Raadsonderzoek Wmo en welzijn Hilversum - Raadsvoorstel
Tekst van het document
VOORSTEL datum:
24 december 2021
zaaknummer:
1086291
afdelingsnaam:
Griffie Begeleidingsgroep raadsonderzoek Wmo en welzijn, de leden Gerben van Voorden (voorzitter), Marleen Remmers, Freek Reijmerink en Jacqueline Kalk Raadsonderzoek WMO en Welzijn Hilversum
steller: onderwerp:
Voorstel 1. De conclusies en aanbevelingen uit het raadsonderzoek Wmo/Welzijn te onderschrijven. 2. Het college op te dragen om: a. In 2022 na start van de nieuwe raad tot samenhang tussen alle beleids- en uitvoeringsplannen in het Wmo- en welzijnsbeleid te komen en waar nodig de uitvoering van dit beleid opnieuw in te richten. b. Bij het voorleggen van elk nieuw of te herzien lokaal en regionaal Wmo-beleidskader te zorgen voor een goede kwaliteit van de stukken. In de bijlage (2) bij dit raadsvoorstel zijn daartoe kwaliteitseisen opgenomen waarmee een goede kwaliteit van de stukken is gewaarborgd. c. Bij het voorleggen van elk nieuw of te herzien lokaal en regionaal Wmo-beleidskader te voldoen aan de processtappen ter waarborging van een goed proces van beleids- en besluitvorming zoals beschreven in bijlage 2 van dit raadsvoorstel. d. De raad via de reguliere planning- en controlcyclus te informeren over de voortgang van het nieuwe beleid op de wijze zoals afgesproken bij de vaststelling van het beleid. Indien nodig voorziet het college de raad van voorstellen met keuzemogelijkheden voor een aangepaste uitvoering van de Wmo en welzijn om de doelen te realiseren. e.
De raad in het kader van de actieve informatieplicht via een raadsinformatiebrief direct te informeren bij (1) financiële afwijkingen van meer dan € 250.000 euro (2) wetswijzigingen die van invloed zijn op de Wmo en welzijn en (3) actuele situaties in de samenleving en uitvoering die directe gevolgen hebben op de doelen, uitvoering en resultaten van het Wmo- en welzijnsbeleid. 3. College, griffie en agendacommissie op te dragen te zorgen voor een proces waarin gewaarborgd wordt dat: a. Het proces van de beleidsvorming voldoet aan alle proces- en inhoudelijke kwaliteitseisen zoals geformuleerd bij punt 2b en 2c. b. Het college voldoet aan de proces- en kwaliteitseisen waar het gaat om het informeren van de raad over de voortgang van de uitvoering van het beleid zoals genoemd bij 2d. c. Het college voldoet aan de actieve informatieplicht zoals genoemd bij 2e. d. De griffie stelt aan de hand van een toetsing van de stukken aan de kwaliteitseisen objectief vast of wordt voldaan aan de genoemde eisen. Als hieraan op enig punt niet wordt voldaan, besluit de agendacommissie dat de stukken niet in behandeling worden genomen voordat voldaan is aan de kwaliteitseisen. 4. De raad evalueert in mei 2023 de uitvoering van dit raadsvoorstel aan de hand van de volgende punten van evaluatie: a.
De toepassing van de kwaliteitseisen voor het proces van beleidsvorming zoals genoemd bij punt 2b en 2c.
b. De toepassing van de kwaliteitseisen waar het gaat om het informeren van de raad over de voortgang van de uitvoering van het beleid zoals genoemd bij punt 2d. c. De toepassing van de actieve informatieplicht door het college zoals genoemd bij punt 2e. d. De mate waarin de toepassing van de genoemde punten bij 4a, 4b en 4c heeft geleid tot grip en sturing op de Wmo en welzijn.
Samenvatting De logische samenhang tussen doelen, uitvoering en resultaten in het Hilversumse Wmo- en welzijnsbeleid ontbreekt, de kwaliteit van de doelen en als gevolg daarvan de verantwoording is onder de maat. Dat is de hoofdconclusie uit het raadsonderzoek Wmo en Welzijn. Het ontbreekt aan de duidelijk lokaal Hilversumse beleidscyclus op het gebied van Wmo en welzijn. Niet duidelijk is wanneer de raad tevreden kan zijn met het doelbereik van Wmo en welzijn. De Hilversumse raad stelt weinig concrete uitgangspunten en doelen vast met vaak ontbrekende meetpunten en streefwaarden. De gevolgen hiervan zijn groot. Het politieke debat vindt onvoldoende plaats op de inhoud mede als gevolg van het niet voorleggen van verschillende scenario’s of keuzen. Als raadsleden willen controleren of het beleid tot de gewenste resultaten leidt, blijkt dit niet goed mogelijk. Immers op vage doelen, uitgangspunten of ambities is geen duidelijke verantwoording mogelijk. De aanbevelingen uit het onderzoek hebben betrekking op het wegnemen van de oorzaken van de hoofdconclusie. De aanbevelingen richten zich op het versterken van de kaderstellende en controlerende rol van de raad en de ondersteuning die daarbij vanuit het college, de ambtelijke organisatie en de griffie nodig is. De aanbevelingen zijn verwerkt in het raadsvoorstel.
Voor een uitgebreide onderbouwing en de conclusies en aanbevelingen wordt verwezen naar het onderzoeksrapport in de bijlage.
Inleiding Binnen de gemeenteraad van Hilversum heerst al enkele jaren onvrede over het dossier Wmo en Welzijn. De raad ervaart niet of onvoldoende in staat te zijn om goede kaders te stellen en goed te kunnen controleren. Wat gebeurt er in de uitvoering en levert dat ook de resultaten op die de raad heeft afgesproken? Zodoende is het voor de raad een lastig en moeilijk te doorgronden dossier, waar maar beperkt goed grip op te krijgen is als raadslid. Dit heeft geleid tot de motie M21-16: Motie Vreemd: Raadsonderzoek Wmo/Welzijn, Schone lei voor een nieuwe raad. Het onderzoek dient de lerende rol van de raad te versterken. De doelstelling van dit onderzoek is om inzichtelijk te maken of de huidige gemeenteraad voldoende in staat is gesteld om zijn kaderstellende en controlerende taken, goed uit te kunnen voeren. Tevens moeten de uitkomsten van het onderzoek handvatten bieden aan de nieuwe raad voor zijn controlerende en kaderstellende functie. De insteek is een analyse ten behoeve van het versterken van de lerende rol van de raad. De analyse moet leiden tot heldere adviezen en aanbevelingen aan de raad.
Daarbij is de volgende centrale vraagstelling geformuleerd: Hoe is de decentralisatie van de Wmo en welzijn in Hilversum verlopen en wat zijn na zes jaar de geleerde lessen voor de komende periode, met daarbij aandacht voor de samenwerking, de informatievoorziening en de financiële verantwoording in de gehele keten: raad, college en organisatie (Regio G&V en Hilversum) met aandacht voor de verschillende taken en verantwoordelijkheden? Het onderzoek heeft bestaan uit (1) het opstellen van een feitenreconstructie van de behandeling van alle kaderstellende documenten en verantwoordingsinformatie over de Wmo in de periode 2015-2021. De bevindingen uit deze feitenreconstructie zijn weergegeven in hoofdstuk 3 van deze rapportage. De feitelijke bevindingen (feitenreconstructie) zijn voor ambtelijk wederhoor teruggelegd en deze reactie is verwerkt. Het tweede (2) onderdeel van het onderzoek heeft bestaan uit interviews met vertegenwoordigers van de ambtelijke organisatie, de regio, de Adviesraad Sociaal Domein, vertegenwoordigers van het vorige en huidige college en vertegenwoordigers van alle afzonderlijke raadsfracties en de griffie. Deze interviews hebben plaatsgevonden om de feiten zoals opgehaald in de feitenreconstructie te toetsen en om ervaringen met en verklaringen voor het feitenrelaas op te halen.
De derde (3) stap van het onderzoek betreft een reflectiesessie met vertegenwoordigers van de raad op de bevindingen met als doel het opstellen van aanbevelingen voor de raadsperiode 2022-2026.
Probleemstelling/doel De doelstelling van dit raadsvoorstel is om aan de aanbevelingen uit het raadsonderzoek in concrete besluiten en acties vorm en inhoud te geven.
Argumenten De raad spreekt via dit raadsvoorstel uit wat de geleerde lessen zijn voor de komende periode en hoe aan die geleerde lessen concreet invulling wordt gegeven. De aanbevelingen die voortkomen uit de geleerde lessen moeten ervoor zorgen dat de raad meer grip en sturing op Wmo en welzijn krijgt. Geen gevolg geven aan de geleerde lessen en de aanbevelingen heeft tot gevolg dat de grip van de raad op Wmo en welzijn blijvend als onvoldoende wordt ervaren. In het onderzoeksrapport is in de bijlage (agenda reflectiesessie) een tweetal alternatieve typen aanbevelingen opgenomen. Het eerste type aanbeveling (0-scenario) gaat uit van het doorgaan met de huidige invulling van de kaderstellende en controlerende rol van de raad en eenzelfde ondersteuning daarbij door college, ambtelijke organisatie en griffie. Het tweede type aanbeveling (ontwikkelscenario) gaat uit van het meer geleidelijk verbeteren van de grip en sturing door bij elk nieuw (deel)beleidsplan voor de Wmo en welzijn dezelfde kwaliteits-en proceseisen te stellen zoals verwoord in dit raadsvoorstel. Het derde scenario dat in het onderzoeksrapport is opgenomen betreft het scenario zoals dat in dit raadsvoorstel is uitgewerkt. Dit scenario gaat uit van een volledige herziening van het gehele Wmo- en welzijnsbeleid.
Dit om in één herziening tot een verbetering van de sturing en grip door de raad op het gehele Wmo- en welzijnsbeleid te komen.
Kanttekeningen Het Wmo- en welzijnsbeleid hangt zowel beleidsmatig als in de uitvoering samen met andere taken van de gemeente Hilversum in het sociaal domein. In het proces van beleidsvorming en besluitvorming dient hiermee als volgt rekening te worden gehouden: besluiten die worden genomen over doelen, de regio en de uitvoering dienen te worden voorzien van de gevolgen voor de uitvoering van andere wetten en taken zoals Wonen, de Jeugdwet en de Participatiewet.
Financiën Het aanbrengen van samenhang binnen het Wmo- en welzijnsbeleid en de daaruit voorkomende nieuwe of herziene plannen en uitvoering kan gepaard gaan met kosten. Het college wordt gevraagd om een inschatting te maken of de werkwijze binnen de reguliere beleidscapaciteit kan worden opgepakt. Indien nodig bepaalt het college welke aanvullende kosten gemaakt moeten worden om deze werkwijze uit te voeren. Het college onderbouwt dit. Eventuele financiële gevolgen van veranderingen in de roluitvoering van de griffie worden door de werkgeverscommissie in beeld gebracht en onderbouwd.
Uitvoering Wil de uitvoering van dit raadsvoorstel slagen, dan is een goede kennispositie van raadsleden op het brede terrein van Wmo en welzijn noodzakelijk. Het is daarom belangrijk om in het inwerkprogramma van nieuwe raadsleden aandacht te besteden aan het op peil krijgen van de inhoudelijke kennis van dit beleidsterrein. Uit het raadsonderzoek blijkt dat ervaringen met de beeldvormende sessies op het vlak van Wmo en welzijn aanleiding geven om die voor dit beleidsterrein anders vorm en invulling te geven. Beeldvormende sessies voor de Wmo en Welzijn worden daarom uitsluitend ingezet ter voorbereiding op de oordeelsvorming over kaders en plannen. Beeldvormende sessies zijn in principe niet bedoeld voor het tussentijds informeren van de raad. Dat gebeurt via de planning- en controlcyclus en indien van toepassing via raadsinformatiebrieven in het kader van de actieve informatieplicht. Het is aan het presidium in de volgende raadsperiode om de status, positie en rol van de beeldvormende sessies binnen de gehele vergadercyclus en alle beleidsdomeinen te beschouwen. Dat valt buiten de scope van dit raadsonderzoek en raadsvoorstel.
Bijlage(n) 1. Onderzoeksrapport raadsonderzoek Wmo en Welzijn Hilversum 2. Kwaliteitseisen ter waarborging van de kwaliteit van de stukken en de kwaliteit van het proces van beleids- en besluitvorming.