CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Mandaat- en machtigingsbesluit m.e.r.-procedure - Raadsvoorstel

GEMEENTERAAD 1 april 2026, gemeente HilversumBij agendapunt: Mandaat-en machtigingsbesluit m.e.r.-procedure (1937694)1.015 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL zaaknummer:

1937694

afdelingsnaam:

Ruimtelijke Ontwikkeling

steller:

Hilde Rietdijk

telefoonnummer

+31356292099

onderwerp:

Mandaat- en machtigingsbesluit m.e.r-procedure

Voorstel 1.

Het college van burgemeester en wethouders mandaat te verlenen tot het nemen van een m.e.r.-beoordelingsbesluit als bedoeld in artikel 16.36 en 16.43 van de Omgevingswet.

2.

Het college van burgemeester en wethouders te machtigen tot het verrichten van feitelijke handelingen met betrekking tot de m.e.r.-procedure als bedoeld in afdeling 16.4 van de Omgevingswet.

Planning Titel Mandaat- en machtigingsbesluit m.e.r.procedure

Toelichting Een mandaat- en machtigingsbesluit m.e.r.-procedure is nodig om de werkwijze weer in lijn te brengen met de gangbare praktijk

BEELDVORMING nvt

OORDEELSVORMING nvt

BESLUITVORMING 1 april 2026

Samenvatting De wetgeving rond de milieueffectrapportage (hierna: m.e.r.) is door de inwerkingtreding van de Omgevingswet veranderd, met name de procedure. Voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet was het de bevoegdheid van het college, als voorbereidend en uitvoerend orgaan, om te beoordelen of een m.e.r.-rapport moest worden gemaakt voor een plan. Dat is nu de bevoegdheid van de raad. Om de procedure weer in lijn te brengen met de praktijk en daarmee onnodige vertraging te voorkomen, is een mandaat- en machtigingsbesluit nodig van de gemeenteraad.

Inleiding Sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 is veranderd welk bestuursorgaan bevoegd is om een m.e.r.-beoordelingsbesluit te nemen. Het college, dat een plan of besluit voorbereidt, is niet langer automatisch het bevoegd gezag voor dit besluit.

1

Onder het oude recht (Wet milieubeheer) was het bestuursorgaan dat het plan voorbereidde ook bevoegd om het m.e.r.-beoordelingsbesluit te nemen. Bij bestemmingsplannen betekende dit dat het college dit besluit kon nemen in aanloop naar de terinzagelegging van het ontwerpplan. Dat was praktisch, omdat het college ook besloot over die terinzagelegging. Onder de Omgevingswet ligt deze bevoegdheid in beginsel bij het bestuursorgaan dat het m.e.r.plichtige besluit neemt. Bij wijzigingen van het omgevingsplan is dat de raad. Dit betekent dat de raad bevoegd is om het m.e.r.-beoordelingsbesluit te nemen en niet het college. Uit de parlementaire geschiedenis van de Omgevingswet blijkt dat de wetgever niet heeft bedoeld deze bevoegdheid enkel te beleggen bij het gemeenteraad. In de Memorie van Toelichting staat dan ook dat deze bevoegdheid niet alleen bij het plan vaststellende bestuursorgaan hoeft te liggen. Als een andere instantie de besluitvorming voorbereidt, kan zij via mandaat namens het bevoegd gezag optreden. Om het proces werkbaar en efficiënt te houden, kan de raad deze bevoegdheid dus mandateren aan het college. Daarnaast kan de raad het college machtigen om de feitelijke handelingen in de m.e.r.-procedure uit te voeren. Deze mandatering en machtiging doen geen afbreuk aan de rol van de raad: de raad blijft het bestuursorgaan dat uiteindelijk beslist over het omgevingsplan.

In de praktijk wordt een Milieueffectrapportage (MER) binnen de Omgevingswet, mede door de brede blik op gezondheid, welzijn en milieu, ook wel aangeduid als een Omgevingseffectrapportage (OER). OER is vooral een beleidsmatige term. De formeel-juridische benaming blijft MER. Het gebruik van het begrip OER verandert dus niets aan de wettelijke basis.

Doel De bestaande werkwijze met betrekking tot de m.e.r.-beoordeling wordt voortgezet. De continuïteit blijft gewaarborgd en voorkomen wordt dat de doorlooptijd van bestuurlijke besluitvorming onnodig langer wordt.

Argumenten 1.1

Het mandaat is wenselijk om vertraging te voorkomen in het planproces Onder de Omgevingswet is niet langer opgenomen dat ook het voorbereidende bestuursorgaan bevoegd is om een m.e.r.-beoordelingsbesluit te nemen. De procedure voor de wijziging van het omgevingsplan (voorheen: bestemmingsplan) is niet veranderd onder de Omgevingswet. De gemeenteraad stelt de wijziging van het omgevingsplan vast. Het college is nog steeds bevoegd om de ontwerpwijziging ter inzage te leggen. Echter, dient het in voorkomend geval een m.e.r.-beoordelingsbesluit van de raad bij te voegen en niet langer van het college. De gemeenteraad dient dan dus op een eerder moment een besluit te nemen. Een nadeel hiervan is dat dit leidt tot vertraging in planprocedures. Door het college mandaat te verlenen wordt de procedure weer in lijn gebracht met de praktijk en wordt daarmee onnodige vertraging te voorkomen.

1.2

Een mandaat wijzigt de feitelijke rolverdeling niet Het mandaat verandert niets aan de bevoegdheid van de raad. De raad blijft het bestuursorgaan dat beslist over het omgevingsplan. Alleen de technische beoordeling van milieurapporten kan het college afhandelen. Dit was voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet ook de werkwijze. 2

2.1

Voor het uitvoeren van de m.e.r-procedure zijn bepaalde handelingen noodzakelijk Voor het nemen van een m.e.r.-beoordelingsbesluit moeten voorbereidingen worden getroffen als bedoeld in afdeling 16.4 Omgevingswet. Deze voorbereidingen worden feitelijke handelingen genoemd en kunnen bestaan uit het inwinnen van het advies bij de Commissie mer en het vragen van inlichtingen bij andere bestuursorganen. Het verlenen van mandaat aan het college om een m.e.r.-beoordelingsbesluit te nemen betekent niet dat het college ook de hierboven genoemde voorbereidingen mag treffen om het besluit te nemen. De raad is ingevolge afdeling 16.4 van de Omgevingswet in een m.e.r.-procedure bevoegd voorbereidende handelingen voor het opstellen van een milieueffectrapport uit te voeren. De raad kan het college machtigen om feitelijke handelingen te verrichten ter voorbereiding van het m.e.r.-beoordelingsbesluit.

Kanttekeningen 1.1

Zonder mandaat vertraging in het planproces Indien geen mandaat aan het college wordt verleend zal het college, alvorens het een ontwerpwijziging van het omgevingsplan ter inzage kan leggen, een m.e.r.beoordelingsbesluit van de raad nodig hebben. Dit betekent vertraging in het planproces.

Financiën, middelen & capaciteit Dit raadsbesluit heeft geen financiële consequenties

Communicatie Na vaststelling zal het mandaat- en machtigingsbesluit bekend worden gemaakt in Gemeenteblad.

Uitvoering Het mandaat- en machtigingsbesluit treedt inwerking met ingang van de dag na de datum van publicatie. Burgemeester en wethouders van Hilversum, 10 februari 2026 de gemeentesecretaris,

de burgemeester,

mr. C.P. Torres Barrera

F.G.J. Voorink,lb

Bijlage(n) 1. Mandaat- en machtingsbesluit m.e.r.-procedure Hilversum

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=878370cd-239b-47c3-98bb-22ae33543feb