Memo Procedure rondom bestuurlijke nevenfuncties
Tekst van het document
MEMO – Bijlage I zaaknummer:
698627
afdelingsnaam:
BenO-Ruimtelijke Kwaliteit
steller:
Marc Dols
memo bij voorstel:
Procedure nevenfuncties van bestuurders (T19/119 en M19/095);
Procedure rondom het aanvaarden, melden en neerleggen van nevenfuncties door bestuurders Naast hun politieke ambt hebben veel bestuurders (neven)functies, betaald of onbetaald. Voor staten- en raadsleden en parttime wethouders zijn deze vaak hun hoofdfunctie. Ook voor fulltime bestuurders zijn nevenfuncties positief te waarderen: uit maatschappelijk, bestuurlijk en persoonlijk oogpunt. Er zitten ook risico’s aan nevenfuncties, vooral die buiten het publiek domein. Nevenfuncties kunnen het aanzien van het ambt schaden en de ambtsdrager belemmeren om optimaal te functioneren. Sommige nevenfuncties vervullen bestuurders uit hoofde van hun politieke functie. Dit zijn nevenfuncties waarin zij ambtshalve of ‘qualitate qua’ (q.q.) zijn benoemd. Melding en openbaarmaking Bestuurders hebben een wettelijke meldplicht aan de raad als zij het voornemen hebben om een nevenfunctie te aanvaarden (art. 41b Gemeentewet). De bestuurder beslist zelf om een nevenfunctie te aanvaarden en moet zich hierover verantwoorden. Hij moet daarom zijn nevenfuncties en de verworven inkomsten zelf openbaar maken. Daarbij worden ambtshalve of qualitate qua (q.q.-) nevenfuncties aan de raad gemeld middels een collegebrief door het college en niet q.q.-functies door het betreffende collegelid.
Wanneer er een voornemen is tot aanvaarding van een q.q.-nevenfunctie bij een private partij, zal het college dit voornemen aan de raad melden en beargumenteren waarom het college dit wenselijk en passend vindt. Het college doet deze melding vóór aanvaarding van de functie. Bij een nieuw college gebeurt dit direct en bij een zittend college ruim voor de aanvaarding. Het college kan, naast de melding, ook advies aan de commissie vragen over het voornemen van het aannemen van een nevenfunctie. Een commissie kan ten alle tijden besluiten een melding of adviesaanvraag te bespreken in de raad. Voor ambtenaren geldt voor niet q.q.-functies een meldings- en goedkeuringsplicht. Deze worden zo nodig door de gemeentesecretaris via het college aan de raad gemeld. Voor topambtenaren (zoals gemeentesecretaris/directeur(en), afdelingsmanager en concerncontroller) is er in 2011 een speciale melden publicatieplicht in het leven geroepen met de Regeling openbaarmaking nevenfuncties van topambtenaren (https://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xhtmloutput/Historie/Hilversum/ 465891/CVDR465891_1.html). Alle bestuurders zijn wettelijk verplicht om hun nevenfuncties openbaar te maken. Dat kan door terinzagelegging op het gemeentehuis en het register van nevenfuncties op de website van de gemeente Hilversum te plaatsen en dit actueel te houden.
Burgemeesters hoeven hun amtshalve (q.q.-)nevenfuncties volgens de wet niet te melden of openbaar te maken, maar het dringende advies is om dit wel te doen. Nevenfuncties Wettelijk is bepaald dat de volgende ambtsdragers geen nevenfuncties vervullen waarvan de uitoefening ongewenst is met het oog op een goede vervulling van het politieke ambt1: 1 Artikel 41b -Gemeentewet, artikel 67 Gemeentewet, artikel 40b Provinciewet, artikel 66 Provinciewet, artikel 44a Waterschapswet, artikel 48
Waterschapswet.
a. wethouder; b. burgemeester; c. gedeputeerde; d. commissaris van de Koning; e. voorzitter en dagelijks-bestuurslid van een waterschap. Bij het aanvaarden van nevenfuncties zijn de volgende afwegingen van belang2: 1. Tussen het ambt en de nevenfunctie mag geen belangenverstrengeling optreden of de schijn daarvan worden gewekt. Het gaat daarbij niet alleen over mogelijk persoonlijk voordeel voor de bestuurder zelf, maar ook voor personen, bedrijven of instellingen in zijn omgeving. Soms is het risico incidenteel. In dat geval houdt de betrokken bestuurder zich buiten de besluitvorming. Terughoudendheid in het aangaan van nevenfuncties is in elk geval geboden bij functies in organisaties die substantieel subsidie ontvangen, overheidsprojecten uitvoeren of die betrokken (kunnen) zijn bij de overheid waar men het politieke ambt vervult. 2. Het vervullen van de nevenfunctie mag geen afbreuk doen aan het aanzien van het ambt. 3. De nevenfunctie mag niet zoveel tijd kosten dat het functioneren als bestuurder in het geding komt. 4. De (hoogte van de) honorering van de nevenactiviteiten van een bestuurder mag geen aanleiding geven tot discussies. Ambtshalve of qualitate qua (q.q.-)nevenfuncties Aan de hand van de volgende criteria kan worden bepaald of een nevenfunctie een ambtshalve (q.q.-) nevenfunctie is: 1. Er is een aantoonbaar belang voor de gemeente Hilversum.
De bestuurder behartigt (in)direct de belangen van de gemeente. 2. De nevenfunctie is gekoppeld aan de inhoud en duur van het politieke ambt. Wordt dat beëindigd, dan moet de nevenfunctie ook worden neergelegd. Het kan voorkomen dat niet duidelijk is of er sprake is van een ambtshalve (q.q.-)nevenfunctie. Het kan bijvoorbeeld zijn dat de statuten van een stichting geen grenzen stellen aan de termijn waarin een commissariaat of bestuursfunctie wordt vervuld. Echter, als er ook bestuurders van andere overheden in hetzelfde stichtingsbestuur zitting hebben, dan kan er wel degelijk sprake zijn van een ambtshalve (q.q.-) nevenfunctie. Het college beslist of deze functie kan worden gezien als ambtshalve (q.q.-)nevenfunctie of niet ambtshalve nevenfunctie. Daarna beslist de bestuurder of de nevenfunctie wordt aanvaard. Procedure Niet ambtshalve (q.q-)nevenfunctie: 1. Een collegelid die een niet-ambtshalve nevenfunctie wil vervullen bespreekt dit voornemen in het college. Het college weegt af of de uitoefening gewenst is met het oog op een goede vervulling van het politieke ambt. Het college adviseert de betreffende bestuurder hierover. 2. Het collegelid meldt middels een brief het voornemen tot aanvaarding van een niet-ambtshalve nevenfunctie aan de raad.
(Dit moet in ieder geval dusdanig op tijd worden gemeld dat de commissie tijd heeft om de betreffende wethouder hierover in vergadering over te kunnen bevragen). 3. Binnen een week nadat het collegelid de niet-ambtshalve nevenfunctie feitelijk aanvaard heeft, stuurt deze een bericht naar de gemeentesecretaris, die zorgt voor openbaarmaking op de website van Hilversum van de niet-ambtshalve nevenfunctie. De eventuele daaraan verbonden inkomsten meldt betrokkene aan de gemeentesecretaris.
2 Rijksoverheid (2016) Handreiking integriteit van politieke ambtsdragers bij gemeenten, provincies en waterschappen: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2016/04/29/handreiking-integriteit-van-politieke-ambtsdragers-bij-gemeenten-provincies-enwaterschappen
Ambtshalve (q.q-)nevenfunctie: 1. In het college wordt de wens om een wethouder een ambtshalve (q.q.-)nevenfunctie te laten vervullen besproken. Het college weegt af of de uitoefening niet ongewenst is met het oog op een goede vervulling van zijn wethouderschap. Het college besluit hierover en draagt de wethouder zo nodig voor ter benoeming bij het bevoegde orgaan. 2. Het college meldt middels een collegebrief aan de raad dat het voornemens is een bepaalde wethouder voor te dragen voor een ambtshalve (q.q.-)nevenfunctie c.q. dat een wethouder namens het college voornemens is een ambtshalve (q.q.-)nevenfunctie aan te nemen. Bij aanvaarding van een ambtshalve (q.q.-)nevenfunctie bij een private partij, zal het college bij de melding beargumenteren waarom het college dit wenselijk en passend vindt. 3. Binnen een week nadat de wethouder is benoemd en de functie is aanvaard, stuurt de wethouder een bericht naar de gemeentesecretaris, die zorgt voor openbaarmaking van de ambtshalve (q.q.-) nevenfunctie op de website van Hilversum.
Relevante wet- en regelgeving Gedragscode Integriteit college van burgemeester en wethouders in de gemeente Hilversum (vastgesteld 16 september 2015) (…) • Vervulling nevenfuncties: voor bestuurders is bepaald dat zij geen nevenfuncties hebben die ongewenst zijn met het oog op een goede vervulling van hun ambt. Voor burgemeesters is daaraan toegevoegd dat zij evenmin nevenfuncties hebben die ongewenst zijn met het oog op de handhaving van hun onpartijdigheid en onafhankelijkheid of van het vertrouwen daarin. Bestuurders melden het voornemen tot aanvaarding van de nevenfunctie aan de volksvertegenwoordiging. Voor de burgemeester geldt deze meldverplichting niet voor ambtshalve nevenfuncties (artikelen 41b en 67 Gemeentewet). • Openbaarmaking nevenfuncties: bestuurders maken openbaar welke nevenfuncties zij vervullen. Voor burgemeesters zijn ambtshalve nevenfuncties daarvan uitgezonderd. De lijst met nevenfuncties ligt ter inzage op het gemeentehuis (artikelen 41b en 67 Gemeentewet). • Openbaarmaking inkomsten nevenfuncties: fulltime bestuurders maken hun inkomsten uit nevenfuncties openbaar; de opgave van neveninkomsten wordt ter inzage gelegd op het gemeentehuis, uiterlijk 1 april na het jaar waarin de inkomsten zijn genoten (artikelen 41b en 67 Gemeentewet).
• Verrekening inkomsten nevenfuncties: bestuurders mogen geen vergoedingen ontvangen voor ambtshalve nevenfuncties; die worden in de gemeentekas gestort. Voor fulltime bestuurders is geregeld dat de inkomsten uit andere nevenfuncties voor een deel worden verrekend, volgens dezelfde verrekeningssystematiek als voor leden van de Tweede Kamer (artikelen 44 en 66 Gemeentewet). Artikel 2.1.1 1. De burgemeester levert de gemeentesecretaris de informatie aan over de nevenfuncties die openbaar gemaakt moeten worden, bij aanvang van het ambt. Als gaande het lidmaatschap een nieuwe nevenfunctie aanvaard wordt of de omstandigheden met betrekking tot een bestaande nevenfunctie wijzigen, wordt de informatie die hierop betrekking heeft binnen één week aangeleverd bij de gemeentesecretaris. 2. De informatie betreft in ieder geval: a) de omschrijving van de nevenfunctie; b) de organisatie voor wie de nevenfunctie wordt verricht; c) of het al dan niet een nevenfunctie betreft uit hoofde van het ambt; d) of de nevenfunctie bezoldigd of onbezoldigd is; en e) indien bezoldigd wat de inkomsten daaruit zijn. 3. De gemeentesecretaris legt hiervoor een register aan en beheert dit register. Het register is openbaar en via internet beschikbaar. Artikel 2.1.2 1.De wethouder levert de gemeentesecretaris de informatie aan over de nevenfuncties die openbaar gemaakt moeten worden bij aanvang van het ambt.
Als gaande de uitoefening van het ambt een nieuwe nevenfunctie aanvaard wordt of de omstandigheden met betrekking tot bestaande nevenfuncties wijzigen, wordt de informatie die hierop betrekking heeft binnen één week aangeleverd bij de gemeentesecretaris, 2.De informatie betreft in ieder geval: a) de omschrijving van de nevenfunctie; b) de organisatie voor wie de nevenfunctie wordt verricht; c) of het al dan niet een nevenfunctie betreft uit hoofde van het ambt; d) of de nevenfunctie bezoldigd of onbezoldigd is; en e) indien bezoldigd – voor zover deze openbaar gemaakt moeten worden - wat de inkomsten daaruit zijn. 3.De gemeentesecretaris legt hiervoor een register aan en beheert dit register. Het register is openbaar en via internet beschikbaar.
(…) Gemeentewet Artikel 41b: 1 Een wethouder vervult geen nevenfuncties waarvan de uitoefening ongewenst is met het oog op een goede vervulling van zijn wethouderschap. 2 Een wethouder meldt zijn voornemen tot aanvaarding van een nevenfunctie aan de raad. 3 Een wethouder maakt zijn nevenfuncties openbaar. Openbaarmaking geschiedt door terinzagelegging op het gemeentehuis. 4 Een wethouder die zijn ambt niet in deeltijd vervult, maakt tevens de inkomsten uit nevenfuncties openbaar. Openbaarmaking geschiedt door terinzagelegging op het gemeentehuis uiterlijk op 1 april na het kalenderjaar waarin de inkomsten zijn genoten. 5 Onder inkomsten wordt verstaan: loon in de zin van artikel 9 van de Wet op de loonbelasting 1964, verminderd met de eindheffingsbestanddelen bedoeld in artikel 31 van die wet.