CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

NL.IMRO.0402.01bp03reconstrN417-ON01_Bijlagen bij toelichting_Bijlage 8 Memo luchtkwaliteit (toegevoegd 5 juli 2024)

GEMEENTERAAD 10 juli 2024, gemeente HilversumBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Reconstructie N417 (1367431)1.953 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Memo

ONDERWERP

PROJECTNUMMER

Beoordeling luchtkwaliteit reconstructie N417

30133134

DATUM

ONZE REFERENTIE

28 maart 2023

32US4SVKXJFW-369966094-22:0.1

VAN

Daphne Jansen -Westra, Paul Karman AAN

Chandra Sly

1 Inleiding De provincie Noord-Holland is voornemens om aan de hoof drijbaan van de N417 (Utrechtseweg) groot onderhoud te plegen, de huidige f ietsvoorzieningen te verbeteren en f aunavoorzieningen aan te brengen. De reconstructie bestaat onder andere uit het vernieuwen van het wegdek, het aanleggen van een -in twee richtingen bereden- (brom-)f ietspad aan de westzijde van de N417, het aanleggen van vijf f aunapassages voor dassen en reptielen en het aanbrengen van f aunarasters langs het gehele tracé van de N417 tussen de rotonde met de Noodweg en de bebouwde kom van de gemeente Hilversum (Zuiderheideweg /Maartensdijkseweg). Vanwege het voornemen de N417 te reconstrueren is de beoordeling van het aspect luchtkwaliteit noodzakelijk. Voorliggend memo beschrijf t het wettelijk kader, de methode en uitgangspunten en de resultaten van de beoordeling van het aspect luchtkwaliteit.

2 Wet- en regelgeving luchtkwaliteit In dit hoof dstuk zijn het toetsingskader luchtkwaliteitseisen Wet milieubeheer en de Regeling beoordeling luchtkwaliteit nader toegelicht.

2.1 Wet milieubeheer: Titel 5.2 Luchtkwaliteitseisen Bijlage 2 van de Wet milieubeheer (luchtkwaliteitseisen) geef t grenswaarden voor de concentraties in de buitenlucht voor onder andere de stof f en stikstof dioxide (NO 2), f ijnstof (PM10 en PM2,5), zwaveldioxide (SO2), lood (Pb), benzeen (C6H6), koolmonoxide (CO) en benzo(a)pyreen (BaP). Bestuursorganen dienen rekening te houden met deze grenswaarden bij de uitoef ening van bevoegdheden die gevolgen kunnen hebben voor de luchtkwaliteit. In Nederland zijn de maatgevende luchtverontreinigende stof f en stikstof dioxide (NO 2) en f ijnstof (PM 10), omdat de achtergrondconcentraties van deze stof fen het dichtst bij de grenswaarden liggen. Fijnstof en stikstof dioxide zullen dus in belangrijke mate bepalen of er rond de planontwikkeling een luchtkwaliteitsprobleem is.

Grenswaarden stikstofdioxide en fijnstof In onderstaande tabel zijn de vigerende grenswaarden opgenomen voor stikstof dioxide en f ijnstof . Tabel 1 Grenswaarden voor stikstofdioxide en fijnstof Component Grenswaarde Fijnstof (PM10)

•

Bron

Grenswaarde 40 µg/m 3 als jaargemiddelde Wet milieubeheer (vanaf juni 2011) luchtkwaliteitseisen

Arcadis Nederland B.V., Beaulieustraat 22, 6814 DV Arnhem

T +31 (0)88 4261 261

Arcadis Nederland B.V. - Registered office: Arnhem - Registered number: 09036504

www.arcadis.com

Component

Fijnstof (PM2.5)

Grenswaarde •

Grenswaarde uurgemiddelde (vanaf juni 2011) (max. 35x per jaar overschrijding)

•

Grenswaarde 25 µg/m 3 als jaargemiddelde Wet milieubeheer (vanaf januari 2015) luchtkwaliteitseisen Grenswaarde 20 µg/m 3 als jaargemiddelde blootstellingsconcentratie1

• Stikstofdioxide (NO2)

Bron

• •

50 µg/m 3 als 24-

Grenswaarde 40 µg/m 3 als jaargemiddelde Wet milieubeheer (vanaf 2015) luchtkwaliteitseisen Grenswaarde 200 µg/m 3 als uurgemiddelde (vanaf 2015) (max. 18x per jaar overschrijding)

2.2 Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) In het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) werken de rijksoverheid en de decentrale overheden samen om overal in Nederland tijdig (binnen de verkregen derogatiet ermijn) te voldoen aan de Europese grenswaarden voor PM 10 en NO2. De derogatietermijn voor stikstof dioxide (NO 2) liep tot 1 januari 2015 en voor PM 10 tot januari 2011. Beide termijnen zijn inmiddels verstreken, waarna het NSL verlengd is. Het NSL loopt tot de inwerkingtreding van de Omgevingswet; op het moment van schrijven in januari 2024. Uit de NSL monitoringsrapportage 2022 is gebleken dat de luchtkwaliteit in 2021 vrijwel gelijk was aan de luchtkwaliteit in 2020. De norm voor stikstofdioxide wordt nerg ens in Nederland meer overschreden. Mogelijk is dit een ef f ect van de COVID 19 pandemie. De norm voor f ijnstof wordt vooral in gebieden met intensieve veehouderij of industrie nog overschreden. Voor beide luchtverontreinigende stof f en is wel een dalende trend te zien, welke echter voor f ijnstof stagneert. Voor NO2 zullen de concentraties naar verwachting tot 2030 blijven dalen, maar wordt de sterke daling in 2020 mogelijk veroorzaakt door de COVID-19 pandemie. De locaties waar dus nog niet voldaan kan worden aan de grenswaarden voor f ijn stof zijn gesitueerd in Velsen en in gebieden met intensieve veehouderij.

Binnen het studiegebied van het project voldoen de achtergrondconcentraties momenteel aan de grenswaa rden en vinden in de huidige situatie dus geen overschrijdingen plaats.

2.3 Besluit Niet in betekenende mate bijdragen (NIBM) Voor projecten of activiteiten die ‘Niet in betekenende mate bijdragen' (NIBM) aan de luchtverontreiniging is geen toetsing aan de grenswaarden voor luchtkwaliteit nodig. Het gaat dan bijvoorbeeld om een ruimtelijk project of (te vergunnen) activiteit, waarvan de bijdrage aan de luchtverontreiniging beperkt is. Concreet is sprake van een NIBM project/activiteit wanneer het project of de activiteit maximaal 3% van de jaargemiddelde grenswaarde bijd raagt aan de concentraties f ijnstof (PM10) of stikstof dioxide (NO2).

2.4 Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007 (RBL2007) De Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007 (Rbl 2007) bevat voorschrif ten voor het meten en berekenen van de concentratie en depositie van luchtverontreinigende stof f en. Het Ministerie van Inf rastructuur en Waterstaat (IenW) maakt jaarlijks enkele generieke gegevens bekend, die bij een luchtkwaliteitsberekening moeten worde n gebruikt. Het

1 De blootstellingsconcentratie is de jaargemiddelde concentratie waaraan de stedelijke bevolking blootgesteld wordt. Voor 2020 geldt een

streefwaarde van 18 µg/m3 (Bron: Kenniscentrum Infomil https://www.infomil.nl/onderwerpen/lucht-water/luchtkwaliteit/regelgeving/wetmilieubeheer/beoordelen/grenswaarden/)

Onze referentie: 32US4SVKXJFW-369966094-22:0.1 - Datum: 28 maart 2023

2 van 7

betref t onder meer de achtergrondconcentratiekaarten (GCN-kaarten) en enkele emissief actoren voor verkeer en voor veehouderijen. Deze generieke gegevens worden vervolgens verwerkt in de nieuwste versies van rekenmodellen.

2.5 Toepasbaarheidsbeginsel en blootstellingscriterium Toepasbaarheidsbeginsel In de Wet milieubeheer is opgenomen dat de luchtkwaliteit niet langer getoetst hoef t te worden op plaatsen waar geen mensen kunnen komen. De belangrijkste gevolgen van artikel 5.19 zijn: • Geen beoordeling van de luchtkwaliteit op plaatsen waar het publiek geen toegang heef t en waar geen permanente bewoning is. • Geen beoordeling van de luchtkwaliteit op bedrijf sterreinen of terreinen van industriële inrichtingen (hier gelden de ARBO-regels). Dit omvat mede de (eigen) bedrijf swoning. Een uitzondering hierop is voor publiek toegankelijke plaatsen zoals tuincentra; deze worden wél beoordeeld (hierbij speelt het zogenaamde blootstellingscriterium een rol). • Bij de beoordeling van een inrichting in het kader van de Wet milieubeheer vindt toetsing plaats vanaf de grens van de inrichting of bedrijf sterrein. • Geen beoordeling van de luchtkwaliteit op de rijbaan van wegen, en op de middenberm van wegen, tenzij voetgangers normaliter toegang hebben tot de middenberm.

Blootstellingcriterium De luchtkwaliteit moet alleen bepaald (gemeten of berekend) worden op plaatsen waar de blootstelling signif icant is. Bij toetsing van de gevolgen van een project aan de luchtkwaliteitseisen is dus van belang dat de plaatsen worden bepaald waar signif icante blootstelling plaatsvindt. Daarvoor moet eerst duidelijk zijn wat signif icant is of niet. In artikel 22 van de Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007 (Rbl) staat dat de luchtkwaliteit wordt bepaald op plaatsen waar de bevolking ‘kan worden blootgesteld gedurende een periode die in vergelijking met de middelingstijd van de betref f ende luchtkwaliteitseis signif icant is'. Hieruit blijkt dat de duur van de periode dat iemand (1 individu) gemiddeld wordt blootgesteld bepalend is voor de vraag of de luchtkwaliteit dient te worden beoordeeld. Er wordt daarbij verder geen onderscheid gemaakt naar de gevoeligheid van groepen of de aard van het verblijf . De grenswaarden zijn opgesteld ten behoeve van de gezondheid van de gehele bevo lking. Hiermee wordt bedoeld dat bij de bepaling of een verblijf stijd signif icant is, de verblijf stijd vergeleken moet worden met een jaar, dag of uur, af hankelijk van de vraag of er sprake is van een jaargemiddelde, een daggemiddelde of een uurgemiddelde grenswaarde voor een stof .

3 Methode De N417 tussen de Maartensdijkseweg en Noodweg in Hilversum wordt gereconstrueerd en veiliger gemaakt – dit is de plansituatie. De reconstructie heef t geen verkeersaantrekkende werking tot gevolg, waardoor er geen versc hil is tussen de verkeersaantallen in de ref erentiesituatie en plansituatie. Ook is er geen sprake van een netwerkef f ect of omrijdverkeer vanwege de reconstructie en worden de rijlijnen niet aangepast; de wegas blijf t op dezelf de locatie liggen. De ref erentiesituatie bestaat uit de situatie die zou ontstaan wanneer de N417 tussen de M aartensdijkseweg en de Noodweg niet gereconstrueerd zou worden. Dit wordt ook wel autonome ontwikkeling genoemd. Voor de beoordeling van het ef f ect van de reconstructie op de luchtkwaliteit, is het verschil in de verkeersaantallen geanalyseerd. De verkeersgegevens zijn aangeleverd door Royal Haskoning DHV en geldig voor het zichtjaar 2040. De verkeerscijf ers zijn weergegeven in Tabel 2.

Onze referentie: 32US4SVKXJFW-369966094-22:0.1 - Datum: 28 maart 2023

3 van 7

Tabel 2: Verkeersaantallen uit het verkeersmodel, zichtjaar 2040 Etmaalintensiteit [mvt/etmaal] Wegvak

Toename verkeer – plan vs. Ref

Referentiesituatie

plansituatie

N417 Maartensdijkseweg – Noodweg

2.320

2.320

0

N417 Noodweg - Maartensdijkseweg

2.190

2.190

0

Doorsnede

4.510

4.510

0

In 2022 heef t de provincie Noord-Holland verkeerstellingen uitgevoerd op het betref f ende wegvak van de N417. Uit deze verkeerstellingen is een verkeersverdeling van lichte, middelzware en zware motorvoertuigen vastgesteld voor de dag- avond- en nachtperiode2. Hieruit heef t Arcadis de etmaalverdeling voor lichte, middelzware en zware motorvoertuigen af geleid om het aandeel vrachtverkeer per etmaal te bepalen. De etmaalverdeling is weergegeven in Tabel 3: Etmaalverdeling per voertuigcategorie Aandeel lichte motorvoertuigen Etmaalverdeling

93,2%

Aandeel middelzware motorvoertuigen

Aandeel zware motorvoertuigen

5,5%

1,4%

Het ef f ect van de plansituatie op de verandering van de luchtkwaliteit is getoetst met de NIBM -tool. Deze tool is door de Nederlandse Rijksoverheid ontwikkeld om de bijdrage van toenemend verkeer als gevolg van een plan op de luchtkwaliteit te beoordelen. Daarnaast is de luchtkwaliteit in de huidige situatie (2021) en de toekomstige situatie (2030) geanalyseerd met de gegevens uit het Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit (CIMLK).

4 Resultaat In Figuur 1 is het resultaat uit de NIBM-tool opgenomen.

Figuur 1: Resultaat NIBM-tool voor de verkeersaantrekkende werking van de reconstructie van de N417

2

Dagperiode: 07.00u-19.00u, avondperiode: 19.00u-23.00u; nachtperiode: 23.00u-07.00u.

Onze referentie: 32US4SVKXJFW-369966094-22:0.1 - Datum: 28 maart 2023

4 van 7

Uit bovenstaande f iguur blijkt dat de het verkeer niet bijdraagt aan de jaargemiddelde concentratie NO 2 en PM10. Dit komt doordat de reconstructie van de N417 geen extra verkeer op de weg genereert . Uit de analyses van de heersende en toekomstige jaargemiddelde concent ratie NO2 en PM10 rond de N417 in Figuur 2 tot en met Figuur 5, blijkt dat de concentraties in de toekomstige jaren dalen. In 2021 bedroeg de concentratie stikstof dioxide in het plangebied maximaal 12,9 µg/m3. Voor f ijn stof bedroeg de concentratie maximaal 16,1 µg/m3. Hiermee wordt ruimschoots voldaan aan de grenswaarden die voor de stof f en gesteld zijn. Zichtjaar 2030 geef t een jaargemiddelde concentratie NO 2 binnen het plangebied van maximaal 8,6 µg/m3. Voor PM10 is dit maximaal 14,0 µg/m 3. De jaargemiddelde concentratie luchtverontreinigende stof f en daalt de komende jaren. Daarbij trekt de reconstructie van de N417 geen extra verkeer dat de luchtkwaliteit kan beïnvloeden. Daarom draagt de reconstructie van de N417 niet bij aan de luchtkwaliteit en vormt het asp ect luchtkwaliteit geen belemmering voor de planvorming.

Figuur 2: Jaargemiddelde concentratie stikstofdioxide in 2021, CIMLK monitoringsjaar 2022

Onze referentie: 32US4SVKXJFW-369966094-22:0.1 - Datum: 28 maart 2023

5 van 7

Figuur 3: Jaargemiddelde concentratie fijn stof in 2021, CIMLK monitoringsjaar 2022

Figuur 4: Jaargemiddelde concentratie stikstofdioxide in zichtjaar 2030, CIMLK monitoringsjaar 2022

Onze referentie: 32US4SVKXJFW-369966094-22:0.1 - Datum: 28 maart 2023

6 van 7

Figuur 5: Jaargemiddelde concentratie fijn stof in zichtjaar 2030, CIMLK monitoringsjaar 2022

Onze referentie: 32US4SVKXJFW-369966094-22:0.1 - Datum: 28 maart 2023

7 van 7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=f214d098-ed23-437d-88e0-9f182e384d53