CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Collegebrief inzake resultaten burgerpeiling eenzaamheid en burgerpeiling mantelzorg

GEMEENTERAAD 2 juni 2021, gemeente HilversumBij agendapunt: Ingekomen stukken - Rubriek 07.381 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

G EMEENTE HILVERSUM POSTBUS 9900 1201 GM HILVERSUM BEZOEKADRES:

Aan de gemeenteraad cc. college van B&W cc. pers

RAADHUIS DUDOKPARK 1 TELE FOONNUMMER: 14 0 35 WWW.HILVERSUM.NL

26 april 2021 761537 BEHANDELD DOOR E. Seijsener en I. Stokman TELEFOON (035) 629 2559 BIJLAGEN 2 BETREFT Resultaten burgerpeiling eenzaamheid en burgerpeiling mantelzorg DATUM

ZAAKNUMMER

Geachte dames en heren, Met deze brief informeren wij u over de uitkomsten van de burgerpeiling eenzaamheid en de burgerpeiling mantelzorg. Deze peilingen zijn gehouden in het kader van monitoren en evalueren van bestaand beleid. Beide burgerpeilingen zijn toegevoegd als bijlage. Burgerpeiling eenzaamheid Onderdeel van de beleidsagenda ‘Samen is leuker! Lokale aanpak eenzaamheid’ (zaaknummer 654865) is een extra database onderzoek om meer inzicht te krijgen in de relatie tussen eenzaamheid en factoren die hierop van invloed zijn. In de periode 2 t/m 22 november hebben 944 inwoners online een vragenlijst ingevuld. Het onderzoek geeft inzicht in de ervaren eenzaamheid, de invloed van corona en wat de gemeente het beste kan doen voor mensen die zich eenzaam voelen. De belangrijkste bevindingen zijn dat er nog altijd een taboe rust op het onderwerp, dat corona vaak wordt genoemd als oorzaak van eenzaamheid en dat met name jongeren hun kwaliteit van leven sterk verminderd vinden door de coronacrisis. Een mooi resultaat is dat de hulp die mensen ontvangen op het Sociaal Plein wordt genoemd als aanpak die het beste hielp tegen eenzaamheid. De inzichten nemen we mee in de uitvoering van het actieplan eenzaamheid, waarin Versa Welzijn en de gemeente samenwerken.

Deelnemers aan het onderzoek konden ook aangeven of zij graag iets wilden doen voor een ander en of Versa Welzijn daarvoor contact met hen mocht opnemen. Daar gingen 70 mensen op in, een prachtig resultaat. Versa neemt in de periode maart-april contact op met deze mensen. Burgerpeiling mantelzorg In oktober 2019 heeft de raad de Agenda Wmo-Welzijn gewijzigd vastgesteld, middels amendement A19-122. Daarmee is in de agenda opgenomen dat het huidige mantelzorgbeleid wordt vernieuwd. Voordat het college het beleid vernieuwt, wilde het college het huidige ondersteuningsaanbod evalueren. De burgerpeiling stond open van 4 januari tot en met 14 februari 2021. In deze periode hebben 988 inwoners de vragenlijst ingevuld. De belangrijkste uitkomsten van het onderzoek zijn dat veel inwoners niet bekend zijn met alle vormen van ondersteuning die mogelijk zijn in de gemeente. De respondenten die ondersteuning vinden en hiervan gebruik maken, zijn hier vaak (zeer) tevreden over. Wel zouden de

respondenten graag meer educatie en voorlichting willen over het verloop van het ziekteproces. Wat kunnen zij verwachten? Hoe kunnen zij zich hierop voorbereiden? Hiernaast heeft corona veel effect op het verlenen van mantelzorg. Zo geeft 41% aan dat het door corona het moeilijker is geworden om mantelzorg te verlenen. Deze resultaten nemen we mee in gesprekken met de uitvoering en bij het ontwikkelen van beleid. Wij nemen aan u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris,

de burgemeester,

D. Emmer

K.J. Walters, l.b.

Bijlage: burgerpeiling eenzaamheid en burgerpeiling mantelzorg

2

Peiling – Eenzaamheid

Rapport –Burgerpanel Hilversum

www.ioresearch.nl

COLOFON Uitgave I&O Research Piet Heinkade 55 1019 GM Amsterdam 020 308 48 00 www.ioresearch.nl Rapportnummer 2020/216

Datum December 2020 Opdrachtgever Gemeente Hilversum

Auteurs: Davinia Wilson

2

Introductie Aanleiding De gemeente Hilversum wil graag inzicht in hoe inwoners zich voelen. Om een beeld te krijgen van de ervaren eenzaamheid in Hilversum, of en in welke mate deze Coronaperiode invloed heeft op eenzaamheid en hoe de gemeente inwoners die zich eenzaam voelen het beste kan helpen is deze peiling uitgevoerd. Methode Voor het onderzoek is gebruikgemaakt van raadpleging van het Burgerpanel Hilversum. Het panel bestaat uit 1.809 panelleden. Dit zijn inwoners van de gemeente Hilversum die zich hebben aangemeld voor deelname aan online onderzoeken van de gemeente. De panelleden zijn via e-mail uitgenodigd om deel te nemen aan dit onderzoek. Er is één herinneringsmail gestuurd. De vragenlijst kon worden ingevuld van 2 tot en met 22 november 2020. Analyse Op de data is een weging toegepast naar leeftijd en geslacht. Dit betekent dat de verhoudingen naar leeftijd en geslacht zijn teruggebracht naar de werkelijk bestaande verhoudingen in de bevolking van Hilversum. Groepen die ondervertegenwoordigd zijn, krijgen een groter gewicht, terwijl oververtegenwoordigde groepen een kleiner gewicht krijgen. Op deze manier zijn de resultaten representatief voor de gehele gemeente Hilversum, wat betreft deze achtergrondkenmerken. Indien de percentages niet optellen tot 100 procent, is dit het gevolg van afrondingsverschillen.

Respons Voor dit onderzoek zijn alle 1.809 panelleden uitgenodigd. 825 leden hebben de vragenlijst ingevuld, dit is een respons van 49 procent. Dit is ruim voldoende om betrouwbare uitspraken te kunnen doen. Ook Hilversummers die geen lid zijn van het panel konden meedoen aan het onderzoek. Via een open link naar de vragenlijst, die door de gemeente is verspreid, is de vragenlijst 119 keer ingevuld. In totaal hebben dus 944 mensen meegedaan aan het onderzoek In de rapportage worden significante verschillen tussen leeftijdsgroepen beschreven. De groep respondenten jonger dan 35 jaar is relatief klein. Beschrijvingen van deze groep dienen dan ook voorzichtig te worden geïnterpreteerd. In onderstaande tabel staat de respons uitgesplitst naar leeftijdsgroep. Tabel 1 respons naar leeftijdsgroep

Leeftijdsgroep

Aantal

%

18 t/m 34 jaar * 35 t/m 49 jaar 50 t/m 64 jaar

36 198 338 357

4% 21% 36%

65 jaar en ouder Totaal

944

38% 100%

*Vanwege het beperkte aantal deelnemers zijn de resultaten van deze groep indicatief. 3

Gevoel van eenzaamheid •

Twee op de drie inwoners geeft aan zich (bijna) nooit eenzaam te voelen. Een kwart voelt zich soms eenzaam, tien procent ervaart vaker gevoelens van eenzaamheid.

•

Uitgesplitst naar leeftijdsgroepen valt op dat met name jongere inwoners (jonger dan 35 jaar) zich vaker eenzaam voelen: ruim de helft (54%) voelt zich regelmatig of vaak eenzaam.

•

De meerderheid van de inwoners (68%) vindt dat er een taboe rust op het onderwerp eenzaamheid, volgens 15 procent is dit zelfs een groot taboe. Onder jongere inwoners is dit aandeel groter: 30 procent geeft aan dat op het onderwerp een groot taboe rust.

Figuur 1: Voelt u zich wel eens eenzaam? N=944

66%

0%

25%

20% (Bijna) nooit

40%

60%

Soms

Regelmatig

8% 2%

80%

100%

Vaak of altijd

Figuur 2: Eenzaamheid naar leeftijdsgroep. Nmin=36 21% 66%

(Bijna) nooit

73% 74%

Figuur 3: Vindt u dat er een taboe rust op het onderwerp eenzaamheid? N=944

25% 29%

Soms 15%

53%

27%

20% 20%

5%

18-34 35-49 38%

0%

20% Ja heel erg

40% Ja een beetje

60% Nee

80% Weet niet

50-64

4% 5% 5%

Regelmatig

100%

65+ 16%

1% 2% 1%

Vaak of altijd

0%

20%

40%

60%

80%

4

Eenzaamheid als probleem •

•

•

•

De helft van de inwoners die zich wel eens eenzaam voelen ervaart deze eenzaamheid als incidenteel. Een kwart voelt zich sinds enkele maanden tot een jaar eenzaam en nog eens een kwart ervaart deze eenzaamheid al langer dan een jaar.

Figuur 4: Hoe lang voelt u zich al eenzaam? N=284 (basis: inwoners die zich wel eens eenzaam voelen) 3% 23%

incidenteel

Onder inwoners jonger dan 35 jaar is het aandeel dat gevoelens van eenzaamheid sinds zes maanden tot een jaar ervaart groter (30%) dan onder inwoners ouder dan 35 jaar. Inwoners die zich wel eens eenzaam voelen zien deze eenzaamheid in het algemeen niet als een groot probleem: het merendeel ziet de eenzaamheid die zij ervaren als geen of een klein probleem. Jongere inwoners (18-34 jaar) ervaren eenzaamheid vaker als een groter probleem (61% groot of niet groot/niet klein).

enkele maanden 50%

6 maanden-1 jaar langer dan 1 jaar

13%

weet ik niet 11%

Figuur 5: In welke mate ervaart u eenzaamheid als een probleem? N=284 (basis: inwoners die zich wel eens eenzaam voelen) 1%

7%

28%

groot probleem 28%

niet groot, niet klein klein probleem geen probleem weet niet

36%

5

Oorzaak van eenzaamheid •

Aan inwoners die wel eens eenzaam zijn is gevraagd wat volgens hen de oorzaak is van deze gevoelens van eenzaamheid. De huidige coronacrisis en de maatregelen die daarmee gemoeid zijn worden vaak genoemd als oorzaak. Ook het gemis van een partner of verlies van een dierbare wordt als oorzaak genoemd. Een aantal inwoners geeft aan moeite te hebben met het maken of onderhouden van sociale contacten, soms worden zij daarin beperkt door een lichamelijke of geestelijke beperking. Anderen geven aan niet (meer) te werken en daardoor minder sociale contacten te hebben. In het kader hiernaast is een selectie van de gegeven antwoorden weergegeven.

“Met pensioen gegaan in coronatijd, nu geen mogelijkheden tot nieuwe contacten.” “Vooral de afwezigheid van een levenspartner, maar ook het gebrek aan mogelijkheden om sociale contacten te leggen en onderhouden.” “Ik ben al lang alleen. Dat is mijn gekozen leven maar dat betekent ook dat ik feedback van anderen moet organiseren. Dat lukt meestal wel, maar het spreekt niet vanzelf.”

“Arbeidsongeschikt zijn en daardoor geen deel meer uit maken van een groep die iets bijdraagt aan een proces.” “Afgelopen maanden door de strenge corona maatregelen dat ik nu mijn vrienden bijna niet meer zie en veel thuis zit.” “Vrienden en familie wonen ver weg en dierbaren zijn overleden.”

“Niet goed instaat vriendschap te sluiten door autisme.” “Het overlijden van mijn partner.” “Weinig mensen met dezelfde interesses in mijn omgeving (gelukkig wel een partner).” “Corona, moeilijk aansluiting voor jongvolwassenen, helemaal nu de kroeg dicht is.”

6

Relaties met andere mensen (1) •

•

•

Bijna de helft van de inwoners die zich wel eens eenzaam voelen herkent het gemis van een betekenisvolle relatie met meerdere mensen. Het gaat hierbij om mensen in de eigen omgeving en/of groepen waar men deel van uitmaakt, zoals kennissen, collega’s, buurtgenoten, vriendengroepen of mensen met dezelfde belangstelling. Onder jongeren (jonger dan 35 jaar) herkent 63% zich in deze stelling. Een gemis door afwezigheid van een intieme relatie wordt herkend door twee op de vijf. Hierbij gaat het om personen met wie men een diepere emotionele band heeft, zoals een partnerrelatie of een hechte band met een familielid of hartsvriend(in). Het verlangen naar een zinvol leven of het gevoel er niet toe te doen wordt herkend door dertig procent van de inwoners die wel eens eenzaam zijn. Onder inwoners jonger dan 35 jaar herkent 45 procent zich in dit gevoel.

Figuur 6: In welke van de volgende beschrijvingen over eenzaamheid en gevoelens en gedachtes die hiermee kunnen samenhangen herkent u zich? Meerdere antwoorden mogelijk N=284 (basis: inwoners die zich wel eens eenzaam voelen)

Een gemis van een betekenisvolle relatie met meerdere mensen.

47%

Een gemis door afwezigheid van een intieme relatie.

39%

Het verlangen naar een zinvol leven en/of het gevoel er niet toe te doen.

29%

Mijn eenzaamheid voldoet niet aan de gegeven beschrijvingen.

15%

Weet niet.

2%

0%

10%

20%

30%

40%

50%

7

Relaties met andere mensen (2) •

•

•

Eén op de drie inwoners die zich wel eens eenzaam voelen geeft aan dat er mensen in hun omgeving zijn die van deze eenzaamheid afweten en regelmatig vragen hoe het gaat. Volgens een kwart is hun ervaren eenzaamheid niet bekend bij anderen maar wordt hen wel regelmatig gevraag hoe het met ze gaat. Van één op de vijf is het bij anderen onbekend dat zij zich eenzaam voelen en wordt er ook niet naar gevraagd. Zeventien procent geeft aan dat er wel degelijk mensen zijn die weten dat zij zich eenzaam voelen maar er desalniettemin niet naar wordt gevraagd. Zestig procent heeft, ondanks gevoelens van eenzaamheid, voldoende mensen om zich heen waar zij steun aan hebben. Drie op de tien heeft deze mensen wel om zich heen maar in onvoldoende mate en acht procent heeft geen mensen waar zij op kunnen steunen. Twintig procent van de inwoners die wel eens eenzaam zijn, voelen zich verbonden met de mensen in de buurt. 45 procent geeft aan zich een beetje verbonden te voelen en een derde voelt zich niet verbonden met buurtgenoten. Van de jongere inwoners voelt twee derde zich niet verbonden met de mensen in de buurt.

Figuur 7: Weten andere mensen dat u zich (wel eens) eenzaam voelt en zijn er mensen die bij u navragen hoe het met u gaat? N=284 (basis: inwoners die zich wel eens eenzaam voelen) Er zijn mensen die het weten en regelmatig vragen mensen aan mij hoe 34% het gaat Niemand weet het maar ze vragen wel regelmatig aan mij hoe het gaat

24%

Niemand weet het en (vrijwel) niemand vraagt hoe het met mij gaat

19%

Er zijn mensen die het weten maar (vrijwel) niemand vraagt aan mij hoe het gaat Weet niet

17%

5%

0% 5% 10% 15% 20% 25% 30% 35% 40% Figuur 8: Heeft u mensen op wie u kunt steunen en waar u een betekenisvolle relatie mee heeft? N=284 (basis: inwoners die zich wel eens eenzaam voelen)

60%

0%

20% Ja, in voldoende mate

31%

40%

60%

Ja, maar niet in voldoende mate

8%

80% Nee

100% Weet niet 8

Momenten van verminderde eenzaamheid •

Aan inwoners die wel eens eenzaam zijn is gevraagd of er activiteiten of momenten zijn waarop zij zich minder eenzaam voelen. Inwoners geven aan minder eenzame gevoelens te hebben op momenten dat zij contact hebben met anderen: tijdens werk of sport en bij bezoek aan of van familie of vrienden. Ook ‘s zomers, als er meer mensen buiten zijn, voelen inwoners zich minder eenzaam. Het doen van vrijwilligerswerk of op een andere manier het gevoel hebben nuttig en zinvol bezig te zijn helpt ook tegen eenzaamheid. Tenslotte geeft een aantal inwoners aan zich minder eenzaam te voelen als zij wandelen, bezig zijn met hobby's of andere activiteiten waar zij plezier in hebben, ook als zij dit alleen doen.

“Ben vrijwilligerswerk gaan doen. Dat geeft het gevoel iets bij te dragen.” “Als de thuishulp komt kan ik even praten. Ze is lief en maakt tijd tussen het werk door om even te luisteren en met me te praten. Ze is er 2,20 uur per week, dus heeft niet altijd lang tijd.” “‘s Zomers als er meer mensen buiten zijn, als je in de voortuin werkt komen en spelen er kinderen langs.” “Met sporten en samen musiceren.” “Wandelen in de omgeving maar dan wel alleen.” “Als ik bezig ben met bijv. werk of andere afleiding heb.”

“Meer dan genoeg van die momenten. Wanneer ik dingen doe die ik zinvol vind, die mij nieuwe dingen laten ontdekken, contacten thuis met mij partner, met kinderen, wanneer ik creatief en productief bezig ben, maar ook wanneer ik alleen ben en van de rust geniet, genoeg aan mezelf heb.” “Als ik in gezelschap ben met familie en bekenden.” “Als ik me kunstzinnig of educatief bezig houd in mijn alleen zijn.” “Hobbyclubjes, wandelen met de hond en bij het lezen van een heel goed boek.” 9

Gevolgen van eenzaamheid •

Voor bijna de helft van de inwoners die wel eens eenzaam zijn, zorgt het gevoel van eenzaamheid ervoor dat zij ervaren dat de kwaliteit van hun leven is verminderd. Eén op de drie geeft aan dat hun zelfbeeld in negatieve zin is veranderd als gevolg van hun eenzaamheid en ruim een vijfde zorgt minder goed voor zichzelf of ervaart psychische problemen. Fysieke gezondheidsproblemen als gevolg van eenzaamheid komt bij 12 procent van de inwoners voor.

•

Inwoners jonger dan 35 jaar ervaren vaker de genoemde gevolgen als gevolg van eenzaamheid dan oudere inwoners.

•

Andere gevolgen die inwoners noemen als gevolg van eenzaamheid zijn een gevoelens van verdriet of neerslachtigheid en het steeds moeilijker vinden om contact te zoeken met anderen.

•

Voor bijna 60 procent van de inwoners die wel eens eenzaam zijn ervaart geen of nauwelijks problemen in hun dagelijkse functioneren vals gevolg van deze eenzaamheid. Ruim een derde geeft aan enige problemen in hun dagelijkse functioneren te ervaren en voor vijf procent zorgt eenzaamheid voor ernstige problemen. Onder jongere inwoners (<35 jaar) is dat 18 procent.

Figuur 9: Kunt u aangeven welke gevolgen u persoonlijk ervaart als gevolg van eenzaamheid op dit moment? Meerdere antwoorden mogelijk N=284 (basis: inwoners die zich wel eens eenzaam voelen) verminderde kwaliteit van leven

48%

negatief zelfbeeld

32%

zorg minder goed voor mijzelf

23%

psychische problemen

22%

fysieke gezondheidsproblemen

12%

andere gevolgen

8%

geen van deze gevolgen

24%

weet niet

3%

0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

Figuur 10: In welke mate ervaart u problemen in uw dagelijkse functioneren als gevolg van eenzaamheid? N=284 (basis: inwoners die zich wel eens eenzaam voelen)

58%

0%

20%

37%

40%

Geen/nauwelijks problemen

60% Enige problemen

80%

5%

100%

Ernstige problemen

10

Gevolgen van eenzaamheid •

•

•

•

Eenzaamheid kan gevolgen hebben voor deelname aan bepaalde activiteiten. De grootste toename van deelname aan activiteiten is zichtbaar bij vrijetijdsbesteding: één op de vijf inwoners die wel eens eenzaam zijn geeft aan meer tijd te besteden aan activiteiten als hobby’s, recreatie buiten (in park of natuur), cursussen of activiteiten bij verenigingen. Met name culturele activiteiten worden minder gedaan: bijna de helft van de inwoners zegt dat ze dit minder zijn gaan doen als gevolg van eenzaamheid. Inwoners jonger dan 35 jaar geven vaker aan minder te sporten of aan culturele activiteiten deel te nemen als gevolg van eenzaamheid dan oudere inwoners. Hoewel in het onderzoek specifiek is gevraagd wat de het gevolg van eenzaamheid is voor deelname aan de genoemde activiteiten, is het aannemelijk dat ook Corona een grote invloed heeft op de mate waarin inwoners deze meer of minder zijn gaan doen.

Figuur 11: Wilt u van de volgende activiteiten aangeven of u deze, als gevolg van eenzaamheid, meer of minder bent gaan doen? N=284 (basis: inwoners die zich wel eens eenzaam voelen)

vrijetijdsbesteding

20%

sport

16%

culturele activiteiten

11%

andere activiteiten

10%

0% doe ik meer

33%

36%

35%

24%

27%

2% 9%

2%

23%

48%

3% 12%

16%

29%

11%

35%

20%

40%

60%

80%

gelijk gebleven

doe ik minder

weet niet

100% n.v.t.

11

Eenzaamheid verminderen “Zoveel mogelijk naar buiten voor een wandeling.” •

•

Aan inwoners die wel eens eenzaam zijn is gevraagd of er dingen zijn die zij zelf doen (of proberen) om hun gevoel van eenzaamheid te verminderen. Om eenzaamheid tegen te gaan geven inwoners met name aan dat zij zoveel mogelijk proberen bezig te blijven en afleiding te zoeken, bijvoorbeeld door hobby’s op te pakken, te lezen of klusjes in en om het huis op te pakken. Anderen gaan er bewust op uit, al is dat soms moeilijk, en zorgen voor voldoende beweging in de buitenlucht door te wandelen of te fietsen of gaan meer sporten. Ook zoeken inwoners actief contact met anderen: indien mogelijk door op bezoek te gaan maar in ieder geval door berichtjes te sturen via WhatsApp of te (video)bellen met vrienden en familie. Tenslotte noemt een aantal inwoners dat zij met hun gevoelens van eenzaamheid proberen om te gaan en de situatie accepteren (door bijvoorbeeld meditatie) in plaats van het te bestrijden. Volgens het merendeel van de inwoners die zelf dingen doet om het gevoel van eenzaamheid te verminderen heeft dat ook effect, al werkt het volgens de helft van de inwoners slechts een beetje of is het effect tijdelijk. Acht procent geeft aan dat hun eigen acties niet effectief zijn tegen het gevoel van eenzaamheid.

“Af en toe videobellen of bij maximaal 1 vriend op bezoek gaan. Meer rust in het alleen zijn proberen te vinden d.m.v. bijvoorbeeld meer lezen en muziek luisteren.” “Toch actief de cyclus van inactiviteit te doorbreken. Toch de deur uit, toch met iemand in de kerk een gesprek aanknopen.” “Ja, verstillen/mediteren/bewust ademen. Eenzaamheid is af en toe een gevoel wat voortkomt uit een ander gevoel.” “Afleiding zoeken in activiteiten als lezen en creatieve hobby's. Met mijn partner erover praten.” “In huis dingen doen, de berging opruimen, koffie zetten, kranten lezen, enz.” “Sport in combi met mentale coaching.” “Ik vraag aan vrienden op WhatsApp hoe het met hun gaat.” “Nu ik er wat meer bewust van ben spreek ik wat vaker af of bel met mensen. Verder probeer ik te rusten in Het Zijn. Aanvaarden van Wat Is..” Figuur 12: Heeft u de indruk dat de acties of methodes die u toepast helpen om uw gevoelens van eenzaamheid te verminderen? N=284 (basis: inwoners die zich wel eens eenzaam voelen) 41%

0%

20% Ja, het werkt

49%

40%

60%

Het werkt een beetje/tijdelijk

8%

80%

Nee het werkt niet

2%

100% 12 Weet niet

Hulp bij eenzaamheid •

•

•

Er zijn verschillende organisaties waar inwoners van Hilversum terecht kunnen voor hulp als zij bijvoorbeeld eenzaamheid ervaren. Het meest bekend is de huisarts: bijna alle inwoners die wel eens eenzaam zijn weten dat zij daar terecht kunnen en een kwart heeft daadwerkelijk contact met de huisarts gehad. De GGZ is bij driekwart van de inwoners bekend, 13 procent heeft de GGZ benaderd voor hulp. Onder jongere inwoners (<35 jaar) heeft 25 procent hulp gezocht bij de GGZ

De welzijnsorganisatie Versa Welzijn is bij twee op de drie inwoners bekend via het wijkcentrum of buurtcentrum en via sociaal of maatschappelijk werk. Ruim de helft weet dat zij hulp kunnen krijgen bij het Sociaal Plein van de gemeente Hilversum en de buurtcoördinator is voor 40 procent bekend als hulpverlener. Het aandeel inwoners dat deze organisaties hebben benaderd voor hulp is, vergeleken met de huisarts en de GGZ, klein. Inwoners die contact hebben gehad met de huisarts of de GGZ hebben het meeste aan deze hulp gehad. Via sociaal /maatschappelijk werk voelt een relatief groot deel van degenen die contact hebben gehad zich niet geholpen. De percentages in figuur 13 zijn gebaseerd op kleine aantal en moeten daarom voorzichtig worden geïnterpreteerd.

Figuur 13: Wist u dat u bij onderstaande organisaties terecht kunt als u eenzaamheid ervaart? N=284 (basis: inwoners die zich wel eens eenzaam voelen) Huisarts GGZ

24%

68%

13%

8%

62%

Wijk/buurtcentrum 6%

25%

60%

Sociaal Plein 5%

51%

Buurtcoördinator 4%

45%

36%

Sociaal/maatschappelijk werk 3%

Bekend maar geen contact mee gehad

59%

58%

0%

Bekend en contact mee gehad

34%

20%

Niet mee bekend 38%

40% 60% 80% 100%

Figuur 14: In welke mate heeft contact met (organisatie) u geholpen met uw eenzaamheidsgevoelens? Nmin=11 (basis: inwoners die met organisatie contact hebben gehad) Huisarts

17%

GGZ

11%

Sociaal Plein Wijk/buurtcentrum

35% 34%

27% 16%

Buurtcoördinator 3%

15% 22%

36%

Sociaal/maatschappelijk… 18% 8%6% 0%

23%

25%

17%

34%

18%

40%

15%

42%

4%

Veel

Enigszins 5%

47%

13%

60%

8%

Weinig Niet Weet niet

20% 40% 60% 80% 100% 13

Hulp aan anderen •

Zes op de tien inwoners van Hilversum denkt één of meerdere personen in hun omgeving (familie, vrienden, buurtgenoten of kennissen) waarvan zij denken dat zij eenzaam zijn. Onder jongere inwoners (<35 jaar) kent driekwart wel iemand die eenzaam is.

•

De meeste inwoners die het vermoeden hebben dat een bekende van hen eenzaam is heeft wel eens actie ondernomen om deze persoon/personen te helpen. Dit deed men vooral door het maken van een praatje, sturen van een berichtje of het bezoeken van de persoon/personen in kwestie. Een kleiner aandeel heeft wel eens hulp ingeschakeld van andere vrienden, familieleden of bekenden (11%) of een melding gedaan bij een wijkcentrum, sociaal plein of andere instanties (4%).

•

Andere acties die inwoners ondernomen hebben zijn onder meer het bieden van praktische hulp zoals het doen van boodschappen of andere klusjes, de persoon in kwestie uitnodigen of er af en toe samen op uitgaan.

Figuur 15: Kent u anderen in uw naaste omgeving waarvan u denkt dat ze eenzaam zijn? N=944

31%

0%

59%

20% Nee

40%

11%

60%

Ja, één of meerdere personen

80%

100%

Weet niet

Figuur 16: Heeft u wel eens actie ondernomen om deze persoon/personen te helpen? N=629 (basis: inwoners die iemand kennen die eenzaam kan zijn of dit niet zeker weten) Praatje, berichtje, bezoek

78%

Hulp ingeschakeld

11%

Melding gedaan

4%

Iets anders.

8%

Ik heb geen actie ondernomen.

11%

Weet niet.

5%

0%

20%

40%

60%

80% 100%

14

De invloed van Corona •

•

•

Sinds begin maart van dit jaar hebben we in Nederland te maken met het Coronavirus en de maatregelen die worden getroffen om verspreiding hiervan zoveel mogelijk te beperken. Voor het merendeel van de inwoners (57%) heeft de Coronacrisis geen invloed op hun beleving van eenzaamheid, zij voelen zich hetzelfde als voor Corona. Ruim één op de drie inwoners geeft echter aan zich in deze periode van Corona eenzamer te voelen dan ervoor. Onder inwoners jonger dan 35 jaar is dit 62 procent.

De belangrijkste redenen voor het grotere gevoel van eenzaamheid in deze periode van Corona zijn de beperkte mogelijkheden tot sociaal contact, het wegvallen van activiteiten, het thuis werken en gebrek aan fysiek contact en spontane ontmoetingen. Eén op de vijf inwoners heeft eventueel interesse om mee te doen aan activiteiten die een bijdrage leveren aan de maatschappij en zin aan het leven geven (zoals vrijwilligerswerk, buurtactiviteiten opzetten etc.). Voor twee derde van de inwoners is dit niet nodig.

Figuur 17: Voelt u zich in deze periode van Corona en de bijbehorende maatregelen eenzamer dan hiervoor? N=944 36%

0%

20% Eenzamer

57%

40% Hetzelfde

60% Minder eenzaam

3%3%

80%

100% Weet niet

“Gebrek aan fysiek contact, ontmoeten van nieuwe mensen en spontaniteit (in reizen en horeca bezoeken bijvoorbeeld).” “Ik moet geheel thuis werken. Je mag/kunt bijna nergens spontaan met andere mensen in contact komen (bijv. bij wegbrengen van kinderen op school moet je z.s.m. weer wegwezen).” “Moeilijk om vrienden en familie in het buitenland te zien, onzekerheid over reisadviezen, quarantaine etc.” “Hoewel ik me niet eenzaam zou willen noemen, mis ik wel de sociale contacten, zowel in werk als privé. Plus gemis van leuke dingen om te doen (waarbij je ook vaak weer anderen ontmoet).” “Activiteiten die me minder eenzaam maakten als cafébezoek, muziek en theater zijn niet of beperkt mogelijk.” “Mijn vrijwilligerswerk (zingen voor bejaarden) ligt stil. Er is minder te doen op het gebied van evenementen en dergelijke. De horeca is dicht.” 15

Tenslotte Aan het einde van de vragenlijst is aan de inwoners gevraagd of zij ideeën of suggesties hebben hoe de gemeente en andere instanties en organisaties in Hilversum het probleem van eenzaamheid zouden kunnen aanpakken. Hieronder is een selectie van de gegeven suggesties en ideeën weergegeven. “Activering van de buurt ondersteunen en versterken. En dan in ondersteunende en niet-leidende zin. Niet de buurtcoördinator die het allemaal even gaat regelen en vertelt hoe het moet, maar die de bewoners op de achtergrond ondersteunt en signalen aanreikt. Meedenkt, maar bewoners zelf laat doen. Daarmee versterk je de relatie tussen bewoners.” “Ik heb nu de zorg voor mijn ouders van 90. Sinds maart zien zij de thuiszorg, dokter en mij. Gelukkig is er iemand van de zonnebloem die zo nu en dan belt. Daar is mijn moeder al zoo blij mee. Een klein beetje aandacht, dat je het gevoel hebt dat je er nog toe doet is al geweldig!” “Vooral ook proberen het probleem vaker te adresseren en suggesties doen voor hoe je andere (in je buurt) zou kunnen helpen. Ik denk dat vooral meer oog hebben voor mensen in je wijk al snel kan bijdragen aan een betere situatie.” “Versa Welzijn zou beter kunnen communiceren met organisaties zoals de Zonnebloem en Humanitas. En niet proberen zelf wéér het wiel uit te vinden.” “Media campagne en folders.

Meeste mensen zijn eenzaam achter de gesloten deur en kunnen zo heel sociaal overkomen. De landelijke campagne is al super!” “Het niet zo benoemen. Ik zou wel naar een gezellige avond gaan met mensen met dezelfde interesses, niet naar een avond voor eenzame mensen.” “Specifiek meldpunt om het in kaart te brengen en natuurlijk de informatie bekend via buurtcoaches, vaste groep mensen erop zetten die af en toe langs gaat voor kopje thee, af en toe i.s.m. bloemenwinkel bloemetjes langsbrengen, of kleine attenties door schoolkinderen gemaakt, opzetten ontbijtservice (net op Hart van Nederland gezien).” “Volgens mij doet de gemeente al veel. Zoals het bezoek aan 70-jarigen. Misschien zou de Gemeente wat vaker publicaties/nieuwsbrieven kunnen rondsturen over wat er in Hilversum allemaal voor activiteiten zijn, waar je ook in je eentje van harte welkom bent.” “Weet niet in hoeverre dat al gebeurt; maar in contacten met burgers zelf naar dit onderwerp vragen. Bij loket burgerzaken, aan de telefoon, via GAD, etc. etc. Wellicht dat mensen die eenzaamheid ervaren zo naar voren komen en doorverwezen kunnen worden.” 16

Peiling – Eenzaamheid

I&O Research Enschede

I&O Research Amsterdam

Zuiderval 70

Piet Heinkade 55

Postbus 563

1019 GM Amsterdam

7500 AN Enschede

T (020) 308 48 00

T (053) 200 52 00

E info@ioresearch.nl

E info@ioresearch.nl KvK-nummer 08198802

Peiling – Mantelzorg

Definitief rapport – Burgerpanel Hilversum

www.ioresearch.nl

COLOFON Uitgave I&O Research Piet Heinkade 55 1019 GM Amsterdam 020 308 48 00 www.ioresearch.nl Rapportnummer 2021/071

Datum Maart 2021 Opdrachtgever Gemeente Hilversum

Auteurs Wietse van Engeland Lisette van Noort

2

Introductie Aanleiding Veel Hilversummers zorgen voor een hulpbehoevende naaste en zijn daarmee mantelzorger. Voor mantelzorgers zijn verschillende vormen van ondersteuning beschikbaar. De gemeente Hilversum wil graag weten in hoeverre inwoners met deze ondersteuning bekend zijn, er gebruik van maken en hoe zij deze ondersteuning waarderen. Methode Voor het onderzoek is gebruikgemaakt van raadpleging van het Burgerpanel Hilversum. Het panel bestaat uit 1.812 panelleden. Dit zijn inwoners van de gemeente Hilversum die zich hebben aangemeld voor deelname aan online onderzoeken van de gemeente. De panelleden zijn via e-mail uitgenodigd om deel te nemen aan dit onderzoek. Er is één herinneringsmail gestuurd. De vragenlijst kon worden ingevuld van 4 januari tot en met 14 februari 2021. Analyse Op de data is een weging toegepast naar leeftijd en geslacht. Dit betekent dat de verhoudingen naar leeftijd en geslacht zijn teruggebracht naar de werkelijk bestaande verhoudingen in de bevolking van Hilversum. Groepen die ondervertegenwoordigd zijn, krijgen een groter gewicht, terwijl oververtegenwoordigde groepen een kleiner gewicht krijgen. Op deze manier zijn de resultaten representatief voor de gehele gemeente Hilversum, wat betreft deze achtergrondkenmerken. Indien de percentages niet optellen tot 100 procent, is dit het gevolg van afrondingsverschillen.

Naast het Burgerpanel is de vragenlijst via een open link uitgezet via sociale media kanalen van de gemeente en in een netwerk van mantelzorgers in Hilversum. Zij zijn per brief uitgenodigd om deel te nemen aan de vragenlijst.

Respons Voor dit onderzoek zijn alle 1.812 panelleden uitgenodigd. 854 leden hebben de vragenlijst ingevuld, dit is een respons van 47 procent. Dit is ruim voldoende om betrouwbare uitspraken te kunnen doen. Ook Hilversummers die geen lid zijn van het panel konden meedoen aan het onderzoek. Via een open link naar de vragenlijst, die door de gemeente is verspreid, is de vragenlijst 134 keer ingevuld. In totaal hebben dus 988 mensen meegedaan aan het onderzoek. In de rapportage worden in de groene kaders significante verschillen beschreven tussen de volgende groepen: • Inwoners die momenteel mantelzorger zijn en inwoners die in het verleden mantelzorger zijn geweest; • Inwoners die intensief mantelzorg verlenen en inwoners die incidenteel mantelzorg verlenen. In onderstaande tabel staat de respons uitgesplitst naar leeftijdsgroep. Tabel 1: Respons naar leeftijdsgroep

Leeftijdsgroep

Aantal

%

18 t/m 34 jaar 35 t/m 49 jaar 50 t/m 64 jaar

19 186 369

2% 19% 38%

65 jaar en ouder

394

41%

Totaal

988

100% 3

Wat is mantelzorg? •

Mantelzorg is hulp geven aan een naaste die hulp nodig heeft. Dit kan langdurig en onbetaalde zorg voor een ziek iemand in uw omgeving zijn. Maar ook minder intensieve hulp, de hulp aan huisgenoten en de hulp aan instellingsbewoners valt onder mantelzorg. De dagelijkse verzorging van thuiswonende kinderen valt niet onder mantelzorg.

•

In de vragenlijst komen 8 vormen van ondersteuning voor mantelzorgers terug die momenteel door de gemeente worden aangeboden. In de afbeelding zijn deze vormen van ondersteuning weergegeven.

4

Aantal mantelzorgers in Hilversum •

Uit deze peiling blijkt dat ruim een op de drie inwoners in de gemeente Hilversum mantelzorger is (36%). Hiervan houdt het grootste aandeel zich incidenteel bezig met mantelzorg (22%), en een kleiner aandeel is intensief mantelzorger (14%). Eén op de tien Hilversummers is in het verleden mantelzorger geweest (11%).

Figuur 1: Bent u mantelzorger? / Bent u in het verleden mantelzorger geweest? N=988 Basis: alle respondenten. 14%

Ja, intensief

Om ervoor te zorgen dat er voldoende mantelzorgers aan dit onderzoek zouden deelnemen, is deze enquête op drie manieren verspreid: 1. Onder panelleden van het Burgerpanel Hilversum; 2. Via een open link op de sociale media kanalen van de gemeente; 3. Onder een netwerk van mantelzorgers in de gemeente (per brief). Omdat zeer waarschijnlijk een oververtegenwoordiging van mantelzorgers aan dit onderzoek heeft deelgenomen, geeft bovenstaand cijfer geen representatief beeld van het aandeel mantelzorgers in de gemeente.

Ja, incidenteel 22% 54%

Nee, maar wel in het verleden Nee 11%

Landelijk verleende een op de drie Nederlanders van 16 jaar en ouder in 2019 mantelzorg. (bron: Mantelzorg.nl)

5

Bekendheid met en gebruik van vormen van ondersteuning •

Mantelzorgers zijn het meest bekend met de volgende vormen van ondersteuning: praktische ondersteuning (58%) en informatie & advies (56%).

•

Er wordt ook het meeste gebruik gemaakt van deze vormen van ondersteuning: een op de vijf mantelzorgers maakt gebruik van informatie & advies (22%) en praktische hulp (20%). Men is het minst bekend met educatie als vorm van ondersteuning. Drie op de vijf mantelzorgers is hier niet mee bekend (60%).

•

• •

•

Mantelzorgers maken vaker gebruik van ‘educatie’ en ‘financiële ondersteuning’ dan inwoners die in het verleden mantelzorger zijn geweest. Inwoners die in het verleden mantelzorger zijn geweest zijn vaker onbekend met de volgende vormen van ondersteuning: informatie & advies, persoonlijke begeleiding en financiële ondersteuning. Inwoners die intensief mantelzorg verlenen maken vaker gebruik van alle vormen van ondersteuning dan inwoners die incidenteel mantelzorg verlenen en inwoners die geen mantelzorg verlenen.

Figuur 2: Met welke vormen van ondersteuning aan mantelzorgers bent u bekend en waar heeft u gebruik van gemaakt? N=526 Basis: inwoners die mantelzorger zijn (geweest). Informatie en advies

22%

34%

45%

Praktische hulp

20%

38%

42%

Materiële hulp

18%

35%

48%

Financiële ondersteuning

16%

37%

47%

Persoonlijke begeleiding

14%

35%

51%

Emotionele steun

14%

33%

53%

Vervangende zorg

9%

Educatie

8%

0% Bekend en gebruik van gemaakt

44%

47%

32%

20%

60%

40%

60%

Bekend maar geen gebruik van gemaakt

80%

100%

Niet mee bekend

6

Tevredenheid over ondersteuning •

•

Inwoners die mantelzorger zijn (geweest) zijn over het algemeen (zeer) tevreden over de verschillende vormen van ondersteuning. Men is het meest tevreden over vervangende zorg (84%) en over praktische hulp (80%). Men is minder positief over financiële ondersteuning (64%) en emotionele steun (67%). Het meest ontevreden is men over educatie (9% is (zeer) ontevreden).

Figuur 3: Hoe tevreden bent over deze vorm van ondersteuning? Basis: inwoners die mantelzorger zijn (geweest) die gebruik hebben gemaakt van de vorm van ondersteuning. Vervangende zorg (n=50)

84%

8%

4% 4%

16%

2%2%

Praktische hulp (n=104)

80%

Materiële hulp (n=88)

77%

Educatie (n=29)

74%

Persoonlijke begeleiding (n=76)

71%

23%

2%4%

Informatie en advies (n=102)

71%

21%

5% 4%

3% 5%

16%

9%

9%

8%

Emotionele steun (n=69)

67%

20%

5%

7%

Financiële ondersteuning (n=74)

64%

24%

4%

9%

0% (zeer) Tevreden

20%

40%

Niet tevreden, niet ontevreden

60% (zeer) Ontevreden

80%

100%

Weet ik niet 7

Belast door mantelzorg •

Een op de twintig inwoners die mantelzorger zijn (geweest) geeft aan dat de belasting door mantelzorg hen vaak teveel wordt (5%). Voor een op de vijf wordt het soms teveel (22%).

•

Voor een op de drie is het zwaar, maar ze kunnen het wel goed aan (34%), en nog eens een op de drie voelt zich niet belast (35%).

•

Aan degenen die zich in meer of mindere mate belast voelen, is gevraagd of zij dit kunnen toelichten.

Figuur 4: In welke mate voelt of voelde u zich belast door het verlenen van mantelzorg? N=526 Basis: inwoners die mantelzorger zijn (geweest). Het wordt me vaak teveel

5%

Het wordt me soms teveel

22%

Het is wel zwaar maar ik kan het goed aan

34%

Ik voel mij niet belast

35%

“Combinatie van mantelzorg, werk en eigen gezin.” “Er 24/7 aan denken en mee bezig zijn.” “Psychische belasting.”

Weet ik niet

“Tijd vrijmaken op ongelegen momenten.” “Voor corona is degene aan wie ik mantelzorg verleen extra kwetsbaar. Ik voel me heel verantwoordelijk dat ik corona niet op loop of doorgeef. Maar daardoor durf ik met niemand goed contact te hebben. Heb voor mijn werk de nodige contacten en dat voelt lastig.” “Vooral de complexiteit van de diverse onderdelen samen vind ik soms erg zwaar. Maar ik doe het met liefde.” “Wat het zwaar maakt is als je het gevoel hebt je als enige verantwoordelijk te voelen, het enorme plichtsbesef en de irritaties over de zorg die iemand niet of onvoldoende krijgt.”

3%

0%

20%

40%

•

Inwoners die in het verleden mantelzorger zijn geweest geven vaker aan dat het wel zwaar is maar dat ze het goed aan kunnen dan inwoners die nu mantelzorger verlenen.

•

Mensen die intensief mantelzorg verlenen voelen zich vaker belast dan mensen die incidenteel mantelzorg verlenen en inwoners die geen mantelzorg verlenen.

8

Hulp van vrijwilligersorganisatie •

Het merendeel van de inwoners die mantelzorger zijn (geweest) heeft geen behoefte (gehad) aan hulp van een vrijwilligersorganisatie (85%).

•

Een op de twintig (voormalig) mantelzorgers heeft hulp gekregen van een vrijwilligersorganisatie (5%). Bij de meesten is dit goed bevallen (4%). Een op de tien heeft behoefte aan hulp van een vrijwilligersorganisatie, maar ontvangt dit momenteel niet.

Figuur 5: Krijgt of kreeg u als mantelzorger hulp van een vrijwilligersorganisatie? N=526 Basis: inwoners die mantelzorger zijn (geweest). 4% 1% 10%

Ja, en dat beviel goed Ja, maar dat beviel niet zo goed Nee, maar zou dat wel graag willen

•

•

Inwoners die op dit moment mantelzorger zijn geven vaker aan dat ze geen behoefte hebben aan hulp van een vrijwilligersorganisatie dan inwoners die in het verleden mantelzorg hebben verleend. Inwoners die in het verleden mantelzorger zijn geweest geven vaker aan dat ze geen hulp van een vrijwilligersorganisatie hebben gehad, maar dat ze dat wel graag hadden gehad.

Nee maar heb daar ook geen behoefte aan (gehad) 85%

9

Invloed van coronacrisis Volgens ongeveer de helft van de inwoners die mantelzorger zijn (geweest) heeft de coronacrisis geen invloed op het verlenen van mantelzorg (45%). Een iets kleiner aandeel zegt dat het moeilijker is geworden (41%). Voor een beperkte groep is het mantelzorgen makkelijker geworden (4%).

•

•

Inwoners die op dit moment mantelzorger zijn geven vaker aan dat de mantelzorg hetzelfde is gebleven en dat het moeilijker is geworden dan inwoners die in het verleden mantelzorg hebben verleend.

Figuur 6: Op welke manier heeft de Coronacrisis invloed op het verlenen van mantelzorg? N=526 Basis: inwoners die mantelzorger zijn (geweest). Geen, het is hetzelfde gebleven

45%

Het verlenen van mantelzorg is moeilijker geworden Het verlenen van mantelzorg is makkelijker geworden

41%

4%

Weet ik niet

Mantelzorg is moeilijker geworden

“Afstand houden, voorzichtig zijn, niet met meerdere mensen tegelijk op bezoek.” “Bang dat ik de persoon besmet of omgekeerd.” “De hulp van buiten is beperkter geworden.” “Eerste lijn is moeilijk aanspreekbaar en bereikbaar voor ouderen.” “Het kost meer energie. Je kan iemand niet echt troosten en knuffelen als die er even doorheen zit.” “Kan hulp nog minder uitbesteden.” “Minder mogelijkheden tot actie of activiteiten.”

10%

0%

20%

40%

60%

Mantelzorg is makkelijker geworden “Ik werk volledig thuis, heb minder reistijd en kan daardoor flexibeler mijn tijd indelen.” “In de eerste lockdown was het verpleeghuis waar mijn moeder woont gesloten. Ik hoefde daar dus niet heen te fietsen om op bezoek te gaan, maar stuurde haar kaartjes.” “Minder vaak begeleiding naar (medische) specialisten.” “Nu ik thuiswerk zijn werk en privé makkelijker te combineren.”

10

Advies aan andere mantelzorgers •

Welk advies, met uw persoonlijke ervaring als mantelzorger, zou u aan andere mantelzorgers nu en in de toekomst willen meegeven?

“Blijf om hulp en advies vragen bij Sociaal Plein en MEE en check telkens de mails en afspraken.” “Doe bij zware mantelzorg beroep op respijtzorg.” “Hou vol, maar belast jezelf niet teveel.” “Laat je goed voorlichten, vraag steun.” “Maak gebruik van de voorzieningen die er nu zijn.” “Praat erover, licht je werkgever op tijd in, verdiep je in verlofregelingen.” “Probeer je zo goed mogelijk te oriënteren op wat mogelijk is. Kijk bij de dagelijkse zorgverlening niet alleen naar de grote organisaties zoals Vivium maar ook naar kleinere. Probeer zoveel mogelijk extra hulp in te zetten.” “Trek een lijn tot waar je de hulpbehoevende in jouw leven toelaat, qua aandacht, tijd, emotie.” “Zoek hulp en ondersteuning (praktisch en emotioneel) in een vroeg stadium om overbelasting te voorkomen.”

“Zoek hulp zodra je voelt dat je het als een druk begint te ervaren.” “Zorg ook goed voor jezelf en schakel hulp in.” “Zorg vooral ook voor jezelf.” 11

Behoefte aan ondersteuning •

Van de inwoners die geen mantelzorger zijn (geweest) weet het merendeel nog niet of zij behoefte zullen hebben aan ondersteuning wanneer zij in de situatie komen waarin zij mantelzorg moeten verlenen (41%). Een op de drie verwacht wel ondersteuning nodig te hebben (34%). Een op de acht verwacht geen ondersteuning nodig te hebben, mits zij hulp krijgen van naasten (13%).

Figuur 7: Mocht u ooit in de situatie komen dat u zorg zou moeten verlenen aan een hulpbehoevende naaste, zou u dan behoefte hebben aan ondersteuning? N=462 Basis: inwoners die geen mantelzorger zijn (geweest). Nee, ik denk dat ik geen ondersteuning nodig heb

Aan de inwoners die verwachten wel ondersteuning nodig te hebben of het nog niet weten, is gevraagd welke vormen van ondersteuning men het belangrijkste zou vinden. Men verwacht de meeste behoefte te hebben aan informatie & advies (52%) en praktische hulp (48%).

•

Bij ‘Anders, namelijk’ worden de volgende suggesties geopperd: ervaringsuitwisseling, huisvesting en hulp bij combinatie mantelzorg, werk en privé.

Figuur 8: Kunt u aangeven welke vormen van ondersteuning voor u het belangrijkste zouden zijn, mocht u ooit mantelzorg verlenen? (maximaal 3 antwoorden) N=348 Basis: inwoners die geen mantelzorger zijn (geweest). Informatie en advies

7%

52%

Praktische hulp

Nee, mits ik hulp krijg van familie, vrienden of bekenden

13%

48%

Vervangende zorg

Ja, ik verwacht dan wel ondersteuning nodig te hebben

38%

Materiële hulp

34%

27%

Financiële ondersteuning

Weet ik (nog) niet

Situatie is niet van toepassing op mij

•

41%

Educatie

13%

Persoonlijke begeleiding

5%

0%

22%

10%

20%

30%

40%

50%

11%

Emotionele steun

7%

Anders, namelijk

2%

Weet ik (nog) niet

12

16%

0%

20%

40%

60%

Tenslotte Aan het einde van de vragenlijst is gevraagd of zij zaken kwijt willen over dit onderwerp. Hieronder een selectie van de gegeven antwoorden.

“Er zou meer voorlichting gegeven kunnen worden. Ook een stukje educatie over verschillende vormen van mantelzorg en ziektes zou welkom zijn.” “Door de enquête hoor ik voor het eerst dat er ‘hulp’ is voor mantelzorgers. Ik zou niet weten waar je die hulp dan zou moeten aanvragen; in de gemeente waar je woont? Of in de gemeente waar degene woont die je aan het verzorgen bent?” “Geef nog meer bekendheid aan de ondersteuning die mensen kunnen inschakelen.” “Ik vind de (financiële) mantelzorgwaardering vanuit de gemeente een weliswaar vriendelijk, maar vrij zinloos gebaar. Mantelzorgers zijn meer gebaat bij duidelijke informatie, een luisterend oor en snelle ondersteuning.” “Ik vind het vinden van de juiste plek voor mijn vraag niet altijd makkelijk.” “Ik wil de gemeente bedanken voor de jaarlijkse compensatie het is een mooie waardering om te krijgen.” “Je zou de vragenlijst ook kunnen omdraaien. Als ontvanger van mantelzorg, wat zou je je mantelzorger willen bieden?” “Minder regels en voorschriften bij het doen van aanvragen bij onder meer het sociaal plein en andere (overheids)organen.” “Organisaties van vrijwillige mantelzorg hebben wel een goede intentie maar zijn nauwelijks in staat voor maatwerk.” “Wist niet dat er van alles mogelijk is ter ondersteuning.

Beter communiceren, graag.” “Zorgvrager en mantelzorger wonen niet altijd in dezelfde gemeente, waardoor regelingen kunnen verschillen; gemeente Hilversum is mantelzorgvriendelijke werkgever en zou actief werkgevers in eigen gemeente/regio kunnen stimuleren om oog te hebben voor werknemers met mantelzorgtaken (i.s.m. www.werkenmantelzorg.nl).” 13

Peiling – Mantelzorg

I&O Research Enschede

I&O Research Amsterdam

Zuiderval 70

Piet Heinkade 55

Postbus 563

1019 GM Amsterdam

7500 AN Enschede

T (020) 308 48 00

T (053) 200 52 00

E info@ioresearch.nl

E info@ioresearch.nl KvK-nummer 08198802

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=b96ab8e9-d16f-4a55-93a0-433d0e9fc64a