CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Garantstelling Tomingroep GR aan Tomingroep BV - Raadsvoorstel

GEMEENTERAAD 1 april 2026, gemeente HilversumBij agendapunt: Garantstelling Tomingroep GR aan Tomingroep BV (1944972)2.422 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL zaaknummer:

1944972

afdelingsnaam:

Maatschappelijke Ontwikkeling

steller:

Wouter van den Berg

telefoonnummer

+31356292095

onderwerp:

Garantstelling Tomingroep GR aan Tomingroep BV

Voorstel 1. Op grond van de Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningsschap Tomingroep Artikel 13 lid 9 een positieve zienswijze (bijlage 2) vast te stellen ten aanzien van het op 26 januari 2026 door het algemeen bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningsschap Tomingroep voorgenomen besluit om te voorzien in een garantstelling, zoals weergegeven in bijlage 1.

Planning Titel

Toelichting

BEELDVORMING

OORDEELSVORMING

BESLUITVORMING

Garantstelling

Dit betreft het

Commissie Zorg,

Commissie Zorg,

Raad

Tomingroep GR aan

voorliggende voorstel

Welzijn en

Welzijn en

Tomingroep BV

inzake het vaststellen

Samenleving 18

Samenleving 18

van een positieve

maart 2026

maart 2026

1 april 2025

zienswijze ten aanzien een garantstelling van de Tomingroep GR aan de Tomingroep BV.

Samenvatting

Het algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningsschap Tomingroep heeft op 26 januari 2026 het voorgenomen besluit genomen om garantstellingen te verlenen aan Tomingroep BV voor de jaren 2026 en 2027, tot een totaalbedrag van € 15,2 miljoen. Aanleiding is de kwetsbare financiële positie van Tomingroep BV en de noodzaak om de continuïteit van de organisatie in de transitiefase te borgen. Met dit raadsvoorstel wordt de gemeenteraad in de gelegenheid gesteld een zienswijze vast te stellen op dit voorgenomen besluit, conform artikel 13, negende lid, van de Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningsschap Tomingroep.

1

Inleiding

De gemeenten Almere en Gooi- en Vechtstreek nemen deel aan de gemeenschappelijke regeling Tomingroep. Tomingroep BV organiseert binnen deze structuur werkplekken voor kwetsbare doelgroepen, waaronder WSW- en Participatiewetdoelgroepen. De financiële positie van Tomingroep BV staat al meerdere jaren onder druk. Tot en met 2023 konden negatieve resultaten worden opgevangen binnen het eigen vermogen van de BV. Sinds 2024 is sprake van structurele exploitatiebijdragen vanuit het werkvoorzieningsschap, omdat het eigen vermogen van de BV ontoereikend is geworden. In aanloop naar het afronden en deponeren van de jaarrekening 2024 met een goedkeurende accountantsverklaring is vastgesteld dat de continuïteitsveronderstelling van Tomingroep BV zonder aanvullende zekerheden onvoldoende kan worden onderbouwd. Het Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Tomingroep heeft daarom op 26 januari 2026 het voorgenomen besluit genomen om garantstellingen te verlenen voor de jaren 2026 en 2027, elk ter hoogte van maximaal € 7,6 miljoen (in totaal € 15,2 miljoen). Op grond van artikel 13, negende lid, van de Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningsschap Tomingroep worden de deelnemende gemeenten in de gelegenheid gesteld een zienswijze te geven op het voorgenomen besluit van het Algemeen Bestuur tot het verlenen van de garantstellingen, zoals opgenomen in bijlage 1.

Probleemstelling/doel

Met het afgeven van een positieve zienswijze (bijlage 2) wordt bijgedragen aan het waarborgen van de continuïteit van Tomingroep BV gedurende de transitieperiode (2026 en 2027) naar twee nieuwe sociale ontwikkelbedrijven in Almere en de Gooi- en Vechtstreek. De garantstelling biedt de noodzakelijke financiële zekerheid om betalingsproblemen te voorkomen, de jaarrekening 2024 met een continuïteitsverklaring vast te kunnen stellen en de dienstverlening aan inwoners voort te zetten. Tevens wordt hiermee bestuurlijke rust en handelingsperspectief gecreëerd voor het lopende transitie- en besluitvormingstraject over de toekomstige inrichting van werk en participatie.

Argumenten

1.1 Zonder aanvullende zekerheden kan de Tomingroep BV op korte termijn in acute betaalproblemen komen te verkeren en kan de continuïteitsveronderstelling onvoldoende worden onderbouwd. De Tomingroep BV boekt al enige jaren een negatief financieel resultaat. Tot en met 2023 was de BV in staat om dit negatieve financiële resultaat op te vangen vanuit het eigen vermogen. Om het eigen vermogen in de BV op peil te houden, is met ingang van 2024 besloten tot een exploitatiebijdrage vanuit het werkvoorzieningsschap. Dit was en is nodig om te voorkomen dat de deelneming in de BV vanuit de GR moet worden afgeboekt (eenmalige verliespost). Sindsdien is het eigen vermogen van de BV verder afgenomen, waardoor structurele exploitatiebijdragen noodzakelijk zijn geworden en de financiële ruimte binnen de GR zelf steeds beperkter wordt. In de aanloop naar de vaststelling van de jaarrekening 2024 is geconstateerd dat: • •

de financiële positie van Tomingroep BV kwetsbaar is; zonder aanvullende zekerheden, Tomingroep BV op korte termijn in acute betaalproblemen kan komen te verkeren;

2

Op basis van deze constateringen is geconcludeerd dat de continuïteitsveronderstelling onvoldoende kan worden onderbouwd. Er zijn aanvullende zekerheden nodig om alsnog tot een onderbouwing te komen die afdoende is. Daarom is besloten om de jaarrekening 2024 van de BV voorlopig te deponeren. Met dit voorstel beoogt het AB middels garantstellingen voor de jaren 2026 (€ 7,6 miljoen) en 2027 (€ 7,6 miljoen) de BV van aanvullende zekerheden te voorzien. Daarnaast is het, als gevolg van tegenvallende resultaten van de BV in 2025 en slechtere verwachte resultaten in 2026, noodzakelijk de exploitatiebijdrage met respectievelijk € 3,5 en € 2,6 miljoen te verhogen middels dit voorstel. Op grond van artikel 13, lid 9, van de gemeenschappelijke regeling stelt het algemeen bestuur tenslotte voor om het voorgenomen besluit ter zienswijze voor te leggen aan de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten. 1.2 Rust en continuïteit voor organisatie en medewerkers Met de garantstelling wordt de continuïteit van Tomingroep BV geborgd en wordt duidelijkheid geboden aan de mensen die daar dagelijks werken. Het gaat daarbij om alle lagen van de organisatie: van directie en staf tot begeleiding, uitvoerende teams en de doelgroepmedewerkers zelf. In een periode van financiële kwetsbaarheid en organisatorische transitie is het van belang dat medewerkers kunnen rekenen op stabiliteit en perspectief.

Deze zekerheid creëert de rust die nodig is om de dienstverlening zorgvuldig voort te zetten en de organisatie professioneel door de transitiefase te loodsen. 1.3 Zekerheid voor opdrachtgevers en samenwerkingspartners De garantstelling draagt bij aan vertrouwen bij opdrachtgevers, samenwerkingspartners en financiers van Tomingroep BV. Door de geboden financiële zekerheid kan de continuïteitsveronderstelling door de accountant worden onderbouwd. Dit biedt rust en duidelijkheid voor partijen die met Tomingroep samenwerken en afhankelijk zijn van een stabiele uitvoeringsorganisatie. Die externe rust werkt door naar de organisatie zelf en ondersteunt een stabiele voortzetting van de uitvoering van de publieke taak. 1.4 Financiële rust creëren om de transitie zorgvuldig vorm te geven De garantstelling fungeert als een tijdelijk en voorwaardelijk instrument om financiële rust te creëren in de transitiefase. Deze rust is noodzakelijk zodat gemeenten binnen het Programma Regie en Transitie (PRT) hun aandacht kunnen richten op de opbouw van nieuwe sociaal ontwikkelbedrijven en de voorbereiding van de overdracht per 1 januari 2028. Door de continuïteit van Tomingroep BV op korte termijn te borgen, wordt voorkomen dat financiële onzekerheid het transitieproces onder druk zet.

1.5 Ingezette maatregelen in 2025 zijn onvoldoende gebleken om structurele liquiditeitsrisico’s weg te nemen De gemeenteraad is middels een collegebrief van 26 mei 2025 geïnformeerd over de liquiditeitsproblemen bij Tomingroep BV en over de maatregelen die in 2025 zijn ingezet om de liquiditeitspositie te stabiliseren en acute betalingsproblemen te voorkomen. Deze maatregelen vormden één samenhangend pakket en waren gericht op het beheersen van de financiële situatie op korte termijn. De uitvoering hiervan heeft ertoe geleid dat een deel van de liquiditeitstekorten in 2025 en begin 2026 kon worden opgevangen en dat de bedrijfsvoering kon worden gecontinueerd. Tegelijkertijd blijkt uit een recente liquiditeitsprognose van Tomingroep BV (januari 2026) dat deze maatregelen onvoldoende zijn om de structurele liquiditeitsrisico’s weg te nemen. Voor 2027 wordt, bij ongewijzigd beleid, een liquiditeitstekort voorzien dat oploopt tot circa € 6,5 miljoen. Daarmee blijft de financiële positie van Tomingroep BV kwetsbaar en zijn aanvullende 3

zekerheden noodzakelijk om de continuïteit van de organisatie te borgen. De voorgestelde garantstelling vormt in dat licht een passend vervolg op de in 2025 ingezette maatregelen en de hierover verstrekte informatie aan de raad.

Kanttekeningen

1.1 Voorwaarden bij verlenen garantie De garantstelling wordt verleend onder expliciete voorwaarden die zijn vastgelegd in het voorgenomen besluit van het algemeen bestuur en nader worden uitgewerkt in een addendum op de samenwerkingsovereenkomst tussen het werkvoorzieningsschap en Tomingroep BV. Deze voorwaarden zijn erop gericht om de continuïteit van de organisatie te borgen én tegelijkertijd aanvullende grip te organiseren op de bedrijfsvoering gedurende de transitiefase richting 1 januari 2028. Concreet is de garantstelling gekoppeld aan een aantal inhoudelijke en tijdgebonden afspraken. Zo hebben de directie en de Raad van Commissarissen een uitgewerkte en onderbouwde begroting voor 2026 aangeleverd; deze is op 12 februari 2026 aan het algemeen bestuur aangeboden. Hiermee beschikt het algemeen bestuur over inzicht in de financiële uitgangspunten voor het lopende jaar. Daarnaast wordt de begroting voor 2027 gelijktijdig met de begroting van het werkvoorzieningsschap aangeboden, zodat samenhangende besluitvorming mogelijk is. Verder wordt binnen zes weken een plan aangeleverd dat is gericht op het optimaliseren van het operationeel resultaat in 2026 en 2027. In dit plan wordt inzichtelijk gemaakt op welke wijze Tomingroep BV doelmatiger gaat functioneren en welke maatregelen worden genomen om de financiële positie te verbeteren.

Bij de totstandkoming van dit plan wordt gebruikgemaakt van beschikbare analyses en onderzoeken, waaronder het greenfield-onderzoek en eerdere externe doorlichtingen. Tot slot wordt de bestaande samenwerkingsovereenkomst tussen het werkvoorzieningsschap en Tomingroep BV herzien en aangevuld voor de duur van de transitie. In het addendum worden afspraken vastgelegd over governance, sturing en informatievoorziening, mede in het licht van de voorbereiding van de overdracht van taken per 1 januari 2028. Door deze voorwaarden expliciet te verbinden aan de garantstelling wordt geborgd dat deze niet losstaat van de bestuurlijke en organisatorische ontwikkeling van Tomingroep BV, maar onderdeel vormt van een samenhangende aanpak in de transitiefase.

Financiën, middelen & capaciteit

Deze besluitvorming heeft op zichzelf geen directe financiële consequenties voor de gemeentelijke begroting. Het raadsvoorstel ziet toe op een garantstelling van de Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningsschap Tomingroep aan Tomingroep BV. Het betreft nadrukkelijk geen garantstelling vanuit de gemeente Hilversum. De financiële verplichting ligt bij het werkvoorzieningsschap; de gemeente wordt met dit besluit niet direct aangesproken op het leveren van middelen. Bij een ongewijzigde financiële situatie is de verwachting dat het werkvoorzieningsschap in 2026 en/of 2027 niet over voldoende liquiditeit beschikt om de exploitatiebijdrage en andere verplichtingen richting Tomingroep BV volledig na te komen. In januari 2026 heeft Tomingroep BV een liquiditeitsprognose opgesteld waaruit volgt dat eind 2026 – en zeker in 2027 – een liquiditeitstekort ontstaat dat oploopt tot ruim € 6,5 miljoen. Indien dit tekort zich daadwerkelijk voordoet, treedt de in artikel 23 van de Gemeenschappelijke Regeling vastgelegde 4

aanvullingsverplichting in werking. Dit artikel bepaalt dat de deelnemende gemeenten er gezamenlijk voor zorgdragen dat de GR te allen tijde over voldoende middelen beschikt en dat het algemeen bestuur, wanneer subsidies en overige opbrengsten ontoereikend zijn, een aanvullende gemeentelijke bijdrage kan vaststellen. Hoewel de liquiditeitsprognose en de omvang van de tekorten nog met onzekerheden zijn omgeven, betekent dit dat de deelnemende gemeenten in dat scenario gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor het opvangen van het liquiditeitstekort van € 6,5 miljoen. De verdeling van deze aanvullende bijdrage vindt plaats naar rato van het 10-jaarsgemiddelde van het aantal WSW-medewerkers per gemeente. De financiële uitwerking van deze verdeelsleutel is in de onderstaande tabel opgenomen. Gemeente Almere Blaricum Eemnes Gooise Meren Hilversum Huizen Laren Wijdemeren Totaal

10-jaarsgemiddelde WSW 340,5 6,4 10,4 65,0 255,2 66,6 10,2 21,9 776,2

Aandeel (%) 43,9% 0,8% 1,3% 8,4% 32,9% 8,6% 1,3% 2,8% 100,0%

Bijdrage bij tekort € 6,5 mln € 2,8 mln € 0,1 mln € 0,1 mln € 0,5 mln € 2.1 mln € 0,6 mln € 0,1 mln € 0,2 mln € 6,5 mln

Tabel 1: Indicatieve verdeling van een liquiditeitstekort van € 6,5 miljoen, gebaseerd op het tienjaars voortschrijdend gemiddelde per 31/12/2024 zoals vastgesteld door het algemeen bestuur op 28 maart 2025.

In de onderstaande meerjarenbegroting, zoals opgenomen in het bijgevoegde screenshot, is het verloop van het eigen vermogen van zowel Tomingroep BV als het werkvoorzieningsschap weergegeven. Hieruit blijkt dat er in principe nog circa 9,9 miljoen euro aan eigen vermogen aanwezig is. Dit vermogen bestaat echter voor het grootste deel uit gebouwen en bedrijfsmiddelen en is daarmee niet of slechts beperkt liquide beschikbaar. Dit betekent dat het eigen vermogen niet zonder meer kan worden ingezet om tekorten op korte termijn op te vangen, zonder gevolgen voor de bedrijfsvoering en de infrastructuur van het sociaal ontwikkelbedrijf.

5

Tabel 2: Concept meerjarenbegroting Schap (=GR) en BV 14 januari 2026

Het algemeen bestuur zal in de loop van 2026 onderzoeken op welke wijze Tomingroep BV van voldoende liquiditeit kan worden voorzien. Daarbij worden verschillende opties verkend, waaronder het benutten van mogelijke stille reserves in vastgoed, bijvoorbeeld indien marktwaardes hoger liggen dan boekwaardes, het aantrekken van leningen en het verhogen van bijdragen aan Tomingroep. In het kader van de liquiditeitsopgave zullen de gemeenten Almere en Hilversum concreet bezien of zij bestaande panden van Tomingroep BV kunnen en willen aankopen, vooruitlopend op de inrichting van hun toekomstige sociaal ontwikkelbedrijven. Daarbij wordt beoordeeld in hoeverre deze panden aansluiten bij de huisvestingsbehoefte van de nieuwe organisaties. Verkoop van deze panden aan derden kan niet aan de orde zijn zolang niet is vastgesteld of en in welke mate de gemeenten deze panden zelf nodig hebben voor hun toekomstige ontwikkelbedrijven. Het behoud van de sociale infrastructuur voor publieke doeleinden staat daarbij voorop. Indien aankoop of herstructurering van vastgoed aan de orde is, zal dit via afzonderlijke besluitvormingstrajecten aan colleges en gemeenteraden worden voorgelegd. De raden worden gedurende dit proces actief geïnformeerd en betrokken bij de verdere uitwerking.

Communicatie

De gemeenteraden worden via dit raadsvoorstel in de gelegenheid gesteld een zienswijze uit te brengen. De verdere communicatie richting colleges, raden en andere betrokken partijen verloopt via de reguliere bestuurlijke lijnen van de GR Tomingroep.

Uitvoering

Na vaststelling van een positieve zienswijze (bijlage 2) door de gemeenteraad verzamelt het dagelijks bestuur de besluiten en zienswijzen van de deelnemende gemeenten en bereidt de verdere besluitvorming voor. Vervolgens wordt het onderwerp door het dagelijks bestuur geagendeerd voor behandeling in het algemeen bestuur. Het algemeen bestuur betrekt de ingebrachte zienswijzen bij zijn afweging en neemt een definitief besluit over de garantstelling.

6

Na besluitvorming in het algemeen bestuur stelt het dagelijks bestuur een bestuurlijke reactie op en informeert de deelnemende gemeenten over de uitkomst. Daarnaast wordt, conform de gebruikelijke procedure, de begroting van het werkvoorzieningsschap 2027 ter zienswijze aan de gemeenteraad voorgelegd. Het algemeen bestuur blijft daarna via de reguliere governance geïnformeerd over de financiële ontwikkeling van Tomingroep BV en de eventuele benutting van de garantstelling. Eventuele aanvullende besluiten met financiële gevolgen voor gemeenten worden separaat en via een eigen besluitvormingstraject voorgelegd. Burgemeester en wethouders van Hilversum, 17 februari 2026 de griffier,

de burgemeester,

Dr. M. Pen

dr. ir. G.M. van den Top

Bijlage(n) 1. AB besluit inzake garantstelling Tomingroep GR aan BV 26 januari 2026 2. Zienswijze op Garantstelling Tomingroep GR aan Tomingroep BV

7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=be337510-eccb-4f33-9337-3738f4689438