CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Erfgoedverordening Hilversum 2025 - Raadsvoorstel

GEMEENTERAAD 9 juli 2025, gemeente HilversumBij agendapunt: Erfgoedverordening Hilversum 2025 (1501078)2.971 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL zaaknummer:

1501078

afdelingsnaam:

Leefomgeving

steller:

Tanja Hoefnagels

telefoonnummer

035 629 2567

onderwerp:

Erfgoedverordening Hilversum 2025

Voorstel 1. 2.

De Erfgoedverordening Hilversum 2025 vast te stellen. Gelijktijdig de Monumentenverordening Hilversum 2016 in te trekken.

Planning

Titel Erfgoedverordening Hilversum 2025

Toelichting Door inwerkingtreding van de Omgevingswet is het nodig om de huidige Monumentenverordening Hilversum 2016 aan te passen.

BEELDVORMING Commissie Zorg, Welzijn en Samenleving 25 juni 2025

OORDEELSVORMING Commissie Zorg, Welzijn en Samenleving 25 juni 2025

BESLUITVORMING 9 juli 2025

Samenvatting

Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Hierdoor is het nodig om de vigerende Monumentenverordening Hilversum 2016 aan te passen. Er worden in de Omgevingswet andere termen gebruikt en er moet naar de nieuwe wet verwezen worden voor de juiste juridische basis van de verordening. Op verzoek van college en raad is opnieuw gekeken naar het proces tot aanwijzing van een gemeentelijke monument. In de voorliggende verordening is de mogelijkheid voor het college om hiertoe nadere regels vast te stellen toegevoegd en zijn daarin de indieningsvereisten voor een verzoek van derden tot aanwijzing van een gemeentelijk monument aangescherpt. Daarnaast is in de toelichting van de verordening het proces tot aanwijzing en de juridische onderbouwing daarvan verder uitgelegd. De voorliggende Erfgoedverordening is deels gebaseerd op de nieuwe modelverordening van de VNG. Door inwerkingtreding van de Erfgoedwet is deze anders van opzet geworden dan de huidige Monumentenverordening.

Inleiding

Mogelijkheid tot aanwijzing monument Op basis van de Erfgoedwet is er onderscheid tussen rijksmonumenten, provinciale monumenten en gemeentelijke monumenten. In Hilversum zijn 213 rijksmonumenten, 1 provinciaal monument (15 grenspalen) en circa 850 gemeentelijke monumenten. 1

De voorliggende Erfgoedverordening is uitsluitend gericht op de gemeentelijke monumenten. De verordening richt zich op bescherming en behoud van cultureel erfgoed voor huidige en toekomstige generaties. Het geeft de mogelijkheid om panden, complexen, parken, tuinen of andere objecten, zoals hekwerken, die van bijzonder belang zijn voor de gemeente vanwege hun schoonheid, betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische waarde aan te wijzen als gemeentelijk monument. Naast de mogelijkheid tot het aanwijzen van gemeentelijke monumenten is er ook de mogelijkheid om stads- of dorpsgezichten aan te wijzen als gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht en de mogelijkheid om een cultuurgoed of een verzameling in eigendom van de gemeente of aan de zorg toevertrouwd van de gemeente aan te wijzen als gemeentelijk beschermd cultuurgoed. Bij dit laatste kan bijvoorbeeld gedacht worden aan de stoelen van Dudok in het Raadhuis. De voorbescherming van een monument is uit de verordening gehaald. In plaats hiervan is een spoedprocedure tot aanwijzing van een gemeentelijk monument toegevoegd. Mogelijkheid tot wijzigen monument Aangewezen worden als gemeentelijk monument betekent niet dat het object onder een stolp wordt gezet en nooit meer gewijzigd mag worden.

De bedoeling van het aanwijzen van een pand als gemeentelijk monument is om deze te bewaren voor de huidige en toekomstige generaties. Dit kan alleen als het mee kan gaan met de tijd en bijvoorbeeld verduurzaamd kan worden. Als een pand, complex of ander object aangewezen wordt als gemeentelijk monument, dan kan dit dus nog steeds gewijzigd of verduurzaamd worden. Door de bescherming kunnen de waarden en betekenissen van het object worden meegenomen in de planvorming. De afgelopen 5 jaar zijn er 7 panden op verzoek aangewezen als gemeentelijk monument. Al deze panden zijn in gebruik en konden worden herbestemd en/of verduurzaamd. Zo is de Rehobothkerk aan de Kleine Drift 63 herbestemd tot kinderdagverblijf en verduurzaamd tot A+++ gebouw. Een ander voorbeeld is het Melkhuisje aan de Oude Meentweg 3, dat gerestaureerd en gewijzigd is. De eigenaar van een monument dat aangewezen is of wordt op grond van de Erfgoedverordening heeft op grond van artikel 4:8 Algemene wet bestuursrecht de mogelijkheid tot inspraak in de procedure. Uiteindelijk wordt de beslissing om een monument wel of niet aan te wijzen door het college genomen na een onderzoek naar de monumentale waarden van het onroerend goed en een belangenafweging tussen het algemeen belang van bescherming van die monumentale waarden van het onroerend goed en het belang van de eigenaar.

De voorliggende Erfgoedverordening is deels gebaseerd op de VNG modelverordening. Uit onderzoek is gebleken dat er gemeenten zijn geweest die in afwijking hiervan hebben geprobeerd de eigenaar een grotere rol toe te dichten door in de verordening aan te geven dat een monument alleen aangewezen kon worden als de eigenaar daarmee instemde. Dit heeft in de rechtspraak geen stand gehouden. De Raad van State geeft hierbij aan dat het aanwijzen van een monument een bevoegdheid van het college is. Die moet zelf de afweging maken of de monumentale waarden het beschermen waard zijn ten opzicht van de belangen van de eigenaar. Hoewel de belangen van de eigenaar meegewogen moeten worden bij het besluit en deze zijn of haar zienswijze mag indienen, kan het besluit niet afhankelijk worden gesteld van de mening van de eigenaar. Het is wettelijk niet mogelijk om een eigenaar een grotere rol toe te bedelen bij de aanwijzing van een monument. Eigenaren van gemeentelijke monumenten kunnen voor het restaureren en/of verduurzamen van een monument subsidie aanvragen en aanspraak maken op een laagrentende lening uit het Hilversums restauratie Fonds. Deze beide regelingen zijn recentelijk vernieuwd en uitgebreid. Voor het Hilversums Restauratie Fonds is door middel amendement A25-004 een groter bedrag beschikbaar gekomen om meer monumenten eigenaren van dienst te kunnen zijn. 2

Mogelijkheid tot het verzoeken om aanwijzen van een gemeentelijk monument door derden De bevoegdheid tot het aanwijzen van een gemeentelijk monument ligt in de huidige Monumentenverordening bij het college. Dit is in de voorliggende Erfgoedverordening overgenomen. Op basis van vaste jurisprudentie kan een belanghebbende altijd een bestuursorgaan verzoeken om gebruik te maken van een bevoegdheid die bij dat orgaan is neergelegd. Het is dus niet mogelijk om belanghebbenden uit te sluiten van de mogelijkheid tot doen van een verzoek tot aanwijzing van een gemeentelijk monument. Maar wie is nu belanghebbend bij het aanwijzen van een monument? De eigenaar of andere zakelijk gerechtigde zijn belanghebbend bij het aanwijzen van een monument. Omwonenden, huurders, andere gebruikers van het betreffende object zijn geen belanghebbende bij een dergelijk aanwijzingsbesluit. Dit heeft te maken met het feit dat de aanwijzing als monument niet de bestemming van het object wijzigt. Het levert daarmee dus niet snel een belang op voor anderen dan de eigenaar of zakelijk gerechtigde. Wijziging van (de bestemming van) een object, gebeurt immers bij andersoortige besluiten zoals een omgevingsvergunning. Stichtingen of verenigingen kunnen wel belanghebbend zijn als de statuten en feitelijke werkzaamheden hiervan rechtstreeks betrekking hebben op de aanwijzing tot monument.

De erfgoedverenigingen zoals Albertus Perk, Heemschut, Hilversum, Pas Op! en het Cuypersgenootschap moeten als belanghebbenden worden beschouwd. Deze hebben allen statuten en feitelijke werkzaamheden die rechtstreeks betrekking hebben op de aanwijzing van monumenten. Omdat deze erfgoedverenigingen belanghebbend zijn bij de aanwijzing van een monument, kan het dus wettelijk niet worden voorkomen dat zij een verzoek doen tot aanwijzing van een monument op het moment dat bijvoorbeeld een ontwikkelaar zijn plannen tot sloop van een bepaald pand bekend maakt. Dit verzoek zal dan in behandeling genomen moeten worden. Het is ook belangrijk om deze stichtingen en verenigingen de mogelijkheid te bieden om mee te denken met het cultureel erfgoed van Hilversum. Op 10 januari 2024 heeft Nederland het verdrag van Faro ondertekend. Het verdrag stelt dat erfgoed meer dan nu een functie kan hebben voor de samenleving. Niet alleen de historische plek zelf, het voorwerp en de traditie is belangrijk, maar vooral ook de verschillende betekenissen en het gebruik ervan. Erfgoed is bovendien een bron voor ruimtelijke, sociale, economische en democratische ontwikkeling als alle belanghebbenden daar een betrokkenheid bij hebben. Ook in de Omgevingswet is veel ingezet op participatie bij ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving.

Met Erfgoedverhalen van Hilversum heeft Hilversum hier ook gehoor aan gegeven door de inwoners te betrekken bij het erfgoed door hen te vragen aan te geven wat voor hen van waarde is en welke betekenis het voor hen heeft. Indieningsvereisten van een verzoek tot aanwijzing van een monument Om te zorgen dat niet zonder nadere onderbouwing verzoeken om aanwijzing van een monument ingediend kunnen worden, is in de Erfgoedverordening de mogelijkheid toegevoegd voor het college om nadere regels vast te stellen. Deze nadere regels zijn in de bijlagen bij dit voorstel toegevoegd. In de nadere regels worden indieningsvereisten gesteld aan een verzoek tot aanwijzing van een monument door belanghebbenden. Belanghebbenden moeten hun verzoek tot aanwijzing van een monument onderbouwen door middel van een inhoudelijke motivatie. Voor deze inhoudelijke motivatie wordt aangesloten bij de standaard criteria zoals die zijn ontwikkeld door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed voor gebouwd en aangelegd (groen) erfgoed. Deze zijn: cultuurhistorische waarde; architectuur-, kunst- en/of tuinhistorische waarde; situationele en ensemblewaarde; alsmede de factoren zeldzaamheid, gaafheid en herkenbaarheid. Pas als een verzoek voldoende en volgens de indieningsvereisten is onderbouwd, zal deze in behandeling worden genomen.

Technische wijziging in verband met wetswijzigingen De voorliggende erfgoedverordening is conform het nieuwe model van de VNG gemaakt. Dit model wijkt af van de huidige Monumentenverordening. Het is niet mogelijk geweest om de technische wijziging mee te nemen met de overige technische wijzigingen in het kader van de invoering van de 3

Omgevingswet voor 1 januari 2024, omdat de Monumentenverordening nog aangepast moest worden aan het nieuwe model van de VNG. Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Hierdoor is de juridische basis van de vigerende Monumentenverordening Hilversum 2016 gewijzigd. Daarnaast is in juli 2016 de Erfgoedwet in werking getreden. De vigerende Monumentenverordening was daar nog niet op aangepast. In het voorliggende voorstel worden de wijzigingen doorgevoerd die voortkomen uit beide wetswijzigingen. Erfgoedverhalen van Hilversum Erfgoedverhalen brengt elke wijk van Hilversum in kaart op basis van onderzoek en analyse en de verhalen van inwoners en experts. Welke plekken hebben betekenis voor bewoners? Wat willen zij doorgeven aan volgende generaties? Welke objecten en structuren maken de wijk tot wat hij is en hoe kunnen deze doorgegeven worden aan toekomstige generaties? De analyses en verhalen dragen bij aan het benutten van de cultuurhistorie en het erfgoed, zoals in de Omgevingsvisie opgenomen, voor behoud, versterking en ontwikkeling van Hilversum. Het project zal vanwege de tijd die nodig is voor de verwerking van alle verhalen per wijk op 15 oktober 2025 worden gepresenteerd aan de raad. Motie D’66 M24-146 ‘Stop oneigenlijk gebruik van de monumentenverordening’ In de raadsvergadering van 13 november 2024 is motie nummer M24-146 VADO ingediend door D’66.

In deze motie is het college verzocht om verzoeken tot het aanwijzen van een pand als beschermd gemeentelijk monument per direct niet langer in behandeling te nemen wanneer dit verzoek is ingediend door iemand anders dan de eigenaar van het pand in de volgende op zichzelf staande situaties: 1. Gedurende een periode van 3 jaar nadat een pand van eigenaar is gewisseld. 2. Vanaf het moment dat een eigenaar een vergunningsaanvraag heeft ingediend inzake de verbouwing, aanpassing of vervanging van een pand. Deze motie hebben wij destijds ontraden omdat het een wijziging was die niet direct in zou kunnen gaan maar verder onderzocht moest worden. Nu raden wij de motie nog steeds af. Zoals eerder in dit voorstel aangegeven ligt de bevoegdheid tot het aanwijzen van een gemeentelijk monument bij het college. Belanghebbenden kunnen dan het college verzoeken om gebruik te maken van die bevoegdheid. Het is op basis van vaste jurisprudentie van de Raad van State niet mogelijk om die groep belanghebbenden in een verordening verder in te perken. Dit houdt in dat altijd zowel de eigenaar als de erfgoedverenigingen op elk moment kunnen verzoeken tot gebruikmaking van de bevoegdheid tot het aanwijzen van een monument.

Door de invoering van de Omgevingswet en het opstellen van de Omgevingsvisie concretiseren we een passende en consistente manier om de rol van erfgoed in onze leefomgeving en de bijdrage van erfgoed aan de kwaliteiten van Hilversum vorm te geven. De Erfgoedverordening, maar ook het integraal gebiedsgericht werken om het erfgoed tijdig en integraal mee te nemen, zoals door de Omgevingswet is ingevoerd, zorgen ervoor dat er erfgoed-inclusief versterkt en ontwikkeld kan worden. Vanwege de uitgebreide participatie in Erfgoedverhalen van Hilversum en de ontwikkelingen op het gebied van gebiedsintegraal werken, verwachten wij dat in de toekomst steeds minder onverwachte verzoeken zullen komen tot het aanwijzen van monumenten. Het zal immers steeds meer op voorhand al duidelijk zijn welk cultureel erfgoed het beschermen waard is. Hierdoor zullen ontwikkelaars die niet geïnteresseerd zijn in het behoud van erfgoed, minder snel overgaan tot aankoop van onroerend goed waarbij sprake is van monumentale waarden die het beschermen waard zijn. Nadeelcompensatie Een gemeente kan schadeplichtig zijn voor een onterecht genomen besluit en voor een terecht genomen besluit.

Als een eigenaar van een onroerend goed van mening is schade te hebben ondervonden door aanwijzing van het eigendom als gemeentelijk monument en dat monument is terecht als zodanig aangewezen, dan komt artikel 4:126 Algemene wet bestuursrecht in beeld. Dit artikel geeft aan dat er 4

sprake kan zijn van nadeelcompensatie als een bestuursorgaan ‘in de rechtmatige uitoefening van zijn publiekrechtelijke bevoegdheid of taak schade veroorzaakt die uitgaat boven het normale maatschappelijk risico en die een benadeelde in vergelijking met anderen onevenredig zwaar treft’. Hierop is de Verordening Nadeelcompensatie Hilversum 2022 van toepassing Tevens is artikel 15 (schadevergoeding) toegevoegd aan de verordening. Op grond van dit artikel kunnen eigenaren van een gemeentelijk monument een schadevergoeding aan het college vragen indien een omgevingsvergunning wordt geweigerd, of wanneer hier voorschriften aan worden verbonden.

Probleemstelling/doel

De huidige Monumentenverordening Hilversum 2016 moet technisch aangepast worden aan de Omgevingswet en de Erfgoedwet. Daarnaast heeft het college en de raad verzocht het proces tot aanwijzing van een monument tegen het licht te houden. Het doel van dit voorliggende advies is om een actuele verordening te hebben. In de Erfgoedverordening moet het voor alle betrokkenen duidelijk zijn wat het proces tot aanwijzing van een monument inhoudt en wie op welk moment hiertoe kan verzoeken. De voorliggende verordening zorgt voor aangescherpte indieningsvereisten voor een verzoek tot aanwijzing van derden.

Argumenten

1.1 Bevoegdheid voor het vaststellen van verordeningen ligt bij de gemeenteraad. Het college kan nadere regels vaststellen Op grond van artikel 147 Gemeentewet is de gemeenteraad het bevoegd orgaan om verordeningen vast te stellen. In de voorliggende verordening krijgt het college de bevoegdheid tot het opstellen van nadere regels. In de bijlagen van dit voorstel zijn nadere regels opgenomen met betrekking tot indieningsvereisten voor een verzoek tot aanwijzing van een gemeentelijk monument door belanghebbenden. Door het vaststellen van deze indieningsvereisten wordt gegarandeerd dat een verzoek tot het aanwijzen van een monument door een belanghebbende, onderbouwd is met specifiek onderzoek naar de monumentale waarden van het beoogde pand of object. Het is dus niet mogelijk om met een ‘simpel briefje’ een verzoek te doen tot aanwijzing van een monument. 1.2 De Monumentenverordening Hilversum 2016 voldoet niet meer aan de wetgeving De huidige Monumentenverordening Hilversum 2016 is verouderd. Door de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024, is de Wabo komen te vervallen en moet de verordening niet meer naar de Wabo, maar naar de Omgevingswet te verwijzen als formele juridische basis. .

De huidige verordening is nog wel te gebruiken, maar doordat er verkeerde verwijzingen in staan, is de verordening onduidelijk geworden en kan er daardoor discussie ontstaan over de toepassing ervan. Het is daarom zaak om de nieuwe Erfgoedverordening zo spoedig mogelijk in werking te laten treden. Daarnaast is de huidige Monumentenverordening niet in lijn met de Erfgoedwet die reeds in juli 2016 in werking is getreden. 1.3 De eigenaar van een monument wordt altijd betrokken bij de procedure tot aanwijzing van een gemeentelijk monument Bij de verordening is een overzicht gevoegd van de procedure stappen die genomen worden bij aanwijzing van een gemeentelijk monument. In de verordening wordt in artikel 6 lid 2 specifiek vermeld dat overleg met de eigenaar van een kerkelijk monument wordt gevoerd alvorens een kerkelijk monument wordt aangewezen. Dit is op basis van de Erfgoedwet verplicht. Dit betekent echter niet dat er geen overleg of inspraak mogelijk is met eigenaren van een andersoortig monument. In de procedure stappen staat aangegeven op welke momenten overleg wordt gevoerd en op welke momenten een zienswijze gegeven kan worden.

5

Kanttekeningen

1.1 De voorliggende verordening is tijdelijk. Voor 2032 zullen de regels met betrekking tot de fysieke leefomgeving uit de Erfgoedverordening gaan en opgenomen moeten worden in het Omgevingsplan. 1.1 Belanghebbenden kunnen het college verzoeken gebruik te maken van de bevoegdheid tot het aanwijzen van een gemeentelijk monument Op basis van vaste jurisprudentie van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State kan een belanghebbende altijd een bestuursorgaan verzoeken om gebruik te maken van een bevoegdheid die bij dat orgaan is neergelegd. Het is dus niet mogelijk om belanghebbenden uit te sluiten van de mogelijkheid tot het doen van een verzoek tot aanwijzing van een gemeentelijk monument of om voorwaarden te stellen aan het moment van verzoeken tot aanwijzing. Om te voorkomen dat er ‘zomaar’ verzocht kan worden om aanwijzing van een monument, kunnen er wel nadere eisen worden gesteld aan de vorm en inhoud van het verzoek, voordat een verzoek bij het college kan worden neergelegd. Met de nadere regels voor de indieningsvereisten is aansluiting gezocht bij de indieningsvereisten van de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed.

Financiën, middelen & capaciteit

De toepassing van de Erfgoedverordening is met de bestaande capaciteit en middelen uit te voeren.

Uitvoering

Na vaststelling van de verordening door de raad zal deze gepubliceerd worden alvorens deze in werking kan treden. Bij publicatie zal de huidige Monumentenverordening gelijktijdig worden ingetrokken.

Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris,

de burgemeester,

mr. C.P. Torres Barrera

dr. ir. G.M. van den Top

Bijlage(n) 1. 2. 3. 4. 5.

Erfgoedverordening Hilversum 2025 Was/wordt lijst Nadere regels; indieningsvereisten voor een verzoek tot aanwijzing van een monument Schematische weergave van het proces tot aanwijzing van een gemeentelijk monument Jurisprudentie met betrekking tot de Erfgoedverordening

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=e21a9891-129c-4cf4-8532-00b818d31890