Raadsinformatiebrief 2021-48 inzake Jaarverantwoording Kinderopvang 2020, gemeente Hilversum
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Van
Burgemeester en Wethouder
Zaak nr.
775690
Aan
Gemeenteraad
RIB nr.
2021-48
Portefeuillehouder
A. Wolthers
Datum
17 juni 2021
Informatie bij
Nina van Dijk
Tel. nr.
06-34519310
Onderwerp Jaarverantwoording Kinderopvang 2020, gemeente Hilversum
Kernboodschap Jaarlijks moeten we verslag doen van de toezicht- en handhavingstaken die de gemeente in het voorafgaande kalenderjaar in het kader van de Wet Kinderopvang heeft verricht. Door vaststelling van de Jaarverantwoording Kinderopvang 2020 (zie bijgevoegde vragenlijst) leggen we verantwoording af aan de Inspectie van het Onderwijs en de gemeenteraad.
Aanleiding Op basis van de Wet kinderopvang zijn wij verantwoordelijk voor het toezicht en de handhaving op de kwaliteit van de kinderopvang. Het toezicht is belegd bij de GGD die de kwaliteit van een kinderopvangvoorziening op diverse gebieden inspecteert. De GGD adviseert het college naar aanleiding van deze inspecties over de te handhaven voorschriften. De handhaving voert de gemeente zelf uit. Ieder jaar wordt middels de Jaarverantwoording Kinderopvang de balans opgemaakt; we bekijken of we de termijnen hebben gehaald en of we hebben voldaan aan de handhavingsplicht. De Jaarverantwoording treft u ter kennisname bij dit raadsbericht aan. Na vaststelling door het college is ook één exemplaar naar de Inspectie van het Onderwijs verzonden.
De Jaarverantwoording 2020 De gemeente Hilversum heeft in 2020 grotendeels voldaan aan de toezicht- en handhavingsverplichting zoals gesteld in de Wet kinderopvang. De coronamaatregelen hebben wel invloed gehad op de uitvoering van de taken. De kinderopvang is vanwege de lockdown enige tijd gesloten geweest en de GGD heeft langere tijd een deel van de toezichthouders in moeten zetten in het corona-bedrijf. Het is hierdoor niet gelukt om alle geregistreerde kinderopvang te inspecteren, de 100% norm is als gevolg van corona dus niet gehaald. De inspectie heeft aangekondigd om bij de beoordeling van de jaarverantwoording gezien de bijzondere situatie hier coulant mee om te gaan. De verwachting is dat gemeente Hilversum valt binnen die coulance. Daarnaast goed om te vermelden dat inspanningen worden geleverd om in 2021 meer inspecties te doen. Hieronder vindt u een samenvatting van de jaarverantwoording kinderopvang 2020 gemeente Hiversum. 1. Het Landelijk Register Kinderopvang is in 2020 volledig en actueel. 2. De gemeente heeft in de periode 1 oktober 2019 tot 1 oktober 2020 34 aanvragen voor registratie ontvangen, waarvan er 33 tijdig afgehandeld zijn; 97,1% van de aanvragen is derhalve tijdig afgehandeld. 3. De GGD heeft 21 van de 81 locaties geïnspecteerd. Dat betekent dat 25,9 % van de locaties is geïnspecteerd. 4.
De gemeente heeft 26 van de 26 nieuwe voorzieningen voor gastouderopvang geïnspecteerd. Dat betekent dat 100% van de nieuwe voorzieningen voor gastouderopvang is geïnspecteerd.
5. De gemeente heeft 13 van de 66 bestaande voorzieningen voor gastouderopvang geïnspecteerd. Dat betekent dat 19,7 % van de bestaande voorzieningen voor gastouderopvang is geïnspecteerd. 6. De gemeente heeft gedurende het gehele jaar gebruik gemaakt van het programma waarin de handhaving wordt geregistreerd (GIR-handhaven). 7. De GGD heeft 38 keer herstelaanbod1 aangeboden waarvan er 36 binnen de daarvoor gestelde termijn door de houder zijn hersteld. 8. Op de in totaal 64 tekortkomingen uit alle inspectierapporten met een handhavingsadvies heeft de gemeente 62 keer een handhavingsactie ingezet. Daarnaast is er 2 keer gebruik gemaakt van herstelaanbod. Dat betekent dat de gemeente op het totale aantal tekortkomingen 100% inzet heeft gepleegd.
Consequenties Met het indienen van de Jaarverantwoording Kinderopvang 2020 (zie bijlage) bij de Inspectie van het Onderwijs voldoen we aan onze wettelijke verplichting.
Financiën N.v.t.
Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris,
burgemeester,
W. Groot, ls.
Ch.B. Aptroot, wnd
Bijlage(n): Jaarverantwoording Kinderopvang 2020, gemeente Hilversum Deze raadsinformatiebrief is digitaal beschikbaar op internet onder “Vergaderstukken”, B&W-vergadering van 15 juni 2021
1 Een herstelaanbod is het aanbod van de toezichthouder kinderopvang aan de houder om binnen de door de toezichthouder gestelde tijd een geconstateerde overtreding te herstellen.
Vragenlijst gegevens Naam
Jaarverantwoording Kinderopvang Gemeenten 2020
Respondent gegevens Nummer
0402
Entiteit
Hilversum
Details Begonnen
20. April 2021 om 12:29
Afgerond
Nee
Sessies
3
Tijdsduur
Aandachtspunten: De verantwoordingsgegevens in de concept-jaarverantwoording zijn ontleend aan LRK en GIR. Er zijn bij het geven van de benodigde toelichtingen geen privacygevoelige gegevens vermeld Het jaarverslag is een belangrijk onderdeel van het totaal aan gegevens dat de IvhO gebruikt in hun jaarlijkse risicoanalyse. Downloaden ten behoeve van vaststelling door het College: Na het beantwoorden van de vragen en het invullen van de toelichtingen, is de jaarverantwoording gedownload (in Word- of PDF-format). Deze download wordt gebruikt voor de vaststelling door het College van burgemeester en wethouders (hierna: College) en de jaarlijkse verantwoording aan de gemeenteraad. Na vaststelling door het College: Na vaststelling door het College wordt de jaarverantwoording definitief verstuurd naar de IvhO. Met het inzenden van de jaarverantwoording onderschrijft de invuller, namens de gemeente, dat de gegevens compleet en kwalitatief op orde zijn, en dat de jaarverantwoording is vastgesteld door het College. Jaarverantwoording Kinderopvang 2020, gemeente Hilversum De kinderopvang omvat de volgende voorzieningen: Kinderdagverblijven (KDV), Buitenschoolse Opvang (BSO), Gastouderbureaus (GOB) en Voorzieningen voor Gastouderopvang (VGO). Gemeenten zijn volgens de Wet kinderopvang verantwoordelijk voor het toezicht op en de handhaving van de kwaliteit van kinderopvangvoorzieningen.
Het College van burgemeester en wethouders legt over de uitvoering van haar taken jaarlijks verantwoording af aan de gemeenteraad en de Inspectie van het Onderwijs (hierna: Inspectie). De Inspectie is door de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) aangewezen om interbestuurlijk toezicht uit te oefenen op de manier waarop gemeenten invulling geven aan hun wettelijke taken op het gebied van toezicht en handhaving in de kinderopvang. De verantwoording van gemeenten richting de Inspectie vindt plaats via de jaarverantwoording. Deze moet uiterlijk 1 juli worden ingediend en betreft het verslag van het voorgaande jaar. De uitbraak van het coronavirus en de daarmee gepaard gaande maatregelen hebben invloed (gehad) op de uitvoering van de wettelijke taken kinderopvang door gemeenten. De Inspectie zal de normen die hiervoor gelden daarom niet onverkort toepassen bij de beoordeling van de taakuitvoering door gemeenten in 2020. Dit heeft tot gevolg dat de Inspectie maatwerk zal toepassen bij beoordeling van de taakuitvoering. De keuzes en afspraken die gemeenten hebben gemaakt, en de onderbouwing daarvan, zullen bij dit maatwerk een belangrijke rol spelen. Bij het maken van keuzes en afspraken dient, zoals altijd, het doel van toezicht en handhaving op de kinderopvang voorop te staan. Dit doel is: het borgen van verantwoorde kinderopvang in een gezonde en veilige omgeving.
Pagina 1 van 11
Gegenereerd op: 11-05-2021
Opbouw van de vragenlijst De jaarverantwoording over 2020 bestaat uit twee delen: A en B. We lichten dit hieronder toe. Deel A De vragen in deel A zijn bedoeld om een goed beeld te krijgen van de context waarbinnen gemeenten hun taken in 2020 hebben uitgevoerd. Dit deel begint daarom met enkele vragen waarmee de gevolgen van de coronamaatregelen op de taakuitvoering door de gemeente in beeld worden gebracht. Daarna worden er een aantal vragen gesteld over de afspraken en de keuzes die zijn gemaakt voor de periode waarin weer kon worden toegewerkt naar de reguliere wijze van het uitoefenen van toezicht en handhaving in de kinderopvang. Deel B Deel B van de vragenlijst bevat vragen over de uitvoering van de wettelijke taken over het gehele jaar 2020. De criteria die hierbij aan de orde komen, zijn (net als in andere jaren) gebaseerd op de vier belangrijkste wettelijke taken van gemeenten. Om de toezichtlast zo klein mogelijk te houden, bestaat dit jaar de mogelijkheid om (na het invullen van de vragenlijst) documenten in het ISD te uploaden die de gevraagde informatie bevatten. U kunt naar deze documenten verwijzen in de toelichtingen. Fasering van de coronamaatregelen in deze jaarverantwoording De coronamaatregelen die in 2020 zijn genomen, kunnen in verschillende fases worden onderscheiden.
In de jaarverantwoording houden we de fases aan die zijn beschreven in de Denklijn Toezicht en Handhaving tijdens corona – Fase 3 die in de eerste helft van juni 2020 door VNG Naleving en GGD GHOR NL ter beschikking is gesteld aan gemeenten en GGD’en. Aangezien fase 3 helaas niet tot en met het einde van het jaar heeft geduurd, hebben wij over deze fase een aanvullende tekst geschreven. Fase 1: betreft de periode van 16 maart tot en met 10 mei 2020. In fase 1 mochten onderwijsinstellingen en voorzieningen voor kinderopvang (kinderdagverblijven, buitenschoolse opvang en gastouderopvang) geen fysieke onderwijsactiviteiten en opvang aanbieden. Een uitzondering werd gemaakt voor de noodopvang van kinderen van ouders in cruciale beroepen en de opvang van kwetsbare kinderen. Fase 2: betreft de periode van 11 mei tot en met 7 juni 2020. In fase 2 gingen kinderen weer voor de helft van de tijd naar school, de andere helft kregen zij thuisonderwijs. Het speciaal onderwijs, de kinderdagverblijven en de gastouderopvang gingen weer open voor alle kinderen. De buitenschoolse opvang was alleen beschikbaar op de dagen dat kinderen naar school gingen. Daarnaast liep de noodopvang voor kinderen van ouders in cruciale beroepen en de opvang van kwetsbare kinderen door. Fase 3: betreft de periode van 8 juni tot en met 15 december (oorspronkelijk: 31 december) 2020.
In fase 3 waren de scholen weer volledig open en was ook de hele kinderopvang weer op reguliere wijze geopend. De noodopvang werd daarom afgebouwd en was (tot 1 juli) alleen nog beschikbaar in de avonden, de nachten en de weekenden voor kinderen van ouders die in de zorg werken. Aanvulling wat betreft fase 3: In de Denklijn Toezicht en Handhaving tijdens corona – Fase 3 is aangegeven dat fase 3 bij ongewijzigde coronamaatregelen tot 31 december 2020 zou duren. Op 14 december 2020 werd echter aangekondigd dat het basisonderwijs en een goot gedeelte van de kinderopvang (kinderdagverblijven en buitenschoolse opvang) vanaf 16 december, tot en met in ieder geval 17 januari 2021, gesloten zouden zijn. Dit betekent dat fase 3 per 16 december geëindigd is.
Deel A Pagina 2 van 11
Gegenereerd op: 11-05-2021
De vragen in deel A zijn bedoeld om een goed beeld te krijgen van de context waarbinnen gemeenten hun taken in 2020 hebben uitgevoerd. Gevolgen van de coronamaatregelen Hebben de coronamaatregelen, over het gehele jaar 2020 bezien, de uitvoering van de wettelijke taken toezicht en handhaving kinderopvang door de gemeente beïnvloed? Ja, de coronamaatregelen hebben ertoe geleid dat de gemeenten haar wettelijke taken op het gebied van kinderopvang niet (volledig) heeft kunnen uitvoeren. Nee, de gemeente heeft, ondanks de coronamaatregelen, haar wettelijke taken op het gebied van kinderopvang volledig kunnen uitvoeren. Is er handhaving ingezet bij noodopvanglocaties naar aanleiding van (signaalgestuurd) toezicht in de periode van 16 maart tot en met 7 juni en de periode van 16 tot en met 31 december op de kwaliteit van de kinderopvang? Nee Ja, namelijk Op welke manier hebben de coronamaatregelen de uitvoering van de wettelijke taken kinderopvang door de gemeente beïnvloed? Meerdere antwoorden mogelijk Er was minder gemeentelijke capaciteit beschikbaar Er was minder capaciteit bij de GGD beschikbaar Anders, namelijk Anders, namelijk Heeft de gemeente de in 2020 niet uitgevoerde taken meegenomen in de planning voor 2021? Indien het antwoord 'ja' is, wilt u dan aangeven op welke manier dit is gebeurd? Nee Ja, op deze manier
Er wordt voorrang gegeven aan de locaties met een rood risicoprofiel. De locaties die niet zijn gezien in 2020 worden het eerst bezocht. Rode locaties worden fysiek bezocht, de andere locaties vooralsnog met beeldbellen. De locaties waarbij het belangrijk is de pedagogische praktijk te beoordelen, worden later in 2021 bezocht wanneer fysiek toezicht bezoek weer mogelijk is.
Hieronder kunt u uw antwoorden op de vragen tot nu toe toelichten en/of aanvullen. Het gaat erom dat wij een zo compleet mogelijk beeld krijgen van de impact die de coronamaatregelen op uw gemeente hebben gehad. KDV: • Jaarlijkse onderzoeken: o Rood/oranje: fysiek bezoek o Geel/groen/zonder profielkleur: op afstand • Onderzoek voor registratie: fysiek bezoek • Onderzoek 3 maanden na registratie: op afstand • Incidenteel onderzoek: op afstand • Nader onderzoek: op afstand BSO: • Noodopvang vinger aan de pols en signaal gestuurd • Geen jaarlijkse onderzoeken voorlopig (tot nieuw advies GGD GHOR na lockdown) • Geen onderzoeken 3 maanden na registratie • Onderzoeken voor registratie: fysiek bezoek • Incidenteel onderzoek: primair op afstand • Nader onderzoek: primair op afstand Gastouders: • Op afstand, beeldbellen. • Wanneer dit problemen oplevert, bewaren voor later in het jaar wanneer we weer fysiek op bezoek mogen. Gastouderbureau: • Op afstand, beeldbellen. Toezicht op afstand, tenzij: De GGD gaat niet op locatiebezoek tenzij het echt noodzakelijk is voor een onderbouwd oordeel over de kwaliteit. Er wordt daarbij afgewogen of het dringend nodig is om de locatie te bezoeken en overlegt dit met ons als gemeente.
Pagina 3 van 11
Gegenereerd op: 11-05-2021
Planning, keuzes en afspraken met de GGD in fase 3 De volgende vragen gaan over de afspraken die (mogelijk) met de GGD zijn gemaakt over het toezicht in fase 3 (8 juni tot en met 15 december 2020) en de prioriteiten die (mogelijk) zijn gesteld om toezicht en handhaving kinderopvang in 2020 nog zo volledig mogelijk uit te kunnen uitvoeren. U hoeft hier nog niet in te gaan op de uiteindelijke uitvoering van de gemaakte keuzes en afspraken. Dit komt verderop in de vragenlijst aan bod (in deel B). Heeft de gemeente een plan opgesteld of een denkwijze gehanteerd om er in de periode vanaf 8 juni tot en met 15 december voor te zorgen dat de taken toezicht en handhaving kinderopvang nog zo volledig mogelijk konden worden uitgevoerd? Hiermee worden keuzes en afspraken bedoeld die de gemeente heeft gemaakt als gevolg van de coronamaatregelen. Denk bijvoorbeeld aan aanpassingen in de normale werkwijze, prioriteren van de gemeentelijke werkzaamheden (voor de registervoering, het tijdig afhandelen van aanvragen en de handhaving) en het maken van afspraken over het toezicht met de GGD. Deze keuzes en afspraken kunnen vastgelegd zijn in documenten, maar het kunnen ook ideeën zijn geweest waarnaar gewerkt is, zonder dat deze zijn vastgelegd.
Ja Nee Kunt u beschrijven wat dit plan/deze denkwijze inhield? Denk hierbij bijvoorbeeld aan de keuzes en afwegingen die zijn gemaakt op het gebied van de gemeentelijke werkzaamheden (Wat is als eerste weer opgepakt?) en op het gebied van de werkzaamheden door de GGD (Zijn bepaalde soorten onderzoeken als eerste weer opgepakt? Is ervoor gekozen om bepaalde locaties niet te inspecteren? Is het steekproefpercentage voor de gastouderopvang aangepast ten opzichte van de oorspronkelijke planning? Is het aantal geïnspecteerde voorwaarden per oranje/gele/rode inspectie aangepast?). Het is de bedoeling dat duidelijk wordt welke keuzes de gemeente heeft gemaakt, en waarom. Als u beschikt over documentatie waarin de gevraagde informatie wordt beschreven, kunt u deze documentatie uploaden in het ISD en er hieronder naar verwijzen. Indien uit de documentatie niet duidelijk wordt wat de onderbouwing is van de keuzes, maar alleen de werkwijze/keuzes worden beschreven, vragen wij u hieronder de onderbouwing voor de keuzes toe te lichten. We hebben de denklijn toezicht en handhaving tijdens corona fase 3 gebruikt bij de prioritering.
Dat betekent dat wij hierbij de volgende prioritering hebben gemaakt: - kindercentra met rood risicoprofiel - signaalgestuurd toezicht - wijzigingsverzoeken - onderzoeken voor registratie - lopende handhavingstrajecten - onderzoeken na registratie - overige jaarlijkse onderzoeken Deel B Uitvoering van de wettelijke taken kinderopvang in 2020 De volgende vragen gaan over de feitelijke uitvoering van de wettelijke taken van de gemeente over het volledige verslagjaar 2020. De jaarverantwoording heeft betrekking op de volgende vier wettelijke taken van gemeenten: 1. Het uitvoeren van de registertaak van het Landelijk Register Kinderopvang (LRK). 2. Het tijdig afhandelen van aanvragen voor toestemming tot exploitatie en registratie van nieuwe voorzieningen. 3. Het laten uitvoeren van de verplichte onderzoeken door de toezichthouder. 4. Handhavend optreden. 1. Criterium registervoering Toelichting wettelijke taak
Het LRK moet juist en volledig zijn gevuld en actueel zijn. Bij onvolkomenheden kan worden gedacht aan: Wijzigingsverzoeken die niet (of niet op tijd) zijn verwerkt; Onjuiste aanduiding van het (wel of niet) aanbieden van gesubsidieerde voorschoolse educatie door kinderdagverblijven; Het niet in het publieksportaal gepubliceerd zijn van onherroepelijk geworden handhavingsbesluiten (aanwijzing, boete, last onder dwangsom, last onder bestuursdwang en exploitatieverbod); Onjuiste informatie door invoerfouten. NB: Wijzigingen die de houder niet heeft doorgegeven vallen buiten dit criterium. NB: Het gaat bij dit criterium uitdrukkelijk niet om de invoer in GIR-Handhaven en GIR-Inspecteren. Pagina 4 van 11
Gegenereerd op: 11-05-2021
Verantwoordingsinformatie registervoering 1a. Was het LRK gedurende het verslagjaar 2020 juist, volledig en actueel? Ja Nee, niet helemaal 2. Criterium tijdig afgehandelde aanvragen KDV, BSO, GOB, VGO Toelichting wettelijke taak
Dit criterium betreft het tijdig afhandelen van alle aanvragen voor toestemming tot exploitatie en registratie van nieuwe voorzieningen die door de gemeente zijn ontvangen in de periode van 1 oktober 2019 tot 1 oktober 2020. Voor deze termijn is gekozen omdat aanvragen die aan het einde van deze periode binnenkomen dan nog voor 31 december 2020 konden worden afgehandeld. Voor het tijdig afhandelen wordt een termijn gehanteerd van tien weken, eventueel vermeerderd met de (in het LRK vastgelegde) opschorting. Binnen deze termijn moet de voorziening in het LRK de vervolgstatus ‘geregistreerd’, ‘afgewezen’ of ‘ingetrokken’ hebben gekregen.
NB: Ingetrokken aanvragen vallen buiten dit criterium.
Verantwoordingsinformatie tijdig afgehandelde aanvragen 2a. De gemeente heeft in de periode 1 oktober 2019 tot 1 oktober 2020 34 aanvragen voor toestemming tot exploitatie en registratie ontvangen, waarvan er 33 tijdig afgehandeld zijn. Dit betekent dat 97.1% van de aanvragen tijdig afgehandeld is. 2b. U kunt hieronder ingaan op de behaalde resultaten en, indien van toepassing, toelichten waarom niet alle aanvragen tijdig afgehandeld zijn. Indien er een plan is gemaakt in verband met corona, kunt u hier ingaan op hoe de uitvoering van het plan is verlopen. Als u beschikt over documentatie waarin deze vraag wordt beantwoord, kunt u (mits u deze documentatie ook uploadt in het ISD) hier volstaan met een verwijzing naar deze documentatie en waar het antwoord precies staat. U kunt de niet tijdig afgehandelde vragen vinden in de "Controlelijst tijdig afgehandelde aanvragen". Bij een KDV wat is overgenomen door een nieuwe houder, waren de documenten niet meteen op orde. De aanvraag is wel opgeschort met 36 dagen maar dit is niet voldoende geweest. 3. Criterium uitvoering inspecties Toelichting wettelijke taak Het toezicht op de kinderopvang wordt door de GGD uitgevoerd in opdracht van de gemeente. De GGD voert inspecties uit en rapporteert hierover aan de gemeente.
Hierbij geldt het volgende: Ieder geregistreerd kinderdagverblijf (KDV), buitenschoolse opvang (BSO) en gastouderbureau (GOB) moet jaarlijks worden geïnspecteerd. Bij iedere nieuwe voorziening dient binnen 3 maanden na inschrijving in het LRK een onderzoek na registratie plaats te vinden. Elke nieuwe voorziening voor gastouderopvang (VGO) dient voor registratie geïnspecteerd te worden. Tenminste 5% van de geregistreerde voorzieningen voor gastouderopvang moet jaarlijks worden geïnspecteerd (de zogenaamde steekproef).
Verantwoordingsinformatie inspecties geregistreerde en nieuwe KDV, BSO en GOB Ieder geregistreerd kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang en gastouderbureau moet jaarlijks worden geïnspecteerd. Bij iedere nieuwe voorziening dient binnen 3 maanden na inschrijving in het LRK een onderzoek na registratie plaats te vinden. Pagina 5 van 11
Gegenereerd op: 11-05-2021
3a. De GGD heeft in het verslagjaar 2020 21 van de 81 locaties geïnspecteerd. Dat betekent dat 25.9% van de locaties is geïnspecteerd. 3b. U kunt hieronder ingaan op de behaalde resultaten en, indien van toepassing, toelichten waarom bepaalde locaties niet zijn geïnspecteerd. Indien er een plan is gemaakt in verband met corona, kunt u hier ingaan op hoe de uitvoering van het plan is verlopen. Als u beschikt over documentatie waarin deze vraag wordt beantwoord, kunt u (mits u deze documentatie ook uploadt in het ISD) hier volstaan met een verwijzing naar deze documentatie en waar het antwoord precies staat. U kunt de niet geïnspecteerde locaties vinden in de "Controlelijst geïnspecteerde voorzieningen KDV, BSO, GOB". De corona-crisis heeft van 16 maart tot 7 juni 2020 en van 16 december tot 8 februari 2021 een gedeeltelijke sluiting van de kinderopvang tot gevolg gehad. Daarnaast heeft de GGD Gooi en Vechtstreek in 2020 langere tijd een groot deel van de toezichthouders in moeten zetten in het corona-bedrijf. Dit heeft geleid tot het feit dat de 100%-norm in 2020 niet behaald is. Medio 2020 is vanuit het ministerie besloten de 100%-norm los te laten en met een prioritering te werken voor de rest van het jaar.
Het aantal te inspecteren KDV’s, BSO’s en GOB’s is gebaseerd op aantal ingeschreven voorzieningen op 31 december 2020, verminderd met het aantal voorzieningen ingeschreven vanaf 1 oktober 2020. De reden hiervoor is dat het onderzoek na registratie van deze voorzieningen na de jaargrens (1 januari 2021) kan zijn uitgevoerd. Het aantal geïnspecteerde KDV’s, BSO’s en GOB’s is gebaseerd op het aantal voorzieningen dat in 2020 is onderzocht (datum inspectiebezoek) via een jaarlijks onderzoek of een onderzoek na registratie. Een onderzoek moet voor 1 maart 2021 door de GGD zijn afgesloten om geteld te worden. Een voorziening die meerdere jaarlijkse onderzoeken of een jaarlijks onderzoek en een onderzoek na registratie heeft gehad, is slechts één keer geteld.
Verantwoordingsinformatie inspecties nieuwe voorzieningen voor gastouderopvang Elke nieuwe voorziening voor gastouderopvang (VGO) dient voor toestemming tot exploitatie en registratie geïnspecteerd te worden. 3c. De gemeente heeft in het verslagjaar 2020 26 van de 26 nieuwe voorzieningen voor gastouderopvang geïnspecteerd. Dat betekent dat 100% van de nieuwe voorzieningen voor gastouderopvang is geïnspecteerd.
Het aantal te inspecteren nieuwe voorzieningen voor gastouderopvang is gebaseerd op het aantal aanvragen voor toestemming tot exploitatie en registratie dat is ontvangen in de periode 1 oktober 2019 tot 1 oktober 2020 en heeft geresulteerd in een inschrijving. Voor deze termijn is gekozen, zodat het onderzoek voor registratie van deze nieuwe inschrijvingen kon worden uitgevoerd binnen de periode van 1 oktober 2019 tot en met 31 december 2020. Het aantal geïnspecteerde nieuwe voorzieningen voor gastouderopvang is gebaseerd op het aantal voorzieningen dat binnen de periode van 1 oktober 2019 tot en met 31 december 2020 is bezocht (datum inspectiebezoek). Het onderzoek voor registratie moet voor 1 maart 2021 door de GGD zijn afgesloten om geteld te worden.
Verantwoordingsinformatie inspecties geregistreerde voorzieningen voor gastouderopvang Tenminste 5% van de geregistreerde voorzieningen voor gastouderopvang (VGO) moet jaarlijks worden geïnspecteerd. 3e. Op 1 januari 2020 stonden 104 voorzieningen voor gastouderopvang geregistreerd. Hiervan zijn er 38 in de loop van het jaar uitgeschreven en niet geïnspecteerd. Het aantal voorzieningen voor gastouderopvang dat de basis vormt voor het percentage geïnspecteerde voorzieningen is daarom 66. De gemeente heeft in het verslagjaar 2020 13 voorzieningen voor gastouderopvang geïnspecteerd. Dat betekent dat de steekproef van geïnspecteerde voorzieningen 19.7% bedraagt.
Pagina 6 van 11
Gegenereerd op: 11-05-2021
Het aantal geregistreerde voorzieningen voor gastouderopvang is gebaseerd op alle voorzieningen voor gastouderopvang die waren ingeschreven op 1 januari, verminderd met het aantal niet- geïnspecteerde voorzieningen voor gastouderopvang dat in de loop van het jaar is uitgeschreven. Het aantal geïnspecteerde voorzieningen voor gastouderopvang in 2020 is gebaseerd op het aantal voorzieningen voor gastouderopvang dat in 2020 is bezocht voor een jaarlijks onderzoek (datum inspectiebezoek). Een onderzoek moet voor 1 maart 2021 door de GGD zijn afgesloten om geteld te worden.
Een rekenvoorbeeld (u vindt de getallen voor uw eigen gemeente in de voortgangsmonitor van DUO): Aantal VGO's op 1 januari 2020 = 100 Aantal daarvan geïnspecteerd in 2020 = 10 Aantal daarvan uitgeschreven in de loop van 2020 = 25 Aantal daarvan uitgeschreven en geïnspecteerd = 8
Het aantal VGO's uitgeschreven en niet geïnspecteerd is dus 25-8=17
Het percentage geïnspecteerde VGO's in dit voorbeeld is: 10/(100-17) = 12%
4. Criterium Handhaving / herstel van tekortkomingen Toelichting wettelijke taak Als er sprake is van tekortkomingen hebben gemeenten een beginselplicht tot handhaven. In sommige omstandigheden kan het College van burgemeester en wethouders afzien van handhaving. Voorbeelden hiervan zijn: zicht op legalisatie, strijd met de beginselen van behoorlijk bestuur, het niet meer in exploitatie zijn van de betreffende locatie, etcetera. We noemen dit beredeneerd niet handhaven. Informatie over het gebruik van GIR-Handhaven door de gemeente 4a. Maakte uw gemeente gedurende het gehele jaar 2020 gebruik van GIR-Handhaven? Ja Nee Verantwoordingsinformatie inzet van herstelaanbod Wanneer er tijdens een onderzoek tekortkomingen zijn geconstateerd, kan de GGD-inspecteur de houder in bepaalde gevallen een 'herstelaanbod' doen. De houder krijgt dan de gelegenheid om de tekortkomingen voor afronding van het inspectierapport te herstellen. Dit herstelaanbod is een eerste actie om de tekortkomingen (te doen) herstellen. N.B.: Ook als een tekortkoming wel is hersteld, is het mogelijk dat de gemeente er, gezien de aard van de tekortkoming, toch voor kiest een (bijv. bestraffende) vervolgactie in te zetten.
Pagina 7 van 11
Gegenereerd op: 11-05-2021
Onderstaande tabel geeft, naast een beeld van de inzet, ook een beeld van het resultaat van het herstelaanbod dat in het verslagjaar door de GGD is ingezet. Tabel 1: Inzet en resultaat van herstelaanbod op het totale aantal tekortkomingen in alle inspectierapporten, dus met en zonder handhavingsadvies Hilversum 2020 Aantal
Percentage
Beoordeelde voorwaarden zonder tekortkoming
1499
93.9%
Beoordeelde voorwaarden met tekortkoming, geen herstelaanbod
59
3.7%
Beoordeelde voorwaarden met tekortkoming, wel herstelaanbod
38
2.4%
Tekortkoming hersteld
36
2.3%
Tekortkoming niet hersteld
2
0.1%
Herstel onbekend (geen registratie)
0
0%
Totaal
1596
100%
4c. U kunt hieronder een toelichting geven op het ingezette herstelaanbod en, indien van toepassing, (voor zover mogelijk) toelichten waarom het herstel van sommige tekortkomingen onbekend is, c.q. niet in de GIR is geregistreerd. U kunt in de "Controlelijst beoordeelde voorwaarden met herstelaanbod" vinden welke tekortkomingen het betreft. Bij één organisatie waren twee overtredingen niet hersteld binnen het herstelaanbod. Er is een aanwijzing gegeven en bij het nader onderzoek is gebleken dat de overtredingen zijn opgelost. In de "Controlelijst beoordeelde voorwaarden met herstelaanbod" worden voorzieningen met 1 of meer overtredingen getoond waarbij een herstelaanbod is gedaan door de GGD. Tevens wordt getoond wat de uitkomst van het herstelaanbod was. Het betreft voorzieningen waarbij in de periode 1 oktober 2019 tot 1 oktober 2020 een jaarlijks onderzoek of een onderzoek na registratie is afgesloten door de GGD, waarbij overtredingen zijn geconstateerd en het advies 'handhaven' of 'niet handhaven' is gegeven door de GGD. De voorzieningen hebben de status 'geregistreerd' op 31 december 2020. Het is mogelijk dat de GGD het herstelaanbod wel heeft geregistreerd in GIR-Inspecteren, maar dat de uitkomst ervan niet is ingevuld. In dat geval staat in de controlelijst: 'herstelaanbod gedaan, uitkomst onbekend'.
Verantwoordingsinformatie ingezette handhavingsacties bij rapporten met advies 'handhaven' Wanneer het inspectierapport definitief is geworden, wordt het ter beschikking gesteld aan de gemeente. De gemeente moet vervolgens alle rapporten waarin de GGD-toezichthouder het advies 'handhaven' geeft, oppakken. 4d. De gemeente heeft 11 handhavingstrajecten ingezet naar aanleiding van de 11 inspectierapporten met handhavingsadvies. Dat betekent dat 100% van de rapporten met een handhavingsadvies door de gemeente is opgepakt. Het aantal inspectierapporten met een handhavingsadvies is gebaseerd op alle afgeronde onderzoeken (jaarlijks of na registratie) met een datum van afsluiting tussen 1 oktober 2019 en 1 oktober 2020 waarin tekortkomingen werden geconstateerd en de GGD-toezichthouder een advies tot handhaven heeft gegeven. Het gaat hier alleen om voorzieningen die op 31 december 2020 nog steeds waren ingeschreven. Van deze totale groep afgeronde inspecties met advies ‘handhaven’ worden geteld: alle handhavingstrajecten waaraan handhavingsacties zijn gekoppeld (dit is inclusief alle acties waarbij in de GIR door u ‘niet handhaven’ is ingevuld). Zo wordt ook het aantal inspecties met advies ‘handhaven’ waarbij geen handhavingstraject is gekoppeld of waarbij geen actie is vastgelegd, in beeld gebracht. Een handhavingstraject moet voor 1 januari 2021 zijn aangemaakt om te worden geteld.
Pagina 8 van 11
Gegenereerd op: 11-05-2021
Verantwoordingsinformatie ingezette handhavingsacties bij tekortkomingen Onderstaande tabel geeft weer in welke mate de gemeente handhavingsacties heeft ingezet. Tabel 2: Ingezette handhavingsacties op het totale aantal tekortkomingen in alle inspectierapporten met een handhavingsadvies (NB: dit is inclusief de tekortkomingen die zijn hersteld na herstelaanbod): Hilversum 2020 Aantal Percentage Beoordeelde voorwaarden met tekortkomingen waarop een handhavingsactie is ingezet Beoordeelde voorwaarden met tekortkomingen waarop beredeneerd niet is gehandhaafd omdat de tekortkoming is opgelost na herstelaanbod Beoordeelde voorwaarden met tekortkomingen waarop beredeneerd niet gehandhaafd is vanwege andere redenen Beoordeelde voorwaarden met tekortkomingen waarvoor geen handhavingsactie is vastgelegd Totaal
62
98.4%
2
3.2%
0
0%
0
0%
63*
101.6%**
*Het totaal aantal voorwaarden met een tekortkoming in tabel 2 kan kleiner zijn dan het totaal aantal beoordeelde voorwaarden met een tekortkoming in tabel 1. Dat komt omdat tabel 1 is gebaseerd op het aantal tekortkomingen in alle inspectierapporten (ongeacht wel of geen handhavingsadvies) en tabel 2 alleen is gebaseerd op het aantal tekortkomingen in rapporten met handhavingsadvies. **Omdat in de praktijk soms meerdere soorten acties worden vastgelegd op dezelfde tekortkoming, kan het voorkomen dat de verschillende percentages optellen tot meer dan 100%.
4f. Op de in totaal 64 tekortkomingen uit alle inspectierapporten met een handhavingsadvies heeft de gemeente 62 keer een handhavingsactie ingezet, 2 keer beredeneerd niet gehandhaafd na herstelaanbod, 0 keer niet gehandhaafd vanwege andere redenen, en 0 keer geen handhavingsactie vastgelegd.
Een inspectierapport met handhavingsadvies kan meerdere tekortkomingen betreffen. Het totale aantal tekortkomingen is gebaseerd op alle geconstateerde tekortkomingen in inspectierapporten met een handhavingsadvies. Het aantal ingezette handhavingsacties = het aantal tekortkomingen waarvoor een (juridische of niet-juridische) handhavingsactie is ingezet. Beredeneerd niet gehandhaafd na herstelaanbod = het aantal tekortkomingen waarvoor de actie ‘niet handhaven na herstelaanbod’ is vastgelegd, omdat de tekortkoming na herstelaanbod is hersteld. Beredeneerd niet gehandhaafd vanwege andere redenen = het aantal tekortkomingen waarvoor (onderbouwd) de actie ‘niet handhaven’ is vastgelegd vanwege een andere reden dan herstelaanbod. Geen handhavingsactie vastgelegd = er is niets ingevuld in de GIR-handhaven. Een actie moet uiterlijk 31 december 2020 zijn vastgelegd om geteld te worden.
Pagina 9 van 11
Gegenereerd op: 11-05-2021
5. Aanvullende vraag naar aanleiding van de situatie in 2020 Als gevolg van de coronacrisis hebben GGD’en in 2020 een belangrijke rol gehad in het bepalen van de inzet van de inspectiecapaciteit en de uitvoering van het toezicht op de kinderopvang. De GGD werkt regionaal onder eindverantwoordelijkheid van alle regiogemeenten. Het kan voorkomen dat wij, naar aanleiding van de uitvoering van het toezicht in 2020 in een bepaalde regio, contact opnemen met de betreffende GGD. Als wij dit doen, worden alle regiogemeenten over de uitkomsten van dit contact geïnformeerd. Wilt u vooraf geinformeerd worden over het eventuele contact met uw GGD? Ja, graag Nee, dat hoeft niet 6. Algemene toelichting op de jaarverantwoording 2020 Als u informatie heeft die van belang is voor de interpretatie van de verantwoordingsgegevens door de Inspectie, kunt u deze hier invullen. Houd de toelichting s.v.p. zakelijk en op hoofdlijnen. Vermeld geen privacygevoelige gegevens. Met een tekort aan medewerkers op de afdeling toezicht kinderopvang is 25,9 % van de jaarlijkse onderzoeken bij kinderdagverblijven en BSO’s uitgevoerd. Tijdens de lock downs zijn vinger aan de pols onderzoeken uitgevoerd. Er is in 2020 voldoende zicht geweest op de kwaliteit van de kinderopvang omdat er regelmatig contact geweest is met de kinderopvanglocaties.
Daarnaast is meer dan de verplichte 5% aan gastouderinspecties uitgevoerd, namelijk 19,7%. Ook bij de gastouderopvang zijn vinger aan de pols onderzoeken uitgevoerd.
Pagina 10 van 11
Gegenereerd op: 11-05-2021