Eindrapport bescherming persoonsgegevens
Tekst van het document
24 De CISO rapporteert aan de directie over informatiebeveiliging, in de tijd afgestemd op de P&C-cyclus. Het Strategisch Informatiebeveiligingsbeleid beschrijft ook het proces van controle en verantwoording. De directie is verantwoordelijk voor het gevraagd en ongevraagd rapporteren aan de portefeuillehouder(s). Voor de verantwoording over informatiebeveiliging gebruikt de gemeente de ENSIA-systematiek (Eenduidige Normatiek Single Information Audit). Via deze systematiek legt de gemeente verantwoording af over de informatieveiligheid van een aantal basisregistraties en informatiestelsels (waaronder de Basisregistratie Personen, DigiD en Suwinet). Dit gebeurt via een zelfevaluatie door de gemeente (waarbij lijnmanagers informatie aanleveren) en een audit door een externe (IT-)auditor. Het college van Burgemeester en Wethouders geeft jaarlijks een verklaring af in hoeverre de gemeente voldoet aan de normen die aan de beveiliging van DigiD en Suwinet gesteld worden. Over 2019 stelt de collegeverklaring dat aan alle normen ten aanzien van de DigiDaansluitingen van de gemeente en Suwinet wordt voldaan. De relatie tussen informatiebeveiliging en de bescherming van persoonsgegevens wordt in het Strategisch informatiebeveiligingsbeleid op verschillende punten expliciet gemaakt. Het Strategisch informatiebeveiligingsbeleid is in lijn met het privacybeleid.
Dit komt bijvoorbeeld naar voren in de taken en verantwoordelijkheden van verschillende functionarissen, de aansluiting op de P&C cyclus en de rapportage van de FG als onderdeel van de verantwoording.
24
PIT kwartaalrapportage Q1 2021
20
4.
Uitwerking van het beleid
Procesbeschrijvingen en DPIA’s Verschillende aspecten van het privacybeleid van Hilversum zijn uitgewerkt in regels, procedures en werkprocessen. Een belangrijk aspect van het beleid is dat alle werkprocessen binnen de organisatie worden geïnventariseerd en aangepast op vereisten met betrekking tot privacy en informatiebeveiliging. De verantwoordelijkheid voor het waarborgen van de privacy in de verschillende werkprocessen berust bij de betrokken lijnmanagers. Dit is in aansluiting met het uitgangspunt dat de lijnmanagers verantwoordelijk zijn voor de correcte naleving van het privacybeleid in de tot hun verantwoordelijkheid berustende processen. Voor de hele gemeente zijn er door de FG dertien werkprocessen geïdentificeerd waar de aandacht voor privacy hoge prioriteit heeft. Het gaat om de werkprocessen op de volgende terreinen: Dertien belangrijke werkprocessen m.b.t. privacy binnen Hilversum 1. Belastingheffing
6. Jeugd en onderwijs
11. Ruimte en bereikbaarheid
2. Burgerzaken
7. Lokale economie
12. Veiligheid en openbare orde
3. Cultuur en sport
8. Welzijn en zorg
13. Werk en inkomen
4. Fraudeonderzoek
9. Bescherming en opvang
5. Interne organisatie
10. Milieu en duurzaamheid
De FG heeft in 2018 de organisatie geadviseerd om voor deze processen op basis van een zogeheten DPIA een procesplan op te stellen en te implementeren om zo in die werkprocessen vaste afspraken te maken voor een correcte omgang met privacygevoelige gegevens. Wat is een DPIA? DPIA staat voor Data Protection Impact Assessment. Dit wordt ook wel een Gegevensbeschermingseffectbeoordeling of een Privacy Impact Assessment (PIA) genoemd. De AVG vereist dat er in verschillende situaties, bijvoorbeeld bij grootschalige verwerking van persoonsgegevens, vooraf aan die verwerking moet worden bepaald wat het effect van de geplande verwerkingsactiviteit is op de bescherming van de persoonsgegevens van een persoon. Met een DPIA wordt hieraan voldaan. Een DPIA geeft inzicht in de impact van de verwerking op de privacy van deze persoon. Op basis van een DPIA kunnen er maatregelen worden genomen om de impact zo nodig te verminderen. Een DPIA wordt altijd uitgevoerd op een verwerking van persoonsgegevens. In het jaarverslag van de FG van 2019 geeft hij het advies om zogenaamde DPIA’s uit te voeren bij verwerkingen van persoonsgegevens met een hoog risicoprofiel, zoals bij een verwerking van bijzondere persoonsgegevens. Uit datzelfde verslag blijkt tevens dat op dat moment de meeste processen nog niet (aantoonbaar) waren onderzocht.25
25
Uit in het kader van het onderzoek verkregen informatie blijkt dat er vanaf 2020 vier DPIA’s zijn uitgevoerd, twee zich in het stadium van afronding bevinden en er twee in uitvoering zijn. Er zijn DPIA’s uitgevoerd op twee processen bij het Sociaal Plein. In 2021 zullen er nog drie worden gestart.
21
De uitvoering van de DPIA’s is de verantwoordelijkheid van de verschillende afdelingen waarbinnen de verwerkingen plaatsvinden. Deze uitvoering draagt bij aan de bescherming van burgers, omdat het een organisatie in een vroegtijdig stadium inzicht geeft in de risico’s en dus een organisatie in staat stelt deze te mitigeren. Hierdoor kunnen incidenten en datalekken worden voorkomen. Verwerkingsregister In aansluiting op artikel 30 van de AVG dient de gemeente een Verwerkingsregister in te richten. Dit register is een integraal overzicht van alle verwerkingsactiviteiten van persoonsgegevens die onder verantwoordelijkheid van de gemeente plaatsvinden. In de verslagen van het PIT wordt genoemd dat momenteel (2021) wordt gewerkt aan een verbeterslag en actualisatie van het register. Onder meer moet in het register melding worden gemaakt van categorieën van betrokkenen. In de oorspronkelijke versie waren dat meer dan tachtig categorieën. Dit wordt teruggebracht tot een overzichtelijker en beter werkbaar aantal van zestien categorieën. Ook de categorisering van persoonsgegevens wordt aangepast. Coördinatie en planning De uitvoering van het privacybeleid wordt gemonitord door de Privacy Officer (PO). Die stelt het jaaren meerjarenplan op. De jaarplannen bevatten een opsomming van de concrete activiteiten die in het kader van het privacybeleid in dat jaar worden ondernomen.
Het team PIT rapporteert per kwartaal aan de directie. De directie informeert vervolgens de portefeuillehouder. Daarnaast coördineert de PO de uitvoering van de meerjarenplanning in samenwerking met de Functionaris Gegevensbescherming (FG). In het Jaarplan 2019-202026 zijn de relevante processen, aanbevelingen van de FG, maatregelen voor organisatorische inbedding, acties voor waarborging van de rechten van betrokkenen, samenwerking met derden, maatregelen t.b.v. beveiliging en op welke manier er verantwoording wordt afgelegd opgenomen. Ook worden in dit document de eerdere ontwikkelingen gemonitord: de voortgang van de DPIA’s, de datalekken en de vragen die over beveiliging, wettelijke grondslagen, communicatie naar de burger, de voortgang en actualiteit van het verwerkingsregister en over de rechten van betrokkenen worden gesteld aan de PO. Interne instructies Een andere uitwerking van het beleid vindt plaats door middel van interne instructies. Interne instructies hebben betrekking op de wijze waarop medewerkers en lijnmanagers inhoudelijke ondersteuning kunnen krijgen bij vragen die leven over privacy, over het waarborgen van privacy in thuiswerksituaties en over de wijze waarop informatie veilig gedeeld kan worden.
In deze laatste instructie wordt aan de medewerkers toegelicht welke platforms de medewerkers kunnen gebruiken voor informatiedeling, hoe bestanden kunnen worden uitgewisseld via de mail en hoe papieren informatie kan worden beveiligd en uiteindelijk, als deze niet meer bewaard hoeft te worden, vernietigd. Er zijn ook instructies ‘Gouden Regels’ opgesteld voor de omgang met digitale informatie. Voor het thuiswerken is er een interne instructie opgesteld27 waarin wordt uitgelegd hoe werknemers ervoor kunnen zorgen dat zij ook thuis privacyproof aan de slag kunnen. Er is ook een interne instructie over veilig informatie delen 28. In deze instructie wordt er uitgelegd wat voor platforms door werknemers kunnen worden gebruikt voor informatiedeling en hoe bestanden kunnen worden uitgewisseld via de mail en via een link. Ook staat er hoe je papieren kan vernietigen.
Gemeente Hilversum, Jaarplan 2019-2020; in het kader van het onderzoek is ook inzage gekregen in het jaarplan 2021. Gemeente Hilversum, interne instructie – Gouden Regels Veilig thuiswerken 28 Gemeente Hilversum, interne instructie – Veilig informatie delen met anderen 26 27
22
Binnen een onderdeel van gemeente waar veel (privacygevoelige) gegevens worden uitgewisseld is voor de medewerkers een speciale, zogenaamde toolbox ontwikkeld, die tips, achtergrondinformatie en een toegankelijke beschrijving van de relevante regels bevat. Zie Figuur 1 voor een voorbeeld uit deze toolbox.
Figuur 1 Een voorbeeld van een 'tool' uit de Toolbox Uitwisselen Gegevens
Wanneer de gemeente als verwerkingsverantwoordelijke een andere partij opdracht geeft om persoonsgegevens te verwerken, moet er met die partij een verwerkingsovereenkomst worden gesloten. Daarvoor gebruikt de gemeente een Handreiking29 die werknemers ondersteunt bij het begrijpen wanneer zo’n overeenkomst moet worden opgesteld en templates geeft voor verwerkersovereenkomsten die werknemers verder kunnen invullen. Hiervoor wordt de standaard verwerkersovereenkomst van de VNG gebruikt. Ook voor andere specifieke situaties, zoals de samenwerking met derden of het cameratoezicht rond het gemeentehuis, heeft de gemeente aanvullende documentatie opgesteld om de privacy te waarborgen. Datalekken Er is een procedure opgesteld die aangeeft wat er moet gebeuren als er sprake is van een zogenaamd datalek; dit betreft een situatie waarbij sprake is van vrijgekomen informatie die betrekking heeft op persoonsgegevens en in handen van onbevoegden is gekomen, voor onbevoegden toegankelijk was, of zijn verloren is gegaan.30 In het document wordt het wettelijk kader geschetst en aangegeven hoe mensen met verschillende rollen behoren te acteren. Er is een stappenplan dat beschrijft wat iemand moet doen als hij/zij denkt dat er een beveiligingsincident is. Ook staat daar kort wat voor soort zaken moeten worden gemeld.
Hier worden zaken genoemd als ‘een document onbeheerd bij de printer of op bureaus laten slingeren’ en ‘het verstrekken van informatie naar onjuiste
29 30
Gemeente Hilversum, Handreiking VNG verwerkersovereenkomst 2.0, 2020 Gemeente Hilversum, Procedure datalekken – procedure bij melding van een inbreuk in verband met persoonsgegevens (artikel 33 en 34 AVG), 2020
23
perso(o)n(en)’. Vanuit de instructie wordt de lezer doorverwezen naar het Meldingsformulier dat bij een incident kan worden ingevuld om melding te doen. In het beleid wordt gesteld dat als er sprake is van een aanzienlijke kans op ernstige nadelige gevolgen voor betrokkene, dan wel ernstige nadelige gevolgen voor de bescherming van persoonsgegevens, een geconstateerd datalek binnen 72 uur gemeld moet worden bij de Autoriteit Persoonsgegevens (AP). Tevens wordt genoemd dat een datalek altijd aan betrokken personen wordt gemeld wanneer er sprake is van een hoog risico voor de rechten en vrijheden van de betrokken personen. Ernstige gevolgen zijn bijvoorbeeld identiteitsfraude. Veelal voert het PIT, indien nodig in overleg met de FG, de afhandeling van de datalekken uit. Alle meldingen, en wijze van afhandeling, worden in een register bijgehouden. In het kader van het onderzoek is de volgende informatie over datalekken verkregen: Gerapporteerde datalekken bij de gemeente Hilversum Jaar
Totaal aantal datalekken
Gemeld bij de AP
Gemeld aan betrokkene(n)
2018
15
2
6
2019
16
5
4
2020
24
11
9
Uit de tabel blijkt dat een melding aan de AP niet automatisch leidt tot een melding aan de betrokkene (of andersom). Bij elke melding wordt de afweging gemaakt of melden aan de betrokkene nodig is. Een melding bij de AP wordt gedaan als het gaat om persoonsgegevens van gevoelige aard, of als er om andere reden sprake is van (een aanzienlijke kans op) ernstige nadelige gevolgen voor de bescherming van de verwerkte persoonsgegevens. Een melding aan de betrokkene wordt gedaan als de gegevens niet goed beschermd waren of als er andere redenen zijn die ongunstige gevolgen hebben voor de betrokkene. Over het algemeen wordt in het geval van een melding aan de AP ook de betrokkene geïnformeerd. Hierbij wordt ook rekening gehouden met de impact van de melding aan de betrokkene in relatie tot de ernst van de gelekte gegevens. 31 Het melden van datalekken aan de AP beperkt zich niet tot het invulling aan de wettelijke verplichting daartoe. De melding geeft ook aanleiding om lering te trekken uit het geconstateerde lek, en om vervolgens verbetermaatregelen te treffen. Uitwerking informatieveiligheidsbeleid Het Strategisch Informatiebeveiligingsbeleid krijgt een uitwerking in een jaarlijks informatiebeveiligingsplan.
In dit informatiebeveiligingsplan zijn concrete tactische en operationele activiteiten uitgewerkt, onder andere gebaseerd op de inbreng van lijnmanagers, het advies van de CISO, eventuele incidenten die hebben plaatsgevonden en de uitkomsten van de ENSIA-audit. De Security Officer is verantwoordelijk voor het vormgeven en bewaken van het
31
Ter illustratie: Het verschil tussen de meldingen AP en aan betrokkene in 2018 komt o.a. door een aantal interne datalekmeldingen. Bij het scannen van ingekomen post, zijn per abuis documenten doorgezet naar de afdeling Sociaal Plein die bedoeld waren voor de gemeentelijke personeelsadministratie. Het ging hierbij dus om persoonsgegevens van een medewerker van de gemeente. Er was geen aanleiding deze incidenten te melden bij de AP, maar het was wel noodzakelijk om de medewerker hiervan in kennis te stellen.
24
informatiebeveiligingsplan en adviseert en ondersteunt het lijnmanagement bij de uitvoering van de activiteiten. In 2020 heeft de gemeente een zogenaamde GAP-analyse uitgevoerd om vast te stellen in hoeverre de gemeente voldoet aan de normen uit de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). Deze GAPanalyse is een belangrijk instrument om inzicht te krijgen in de het niveau van beveiliging binnen de gemeente en de (nog) te nemen maatregelen. Over deze analyse is gerapporteerd aan lijnmanagers en de Chief Information Officer (CIO). Daarbij zijn ook adviezen gegeven over de te nemen maatregelen om aan alle normen te voldoen. De beheersing van informatiebeveiliging en het bewaken van de invulling van de normen uit de BIO wordt ondersteund door informatievoorziening. In 2020 is de gemeente gestart met het inrichten van tooling om dit proces beter te ondersteunen. Met behulp van deze tooling kan de bewaking van de normen uit de BIO efficiënter en effectiever worden uitgevoerd. Het is de ambitie van de gemeente om eind 2021 ‘in control’ te zijn. Daarmee wordt bedoeld dat volledig inzichtelijk is bij welke normen acties noodzakelijk zijn. In de praktijk is er daarmee sprake van een proces van continue verbetering. Vanuit de tweede verdedigingslijn wordt de voortgang op de invulling van de normen uit de BIO bewaakt.
Binnen de gemeente ontbreekt het nog aan een risicoanalyse op de belangrijkste processen en informatiesystemen van de gemeente. De gemeente is bezig dit uit te voeren, maar de uitvoering gaat trager dan voorzien. 32 De gemeente is in 2020 gestart met een driejarig bewustwordingsprogramma voor medewerkers, het iBewustzijn-traject. In het eerste jaar (2020-2021) ligt de nadruk van dit programma op informatiebeveiliging, in het tweede jaar (2021-2022) op privacy en in het derde jaar (2022-2023) op integriteit. Dit programma start met een nulmeting om inzicht te hebben in de startsituatie. Bij de daaropvolgende metingen kunnen nu de verbeteringen - na maatregelen die zijn genomen om het bewustzijn van medewerkers te versterken - inzichtelijk worden gemaakt. Naast dit programma worden er nog meer activiteiten uitgevoerd om het bewustzijn van medewerkers op het vlak van informatiebeveiliging te vergroten. Zo krijgen alle medewerkers de 'Gouden regels Informatiebeveiliging en Privacy' uitgereikt (bij het begin van dit traject en wanneer ze nieuw in dienst komen). Daarmee wordt duidelijk welke eisen we aan de medewerkers stellen. Aan het begin van de pandemie zijn de ‘Gouden Regels voor veilig thuiswerken’ bij alle medewerkers onder de aandacht gebracht. Daarnaast dienen alle medewerkers een e-learning module omtrent informatiebeveiliging te doorlopen en met goed gevolg af te ronden.
Hier wordt op toegezien door leidinggevenden. Rapportage en verantwoordingsstructuur Het PIT stelt elk kwartaal een rapportage op waarin wordt ingegaan op de voortgang in de implementatie van het privacybeleid en het informatiebeveiligingsbeleid. Deze rapportage wordt uitgebracht aan het CIO-office. Zoals eerder vermeld geeft een lid van de directie invulling aan de rol van CIO. De directie informeert de portefeuillehouder. In het beleid is vastgelegd dat de FG jaarlijks een verslag opstelt met betrekking tot de stand van zaken op het gebied van privacy binnen de gemeente. Dit verslag is gericht aan het college van B en W.
32
PIT kwartaalrapportage Q1 2021
25
Korte beschrijving van de inhoud van het jaarverslag van de FG In het Jaarverslag toetst de FG de naleving van de AVG op basis van tien kritieke prestatieindicatoren (KPI). Deze zijn: bestuurlijk beleid; regie & support; toezicht; werkprogramma; ketenregie; privacy by design33; verzoeken, klachten en incidenten; communicatie, training en opleiding; informatiebeveiliging en budget. Per KPI beoordeelt de FG de doelmatigheid en doeltreffendheid. Hierbij kijkt de FG naar de opzet (papieren beleid), het bestaan (de maatregelen worden daadwerkelijk in praktijk gebracht) en de werking (de maatregelen blijken in de praktijk voldoende). In het verslag uit 202034 is opgenomen hoe de gemeente op deze tien aandachtspunten scoort. Volgens dit verslag is de score op de indicatoren ‘Toezicht’ en ‘verzoeken, klachten en incidenten’ 100%35. Op aspecten als beleid en werkprogramma digitale duurzaamheid is de score bijna 100%. Er is nog nauwelijks enige vooruitgang geboekt op het implementeren van Privacy by design en het verbeteren van de ketenregie.
Per KPI beoordeelt de FG de doelmatigheid en doeltreffendheid. Hierbij kijkt de FG naar de opzet (papieren beleid), het bestaan (de maatregelen worden daadwerkelijk in praktijk gebracht) en de werking (de maatregelen blijken in de praktijk voldoende). In het verslag uit 2019 is opgenomen hoe de gemeente op deze tien aandachtspunten scoort. Volgens dit verslag is de score op de indicatoren ‘budget’ en ‘verzoeken, klachten en incidenten’ 100%. Op aspecten als ‘beleid’ en ‘toezicht’ is de score bijna 100%. De prestaties op de KPI’s ‘privacy by design’ en ‘ketenregie’ bevinden zich in de achterhoede. Tijdens de uitvoering van dit rekenkameronderzoek kwam ook het jaarverslag van de FG over 2020 beschikbaar.36 Op de KPI ‘toezicht’ is de score gestegen naar 100%. Bij ‘budget’ is de score iets afgenomen. Zowel de KPI ‘beleid’ als ‘regie en support’, ‘werkprogramma’ als ‘informatiebeveiliging’ zijn ruim voldoende. Een en ander kan worden geïnterpreteerd als een bevestiging dat het beleid organisatorisch op orde is. In de uitvoering zijn er zeker nog uitdagingen, zoals wederom blijkt uit relatief slechte scores op de KPI’s ‘privacy by design’, ‘ketenregie’ en ‘communicatie en training en opleiding’. In het verslag over 2020 maakt de FG verder melding van positieve ontwikkelingen ten aanzien van het privacybewustzijn in de organisatie.
Vervolgens legt het college van B en W verantwoording af aan de gemeenteraad over de realisatie en de toepassing van het privacybeleid in relatie tot informatiebeveiligingsbeleid. Zo wordt naar aanleiding van de behandeling van het jaarverslag van FG een raadsinformatiebrief verzonden aan de gemeenteraad. Het jaarverslag van de FG over 2019 is door middel van raadsinformatiebrief 2020-28 gedeeld met de raad. Deze raadsinformatiebrief is opgenomen in de lijst van binnengekomen stukken van de gemeenteraadsvergadering van 10 juni 2020. Blijkens het verslag van deze vergadering is er niet over gesproken. In de jaarstukken37 wordt ingegaan op ‘Informatie & automatisering’ in brede zin waar onder andere de vorderingen op het gebied van informatieveiligheid en privacy worden benoemd. Dit wordt in algemene termen beschreven. Zo staat er in de jaarstukken van 2019 dat ‘de ingezette koers uit 2018
De toelichting hierbij is als volgt in het verslag verwoord: “De AVG-verantwoordelijke draagt ervoor zorg dat aantoonbaar passende maatregelen zijn genomen voor doelmatige en doeltreffende beheersing van risico’s.” 34 In het kader van het onderzoek is inzage gekregen in het jaarverslag 2020 dat in de vergadering van het college van B en W van 20 april 2021 is besproken. Het collegebesluit en de daaraan gekoppelde raadsinformatiebrief worden ter informatie aan de raad verzonden. In dit verslag maakt de FG melding van positieve ontwikkelingen ten aanzien van het privacybewustzijn in de organisatie. 35 100% staat voor ‘Volledig aanwezig en aantoonbaar’ 36 Dit verslag is besproken in de vergadering van het college van B en W van 20 april 2021. 37 Gemeente Hilversum, Jaarstukken 2019, paragraaf 3.5.3 Informatie & Huishouding 33
26
[is] voortgezet’, dat het privacybeleid is herschreven en dat de capaciteit binnen het privacy-team is uitgebreid. Uitgangspunten bij de communicatie met de burgers De gemeente communiceert op verschillende manieren aan inwoners hoe zij omgaat met hun persoonsgegevens. Om te beginnen bevat de website van de gemeente een privacyverklaring. 38 In deze verklaring stelt de gemeente inwoners op de hoogte over welke wetgeving van toepassing is en hoe gemeente deze heeft vertaald naar eigen beleid. Tevens wordt aangegeven op welke wijze de gemeente invulling geeft aan de wijze waarop de gegevens van de inwoners worden gebruikt (dit betreft de zogeheten verwerkingsverantwoordelijkheid). Ook worden inwoners gewezen op de rol en de verantwoordelijkheid van de FG. Daarna legt de gemeente op hoofdlijnen uit dat zij verschillende soorten persoonsgegevens verwerkt en geeft zij een aantal voorbeelden waarom dit nodig is. Ook verschaft de website informatie over bewaartermijnen van gegevens. Eveneens wordt genoemd dat de gemeente soms gegevens deelt met andere organisaties. Daarnaast wordt het informatiebeveiligingsbeleid kort toegelicht. Er wordt aangegeven welke rechten inwoners hebben ten aanzien van hun gegevens en hoe er wordt omgegaan met datalekken. Tot slot wordt uitgelegd waar inwoners terecht kunnen met vragen of klachten.
In het sociaal domein komt het vaak voor dat van inwoners wordt gevraagd om relatief veel en soms ook zeer privacygevoelige gegevens met de gemeente te delen. Op het ‘Sociaal Plein’, de plek waar inwoners een aanvraag kunnen doen, wordt onder meer door middel van een video toegelicht hoe de gemeente omgaat met de privacy. 39 In deze video wordt uitgelegd dat de gemeente alleen gegevens opvraagt die nodig zijn om inwoners te kunnen helpen. Ook wordt benoemd dat er altijd met een inwoner wordt overlegd voordat gegevens worden uitgewisseld. In de video en bij de toelichting op de website40 wordt genoemd dat er altijd toestemming wordt gevraagd om gegevens van inwoners met een andere organisatie te delen. Voor een aantal uitwisselingen met organisaties waaronder de Belastingdienst is die toestemming echter niet noodzakelijk.41 Uitleg over dat dit zo is en waarom ontbreekt op de website. Overig De gemeente heeft voor specifieke domeinen of projecten aanvullende documentatie opgesteld om de privacy te waarborgen. Zo is er in het kader van een pilot ‘Vroeg Eropaf’ een convenant opgesteld met samenwerkingspartners dat weer wordt ondersteund door een protocol waarin de werkwijze van partijen is vastgelegd op het gebied van privacy.
Een ander voorbeeld waaruit blijkt dat er aanvullende documentatie wordt opgesteld is het Reglement cameratoezicht42 dat betrekking heeft op het cameratoezicht in en rondom de panden van de gemeente.
https://www.hilversum.nl/Configuratie/Contact_metde_gemeente/Privacyverklaring_gemeente_Hilversum https://www.youtube.com/watch?v=FU9QsRAqH0w&ab_channel=HilversumMediastad 40 Uw privacy bij het Sociaal Plein - Gemeente Hilversum 41 Voorbeelden van uitwisselingen van gegevens waar geen toestemming voor nodig is zijn: • Uitwisseling met Belastingdienst als het gaat om uitkeringen • Uitwisseling met CBS voor statistieken • Uitwisseling via Suwinet: andere gemeenten kunnen een uitkeringsverhouding in Hilversum opzoeken. Die gemeente moet daar dan wel een grondslag en doelbinding voor hebben. 42 Gemeente Hilversum, Reglement Cameratoezicht beveiliging gemeentelijke gebouwen 2018. 38 39
27
5.
De praktijk van het beleid
5.1
De algemene praktijk
Voor een goede omgang met privacy kan niet louter worden volstaan met het vastleggen en uitwerken van beleid. In de context van verantwoord privacybeleid wordt geregeld benadrukt dat elke medewerker zich niet alleen bewust moet zijn van het belang van privacy, maar daar ook, in elke activiteit, naar handelt. Gedacht kan worden aan zaken als het vergrendelen van schermen als de gebruiker niet achter de computer zit, het niet onbeheerd laten liggen van papieren die privacygevoelige gegevens bevatten of het tijdens telefoongesprekken bespreken van de persoonlijke situatie van cliënten van de gemeente, terwijl anderen kunnen meeluisteren met het gesprek. Aandacht voor privacy is ook relevant als een medewerker toegang wil krijgen tot privacygevoelige gegevens, of als die voor een mogelijk betere uitvoering van het beleid gegevens gaat delen met andere organisaties. Over de wijze waarop medewerkers van de gemeente Hilversum in de dagelijkse praktijk omgaan met privacy zijn in het onderzoek verschillende inzichten opgedaan. Om te beginnen is al eerder vastgesteld dat de eerste verantwoordelijkheid voor een goede naleving van het privacybeleid en de daarmee verbonden voorschriften en procedures is belegd bij de lijnmanagers. Dat biedt enige garantie dat in het dagelijks functioneren van de verschillende gemeentelijke afdelingen aandacht wordt besteed aan privacy.
Als er zich vragen voordoen met betrekking tot privacy waarop niet simpel in het beleid een antwoord is te vinden, kunnen medewerkers of hun lijnmanagers een beroep doen op de medewerkers van het PIT. Deze medewerkers beschikken over een goede kennis van het privacybeleid. Wanneer er, zelfs na collectieve bespreking van lastige vragen in het PIT, de kennis en ervaring tekortschieten, kan het PIT een beroep doen op juristen werkzaam bij de gemeente en/of de FG. Naast zijn toezichthoudende functie heeft de FG ook een adviserende en coachende rol ten aanzien van de organisatie. Medewerkers kunnen zelfstandig contact leggen met de FG. Als eerder genoemd neemt de FG ook met enige regelmaat deel aan de overleggen van het PIT. In dit overleg worden de meer urgente risico’s besproken. Het kan zijn dat er zich soms trends voordoen in de gestelde vragen, of dat naar aanleiding van gewijzigd of nieuw beleid veel vergelijkbare vragen aan de orde zijn. Dit wordt dan gesignaleerd binnen het PIT, waarna vanuit het PIT proactief informatie kan worden verspreid, bijvoorbeeld via het gemeentelijke intranet. In het onderzoek is vastgesteld dat er binnen Hilversum geen sprake is van regelmatig overleg tussen lijnmanagers en medewerkers van het PIT.
Lijnmanagers worden in hun verantwoordingsprocessen niet bevraagd over hoe zij met de bescherming van persoonsgegevens omgaan of met de informatiebeveiliging. Daarmee blijven de contacten beperkt tot incidentele vragen. Een aanleiding voor dergelijk overleg is als er binnen een afdeling sprake is geweest van een datalek. Zodra het PIT melding van een datalek ontvangt, wordt contact opgenomen met de melder en de teammanager om een intake te doen en te registreren. Het PIT rapporteert over deze meldingen in de kwartaalrapportages aan de directie en portefeuillehouder. Nadat een incident is afgehandeld wordt er echter, zo is geconstateerd, niet altijd terugkoppeling gegeven aan de werkvloer. Lijnmanagers worden in hun verantwoordingsprocessen niet bevraagd over hoe zij met de bescherming van persoonsgegevens omgaan of met de informatiebeveiliging. 28
Lijnmanagers en werknemers hebben een verschillende, gevarieerde betrokkenheid bij het onderwerp privacy. Sommige zijn door de aard van hun werk en hun persoonlijke affiniteit met het onderwerp goed bekend met hoe er met persoonsgegevens moet worden omgegaan. Het komt dan ook zeker voor dat medewerkers conform het privacybeleid met persoonsgegevens omgaan. Naar mening van diverse geïnterviewden komt dergelijk gedrag niet direct voort uit het beleid zelf, maar omdat er in sommige afdelingen van oudsher gewoontes en kennis zijn ontstaan rondom de bescherming van persoonsgegevens. Dat maakt het niet vanzelfsprekend dat hiervan organisatiebreed sprake is. Naar mening van diverse betrokkenen in de uitvoering zijn er nog niet genoeg handvatten voor alle werknemers om hun voldoende houvast te bieden hoe zij in hun dagelijks werk met persoonsgegevens moeten omgaan. Er zijn voor hen nog weinig procedures voor werkprocessen opgesteld. Wel wordt gemeld dat het privacybewustzijn over de afgelopen jaren is toegenomen, overigens zonder dat in dit onderzoek kan worden vastgesteld of en in welke mate dat is gebeurd. In de uitvoering ervaren sommige medewerkers de AVG als belemmerend voor hun werk. Het PIT stuurt erop dat de AVG eerder als een kwaliteitsinstrument wordt gezien dan een beperkende wet. De AVG kan richtlijnen geven die het werk beter en efficiënter kunnen maken.
Deze manier van kijken naar de AVG wordt nog niet door iedereen in de organisatie overgenomen. In 2020 heeft elke werknemer een cursus moeten doen in het kader van het programma om iBewustzijn te bevorderen. Naar mening van het PIT heeft dit een positieve uitwerking gehad. Het voornemen bestaat om in 2021 eenzelfde cursus beschikbaar te maken over privacy. Dit moet samengaan met een bewustwordingscampagne. In 2019 is vanwege personele uitval vertraging opgelopen bij de implementatie van de AVG. Deze achterstanden zijn in 2020 niet volledig ingelopen.
5.2
Smart City binnen Hilversum
Inzicht en ambities Ten behoeve van een verdieping van de inzichten in het privacybeleid binnen Hilversum is nader aandacht besteed aan Smart City initiatieven binnen de gemeente Hilversum. In het ‘Programma Smart City’ formuleert de gemeente de missie omtrent Smart City als volgt: “Smart City Hilversum is de ontwikkeling waarmee wij als gemeente samen met onze partners en gebruikers van de stad, (nieuwe) technologie en data inzetten om het leven van de bewoners van Hilversum prettiger te maken.”43 De initiatiefnemers zijn zich ervan bewust dat het actief gebruikmaken van data risico’s met zich meebrengt voor de privacy van inwoners. Om hierop te anticiperen is er specifiek voor Smart City privacybeleid ontwikkeld. Onder de vlag van Smart City is er een aantal projecten in uitvoering. Dit is het meten van verkeersdrukte in de stad, het meten van de luchtkwaliteit, het doen van metingen die betrekking hebben op de veiligheid in een gebied en het ontwikkelen van een App die aan inwoners informatie verschaft over de aanwezigheid van beschermde bomen in de stad. De gemeente vindt het van belang om de inwoners te bevragen over de initiatieven. Hiervoor is in het kader van het Burgerpanel van de gemeente een vragenlijst verspreid.
In de vragenlijst is geïnformeerd naar de bekendheid van het onderwerp Smart City, en is nader ingegaan op het draagvlak voor enkele van de Smart City initiatieven. Uit de enquête blijkt dat inwoners dataveiligheid en een goede omgang met privacy 43
Programma Smart City – Doelen- en inspanningenmatrix, 2021
29
belangrijk vinden. 44 In de Raadsinformatiebrief 2019-6945 staat dat de input van inwoners belangrijk blijft. Om hier mede invulling aan te geven, is ingezet op de ontwikkeling van een zogeheten ‘Hilversum City Lab’. Dit lab dient de centrale plek te vormen waar vragen en suggesties vanuit de stad kunnen landen. Concreet is dit een laagdrempelige fysieke locatie waar bewoners kunnen ervaren wat de toegevoegde waarde van nieuwe technologische oplossingen is in het dagelijks leven. Daarnaast is er voor burgers hier de mogelijkheid om vragen te stellen en suggesties te doen. Privacybeleid Om de geformuleerde missie te bewerkstelligen heeft de gemeente een aantal basisbeginselen of programmapijlers geformuleerd. 46 Deze beginselen vormen een uitwerking van de ‘Declaration of Cities Coalition for Digital Rights’. 47 Deze ‘coalitie’ verwijst naar een mondiaal samenwerkingsverband van steden die staan voor de lokale en globale bescherming en handhaving van mensenrechten op het internet. De door deze coalitie geformuleerde beginselen hebben betrekking op zowel privacy als informatiebeveiliging. Om burgers blijvend te betrekken bij ‘hun’ Smart City 48 is er een Stadspanel Data ingericht. Dit orgaan, bestaande uit tien Hilversummers, heeft een onafhankelijke adviesrol bij het ontwikkelen van toepassingen, op de thema’s privacy, dataveiligheid en inclusiviteit.
Voor een rol in dit stadspanel konden geïnteresseerde inwoners van Hilversum reageren op een oproep van de gemeente. Het spreekt voor zich dat dit vooral inwoners betreft die een bovengemiddelde belangstelling en kennis hebben voor het thema ‘Smart City’. Daarnaast wordt er gesteld dat de Raadscommissie Economie en Bestuur betrokken zal worden bij privacyvraagstukken. Waar sprake is van privacygevoelige informatie of verdenking van privacy-impact wordt een pentest (penetratietest, oftewel “binnendringtest”) en PIA (Privacy Impact Assessment) georganiseerd door de Privacy Officer en zo nodig afgestemd met de onafhankelijke functionaris gegevensbescherming. Hierin wordt verzameling data, doelbinding, en wijze van anonimiseren/ pseudonimiseren/ aggregeren getoetst aan wetgeving. Dilemma’s worden voorgelegd aan het stadspanel (zie hieronder) en ontwikkelingen die persoonsgebonden data omvatten worden aan de commissie ter advies neergelegd. Deze adviesaanvraag wordt uitgevoerd door het programma Smart City. De PO heeft hierin een adviserende rol aan het programma. De Privacy Officer bereidt beleidsnotities en werkinstructies voor in het kader van de Smart City initiatieven en laat deze vaststellen door directie en/of wethouder Privacy. Gevraagd en ongevraagd adviseert de Privacy Officer over activiteiten ter bescherming van persoonsgegevens.
De functionaris gegevensbescherming (FG) controleert de naleving van afspraken van de gemeente met ketenpartners. Daarnaast maakt de CISO ook deel uit van het programmateam Smart City. Informatiebeveiliging De data die wordt gebruikt voor de Smart City initiatieven moeten goed worden beveiligd. Het niveau van informatiebeveiliging wordt vastgesteld op basis van een risico-assessment, waarbij de aard van de data mede in de afweging wordt betrokken. Zo kennen metingen van luchtkwaliteit weinig privacygevoelige aspecten. Dit ligt anders voor verkeersbewegingen. Gemeente Hilversum, Burgerpanel Hilversum: Smart City, juli 2019 Gemeente Hilversum, Raadsinformatiebrief 2019-69, zaak nr 578074, Samenwerkingsovereenkomst Smart City Hilversum 46 Gemeente Hilversum, Bijlage 3 – SCH-AGH Dataprincipes, informatiebeveiliging en AVG 47 https://citiesfordigitalrights.org/#:~:text=Declaration%20of%20Cities%20Coalition%20for,inseparable%20from20our%20daily%20lives 48 Gemeente Hilversum, Raadsinformatiebrief 2019-69, zaak nr 578074, Samenwerkingsovereenkomst Smart City Hilversum 44 45
30
Bij het Smart City-project is één met de gemeente samenwerkende partners het softwarebedrijf Atos. Dit bedrijf is, in zijn rol als samenwerkingspartner, verantwoordelijk voor de beveiliging van de data die worden verzameld en geanalyseerd. Voor de inrichting van de informatiebeveiliging van het platform worden veel voorkomende informatiebeveiligingsstandaarden 49 gebruikt. Het is tevens in eerste instantie aan de leverancier van de software (Atos) om te laten zien welke informatiebeveiligingsmaatregelen zij neemt. Dit gebeurt door het opleveren van maandelijkse informatiebeveiligingsrapportages. Jaarlijks wordt er informatie verstrekt over de opzet, bestaan en werking van de relevante beveiligingsmaatregelen. Dagelijkse praktijk Ten tijde van het onderzoek liepen er verschillende initiatieven op het gebied van Smart City. Zo worden er metingen gedaan van de drukte in specifieke gebieden. Daarnaast is er gestart met een bomen-app die meer inzicht moet geven in de situatie rond beschermde bomen. De FG heeft een positief privacy-advies gegeven over de druktemeter. 50 Bij de bomenapp worden er geen persoonsgegevens gebruikt en was het daarom niet nodig advies te vragen aan de FG. Een derde initiatief dat ten tijde van het onderzoek in ontwikkeling was heette ‘Snelliuslaan’.
Door de inzet van sensoren wordt er gekeken hoe de verkeersveiligheid op de Snelliuslaan kan worden verbeterd. Recente ontwikkelingen Op 29 april 2021 werd bekend dat de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) een bestuurlijke boete heeft opgelegd aan de gemeente Enschede. Aanleiding was een systeem waarmee het centrumbezoek in kaart werd gebracht. Dit systeem werkte via het opvangen van WPS-signalen door sensoren. Deze signalen worden uitgezonden door tablets en mobiele telefoons wanneer ze verbinding zoeken met een WIFI-netwerk. Volgens de Autoriteit Persoonsgegevens kan door de manier waarop dit in Enschede is toegepast herleidbaarheid naar personen ontstaan. In Hilversum is sinds 7 oktober 2020 een druktemeter operationeel. Ook dit systeem werkt met het opvangen van WPS-signalen, met dat verschil dat het systeem in Hilversum slechts telt en het onmogelijk is om personen en apparaten te identificeren of te volgen. Daarnaast dient dit systeem een ander doel, namelijk het inzichtelijk maken van de mate waarop in het centrum gezonde afstand kan worden gehouden in verband met corona (het systeem in Enschede had tot doel het in kaart brengen van passantenstromen). Direct nadat de boete bekend werd is de externe Functionaris Gegevensbescherming gevraagd de relevante verschillen en overeenkomsten te onderzoeken tussen de druktemeter in Hilversum en het systeem in Enschede.
Hieruit bleek dat de Hilversumse druktemeter wezenlijk anders functioneert dan het systeem in Enschede, en blijft aansluiten bij de AVG. De gemeenteraad van Hilversum is hierover geïnformeerd per collegebrief van 4 mei 2021. Tussenbalans naar aanleiding van het Smart City beleid Er is veel aandacht voor privacy en de bescherming van persoonsgegevens bij de initiatieven die vallen onder Smart City. De gemeenteraad heeft meerdere malen aangegeven dit ook belangrijk te vinden. Gezien de focus op nieuwe technologie en het gebruik van data bij Smart City initiatieven is de aandacht voor privacy ook noodzakelijk. Bij alle initiatieven is er gekeken hoe er met geen of zo min mogelijk persoonsgegevens kan worden gewerkt. Als er persoonsgegevens worden uitgewisseld met anderen worden met hen verwerkingsovereenkomsten afgesloten. Wanneer er persoonsgegevens worden verwerkt wordt er een DPIA uitgevoerd op het proces en waar nodig advies gevraagd aan de FG. In 2020 is een relatief groot aandeel van alle DPIA’s die in de gemeente hebben plaatsgevonden 49 50
Zoals de Baseline Informatiebeveiliging Overheid, zowel op basisbeveiligingsniveau 1 (BBN1) voor publieke of laag-risico informatie, als basisbeveiligingsniveau 2 BBN2) voor de gevoeligere informatie. Gemeente Hilversum, FG-advies, de druktemeter, 17 september 2020
31
verricht door medewerkers die betrokken zijn bij Smart City-projecten. Uit het voor Smart City geformuleerde beleid, de consequente aandacht voor privacy binnen dit project en het uitvoeren van DPIA’s komt naar voren dat wat privacy betreft dit project voorloopt op andere onderdelen van de gemeente.
5.3
Participatiewet
Een tweede nader onderzochte casus is de (uitvoering van de) Participatiewet. Het is de wettelijke taak van de gemeente om de Participatiewet uit te voeren. Het gaat daarbij om het bieden van hulp en ondersteuning aan burgers bij het verkrijgen van werk en het verstrekken van uitkeringen (zowel algemene bijstand als bijzondere bijstand) aan uitkeringsgerechtigden. Bij de uitvoering van de Participatiewet verwerkt de gemeente een groot aantal – gevoelige – persoonsgegevens over bijvoorbeeld de persoonlijke situatie van een burger, inkomen, arbeidsverleden, eventuele arbeidsongeschiktheid, opleidingen en vermogen. Het gaat daarbij ook nog eens om burgers die in een kwetsbare positie verkeren en afhankelijk zijn van de gemeente voor hun inkomenszekerheid. De Participatiewet (inclusief de bijbehorende verwerkingen van persoonsgegevens) is een breed onderwerp voor een casusstudie. Daarom is ten behoeve van dit onderzoek gekozen om de aandacht te concentreren op de inzet van Suwinet. Suwinet is een landelijk informatiesysteem dat door gemeenten en andere overheidsorganisaties gebruikt wordt om persoonsgegevens over burgers uit te wisselen bij het uitvoeren van hun wettelijke taken. Zo kan de gemeente (persoons)gegevens over bijvoorbeeld inkomen, arbeidsverleden en opleiding raadplegen.
Bescherming van persoonsgegevens en de Participatiewet De Participatiewet wordt uitgevoerd door het Sociaal Plein van de gemeente. De uitvoering is belegd bij verschillende afdelingen, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen inkomen (verstrekken van uitkeringen) en participatie (begeleiden naar werk). De lijnmanagers van deze afdelingen zijn volgens het Privacybeleid verantwoordelijk voor de zorgvuldige omgang met persoonsgegevens en de naleving van het Privacybeleid binnen hun eigen organisatieonderdeel. Hier wordt onder andere invulling aan gegeven door middel van werkinstructies waarin is vastgelegd op welke wijze de bescherming van persoonsgegevens (met betrekking tot de Participatiewet) geborgd is. In deze werkinstructies staat onder andere uitgewerkt welke persoonsgegevens mogen worden opgevraagd bij burgers of andere overheden. Ook worden er afspraken gemaakt over het delen van persoonsgegevens met derden, bijvoorbeeld in het kader van re-integratietrajecten. De verantwoordelijke lijnmanagers zien in de praktijk toe op het volgen van het beleid en het nakomen van de afspraken. Dit wordt bijvoorbeeld ingevuld via kwaliteitsmedewerkers die de verschillende dossiers onder ogen krijgen voor controle en advies.
Daarnaast wordt via de informatiesystemen (bijvoorbeeld ten aanzien van de mogelijke invoer van gegevens) en formulieren (ten aanzien van welke gegevens worden uitgevraagd) van de gemeente afgedwongen welke persoonsgegevens verwerkt worden. Hoewel de omgang met persoonsgegevens binnen het Sociaal Plein is vastgelegd in de werkinstructies, zijn de genomen maatregelen niet onderbouwd met behulp van een DPIA. Volgens het Privacybeleid van de gemeenten worden de lijnmanagers geadviseerd en ondersteund door het PIT. Er wordt in de praktijk enige afstand ervaren tussen het PIT en de afdelingen die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van de Participatiewet. Binnen afdelingen wordt ervaren dat er vanuit het PIT voornamelijk aandacht is voor de afdelingen als er sprake is van (een vermoeden van)
32
een datalek. Het PIT is echter ook beschikbaar voor vragen over gegevensbescherming die niet door de kwaliteitsmedewerkers van de afdelingen zelf kunnen worden afgedaan. Vanuit het Sociaal Plein wordt ook met inwoners gecommuniceerd over hun privacy. Zo heeft het Sociaal Plein een aparte pagina met een informatieve video over privacy, gericht aan burgers die te maken krijgen met het Sociaal Plein. Bewustzijn medewerkers Uit de casusstudie blijkt dat privacy een belangrijk onderwerp is voor de betrokken medewerkers. Medewerkers hebben dagelijks te maken met privacy en persoonsgegevens en zijn zich bewust van de risico’s die gepaard gaan met de verwerking van persoonsgegevens. Er is sprake van een ‘actieve cultuur’ als het gaat om de privacy van burgers: medewerkers hebben aandacht voor het onderwerp in hun werk, spreken er regelmatig met elkaar over, spreken elkaar aan, coachen elkaar en stellen ook vragen. Daarnaast zijn er binnen de afdelingen ook informele afspraken en werkwijzen met betrekking tot persoonsgegevens. Kortom, hieruit blijkt een sterke cultuur rondom een zorgvuldige omgang met persoonsgegevens. In de casusstudie zijn diverse voorbeelden naar voren gekomen die weliswaar anekdotisch van aard zijn, maar wel de cultuur kenschetsen: • • • •
Het is gebruikelijk om niet de (volledige) namen van cliënten tijdens werkoverleg te delen. Als er meer dan de noodzakelijke informatie bij burgers wordt opgevraagd door een medewerker, dan wordt dit gesignaleerd (bijvoorbeeld door een kwaliteitsmedewerker). Men is alert op welke informatie gedeeld wordt als er een (medisch) adviesrapport wordt aangevraagd door de gemeente. In een specifiek geval heeft een medewerker, na een verandering van functie, uit eigen beweging zijn/haar toegang tot Suwinet laten verlopen.
De medewerkers met wie in het kader van de casusstudie is gesproken, hebben allen ook de elearning module over veilige omgang met informatie gevolgd. Vanuit het lijnmanagement wordt er gestuurd op deelname aan deze module. De betrokkenen geven aan dat de informatieverstrekking over privacy aan nieuwe medewerkers nog verbeterd kan worden zodat zij eerder bekend raken met de juiste werkwijze. Doordat een groot deel van de medewerkers in het afgelopen jaar thuis hebben gewerkt is het moeilijker geworden om de ‘actieve cultuur’ te behouden. Medewerkers treffen elkaar minder makkelijk en spreken elkaar minder vaak. Daarnaast gebeurt een deel van het werk meer uit het zicht van elkaar. Gebruik van Suwinet Suwinet is een belangrijk systeem voor de gemeente, omdat er veel informatie te vinden is die relevant is voor de uitvoering van de taken die voortvloeien uit de Participatiewet. Het gaat daarbij om gevoelige persoonsgegevens van veel personen. Daar horen ook specifieke beveiligingseisen bij. Aan een deel van deze eisen wordt invulling gegeven met het strategisch informatiebeveiligingsbeleid van de gemeente.
De gemeente legt via de ENSIA-systematiek verantwoording af over het gebruik en de beveiliging van Suwinet, waaronder de vertrouwelijkheid van de persoonsgegevens uit Suwinet.51 Voor het uitvoeren van deze audit zijn er per organisatieonderdeel van de gemeente functionarissen aangewezen. Voor het Sociaal Plein is een functionaris aangewezen die de controles op Suwinet gaat uitvoeren, namelijk de desbetreffende teammanager. 52 Deze functionaris is recent aangewezen. 51 52
Deze systematiek van verantwoording is nader toegelicht en besproken op pagina p van dit rapport. PIT kwartaalrapportage Q1 2021
33
De gemeente heeft een protocol voor de toegang tot Suwinet. De toegang wordt verschaft tot een deel van de informatie op Suwinet. Zo heeft een klantmanager participatie, meestal geen toegang nodig tot informatie over het inkomen van een burger en worden de rechten hier ook op aangepast. Daarnaast wordt, op basis van logbestanden, gecontroleerd welke informatie medewerkers raadplegen. Teammanagers krijgen regelmatig bericht over wanneer een medewerker voor het laatst in het systeem heeft ingelogd. De logbestanden wordt daarnaast gecontroleerd op ten onrechte geraadpleegde informatie (informatie die niet op grond van de uit te voeren taken geraadpleegd zou moeten zijn). Als dit het geval is dan worden medewerkers hierop aangesproken. Balans van de opbrengsten in deze casus In deze korte casestudie is wederom bevestigd dat het beleid van de gemeente Hilversum voldoet, en ook is uitgewerkt in instructies. Het merendeel van de bij dit beleid betrokken medewerkers hebben aantoonbaar gemaakt dat zij in hun dagelijks handelen actief anticiperen op een zorgvuldige omgang met privacygevoelige gegevens. Op onderdelen zijn er enkele kwetsbaarheden en achterstanden geconstateerd. Zo is er melding gemaakt van ‘afstand’ tussen de direct bij dit beleid betrokken medewerkers en de leden van het PIT.
Blijkens het verslag van de FG heeft er (nog) geen DPIA plaatsgevonden voor de relevante werkprocessen. 53 De bijzondere omstandigheden vanwege corona zetten een goede naleving van de gewenste organisatiecultuur met betrekking tot privacy onder druk.
53
Bij meer specifieke werkprocessen, zoals risicovolle verwerkingen in processen op het Sociaal Plein, zijn wel DPIA’s uitgevoerd.
34
6.
De rol van de gemeenteraad
De rol van de gemeenteraad is in het Privacybeleid 2020-2024 als volgt beschreven: De gemeenteraad ziet er op toe dat het college overkoepelend beleid ten aanzien van bescherming van persoonsgegevens voor de organisatie vaststelt. Door de gemeenteraad worden voor de uitvoering hiervan de benodigde middelen beschikbaar gesteld. Voorts controleert zij het college bij de uitvoering van deze kaders. Zij wordt hiertoe in staat gesteld door de verantwoordingsinformatie. Dit is onder meer het jaarlijkse verslag van de Functionaris Gegevensbescherming (FG), die het college verschaft.54 De FG doet conform beleid jaarlijks verslag van de stand van zaken op privacygebied binnen de gemeente. Het college verschaft deze informatie aan de gemeenteraad. Zoals eerder in deze rapportage al genoemd wordt deze informatie ter kennisname geagendeerd. Het jaarverslag over 2019 is niet besproken door de raad. Jaarlijks legt het college verantwoording af aan de gemeenteraad over de realisatie en de toepassing van het privacybeleid in relatie tot informatiebeveiligingsbeleid, via de paragraaf bedrijfsvoering in de jaarstukken. Met enige regelmaat is er sprake van beeldvormende sessies over privacy, informatiebeveiliging, Smart City, of combinaties daarvan. Voor dit onderzoek hebben de onderzoekers gesproken met enkele raads- en commissieleden55.
In een discussiebijeenkomst zijn aan de deelnemende raads- en commissieleden enkele stellingen op het gebied van privacy voorgelegd. Uit deze raadsessie is gebleken dat de deelnemers tekortkomingen ervaren in de informatievoorziening over het privacybeleid. Naar mening van de deelnemers wordt in relevante besluiten te weinig aandacht besteed aan privacyaspecten. Ook ervaren de deelnemers het als een tekortkoming dat de raad geen overzicht heeft van privacyincidenten en datalekken, die zich hebben voorgedaan binnen de gemeente. 56 De deelnemers geven aan dat zij graag expliciet over de inrichting en uitvoering van het privacybeleid geïnformeerd willen worden. Zij stellen in dit verband dat het voor hen niet voldoende is wanneer beleidsinhoudelijke documenten louter een paragraaf over de privacy bevatten. Zij hebben tevens behoefte aan een algemene bespreking van het thema privacy als zodanig. Impliciet geven zij hiermee aan dat de voor de raad beschikbare rapportages daarin naar hun mening onvoldoende voorzien. Het is opmerkelijk dat het jaarverslag van de FG niet herkend wordt als een document dat een geschikte aanleiding zou kunnen verschaffen voor een bespreking en beschouwing vanuit de raad over de stand van zaken met betrekking tot het privacybeleid van de gemeente.
De raadsinformatiebrief vanuit het college van B en W naar aanleiding van het jaarverslag van de FG passeert de raad zonder bespreking, als één van de documenten op de lijst van ter informatie ontvangen stukken. Verder gaven de deelnemers aan de raadssessie aan te hechten aan een duidelijke en consistente communicatie over de inrichting van het privacybeleid aan de burgers. Burgers moeten nadrukkelijk worden geïnformeerd over hun rechten en wat de gemeente doet (of juist niet doet) met hun 54 55 56
Hilversum, Privacybeleid 2020-2024, p. 5 Zie bijlage A voor een overzicht van de raadsleden die aan de bijeenkomst hebben deelgenomen. Het jaarverslag van de FG, dat ter kennisname wordt aangeboden aan de raad, bevat overigens wel een overzicht van datalekken.
35
persoonlijke gegevens. Van een duidelijke en consistente communicatie kan alleen sprake zijn als het beleid op orde is. Onder de deelnemers aan de raadsbijeenkomst was sprake van verschillende opvattingen over de wenselijkheid van het verzamelen en gebruiken van grote databestanden, zoals bijvoorbeeld kan plaatsvinden in de context van Smart City initiatieven, ter ondersteuning van het gemeentelijk beleid. Sommigen benadrukten de voordelen, anderen de risico’s. De deelnemers waren het erover eens dat alleen gebruik kan worden gemaakt van grootschalige databestanden, als er voldoende waarborgen zijn dat daarmee geen privacygevoelige gegevens zonder toestemming van de betrokken burgers worden benut. Dat betekent ook dat er de nodige duidelijkheid en transparantie moet zijn over de inrichting en het gebruik van dergelijke databestanden.
36
Bijlage A
Geïnterviewde personen
Algemene interviews Naam
Functie
Sergej Katus
Functionaris Gegevensbescherming
Marinda Gaillard
Projectleider Smart City
Jaap Huib van der Knaap
Chief Information Security Officer
Harriët Arnolds
Security Officer
Marco de Bruijn
Informatiemanager
Janneke van Straalen
Privacy Officer
Will Stoof
Teammanager Participatiewet
Karin Walters
Wethouder
Erik Pepping
Teammanager Informatiemanagement
Deelnemers verdiepende casus ‘Smart City’ Naam Functie Lily Meulbok
Trainee
Vybeke Pieters
Informatieadviseur Smart City
Deelnemers verdiepende casus Participatiewet Naam Functie Hans Piersma
Handhaver Werk & Inkomen
Gerda Bedet
Klantmanager Re-integratie
Rob Hopmans
Kwaliteitsmedewerker Participatie
Deelnemers Convergentiesessie Naam
Functie
Theo Buijtenweg
Adviseur informatie
Rob Hopmans
Kwaliteitsmedewerker Participatie
Jaap Huib van der Knaap
Chief Information Security Officer
Erik Pepping
Teamleider Informatiebeleid
Vybeke Pieters
Informatieadviseur Smart City
Sergej Katus
Functionaris Gegevensbescherming
Will Stoof
Teammanager Participatiewet
37
Deelnemers raadsdiscussie 18 maart 2021 Naam
Partij
E. Göbbels
Democraten Hilversum
A. Vreugdenhil
ChristenUnie
H. Bijl
Hilversums Belang
J. Deen
D66
B. Verweij
SP
G. Dunker
SP
H. Fennema
VVD
R. Lancé
Hart voor Hilversum
P. Veenendaal
GroenLinks
F. van Drooge
PvdA
38
Bijlage B
Bestudeerde documentatie
#
Documentnaam
Datum
1
Deelnameverklaring Hilversum convenant radicalisering en extremisme
13 november 2018
2
Convenant: Persoonsgerichte aanpak voorkoming radicalisering en extremisme
2018
3
Privacy Protocol ‘Vroeg Eropaf Hilversum’
Februari 2019
4
FG-verslag 2018
13 maart 2019
5
Privacy beleid 2020-2024
25 maart 2020
6
FG-verslag 2019-2020
3 april 2020
7
Raadsinformatiebrief inzake druktemeter
29 juni 2020
8
Wethoudersbrief Enquête Smart City Hilversum
8 juli 2019
9
Raadsvoorstel Uitgangspunten Smart City samenwerking
10 juli 2019
10
Concept Raadsbesluit Gemeenteraad Uitgangspunten Smart City
10 juli 2019
11
Motie: Beleidsplan voor Smart City
10 juli 2019
12
Persbericht Smart City Hilversum
22 juli 2019
13
Strategisch Informatiebeveiligingsbeleid 2020-2024
17 maart 2020
14
Advies Stadspanel data inzake Hilversumse druktemeter
27 juli 2020
15
Register sensoren, applicaties en datasets
11 september 2020
16
Zienswijze druktemeter Functionaris Gegevensbescherming
17 september 2020
17
Collegebrief Beantwoording vragen over het meten van bezoekersstromen
29 september 2020
18
SCH-AGH Roadmap Smart City Hilversum
4 oktober 2019
19
Essaybundel: Behoorlijk datagebruik in de openbare ruimte
Oktober 2019
20
Dataprincipes, informatiebeveiliging en AVG
5 november 2019
21
DPIA: Bodycam’s voor BOA’s
12 november 2020
22
Raadsinformatiebrief inzake samenwerkingsovereenkomst Smart City
13 november 2019
23
Privacyreglement: Lokale Persoonsgerichte aanpak
December 2019
24
Future City: Een slimme stad, zo doe je dat
2019
25
FG-verslag 2019-2020
3 april 2020
26
Raadsinformatiebrief inzake Jaarverslag FG
25 april 2019
27
Procedure datalekken
April 2020
28
Raadsinformatiebrief inzake Jaarverslag FG
28 mei 2020
29
Privacy impact beoordeling druktemeter
15 juli 2020
30
DPIA verslag Snelliuslaan
10 augustus 2020
31
Proclaimer Gemeente Hilversum
18 november 2020
32
Datalek of informatiebeveiligingsincident melden
18 november 2020
33
Meer weten over informatiebeveiliging
18 november 2020
34
Meer weten over privacy
18 november 2020
35
Veilig informatie delen met anderen
18 november 2020
36
Handleiding VNG verwerkersovereenkomst 2.0
19 november 2020
37
Checklist onderzoek datalek
19 november 2020
38
Privacy verklaring gemeente Hilversum
November 2020
39
Rapportage PIT Q1 2020
2020
39
40
Rapportage PIT Q2 2020
2020
41
Rapportage PIT Q3 2020
2020
42
Rapportage PIT Q4 2020
2021
43
FG Jaarverslag 2020
2021
44
Collegebrief Druktemeter Hilversum en bestuurlijke boete Enschede
4 mei 2021
45
Memo Beoordeling druktemeter gemeente Hilversum op AP-besluit gemeente Enschede
2021
44
Gouden regels Privacy en Informatiebeveiliging
45
Jaarplan 2021 AVG
46
Werkplan AVG 2019 -2024
40
Bijlage C
Toetsing van de normen
Bij aanvang van het onderzoek zijn verschillende normen opgesteld waar de bevindingen aan zijn getoetst. Een overzicht hiervan is in deze bijlage opgenomen. Waar de vastgestelde praktijk in lijn is met de geformuleerde norm, is in het kader het oordeel ‘positief’ vermeld. Indien de praktijk duidelijk achterblijft bij de vooraf opgestelde normen, zou dit leiden tot het oordeel ‘negatief’ in het normenkader. In de praktijk van Hilversum is er echter geen aanleiding tot een dergelijk oordeel. In sommige situaties is er in de praktijk sprake van in de context van de geformuleerde norm zowel positieve als minder positieve bevindingen. Dit leidt dan tot het oordeel ‘neutraal’. Normen
Beoordeling
Gemeentelijk beleid (onderzoeksvragen 1, 2 en 3) •
Het gemeentelijk beleid voldoet tenminste aan de eisen die in wet- en regelgeving worden gesteld: generiek aan de AVG, en specifiek voor de genoemde materiewetten.
Positief
•
In het gemeentelijk beleid wordt ingegaan op: − Juridische aspecten op basis van de AVG en de materiewetten. − Vertaling naar de beleidskaders privacy. − Organisatie, taken en verantwoordelijkheden. − Inrichting werkprocessen. − De toepassing van informatiesystemen en ICT. − De gegevens- en informatiestromen. − De positie van en communicatie met de burger.
Positief
•
De gemeente hanteert landelijke standaarden, zoals de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). In de procesbeschrijvingen en instructies is duidelijk welke functionaris welke gegevens in welke processtap mag verwerken, en onder welke condities dat mag.
Positief
De gemeente heeft beleid voor incidenten waarbij sprake is van schending van de privacy van inwoners. Dit beleid voldoet aan de wettelijke vereisten. De gemeente verschaft aan burgers schriftelijk en mondeling begrijpelijke informatie over het gebruik van hun persoonsgegevens, zowel in algemene zin als afgestemd op de verschillende fasen in het dienstverleningsproces. Daarbij wordt aangegeven met welk doel dit gebeurt, wie inzage heeft en wat er vervolgens met de gegevens gebeurt.
Positief
De gemeente informeert de burger op een toegankelijke en begrijpelijke wijze over hun privacy-rechten, zowel schriftelijk als mondeling.
Positief
• • •
•
Positief
Positief
Het gegeven dat op alle rond het gemeentelijk beleid geformuleerde normen het oordeel positief is, is in lijn met de eerdere constateringen dat dit beleid op papier volledig is. In het onderzoek is vastgesteld dat er ook informatie voor burgers beschikbaar is. Er is echter niet onderzocht of die informatie voor burgers (voldoende) begrijpelijk is.
41
Normen
Beoordeling
Leren en verbeteren (onderzoeksvraag 4) •
De gemeente heeft vastgelegd hoe en wanneer medewerkers worden getraind in / er aandacht besteed wordt aan het onderwerp privacy.
Positief
•
Het toezicht op gebruik van persoonsgegevens is vastgelegd in een controleplan, waarin onder meer staat: hoe dit proces verloopt, de periodiciteit van de controles, wie daarbij betrokken zijn (functienamen en persoonsnamen), wie controles uitvoert, aan wie wordt gerapporteerd, hoe de resultaten worden vastgelegd, wat de criteria zijn voor vervolgstappen, welke de vervolgstappen kunnen zijn en wie die neemt. Het controleplan sluit aan op het gemeentelijk beveiligingsplan en op het Integriteitsbeleid.
Positief
De medewerkers zijn bekend met het gemeentelijk beleid bescherming persoonsgegevens. In de praktijk wordt gehandeld conform de wijze waarop de bescherming van de persoonsgegevens is geregeld in de relevante werkprocessen, de toewijzing van verantwoordelijkheden, de inrichting van informatiesystemen, de autorisaties, de afspraken voor de verwerking van gegevens en de afspraken over het informeren van burgers en het vragen van toestemming.