Collegebrief inzake Raadsdashboards Q4 2022 en Q1 2023
Tekst van het document
GEMEENTE HILVERSUM POSTBUS 9900 1201 GM HILVERSUM BEZOEKADRES:
Aan de gemeenteraad cc commissieleden cc pers
RAADHUIS DUDOKPARK 1 TELEFOONNUMMER: 14 035 WWW.HILVERSUM.NL
5 juli 2023 ZAAKNUMM ER 1280474 BEHA NDELD DOOR Rogier Schouenberg TELEFOON (035) 629 2635 DATUM
UW KENMERK BIJLAGEN BETREFT
2 Raadsdashboards Q4 2022 en Q1 2023 Geachte raadsleden, Hierbij bieden wij u de raadsdashboards sociaal domein met betrekking tot het vierde kwartaal van 2022 respectievelijk het eerste kwartaal van 2023 aan. Het raadsdashboard Q4 2022 heeft wat langer op zich laten wachten, omdat er nog nader onderzoek nodig was voor een goede duiding van de cijfers betreffende minimabeleid. Het raadsdashboard Q4 2022 laat de cumulatieve cijfers van het kalenderjaar 2022 zien. De tabellen en grafieken geven de stand van zaken weer op 31 december 2022. Normaliter bevat het raadsdashboard ook informatie over de financiële ontwikkelingen gedurende het jaar (begroting vs. realisatie). Dat is nu niet het geval, omdat het boekjaar 2022 inmiddels is afgesloten en de definitieve financiële cijfers zijn opgenomen in de jaarrekening 2022. Daarom bevat het RDB Q4 2022 alleen de cijfers met toelichting op de geleverde diensten tot en met 31 december 2022. Het jaar 2022 was een roerig jaar. Naast de opvang van vluchtelingen uit de Oekraïne was er ook veel aandacht voor de energiecrisis. Met de éénmalige energietoeslag hebben we veel huishoudens in Hilversum kunnen ondersteunen om de gestegen kosten het hoofd te kunnen bieden. Er zijn circa 5270 huishoudens die we hebben geholpen met een energietoeslag 2022 ter hoogte van totaal € 1.550,00. In de prognose hadden we rekening met circa 5000 huishoudens.
De uitvoering van de eenmalige energietoeslag 2022 kan als succesvol worden beschouwd. In 2023 wordt voortgebouwd op de fundamenten die eerder binnen het sociaal domein zijn gelegd. Waar mogelijk wordt de dienstverlening aan de inwoners verder verbeterd. De eerste resultaten zijn terug te zien in het RDB Q1 2023.
Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris,
de burgermeester,
mr. C.P. Torres Barrera
dr. ir. G.M. van den Top
Bijlagen: 1) Raadsdashboard Q4 2022 2) Raadsdashboard Q1 2023
RAADSDASHBOARD Q4 2022 (CUMULATIEF)
OOve rigOv erig
1
Toelichting: Ondanks de extra werkdruk als gevolg van extra taken op het gebied van uitbetaling leefgeld Oekraïners en de aanvragen energietoeslag is de tijdigheid, mede door inzet van tijdelijke medewerkers, over 2022 stabiel te noemen. De cijfers van Q4 laten zelfs een tijdigheid zien van 97%.
2
In onderstaande grafiek wordt het verloop van de tijdigheid en aantal werkprocessen wat betreft de aanvraag voor levensonderhoud van de afgelopen 2 jaar weergegeven.
3
Uitstroom uit bijstand naar werk
- 267 uitkeringen totaal
-267 uitkeringen totaal
Toelichting: We zitten op koers om het doel voor 2022 te behalen. Tot en met het vierde kwartaal 2022 is de totale uitstroom (volledig en gedeeltelijk) gelijk aan 243 uitkeringen (146 + 97). Er staat nog een aantal uitkeringen klaar om beëindigd te worden, hiermee zal het doel over 2022 behaald worden. De huidige krapte binnen bepaalde sectoren van de arbeidsmarkt zorgt er bij een deel van de bijstandsgerechtigden voor dat ze (deeltijds) aan het werk kunnen. Bij de bijstandsgerechtigden waarbij arbeidsinschakeling (nog) niet aan de orde is, zetten we interventies in die gericht zijn op persoonlijke ontwikkeling.
4
Aantal bijstandsgerechtigden
Toelichting: Betreft hier de voorlopige cijfers voor 2022. Zoals bij KPI Uitstroom uit bijstand naar werk is aangegeven, dienen nog een aantal uitkeringen beëindigd te worden die meetellen voor de bepaling van de eindstand 2022. Ondanks de stijging van het aantal mensen met een uitkering vanaf oktober 2022 verwachten wij de doelstelling te halen.
5
In onderstaande grafiek wordt het verloop van het aantal uitkeringen, instroom en uitstroom van de uitkeringen LO van de afgelopen 2 jaar weergegeven.
Toelichting: In bovenstaande grafiek is het aantal uitkeringsdossiers afwijkend van het aantal in de KPI (Totaal aantal in de bijstand). Deze kleine verschillen zijn het gevolg van het op andere momenten ‘maken’ van de grafiek en de KPI. De onderliggende data en ook de grafiek en het raadsdashboard zijn dynamisch. Elke dag worden openstaande aanvragen en beëindigingen met terugwerkende kracht verwerkt in de periode dat deze zijn gedaan/aangevraagd. 6
Tijdigheid
69%
Toelichting: Door het nemen van diverse maatregelen kennen de doorlooptijden vanaf oktober een opgaande lijn. Naast de maatregelen die genoemd zijn in het raadsdashboard van kwartaal 3-2022, is het proces van de aanvraag taxipas eenvoudiger (en dus sneller) geworden. Met de extra personeelsgelden die de raad beschikbaar heeft gesteld voor team Wmo is onder andere geïnvesteerd op de bezetting en werkwijze binnen de toegang Wmo. Naar verwachting zullen in het tweede kwartaal van 2023 de nieuwe medewerkers zijn ingewerkt. Tenslotte heeft, zoals elk jaar, de geautomatiseerde verwerking van de aanvragen mantelzorgwaardering een positief effect op de doorlooptijden. In 2023 zal worden ingezet op een verdere verbetering van de doorlooptijden.
7
In onderstaande grafiek wordt uitsluitend het verloop van de tijdigheid en aantal afgehandelde meldingen van de afgelopen 2 jaar weergegeven en geen andere voorkomende werkzaamheden.
8
De lasten voor maatwerkvoorzieningen wonen en vervoer (rolstoelen, scootmobielen, woningaanpassingen, en trapliften) liggen in 2022 met € 2 miljoen in lijn met die van 2021 € 2,1 miljoen en 2020 €2,2 miljoen. Voor 2022 resulteert dit in een voordeel van € 326.000 ten opzichte van de begroting 2022.
Verdeling van middelen
Toelichting: Begeleiding in de Wijk is een algemene voorziening voor ondersteuning in alle wijken van Hilversum. In de periode van 1-1-2022 tot 1-1-2023 zijn bij Begeleiding in de Wijk 612 mensen ondersteund. Deze aanmeldingen komen deels binnen via het Sociaal plein en deels via ketenpartners of inwoners uit de wijken zelf. Het is goed om te vermelden dat niet alle 612 mensen, die terecht zijn gekomen bij Begeleiding in de Wijk, ook daadwerkelijk zijn ondersteund door een professional van Begeleiding in de Wijk. Het komt namelijk voor dat bij het kennismakingsgesprek blijkt dat mensen beter geholpen zijn met een andere vorm van ondersteuning.
9
Verdeling van financiën
Toelichting: De kosten voor het product "Begeleiding in de Wijk" bedragen in bovenstaand plaatje tot en met 2022-Q4 circa € 403.483. Naderhand hebben echter nog boekingen plaatsgevonden waardoor we verwachten dat de kosten rond het beschikbare budget 2022 van € 615.000 zullen uitkomen. Beide kolommen in het plaatje “verdeling van financiën” kunnen overigens niet gekoppeld worden aan de aantallen meldingen van het plaatje “verdeling van meldingen”. Dit komt omdat in de “verdeling van financiën” betalingen opgenomen zijn voor alle in 2022 geleverde zorg; deze zorg kan geleverd zijn aan cliënten waarvan de zorg in 2022 gestart is maar ook aan cliënten waarvan de zorg al voor 2022 gestart was en die doorloopt in 2022. De aantallen in “verdeling meldingen” betreffen alleen de nieuwe meldingen in 2022.
10
Tijdigheid
Toelichting: Het percentage aanvragen dat binnen de wettelijke termijn van 8 weken wordt afgehandeld met een beschikking is 99%.
Proactieve benadering 11
Toelichting: Het aantal huishoudens dat via een huisbezoek, een telefoontje of een brief een aanbod voor hulp bij schulden hebben ontvangen (= vroegsignalering) tot en met Q4 is 3306. Hiermee wordt het doel van 2400 (600 per kwartaal) voor 2022 ruimschoots bereikt. We zien het aantal signalen van betalingsachterstanden vanaf september 2022 stijgen. Op basis van voortdurende monitoring wordt de dienstverleningscapaciteit waar nodig aangepast. In 2022 is begonnen met budgetcoaching.
Totaal bereik 12
Toelichting: Het aantal aanmeldingen van inwoners met een hulpvraag in 2022 is 376. Dit ligt hoger in vergelijking met het jaar ervoor. Toen was het aantal aanmeldingen 342.
Succespercentage 13
Toelichting: Het succespercentage is 93%. Hiermee is het doel ruimschoots bereikt. Door onze stress-sensitieve aanpak zorgen we ervoor dat inwoners niet voortijdig afhaken, maar succesvol het schuldentraject doorlopen.
14
Tijdigheid
Toelichting: Het uitvoerende team heeft naast de reguliere dienstverlening in 2022 extra werk verzet vanwege de uitvoering van de eenmalige energietoeslag en de verstrekking van leefgeld aan Oekraïense vluchtelingen.
15
Bereik werkende armen
Toelichting: dit percentage ziet alleen op de minimaregelingen van Hilversum. De eenmalige energietoeslag 2022 valt er niet onder. Het bereik onder de ‘werkende armen’ ligt in 2022 iets lager dan in de jaren voorheen.
Bereik totale doelgroep
Toelichting: het bereik onder de totale doelgroep van de minimaregelingen lag in 2022 een fractie hoger dan voorgaande jaren.
16
Tijdigheid
Toelichting: In 2022 zijn de doelen voor de doorlooptijden behaald. Over het hele jaar zijn van de 857 aanvragen 34 niet binnen de wettelijke termijn afgehandeld.
17
In onderstaande grafiek wordt het verloop van de tijdigheid en aantal afgehandelde aanvragen jeugdhulp van de afgelopen 2 jaar weergegeven.
18
Unieke Jeugdigen
Toelichting: Het aantal van 2.685 betreft zowel jeugdigen met een indicatie die in 2022 is gestart als ook jeugdigen voor wie de indicatie vóór 2022 is gestart en doorloopt in 2022. De stijging lijkt iets af te vlakken maar het aantal kinderen met een vorm van jeugdhulp blijft stijgen.
We zien in deze tabel het aantal unieke jeugdigen dat geïndiceerde jeugdhulp in 2022 heeft ontvangen. Daarbij is weergegeven welke verwijzer de jeugdhulp heeft ingezet. ‘Niet gemeente’ betreft andere wettelijke verwijzers dan de gemeente, dat zijn concreet de huisarts, gecertificeerde instellingen, 19
jeugdartsen, medisch specialisten en rechters. In 2022 hebben totaal 2.685 jeugdigen een vorm van jeugdhulp ontvangen. Het aantal jeugdigen dat in Hilversum hulp ontvangt blijft hoog, hetgeen in lijn is met het landelijke beeld. We zien dat er na afsluiten van kwartalen/jaren geregeld nog mutaties plaatsvinden door zorgaanbieders in DLP (registratiesysteem Digitaal Leefplein), vandaar dat de cijfers later in het jaar wijzigen voor de eerdere kwartalen. Dat is met name het geval bij zorg ingezet door niet-gemeenten.
Overige cijfers PGB In 2022 was er sprake van 50 lopende persoonsgebonden budgetten (PGB’s). In 2021 was het totaal aantal PGB’s 64. De stijging in 2021 werd veroorzaakt door de nieuwe contractering per 2021 en ouders die graag bij de bestaande doch niet langer gecontracteerde zorgaanbieder wilden blijven.
Maatwerkcontracten We hebben in 2022 meer losse maatwerkcontracten afgesloten met partijen die niet gecontracteerd zijn. Voor 2022 gaat het om circa 90 contracten. De stijging heeft met name te maken met de beperkte beschikbaarheid van verblijfsplekken in de regio. Hierdoor moet er regelmatig uitgeweken worden naar partijen die niet gecontracteerd zijn. Regionaal is er actie ondernomen om het aantal maatwerkovereenkomsten af te bouwen. Niet-gecontracteerde aanbieders waar we vaker gebruik van willen maken gaan we alsnog contracteren. Hiertoe zijn goede afspraken gemaakt met de regio. Afgelopen jaar zijn er ook meer maatwerkovereenkomsten gemaakt doordat er als gevolg van de wijziging van het woonplaatsbeginsel, jeugdigen zijn overgekomen uit regio’s die gebruikmaken van andere partijen. Deze zorg moeten we overnemen. Omdat het zorgaanbieders in andere regio’s zijn en wij er geen gebruik van maken anders dan voor een specifieke jeugdige, gaan we in die gevallen niet over tot contractering. Versterkte procesregie In 2022 is er versterkte procesregie gevoerd op 36 (unieke) kinderen en hun gezin.
Persoonsgerichte aanpak (PGA) Er zijn in 2022 in totaal 24 jeugdigen opgenomen (geweest) in de PGA. Er zijn er 12 afgesloten in 2022 en 12 opgestart in 2022. Het betrof 16 jeugdigen die jonger zijn dan 18 jaar en8 jeugdigen in de leeftijd van 18 – 23 jaar. 20
Er zijn in 2022 in totaal 51 volwassenen in de PGA. Er zijn er 21 afgesloten en 30 opgestart in 2022.
Voorzieningen per gemeente en verwijzer
Toelichting: In bovenstaande tabellen en figuren wordt inzicht gegeven in de ontwikkeling van het aantal voorzieningen ingezet door de gemeente, en door de andere wettelijke verwijzers. Het is uitgesplitst naar lichte, middel en zware voorzieningen. Niet inbegrepen zijn de persoonsgebonden budgetten (PGB’s) en de maatwerkovereenkomsten (niet door de regio gecontracteerd). Het beeld dat de wettelijke verwijzers voornamelijk zwaardere voorzieningen inzetten, blijft ongewijzigd. Dit wordt met name veroorzaakt door de gecertificeerde instellingen die zware hulp inzetten en door de huisartsen die specialistische jeugd GGZ inzetten.
21
We zien in deze tabel de unieke jeugdigen die geïndiceerde jeugdhulp ontvangen. Daarbij is weergegeven welke verwijzer de jeugdhulp heeft ingezet. ‘Niet gemeente’ betreft andere wettelijke verwijzers dan de gemeente; dat zijn concreet de huisarts, gecertificeerde instellingen, jeugdartsen, medisch specialisten en rechters. Onderstaande tabel geeft het percentage jeugdigen aan met een verwijzing via de huisarts, de gecertificeerde instelling of de gemeente. Losse maatwerkcontracten en PGB’s zijn hierin niet meegenomen. Zichtbaar is dat het aandeel van de gecertificeerde instellingen naar verhouding afneemt. Jaartal / % jeugdigen met verwijzing via 2020 2021 2022
huisarts
Gecertificeerde instellingen
gemeente
47,1 52,7 51
13,3 9,7 8,2
44,4 42,8 42,4
22
Beweging naar lichtere zorg
23
Toelichting: Bovenstaande geeft inzicht in de zwaarte van alle voorzieningen die lopen of hebben gelopen in dit jaar. Het betreft niet alleen de in 2022 gestarte voorzieningen, maar ook van de jaren ervoor die nog doorlopen in 2022. De verdeling over de 3 categorieën blijft stabiel. Het betreft in totaal 6.081 voorzieningen. Het totaal van 6.081 voorzieningen betekent dat een jeugdige gemiddeld iets meer dan 2 voorzieningen heeft. Dit lijkt veel maar als een jeugdige naar de dagbesteding gaat, wordt het vervoer apart geïndiceerd. Er zijn meerder logische combinaties van voorzieningen die worden afgegeven, zoals verblijf dat meestal gepaard gaat met ambulante jeugdhulp. Een constante factor blijkt de verdeling tussen licht middel en zwaar te zijn. Er wordt tussen de 12% en 18% lichte voorzieningen ingezet, tussen 19% en 26% middelzware voorzieningen en tussen de 60% en 66% zware voorzieningen. We zien een lichte verschuiving: het aantal middelzware producten daalt iets en het aantal lichte en zware producten neemt iets toe. Globaal zijn lichte voorzieningen, zorg die geleverd wordt door medewerkers met MBO-niveau. Bij middelzwaar is er doorgaans sprake van medewerkers met HBO-niveau. Zware zorg betreft ambulante jeugdhulp, specialistische GGZ en verblijf, hierbij is een SKJ-registratie noodzakelijk en de medewerkers zijn HBO-plus en WO opgeleid.
24
overige
6. Klachten en Tevredenheid
[Trek de aandacht van uw lezer met een veelzeggend citaat uit het document Overigov Overig of gebruik deze ruimte om een belangrijk punt te benadrukken. Sleep dit erigverig tekstvak als u het ergens anders op de pagina wilt plaatsen.] Overig
Toelichting: In 2022 zijn in totaal 74 klachten bij het Sociaal Plein ingediend en afgehandeld. Hiervan zijn 37 klachten gegrond verklaard. De klachtgesprekken hebben grotendeels fysiek op het Sociaal Plein plaatsgevonden. De klachten hebben betrekking op de bejegening (23), voortvarendheid (21), administratieve zorgvuldigheid (17), informatievoorziening (4) en rechtszekerheid (9). Van de negen klachten inzake rechtszekerheid zijn er twee gegrond verklaard. Deze gingen over gedane toezeggingen. Dit is alsnog rechtgezet. In Q4 zijn er geen nieuwe klachten binnengekomen omtrent rechtszekerheid. Klachten over de voortvarendheid gaan voornamelijk over de afhandelingsduur van Wmo-aanvragen en verlengingen van indicaties. Er wordt actief gestuurd op een verbetering van de doorlooptijden. Ook voor alle ongegronde klachten geldt dat deze met de inwoners zijn besproken. Waar nodig is een nadere toelichting is gegeven. De zaak onder de rubriek ‘overig’ betrof een klacht over bereikbaarheid. Er bleek echter sprake van een miscommunicatie. Zaak is informeel afgehandeld.
25
1
Tijdigheid
Toelichting: Stijgende lijn van Q4 2022 is voortgezet. Tijdigheid van afhandeling aanvragen is conform doelstelling.
2
In onderstaande grafiek wordt het verloop van de tijdigheid en aantal werkprocessen wat betreft de aanvraag voor levensonderhoud van de afgelopen 2 jaar weergegeven.
Toelichting: De gele lijn geeft de trend weer van het gemiddeld aantal behandelde aanvragen per maand. Gemeten over een periode van 25 maanden is er sprake van een lichte daling. 3
Begroting vs. Realisatie
Toelichting: Voor de financiering van de uitkeringen zijn wij grotendeels afhankelijk van het BUIG budget. In september wordt het definitieve BUIG budget vastgesteld. Vooralsnog gaan wij uit van het voorlopige BUIG budget van € 29.3 miljoen. Inmiddels is het nader voorlopig BUIG budget bekend gemaakt, deze ligt iets lager dan het voorlopig budget. Vanwege de huidige ontwikkelingen is via van de voorjaarsnota al een tekort voorzien en wordt de begroting hierop aangepast. De hoogte is echter nog zeer onzeker, omdat het definitieve BUIG budget pas in september bekend wordt. Daarnaast is er geen zekerheid over de ontwikkeling van de uitgaven. Eén van de maatregelen die we hebben genomen is de nieuwe aanbesteding re-integratie. Waarbij we meer gericht inzetten op inwoners met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt en met een mismatch met de arbeidsmarkt. Ook starten we in 2023 met nazorg (coalitieakkoord), waarmee de verwachting is dat meer inwoners aan het werk blijven en zo niet terugkeren in de uitkering. Tot slot blijven we inzetten op parttime werken, waarbij we zoeken naar aanvullende mogelijkheden dit te stimuleren en eenvoudiger te maken. Wij houden de ontwikkelingen nauw in de gaten en zullen u tijdig informeren. Ten aanzien van de participatie is in het eerste kwartaal € 8.5 miljoen uitgegeven.
Deze hoge uitgaven hebben voornamelijk betrekking op de eenmalige uitgaven die in Q1 plaats vinden (zoals de bijdrage aan het werkgeversservicepunt en de doorbetaling van de WSW gelden aan de TOMIN). Vooralsnog is de verwachting dat we wat betreft participatie binnen de begroting blijven. 4
Uitstroom uit bijstand naar werk
Toelichting: We liggen op koers om de doelstelling voor dit jaar te halen. De cijfers van de volledige uitstroom lopen gedurende het jaar op en de parttime inkomsten zijn een meer constante lijn. Hierdoor zal gaandeweg het jaar duidelijk worden dat we op koers liggen en ook de binnen de afgesproken verhoudingen.
5
Aantal bijstandsgerechtigden
Toelichting: Gedurende een kalenderjaar variëren de instroom en de uitstroom. In het eerste kwartaal is een hogere instroom gerealiseerd dan de periode daarvoor.
6
In onderstaande grafiek wordt het verloop van het aantal uitkeringen, instroom en uitstroom van de uitkeringen LO van de afgelopen 2 jaar weergegeven.
7
Tijdigheid
Toelichting: De positieve ontwikkeling in Q4-2022 heeft zich ook in Q1-2023 voortgezet. De ingezette maatregelen zijn gecontinueerd om de doorlooptijden blijvend op orde te houden.
8
In onderstaande grafiek wordt uitsluitend het verloop van de tijdigheid en aantal afgehandelde meldingen van de afgelopen 2 jaar weergegeven en geen andere voorkomende werkzaamheden.
9
Begroting vs. Realisatie
Toelichting: Op grond van wat we nu weten veronderstellen we binnen de beschikbare budgetten 2023 uit te komen. In dit dashboard hebben we voor de prognose ook gebruik gemaakt van de eindverantwoording 2022 die wij in mei 2023 van de Regio Gooi en Vechtstreek ontvingen. Het realisatiecijfer in dit dashboard heeft beperkte zeggingskracht en kan niet zonder meer met 4 vermenigvuldigd worden om te komen tot een (reële) prognose over heel 2023. Het is namelijk het totaal aan betaalde facturen t/m 2023-Q1. De realisatie is nog niet geschoond voor facturen die slaan op in 2022 geleverde zorg, en de realisatie omvat niet alle facturen die slaan op tot en met 2023-Q1 geleverde zorg. In 2022 waren de kosten voor zorg geleverd buiten de via de Regio GV gesloten contracten om respectievelijk via persoonsgebonden budget (=PGB) gestegen. We hebben niet de indruk dat deze kosten in 2023 sterk stijgen.
10
Verdeling van middelen
Toelichting: Begeleiding in de Wijk is een algemene voorziening voor ondersteuning in alle wijken van Hilversum. In de periode van 1-1-2023 tot 1-4-2023 zijn bij Begeleiding in de Wijk 160 mensen geregistreerd. Deze aanmeldingen komen deels binnen via het Sociaal plein en deels via ketenpartners of inwoners uit de wijken zelf. Het is goed om te vermelden dat niet alle 160 mensen, die terecht zijn gekomen bij Begeleiding in de Wijk, ook daadwerkelijk zijn ondersteund door een professional van Begeleiding in de Wijk. Het komt namelijk voor dat bij het kennismakingsgesprek blijkt dat mensen beter geholpen zijn met een andere vorm van ondersteuning.
11
Verdeling van financiën
Toelichting: We verwachten binnen de begroting te blijven. Beide kolommen in het plaatje “verdeling van financiën” kunnen overigens niet gekoppeld worden aan de aantallen meldingen van het plaatje “verdeling van meldingen”. Dit komt omdat in de “verdeling van financiën” betalingen opgenomen zijn voor alle in 2023 geleverde zorg; deze zorg kan geleverd zijn aan cliënten waarvan de zorg in 2023 gestart is maar ook aan cliënten waarvan de zorg al voor 2023 gestart was en die doorloopt in 2023. De aantallen in “verdeling meldingen” betreffen alleen de nieuwe meldingen in 2023.
12
Tijdigheid
Toelichting: Het percentage aanmeldingen dat binnen de wettelijke termijn van 8 weken een beschikking heeft ontvangen is 100%. Hiermee hebben we ons doel ruimschoots behaald.
13
Begroting vs Realisatie
€ 564.000 564.00056
Toelichting: In Q1 zien we, zoals gebruikelijk, dat er relatief veel is uitgegeven. Dit komt door uitgaven die jaarlijks alleen in Q1 plaatsvinden (denk bijvoorbeeld aan de subsidie aan Humanitas). We zijn op koers om binnen budget te blijven. De begroting voor reguliere schuldhulp in 2023 bedraagt € 564.000.
14
Proactieve benadering
betalingsachterstanden energie en/of premie zorgverzekering.
Toelichting: Het aantal meldingen vroegsignalering in Q1 is 966. Hiermee wordt naar verwachting het doel van 2400 (600 per kwartaal) ruimschoots bereikt.
15
Totaal bereik
Toelichting: Het aantal aanmeldingen in Q1 is 118. Dit is meer dan in dezelfde periode in 2022( Q1 2022= 105).
16
Succespercentage
Toelichting: Het succespercentage is 97%. Hiermee is het doel ruimschoots bereikt. We blijven ons in de loop van het jaar inzetten om steeds meer inwoners succesvol te ondersteunen richting een schuldregeling.
17
Tijdigheid
Toelichting: Er is sprake van een lichte verbetering ten opzichte van 2022. In Q1 2023 is de doelstelling gehaald.
18
In onderstaande grafiek wordt het verloop van het aantal werkprocessen minimabeleid (met inkomens- en vermogenstoets) van de afgelopen 2 jaar weergegeven.
19
Begroting vs Realisatie
Toelichting: In het eerste kwartaal is € 1.300.801 uitgegeven, echter gebeuren uitgaven niet gelijkmatig over het jaar. Wij zien een forse stijging ten opzichte van hetzelfde kwartaal in 2022 (€ 985.311). Deze stijging heeft vooral te maken met de laatste aanpassingen in het minimabeleid en de proactieve benadering van de inwoners. Het is echter onduidelijk of deze stijging door zal zetten in de andere kwartalen. Wij zullen de ontwikkelingen nauw in de gaten houden en u tijdig hierover informeren
20
Bereik
Toelichting: Toelichting: Het aantal werkende armen dat een beroep doet op de minimaregelingen is aanzienlijk gestegen. Ten opzichte van Q1 2022 is het bereik met 28% gestegen. Per 1 januari 2023 is het minimabeleid uitgebreid en verruimd, waardoor huishoudens eerder in aanmerking komen voor de tegemoetkomingen. Wij denken dat de energietoeslag 2022 ook een aanzuigende werking heeft gehad (meer bekendheid bij de doelgroep over het bestaan van de gemeentelijke minimaregelingen).
21
Bereik totale doelgroep
Toelichting: Ook het totaal aantal huishoudens dat een beroep heeft gedaan op de minimaregelingen is gestegen. Ten opzicht van Q1 2022 gaat het om een stijging van 8 %.
22
Maatwerk kosten bijzondere bijstand
Toelichting: Maatwerk kenmerkt zich dat het hele jaar door een beroep op gedaan kan worden en is niet te voorspellen hoe het verloop hiervan zal zijn. Ook in maatwerk zien wij (zoals verwacht) een stijging van de uitgaven ten opzichte van hetzelfde kwartaal vorig jaar. Maatwerk blijft een belangrijk onderdeel van het minimabeleid. Het sociaal plein heeft blijvend aandacht hiervoor
23
Tijdigheid
Toelichting: We laten een stabiel beeld zien ten aanzien van de tijdigheid. In Q1 2023 zijn we er in geslaagd om 96% van de zaken binnen de wettelijke termijn af te handelen. Er zijn 255 aanvragen geweest, waarvan 10 aanvragen niet binnen de wettelijke termijn afgehandeld zijn. De consulenten hebben voortdurend aandacht voor het tijdig afronden van de zaken binnen de wettelijke termijn van 8 weken.
In onderstaande grafiek wordt het verloop van de tijdigheid en aantal afgehandelde aanvragen jeugdhulp van de afgelopen 2 jaar weergegeven.
24
25
Begroting vs Realisatie
Toelichting: Bij dit dashboard t/m 2023-Q1 hebben we voor de prognose van de kosten 2023 gebruik gemaakt van de eindverantwoording 2022 die wij in mei 2023 van de Regio Gooi en Vechtstreek ontvingen en de Jaarstukken 2022. Bij Jeugd verwachten we een nadeel van € 1,2 miljoen ten opzichte van de begroting 2023. In 2022 waren de lasten sneller gestegen dan eerder voorzien, met name als gevolg van het aangepaste woonplaatsbeginsel. Deze stijging is structureel en zal ook voor de jaren 2023 en verder tot hogere lasten leiden. Het structurele effect bedraagt € 1 miljoen. Daarnaast is ten tijde van het opstellen van de begroting 2023 de indexatie 2023 op 3% ingeschat, maar nu blijkt dat de werkelijke tariefstijging boven de 4% ligt. Contractueel zijn hiervoor indices overeengekomen die pas aan het einde van 2022 bekend zijn geworden. Het effect hiervan wordt ingeschat op een structureel nadeel van € 200.000 vanaf 2023. De Jeugdwet is een openeinde regeling waarop de gemeente beperkt invloed heeft. Immers, meer dan de helft van de kinderen ontvangt zorg via een wettelijke verwijzer anders dan de gemeente (huisarts, gecertificeerde instelling etc.). Het realisatiecijfer in dit dashboard kan niet zonder meer met 4 vermenigvuldigd worden om te komen tot een (reële) prognose over heel 2023. Het is namelijk het totaal aan betaalde facturen tot en met 2023-Q1.
De realisatie is nog niet geschoond voor facturen die slaan op in 2022 geleverde zorg, en de realisatie omvat niet alle facturen die slaan op tot en met 2023-Q1 geleverde zorg.
26
Unieke Jeugdigen
Toelichting: In de onderstaande tabel is het aantal unieke jeugdigen weergegeven alsmede welke verwijzer de jeugdhulp heeft ingezet. ‘Niet gemeente’ betreft andere wettelijke verwijzers dan de gemeente. Dat zijn concreet: de huisarts, gecertificeerde instellingen, jeugdartsen, medisch specialisten, rechters. Het aantal unieke jeugdigen van 2.054 betreft zowel jeugdigen met een indicatie die in 2023 is gestart als jeugdigen voor wie de indicatie vóór 2023 is gestart en doorloopt in 2023. De stijging lijkt iets af te vlakken, maar het aantal kinderen met een vorm van jeugdhulp blijft licht stijgen. In vergelijking met het dashboard van Q1 2022 is het aantal unieke jeugdigen iets hoger (+ 2% t.o.v. Q1 2022). Deze ontwikkeling is nog niet terug te zien in onderstaande tabel. Dat heeft te maken met het moment waarop de tabel is opgemaakt. Er moeten nog mutaties met terugwerkende kracht worden verwerkt. Op grond van voorgaande jaren verwachten we dat het aantal unieke jeugdigen nog iets verder zal stijgen. We zien namelijk dat er na afsluiten van kwartalen/jaren geregeld nog mutaties plaatsvinden door zorgaanbieders in DLP (registratiesysteem Digitaal Leefplein), vandaar dat de cijfers later in het jaar wijzigen voor de eerdere kwartalen. Dat is met name het geval bij zorg ingezet door niet-gemeenten.
Ook hebben zich nog gemeentes gemeld met jeugdigen die op basis van het gewijzigde woonplaatsbeginsel per 1 januari 2022 nog jeugdigen in de zorg hadden die onder de verantwoordelijkheid van de gemeente Hilversum vallen.
27
Het aantal jeugdigen met een PGB of een maatwerkcontract zijn niet meegenomen in de grafiek. Het aantal unieke jeugdigen dat een PGB heeft in Q1 2023 is 39. Dit lijkt een stijging te zijn ten opzichte van 2022 (totaal 53 jeugdigen met een PGB). Op basis van voorgaande jaren zien we echter dat de meeste PGB's in het eerste kwartaal worden aangevraagd en de rest van het jaar verhoudingsgewijs minder. Wel is het zo dat, als het gaat om een nietgecontracteerde aanbieders, we actiever sturen op een PGB indien mogelijk i.p.v. een maatwerkovereenkomst. In 2023 hebben 31 jeugdigen een maatwerkovereenkomst. Een maatwerkovereenkomst is een overeenkomst voor een individuele jeugdige met een nietgecontracteerde aanbieder, bijvoorbeeld omdat er geen (verblijfs)plek in de regio is, of omdat als gevolg van het woonplaatsbeginsel jeugdigen zijn overgekomen uit regio's die gebruik maken van andere partijen. Het aantal jeugdigen met een maatwerkcontract is stabiel gebleven.
28
Voorzieningen per gemeente en verwijzer
Toelichting: In bovenstaande tabellen en figuren wordt inzicht gegeven in de ontwikkeling van het aantal voorzieningen ingezet door de gemeente, en door de andere wettelijke verwijzers. Dat zijn concreet: de huisarts, gecertificeerde instellingen, jeugdartsen, medisch specialisten, rechters. Er wordt onderscheid gemaakt naar lichte, middel en zware voorzieningen. Kijkend naar ‘voorziening per gemeente’ is er een verschuiving zichtbaar van gemiddeld 39% in 2022 naar 49% in Q1 2023. Het lijkt er op dat gezinnen ons na corona ons weer beter weten te vinden. De verdeling tussen licht, middel en zware voorzieningen is nagenoeg gelijk gebleven. Niet inbegrepen zijn de persoonsgebonden budgetten (PGB’s) en de maatwerkovereenkomsten (niet door de regio gecontracteerd). Het beeld dat de wettelijke verwijzers voornamelijk zwaardere voorzieningen inzetten blijft ongewijzigd. Dit wordt met name veroorzaakt door de gecertificeerde instellingen die zware hulp inzetten en door de huisartsen die specialistische jeugd GGZ inzetten.
29
We zien in onderstaande tabel de aantallen indicaties jeugdhulp per kwartaal. Daarbij is weergegeven welke verwijzer de jeugdhulp heeft ingezet. ‘
30
Beweging naar lichtere zorg
Toelichting: Bovenstaande geeft inzicht in de zwaarte van alle voorzieningen die lopen of hebben gelopen in dit jaar. Het betreft niet alleen de in 2023 gestarte voorzieningen, maar ook van de jaren ervoor die nog doorlopen in 2023. De verdeling over de 3 categorieën blijft stabiel. Het totaal van 3609 voorzieningen in Q1 betekent dat een jeugdige gemiddeld iets meer dan 2 voorzieningen heeft. Dit lijkt veel maar als een jeugdige naar de dagbesteding gaat, wordt het vervoer apart geïndiceerd. Er zijn meerder logische combinaties van voorzieningen die worden afgegeven, zoals verblijf dat meestal gepaard gaat met ambulante jeugdhulp. Een constante factor blijkt de verdeling tussen licht, middel en zwaar te zijn. In Q1 2023 zetten we 16% lichte voorzieningen in, 20 % middelzware voorzieningen en 64 % zware voorzieningen. Dit is nagenoeg hetzelfde als het gemiddelde over 2022. Globaal gaat het bij lichte voorzieningen om zorg die geleverd wordt door medewerkers met MBO-niveau. Bij middelzwaar is er doorgaans sprake van medewerkers met HBO-niveau. Zware zorg betreft ambulante jeugdhulp, specialistische GGZ en verblijf. Hierbij is een SKJ-registratie noodzakelijk en de medewerkers zijn HBO-plus en WO opgeleid.
31
6. Klachten en Tevredenheid `
Toelichting: In het eerste kwartaal 2023 zijn in totaal 16 klachten bij het Sociaal Plein ingediend. Hiervan zijn 8 klachten gegrond verklaard. Dit is in lijn met voorgaande raadsdashboards en gezien het aantal contactmomenten en werkprocessen niet opmerkelijk. De klachtgesprekken hebben fysiek op het Sociaal Plein en anders telefonisch plaatsgevonden. De klachten hebben betrekking op de bejegening (6), administratieve zorgvuldigheid (4) voortvarendheid (3) en informatievoorziening (3). Van de klachten over de bejegening is er één gegrond verklaard. De overige bejegeningsklachten zijn ook besproken met de inwoner. Waar nodig zijn vervolgafspraken gemaakt. De gegronde klachten over de voortvarendheid (3) en de administratieve zorgvuldigheid (3) gaan voornamelijk over het tijdig reageren op mails of terugbelverzoeken en het juist verwerken van gegevens. Hiervoor zijn excuses aangeboden en is er door de teammanager intern extra aandacht aan besteed. Ook voor alle ongegronde klachten geldt dat deze met de inwoners zijn besproken. Waar nodig is een nadere toelichting is gegeven.
32