mobiliteitsfonds

Investering

28.500

56.650

84.450

-28.500

-56.650

-84.450

20.000

20.000

20.000

20.000

-20.000

-20.000

-20.000

11.400

22.660

33.780

-11.400

-22.660

-33.780

300.000

2 Verbeteren ontsluiting van de randwegen en uitbreiden 60 km/u-zones Randwegen

Investering

3.000.000

34.000

Dekking

Krediet Bereikbaarheid mediapark

Exploitatie

Overig

50.000

25.000

25.000

Dekking

Mobiliteitsfonds

-50.000

-25.000

-25.000

-34.000

3 Betere faciliteiten voor langzaam vervoer Extra fietsparkeerplekken

Optimaliseren wandel- en fietspaden

Investering Dekking

IP (Divers; auto te gast, fietspaden enz)

Exploitatie

Overig

Dekking

Coalitieakkoord

Investering Dekking

Veilig naar school en sportvelden

400.000

3.400

-6.772 10.000 -50.000

10.000

-50.000

400.000

5.100

IP (Divers; auto te gast, fietspaden enz)

Investering

6.772

-5.100 700.000

11.400

22.660

33.780

-11.400

-22.660

-33.780

Dekking

IP (Divers; auto te gast, fietspaden enz)

Exploitatie

Overig

60.000

60.000

60.000

60.000

Exploitatie

Formatie

50.089

50.089

50.089

50.089

12.500

12.500

12.500

4 Realisatie van ketenmobiliteit en OV-knooppuntenontwikkeling Exploitatie

Overig

Dekking

Mobiliteitsfonds

Exploitatie

Formatie

-12.500

-12.500

50.089

50.089

50.089

50.089

25.000

5 Realisatie van deelvervoer, onder meer bij de OV-knooppunten

OV-knooppunten

Exploitatie

Overig

25.000

25.000

25.000

Dekking

Mobiliteitsfonds

-25.000

-25.000

-25.000

Investering

IP (Divers; auto te gast, fietspaden enz)

Dekking

IP

1.000.000

6 Bepalen van zero-emissiezones Investering

300.000

Dekking

IP (Divers; auto te gast, fietspaden enz)

Exploitatie

Overig

7 De gefaseerde realisatie van drie logistieke hubs

17.100 -17.100 50.000

50.000

50.000

50.000

2023 Exploitatie

Overig

2024

2025

2026

100.000

100.000

50.000

2027

8 Samenwerken met bedrijven en verkleinen in- en uitgaande pendel Exploitatie

Overig

15.000

15.000

15.000

Dekking

Mobiliteitsfonds

-15.000

-15.000

-15.000

15.000

9 Parkeerbeleid inclusief normen en laadpalen Uitbreiden laadpalen

Exploitatie

Formatie

79.393

79.393

79.393

79.393

Dekking

Coalitieakkoord

-50.000

-50.000

-50.000

-50.000

10 Invoeren van een fijnmazig vervoersnetwerk Voor Nixx met de bus

Exploitatie

Overig

150.000

150.000

Dekking

Mobiliteitsfonds

-125.000

-125.000

Dekking

Coalitieakkoord

-25.000

-25.000

90.000

90.000

90.000

150.000

150.000

150.000

842.650

852.650

749.973

11 De mogelijkheden van slimme mobiliteit-iVRI's inclusief sensoren iVRI's

Exploitatie

Formatie

Explotaitie

Overig

Totaal Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040

90.000

7.300.000

81.451

667.650

Tussentijdse begrotingswijziging van de Begroting 2023 Om dit jaar te kunnen starten met de eerste onderzoeken en voorbereiding van projecten is er voor 2023 budget nodig. Het betreft de verhoging van het salarisbudget voor de dekking van de kosten van een programmamanager, een projectleider en een verkeerskundig ontwerper. In totaal gaat het om een bedrag van € 106.451. Dit is bedrag is berekend op basis van het aantal resterende maanden in 2023. De voorgestelde wijziging van de begroting in 2023 is structureel. De kosten voor 2024 en de daaropvolgende jaren worden in meerjarig in de Begroting 2024 verwerkt.

Uitvoering Na vaststelling van het Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 worden de verschillende maatregelen volgens planning uitgevoerd. Projectmaatregelen worden vertaald naar projectplannen en verder uitgewerkt. Procesmaatregelen worden nader onderzocht en komen middels een uitgewerkt voorstel terug in de raad ter besluitvorming. In het Uitvoeringsprogramma is onderscheid gemaakt tussen de periode tot en met 2030 en de periode tussen 2031 en 2040. Afhankelijk van de uiteindelijk verkregen subsidies bij provincie, Rijk of Europa kan de planning of prioritering in de projecten nog wijzigen. Voor de periode tussen 2031 en 2040 volgt in 2030 een aangepast Uitvoeringsprogramma. De raad wordt via de P&C cyclus geïnformeerd over de voortgang van de projecten. Ook worden de doelstellingen uit de Mobiliteitsvisie opgenomen in de Omgevingsmonitor.

Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris,

de burgemeester,

mr. C.P. Torres Barrera

dr. ir. G.M. van den Top

Bijlage(n) 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 11A. 12. 13. 14. 15. 16.

Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 Financiën Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 Deelonderzoek 1 – Fijnmazig vervoer Deelonderzoek 2 en 3 – Ketenmobiliteit, ov-knooppunten en deelvervoer Deelonderzoek 4 – Hilversum connected hubs Deelonderzoek 5 – Langzaam verkeer Deelonderzoek 6 – Hilversum autoluwe binnenstad Deelonderzoek 7 – Randwegen Deelonderzoek 8 – Parkeren Deelonderzoek 9 – 50 naar 30 km/u Deelonderzoek 10 - Rapportage milieuzone ZE-zone Deelonderzoek 10 - SPES Hilversum Deelonderzoek 11 - Verkenning hybride werken Communicatieplan Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040 Verslagen participatiebijeenkomsten Verslag expertbijeenkomst randwegen Verwerking participatieopbrengst Uitvoeringsprogramma Mobiliteitsvisie 2040

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=90606f6d-faf8-4efc-8a32-b5679846d309