CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

De Flexibele Kracht van de Verhalenfabriek (toegevoegd 2 oktober 2024 op verzoek van een raadslid)

GEMEENTERAAD 16 oktober 2024, gemeente HilversumBij agendapunt: Startnotitie gebiedsagenda Media Park (1546353)24.117 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

DE FLEXIBELE KRACHT VAN DE VERHALENFABRIEK Hilversum en het Media Park in de digitale creatieve industrie van de Media Valley en Nederland

Walter J.J. Manshanden (NEO) Olaf Koops (NEO) Gerlof Rienstra (RBO)

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Onderzoek in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, Den Haag Begeleiding: Paul Levelink ( Ministerie van Economische Zaken en Klimaat) Joost de Koning (Gemeente Hilversum) Gregor Heemskerk (Twijnstra Gudde/Gemeente Hilversum) Gaston Crolla (Gemeente Hilversum)

De flexibele kracht van de verhalenfabriek; Hilversum en het Media Park in de digitale creatieve industrie van de Media Valley en Nederland

Mei 2018 NEO Observatory Rotterdam www.neo-observatory.nl Rienstra Beleidsonderzoek en Beleidsadvies BV Rijswijk www.gerlofrienstra.wordpress.com

Gebruik van informatie uit deze publicatie is op voorwaarde van bronvermelding toegestaan.

2

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek

Inhoud Samenvatting........................................................................................................................................... 5 1 Inleiding .............................................................................................................................................. 10 2 Trends in digitale creatieve diensten: disruptie ................................................................................. 12 2.1 Digitalisering ................................................................................................................................ 12 2.2 Huidige ontwikkeling van technologie ............................................................................................ 14 2.3 Effecten digitalisering op media en entertainment .................................................................... 16 3 Creatieve industrie, ICT en Film-, radio en TV productie in de Nederlandse economie .................... 21 3.1 Toegevoegde waarde en werkgelegenheid ................................................................................ 21 3.2 Ontwikkeling naar afzetmarkt: zakelijk, consumenten en export............................................... 25 3.3 Onderlinge structuur van de ICT, creatieve industrie en FRTV-sector ........................................

30 3.4 Toename eigen verbruik: schaalverkleining, flexibele zzp’ers en nabijheid ............................... 36 4 Clustering in de Media Valley ............................................................................................................. 37 4.1 Het belang van Media Valley voor de Nederlandse ICT en creatieve industrie .......................... 37 4.2 Media Valley: Creatieve Technologie Makers ............................................................................. 41 4.3 Startup Delta in Amsterdam: aanjager van groei en vernieuwing .............................................. 43 5 De rol van Hilversum en het Media Park ............................................................................................ 47 5.1 Creatieve industrie en ICT in Hilversum ...................................................................................... 47 5.2 De kracht van het Media Park ..................................................................................................... 52 5.3 Rol Hilversum en het Media Park in Media Valley ...................................................................... 54 5.4 Het Media Park: ruimtelijke condities .........................................................................................

55 6 Samenvatting en conclusies ............................................................................................................... 61 6.1 Samenvatting............................................................................................................................... 61 6.2 Conclusies onderzoeksvragen ..................................................................................................... 63 Literatuur en bronnen ....................................................................................................................... 68 Bijlage 1: Media-uitgaven van het Rijk .................................................................................................. 69

3

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek

4

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek

Samenvatting Dit rapport is een verslag van een onderzoek naar de betekenis van het Media Park voor de creatieve digitale industrie in Hilversum, de Media Valley en Nederland. De aanleiding voor dit onderzoek is de grote sectorale en ruimtelijke dynamiek van een voor Hilversum belangrijke sector: de film-, radio- en TV-sector, ICT en creatieve industrie, met een grote concentratie op het Media Park. Digitalisering heeft een groot disruptief effect op de gehele creatieve industrie en ICT, bijvoorbeeld op de telecom. In Gooi en Vechtstreek en Hilversum groeit de sector niet zo sterk als daarbuiten; de agglomeratievoordelen van Amsterdam trekken deze groei aan. Hilversum heeft wel de mogelijkheden voor groei in de IT-diensten en diensten op het gebied van informatie, gezien de sterke bedrijven in Hilversum. Hilversum biedt wel de kwaliteit en ruimtelijke concentratie, maar niet de schaal en kwantiteit in de IT-diensten en Creatieve industrie. Die groei zit buiten Hilversum, in gemengde woon-werk milieus in Amsterdam, waar ontmoetingsfuncties ruim voorhanden zijn. Daarin is de leidraad voor de verdere ontwikkeling van het Media Park besloten. Dit onderzoek gaat hier nader op in. De vier belangrijkste onderzoeksvragen zijn: 1.

In welke segmenten van de arbeidsmarkt is er sprake van schaarste en overschotten? Met het oog op het mediacluster en de ontwikkelingen in de digitale creatieve industrie, bij welke competenties knelt het op de arbeidsmarkt? 2. In welke technologieën en toepassingsgebieden in de digitale creatieve diensten heeft Hilversum een concurrentievoordeel in het nationale en internationale speelveld, hoe draagt dit bij aan de Nederlandse economie en wat is nodig voor een verdere ontwikkeling van deze kracht? Welke risico’s/uitdagingen zijn er in de toekomst te verwachten voor deze technologieën en toepassingsgebieden? Waar knelt het op dit gebied bij het Media Park? 3. Wat zijn de ruimtelijke condities voor het Hilversum Media Park+ en hoe kan de beschikbare ruimte in Hilversum met het oog op de toekomst optimaal worden benut, variërend van de behoefte van grootschalige internationale en nationale bedrijvigheid op specifieke terreinen tot de kleinschalige lokale bedrijvigheid in gemengde woon-werkmilieus? Waar kunnen knelpunten worden verwacht op ruimtelijk gebied? 4. Wat is de huidige en toekomstige kracht van de driehoek Hilversum-Amsterdam-Utrecht? Welke positie heeft het Hilversum Media Park hierin? Hoe kan deze positie optimaal benut worden? Hieronder zijn per onderzoeksvraag de antwoorden samengevat.

1. In welke segmenten van de arbeidsmarkt is er sprake van schaarste en overschotten? Met het oog op het mediacluster en de ontwikkelingen in de digitale creatieve industrie, bij welke competenties knelt het op de arbeidsmarkt? IT-ers zijn over het algemeen schaars. Daartegenover staan een groot aanbod van creatieven. De ontwikkeling van de digitale creatieve industrie is afhankelijk van een specifieke categorie: de communicatieve en creatieve IT-er. Het gaat bijvoorbeeld om creativiteit in combinatie met programmeervaardigheid; beide zijn nodig om 3D animaties te produceren voor bijvoorbeeld gaming. Talent met zulke vaardigheden is schaars. Tevens prefereert de moderne creatieve bèta een andere woon-werkomgeving dan de klassieke ‘harde’ IT-er die suburbaan woont. De creatieve bèta geeft de voorkeur aan hoogwaardige woon-werkmilieu’s. Nu is de IT-sector van 1995 tot 2016 sterk 5

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek gegroeid, evenals de film-, radio en TV-sector na 2014. Via allerlei informele kanalen is de vraag naar werknemers vervuld; de markt heeft zijn werk gedaan. Niettemin is de creatieve bèta schaars en onderwijs op het Media Park, dichtbij en in samenwerking met bedrijven, kan voorzien in de vraag naar zulke hoogwaardige werknemers. Onderwijs op het Media Park heeft echter met twee structurele factoren te maken. De eerste is de beperkte schaal. De tweede is het zeer gespecialiseerde karakter van de gevraagde skills en vertrouwen. Opleiding wordt voor een deel door de bedrijven zelf gedaan. Mensen met de juiste skills en competenties voor de mediasector zijn niet altijd verkrijgbaar op een open en transparante arbeidsmarkt, zoals in een vacaturebank. Zulke werknemers worden door de bedrijven zelf opgeleid of aangenomen via informele netwerken. Een formele vacaturebank ontbreekt. Vertrouwelijkheid, de nabijheid tot de werkvloer en kennis over (toekomstige) producten en diensten bepalen dat. Het is precies op dat grensvlak waarop bedrijven, op en van buiten het Media Park, onderwijs voorzieningen kunnen delen, omdat elk bedrijf weer eigen wensen heeft. Hoogwaardige bedrijven op het Media Park organiseren de instroom van nieuwe creatieve werknemers weliswaar deels zelf, onder andere via bedrijfsopleidingen.

Desondanks is er behoefte aan bundeling van de vraag door verschillende bedrijven en een gezamenlijk, gedeeld aanbod van opleidingen. Media Perspectives beoogt dat, onder andere door het bijeenbrengen van HR-mensen van verschillende bedrijven. Dit is noodzakelijk, omdat bedrijven het niet geheel zelf kunnen en er een gezamenlijk belang is. Echter, onderwijs op het Media Park kan alleen slagen als het (zoals Research & Development) in de bedrijven is verankerd en er dichtbij en nauw mee verbonden is. Kortom, opleiding op het Media Park is mogelijk als het vanuit de interne behoefte van bedrijven op het Media Park wordt opgezet, specialistisch, toegesneden ‘top of the bill’ is en een vervolg heeft in een gedeeld, gezamenlijk belang en faciliteit.

2. In welke technologieën en toepassingsgebieden in de digitale creatieve diensten heeft Hilversum een concurrentievoordeel in het nationale en internationale speelveld, hoe draagt dit bij aan de Nederlandse economie en wat is nodig voor een verdere ontwikkeling van deze kracht? Welke risico’s/uitdagingen zijn er in de toekomst te verwachten voor deze technologieën en toepassingsgebieden? Waar knelt het op dit gebied bij het Media Park? Hilversum heeft een voordeel voor bedrijven die gericht zijn op de productie van content – de verhalenfabriek. Door de decennialange traditie van productie en selectie van beeld en geluid en de concurrentie tussen deze producenten (omroepen in het zuilenstelsel) is er een diepe kennis over de mediaconsument in de hoogwaardige Nederlandse consumentenmarkt. Deze producenten kunnen goed selecteren; zij weten wat wel en wat niet werkt voor de consument. Dat weten zij zo goed, dat zij in staat zijn formats voor de buitenlandse markt te ontwikkelen. Vervolgens heeft Hilversum een voordeel voor IT-diensten die gericht zijn op de digitalisering van beeld- en geluidtechnologie. Vanuit de verschillende omroepen, publiek en commercieel, levert dit een effectieve vraag naar formats op die, als ze overleven op de Nederlandse thuismarkt, meer dan goed genoeg zijn voor internationale markten. Zo draagt dat bij aan de Nederlandse economie.

Het specifieke voordeel van Hilversum is dat deze kennis geconcentreerd is in een klein gebied: Hilversum is een kleine stad en het Media Park is een unieke concentratie met een groot nabijheidsvoordeel. Binnen een straal van 500 meter tot een kilometer vindt een internationale speler in de media industrie alle inputs en een aantrekkelijk gemengd, hoogwaardig woonwerkmilieu. 6

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Digitalisering en grillige modes in de afzetmarkt van de media en gebrek aan interne schaalvoordelen door kleinschalige bedrijvigheid verklaren waarom creatieve bedrijven in den brede zich nabij elkaar vestigen. Zo ontstaan externe schaalvoordelen en spillover-effecten. Nabijheid en ruimtelijke clustering zijn daardoor een noodzakelijke voorwaarde voor de innovatiekracht van het gehele cluster, dat wil zeggen het geheel van de film-, radio- en TV-sector, creatieve industrie, ICT, reclame, opdrachtgevers en consumenten. Dit is nog los van de voorwaarden van fysieke aard, zoals het aanbod van vastgoed, publieke ruimte en bereikbaarheid. Het benutten van dit nabijheidsvoordeel heeft de hoogste prioriteit. Het Media Park is vanuit het in de jaren zestig geldende principe van functiescheiding monofunctioneel opgezet, terwijl de moderne ontwikkeling duidelijk voortkomt uit diversiteit en variatie, en dispersie van bedrijvigheid door toeleveren, uitbesteden, zzp-ers die thuis werken en een grote behoefte hebben aan ontmoetingen buiten de deur. Juist daar knelt het op het Media Park. Hoewel het bestemmingsplan al de vestiging van reclame en IT-diensten toestaat, gaat het daar niet om.

Het gaat om de meer soorten en maten bedrijven, passend binnen het profiel van het Media Park, ook voor vestiging van grote internationale bedrijven, ontmoetingsfuncties als congrescentra, horeca en publieke verblijfskwaliteit in plaats van een parkeerterrein, nodigen uit om zich op het Media Park te vestigen voor de benutting van kruisbestuiving ‘cross-over’ tussen de kwaliteit van de film-, radio- en televisiesector, de informatietechnologie- diensten en de reclame-industrie.

3. Wat zijn de ruimtelijke condities voor het Hilversum Media Park en hoe kan de beschikbare ruimte in Hilversum met het oog op de toekomst optimaal worden benut, variërend van de behoefte van grootschalige internationale en nationale bedrijvigheid op specifieke terreinen tot de kleinschalige lokale bedrijvigheid in gemengde woon-werkmilieus? Waar kunnen knelpunten worden verwacht op ruimtelijk gebied? Momenteel is het park ingericht volgens verouderde inrichtingsprincipes, namelijk functiescheiding. Autobereikbaarheid neemt letterlijk een centrale plek op het Media Park in. Het zijn de principes van staatsgeleide organisaties, zoals de verzuilde omroepen in de 20e eeuw waren. Over de afgelopen decennia is de mediasector meer markt gedreven geworden. Daar horen andere inrichtingsprincipes bij, namelijk functiemenging, zeker in een tijd waarin bedrijven gemiddeld kleiner worden. Juist voor een incubatiemilieu zijn ruimtelijke condities zijn van groot belang. Het gaat om maximale benutting van netwerkvoordelen (economies of scope) tussen de belangrijkste bedrijfstakken in de IT/CI. Lokaal gebonden clusters bestaan doorgaans uit grote bedrijven die om hen heen, al dan niet in de nabijheid, een keten van kleinere bedrijven hebben die toeleveren. Het Media Park is zoiets.

In de wijken er om heen wonen veel mensen die in media industrie werken, dan wel als klein bedrijf of thuiswerkende zzp’ers creatieve diensten toeleveren aan de grotere bedrijven op het Media Park en elders, in Hilversum of daarbuiten, en daarbij weer flexibel samenwerken met anderen. Kortom, de ruimtelijke condities van het Media Park dienen zich te richten op: • • • • •

dichtheid nabijheid en ontmoetingsfuncties (horeca, congressen) variatie van bedrijfsruimte, in kwaliteit, prijs, volume en vorm met ruimte voor zowel startups als scale-ups functiemenging van werken, amusement, publieke verblijfskwaliteit, short-stay en hotels, restaurants en café’s verbreden soorten bedrijvigheid, direct én indirect voor de media 7

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek • • • •

vervaging scheiding tussen publieke en private ruimte openheid hoge verblijfskwaliteit, sfeer en groen bereikbaarheid voor meer modaliteiten

4. Wat is de huidige en toekomstige kracht van de driehoek Hilversum-Amsterdam-Utrecht? Welke positie heeft het Hilversum Media Park hierin? Hoe kan deze positie optimaal benut worden? Porter’s diamant in de Media Valley Met behulp van de clusterbenadering van Porter kan deze vraag beantwoord worden. Zijn clusterbenadering kent vier pijlers (de diamant van Porter): • • • •

Natuurlijke hulpbronnen: letterlijke fysieke hulpbronnen, dan wel ontwikkelde voordelen Toeleverende bedrijfstakken Vraag condities Strategie, structuur en concurrentie

Kortweg gezegd zijn alle vier aanwezig in de Media Valley. De concurrentiekracht van het huidige Mediacluster en creatieve industrie in Nederland en daarbuiten is groot. De export van verschillende formats en muziek zijn daar de bekendste voorbeelden van. Natuurlijke en ontwikkelde hulpbronnen en vraagcondities Amsterdam biedt het voordeel van concentratie en diversiteit van de sector, waardoor ‘spill-over’, toeleveren en uitbesteden tussen een groot aantal kleine bedrijven mogelijk is. Dit reduceert onzekerheid die nu eenmaal bestaat in een concurrerende markt die leeft van de laatste mode, het nieuwste format en uitzendrechten. Daarnaast heeft Amsterdam een grote consumentenmarkt, dat het publiek genereert voor TV-opnames. Tevens biedt Amsterdam een woonomgeving voor creatieven. Voorts zijn buiten Amsterdam, bijvoorbeeld in Haarlemmermeer, belangrijke vestigingen van de sector gevestigd. Utrecht is een grote concentratie van bedrijven in de ICT die met name de Nederlandse markt bedient. Utrecht is meer gericht op de ‘harde’ ICT en niet zozeer op media dan elders in de Media Valley. Niettemin is Utrecht een reservoir van talent en ICT-ers. Het is in mindere mate een broedplaats voor nieuwe bedrijvigheid in de ICT, creatieve industrie en film-, radio- en TV-sector.

Media Park Hilversum is de enige locatie in Nederland die een grote hoeveelheid en sterk geconcentreerde bedrijvigheid in de mediasector biedt. Nabijheid, diversiteit, ontmoeten en clustering worden nog niet optimaal benut, en vormen de leidraad voor de opzet van het Media Park Hilversum. Daarnaast heeft Media Park de fysieke data-infra die voor het mediaal bereiken van een groot publiek nodig is, en grootschalige productie- en opname faciliteiten. Daar geldt een specifiek nabijheidsvoordeel voor bedrijven in de media, die alleen in Hilversum op die plek gelden: de broedplaats. Hoewel Hilversum de omvang van de publieksmarkt mist, kan Hilversum toch een groot aantal bezoekers aantrekken voor het Top 2000 Café en heeft Hilversum een hoogwaardig lokaal publiek en een basis voor musici, content-makers en creatieve ICT-ers. Hilversum biedt extra attracties zoals het instituut voor Beeld en Geluid. Het ontwikkelen van de attractiewaarde voor het publiek en de B2B (congressen) van het mediacluster brengt bestedingen voort die voordelig zijn voor het Media Park en Hilversum.

8

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Toeleverende bedrijfstakken binnen de Media Valley Er is een hoge mate van toelevering tussen deze bedrijfstakken op het niveau van de Media Valley: IT, reclame, film-, radio- en TV productie. De laatste is een grote afnemer van kunst, cultuur, vertalers, designers artiesten. Bestedingen in Gooi en Vechtstreek door de creatieve industrie en ITsector hebben een hoge doorwerking in de Media Valley zelf; er zijn weinig weglek-effecten. Binnen de Media Valley is het cluster in Hilversum zowel vrager als aanbieder van media producties. In deze cross-over ligt de grote kracht van het cluster in de Media Valley. Strategie, structuur en concurrentie De achtergrond van de concurrentie in Hilversum en Media Vally is dat gedurende een eeuw elke omroepmaatschappij een eigen radio-orkest en programma’s had, dat eigen publiek trok. Dit kan inmiddels als een ontwikkelde hulpbron beschouwd worden. De concurrentie tussen de omroepen, een uniek Nederlands verschijnsel, is de basis voor deze kwaliteit van Nederlandse producties en bestond vooral in Hilversum. Dat geldt voor TV-formats, maar ook voor orkesten, beeld en geluidkwaliteit. De film-, radio- en TV-sector heeft een stabiele publieke basis, die spin-off genereert in de vorm van een vraag naar creativiteit en content. Alleen de ICT-sector laat een krachtige export zien.

Voor de film-, radio- en TV-sector – en zekere zin ook voor de creatieve industrie – geldt dat de de concurrentie van oudsher een goede basis is geweest voor kwaliteit. Vervolgens is dat een voedingsbodem gebleken voor de ontwikkeling van commerciële partijen. Export is echter iets voor grote bedrijven; zij kunnen de internationale markt openbreken. Omdat de sector kleinschaliger is geworden, blijft er zeer waarschijnlijk exportpotentieel liggen. Toch zal daar zeker exportpotentieel zijn. Clustermanagement kan dat faciliteren, naast innovatie, markt- en talentontwikkeling door onderwijs dat is geïntegreerd met bedrijven op het Mediapark.

9

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek

1 Inleiding Technologie en digitalisering in de mediawereld ontwikkelen zich snel en de ruimtelijke mogelijkheden zijn schaars. Tevens zijn er allerlei kansen. Hoe ziet de digitale creatieve industrie van de toekomst er uit en hoe kan meerwaarde voor de hele mediasector in de breedte gecreëerd en de positie van de media in Nederland en daarbuiten versterkt worden? Dit onderzoek is gericht op het beantwoorden van deze vragen en verkent daarmee de mogelijkheden voor een eventuele regiodeal. In dit onderzoek staat een economische verkenning van de positie van het Media Park Hilversum en de digitale creatieve industrie in Nederland centraal. Dit onderzoek draagt daarmee bij aan de totstandkoming van het beoogde Masterplan Hilversum Media Park+. Op basis van het onderzoek moet duidelijk worden aan welke knoppen, en door wie, gedraaid kan worden om de gestelde doelen te kunnen realiseren. Het onderzoek biedt handvatten voor de ministeries van EZK en LNV en voor de regio. Het onderzoek biedt antwoorden op de volgende vier onderzoeksvragen: 1. In welke segmenten van de arbeidsmarkt is er sprake van schaarste en overschotten? Met het oog op het mediacluster en de ontwikkelingen in de digitale creatieve industrie, bij welke competenties knelt het op de arbeidsmarkt? 2.

In welke technologieën en toepassingsgebieden in de digitale creatieve diensten heeft Hilversum een concurrentievoordeel in het nationale en internationale speelveld, hoe draagt dit bij aan de Nederlandse economie en wat is nodig voor een verdere ontwikkeling van deze kracht? Welke risico’s/uitdagingen zijn er in de toekomst te verwachten voor deze technologieën en toepassingsgebieden? Waar knelt het op dit gebied bij het Media Park? 3. Wat zijn de ruimtelijke condities voor het Hilversum Media Park+ en hoe kan de beschikbare ruimte in Hilversum met het oog op de toekomst optimaal worden benut, variërend van de behoefte van grootschalige internationale en nationale bedrijvigheid op specifieke terreinen tot de kleinschalige lokale bedrijvigheid in gemengde woon-werkmilieus? Waar kunnen knelpunten worden verwacht op ruimtelijk gebied? 4. Wat is de huidige en toekomstige kracht van de driehoek Hilversum-Amsterdam-Utrecht? Welke positie heeft het Hilversum Media Park hierin? Hoe kan deze positie optimaal benut worden?

Achtergrond Hilversum, met een sterke positie in de nationale mediasector, geconcentreerd op en om het Media Park, staat voor de vraag wat nodig is om deze positie te handhaven en zo mogelijk uit te bouwen in het licht van de ontwikkeling van de technologie en ruimtelijke mogelijkheden in Hilversum. Er is concurrentie in de mediawereld, de technologie en digitalisering ontwikkelen zich snel en de ruimtelijke mogelijkheden in Hilversum zijn schaars. Tevens zijn er allerlei kansen. Hoe ziet het Media Park van de toekomst er uit en hoe kunnen de kansen en daarmee het verdienvermogen van de mediasector beter benut worden? Dit vergt clustermanagement, een omvangrijke investering in de fysieke ontwikkeling van het huidige Media Park en daarbuiten en commitment van verschillende partijen in een consortium. De vraag is hoe Hilversum het cluster zowel in Hilversum zelf, als regionaal (Utrecht-AmersfoortAmsterdam) én nationaal versterkt. Momenteel werkt de gemeente Hilversum samen met andere 10

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek partijen verschillende sporen uit om te komen tot een toekomstbestendige strategie waar de creatieve industrie en ICT sector als geheel sterker van wordt. Dit vraagt zowel om een gedragen lange termijn perspectief, gericht clustermanagement en fysieke ingrepen om het Media Park als ruimtelijk brandpunt te laten fungeren voor de sector in transitie.

Het Media Park in Hilversum en de Media Valley Het doel van dit onderzoek is om vanuit regionaal-economisch perspectief een bijdrage te leveren aan het transitieprogramma van het Media Park. Het gaat om het oppakken en aangaan van kansen en uitdagingen voor de Nederlandse digitale creatieve industrie in een internationale markt, vanuit regionale sterkten. Door diverse recente onderzoeken, namelijk de Economische Verkenningen Metropoolregio Amsterdam, Economisch Beeld Utrecht+ en de Monitor Creatieve Industrie is de uitgangssituatie van Hilversum en Gooi- en Vechtstreek in regionaal en nationaal verband bekend. Dit geldt voor de gehele economie en arbeidsmarkt en voor de creatieve industrie in het bijzonder. Bovendien is gebleken dat het belang van informele werklocaties toeneemt. Hierdoor is er juist een zeer gevarieerde vraag naar werklocaties in Hilversum: enerzijds zijn er grootschalige internationale en nationale bedrijven op formele locaties en zijn er gemengde, informele locaties voor kleinschalige bedrijven. Er moet in de toekomst rekening worden gehouden met de behoefte van deze gehele bandbreedte aan bedrijvigheid in de digitale creatieve industrie van de toekomst.

De algemene doelstellingen van het Masterplan zijn: 1 behoud en ontwikkeling van de werkgelegenheid en het voorkomen van werkloosheid 2 het maximaliseren van de verdiencapaciteit van het cluster, nationaal en regionaal, om de verdiencapaciteit van de BV Nederland te ondersteunen 3 verantwoordelijk voor de content en een eigen Nederlandse identiteit daarvan 4 ontwikkelen van de Nederlandse bevolking als de mediawijste van Europa; Nederland als hoogwaardige ontwikkel en testmarkt met het oog op de export van toepassingen van de digitale creatieve industrie.

11

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek

2 Trends in digitale creatieve diensten: disruptie 2.1 Digitalisering Disruptieve digitalisering De ontwikkeling van digitale technologie heeft de afgelopen decennia een grote vlucht genomen. Digitalisering heeft gevolgen voor een groot aantal sectoren van de economie en speelt bij alle maatschappelijke vraagstukken een grote rol. Zo draagt digitalisering bij aan de relatief krachtige ontwikkeling van steden door schaalverkleining van bedrijven, veiligheid door digitale bewakingscamera´s, verminderde wachttijden voor de trein door de OV chip, duurzame voedselvoorziening, nieuwe onderwijsvormen, en een innovatieve industrie. Vernieuwing vindt bijvoorbeeld plaats door nieuwkomers in een sector die zorgen voor innovaties en betere producten voor gebruikers die via online platforms de markt, geclusterd in gebruikersgroepen, weten te bereiken. Dit heeft disruptieve gevolgen voor bestaande verdienmodellen van de gevestigde orde in verschillende sectoren. Het zijn niet noodzakelijkerwijs betere producten en diensten voor gebruikers, maar andere, directere distributiekanalen die de consument bedienen. Complete bedrijfstakken zijn digitaal ontwricht. Dat geldt in het bijzonder voor sectoren die dicht bij de consument staan.

Voorbeelden zijn Uber die de mobiliteitsmarkt anders inricht, de OV fiets met de OV-chip die taxi’s overbodig maakt, Airbnb die de hotelwereld op de schop neemt, Amazon en ecommerce die het detailhandellandschap veranderen, betalingssoftware die thuisbankieren mogelijk maakt en daardoor bankpersoneel overbodig maakt.

Digitalisering en disruptie in de media Digitalisering en het internet leiden vanaf de jaren negentig voor een hoge dynamiek en verandering in het nationale en internationale medialandschap. Er zijn tal van voorbeelden te noemen, zoals de veldslag in de gedrukte pers en het leesgedrag van consumenten. In 2006 heeft in Nederland de omschakeling van analoge naar digitale tv plaatsgevonden. De komst van digitale televisie en online televisie hebben de distributie van televisieprogramma’s op zijn kop gezet. Het ging vergezeld van een explosieve groei van content productie door nieuwe mogelijkheden voor gebruikers om online en op de smartphone content te consumeren. Dit leidde tot de opmars van cross media, waarbij via verschillende kanalen content wordt verspreid naar de consument. Behalve de media zelf komen bedrijven in andere sectoren met behulp van digitalisering meer in contact met hun gebruikers. Zo is de NOS is een innovatief mediabedrijf met een digitale strategie met online content via de website, de app NPO Start, UitzendingGemist en streamingdienst NL Ziet. RTL is van een omroepbedrijf (broadcaster) naar een all-round mediabedrijf geëvolueerd met zenders, themakanalen, streamingdiensten, live entertainment en televisieproductie. Het richt het zich met RTL Ventures op startups die zich richten op de consumentenmarkt, zoals Vakantieveilingen.nl.

12

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Figuur 2.1: Mate van disruptie en ontvankelijkheid voor toekomstige disruptie per sector

Bron: Accenture

De Media en Entertainment sector ontwikkelt continu nieuwe strategieën om zich aan te passen. In vergelijking met andere sectoren is de constante mate van disruptie hoog maar doordat de sector gewend is geraakt aan het voortdurend zichzelf opnieuw uit te vinden is de verwachte impact van toekomstige disruptie beperkt. De media en entertainmentsector valt in de ‘viability’-fase in het quadrant van Accenture. Mediabedrijven bevinden zich in een constante toestand van innovatie en vernieuwing om hun klanten te bereiken, terwijl zij op agressieve wijze moeten uitbreiden op nieuwe (aangrenzende) markten. Bedrijven kunnen deze markten binnendringen door de kracht van hun gerevitaliseerde en vernieuwde activiteiten. Het media- en entertainmentlandschap staat vooraan als het gaat om de disruptieve effecten van digitalisering. Enerzijds is deze sector zelf dader die nieuwe producten en diensten voor de consument biedt en nieuwe kanalen ontwikkelt en exploiteert. Anderzijds is de sector slachtoffer van digitalisering; nieuwe distributiekanalen maken bestaande verdienmodellen overbodig. Het medialandschap verandert voortdurend door digitale en online alternatieven voor mediaconsumptie, zoals Spotify voor het luisteren van muziek en Netflix voor het kijken van televisie. De onlineeconomie groeit sterk.

De media concurreren fel om advertentie- en marketingbudgetten van bedrijven met wereldspelers als Google en Facebook. De sector staat hiermee in het quadrant van Accenture linksboven als levensvatbaar en toekomstbestendig. De sector heeft inmiddels de zwaarste klappen gehad, zoals bijvoorbeeld het verdwijnen van de platenindustrie eind jaren negentig. Tegenwoordig is muziek op vinyl weer in opkomst. Volgens de British Phonographic Industy zijn de inkomsten voor platenmaatschappijen het afgelopen jaar (2017) weer met 10 procent gestegen (Volkskrant, 12 april 2018, p V3). De toekomstige dynamiek als gevolg van nieuwe technologie houdt aan en de verwachting is dat er nooit een stabiele, gestandaardiseerde wereld komt volgens de European Broadcasting Union (EBU). Nieuwe technologieën volgen elkaar steeds sneller op en iedere nieuwe technologie brengt weer 13

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek nieuwe kansen en mogelijkheden. Nieuwe technologieën zullen ook disruptie blijven brengen en standaarden omver kegelen. De grote winnaar van deze hoogconcurrerende ontwikkelingen is de consument die een breed, hoogkwalitatief, gevarieerd aanbod heeft van diensten en content tegen lage kosten.

2.2 Huidige ontwikkeling van technologie Uitzenden, breedband en 5G: capaciteit Uitzenden (‘broadcasting’) vergt ruimte op de breedbandfrequenties. Dat is het traditioneel uitzenden van televisie en radio via de ether. Nu maken toepassingen (applicaties) via het klassiek fysieke internet (meestal glasvezel, eerder koper) gebruik van het internet protocol (software die de inhoud herkenbaar en identificeerbaar voor andere computers maakt), zodat uitwisseling via het internet mogelijk is. Echter, deze toepassingen verschuiven van het fysieke internet naar de ether (wifi, mobiele telefonie, tablets), waar gebruik wordt gemaakt van frequenties op de breedband. Anders dan op de breedband bestaat er in de ether nog geen standaard voor zoals het IP voor het internet. Momenteel staat de wereld die van breedband gebruik maakt voor een overgang naar een volledige standaardiseren van IP. Telecompartijen hebben hier al ervaring mee bij de overgang van bellen op IP. Standaardisatie leidt tot kostenbesparingen; IP-bestanden zijn flexibeler, schaalbaar en deelbaar en zo kan voor iedere toepassing gepersonaliseerd in het daarbij beste content-formaat gewerkt worden. Het wisselen van content naar device/toepassing wordt zo eenvoudiger. Daardoor werd het gebruik van ‘the cloud’ mogelijk en werd de voorspelling van Larry Ellison, de oprichter van Oracle, ingelost: ‘the internet is everywhere’.

Nederland loopt hiermee voorop door de goede telecominfrastructuur en de geavanceerde consumentenmarkt. In deze ontwikkeling is de overgang naar 5G de volgende grote stap, omdat daarmee de breedband capaciteit, snelheid, stabiliteit en betrouwbaarheid enorm wordt vergroot. In het huidige speelveld wordt het belangrijker dan ooit hóe de programma’s worden gemaakt en hoe ze worden verspreid, hoe nieuwe productietools, nieuwe workflows en nieuwe distributievormen worden georganiseerd om het publiek te blijven bereiken en nieuw publiek gevonden kan worden. De nieuwe uitzendstraten bedienen niet alleen de traditionele televisiezender, maar zijn er om alle nieuwe kanalen te bedienen. Echter, hoewel Nederland voorop loopt, is ook in Nederland het internet niet klaar om audio/video op die schaal te verspreiden. Grootschalige levering van lineaire diensten, het realiseren van bereik, betrouwbaarheid, garanties en kosten maken dat nu nog tot een utopie. Breedbandfrequenties blijven nodig om broadcastdiensten te leveren.

Content: Virtual, augmented en merged reality De nieuwste ontwikkelingen ontstaan vanuit de online creatieve content die via websites, apps, gaming platforms design en experience contact maakt tussen bedrijven en consumenten. De nieuwe toepassingen ontwikkelen zich in verschillende soorten realiteit: Virtual Reality, Augmented Reality en Mixed Reality zijn een ‘hot topic’ op dit moment. Het geeft mensen een unieke ervaring of beleving op een andere plek zonder daar zelf bij aanwezig te zijn.

14

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek

Figuur 2.2 Verschillende soorten reality in de creatieve technologie

De reden om Virtual Reality (VR) en Augmented Reality (AR) te ontwikkelen is de behoefte van media bedrijven om verhalen te willen vertellen met impact voor de consument. Dat kan in tekst en foto’s, of reconstructies, maar in bewegend drie-dimensionaal beeld is het echt zichtbaar. Een voorbeeld is de binnenstad van Hoorn in de 17e eeuw die virtueel zichtbaar is gemaakt. En VR/AR-technologie brengt de mogelijkheid om iets ook echt te ervaren. Er zijn nog beperkingen: het menselijk oog houdt het maar 7 minuten vol. De resolutie is niet goed genoeg en standaardisatie is nog een issue. MPEG is veelbelovend en heeft het duidelijkste toekomstperspectief. De meeste belangstelling gaat uit naar Social VR; in de huiskamer kan het gezin gezamenlijk kijken. Social VR vervangt dan het televisie kijken in familieverband. Augmented Reality gaat een stapje verder en lijkt voor omroepen interessanter: het voegt iets toe aan al wat waarneembaar is. VR360 (virtual reality in 360 graden, zoals Panorama Mesdag), lijkt minder relevant te worden. Het blijft uiteindelijk plat beeld. Een variatie is VR180, waar Youtube mee experimenteert.

15

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Tabel 2.1 Van de 53 NL Startups op CES 2018 hebben een nieuw product op gebied van VR/AR/MR Bedrijf

Locatie

Missie

Aryzon

Enschede

Aryzon makes 3D Augmented Reality affordable for anyone, filling the extensive gap between current 2D mobile AR and immersive 3D AR

Expivi

Eindhoven

Advanced Product Configuration in 3D, VR and AR. The first 3D platform that includes e-commerce options, instant 3D renders, VR or AR showcases

Jamzone

Leeuwarden

Stressjam: a delightful award-winning VR Game + biofeedback to improve stress mindset for better health & more vitality. Because stress can be enhancing!

SeriousVR

Enschede

Virtual training and performance data, for operational excellence

Tiledmedia

Rotterdam

Stream Amazing Quality VR over Today’s Networks to Today’s Devices

Ikonospace Amsterdam Bron: StartupDelta

A world of virtual exhibitions

2.3 Effecten digitalisering op media en entertainment Digitalisering heeft geleid tot structurele veranderingen in de productie en distributie van content. In plaats van aanbod gedreven lineaire televisie ontstaan nieuwe manieren van kijken en luisteren. Het is de consument zelf die bepaalt waar, wanneer en op welk apparaat hij/zij welke content kijkt. Het maken en distribueren van creatieve content is altijd een hoogst concurrerende en innovatieve markt geweest waar nieuwe ideeën en technologieën in hoog tempo elkaar opvolgen. Daarbij is, zoals in alle waardeketens het geval is, het creëren van content tot aan het leveren aan de eindgebruiker altijd de strijd wie welk deel van de waarde voor de consument weet te verzilveren. Er is concurrentie tussen de producenten van content om de gunst van de kijker of luisteraar, tussen televisiezenders om de kijkcijfers, tussen kabelmaatschappijen om abonnees, tussen IT-bedrijven om apparaten, en tussen IT-platforms en apps om gebruikers en hun data. Waar tien jaar geleden de telecom- en kabelbedrijven als distributeurs de bovenliggende partij waren, worden nu de producenten dan wel eigenaren van content een steeds belangrijkere schakel. Het verdienvermogen van telecom- en kabelbedrijven staat onder druk door online concurrentie, waar productiebedrijven hun winst weten vast te houden door meer mogelijkheden om content te vermarkten.

Internationale mediagrootmachten, zoals Disney, Time Warner, Bertelsmann en ITV, passen hier ook hun strategie op aan en we zien de afgelopen tijd grote overnames en strategische heroriëntaties plaatsvinden. Zij hebben door nieuwe online technologie en mogelijkheden meer mogelijkheden om hun unieke content bij de (internationale) consument te krijgen. In Nederland is John de Mol begonnen met een hernieuwde mediastrategie na de verkoop van Talpa aan ITV. Na een bovengemiddelde prijs voor zijn internationale productiebedrijf te hebben ontvangen, heeft hij zich nu bij SBS ingekocht onder de marktprijs. Ondanks alle nieuwe media blijkt traditionele lineaire televisie nog altijd de efficiëntste distributiemethode om de massa te bereiken. Niettemin verandert deze markt omdat mensen fysiek minder tijd doorbrengen voor de televisie, maar meer op de smartphone, achter de laptop en via UitzendingGemist. Als gevolg van de komst van digitale televisie is de concurrentie tussen de aanbieders sterk toegenomen. De consument kan kiezen uit steeds meer kanalen en uit meer online mogelijkheden rondom specifieke themakanalen. Nederlandse content ondervindt daarbij meer concurrerentie van internationale content op de eigen Nederlandse markt. 16

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Figuur 2.3 Voorkeursapparaat per activiteit/toepassing

Bron: Deloitte

Nederland dreigt een wingewest te worden van internationaal opererende mediabedrijven, bijvoorbeeld Discovery Networks (met zenders als Discovery Channel, Animal Planet en TLC) en Viacom International Media Networks (MTV, Nickelodeon, ComedyCentral). Op dit moment zijn de bovenliggende schakel in de waardeketen de contentmakers. Hier zit het creatief talent en vaak hebben de productiebedrijven een internationale, strategische partner om succesvol nieuwe content te kunnen exploiteren in het buitenland. Invloed op het gebruik van televisie De televisiemarkt staat onder druk door de komst van nieuwe media. Consumenten kijken minder televisie en besteden meer tijd online via smartphone, tablet of laptop. Internationale online platforms zorgen voor disruptie op de media en entertainment-markt. Nieuwe media kanalen zijn social media (zoals Facebook, Twitter, Instagram, Snapchat) en online media (streaming, online markt). Hierop opereren en domineren internationaal opererende wereldspelers als Netflix, Spotify, YouTube en Amazon Prime. Enerzijds concurreren deze bedrijven om dezelfde advertentie inkomsten, die zij effectief weten in te zetten door ‘slim’ gebruik te maken van data van gebruikers. Anderzijds hebben zij een disruptief verdienmodel doordat zij content gratis of bijna gratis maken voor gebruikers.

De consument betaalt namelijk niet zelf voor de consumptie van media en entertainment. De gevolgen hiervan hebben platenmaatschappijen in de jaren negentig reeds ondervonden. De Raad van Cultuur maakt zich ook grote zorgen om de film- radio- en televisie-industrie in Nederland omdat de buitenlandse streamingdiensten (Netflix, Amazon Prime, HBO, Pathe Thuis) bijna geen 17

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Nederlandse content distribueren. Voor streaming is vooral een goede ICT infrastructuur van belang (bandbreedte, datacenters); die is er in Nederland. Echter, als het om content gaat staan Nederlandse alternatieven zoals NL Ziet en Videoland (overgenomen door RTL) nog in de kinderschoenen. Dit laat echter zien dat waarde van unieke eigen content cruciaal is in de keten. Internationale content verdringt namelijk de waarde van content van nationale makelij. Overslaan distributeurs Een ander fenomeen dat met de komst van nieuwe technologie mogelijk is, is dat content-makers de traditionele productieketen om een groot publiek te bereiken kunnen overslaan. Digitalisering en verbeterde technologie bieden mogelijkheden voor consumenten en bedrijven om eigen digitale content tegen lage kosten te produceren en deze ook bij een groot publiek zichtbaar te maken, bijvoorbeeld vloggers en influencers op Youtube en celebrities op Instagram. Zij genereren aandacht bij het grote publiek en hebben eenzelfde verdienmodel als traditionele televisiemedia gebaseerd op advertentie-inkomsten. Dit leidt tot innovatieve marketingcampagnes van bedrijven waarmee ze rechtstreeks communiceren met hun gebruikers via Facebook enTwitter of door het maken van een game.

Disruptie reclame-industrie Digitalisering zorgt niet alleen voor disruptie op de televisiemarkt, ook andere domeinen uit de creatieve industrie worden beconcurreerd op hun businessmodel. Zo hebben reclamebureaus een intermediaire rol tussen merken en verschillende distributiekanalen voor massacommunicatie om de consument te bereiken. Bedrijven en merken krijgen online nieuwe mogelijkheden om hun doelgroepen te bereiken en dit leidt tot een andere vraag van creatieve dienstverlening. Dat kan online met online advertenties maar ook met een eigen digitale contentkanaal (bijvoorbeeld een website of social media) waarmee zij rechtstreeks en tegen lage kosten hun klanten kunnen bereiken en geen intermediair meer nodig hebben. Op de online advertentiemarkt ondervinden reclamebureaus hevige concurrentie van techbedrijven. Deze ICT-bedrijven hebben met hun data en technologische kennis een concurrentievoordeel. Zij kunnen daardoor gerichter en effectiever doelgroepen bereiken met microtargeting aan de hand van data van interesses van gebruikers. Dit biedt tegelijkertijd nieuwe kansen voor digitale content en marketing richting kleine en middelgrote bedrijven. Inmiddels heeft de concurrentie op deze markt de betrokken bedrijven op en over de grens van het toelaatbare en wenselijke gedreven.

Inmiddels heeft een substantieel deel van de consumenten een ‘adblocker’ geinstalleerd en is een relevant bedrijf in deze markt met onmiddellijke ingang gestopt vanwege weglopende klandizie. Disruptie muziekindustrie De muziekindustrie heeft in de jaren negentig de zwaarste klappen van digitalisering gehad. Het businessmodel van de platenindustrie ging failliet door het illegaal downloaden van muziek en de concurrentie op deze markt. Het oligopolie van dominante labels verdween. Bijna 20 jaar later ziet de muziekindustrie er geheel anders uit en zijn live optredens de belangrijkste inkomstenbron voor artiesten geworden. Uit de jaarlijkse monitor van de exportwaarde van muziek (Buma Stemra, 2017) blijkt dat 80 procent van de exportwaarde van Nederlandse muziek verdiend wordt met optredens. Daarnaast wordt waarde gecreëerd met muziekrechten (~13%) en muziekopnames (~7%). Digitale creatieve diensten Digitale creatieve diensten worden niet alleen ontwikkeld in de mediasector gericht op consumenten, maar ook nadrukkelijk in de aanverwante sectoren ICT, reclame, en design op de B2B markt tussen bedrijven onderling. Makers van content (muziek, tv-formats, auteursrechten) exporteren ook en genereren daar inkomsten uit. De grootste inkomstenbronnen voor de radio- en televisiemarkt blijven echter de advertentie-inkomsten en de publieke financiering van de publieke omroepen (ca.

900 miljoen euro in 2018). Met de sterke groei van smartphonegebruik en laptopgebruik ontstaan er andere kanalen voor adverteerders om hun merk te vermarkten. 18

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Figuur 2.4: Divergentie in de Telecom, Media en Technologie sector: tv-content en IT-bedrijven zijn sterke groeiers, omroepen stabiel.

Bron: ABN AMRO

Internet en nieuwe media vormen een enorme groeimarkt voor nieuwe toepassingen van audiovisuele content. Dit is een markt die vooral wordt opgepikt door ICT bedrijven. Anders dan uitgevers van kranten, tijdschriften en boeken, is zichtbaar dat de radio, tv en filmindustrie na 2013 economisch herstel laat zien en nieuwe verdienmodellen weten te ontwikkelen op nieuwe markten. De radio, TV en filmindustrie bewijst dat ze kan aanpassen aan de nieuwe en dynamische marktcondities die voortvloeien uit de digitalisering; de sector wordt niet uiteengeslagen zoals dat eerder met andere sectoren is gebeurd, zoals de gedrukte dagbladpers (zie figuur 2.4). De film, radio en televisiesector blijkt mee te profiteren van de aantrekkende economie. In de jaren daarvoor is de sector hard geraakt door de economische crisis, bezuinigingen en opkomst van nieuwe media. Het antwoord van traditionele content-makers in radio en televisie is crossmedia (multichannel, online en offline, unieke live ervaringen) en het aanbieden van kwaliteit op een meervoudige manier. Naast de twee grootste inkomstenbronnen (publiek budget en advertentieinkomsten) weten zij nieuwe verdienmodellen te ontwikkelen rond de organisatie van evenementen, digitale content en online activiteiten (wederom advertentie inkomsten). De sector blijkt een groot aanpassingsvermogen te hebben.

ICT en tech-bedrijven maken allerlei ICT applicaties en platforms, vaak gericht op het organiseren van markten en het slim vermarkten van producten. Dit is een hoogst competitieve internationale markt waar Amerikaanse techreuzen domineren, maar Nederland slimme diensten op weet te ontwikkelen die veel verder gaan dan de film, radio en TV bedrijven zoals Booking in de reiswereld en Adyen in de financiële wereld. Het combineert vaardigheden waar Nederland een lange historie kent door de koopmansgeest rond internationale handel, creativiteit, communicatievaardigheden en talen, digitale vaardigheden en ICT, en finance.

19

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Groei offline Een andere opkomende markt in de mediasector is de markt voor live events en ervaringen – de feest- en eventmarkt, tot in het kleinste gehucht voor een real-life ervaring. Mensen zijn op zoek naar unieke persoonlijke ervaringen. Het bezoek en de prijzen van festivals, concerten, voorstellingen, bioscoopbezoek, congressen, en beurzen neemt sterk toe. Overigens zijn op deze markt vaak ook grote internationale spelers actief. Mojo Concerts, de Ziggo Dome en de Heineken Music Hall maken onderdeel uit van Live Nation, een wereldwijde beursgenoteerde live entertainment organisatie. Het Media Park huisvest Studio21 (eigenaar RTL). In Studio21 worden evenementen georganiseerd met een overwegend besloten karakter (personeelsfeest, productintroductie, beurs, awardshow, concert, congres, theateruitvoering en televisieopname). Studio21 is echter een kleine tot middelgrote locatie voor evenementen (maximaal 5000 gasten). De beurshallen in de diverse steden zijn over het algemeen groter (Ahoy, RAI, Jaarbeurs Utrecht, MECC, Brabanthallen, Beursgebouw Eindhoven, World Forum The Hague). Hilversum en de regio Gooi en Vechtstreek hebben een bevolking met een hoge cultuurconsumptie. Niettemin houdt het aanbod van podia in Hilversum niet over.

De NPO heeft een aantal succesvolle pop- up events georganiseerd zoals het Top2000 café en Dudok in Concert in Hilversum. Verder beschikt Hilversum over een klein podiumaanbod voor kunst en cultuur met twee bioscopen (Vue Hilversum en Filmtheater Hilversum), Poppodium De Vorstin en Theater Gooiland. Crossmedia De komst van nieuwe media-technologieën leidt tot convergentie tussen sectoren: crossmedia. Kijk- en luistergedrag van consumenten verandert razendsnel. Voor verdienmodellen in de media is het belangrijk om vooraan te lopen in nieuwe trends en de looptijd van het verdienmodel wordt korter. Zo gaat Apple binnenkort stoppen met de iTunes store, lange tijd het antwoord op illegaal downloaden van muziek, doordat consumenten nu over zijn gegaan op muziekstreamingsdiensten zoals Apple Music en Spotify. Positie en kansen Nederland De vraag is in welke mate de Nederlandse media concurrerend genoeg zijn om de digitalisering te overleven en welke factoren dat bepalen. Digitalisering is tegelijkertijd een wereldwijde groeimarkt voor de ICT-sector in Nederland. Nederland heeft weliswaar een kleine thuismarkt, maar is een internationaal handelsknooppunt en biedt daardoor kansen om producten en diensten op wereldmarkten te verkopen. Nederland heeft een sterke ICT-industrie en staat bovenaan in Europa met het gebruik van internet.

Nederland heeft goede vestigingsplaatscondities voor het bouwen van een digitale economie. Booking, een bedrijf van Nederlandse bodem, is daar een voorbeeld van. Oracle zoekt in de Metropoolregio Amsterdam naar een vestigingslocatie. Nederland staat 3e op de Euler-index 2018 voor digitalisering, achter de VS en Duitsland. Nederland scoort goed op wet- en regelgeving, ICT kennis, infrastructuur, connectiviteit en omvang van de digitale economie. Dat geldt in het bijzonder voor Amsterdam waar digitale wereldspelers als Google, Facebook, Netflix, Oracle, IBM en Amazon zich hebben gevestigd en veel (internationale) startups in de ICT-sector zich vestigen. Op Frankfurt na is de Amsterdam Internet Exchange (AMS-IX) het grootste open internationale internetknooppunt van Europa. De software technologie voor het huidige internet is mede op de as NIKHEF-CERN door het Centrum voor Wiskunde en Informatica van de Universiteit van Amsterdam ontwikkeld. Het hoofdkantoor van het RIPE-NCC, dat IP nummers uitgeeft, is daarom in Amsterdam gevestigd.

20

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek

3 Creatieve industrie, ICT en Film-, radio en TV productie in de Nederlandse economie 3.1 Toegevoegde waarde en werkgelegenheid In dit hoofdstuk wordt de economische ontwikkeling van de voor de Media Valley relevante bedrijfstakken op nationaal niveau in beeld gebracht. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de Nationale Rekeningen (afgekort NR, de boekhouding van geldstromen van de Nederlandse economie) van het Centraal Bureau van de Statistiek en de daarin gebruikte bedrijfstak-indeling. Deze staat toe een goede benadering van de creatieve industrie samen te stellen, de belendende IT sector te bezien en de film, radio en TV-sector (FRTV-sector) te onderscheiden. Daardoor worden een aantal relevante sectoren die centraal staan in de Monitor Creatieve Industrie (zie iMMovator, 2017) meegenomen. De NR verschaft informatie over de ontwikkeling van bedrijfstakken in de periode 1995-2016, voor elk tussenliggend jaar, voor verschillende indicatoren: toegevoegde waarde, werkgelegenheid, afzet aan zakelijke afnemers, consumenten, export en import. Tevens biedt de NR informatie over de samenhang tussen deze bedrijfstakken: wie levert aan wie, en hoe verandert deze onderlinge leveranties in de tijd? Dit geeft informatie over hoe de creatieve industrie, media in het algemeen en de FRTV-sector in het bijzonder de digitalisering hebben doorstaan.

Hieruit wordt tevens indicatief afgeleid wat de ruimte is die de FRTV-sector en de creatieve digitale diensten in de markt hebben. Bijvoorbeeld, ligt de ruimte bij de Nederlanse consument of zakelijke afnemer, of zijn er kansen voor export op buitenlandse markten? De ontwikkeling van de toegevoegde waarde en de werkgelegenheid van de creatieve industrie, waaronder de film-, radio- en televisiesector worden hieronder als eerste beschouwd (tabel 3.1, tabel 3.2, figuur 3.1). Tabel 3.1 Omvang toegevoegde waarde Creatieve industrie en ICT naar deelsector en periode, 1996-2016. Euro prijzen 2016, gemiddelde jaarlijkse groei in procenten 1995 2016

'96-16

96-01

'02-08

'09-13

'14-16

1.260 2.744 2.353 7.393 15.948 1.815 9.590 3.483 2.740 5.838

% -1,9 -1,6 2,1 7,5 8,7 10,0 2,7 2,0 2,7 2,4

0,9 1,6 4,1 21,2 18,6 15,6 5,0 3,9 3,9 5,9

-1,0 -0,5 1,6 6,0 4,8 5,5 2,8 1,7 2,8 2,3

-4,1 -5,8 -1,8 -3,0 3,5 7,1 -1,3 0,6 1,4 -1,5

-5,2 -2,8 5,4 1,4 4,9 11,1 3,9 0,4 1,3 1,8

20.364 28.008 5.017 25.156 389.810 577.868

1,6 8,4 2,0

3,9 19,4 3,6

1,7 5,3 1,9

-1,7 1,3 -0,1

1,7 4,2 1,8

2,1

3,9

2,0

-0,1

1,9

mln euro Grafische industrie 1.857 Uitgeverijen 3.786 Film, TV en radio 1.542 Telecommunicatie 1.735 IT-dienstverlening 3.010 Diensten op het gebied van informatie 271 Architecten-, ingenieursbureaus e.d. 5.601 Reclamewezen en marktonderzoek 2.364 Design, fotografie, vertaalbureaus 1.614 Kunst, cultuur en kansspelen 3.599 Creatieve industrie totaal ICT Overig economie

Toegevoegde waarde Nederland 415.191 631.032 Bron: CBS, Nationale Rekeningen/bewerking NEO Observatory

21

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek ICT De ICT sector groeide het krachtigst, in het bijzonder de IT dienstverlening, en fors sneller dan de Nederlandse economie. De ICT sector als geheel vervijfvoudigde in omvang over de laatste twee decennia van 5 miljard in 1995 naar 25,2 miljard in 2016 (tabel 3.1). De telecom laat een bijzonder pad zien: een sterke ontwikkeling tussen 1996 en 2001 (jaarlijks een groei van 21,2 procent), maar daarna een sterke terugval, een krimp na de crisis van 2009 en een zeer bescheiden groei vanaf 2014. Het economisch herstel gaat deze bedrijfstak voorbij. De IT dienstverlening vertoont een robuuste groei bij een substantiële omvang. De diensten op het gebied van informatie zijn bescheiden qua omvang, maar laten relatief een enorme expansie zien: van 270 miljoen in 1995 naar 1,8 miljard in 2016 (tabel 3.1). Cruciaal is dat de ICT sector niet terugdeinst voor creatieve destructie. De telecom was leidend in de periode 1996-2001 gezien het groeicijfer van 21,2 procent per jaar, (tabel 3.1), maar stond vooraan in de rij bij dergelijke creatieve destructie (-3 procent per jaar van 2009 tot 2013). Bezit van een distributiekanaal bleek niet voldoende als verdienmodel. Creatieve industrie De belangrijkste ontwikkelingen zijn dat de creatieve industrie als geheel op de lange termijn trager groeide dan de gehele Nederlandse economie (tabel 3.1).

Dat is een optelling van twee effecten: een krimp van de traditionele media (grafische nijverheid en uitgeverijen, die beide circa 30% in omvang achteruitgaan) tegenover een gemiddelde groei van architecten/ingenieurs, reclame, design, fotografie en kunst en cultuur. Deze laatste herstellen in de huidige hoogconjunctuur, terwijl de grafische nijverheid en uitgeverijen ook dan krimpen. Binnen de creatieve industrie en ICT zien we sterke divergentie in groei plaatsvinden. Bij de uitgeverijen van gedrukte media, de grafische industrie, reclame vindt een daling dan wel groeivertraging plaats (tabel 3.1). Deze bedrijfstakken hebben nog geen antwoord gevonden op de wegvallende en transformerende vraag van consumenten door de opkomst van nieuwe media.

Film, radio en televisie (FRTV) De film, radio en televisiesector laat een gezonde groei zien: in omvang bescheiden, maar groeide van 1,5 miljard in 1995 naar 2,4 miljard toegevoegde waarde in 2016 (tabel 3.1). Op de lange termijn groeit de FRTV-sector precies even snel als de gehele economie (2,1 procent gemiddeld per jaar). Echter, waar de FRTV-sector kromp dan wel stagneerde over de jaren 2002-2013, groeit de toevoegde waarde van de sector plots snel in de huidige conjunctuurgolf, met een jaarlijkse gemiddelde groei van 5,4 procent van 2014 tot en met 2016. Dit is een krachtig herstel. Figuur laat zien dat het herstel al vanaf 2010 inzette, toen de stagnatie op een dieptepunt was beland. Het is echter opvallend dat de positieve ontwikkeling van de FRTV sector in de jaren 1996-2001 in de pas liep met die van Nederland, maar in de periode 2010-2016 duidelijk boven het Nederlandse groeipad uit komt (tabel 3.1). De film, radio en televisiesector heeft het grootste positieve verschil in groei van de toegevoegde waarde tussen de gehele periode 1996-2016 (2,1 %) en het recente herstel over de jaren 2014-2016 (5,4 %). Opvallend is dat dit herstel van de film, radio en televisiesector ook zichtbaar is in de ontwikkeling van de werkgelegenheid (tabel 3.1). De film, radio en televisiesector had in 1995 een omvang van 25 duizend personen; anno 2016 ligt dat op 29 duizend personen.

Echter, de groei was bovengemiddeld over de jaren 1996-2001 en in de recente jaren 2014-2016. Daartussen in kromp de sector. Het keerpunt is in 2010, als de werkgelegenheid in de FRTV-sector een omvang heeft van 26 duizend personen. Tot en met 2016 is de film, radio en televisiesector met drieduizend werkzame personen toegenomen (tabel 3.2). 22

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Na achterblijvende groei als gevolg van economische crisis, bezuinigingen en opkomst nieuwe media, laat de film, radio en televisiesector veerkracht en aanpassingsvermogen zien. De sector weet vanaf 2010 kennelijk te profiteren van de digitaliseren door het aanbod van allerlei nieuwe diensten via en geënt op traditionele kanalen. De film, radio en televisiesector kan dus kennelijk de aandacht van de consument vasthouden en zelfs uitbreiden, gezien de groei na 2010. Vermoedelijk toont de film, radio en televisiesector deze veerkracht op basis van twee factoren: de adoptie van IT diensten en een wijziging van de externe organisatie: meer zpp’ers en fragmentatie van de sector. Daardoor is er een enorme flexibiliteit van de FRTV-sector ontstaan. Hierdoor heeft de film, radio en televisiesector de gang van de gedrukte media kunnen ontlopen. Het is zelfs mogelijk en ook waarschijnlijk dat de teruggang van de traditionele media voordelig is geweest voor de groei van de film, radio en televisiesector. Figuur 3.1 Ontwikkeling toegevoegde waarde ICT en creatieve industrie naar bedrijfstak, de gehele Nederlandse economie, 2014-2016 in vergelijking met het langjarig gemiddelde 1995-2016 Gemiddelde jaarlijkse groei in procenten Nederland totaal

Overig economie ICT Creatieve industrie totaal Diensten op het gebied van informatie Film, TV en radio IT-dienstverlening Architecten-, ingenieursbureaus e.d. Kunst, cultuur en kansspelen Telecommunicatie Design, fotografie, vertaalbureaus Reclamewezen en marktonderzoek Uitgeverijen

Grafische industrie -8,0 -6,0 -4,0 -2,0 0,0 2,0 4,0 6,0 8,0 10,0 12,0 2014-16

1996-2016

Bron: CBS, Nationale Rekeningen/bewerking NEO Observatory

23

De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Tabel 3.2 Werkgelegenheid Creatieve industrie naar deelsector en periode, Nederland, 1996-2016 Werkzame personen, x 1000

Grafische industrie Uitgeverijen Film, TV en radio Telecommunicatie IT-dienstverlening Diensten op het gebied van informatie* Architecten-, ingenieursbureaus e.d. Reclamewezen en marktonderzoek Design, fotografie, vertaalbureaus Kunst, cultuur en kansspelen Creatieve industrie totaal ICT Overig economie

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=c2507168-137c-4eda-99ba-c80e8b1dab8e