Collegebrief inzake Rapportage bezwaren en klachten 2022-1
Tekst van het document
GEMEENTE HILVERSUM POSTBUS 9900 1201 GM HILVERSUM BEZOEKADRES:
Aan de gemeenteraad cc commissieleden cc pers
RAADHUIS DUDOKPARK 1 TELEFOONNUMMER: 14 035 WWW.HILVERSUM.NL
31 januari 2023 ZAAKNUMM ER 1226954 BEHA NDELD DOOR Luuk Tigelaar TELEFOON (035) 629 2718 DATUM
UW KENMERK BIJLAGEN BETREFT
1 Rapportage bezwaren en klachten 2022-1
Geachte raads- en commissieleden, Hierbij ontvangt u de rapportage Bezwaren en Klachten over het eerste halfjaar van 2022. In deze rapportage treft u aan: - het aantal ingediende en behandelde bezwaren; - een korte toelichting op de gegronde bezwaren; - het aantal ingediende en behandelde klachten. Er zijn in het eerste halfjaar van 2022 175 bezwaarschriften ingediend. Dat aantal is vrijwel gelijk aan dat van het tweede halfjaar van 2021 (172). Het aantal gegrond verklaarde bezwaarschriften in het eerste halfjaar van 2022 (9) is weliswaar gestegen ten opzichte van het tweede halfjaar van 2021 (4), maar wijkt weinig af ten opzichte van de periodes daarvoor. In het eerste halfjaar van 2022 bleef het aantal bezwaren dat werd ingetrokken (80) vrijwel gelijk ten opzichte van het voorgaande halfjaar (82). Bezwaren worden ingetrokken omdat aan het bezwaar tegemoet is gekomen of anderszins een oplossing is bereikt. Ook het aantal ingediende klachten (97) is vrijwel gelijk gebleven ten opzicht van het tweede halfjaar van 2021 (99). Het aantal gegrond verklaarde klachten in het eerste halfjaar van 2022 (26) is licht toegenomen ten opzichte van het tweede halfjaar van 2021 (21).
De gegrond verklaarde bezwaarschriften en klachten worden met de desbetreffende afdeling besproken zodat hiervan met het oog op de toekomst geleerd kan worden. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
mr. C.P. Torres Barrera
dr. ir. G.M. van den Top
Halfjaarrapportage Bezwaren en Klachten 2022-1 Hierbij de rapportage van bezwaren en klachten over het eerste halfjaar van 2022 (januari 2022 t/m juni 2022). Eerst zullen onder 1 de ingekomen en behandelde bezwaarschriften worden weergegeven. Onder 2 zullen vervolgens de ingekomen en behandelde klachten aan bod komen.
1. Bezwaar 1.1 Ingediende bezwaarschriften In de eerste helft van 2022 zijn er in totaal 175 bezwaarschriften ingediend. Ter vergelijking: in de tweede helft van 2021 werden er 172 bezwaarschriften ingediend. De in de eerste helft van 2022 ingediende bezwaarschriften zijn als volgt te verdelen over de verschillende afdelingen: -
97 bezwaarschriften met betrekking tot de afdeling Publiekszaken. In het tweede halfjaar van 2021 waren dit er 99. 64 bezwaarschriften met betrekking tot de afdeling Sociaal Domein. In het tweede halfjaar van 2021 waren dit er 68. 12 bezwaarschriften met betrekking tot de afdeling Leefomgeving (voorheen Beleid & Ontwikkeling). In het tweede halfjaar van 2021 waren dit er 5. 2 met betrekking tot de afdeling Interne Advisering. In het tweede halfjaar van 2022 waren dit er 0.
1.2 Afgehandelde bezwaarschriften In de eerste helft van 2022 zijn 176 bezwaarschriften afgehandeld. Daaronder vallen ook bezwaarschriften die in 2021 al zijn ingediend, maar in de eerste helft van 2022 zijn afgehandeld. De advisering over de bezwaarschriften wordt gedaan door ofwel de Commissie Bezwaarschriften (hierna: de commissie) ofwel door een van de secretarissen van de commissie (bij zaken die via ambtelijk horen worden afgedaan). Hieronder zullen de resultaten van de afgehandelde bezwaarschriften worden besproken. -
In 80 bezwaarzaken werd het bezwaarschrift ingetrokken, hetzij omdat aan het bezwaar tegemoet is gekomen, hetzij omdat op andere wijze een oplossing is gevonden. Het aantal intrekkingen in het tweede halfjaar van 2021 was 82. In 13 bezwaarzaken is geadviseerd het bezwaarschrift niet-ontvankelijk te verklaren. In het tweede halfjaar van 2021 waren dit er 6. In 74 bezwaarzaken is geadviseerd het bezwaarschrift ongegrond te verklaren. In het tweede halfjaar van 2021 waren dit er 52. In 9 gevallen is geadviseerd het bezwaarschrift gegrond te verklaren. In het tweede halfjaar van 2021 waren dit er 4. Dat is een toename ten opzichte van het vorige halfjaar. Het aantal van 4 gegrond verklaarde bezwaren in het tweede halfjaar van 2021 week echter af van het aantal gegrond verklaarde bezwaarzaken in eerdere periodes. Zo werden in de eerste helft van 2021 14 zaken gegrond verklaard. In de tweede helft van 2020 waren dit er 10. Het cijfer over het eerste halfjaar van 2022 wijkt zo bezien weinig af.
Onder 1.3 zal bij elk van de gegronde bezwaarschriften een korte toelichting worden gegeven. Per bezwaarschrift zal worden aangegeven of het bezwaar via de commissie of via ambtelijk horen is behandeld.
1.3 Toelichting gegronde bezwaarschriften 1) Ambtelijk horen Dit bezwaarschrift richtte zich tegen een besluit waarin een omgevingsvergunning is verleend voor het vellen van een boom. Door een boomdeskundige van de gemeente is in eerste instantie geadviseerd dat de vergunning kon worden verleend. Naar aanleiding van het bezwaarschrift is dit advies door de deskundige herzien en is geadviseerd om de vergunning toch te weigeren. Dit advies is overgenomen in de beslissing op bezwaar. De vergunning is ingetrokken. Er is daarom geadviseerd het bezwaar gegrond te verklaren. 2) Commissie Bezwaarschriften Dit bezwaarschrift richtte zich tegen een besluit waarbij een aanwijzing is gegeven aan een kinderopvang in verband met twee geconstateerde overtredingen van de Wet Kinderopvang. In de bezwaarprocedure bleek dat de onderbouwing van een van de overtredingen in verband met nieuwe informatie niet in stand kon blijven. De commissie heeft daarom geadviseerd om de aanwijzing op dat onderdeel in te trekken en het bezwaar gegrond te verklaren. Dit advies is in de beslissing op bezwaar overgenomen. 3) Commissie Bezwaarschriften Dit bezwaarschrift richtte zich tegen een weigering van een omgevingsvergunning voor het verbouwen van een woonhuis en het plaatsen van een dakkapel op het zijgeveldakvlak.
De dakkapel was geweigerd omdat sprake zou zijn van een onevenredige aantasting van de stedenbouwkundige en cultuurhistorische waarden. Dit oordeel is volgens de commissie echter onvoldoende gemotiveerd. De commissie heeft daarom geadviseerd om het bezwaar gegrond te verklaren en de aanvraag opnieuw te beoordelen. In de beslissing op bezwaar is de motivering aangevuld, maar is het oordeel dat sprake is van een onevenredige aantasting van de cultuurhistorische waarden in stand gebleven. 4) Commissie Bezwaarschriften Dit bezwaarschrift richtte zich tegen een besluit waarbij een woning met spoed en direct is gesloten voor de duur van twee weken en een besluit waarbij die sluiting is verlengd voor de duur van zes maanden. De commissie is van oordeel dat de woning op grond van de beschikbare informatie gesloten kon worden en dat deze sluiting verlengd kon worden. De commissie is echter van oordeel dat onvoldoende is gemotiveerd waarom een sluitingstermijn van zes maanden noodzakelijk is en waarom niet kon worden volstaan met een verlenging van de sluiting voor een kortere duur, bijvoorbeeld drie maanden. In de beslissing op bezwaar is de motivering aangevuld, maar is de verlengde sluiting voor de duur van zes maanden in stand gebleven. 5) Ambtelijk horen Dit bezwaarschrift richtte zich tegen de afwijzing van een aanvraag om een urgentieverklaring woningtoewijzing.
In het besluit is geoordeeld dat niet is voldaan aan het criterium voor urgentie ‘langdurige inwoning’ zoals dat is opgenomen in artikel 3.3 van de Huisvestingsverordening Gooi- en Vechtstreek 2019 (Huisvestingsverordening). Bezwaarde heeft in de bezwaarfase echter onderbouwd dat er sprake is van uitzonderlijke omstandigheden waardoor een afwijzing in dit geval onrechtvaardig zou zijn. Daarom is geadviseerd om op grond van de hardheidsclausule van de regels
uit de Huisvestingsverordening af te wijken en een urgentie te verlenen. Dit advies is in de beslissing op bezwaar overgenomen. 6) Commissie Bezwaarschriften Dit bezwaarschrift richtte zich tegen een besluit van de burgemeester waarin is besloten om een woning te sluiten voor de duur van zes maanden in verband met een overtreding van artikel 13b van de Opiumwet. Naar het oordeel van de commissie is in het besluit onvoldoende gemotiveerd waarom sluiting van de woning voor de duur van zes maanden gezien de relevante feiten en omstandigheden, nog noodzakelijk was en waarom in dat kader niet had kunnen worden volstaan met een minder vergaande bestuurlijke maatregel, zoals een waarschuwing of een last onder dwangsom. Om die reden is geadviseerd het bezwaar gegrond te verklaren en het besluit nader te motiveren. In de beslissing op bezwaar is de motivering aangevuld en is de duur van de sluiting in stand gebleven. 7) Ambtelijk horen Dit bezwaarschrift richtte zich tegen de afwijzing van een aanvraag om een urgentieverklaring woningtoewijzing. In het besluit is geoordeeld dat niet is voldaan aan de randvoorwaarden voor urgentie die staan opgesomd in artikel 3.2 van de Huisvestingsverordening. Het gaat om de randvoorwaarde dat de aanvrager geen passende woningaanbiedingen heeft geweigerd.
De bezwaarmaker heeft echter voldoende onderbouwd dat de weigering haar niet kon worden aangerekend. Omdat wordt voldaan aan de andere voorwaarden voor urgentie is geadviseerd om het bezwaar gegrond te verklaren en aan de bezwaarmaker een urgentieverklaring te verlenen. Dit advies is in de beslissing op bezwaar opgevolgd. 8) Commissie Bezwaarschriften Dit bezwaarschrift richtte zich tegen een besluit van de burgemeester waarin is besloten om een last onder dwangsom op te leggen wegens het overtreden van de artikelen 10a en 11a van de Opiumwet. Er waren namelijk materialen gevonden die onder andere gebruikt worden voor de handel in drugs. De commissie komt echter tot het oordeel dat onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat er sprake is van verboden voorbereidingshandelingen die een onderdeel vormen in de keten van drugshandel. Enkel het voorhanden hebben van de opgesomde producten zonder enige nevenindicatie is onvoldoende voor het opleggen van een last onder dwangsom. De commissie heeft geadviseerd het bezwaarschrift gegrond te verklaren en de last onder dwangsom te herroepen. Dit advies is in de beslissing op bezwaar opgevolgd. 9) Ambtelijk horen Dit bezwaarschrift richtte zich tegen de afwijzing van een aanvraag om een urgentieverklaring woningtoewijzing.
In het besluit is geoordeeld dat niet is voldaan aan de randvoorwaarden voor urgentie die staan opgesomd in artikel 3.2 van de Huisvestingsverordening Om die reden is de aanvraag niet beoordeeld aan de criteria voor urgentie (artikel 3.3 Huisvestingsverordening). Het gaat om de randvoorwaarde dat vanaf het moment dat de aanvrager het woonprobleem kon zien aankomen in voldoende mate is gereageerd op alle bij het huishouden passende woningaanbiedingen in alle gemeenten in de regio Gooi en Vechtstreek. In de bezwaarfase heeft de bezwaarde echter voldoende aannemelijk gemaakt dat zij wel aan deze randvoorwaarde voldoet. Geadviseerd is daarom om het bezwaarschrift gegrond te verklaren en de aanvraag alsnog te toetsen aan de criteria voor urgentie. In de beslissing op bezwaar is dit advies opgevolgd en is alsnog een urgentieverklaring verleend.
2. Klachten In totaal werden in de eerste helft van 2022 97 klachten ingediend. Het aantal klachten is ten opzichte van het aantal in het tweede halfjaar van 2021 vrijwel gelijk gebleven (99). Van de 97 klachten zijn er 26 gegrond verklaard. Dit aantal is licht toegenomen ten opzichte van het tweede halfjaar van 2021 (21). Van de gegrond verklaarde klachten hebben er 8 betrekking op de afdeling Publiekszaken (eerder 8), 13 op de afdeling Sociaal Domein (eerder 10), 4 op de afdeling Leefomgeving (eerder 3) en 1 op de afdeling Interne Advisering (eerder 0).