Raadsvoorstel bijlage 9 Chw-bestemmingsplan regels inclusief voorgestelde wijzigingen
Tekst van het document
Veiligheidszone - vervoer gevaarlijke stoffen
14.4.1 Omschrijving gebiedsaanduiding Ter plaatse van de aanduiding 'veiligheidszone – vervoer gevaarlijke stoffen' zijn de gronden, behalve voor de andere daar aangewezen bestemmingen, tevens bestemd voor een veiligheidszone in verband met het vervoer van gevaarlijke stoffen, een en ander ter bescherming van de veiligheid van personen en goederen. 14.4.2 Bouwregels In afwijking van het bepaalde bij de andere aangewezen bestemmingen zijn in of op de in 14.4.1 aangewezen gronden geen nieuwe beperkt kwetsbare objecten en kwetsbare objecten toegestaan. 14.4.3 Afwijken van de bouwregels a. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd af te wijken van het bepaalde in 14.4.2 voor de bouw of aanleg van nieuwe 'beperkt kwetsbare objecten' en/of 'kwetsbare objecten', mits de veiligheid van personen en goederen duurzaam en voldoende is gewaarborgd. b. ten behoeve van de besluitvorming over de afwijking zoals bedoeld in 14.4.3 onder a. overlegt de aanvrager (van de afwijking) een rapport van een (externe veiligheids)milieudeskundige en/of de
vastgesteld bestemmingsplan Stationsgebied 2022 team Advies
32
brandweer aan het college van burgemeester en wethouders, waarin in ieder geval advies wordt gegeven over de (externe) veiligheidsaspecten die verband houden met de bouw en het gebruik van 'beperkt kwetsbare objecten' en/of 'kwetsbare objecten' (c.q. het verlenen van de afwijking) en de eventueel te treffen maatregelen die nodig zijn in het belang van de veiligheid van personen en goederen. c. de ontheffing genoemd onder 14.4.3 onder a. wordt uitsluitend verleend indien is aangetoond dat de veiligheid van personen en goederen duurzaam en voldoende wordt gewaarborgd (door het treffen van veiligheidsmaatregelen), hetgeen moet blijken uit het rapport van de (externe veiligheids)milieu-deskundige.
vastgesteld bestemmingsplan Stationsgebied 2022 team Advies
33
Artikel 15
Algemene afwijkingsregels
Burgemeester en wethouders kunnen door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van de regels van dit bestemmingsplan voor: a. afwijkingen van maten (waaronder percentages) met ten hoogste 10%, met dien verstande dat hoogtematen met niet meer dan 2,00 meter mogen worden overschreden; b. overschrijding van bouwgrenzen, niet zijnde bestemmingsgrenzen, tot maximaal 2,00 meter, voor zover zulks van belang is voor een technisch, verkeerskundig of stedenbouwkundig betere realisering van bestemmingen of bouwwerken dan wel voor zover zulks noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein, mits de totale hoeveelheid (volgens de betreffende regel) toegestane m² bruto vloeroppervlak gelijk blijft; c. de bouw van bouwwerken ten behoeve van nutsvoorzieningen, zoals transformatorhuisjes, gemaalgebouwtjes, gasdrukregel- en meetstations, telefooncellen en abri's; d. de bouw van bouwwerken die ten behoeve van waterstaatkundige of verkeerstechnische redenen noodzakelijk zijn, zoals duikers en verkeerssluizen, mits de inhoud niet groter is dan 60 m³, de goothoogte niet meer mag bedragen dan 3,00 meter en de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 4,50 meter; e. voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van straatmeubilair, kunstobjecten, informatievoorzieningen en/of reclame, mits de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 5,00 meter.
vastgesteld bestemmingsplan Stationsgebied 2022 team Advies
34
Hoofdstuk 4 Artikel 16 16.1
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
16.1.1 Algemeen a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Het bepaalde onder lid a. is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 16.1.2 Afwijken bij omgevingsvergunning Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde in artikel 16.1.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in 16.1.1 met maximaal 10%.
16.2
Overgangsrecht gebruik
a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van dit bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet; b. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld onder lid a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met het plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind; c. Indien het gebruik, bedoeld onder lid a, na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit daarna te hervatten of te laten hervatten; d. Het bepaalde onder lid a. is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsregels van dat plan.
vastgesteld bestemmingsplan Stationsgebied 2022 team Advies
35
Artikel 17
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Stationsgebied 2022' van de gemeente Hilversum.
vastgesteld bestemmingsplan Stationsgebied 2022 team Advies
36