Raadsinformatiebrief 2021-91 inzake Financiële impactanalyse VI Covid-19 2021
Tekst van het document
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum
21-10-2021
FINANCIËLE IMPACTANALYSE VI COVID-19 RISICO’S GEMEENTE HILVERSUM 21 OKTOBER 2021
0
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum
21-10-2021
Inhoudsopgave
Voorwoord .................................................................................................................................. 2 1 – Inleiding ................................................................................................................................ 2 2 – Situatieschets FIA VI – peildatum 21 oktober 2021 ............................................................... 3 3 – Fundamenten opbouw risicoprofiel....................................................................................... 4 a.
Algemeen ............................................................................................................................... 4
b.
Uitgangspunten FIA VI ............................................................................................................ 5
4 – Risicoprofiel o.b.v. alle risico’s (compleet)............................................................................. 6 a.
Uitkomsten............................................................................................................................. 6
b.
Vergelijking t.o.v. FIA V Covid-19 (12-06-2021) ........................................................................ 7
6 – Reserve Covid-19 ................................................................................................................... 9 7 – Samenvattende conclusies en kanttekeningen ................................................................... 11 8 – Vervolgproces ..................................................................................................................... 12 Bijlage I – CPB Macro Economische Verkenning (MEV) 2022 ................................................... 14 Bijlage II – Specificatie risico’s................................................................................................... 15
1
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum
21-10-2021
Voorwoord Op vrijdag 12 november, vlak voor publicatie van deze financiële impactanalyse, zijn er nieuwe landelijke bestrijdingsmaatregelen afgekondigd om de verspreiding van het coronavirus in te perken.1 De fase van de coronacrisis waar we ons nu in bevinden, is nieuw. Het is de eerste herfst/winter sinds de start van de coronacrisis waarin een groot deel van de bevolking is gevaccineerd. Dat de vaccins hun werk doen, is terug te zien in de ontwikkeling van de verhouding tussen de besmettingscijfers aan de ene kant en de (kritische) ziekenhuis opnames en overlijdens aan de andere kant. Wel is nog eens gebleken hoe moeilijk het verloop van dit virus, en daarmee de coronacrisis, zich laat voorspellen. De vaccinatiegraad noch de effectiviteit van de vaccins heeft kunnen voorkomen dat het Rijk medio november heeft moeten ingrijpen om de verspreiding van het virus in te dammen en zo een zorginfarct te voorkomen. Het landelijke beleid staat in het teken van het remmen van de oplopende besmettingen en het gelijktijdig beperken, of voorkomen, van de economische, maatschappelijke en (reguliere) gezondheidsschade. Anders dan in eerdere periodes van aangescherpte maatregelen is nu het openhouden van de reguliere zorg, ook door een corona besmettingsgolf heen, een belangrijk doel.
De balans tussen enerzijds de economie en maatschappij zoveel mogelijk openhouden en anderzijds zoveel mogelijk mensen beschermen, blijft voorop staan. Binnen de afgekondigde maatregelen op 12 november is er onder voorwaarden nog veel mogelijk en open, maar worden ook verschillende sectoren weer, of aanhoudend, geraakt. Naar verwachting zal het Rijk de komende maanden regelmatig de situatie evalueren en maatregelen bijstellen. Ten tijde van het voorbereiden, uitvragen en opstellen van de voorliggende financiële impactanalyse (FIA VI), was deze ontwikkeling van de coronacrisis en de bijbehorende landelijke maatregelen niet voorzien. FIA VI staat in het teken van de ingezette overgang van crisis- naar herstelfase en dient ook tegen die achtergrond gezien te worden. Omdat het weerstandsvermogen van de reserve Covid-19 momenteel uitstekend is, met een stand van zo’n € 2,3 miljoen, is er een gedegen buffer aanwezig om de in deze analyse onvoorziene financiële gevolgen van de coronacrisis in de laatste 2 maanden van dit jaar op te vangen. De verwachting dat de reserve aan het einde van dit jaar een positieve stand zal hebben, een rechtmatigheidseis, blijft daarmee overeind. Bij het opstellen van de jaarstukken 2021 zal de rekening van de reserve over dit jaar definitief worden opgemaakt.
De ontwikkelingen in deze nieuwe fase in de coronacrisis, de landelijke bestrijdingsmaatregelen en de maatschappelijke en economische gevolgen daarvan in onze gemeente worden nauwgezet gevolgd. Op de persconferentie is aangekondigd dat er noodzakelijke steunpakketten zullen komen voor ondernemers. Of er ook sprake zal zijn van aanvullende (inkomstenderving) compensatiemiddelen voor gemeenten in deze fase, is nog niet bekend.
1 – Inleiding Deze financiële impactanalyse Covid-19 (FIA VI) is de derde en laatste van het jaar 2021. De uitvraag van de risico’s (de risicogesprekken) heeft medio september – medio oktober plaatsgevonden en de uitgangspunten zijn begin september opgesteld. Financiële afwijkingen met betrekking tot de reserve
1
Persconferentie vrijdag 12 november 2021: https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2021/11/12/besmettingenmoeten-omlaag-strengere-regels-om-contacten-te-beperken
2
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum
21-10-2021
Covid-19 die sinds de vorige financiële impactanalyse Covid-19 (FIA V2) aan de raad zijn gemeld, maken geen onderdeel meer uit van het huidige risicoprofiel. Vanwege het snel naderende jaareinde en het uitgangspunt van de huidige uitvraag dat er vanaf het nieuwe jaar geen sprake meer zal zijn van een acute coronacrisis met directe en onvermijdelijke financiële nadelen tot gevolg, bestaat het risicoprofiel hoofdzakelijk uit kleine (rest)risico’s. Het huidige risicoprofiel is om die reden aanzienlijk gedaald ten opzichte van het vorige. Bij de jaarrekening 2021 zal op basis van realisatie duidelijk worden of deze uiteindelijk zijn opgetreden. In het huidige risicoprofiel zijn er geen risico’s meer waarvan de kans van optreden 70% of groter wordt geschat. In deze financiële impactanalyse is zodoende enkel het complete risicoprofiel, gebaseerd op alle geïdentificeerde Covid-19 risico’s van dit moment, opgenomen. De weerstandsvermogen toets van de reserve Covid-19 wordt nu gebaseerd op dat complete risicoprofiel. Ook in deze analyse zijn risico-inschattingen gemaakt van gebeurtenissen die een financiële impact hebben op de inkomsten van de gemeente, op de bedrijfsvoering of die leiden tot extra uitgaven.
Risico’s uit de eerdere impactanalyses zijn opnieuw door middel van risicogesprekken beoordeeld en er is geïnventariseerd of er in de tussentijd nog andere, nieuwe, risico’s aan het licht zijn gekomen. Alle data, grafieken en analyses in dit huidige rapport zijn gebaseerd op de gegevens zoals deze op 21 oktober 2021 bekend en beschikbaar waren.
2 – Situatieschets FIA VI – peildatum 21 oktober 2021 Over het geheel genomen bevinden we ons landelijk in een afrondende fase van de directe coronacrisis zoals sinds maart 2020 aan de orde was en is de overgang naar herstel na de coronacrisis ingezet. Eind september zijn vergaande versoepelingen van de landelijke corona bestrijdingsmaatregelingen ingegaan. Zo is bijvoorbeeld, voor het eerst sinds de instelling ervan in maart 2020, de anderhalve meter regel losgelaten. Ook is de rijkscompensatie in een afbouwende fase beland. Zo heeft het kabinet de generieke steunpakketten per 1 oktober 2021 stopgezet en is er over het vierde kwartaal van 2021 geen coronacompensatie meer toegezegd. Het ‘seizoenseffect’ van de herfst/winter op zowel griepvirussen als het coronavirus begint nu echter zichtbaar te worden in de oplopende coronacijfers. De vaccinatiegraad – op moment van schrijven is ruim 81% van de bevolking van 12 jaar en ouder volledig gevaccineerd – blijkt nog niet voldoende om het stijgende aantal Covid-patiënten dat in het ziekenhuis wordt opgenomen beheersbaar te houden. De balans is nog niet bereikt: de zorg kan het huidige aantal Covid-patiënten niet het hoofd bieden en tegelijkertijd de (hervatte) reguliere zorg doorzetten. De evaluatie van de eind september in werking getreden landelijke versoepelingen is daarop vervroegd.
Het grote verschil met de eerdere coronagolven is dat deze keer een heel groot deel van de bevolking al, volledig of gedeeltelijk, is gevaccineerd. Deze nieuwe omstandigheid bemoeilijkt het voorspellen van het verloop en de mogelijke maatregelen en effecten daarvan. Tijdens het opstellen van deze FIA is in november een aantal maatregelen (opnieuw) ingesteld als gevolg van snel oplopende besmettingscijfers.3 Het landelijke beleid staat in het teken van het remmen van de oplopende besmettingen en het gelijktijdig beperken, of voorkomen, van de economische, maatschappelijke en (reguliere) gezondheidsschade. De balans tussen enerzijds de economie en maatschappij zoveel mogelijk openhouden en anderzijds zoveel mogelijk mensen beschermen, staat daarmee voorop. 2
Financiële impactanalyse V Covid-19 2021, peildatum 12 juni 2021, RIB 2021-58
3 Persconferentie dinsdag 2 november 2021: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/coronavirus-covid-
19/nieuws/2021/11/02/besmettingen-moeten-omlaag-passende-maatregelen-nodig
3
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum
21-10-2021
Omdat de aangekondigde landelijke maatregelen op 2 november vooralsnog geen (substantiële) economische uitwerking hebben, leiden deze niet tot het verlengen van de coronacompensatie vanuit het Rijk. Naar verwachting zal het Rijk de komende maanden regelmatig evalueren of de genomen maatregelen nog passend en toereikend zijn en bijsturen waar nodig. Het algemene uitgangspunt is vooralsnog dat het virus aanwezig blijft, maar het niet meer tot grootschalige en vergaande restrictieve maatregelen of lockdown, met bijbehorende onvermijdelijke financiële nadelen tot gevolg, zal leiden. Of de ingezette overgang van crisis- naar herstelfase – en het daarmee samenhangende uitgangspunt dat er in 2022 geen sprake meer is van directe en onvermijdelijke financiële gevolgen van de coronacrisis zoals in 2020 en 2021 de boventoon hebben gevoerd4 – stand houdt, zal de komende maanden moeten blijken. Herstelagenda De overgang van crisis- naar herstelfase is in onze gemeente vormgegeven door de Corona Herstelagenda, zoals vastgesteld door de raad op 6 oktober jongstleden. De nadruk wordt daarmee verlegd van het bestrijden van de directe gevolgen van de crisis naar het samenwerken aan herstel na deze crisis.
De Corona Herstelagenda (met een looptijd van oktober 2021 tot oktober 2022) heeft het doel om samen met onze partners in de stad het sociaaleconomisch herstel in de Hilversumse samenleving te bevorderen. Daarmee is de herstelagenda gericht op een breed herstel over meerdere sectoren die door de crisis zijn geraakt. De Herstelagenda heeft daarmee een wezenlijk ander doel dan het opvangen van de directe (en onvermijdelijke) gevolgen van de coronacrisis en valt ook buiten het bereik van de reserve Covid-19 en deze financiële impactanalyse. De hier opgenomen risico’s gaan alleen over de directe gevolgen van de coronacrisis, in lijn met de uitgangspunten en het afwegingskader van de reserve Covid-19.
3 – Fundamenten opbouw risicoprofiel a. Algemeen De risico’s die de coronacrisis met zich meebrengt, zijn grofweg in te delen in drie varianten, namelijk: 1) Onvermijdbare kosten o Bijvoorbeeld inkomstenderving en zekere extra uitgaven als gevolg van reeds besloten extra steunmaatregelen. 2) Beleidskeuze → steunmaatregelen o Nog niet besloten maar wel concrete nieuwe en/of aanvullende steunmaatregelen afhankelijk van beleidskeuze. 3) Extra kosten in bedrijfsvoering o Deze kunnen zowel onvermijdbaar zijn (bijv. verbonden aan het borgen van de uitvoering van een wettelijke taak), als het gevolg van een beleidskeuze (bijv. de uitvoeringskosten van nieuw beleid). Per risico is uitgegaan van een netto risico-inschatting of restrisico. Hierbij is een inschatting gegeven van de minimale en maximale omvang van het (rest)risicogevolg. Zaken (en kosten) die reeds aan de raad zijn gemeld, maken geen onderdeel uit van het risicoprofiel. Die extra uitgaven of gederfde inkomsten zijn dan al zeker en zodoende niet meer gekwantificeerd als risico. Wel kan er sprake zijn van een restrisico ten opzichte van de reeds zekere en aangemelde kosten. Een risicoprofiel is te allen tijde een momentopname omdat deze afhankelijk is van onder andere de situatie en de reeds bekende zekerheden op het moment van opstellen.
4
Zie hoofdstuk 3.b Uitgangspunten FIA VI
4
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum
21-10-2021
Risicodefinities en -kwantificering zijn gebaseerd op ‘bekende’ informatie. Er wordt niet gespeculeerd over of vooruitgelopen op mogelijk nieuw beleid vanuit het Rijk (landelijk) of de gemeente (lokaal), wat zou kunnen leiden tot extra compensatiegelden, lasten of gederfde inkomsten. Het risicoprofiel ‘beperkt’ zich tot zaken die voortkomen uit wettelijke regelgeving en/of reeds bestaand of aangekondigd beleid. Er wordt geen rekening gehouden met mogelijk nieuwe besluitvorming, tenzij er concrete informatie over dergelijk nieuw beleid bekend is en er een grote mate van waarschijnlijkheid is dat er ook toe zal worden besloten. Na inschatting van de risico’s wordt aan de hand van een Monte Carlo analyse gewogen hoe groot de financiële impact is op basis van die inschattingen. Een Monte Carlo analyse is een simulatietechniek waarbij voor een risico verschillende scenario’s worden doorgerekend; de risicoprofielen van gemeente Hilversum zijn gebaseerd op 100.000 scenario’s per risico. Het doorrekenen van alle risico’s resulteert in een grafiek die laat zien wat de benodigde weerstandscapaciteit is, tegen verschillende zekerheidspercentages, om de risico’s af te kunnen dekken. In Nederland is het gebruikelijk het bedrag aan te houden waarmee 90% van de mogelijke scenario’s uit een dergelijke analyse afgedekt kan worden.
De overige 10% van de scenario’s, doorgaans de ‘staart’ van de grafiek, wordt beschouwd als zeer extreem en daarmee onwaarschijnlijk. Door uit te gaan van 90% is er sprake van een hoog zekerheidspercentage, zonder de extreme scenario’s mee te nemen.
b. Uitgangspunten FIA VI FIA VI heeft een afrondend karakter: er wordt een aanloop genomen naar de afronding van boekjaar 2021, van de reserve Covid-19 en van Covid gerelateerde risico-inventarisaties en financiële impactanalyses. Vanaf het najaar 2021 vindt er een verschuiving plaats van crisisbestrijding tijdens naar herstel na de coronacrisis. De uitgangspunten van FIA VI op een rij: - CPB Macro Economische Verkenning (MEV) 20225: “Anderhalf jaar na de start van de coronapandemie is duidelijk dat de zwartste economische scenario’s niet zijn uitgekomen. De veerkracht van de Nederlandse economie is groot gebleken. De arbeidsmarkt heeft de crisis opvallend goed doorstaan, het steunbeleid heeft hierbij een belangrijke rol gespeeld. Hoewel enkele bedrijfstakken nog langere tijd, en wellicht blijvend, last houden van corona, is de krapte van voor de coronacrisis in veel sectoren al weer teruggekeerd.” - Met de stijgende vaccinatiegraad daalt de (dreiging van) een acute crisis als gevolg van Covid19. De kans op toekomstige lockdowns is daardoor ook aanzienlijk kleiner dan voorheen. - Ondanks dat ontwikkeling van het virus en eventuele mutaties niet valt te voorspellen, voert ‘het leven met het virus’ de boventoon in het recente denken over de bestrijdingsmaatregelen vanuit het Rijk.
Het uitgangspunt van FIA VI is dat er landelijk géén nieuwe lockdown of zware aanscherpingen van de bestrijdingsmaatregelen meer zullen volgen in 2021. - De coronacompensatie vanuit het Rijk zal worden afgebouwd. Eind augustus heeft het kabinet aangegeven dat de generieke steunpakketten per 1 oktober 2021 worden stopgezet.6 Wel wordt er een afrekening over de werkelijke inkomstenderving van 2021 (t/m Q3) verwacht, in lijn met de afrekening over 2020. Mogelijk volgt er, als onderdeel van een nieuw regeerakkoord, een herstelplan met bijbehorende middelen vanuit het Rijk, maar die valt buiten het doel en besteding van de reserve Covid-19. - Vanaf het najaar 2021 verschuift de aandacht om die reden van directe crisisbestrijding naar herstel na de crisis. In de raadsvergadering van 6 oktober is ingestemd met het instellen van de reserve Corona Herstelagenda. 5 6
https://www.cpb.nl/macro-economische-verkenning-mev-2022 https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2021/08/30/einde-steunpakketten-voor-banen-en-economie
5
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum -
-
21-10-2021
De financiële gevolgen van de Corona Herstelagenda vallen buiten het bereik van de reserve Covid-19 en maken daarom geen onderdeel uit van de Covid-19 risico-inventarisatie. De reserve Covid-19, welke tot doel heeft de directe gevolgen van de coronacrisis op te vangen, loopt daarmee op haar einde. Het uitgangspunt is dat er in 2022 geen sprake meer is van directe gevolgen van de coronacrisis zoals in 2020 en 2021 de boventoon hebben gevoerd. Het samenhangende belang van handelingssnelheid in het bestrijden van de gevolgen van de acute coronacrisis, een speerpunt van het instellen van de reserve Covid-19, is op dat moment ook niet meer aanwezig. De directe gevolgen van de coronacrisis, en de daarmee samenhangende risico inschattingen, beperken zich zodoende tot het boekjaar 2021. Eventuele veranderingen als direct gevolg van de coronacrisis die ook daarna, in het 'nieuwe normaal', worden doorgezet, moeten vanaf 2022 in de begroting worden opgevangen en in de reguliere P&C cyclus worden verantwoord. Deze zijn geen onderdeel van de risico inschattingen van FIA VI.
Al met al kan FIA VI, opgesteld in het laatste kwartaal van 2021, enkel uit de volgende soorten risico’s bestaan: - Restrisico’s t.o.v. reeds gemelde nadelen; - Corona-nadelen die niet binnen de reguliere budgetten opgevangen kunnen worden maar waarvan op dit moment nog niet zeker is of ze in totaliteit het grensbedrag van € 25.000 zullen overschrijden. Deze zijn doorgaans nog niet via (verzamel-)RIB gemeld, maar kunnen, indien de reserve toereikend is, in het jaarrekeningenproces worden voorgesteld alsnog uit de reserve Covid-19 te dekken; - Risico’s die pas in het laatste kwartaal van 2021 op zouden kunnen treden, op basis van de uitgangspunten van FIA VI.
4 – Risicoprofiel o.b.v. alle risico’s (compleet) a. Uitkomsten De onderstaande figuren geven de opbouw van de uitkomsten van het huidige risicoprofiel weer. In ‘Bijlage II – specificatie risico’s’ van deze financiële impactanalyse is tevens de actuele detailuitwerking van de individuele risico’s in te zien. Op basis van het complete risicoprofiel zou er (naar boven afgerond) zo’n € 432.000 nodig zijn om de risico’s op te vangen: FIGUUR 4.1 – TABEL SIMULATIE RESULTAAT COVID-19 RISICO’S O.B.V. ALLE GEKWANTIFICEERDE COVID-19 RISICO’S
Zekerheidspercentage 10% 25% 50% 75% 80% 90% 95% 99%
Bedrag € 11.844 € 62.754 € 151.408 € 265.599 € 304.688 € 431.302 € 549.543 € 729.160
Statistieken Minimum Maximum Gemiddeld Standaarddeviatie Absolute maximum Trekkingen
Waarde €0 € 1.178.300 € 190.727 € 168.788 € 1.569.000 100.000
6
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum
21-10-2021
FIGUUR 4.2 – GRAFIEK SIMULATIE RESULTAAT COVID-19 RISICO’S O.B.V. ALLE GEKWANTIFICEERDE COVID-19 RISICO’S
b. Vergelijking t.o.v. FIA V Covid-19 (12-06-2021) Ten opzichte van de vorige financiële impactanalyse is de benodigde weerstandscapaciteit op basis van het complete risicoprofiel aanzienlijk gedaald: van € 1,8 miljoen in FIA V naar € 432.000 nu. In FIA V kwam de benodigde weerstandscapaciteit waarmee het weerstandsvermogen van de reserve Covid19 is getoetst, destijds op basis van het risicoprofiel van 70% of groter risico’s, uit op ruim € 1 miljoen. Ook ten opzichte van het 70% of groter risicoprofiel van FIA V is de benodigde weerstandscapaciteit op basis van het complete risicoprofiel van FIA VI dus afgenomen. De voornaamste oorzaken van de daling zijn: - Sinds de vorige FIA is de vijfde (en tevens laatste van 2021) verzamel-RIB financiële afwijkingen als gevolg van coronacrisis (RIB 2021-83) gepubliceerd. Alle afwijkingen die tot en met medio oktober 2021 zijn opgetreden, zijn al inclusief prognose tot en met einde jaar aangemeld voor onttrekking aan de reserve Covid-19. - De mogelijke risico’s die nog tot een financieel gevolg kunnen leiden ten aanzien van de begroting 2021 zijn in de aanloop naar het jaareinde beperkt.7 - Door het aflopen van de meeste van de landelijke beperkingen als gevolg van de coronacrisis (waaronder de 1,5 meter regel) in september, zijn verschillende risico’s komen te vervallen.
o Met het opnieuw instellen van de 1,5 meter regel op 2 november8 zou een aantal eerder dit jaar gemelde zaken ten laste van de reserve Covid-19 ook in het laatste kwartaal toch door kunnen worden gezet en tot kosten kunnen leiden. Denk bijvoorbeeld aan de inzet van een beveiliger in de publieke ruimte van het stadskantoor. Deze kosten zijn niet meegenomen in de huidige risico’s, omdat er op het moment van de uitvraag niet vanuit werd gegaan dat die maatregel (dit jaar) teruggedraaid zou worden. Alle risico’s in het huidige risicoprofiel zijn ofwel gedaald ofwel vervallen ten opzichte van de vorige financiële impactanalyse (FIA V d.d. 12 juni 2021). Voor de toelichting per risico wordt verwezen naar Bijlage II – specificatie risico’s. Onderstaande figuren geven een overzicht van de dalers en vervallen risico’s ten opzichte van de vorige FIA (V). 7
Zie hoofdstuk 3.b Uitgangspunten FIA VI Persconferentie dinsdag 2 november 2021: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/coronavirus-covid19/nieuws/2021/11/02/besmettingen-moeten-omlaag-passende-maatregelen-nodig 8
7
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum
21-10-2021
Dalers FIGUUR 4.5 – DALERS T.O.V. FINANCIËLE IMPACTANALYSE V COVID-19
Risico Risicogebeurtenis Nr.
Kans FIA V
Financieel FIA V
Kans FIA VI
Financieel FIA VI
R88
Faillissement/surseance culturele instellingen (o.a. matchingsregelingen)
90%
€ 500.000
10%
€ 500.000
R156
Sterkte instroom bijstandsgerechtigden Minimaregelingen (o.a. BUIG)
50%
€ 650.000
40%
€ 200.000
R42
Verwerken verhoogde instroom aanvragen (o.a. BUIG/BBZ/debiteurenbeheer etc.)
75%
€ 300.000
40%
€ 150.000
R159
Garantstelling OZB Stadsfonds
70%
€ 87.500
10%
€ 44.000
R58
Hogere uitgaven volksgezondheid, WMO, jeugdzorg, etc.
50%
€ 250.000
25%
€ 250.000
R90
Afname opbrengsten buitenreclame
40%
€ 45.000
10%
€ 45.000
R245
Noodsteun buurthuizen, clubs en verenigingen voor inkomstenderving
50%
€ 42.000
50%
€ 30.000
R199
Faillissement/surseance kleine culturele instellingen (uitgaande subsidies)
40%
€ 25.000
10%
€ 25.000
R244
Compensatie eigen bijdrage kinderopvang en leerlingenvervoer
10%
€ 110.000
10%
€ 75.000
Dit overzicht maakt duidelijk dat over het geheel genomen met name de kans percentages, die aangeven hoe groot de kans wordt geschat dat een risico op zal treden, aanzienlijk zijn gedaald ten opzichte van de vorige FIA. De financiële maximumgevolgen zijn bij slechts een aantal risico’s bijgesteld, maar de kans van optreden van de risico’s wordt voor de meeste risico’s inmiddels laag ingeschat. Vervallen risico’s – opgetreden en niet-opgetreden In de categorie vervallen risico’s valt een onderscheid te maken tussen aan de ene kant opgetreden risico’s (die inmiddels zijn aangemeld ten laste van de reserve) zonder restrisico en aan de andere kant niet-opgetreden (rest)risico’s. Een niet-opgetreden (rest)risico vervalt op het moment dat niet meer wordt verwacht dat het op zal treden: het (rest)risico bestaat niet meer. FIGUUR 4.6 – VERVALLEN RISICO’S T.O.V. FINANCIËLE IMPACTANALYSE V COVID-19 – OPGETREDEN RISICO’S
Risico Risicogebeurtenis Nr.
Kans FIA V
Financieel FIA V
Kans FIA VI
Financieel FIA VI
R220 Tweede Kamerverkiezing maart 2021 - meerkosten als gevolg van het coronaproof organiseren van de verkiezingen
90%
€ 200.000
0%
€0
R68
85%
€ 100.000
0%
€0
Extra voorzieningen tijdelijk thuiswerken - Licentiekosten (o.a. Windows)
FIGUUR 4.7 – VERVALLEN (REST)RISICO’S T.O.V. FINANCIËLE IMPACTANALYSE V COVID-19 – NIET-OPGETREDEN RISICO’S
Risico Risicogebeurtenis Nr.
Kans FIA V
Financieel FIA V
Kans FIA VI
Financieel FIA VI
R221
Rijkscompensatie - nog te ontvangen compensatiegelden
90%
€ -400.000
0%
€0
R246
Extra inzet ter bevordering van sociaal en mentaal welzijn en leefstijl
95%
€ 350.000
0%
€0
R61
Meer beroep op openbare orde en handhaving (o.a. horeca, sportvelden, openbare gebouwen)
40%
€ 250.000
0%
€0
R57
Minder inkomsten parkeren
25%
€ 445.000
0%
€0
R76
Markten met minder marktstands en aanvullende voorziening (toiletwagen)
80%
€ 50.000
0%
€0
R74
Regio Gooi en Vechtstreek - extra inzet a.g.v. Corona
50%
€ 100.000
0%
€0
R108
Uitvallen cruciale rollen team Functioneel Beheerders
70%
€ 60.000
0%
€0
R238
Beveiliger publieke ruimte stadskantoor
70%
€ 26.000
0%
€0
8
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum Risico Risicogebeurtenis Nr. R48
Minder ontvangen huurinkomsten van sportorganisaties
21-10-2021 Kans FIA V
Financieel FIA V 50%
€ 35.000
Kans FIA VI
Financieel FIA VI
0%
€0
Overkoepelend valt er één risico op: R221 Rijkscompensatie - nog te ontvangen compensatiegelden. Dit risico is vervallen, maar heeft een “stijgend” effect op het risicoprofiel zoals is te herkennen aan het rode stoplicht. Omdat het risico een inschatting over nog te ontvangen middelen (inkomsten) betrof, was het een zogeheten “positief risico”: een risico met een positief financieel gevolg en dus verlagend effect op het risicoprofiel en de benodigde weerstandscapaciteit. Het vervallen van het positieve effect van dit risico resulteert dus in een “stijgend” effect op het totale risicoprofiel.
6 – Reserve Covid-19 TABEL 6.1 – STAND RESERVE COVID-19 INCL. REEDS GEMELDE MUTATIES D.D. 26-10-2021
Reserve Covid-19 – incl. reeds gemelde mutaties d.d. 26-10-2021 Eindstand jaarstukken 2020 1e wijziging verordening precariobelasting 2021 Turap I 2021: RIB 2020-67 Septembercirculaire Gemeentefonds RIB 2020-70 Aanvullende financiële afwijkingen als gevolg van coronacrisis RIB 2021-12 Decembercirculaire 2020 Gemeentefonds RIB 2021-17 Beleidsregels TONK en beroep op de Covid-reserve RIB 2021-21 Gedoogbesluit terrassen en overkappingen RIB 2021-31 3e verzamel RIB financiële afwijkingen a.g.v. coronacrisis Resultaatsbestemming jaarstukken 2020 (decembercirculaire/risicomanagement) Jaarstukken 2020 en begroting 2022 – 2025 Regio Gooi en Vechtstreek Stand na raad 7 juli 2021 RIB’s verstuurd naar de raad: RIB 2021-42 Subsidieregeling Anderhalve Meter RIB 2021-43 Plan van aanpak herstelagenda coronacrisis RIB 2021-46 Subsidieaanvraag coronaproof on stage RIB 2021-51 Actieplan Jeugd 2021-2022 RIB 2021-56 4e verzamel RIB financiële afwijkingen a.g.v. coronacrisis RIB 2021-57 Meicirculaire gemeentefonds 2021 RIB 2021-64 Noodsteun buurthuizen en (culturele) ontmoetingsplekken RIB 2021-81 Melding financiële afwijkingen sociaal domein 2021 (TONK en Jeugdwet) RIB 2021-83 5e verzamel RIB financiële afwijkingen a.g.v. coronacrisis Prognose stand december 2021
bedragen x € 1.000 datum raad bedrag 3.663 21-4-2021 -228 9-6-2021 805 -65 1.564 -1.590 -90 -2.803 6-7-2021 351 6-7-2021 -201 1.406 -1.000 -40 -25 -408 -851 978 -38 1.781 495 2.298 - = onttrekking/+ = storting
Ten tijde van FIA VI, de laatste in de aanloop naar de jaarrekening 2021, is de prognose stand van de reserve Covid-19 eind 2021 € 2,3 miljoen positief. De kanttekening dat de eerste € 2,7 miljoen die bij het instellen aan de reserve is toegevoegd uit de eigen algemene reserve is onttrokken, blijft hier op zijn plaats. Hoeveel van die eigen middelen daadwerkelijk zijn ingezet ter bestrijding van de directe gevolgen van de coronacrisis zal uiteindelijk duidelijk worden aan de hand van de stand van de reserve op het moment dat de reserve Covid-19 wordt opgeheven. Coronacompensatie Zowel in de september- als de decembercirculaire 2021 zijn middelen ter compensatie van de coronacrisis opgenomen. Als gevolg van het raadsbesluit Corona Herstelagenda van 6 oktober jl. worden deze middelen echter niet meer direct in de reserve Covid-19 gestort. De reserve Corona Herstelagenda is ingesteld ter waarde van de totale kosten van de Herstelagenda. Hiertoe is € 1,6 miljoen onttrokken aan de algemene reserve met de intentie dat dit een tijdelijke onttrekking is. De
9
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum
21-10-2021
algemene reserve wordt conform het raadsbesluit vervolgens aangevuld tot de hiervoor onttrokken € 1,6 miljoen uit gelden bestemd voor corona die vanaf de septembercirculaire 2021 worden ontvangen. De coronacompensatie van ruim € 1,4 miljoen die bij de septembercirculaire dit jaar is ontvangen, is zodoende in de algemene reserve gestort.9 Van de eerstvolgende te ontvangen coronamiddelen, in de decembercirculaire 2021, zal dus nog zo’n € 200.000 in de algemene reserve gestort moeten worden om te komen tot de € 1,6 miljoen van de Corona Herstelagenda. Inmiddels is ook de aanvullende compensatie voor de inkomstenderving als gevolg van corona in 2020 vastgesteld op € 488.000. Deze zal via de decembercirculaire 2021 worden toegekend en in het voorjaar van 2022 worden verwerkt. Op dat moment zal een passende afweging worden gemaakt of er nog middelen in de reserve Covid-19 worden gestort na het bereiken van de totale € 1,6 miljoen aanvulling van de algemene reserve voor de Corona Herstelagenda. In de septembercirculaire zijn aanvullende vooraankondigingen gedaan over nog te ontvangen coronacompensatie via de decembercirculaire 2021 of een van de circulaires in 2022.10 Het is op dit moment echter niet in te schatten wat de (totale) hoogte van die compensatie zal zijn.
Weerstandsvermogen reserve Covid-19 De reserve Covid-19 dient als de beschikbare weerstandscapaciteit tegenover de benodigde weerstandscapaciteit die in deze FIA voortkomt uit het complete Covid-19 risicoprofiel. Door deze tegen elkaar af te zetten, kan het weerstandsvermogen van de reserve Covid-19 worden bepaald: FIGUUR 6.2 – WEERSTANDSRATIO COVID-19 RESERVE O.B.V. COMPLETE RISICOPROFIEL
Beschikbare weerstandscapaciteit (stand reserve Covid-19) Benodigde weerstandscapaciteit (complete risicoprofiel Covid-19)
Weerstandsvermogen is
is
2.298 432
is
5,3
Volgens de door Smorenberg voorgestelde beoordelingstabel voor het weerstandsvermogen11, welke landelijk als leidraad wordt aangehouden, is het weerstandsvermogen van de reserve Covid-19 daarmee ‘uitstekend’. De reserve Covid-19 (€ 2,3 miljoen) is toereikend om het complete risicoprofiel van de Covid-19 risico’s (€ 432.000) af te dekken. FIGUUR 6.3 – BEOORDELINGSTABEL VOOR HET WEERSTANDSVERMOGEN SMORENBERG
Categorie
Weerstandsvermogen
Beoordeling
A
>2
Uitstekend
B
1,4< x <2,0
Ruim voldoende
C
1,0< x <1,4
Voldoende
D
0,8< x <1,0
Matig
E
0,6< x <0,8
Onvoldoende
F
<0,6
Ruim onvoldoende
Prognose stand reserve Covid-19 eind december 2021 Een reserve moet in het kader van rechtmatigheid aan het eind van het jaar een positief saldo hebben. Waar in de vorige FIA nog een mogelijke tijdelijke negatieve stand van de reserve werd voorzien in de tweede helft van dit jaar, is daar geen sprake van geweest. Met het oog op de huidige stand van de reserve en het actuele risicoprofiel in deze FIA, is de verwachting dat de reserve Covid-19 eind dit jaar een positieve stand zal hebben en daarmee wordt voldaan aan begrotingsrechtmatigheid. Met het huidige weerstandsvermogen van 5,3 biedt de reserve zelfs een 9
Zie RIB 2021-85 Septembercirculaire 2021 gemeentefonds Zie RIB 2021-85 Septembercirculaire 2021 gemeentefonds 11 Zie het artikel ‘Een norm voor het weerstandsvermogen’ (B&G, oktober 2006) 10
10
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum
21-10-2021
buffer voor eventuele aanvullende financiële nadelen in geval er in de laatste twee maanden van dit jaar sprake blijkt te zijn van een oplaaiing van de coronacrisis met opnieuw verstrekkende restrictieve maatregelen en onvermijdbare financiële nadelen tot gevolg. Weerstandsvermogen Gemeente Hilversum Omdat de reserve Covid-19 dient als de beschikbare weerstandscapaciteit voor de Covid-19 risico’s (de benodigde weerstandscapaciteit), vindt er periodiek een weerstandsvermogen toets van deze bestemmingsreserve plaats. De reserve Covid-19 is de enige bestemmingsreserve die aan een eigen weerstandsvermogen toets wordt onderworpen. De onttrekkingen aan en stortingen in de reserve Covid-19 hebben daardoor geen invloed op het gemeentebrede weerstandsvermogen, tenzij deze reserve een negatieve stand zou hebben en er een storting vanuit de algemene reserve nodig zou zijn. Ten tijde van FIA VI is daar geen noodzaak toe en wordt het gemeentebrede weerstandsvermogen dus niet beïnvloed.
7 – Samenvattende conclusies en kanttekeningen De voornaamste conclusies en kanttekeningen ten tijde van FIA VI zijn: - Vanwege het snel naderende jaareinde en het uitgangspunt van de huidige uitvraag dat er vanaf het nieuwe jaar geen sprake meer zal zijn van een acute coronacrisis met directe en onvermijdelijke financiële nadelen tot gevolg, bestaat het risicoprofiel hoofdzakelijk uit kleine (rest)risico’s. Het huidige risicoprofiel is om die reden aanzienlijk gedaald ten opzichte van het vorige. - Omdat het huidige risicoprofiel geen risico’s met een kans van 70% of groter bevat, is de weerstandsvermogen toets gebaseerd op de benodigde weerstandscapaciteit van het complete Covid-19 risicoprofiel. - Over het geheel genomen bevinden we ons landelijk in een afrondende fase van de directe coronacrisis zoals sinds maart 2020 aan de orde was en is de overgang naar herstel na de coronacrisis ingezet. - De rijkscompensatie is in een afbouwende fase beland. Het kabinet heeft de generieke steunpakketten per 1 oktober 2021 stopgezet en er is over het vierde kwartaal van 2021 geen coronacompensatie meer toegezegd. - Het landelijke coronabeleid staat in het teken van het remmen van de oplopende besmettingen en het gelijktijdig beperken, of voorkomen, van de economische, maatschappelijke en (reguliere) gezondheidsschade.
De balans tussen enerzijds de economie en maatschappij zoveel mogelijk openhouden en anderzijds zoveel mogelijk mensen beschermen, staat daarmee voorop. Naar verwachting zal het Rijk de komende maanden regelmatig evalueren of de genomen maatregelen nog passend en toereikend zijn en bijsturen waar nodig. - Met de Corona Herstelagenda (raadsbesluit 6 oktober 2021) is de nadruk verlegd van het bestrijden van de directe gevolgen van de crisis naar het samenwerken aan herstel na deze crisis. De Herstelagenda heeft daarmee een wezenlijk ander doel dan het opvangen van de directe (en onvermijdelijke) gevolgen van de coronacrisis en valt ook buiten het bereik van de reserve Covid-19 en deze financiële impactanalyse. - FIA VI heeft een afrondend karakter: er wordt een aanloop genomen naar de afronding van boekjaar 2021, van de reserve Covid-19 en van Covid gerelateerde risico-inventarisaties en financiële impactanalyses. - Ondanks dat de ontwikkeling van het virus en eventuele mutaties niet valt te voorspellen, voert ‘het leven met het virus’ de boventoon in het recente denken over de bestrijdingsmaatregelen vanuit het Rijk. Het uitgangspunt van FIA VI is dat er landelijk géén
11
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum
-
-
-
-
21-10-2021
nieuwe lockdown of zware aanscherpingen van de bestrijdingsmaatregelen meer zullen volgen in 2021. De reserve Covid-19, welke tot doel heeft de directe gevolgen van de coronacrisis op te vangen, loopt op haar einde. Het uitgangspunt is dat er in 2022 geen sprake meer is van directe gevolgen van de coronacrisis zoals in 2020 en 2021 de boventoon hebben gevoerd. Het weerstandsvermogen van de reserve Covid-19 is ‘uitstekend’ (5,3). De reserve Covid-19 (€ 2,3 miljoen) is toereikend om het complete risicoprofiel van de Covid-19 risico’s (€ 432.000) af te dekken. Met het huidige weerstandsvermogen van 5,3 biedt de reserve zelfs een buffer voor eventuele aanvullende financiële nadelen in geval er in de laatste twee maanden van dit jaar sprake blijkt te zijn van een oplaaiing van de coronacrisis met opnieuw verstrekkende restrictieve maatregelen en onvermijdbare financiële nadelen tot gevolg. Met het oog op de huidige stand van de reserve en het actuele risicoprofiel in deze FIA, is de verwachting dat de reserve Covid-19 eind dit jaar een positieve stand zal hebben en daarmee wordt voldaan aan begrotingsrechtmatigheid.
8 – Vervolgproces -
-
-
-
-
-
12
De voorliggende FIA (VI) is de laatste van 2021. Ook de laatste verzamel-RIB van dit jaar (RIB 2021-83 Vijfde verzamel RIB financiële afwijkingen als gevolg van coronacrisis) is inmiddels aan de raad gestuurd. In de jaarstukken 2021: o wordt de hoogte van de onttrekking aan de reserve Covid-19 aan de hand van de realisatie (de werkelijke hoogte van de gemelde afwijkingen) opgemaakt; o geeft de paragraaf coronacrisis een overzicht van het verloop van de crisis, van de maatschappelijke impact en maatregelen en de financiële effecten op het hele jaar 2021. In de aanloop naar de jaarstukken 2021 worden de ontwikkelingen in de coronacrisis en het rijksbeleid daaromtrent nauwlettend gevolgd. Naar verwachting zal begin 2022 duidelijk worden in hoeverre er nog sprake is van een voortzetting van de acute coronacrisis. Onttrekkingen aan de reserve Covid-19 kunnen conform het bestedingsdoel enkel worden gedaan wanneer te treffen maatregelen ter bestrijding van de coronacrisis betreft. Financiële nadelen die ontstaan op het moment dat er geen sprake meer is van een acute coronacrisis (crisisfase) en zich niet kenmerken als bestrijdingsmaatregel tegen die crisis, kunnen dus niet ten laste van de reserve Covid-19 worden gelegd. De reserve Covid-19 is, conform het raadsvoorstel op 10 juni 202012, voor de maximale bestedingstermijn van 2 jaar door de raad ingesteld.
Daarmee loopt de reserve Covid-19 tot en met 10 juni 2022. In geval dat er noodzaak blijkt te zijn om de looptijd van de reserve Covid19 te verlengen, zal het voorstel tot verlenging voor die tijd aan de raad moeten worden voorgelegd. Voorwaarde hiervoor is het aanhouden (of opnieuw oplaaien) van de coronacrisis wat bijvoorbeeld leidt tot een nieuwe lockdown of zware aanscherpingen van de landelijke bestrijdingsmaatregelen met daarmee gepaard gaande onvermijdelijke financiële nadelen. Het bestedingsdoel van de crisisreserve Covid-19 blijft namelijk ongewijzigd. Als blijkt dat de overgang van acute crisisfase naar herstelfase doorzet, of dat er bijvoorbeeld sprake is van een aanpassingsfase naar het ‘nieuwe normaal’ waarin we leven met het virus, zal de raad worden voorgesteld de reserve Covid-19 op te heffen. In die situaties is namelijk ook het belang van handelingssnelheid in het bestrijden van de gevolgen van de acute coronacrisis, een speerpunt bij het instellen van de reserve, niet meer aanwezig.
Raadsvoorstel instellen Reserve Covid-19, raadsvergadering 10 juni 2020
12
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum -
-
21-10-2021
In het geval dat de acute crisisfase niet verder doorzet in 2022 zal er geen nieuwe financiële impactanalyse (FIA) Covid-19 meer worden opgesteld. Wanneer er geen sprake meer is van mogelijke financiële nadelen als direct gevolg van de coronacrisis, zijn er ook geen Covid-19 crisis risico’s en kan er geen beroep worden gedaan op de reserve Covid-19. Het is in dat geval dus ook niet nodig het weerstandsvermogen van de reserve Covid-19 te toetsten. De middelen die uiteindelijk bij het opheffen nog beschikbaar zijn in de reserve Covid-19 kunnen bij raadsbesluit worden herbestemd of vrijvallen ten gunste van de algemene reserve. Uiterlijk bij de jaarstukken 2021 zal er een voorstel tot verlengen dan wel opheffen van de reserve Covid-19 aan de raad worden voorgelegd, passend bij de omstandigheden en voorspellingen omtrent de coronacrisis van dat moment.
13
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum
21-10-2021
Bijlage I – CPB Macro Economische Verkenning (MEV) 2022 FIGUUR BIJLAGE I.1 – CPB MACRO ECONOMISHE VERKENNING (MEV) 2022 – INFOGRAPHIC
14
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum
21-10-2021
Bijlage II – Specificatie risico’s Risico Invloed Risicogebeurtenis Nr. (%)
Financieel Minimum
Financieel Maximum
Kans
Toelichting
R42
€ 75.000
€ 150.000
40%
Door stijgende aanvragen als gevolg van Covid-19 neemt het werk op het sociaal plein toe. Er is extra capaciteit nodig om deze aanvragen te verwerken. Hiervoor is reeds een onttrekking geraamd ten laste van de reserve Covid19 om de acute problemen op te lossen. Bij een aantal regelingen zien we nu nog geen stijging, maar worden deze wel verwacht. Hier gaat het o.a. om de schuldhulpverlening, BBZ, Re-integratie en handhaving. Voor deze regelingen blijft de mogelijkheid bestaan dat in de 2e helft van 2021 meerkosten zullen ontstaan om de stijgende aantallen aanvragen te kunnen verwerken. Inmiddels zijn wij verder in het jaar en hebben de meerkosten zich vooralsnog niet verder voorgedaan. In FIA VI is derhalve de kans en de hoogte van het risico verlaagd.
R156 21,04% Sterkte instroom bijstandsgerechtigden Minimaregelingen (o.a. BUIG)
€0
€ 200.000
40%
Als gevolg van Covid-19 neemt de vraag naar inkomensregelingen toe en stijgen de uitgaven. Het grootste risico hier lopen we bij de BUIG, waarbij we grotendeels afhankelijk zijn van het Rijk. Inmiddels is het definitieve BUIG budget bekend. We zijn grotendeels gecompenseerd voor de hogere BUIG uitgaven. Er resteert een nadeel van € 100.000. Dit nadeel classificeren we niet als Covid-19 gerelateerd. Als gevolg van de Covid-19 maatregelen zijn er in 2020 minder aanvragen voor schuldhulpverlening en minimaregelingen ontvangen. Met als gevolg dat de uitgaven achter zijn gebleven en dat een deel van het budget in 2020 over is gebleven. De verwachting was dat dit uitgestelde vraag betrof. Inmiddels zijn wij verder in het jaar en zien we vooralsnog geen grote inhaalvraag ontstaan en verwachten we binnen de huidige budgetten uit te komen. Gezien de verkregen zekerheid ten aanzien van de BUIG en dat de inhaalvraag zich vooralsnog nauwelijks voordoet is dit risico naar beneden bijgesteld in FIA VI.
R88
€ 300.000
€ 500.000
10%
De culturele instellingen konden de afgelopen periode, door tussenkomst van de gemeente, vanuit het Rijk of overige regelingen een bijdrage ontvangen om de gederfde inkomsten te dekken en zich hierdoor staande te houden. Een van de reden was dat de reserve van een culturele instelling veelal (zoals gebruikelijk) te laag is om dit zelf volledig en/of langere tijd op te kunnen vangen. De bijdragen vanuit het Rijk en de overige regelingen zijn in veel gevallen matchingsregelingen, met de opzet dat de bijdrage van Rijk of Provincie in een procentuele verdeling wordt gematched door de gemeenten. Hierdoor werd een multiplier effect gerealiseerd, waardoor de steun van de gemeente wordt aangevuld met 50% of 65% aan externe middelen van het Rijk of Provincie ten behoeve van de noodsteun. Gedurende de afgelopen periode hebben de culturele instellingen zich actief bezig gehouden met het monitoren van hun financiële positie. Mede door de ontwikkelingen en het verloop van de coronacrisis was dit niet eenvoudig. Gezien de onzekerheidsfactor werden de financiële consequenties regelmatig geactualiseerd. Hier is wel de kanttekening op zijn plek dat in 2020 veel instellingen hun subsidie vanuit de gemeente hebben ingezet om de vaste lasten te kunnen dragen en op die manier overeind te blijven. Omdat de subsidies binnen de begroting vallen, heeft dit niet geleid tot meerkosten voor de gemeente.
Daar staat wel tegenover dat de instellingen vanwege de coronacrisis (o.a. door periodes van sluiting en de 1,5e meter maatregelen) niet hebben kunnen voldoen aan de bijbehorende subsidie-eisen voor dat jaar. De gemeente heeft vanwege de omstandigheden van de coronacrisis een coulancebeleid toegepast om terugvordering van de
23,56% Verwerken verhoogde instroom aanvragen (o.a. BUIG/BBZ/debiteurenbeheer etc.)
21,04% Faillissement/surseance culturele instellingen (o.a. matchingsregelingen)
15
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum Risico Invloed Risicogebeurtenis Nr. (%)
Financieel Minimum
Financieel Maximum
Kans
21-10-2021
Toelichting
subsidies te beperken. Nu de coronacrisis maatregelen aflopen, mede ook door de oplopende vaccinatiegraad, verwachten wij op dit moment dat culturele instellingen geen tot zeer beperkt aanspraak zullen moeten maken op de subsidie. Wij voorzien daardoor voor de rest van het jaar 2021 dat er geen faillissementen van instellingen zich zullen voordoen. Door de afloop van de maatregelen kunnen steeds meer instellingen open en kan gewerkt worden aan herstel van publieksvertrouwen en het herwinnen van bezoekers tot een meer regulier niveau. Daarom concluderen wij dat de eerdere ingeschatte kans van 80% afneemt tot 10% voor dit jaar. De kleinere culturele instellingen die niet in aanmerking komen voor landelijke matchingsregelingen vallen onder een apart risico (R199) en zijn daarom geen onderdeel van de kwantificering van dit risico (R88). R58
16,33% Hogere uitgaven volksgezondheid, WMO, jeugdzorg, etc.
€0
€ 250.000
25%
Voor 2020 had het Rijk in overleg met de VNG bepaald dat de gemeenten de omzet 2019 (+ contractuele indexatie) moesten garanderen voor de zorgaanbieders (continuïteitsbijdrage). Voor 2021 geldt deze afspraak alleen voor WMO-vervoer en leerlingenvervoer. De kosten van de continuïteitsbijdrage zijn lager dan de "normale" kosten en kunnen normaliter dus binnen de begroting worden opgevangen. Net als in 2020 geldt voor 2021 de verplichting voor gemeenten om zorgaanbieders eventuele meerkosten bij Jeugd en WMO als gevolg van de Covid-19 te vergoeden. Hiertegenover zal wederom een rijksbijdrage staan. We gaan ervan uit dat de meerkosten wegvallen tegen de rijksbijdrage. Vooralsnog is de inschatting dat de financiële impact beperkt zal zijn en schatten we deze in op maximaal € 250.000.
R41
6,58%
€0
€ 250.000
10%
Dit risico betreft de mogelijke extra kosten voor inhuur als gevolg van uitval vanwege (de regels omtrent) het Coronavirus. Om snel te kunnen testen zijn er voor bepaalde functiegroepen afspraken gemaakt voor sneltesten. Omdat verreweg de meeste medewerkers vanuit huis hun werkzaamheden kunnen verrichten, is er voor wat betreft wachttijd voor een test of quarantainetijd weinig effect op de gehele organisatie. Bovendien zijn er geen alarmerende ziekteverzuim signalen. Sinds de thuiswerk situatie startte, is het aantal ziektemeldingen nagenoeg gelijk gebleven. De medewerker beleving wordt onder andere door middel van enquêtes gemonitord. De verwachting is dat als de medewerkers beleving zou dalen, er een stijging in het ziekteverzuim zou kunnen volgen. Er is zodoende veel aandacht voor het betrokken houden van de medewerkers, juist nu de meeste zich op afstand bevinden. We hebben de thuiswerkmaatregelen iets meer losgelaten, de samenleving gaat steeds meer terug naar het gewone leven en de kansen en risico’s op hoger verzuim als gevolg van corona of de daaruit voortvloeiende maatregelen blijven relatief klein maar zijn nog niet nul. Dit alles leidt ertoe dat de huidige kans en kwantificering gelijk blijven ten opzichte van FIA V.
€ 30.000
50%
Buurthuizen/ontmoetingsplekken hebben dit jaar noodsteun ontvangen voor de inkomstenderving door de coronacrisis (RIB 2021-64). Daarnaast hebben ook clubs en verenigingen mogelijk te maken (gehad) met inkomstenderving. Om te voorkomen dat zij hierdoor in de problemen komen, biedt de gemeente noodsteun. Via lokale media is deze regeling eind september jl. onder de aandacht gebracht van clubs en verenigingen. Aangezien de aanvragen nog niet binnen zijn, is niet goed aan te geven hoeveel middelen hiervoor nodig zijn.
R245 4,58%
Verminderde inzet personeel
Noodsteun buurthuizen, clubs en € 5.000 verenigingen voor inkomstenderving
16
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum
21-10-2021
Risico Invloed Risicogebeurtenis Nr. (%)
Financieel Minimum
Financieel Maximum
Kans
Toelichting
R244 2,83%
Compensatie eigen bijdrage kinderopvang en leerlingenvervoer
€ 35.000
€ 75.000
10%
Ouders worden door de rijksoverheid gevraagd hun factuur voor de kinderopvang door te betalen, ook als zij vanwege de sluiting geen gebruik kunnen maken van kinderopvang. Door de rijksoverheid is besloten dat er, net als in het voorjaar 2020, sprake is van een financiële tegemoetkoming voor de eigen bijdrage van ouders, ook van de eigen bijdrage leerlingenvervoer. De totale kosten per maand van sluiting worden geschat op €37.500. Vooralsnog gaan we er van uit dat deze extra kosten, net als in 2020, gedekt kunnen worden binnen de huidig beschikbare middelen onderwijskansenbeleid. Mocht de dekking toch niet toereikend blijken, dan zullen de meerkosten ten laste worden gebracht van de reserve Covid-19. Die kans wordt ten tijde van FIA VI echter klein ingeschat (10%).
R90
Afname opbrengsten buitenreclame
€ 29.000
€ 45.000
10%
In 2021 heeft vanwege de coronacrisis de omzet van onze concessiehouders voor het reclame maken in de buitenruimte (lichtmasten, A0-borden en abri's) onder druk gestaan. Vanwege de duur van de lockdown zijn ook dit jaar verzoeken tot reductie van de afdrachten gedaan. De inschatting voor 2021 ten tijde van de vorige FIA (FIA V) was dat het maximale schadebedrag lager zou zijn dan in 2020 (i.p.v. € 85.000 werd € 45.000 verwacht) met een minimum van € 29.000 (1/3e van het totaal van 2021). De inschatting was op basis van de verwachte corona ontwikkelingen en versoepelingen van de lockdown in het tweede kwartaal van 2021. De komende periode zal worden gemonitord en worden nog steeds gesprekken gevoerd met de concessiehouders. De verwachting is dat, vanwege de afloop van de maatregelen, geen sprake zal zijn van forse omzetreductie en daardoor ook geen aanspraak worden gemaakt op de reductie van afdrachten. De verwachte kans van optreden is bijgesteld van 40% naar 10%.
Garantstelling OZB Stadsfonds
€0
€ 44.000
10%
Over de onroerende zaakbelasting (OZB) niet-woningen wordt een opslag van 10,25% gegarandeerd in het Stadsfonds. Deze OZB gerelateerde opbrengsten voor het Stadsfonds worden door de gemeente geïnd maar zijn, conform de uitvoeringsovereenkomst, van het Stadsfonds. Omdat ze gekoppeld zijn aan de OZB en daarmee aan de waarde van vastgoed fluctueren deze opbrengsten. De gemeente raamt de opbrengsten aan het begin van een begrotingsjaar op basis van een voorspelling van de ontwikkeling van de WOZ waarde. Op basis van de geraamde OZB worden de OZB gerelateerde opbrengsten voor het Stadsfonds (de opslag) berekend. Die raming (het begrote bedrag) wordt vervolgens opgenomen in de subsidietoekenning voor het Stadsfonds in het begin van elk jaar. Na afloop van het jaar volgt de subsidievaststelling, die zich baseert op de werkelijke (gerealiseerde) OZB gerelateerde opbrengst. Na het jaar wordt dus gekeken hoeveel opslag daadwerkelijk is ontvangen door de gemeente en op basis daarvan vindt een afrekening plaats met het Stadsfonds. Tot nu toe is de raming altijd erg accuraat geweest en heeft de afrekening aan het eind van het jaar niet tot grote afwijkingen geleid in het totaal dat het Stadsfonds uit deze middelen van de gemeente ontving. Op het moment dat er betalingsachterstanden of faillissementen zijn, lopen de OZB inkomsten en daarmee ook de opslag voor het Stadsfonds, terug.
Vanwege de economische gevolgen van de coronacrisis is de hoogte van de OZB gerelateerde opbrengsten voor het Stadsfonds onzeker, waardoor de activiteiten van het Stadsfonds ook onzeker worden. Om die onzekerheid weg te nemen is besloten deze opbrengsten voor het Stadsfonds te garanderen. Dat betekent dat er geen afrekening plaatsvindt maar dat de opbrengsten zoals ze aan het begin van het jaar geraamd (begroot) zijn, worden toegekend. Als de OZB inkomsten achterblijven, legt de gemeente zelf het verschil bij. Overigens is er al sprake van een (tot nu toe
1,94%
R159 1,18%
17
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum Risico Invloed Risicogebeurtenis Nr. (%)
Financieel Minimum
Financieel Maximum
Kans
21-10-2021
Toelichting
beperkte) inkomstenderving vanwege het besluit de WOZ waarde van een aantal panden naar beneden bij te stellen (persbericht 9 februari 2021). In de vorige FIA is qua risico aangegeven dat mogelijk 5% a 10% van de totaal geraamde OZB opslag van € 873.000 in 2021 niet wordt opgehaald en daarom uit eigen middelen gedekt zou moeten worden. Op dit moment, ten tijde van FIA VI, blijkt dat er nog geen sprake is van een forse toename in betalingsachterstanden of faillissementen. De verwachting is dat dit risico zeer beperkt zal optreden. Op basis van dit inzicht is dit risico bijgesteld naar mogelijk maximaal 5% (€ 44.000) van de geraamde opbrengsten die niet geïnd kan worden. De verwachte kans van optreden is bijgesteld van 70% naar 10%. R199 0,91%
Faillissement/surseance kleine culturele instellingen (uitgaande subsidies)
€ 10.000
€ 25.000
10%
Dit risico is een afsplitsing van R88, welke onder andere is gekoppeld aan landelijke matchingsregelingen om te voorzien in vaste lasten. Van kleine stichtingen en verenigingen zijn sinds de zomer 2020 aanvragen binnengekomen voor acute financiële steun. Deze stichtingen en verenigingen konden geen aanspraak doen op het steunpakket dat door het Rijk is gevormd en hebben een te kleine buffer om de consequenties van de 1,5 meter samenleving langere tijd op te vangen. Met 40 kleine stichtingen en verenigingen heeft de gemeente een structurele subsidierelatie. In december 2020 is de eerste noodsteun verstrekt aan 4 verenigingen. In het tweede kwartaal van 2021 heeft er een nieuwe inventarisatie plaatsgevonden, om de volgende 6 maanden te overbruggen. Er is in totaal € 33.000 aan steun verstrekt om deze organisaties overeind te houden in de coronacrisis. Voor het 2e halfjaar was de kans bijgesteld van 70% naar 40%. De reden hiervoor was dat de corona maatregelen afnamen en daardoor de openstellingen van de stichtingen en verenigingen konden worden verruimt. Nu de corona maatregelen aflopen, mede ook door de oplopende vaccinatiegraad, verwachten wij op dit moment dat kleine culturele instellingen geen tot zeer beperkt aanspraak zullen maken op de subsidie.
Wij voorzien daardoor voor de rest van het jaar 2021 dat er geen faillissementen van kleine culturele instellingen zich zullen voordoen. Door de afloop van de maatregelen kunnen steeds meer instellingen weer open. Daarom concluderen wij dat de eerdere ingeschatte kans van 40% afneemt tot 10%.
R68
0,00%
Extra voorzieningen tijdelijk thuiswerken - Licentiekosten (o.a. Windows)
€0
€0
0%
Dit risico is inmiddels opgetreden en komt vanaf FIA VI te vervallen. ICT heeft aangegeven dat het werkelijk nadeel vanuit Covid-19 € 108.000 bedraagt in 2021, welke is opgenomen ten laste van de reserve Covid-19 in de vijfde verzamel RIB (RIB 2021-83). Er worden geen overige Covid-19 risico's voorzien in het laatste kwartaal 2021.
R108 0,00%
Uitvallen cruciale rollen team Functioneel Beheerders
€0
€0
0%
Dit risico is vervallen. Binnen de groep functioneel beheerders van software bestaat een aantal specialistische functies die niet te vervangen zijn door anderen in het team. Op het moment dat zij zouden uitvallen, zou ingehuurd moeten worden om de bedrijf kritische software te laten werken en beheren. Dergelijke specialisten zijn doorgaans duur. Voor het eerste half jaar 2021 zijn de meerkosten van € 60.000 al meegenomen in de derde verzamel RIB Covid-19 (RIB 2021-31). De kans dat deze inhuur ook het laatste kwartaal nodig blijkt, blijft aanwezig, maar gezien de landelijke vaccinatiegraad en het beperkte aantal resterende maanden is dat risico beperkt. Mocht het zich onverhoopt toch voordoen dan valt het binnen de inschatting van het gemeentebrede risico R41 verminderde inzet personeel. Dit risico R108 is daarmee komen te risico vervallen.
18
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum
21-10-2021
Risico Invloed Risicogebeurtenis Nr. (%)
Financieel Minimum
Financieel Maximum
Kans
Toelichting
R61
€0
€0
0%
Risico is komen te vervallen. Evt. extra (jeugd)boa's etc kunnen uit regulier budget betaald worden. Mocht dit onverhoopt tot een overschrijding van het reguliere budget leiden, dan wordt dit als afwijking gemeld volgens de reguliere procedure.
R220 0,00%
Tweede Kamerverkiezing maart € 0 2021 - meerkosten als gevolg van het coronaproof organiseren van de verkiezingen
€0
0%
Ten opzichte van de vorige rapportage zijn de kosten in beeld gebracht en opgenomen in de 5e verzamel-RIB. Het risico is hiermee komen te vervallen.
R221 0,00%
Rijkscompensatie - nog te ontvangen compensatiegelden
€0
€0
0%
Risico is komen te vervallen. Alles wat dit boekjaar nog verwerkt wordt qua coronacompensatie vanuit het rijk (de septembercirculaire) komt conform het raadsbesluit Corona Herstelagenda (6 oktober 2021) ten gunste van de algemene middelen. De decembercirculaire wordt in 2022 verwerkt en van die middelen wordt op dat moment een passende afweging gemaakt wat betreft het al dan niet (ten dele) storten in de reserve Covid-19 op basis van de omstandigheden op dat moment.
R238 0,00%
Beveiliger publieke ruimte stadskantoor
€0
€0
0%
Na september is met het intrekken van de landelijke coronamaatregelen geen corona-gerelateerde noodzaak meer tot de inzet van de beveiliger voor deze specifieke handhavingstaak. Het in de vorige rapportage opgenomen restrisico komt hiermee te vervallen.
R57
0,00%
Minder inkomsten parkeren
€0
€0
0%
De verwachte inkomstenderving parkeren 2021 is dit jaar middels de derde (RIB 2021-31) en vijfde (RIB 2021-83) verzamel RIB's financiële afwijkingen a.g.v. coronacrisis aangemeld ten laste van de reserve. Er is geen restrisico op mogelijk grotere inkomstenderving dan in die RIB's opgenomen. Dit risico is daarmee vervallen.
R48
0,00%
Minder ontvangen huurinkomsten van sportorganisaties
€0
€0
0%
Om verdere verspreiding van Covid-19 tegen te gaan waren de activiteiten van sportorganisaties in 2020 en de eerste helft van 2021 beperkt. Hierdoor hebben verhuurders van sportaccommodaties risico gelopen op minder huurinkomsten. Het Rijk heeft de regeling Tegemoetkoming verhuurders sportaccommodaties (TVS) opengesteld om verhuurders hierin tegemoet te komen. Zowel de gemeente als Optisport hebben in 2020 (tweede en vierde kwartaal) en 2021 (eerste en tweede kwartaal) huur kwijtgescholden en aanvragen ingediend voor deze TVSregeling. Om Optisport aan te sporen de Hilversumse verenigingen maximaal tegemoet te komen, heeft de gemeente Hilversum garant gestaan voor het verschil tussen de door Optisport kwijtgescholden huur en de hoogte van de tegemoetkoming. Bij overschrijding van het totaal door het Rijk beschikbare gestelde bedrag voor de regeling wordt naar rato verstrekt. De TVS regeling bleek voor het tweede kwartaal van 2020 kostendekkend voor de volledige huurkwijtscheldingen voor dat kwartaal (onderdeel van de jaarrekening 2020). De aanvragen voor het vierde kwartaal 2020 en het eerste en tweede kwartaal 2021 worden in 2021 afgerekend.
Voor 2021 is inmiddels een bedrag van € 70.000 voorzien als onttrekking aan de Covid-19 reserve voor het risico op niet volledige vergoeding van de aanvragen voor deze TVS-regelingen (opgenomen in de derde (RIB 2021-31) en vierde (RIB 2021-56) verzamel RIB financiële afwijkingen a.g.v. coronacrisis). We verwachten dat de kosten voor 2021 dit bedrag niet zullen overschrijden. Er zullen naar verwachting geen TVS-regelingen komen voor het derde en vierde kwartaal 2021. Dit risico is daarmee ten tijde van FIA VI komen te vervallen.
0,00%
Meer beroep op openbare orde en handhaving (o.a. horeca, sportvelden, openbare gebouwen)
19
Financiële impactanalyse VI Covid-19 risico’s Gemeente Hilversum
21-10-2021