CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept raadsvoorstel verstedelijkingsconcept MRA

GEMEENTERAAD 6 juli 2021, gemeente HilversumBij agendapunt: Concept verstedelijkingsstrategie MRA: wensen, opvattingen en bedenkingen (776099)4.787 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

VOORSTEL zaaknummer:

776099

afdelingsnaam:

Directie

steller:

Eric Bakker

telefoonnummer

035 629 2085

onderwerp:

Verstedelijkingsconcept MRA: wensen, opvattingen en bedenkingen

Voorstel I.

De raad voor te stellen: De ontwerp-zienswijzereactie van de regio Gooi en Vechtstreek op het Verstedelijkingsconcept (versie 2) te onderschrijven en aan te vullen met de volgende wensen, opvattingen en bedenkingen: i. Te constateren dat het verstedelijkingsconcept de bestaande ambities, beleid en projecten van Hilversum en Gooi en Vechtstreek in de teksten en verbeelding ‘verstedelijkingsconcept 2050’ op pagina 16 op een juiste manier weergeeft. ii. Ongenoegen te uiten over foutieve kaartbeelden op pagina’s 22, 26 en 37 en dringend te verzoeken deze kaartbeelden te corrigeren, als noodzakelijke voorwaarde om in 2022 vaststelling van de uiteindelijke verstedelijkingsstrategie te willen overwegen. iii. Op korte termijn meer helderheid te geven hoe de investeringsstrategie er uit kan zien. iv. Dat een zienswijzeprocedure voor gemeenteraden en Provinciale Staten nodig is voor de fasering en investeringsstrategie. v. Dat er voldoende tijd moet worden ingeruimd in het besluitvormingsproces na het BO MIRT van 25 november 2021 voor regionale onderlinge afstemming op het niveau van gemeenteraden, voor een toets aan de opbrengst van fase 2 (denkrichtingen) van het proces van de Omgevingsvisie en dat daarvoor naar onze inschatting een kwartaal extra voor nodig is. vi.

Aanpassen van de eerste zin op pagina 4 van de inleiding door het toevoegen van de woorden ‘de gemeenteraden en Provinciale Staten’. vii. Toevoegen van het begrip ‘kringlooplandbouw’ in verband met N2000 gebieden en stikstof. viii. Duidelijker toelichten dat het in de regionale zienswijze aangegeven aantal van 11.500 woningen voor de Gooi en Vechtstreek uit de Regionale Woonvisie komt en dat deze woningen binnen de bestaande plancapaciteit gerealiseerd kunnen worden.

1.

2. De bijgevoegde brief (bijlage 5) te versturen aan de regio Gooi en Vechtstreek. II.

Het onderwerp ter advisering aan de raad aan te melden voor behandeling in de raadscommissie.

Titel

Toelichting

BEELDVORMING

OORDEELSVORMING

BESLUITVORMING

Verstedelijkingsstrategie MRA

Gemeenten en provincies in de Metropoolregio Amsterdam hebben tot 12 juli 2021 de tijd om een zienswijze in te dienen op het verstedelijkings-concept MRA

-

Commissie RO&W 30 juni 2021

Raad 7 juli 2021

-

RIB 2020-07 van 19 februari 2020 inzake de verstedelijkingsstrategie Een informatiesessie van de regio Gooi en Vechtstreek op 29 september 2020. Een BVS op 27 oktober 2020 over bovenregionale trajecten, waaronder de verstedelijkingsstrategie Een informatiebrief van de MRA van 31 maart 2021 Een informatiesessie van de MRA van 19 april 2021 Commissie RO&W 30 juni 2021

Samenvatting In het voorliggende verstedelijkingsconcept voor de Metropoolregio Amsterdam zijn de bestaande ambities, beleid en projecten van de regio Gooi en Vechtstreek en Hilversum naar oordeel van het college op een goede manier verwerkt. Wel zijn er wensen, opvattingen en bedenkingen die we vanuit Hilversum willen meegeven in het vervolgproces. Een aantal daarvan is al goed opgenomen in een ontwerp zienswijze namens de gemeenten in Gooi en Vechtstreek. Vanuit Hilversum vragen we dringend om correctie van enkele kaartbeelden, enkele toelichtingen en stellen we procesaanpassingen voor, die rondom finale besluitvorming in 2022 meer en beter recht doen aan de positie van de gemeenteraad van Hilversum en de samenwerkende gemeenteraden in de regio Gooi en Vechtstreek. Ten slotte constateren we dat het verstedelijkingsconcept het gesprek met de Hilversumse samenleving over de Omgevingsvisie Hilversum 2040 niet belast of inkadert.

Aanleiding en proces Sinds 2019 werken Rijk en door het Rijk genodigde landsdelen aan gebiedsuitwerkingen van de Nationale Omgevingsvisie: de zogenaamde ‘Omgevingsagenda’s. De gemeenten, provincies en vervoersregio in de Metropoolregio Amsterdam vormen samen met de regio Utrecht het landsdeel Noordwest. Zij maken met elkaar en het Rijk één Omgevingsagenda. Het Rijk heeft met de landsdelen in het Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (BO MIRT) van november 2019 afgesproken zulke Omgevingsagenda’s in november 2021 bestuurlijk vast te willen stellen. In onze Metropoolregio gebeurt dit in de vorm van de ‘Verstedelijkingsstrategie MRA’. De Verstedelijkingsstrategie bestaat in 2022 uiteindelijk uit drie onderdelen: een verstedelijkingsconcept, een fasering en een investeringsstrategie. De democratische legitimering ligt bij het Rijk voor wat betreft de uitvoering en investeringen uit de Nationale Omgevingsvisie en de rijksbegroting en bij gemeenteraden en Provinciale Staten waar het gaat om hun ruimtelijke en financiële bevoegdheden. Het grote aantal betrokkenen (het Rijk, twee provincies, een vervoerregio en 32 gemeenten) en de inhoud maken dat de voorbereiding en besluitvorming veelomvattend en organisatorisch uitdagend is.

In de afgelopen anderhalf jaar heeft u het proces van de totstandkoming van het verstedelijkingsconcept kunnen volgen, maar bent u nog niet in de gelegenheid geweest daar een oordeel over te vellen of een kaderstellend besluit te nemen. Na een lange voorbereiding breekt die fase nu aan. De te volgen procedure vindt zijn grondslag in artikel 7 van het actuele MRA convenant. Er wordt op twee momenten een raadsbesluit gevraagd. Dit voorstel gaat over het eerste gevraagde besluit. Op 12 mei 2021 ontving het college het Verstedelijkingsconcept MRA versie 21 (bijlagen 1 en 2) ter behandeling in de gemeenteraad. Daarin zijn ook een eerste gedachten over een mogelijke fasering opgenomen. Gemeenteraden en Provinciale Staten worden gevraagd hierop uiterlijk 12 juli 2021 te reageren, door het uiten van wensen, opvattingen en bedenkingen. In het portefeuillehouderoverleg Fysiek Domein van de regio Gooi en Vechtstreek is afgesproken de gemeenteraden voor te stellen gezamenlijk een regionale zienswijze te geven en tevens de zienswijze van elke gemeenteraad separaat bij te voegen. Zo blijven de zienswijzen van individuele gemeenten zichtbaar én kan de kracht van een gezamenlijke regionale zienswijze worden benut om extra gewicht te geven aan wensen, opvattingen en bedenkingen die elkaar ondersteunen of aanvullen.

De regio Gooi en Vechtstreek heeft daartoe een ontwerp-zienswijzereactie (bijlage 4) opgesteld. In dit raadsvoorstel wordt uw raad voorgesteld deze ontwerp-zienswijzereactie te onderschrijven en aan te vullen met een aantal wensen, opvattingen en bedenkingen. Dit zullen andere colleges in de regio aan hun gemeenteraden ook zo voorstellen. Na het raadsbesluit sturen de colleges de zienswijzen naar de regio. De regio past de (regionale) ontwerp-zienswijze aan, voegt de bijdragen van de regiogemeenten separaat toe en zorgt voor verzending. Alle zienswijzen van provincies en gemeenten zullen komend najaar leiden tot een verbeterde, derde versie van het verstedelijkingsconcept. Daarnaast wordt dan ook de fasering verder uitgewerkt en een investeringsstrategie opgesteld. In november 2021 vindt daarover in het BO MIRT afstemming plaats tussen Rijk en regio. Daarna (in het eerste kwartaal van 2022) worden alle gemeenteraden en Provinciale

Op 31 maart 2021 ontving u ter informatie een ‘versie 1’ met de status ‘ambtelijk concept’, gekoppeld aan een informerend Webinar van de MRA en de regio Gooi en Vechtstreek op 19 april 2021 1

Staten gevraagd om definitief te besluiten over het overeengekomen resultaat. Dit is dan het tweede gevraagde raadsbesluit.

Context De vraag om het inbrengen van wensen, opvattingen en bedenkingen over het verstedelijkingsconcept komt op een moment waarop uw raad de bovenregionale samenwerking tussen gemeenten, provincies en Rijk kritisch volgt en beschouwt. Terugkerende vragen zijn hoe de positie van de gemeenteraad in het werk van/door samenwerkende bestuurlijke netwerkorganisatie is geborgd en met welke inhoud/vanuit welke positie Hilversum de bovenregionale samenwerking het best kan benutten om de Hilversumse doelen en ambities te realiseren. Daarbij is ook de politieke afspraak dat Hilversum nu een Omgevingsvisie maakt van belang. In deze context heeft het college niet alleen gekeken of de positie van Hilversum goed is geland in dit verstedelijkingsconcept, maar ook bezien of de positie van uw raad en de samenwerkende gemeenteraden in de Gooi en Vechtstreek in dit besluitvormingsproces recht wordt gedaan. Wij maken daarover enkele inhoudelijke en procesmatige opmerkingen. Daarna gaan we in op de relatie met de Omgevingsvisie en de ontwerp-zienswijzereactie van de Regio Gooi en Vechtstreek.

Inhoud In de Nationale Omgevingsvisie staan vier samenhangende opgaven voor de 21e eeuw genoemd: - Klimaatadaptatie en energietransitie - Duurzaam economisch groeipotentieel - Sterke en gezonde steden en regio’s - Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijke gebied Achter deze opgaven komen tal van ruimtelijke, sociale, ecologische en economische vraagstukken weg: hoe voldoen we aan de klimaatdoelen? Hoe gaan we om met toenemende watertekorten en –overlast? Hoe keren we de uitputting van het landschap? Hoe ontwikkelen onze economie en werkgelegenheid? Hoe voorkomen we sociaal-economische ongelijkheid en segregatie? Hoe krijgen we de woningmarkt in beweging? Hoe blijven we bereikbaar? Hoe koesteren we de ruimtelijke kwaliteit in landschappen en steden? Al deze vraagstukken spelen in heel Nederland, in Hilversum en zeker ook sterk in onze aantrekkelijke, maar ook drukke Metropoolregio. In de 21e eeuw kan het niet anders dan dat de grote vraagstukken integraal en gebiedsgericht worden beschouwd, in lijn met de Nationale Omgevingsvisie en dat daarvoor ook samenwerking tussen provincies en gemeenten nodig is. Het verstedelijkingsconcept spreekt van een ‘polycentrische’ aanpak. Dit abstracte begrip leidt – ook in een deel van uw gemeenteraad – tot veel discussie en kritiek.

Een kritiek die we in Hilversum horen is dat “de MRA een agenda heeft om op zoveel mogelijk plekken te verstedelijken”. Het college ziet de ‘polycentrische’ aanpak echter als een noodzakelijke trendbreuk met de ‘monocentrische’ aanpak. Tot 2018 was er veel focus op Amsterdam, die alles – wonen, werken en voorzieningen – als een magneet naar zich toe leek te trekken. Ook in Hilversum merkten we dat, bijvoorbeeld in de vorm van verhuizingen van mediabedrijven naar Amsterdam. Anno 2021 is geen enkele gemeente voorstander van zo’n ontwikkeling, ook de gemeente Amsterdam niet. In het voorliggende verstedelijkingsconcept zien we nu duidelijk hoe de ‘polycentrische’ aanpak bedoeld is. Het geeft een duidelijk beeld van de samenhangende opgaven op de schaal van onze Metropoolregio, beschrijft aantal fundamentele ‘keuzevraagstukken’ die gemeenten, provincies en Rijk met elkaar te beslechten en geeft tegelijkertijd ruimte aan alle deelnemers om zich daar vanuit hun eigen positie toe te verhouden of invulling aan te geven. In Hilversum en in de regio Gooi en Vechtstreek vullen we dat in met onze bestaande plannen en ambities. De basis voor de bestuurlijke inzet in regionaal verband is de door de gemeenteraden vastgestelde Regionale Samenwerkingsagenda (RSA, 2018) geweest. In Hilversum hebben we afgesproken nu eerst met de samenleving een Omgevingsvisie te maken.

Ook omliggende gemeenten werken hard aan hun Omgevingvisies. Vooruitlopend daarop zijn en worden geen nieuwe ambities ingebracht. Wij hebben de bestuurlijke inzet met u gedeeld in RIB 2020-07 van 19 februari 2020 inzake de verstedelijkingsstrategie.

In het verstedelijkingsconcept zien wij veel aandacht voor de thema’s wonen, werken en mobiliteit. Aanvullend zien wij in het verstedelijkingsconcept ook aandacht voor de thema’s ‘sociaal sterke metropool’. De gekozen aandacht is passend, omdat die in het verstedelijkingsconcept vooral gaat over ruimtelijke inrichtingsprincipes voor wonen, werken, mobiliteit en gezondheid en niet wil treden in de bevoegdheden van gemeenten in het sociaal domein. Ook is er in passende mate aandacht voor de thema’s ecologie en landschap. Het thema duurzaamheid is in het verstedelijkingsconcept sterk aangezet. Naar ons oordeel is dat terecht; ook landelijk en in Hilversum krijgt dit onderwerp veel aandacht. We zien onze bestuurlijke inzet duidelijk terug in het voorliggende verstedelijkingsconcept: in de regio Gooi en Vechtstreek zijn geen fundamentele ‘keuzevraagstukken’ geagendeerd of nieuwe ambities geformuleerd. Wél zijn bestaande opgaven en ambities die vragen om samenwerking met/investeringen door Rijk en provincie opgenomen en vertaald in de integrale gebiedsuitwerking voor Gooi en Vechtstreek/Diemerscheg (zie pagina 69 en verder in het verstedelijkingsconcept). We noemen specifiek: - Het uitwerken van een integrale aanpak van het watersysteem in relatie tot functies en inrichting in de Gooi en Vechtstreek.

- Het functioneren van de A1 en A27 als onderdeel van het Multimodaal Toekomstbeeld 2040. - De ontwikkeling van de bestaande gebiedsplannen in Hilversum als onderdeel van het traject Bereikbare Steden (stationsgebied, Arenapark, 1221). - Aandacht voor behoud en versterking van het cultuurlandschap. - Versterken economisch profiel Gooi en Vechtstreek op media (Mediapark) met het perspectief van een Artificial Intelligence-campus, gezondheid (in Arenapark en elders in het deelgebied) en vrijetijdseconomie. - Voldoende aandacht voor behoud van praktijkgeschoolde werkgelegenheid in Gooi en Vechtstreek, als voorwaarde voor leefbaarheid en inclusiviteit. - De woonwerkrelatie met Utrecht, Amersfoort, Amsterdam en Flevoland, met aanvullend aandacht voor HOV- en fietsverbindingen richting de werkplekken in deze gebieden. De bestuurlijke inzet vanuit Gooi en Vechtstreek is naar ons oordeel afdoende verbeeld in het ‘verstedelijkingconcept 2050’ op pagina 16. Met groot ongenoegen constateren wij in dit verstedelijkingsconcept ‘versie 2’ evenwel nog een aantal storende, kennelijke fouten in enkele kaartbeelden: - Pagina 22: hier staat onterecht een rode bol geprojecteerd op Hilversum Noord. Zulke plannen heeft de gemeente Hilversum niet.

De bol wordt overigens verklaard vanuit het feit dat de kaartenmakers hebben geput uit de Monitor Plancapaciteit van de provincie Noord-Holland (peildatum 1-5-2020), waarin nog een aanzienlijk aantal woningen stond genoemd nabij Hilversum Noord. De Monitor plancapaciteit wordt binnenkort herzien. Hilversum heeft daarvoor de juiste aantallen aangeleverd. - Pagina 26: de ‘stadshartontwikkeling’ is ingetekend bij het verkeerde station (Mediapark). Dit moeten de stations Hilversum en Sportpark zijn. De stadshartontwikkeling omvat immers de lopende projecten stationsgebied, Arenapark en 1221 rondom deze stations, waarvoor in het traject Bereikbare Steden financiële steun bij Rijk en provincie wordt gezocht. - Pagina 37: de Utrechtse Heuvelrug mist als waardevol landschap. Ons ongenoegen richt zich op de eerste twee genoemde punten. Wij hebben door tussenkomst van de regio Gooi en Vechtstreek de MRA ambtelijk en bestuurlijk meermaals op deze fouten gewezen. Wij zijn zeer teleurgesteld dat deze fouten niet gerepareerd zijn en de gemeenteraad opnieuw met een document wordt geconfronteerd dat het een bestaand sentiment dat ‘de MRA-organisatie zaken doordrukt’ lijkt te bevestigen.

Wij stellen daarom voor in onze zienswijze een duidelijk statement te maken: als deze fouten niet worden hersteld, zal de gemeenteraad van Hilversum in 2022 in geen geval instemmen met de uiteindelijke verstedelijkingsstrategie MRA. Met andere woorden: herstel van deze fouten is een noodzakelijke voorwaarde om in 2022 vaststelling van de uiteindelijke verstedelijkingsstrategie MRA te willen overwegen.

Positie van de gemeenteraad in het besluitvormingsproces In aanloop naar dit voorstel bent u op een aantal momenten door het college, de regio Gooi en Vechtstreek en de MRA geïnformeerd: - RIB 2020-07 van 19 februari 2020 inzake de verstedelijkingsstrategie - Een informatiesessie van de regio Gooi en Vechtstreek op 29 september 2020. - Een BVS op 27 oktober 2020 over bovenregionale trajecten, waaronder de verstedelijkingsstrategie en waarin wij hebben verwezen naar deze praktische website: https://www.regiogv.nl/gemeenteraden/ruimte-mobiliteit/verstedelijkingsstrategie/. Ten behoeve van dit raadsvoorstel is in bijlage 6 een geactualiseerd overzicht van de meest in het oog springende bovenregionale trajecten opgenomen. - Een informatiebrief van de MRA van 31 maart 2021 - Een informatiesessie van de MRA van 19 april 2021 Deze momenten waren vooral bedoeld om u op de hoogte te houden van de voortgang en planning van dit complexe proces. Zoals eerder in dit stuk aangegeven, bent u nu voor het eerst in de gelegenheid uw wensen, opvattingen en bedenkingen aan te geven over het verstedelijkingsconcept en besluit u met alle betrokken gemeenteraden en Provinciale Staten in 2022 definitief over het verstedelijkingsconcept, fasering en investeringsagenda.

Wij zijn positief over de gelegenheid voor gemeenteraden en Provinciale Staten om zich vóór het BO MIRT van november 2021 uit te kunnen spreken over het verstedelijkingsconcept. Dat geeft de MRA in het BO MIRT extra steun. Wij zijn ook positief over de gelegenheid die gemeenteraden en Provinciale Staten krijgen om in 2022 te besluiten over het resultaat uit het BO MIRT. Tegelijk constateren wij dat het op dit moment onduidelijk is hoe de investeringsstrategie er uit kan zien en denken dat u als raad op twee aspecten beter kunt worden betrokken bij het vervolgproces, door: - Tijd in te ruimen om op het niveau van gemeenteraden tot regionale afstemming te komen over het eindresultaat. Zulke regionale afstemming is nog niet voorzien. - Gemeenteraden de gelegenheid te geven voor het geven van een zienswijze over de definitieve fasering en investeringsstrategie. Het voorstel daarvoor kan overigens pas worden gemaakt als er een goed beeld is hoe raden en staten tegen het verstedelijkingsconcept aankijken. Wij stellen daarom voor in de zienswijze op te nemen dat er: a. Op korte termijn meer helderheid nodig is hoe de investeringsstrategie er uit kan zien. b. Een zienswijzeprocedure nodig is voor de fasering en investeringsstrategie. c.

Dat er voldoende tijd in het besluitvormingsproces na het BO MIRT van 25 november 2021 nodig is voor regionale onderlinge afstemming op het niveau van de gemeenteraden Dat betekent effectief dat voor de planning van Rijk en regio in 2022 een kwartaal extra nodig is. Dit voorkomt tevens druk op gemeenteraden om in de laatste vergadering voor de gemeenteraadsverkiezingen de verstedelijkingsstrategie te moeten vaststellen. Verder viel ons de eerste zin in de inleiding op pagina 4 op, waarin staat: “met de Verstedelijkingsstrategie bepalen de Metropoolregio Amsterdam (MRA) en het Rijk samen de koers voor de ontwikkeling van de MRA op de middellange (2030) en lange termijn (2050)”. Om de hiervoor gemaakte opmerkingen te onderstrepen stellen wij voor ook aan te geven dat de tekst gewijzigd moet worden in: “met de Verstedelijkingsstrategie bepalen de gemeenteraden en Provinciale Staten in de Metropoolregio Amsterdam (MRA) en het Rijk samen de koers voor de ontwikkeling van de MRA op de middellange (2030) en lange termijn (2050)”.

Relatie met de Omgevingsvisie Op 18 april 2021 heeft de fractie van Hart voor Hilversum artikel 41 RvO vragen gesteld over de verstedelijkingsstrategie. Daarin werd gevraagd hoe de inwoners van Hilversum geïnformeerd worden over de verstedelijkingsstrategie en hoe het college de inwonersparticipatie over de verstedelijkingsstrategie ziet, terwijl de participatie over de Omgevingsvisie Hilversum 2040 nog loopt.

Juist omdát het gesprek over de Omgevingvisie Hilversum 2040 nog loopt hebben wij de door de raad geaccordeerde ambities, beleid (RSA en Hilversums beleid) en projecten in het verstedelijkingsconcept ingebracht. Uit de op 12 mei 2021 ontvangen versie 2 concluderen wij dat bestaande ambities, beleid en projecten goed zijn verwerkt in het verstedelijkingsconcept en dat het verstedelijkingsconcept geen nieuwe ambities of beleid bevat die leiden tot keuzes waarover we in het proces van de Omgevingsvisie zouden moeten participeren. Met andere woorden: het gesprek met de samenleving over de toekomst van Hilversum wordt niet verder ingekaderd of belast door dit verstedelijkingsconcept en kan volle kracht vooruit. Niettemin zullen wij het verstedelijkingsconcept aan de samenleving beschikbaar stellen door het te publiceren op www.bouwenaanhilversum.nl. Naar ons oordeel is het belangrijk om versie 3 van het verstedelijkingsconcept in 2022 te kunnen toetsen aan de opbrengst van fase 2 (denkrichtingen) van het proces van de Omgevingsvisie. Dit is een extra argument voor ons voorstel om in de zienswijze om meer tijd te vragen voor de finale besluitvorming over de verstedelijkingsstrategie.

Ontwerp zienswijzereactie Gooi en Vechtstreek De regio Gooi en Vechtstreek heeft ter voorbereiding op de politieke debatten in de gemeenteraden twee documenten opgesteld, vanuit de regionale context: - Een concept raadsvoorstel (bijlage 3) - Een ontwerp zienswijzereactie (bijlage 4) In dit Hilversumse raadsvoorstel hebben wij ervoor gekozen om het verstedelijkingconcept allereerst te beschouwen vanuit de Hilversumse context en onze indrukken met u te delen. Dat neemt zeker niet weg dat het concept raadsvoorstel van de regio Gooi en Vechtstreek (bijlage 3) uw aandacht verdient. Het beschrijft uitgebreider het proces tot nu toe, de inzet vanuit de Regionale Samenwerkingsagenda, het belang van afstemming tussen overheden over onderwerpen die spelen op het schaalniveau van onze Metropool en de onderwerpen waarvoor het van belang is dat de gemeenten in Gooi en Vechtstreek samen optrekken. Vanuit de regio Gooi en Vechtstreek wordt voorgesteld in de zienswijze (bijlage 4) specifiek op te nemen: - Inzet op verbetering knelpunten A1 beter te vertalen naar concrete vervolgstappen. Een voorstel is in te zetten op stappen in het kader van het MIRT programma, zoals een vervolgonderzoek. - Opgaven voor de Gooicorridor ook als Rijksbelang op te nemen.

- Meer aandacht voor de kleinere kernen in het stuk, het behoud van leefbaarheid en tegengaan van mogelijke (ontwikkeling van) vervoersarmoede. - Meer aandacht voor afstemming met de gebieden net buiten de MRA. - Mocht een IJmeerverbinding er komen, te (blijven) pleiten voor een ondergrondse variant. - Meer inzet vanuit de MRA om te komen tot afspraken met het Rijk voor structurele bijdragen aan onderhoud van de recreatiegebieden. - Meer aandacht voor de stikstofopgave in N2000 gebieden en ecologische verbindingen. Daarnaast stelt de regio Gooi en Vechtstreek dat het belangrijk is dat: - Het Rijk voldoende middelen in haar investeringsprogramma’s opneemt voor de voor Gooi en Vechtstreek relevante onderwerpen. Zo heeft het Rijk bijvoorbeeld nog niet toegezegd structureel bij te willen dragen aan beheeropgaven in de recreatiegebieden (landschap), wat nu wettelijk niet goed belegd is. - Onze regio bij faseringskeuzes en investeringsstrategie niet achteraan in de rij komt, bijvoorbeeld bij besteding van middelen voor mobiliteit en infrastructuur. Dit laatste is en blijft een spannend punt, omdat omliggende gemeenten en regio’s veelal grotere ambities hebben dan de gemeenten in Gooi en Vechtstreek en de rijksinvesteringen gelimiteerd zijn.

In de ontwerp-zienswijzereactie verbindt de regio Gooi en Vechtstreek de hiervoor genoemde punten uitgebreid en concreet aan lopende rijks-regiotrajecten (programma’s en projecten). Wij lichten er hier enkele punten uit: - De noodzaak van het borgen van democratische legitimiteit.

-

Het onderschrijven van het polycentrische model; het versterken van de identiteit van de verschillende gebieden in de metropool complementair aan elkaar helpt om samen de hele metropoolregio te versterken. Het verder passend uitwerken van de thema’s wonen, economie, mobiliteit en inclusiviteit. Het corrigeren van kaartbeelden. Urgentie voor investeringen in de A1 en Gooicorridor, ook in de fasering. Onderschrijven van de inzet voor landschap, water en klimaatadaptatie. Meer aandacht voor Natura 2000 en de stikstofproblematiek. Ondersteuning van de verdere uitwerking van de bestaande projecten rond stations in Hilversum als onderdeel van Bereikbare Steden.

De MRA vraagt alle gemeenteraden en Provinciale Staten specifiek naar wensen en opvattingen over de grote ‘keuzevraagstukken’, die aan het eind van de samenvatting op pagina 10-11 zijn opgenomen. Het gaat hierbij om keuzes in het Noordzeekanaalgebied, rond Schiphol, de waterbuffer AmsterdamRijnkanaal, de uitbreiding van het 380 kV-netwerk en een vierde hyperconnectiviteitshub. In de ontwerpzienswijzereactie geeft de regio Gooi en Vechtstreek terecht aan dat deze keuzevraagstukken onze regio niet direct of indirect raken, met uitzondering van de keuze voor waterbuffering in het Oer IJ. De keuze hierop beïnvloedt de noodzaak van een tijdelijke piekwaterberging in de Vechtstreek. De regio stelt voor aan te geven niet tegen een tijdelijke waterberging in het Oer IJ te zijn, maar wel de mogelijkheden daartoe goed te onderzoeken. Verder vraagt de regio in het algemeen aandacht voor de belangen van bestaand stedelijk gebied waarover gevlogen wordt (geluidshinder, leefbaarheid), aandacht voor mogelijke verrommeling van waardevolle natuur en landschappen bij de uitbreiding van het 380 kV netwerk en de consequenties van een vierde hyperconnectiviteitscluster bij Almere/Zeewolde voor water in het Gooimeer of IJmeer. Naar ons oordeel kan Hilversum de inhoud van deze concept zienswijze onderschrijven.

Voor de volledigheid stellen wij voor om bij het punt ‘Meer aandacht voor de stikstofopgave in N2000 gebieden en ecologische verbindingen’ specifiek het begrip ‘kringlooplandbouw’ te noemen. De inzet van het Rijk op dit onderwerp is nog niet geborgd, terwijl het wel nodig is om resultaten te kunnen boeken op het vlak van stikstof, bodemkwaliteit en om te kunnen voldoen aan de Europese Kaderrichtlijn voor water. Verder stellen wij voor in de regionale zienswijze duidelijker toe te lichten dat het daarin aangegeven aantal van 11.500 woningen voor de Gooi en Vechtstreek uit de Regionale Woonvisie komt en dat deze woningen binnen de bestaande plancapaciteit gerealiseerd kunnen worden.

Conclusies, wensen, opvattingen en bedenkingen Wij stellen u concreet voor de ontwerp-zienswijzereactie van de regio Gooi en Vechtstreek te onderschrijven en aan te vullen met de volgende wensen, opvattingen en bedenkingen: 1. Te constateren dat het verstedelijkingsconcept de bestaande ambities, beleid en projecten van Hilversum en Gooi en Vechtstreek in de teksten en verbeelding ‘verstedelijkingsconcept 2050’ op pagina 16 op een juiste manier weergeeft. 2. Ons ongenoegen te uiten over foutieve kaartbeelden en dringend te verzoeken de kaartbeelden op pagina’s 22, 26 en 37 te corrigeren zoals beschreven in dit raadsvoorstel, als noodzakelijke voorwaarde om in 2022 vaststelling van de uiteindelijke verstedelijkingsstrategie te willen overwegen. 3. Op korte termijn meer helderheid te geven hoe de investeringsstrategie er uit kan zien. 4. Dat een zienswijzeprocedure voor gemeenteraden en Provinciale Staten nodig is voor de fasering en investeringsstrategie 5. Dat er voldoende tijd moet worden ingeruimd in het besluitvormingsproces na het BO MIRT van 25 november 2021 voor regionale onderlinge afstemming op het niveau van gemeenteraden, voor een toets aan de opbrengst van fase 2 (denkrichtingen) van het proces van de Omgevingsvisie en dat daarvoor naar onze inschatting een kwartaal extra voor nodig is. 6.

Aanpassen van de eerste zin op pagina 4 van de inleiding door het toevoegen van de woorden ‘de gemeenteraden en Provinciale Staten’. 7. Toevoegen van het begrip ‘kringlooplandbouw’ in verband met N2000 gebieden en stikstof. 8. Duidelijker toelichten dat het in de regionale zienswijze aangegeven aantal van 11.500 woningen voor de Gooi en Vechtstreek uit de Regionale Woonvisie komt en dat deze woningen binnen de bestaande plancapaciteit gerealiseerd kunnen worden.

Probleemstelling/doel Gemeenten en provincies in de Metropoolregio Amsterdam hebben tot 12 juli 2021 de tijd om een zienswijze in te dienen op het verstedelijkingsconcept MRA. Gegeven de Hilversumse bestuurlijke planning is daarvoor de gemeenteraad van 7 juli 2012 het laatste moment waarop dat kan.

Argumenten 1.1 De bestaande ambities, beleid en projecten van Hilversum en Gooi en Vechtstreek zijn goed verwoord in het verstedelijkingsconcept. 1.2 De wensen, opvattingen en bedenkingen van Hilversum zijn in dit voorstel concreet benoemd. 1.3 Met het verstedelijkingsconcept worden ambities, beleid en projecten waarvoor Rijkssteun nodig is op een goede wijze onder de aandacht van het Rijk gebracht. 1.4 Het verstedelijkingsconcept belast of beperkt het gesprek met de Hilversumse samenleving over de Omgevingsvisie Hilversum 2040 niet.

Kanttekeningen 2.1 Een zienswijze is geen resultaatsgarantie 32 gemeenten, twee provincies en een vervoerregio zijn gevraagd om een zienswijze kenbaar te maken. Het is denkbaar dat niet alle zienswijzen een plek krijgen in versie 3 van het verstedelijkingsconcept. Zou dat met de zienswijzen uit Gooi en Vechtstreek en Hilversum gebeuren, dan kan dat leiden tot een nieuwe afweging van onze positie bij finale besluitvorming. Na het BO MIRT van november 2021 weten we hier meer over. Wij zeggen u graag toe u te informeren over wat er met de input is gedaan en over de voortgang richting het BO MIRT, op basis van de nota van beantwoording van de MRA.

Financiën, middelen & capaciteit Dit voorstel heeft geen financiële of organisatorische consequenties.

Uitvoering In de aanbiedingsbrief (bijlage 1) is een beknopt overzicht over het vervolg opgenomen:

Wij stellen u voor bijlage 5 naar de regio te versturen. De regio past op basis van alle input van de gemeenteraden de ontwerp zienswijze aan en voegt daar de bijdragen van individuele gemeenten aan toe. De voorzitter van het regionale portefeuillehouderoverleg fysiek domein ziet er op toe dat de bijdragen uit Gooi en Vechtstreek uiterlijk 12 juli 2021 zijn ingestuurd. De MRA gebruikt alle reacties in de totstandkoming van versie 3 van het Verstedelijkingsconcept. Deze versie wordt, inclusief nota van beantwoording op de reacties, de investeringsstrategie en de boogde bestuurlijke afspraken bij het BO MIRT, na de zomer opgeleverd en voorgelegd aan het bestuurlijk overleg van het platform Ruimte van de MRA. MRA-bestuurders bespreken daarbij de opstelling van de regio en kunnen daarbij punten inbrengen vanuit de eigen deelregio. Namens de regio Gooi en Vechtstreek is wethouder Luijten van Gooise Meren de deelnemende bestuurder en de voorbereiding vindt plaats via

het regionale portefeuillehouderoverleg van september 2021 met deelname vanuit het Hilversumse college. Uiteindelijk wordt deze versie voorgelegd aan de stuurgroep voor de verstedelijkingsstrategie die vanuit de MRA en het Rijk is gevormd. Na behandeling in de Stuurgroep Verstedelijkingsstrategie van 17 september 2021 zal de MRA de gemeenteraden een informatiebrief sturen met de uitkomsten hiervan. De Verstedelijkingsstrategie, inclusief een concrete set afspraken en voorstel voor het vervolgproces, wordt voorgelegd in het BO MIRT in november 2021. Vervolgens wordt de Verstedelijkingsstrategie eind 2021/begin 2022 door het college aangeboden aan de gemeenteraad voor besluitvorming/instemming. Wellicht ten overvloede: wij stellen u voor in onze zienswijze aan te geven dat hier meer tijd voor nodig is. De Rijk-regio Verstedelijkingsstrategie wordt daarna integraal onderdeel van de Omgevingsagenda Noordwest Nederland (uitwerking van de Nationale Omgevingsvisie), die in het voorjaar van 2022 wordt vastgesteld. Interbestuurlijke afstemming over nadere democratische besluiten en uitvoering daarvan op de diverse bestuursniveaus blijft ook daarna essentieel.

Om het proces te kunnen volgen, kunnen wij de volgende websites van harte bij u aanbevelen: https://www.metropoolregioamsterdam.nl/project/Verstedelijkingsstrategie https://www.regiogv.nl/gemeenteraden/ruimte-mobiliteit/verstedelijkingsstrategie/ Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris, de burgemeester,

D. Emmer

CH. B. Aptroot, wnd.

Bijlage(n) 1. 2. 3. 4. 5.

Aanbiedingsbrief MRA Het verstedelijkingsconcept MRA versie 2 Het concept raadsvoorstel van de regio Gooi en Vechtstreek De ontwerp-zienswijzereactie van de regio Gooi en Vechtstreek Brief wensen, bedenkingen en opvattingen gemeenteraad Hilversum op ontwerp zienswijzereactie GenV 6. Bijlage 6: hoe zat het ook alweer met bovenregionale trajecten?

.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=bca0a04b-6649-4dca-8b5c-936ba53b967b