Collegebrief inzake raadsdashboard Sociaal Domein
Tekst van het document
G EMEENTE HILVERSUM POSTBUS 9900 1201 GM HILVERSUM
Aan de leden van de gemeenteraad cc. college van B en W cc. pers
BEZOEKADRES: RAADHUIS DUDOKPARK 1 TELE FOONNUMMER 1 4035 WWW.HILVERSUM.NL
2 juni 2021 749376 BEHANDE LD DOOR J. Bek DATUM
ONS KENMERK
TELEFOON (035)
629 2193
BIJLAGEN BETREFT
Raadsdashboard Sociaal Domein 2021 Q1 + afdoening M20-801
Geachte raads- en commissieleden, Dit is het eerste dashboard Sociaal Domein van het jaar 2021 en inmiddels het vijfde dashboard in het nieuwe samen met u ontwikkelde format. Het dashboard is ingericht om de maatschappelijke effecten van het nieuwe beleid sociaal domein te kunnen volgen, en te kunnen toetsen of de verwachte effecten zich voordoen. In samenhang geven de geselecteerde indicatoren een integraal beeld van het sociaal domein. Continu werken we aan de verbetering van het dashboard. Mede maar niet alleen, ter invulling van motie M20-801. Ook dit dashboard bevat nieuwe informatie. Gelet op de recente positieve beoordelingen van de dashboards Q3 en Q4 2020 (commissies van 25 november en 7 april jl.) gaan we er vanuit dat de motie nu afgedaan is.
Toelichting afdoening motie M20-80 De bullets 1 en 2 van M20-801 hebben achtereenvolgens tot de volgende aanpassingen van het dashboard geleid: Van dashboard Q3 2020 t.o.v. Q2 Grafieken over de doorlooptijden van aanvragen Wmo, Jeugd, Bijstand en Minima. Een grafiek over het verloop van het bestand bijstandsgerechtigden. Verklarende tabellen bij de grafieken Jeugd. Een bijlage bij het dashboard met grafieken en tabellen beschikkingen en declaraties jeugd, beschikkingen en declaraties unieke inwoners, en beschikkingen en declaraties Wmo.maatwerkvoorzieningen. Van dashboard Q4 2020 t.o.v. Q3 Aanpassing presentatie door toepassing kleuren en groter lettertype. 1
Motie M20/80 Meer data in het dashboard sociaal domein. In de motie wordt het college opgedragen: 1. meer transparante informatie (data) en prestatie-indicatoren over het gemeentelijk beleid op grond van de Wmo 2015, de Jeugdwet en de Participatiewet op te nemen in het raadsdashboard; 2. meer inzicht te verschaffen in de percentages (aantallen) indicaties en beschikkingen op grond van de Wmo 2015, de Jeugdwet en de Participatiewet; 3. tijdiger inzicht te verschaffen in de opbouw en ontwikkeling van de kosten voortkomend uit de Wmo 2015, de Jeugdwet en de Participatiewet; 4. de commissie periodiek te consulteren over de behoefte aan specifieke data en prestatie-indicatoren in het raadsdashboard; 5. met de regio in overleg te treden over de bevordering van het delen van actuele data in het sociaal domein; 6. de effectiviteit van het bestaande raadsdashboard voor de zomer van 2021 met de commissie te evalueren.
VERVOLGBLAD
2 Aanpassing tabel en grafiek unieke jeugdigen. Een toelichting op klachten en tevredenheid inwoners. Een vernieuwde bijlage bij het dashboard met grafieken Wmo huishoudelijke hulp (beschikkingen, declaraties en aantal unieke cliënten), grafieken begeleiding en verzorging (beschikkingen, declaraties en aantal unieke cliënten), en een grafiek met informatie over ambulante jeugdhulp (beschikkingen, declaraties en aantal unieke cliënten).
Van dashboard Q1 2021 t.o.v. Q4 2020 1. Toevoeging van een grafiek over in- en uitstroom in de bijstand 2. Toevoeging aan de bijlage van een tweetal grafieken over begeleiding en verzorging jeugd (beschikkingen, declaraties en aantal unieke cliënten). De bullets drie en vijf van de motie hangen met elkaar samen. Door de gesprekken met de Regio is de dataverstrekking (bullet 5) sterk verbeterd en zijn de data nu op dagelijkse basis in te zien. Daarnaast staan we aan de vooravond van een permanente connectie met het systeem van de Regio (DLP), wat ervoor gaat zorgen dat we elke nacht actuele data overhalen naar ons eigen datawarehouse. Dit gaat ons helpen bij het verkrijgen van inzicht in de opbouw en ontwikkeling van de kosten (bullet 3), waar we overigens ook via het Regionale actieprogramma ‘Op koers naar een gezond sociaal domein’ aan werken. Over de bullets vier en zes merken wij op dat we de dashboards met ingang van Q2 2020 zijn gaan agenderen voor commissiebehandeling om u te kunnen raadplegen over het aanpassen van de op te nemen informatie. Uw positieve oordeel in de commissie van 7 april en de inhoudelijkheid van het toen gevoerde debat geven ons het vertrouwen dat we de motie als afgedaan kunnen beschouwen, en dat het dashboard als instrument in uw behoefte voorziet.
Corona-maatregelen TOZO en TONK Corona heeft een forse stempel op het jaar 2020 gedrukt, maar ook het jaar 2021 staat nog volop in het teken van Corona. Naast de Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandige Ondernemers (TOZO) voeren we nu ook de Tijdelijke Overbruggingsregeling Noodzakelijke Kosten uit. Er is hard gewerkt om zowel beleidsmatig als uitvoeringstechnisch de TONK op de rit te krijgen. Op 12 maart zijn we gestart met de uitvoering van de regeling. Hiervoor zijn in eerste instantie 3 vaste medewerkers vrij gemaakt. De uitvoering van de regeling loopt soepel. In Q1 zijn 45 vragen afgehandeld waarvan er vier zijn gehonoreerd. Zowel lokaal als landelijk loopt het niet storm met de TONK-aanvragen. Als gemeente doen we er alles aan om de regeling te laten aansluiten bij de behoeftes van de inwoners, en de regeling bij hen bekend te maken. Het Ministerie Sociale Zaken en Werkgelegenheid volgt de ontwikkelingen op de voet, en komt mogelijk met aanpassingen. Op wethouders-niveau worden in G40-verband gesprekken gevoerd met de Minister over aanpassingen van en communicatie over de regeling. De TOZO-regeling loopt in 2021 gewoon door. In Q1 zijn er 584 aanvragen toegekend. Afgezet tegenover heel 2020 (11.500 toekenningen) is dit een laag aantal. Dat komt omdat veel ondernemers hun aanvraag al vorig jaar hebben gedaan.
Vertrouwend u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd, Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
D. Emmer
Ch.B. Aptroot, wnd.
Bijlage(n) 1. Raadsdashboard Sociaal Domein 2021 Q1 2. Bijlage bij Raadsdashboard Sociaal Domein 2021 Q1 3. Bijlage met een toelichting op de data Jeugd
Tijdigheid 8 weken We hebben in Q1 94% van de aanvragen binnen de termijn afgehandeld. Daarmee behalen we bijna de doelstelling van 95.
In onderstaande grafiek wordt het verloop van de tijdigheid en aantal werkprocessen van de afgelopen 2 jaar weergegeven:
Begroting vs Realisatie De begroting van € 38,8 miljoen bestaat uit het Participatiebudget, Begeleide participatie en het grootste deel het bijstandsbudget. Ondanks de stijging van de uitkeringslasten van de afgelopen maanden (als gevolg van Covid-19) verwachten wij net als in 2020 uit te komen met het beschikbare budget. Het beschikbare BUIG budget (rijksbudget) is hier van belang. Dit budget wordt pas in september 2021 definitief. Het voorlopige BUIG budget 2021 (september 2020) lag vanwege Covid-19 beduidend hoger, echter het nader voorlopige BUIG (april 2020) ligt weer wat lager. Zoals gebruikelijk zal in Q4 voorgesteld worden het budget aan te passen in lijn met het definitieve BUIG-budget dat in september bekend wordt. Daarnaast zal u bij de eerste tussentijdse rapportage gevraagd worden om de door de gemeente ontvangen € 520.000 compensatieregeling vanuit het Rijk beschikbaar te stellen voor Tomin (zie ook raadsinformatiebrief 2021-31). Uitstroom uit bijstand naar werk In Q1 2021 zijn 27 uitkeringen volledig beëindigd wegens werkaanvaarding. In vergelijking met Q1 van 2020 zijn dit er minder. De situatie op de arbeidsmarkt is binnen een jaar dan ook ingrijpend veranderd door de coronamaatregelen. De stijgende trend in het aantal beëindigingen die in de zomer van 2020 -toen de coronamaatregelen werden versoepeld- inzette, is afgevlakt.
In vergelijking met Q4 2020 is de uitstroom dan ook lager. In het volgende raadsdashboard worden de beëindigingen uit Q1 2021 die bij het verschijnen van dit rapport nog niet administratief verwerkt zijn, opgenomen. Parttime aan het werk Het aantal inwoners met een uitkering in het kader van de Participatiewet én inkomsten uit parttime arbeid, is stabiel gebleven. Dit levert op jaarbasis een besparing op dat gelijk is aan de kosten van 83 volledige uitkeringen. Dit ligt in lijn met het resultaat van Q4 2020. Bij de uitvoering leggen we momenteel sterk de focus op het (behouden van) parttime werk als opmaat voor doorstroom naar fulltime werk. We hopen dat de huidige versoepelingen aan zullen houden, de arbeidsmarkt weer kansen biedt en daarmee de uitstroom naar werk zal stijgen. Versoepelingen leiden ook tot bredere inzet van re-integratieinstrumenten en maken fysieke begeleiding vanuit het Sociaal Plein mogelijk.
In regionaal verband worden de bijgestelde plannen van ‘Werken aan Werk’ en ‘Perspectief op Werk’ uitgevoerd. U wordt via de regiomonitor op de hoogte gehouden van de voortgang hiervan. Daarnaast wordt er een Regionaal Mobiliteitsteam opgericht in samenwerking met werkgevers- en werknemersorganisaties, het onderwijs en het UWV. Tot slot wordt een regionale aanpak jeugdwerkloosheid voorbereid en is er een leerwerkloket opgericht. We verwachten dat al deze regionale interventies zullen bijdragen aan een lager beroep op de bijstand. Enerzijds doordat er minder instroom komt, anderzijds doordat uitkeringsgerechtigden op termijn duurzaam uitstromen. Regionale interventies hebben vaak wel een langdurige inzet van ondersteuning en instrumenten nodig, zoals praktijk-leerroutes met jobcoaching en nazorg. Totaal aantal in bijstand Bestandsontwikkeling is afhankelijk van de instroom en de uitstroom. We zien een aanhoudende stijging van uitkeringsaanvragen. Het aantal ingediende aanvragen voor een uitkering in Q1 2021 ligt ongeveer 40% hoger dan Q1 2020. Het aantal beëindigingen is ongeveer gelijk. Ten opzichte van Q4 2020 zien we een daling van het aantal aanvragen. Indien deze trend zich door zet, zal de stijging van het totale uitkeringsbestand afnemen. In Q2 en verder zal moeten blijken of deze trend zich doorzet en of dit zelfs kan leiden tot een daling van het uitkeringsbestand.
Doorslaggevend hierbij is hoe de arbeidsmarkt zich de komende maanden herstelt. Dit hangt nauw samen met eventuele versoepelingen van de coronamaatregelen.
In onderstaande grafiek wordt het verloop van het aantal uitkeringen, instroom en uitstroom van de uitkeringen LO van de afgelopen 2 jaar weergegeven:
In bovenstaande grafiek is het aantal uitkeringsdossiers (2179) afwijkend van het aantal in de KPI Totaal aantal in de bijstand (2180). Dit verschil is het gevolg van het op andere momenten ‘maken’ van de grafiek en de KPI. De onderliggende data en ook de grafiek en het raadsdashboards zijn dynamisch. Elke dag worden openstaande aanvragen en beëindigingen met terugwerkende kracht verwerkt in de periode dat deze zijn gedaan/aangevraagd.
Tijdigheid In Q1 is 87% van de aanvragen binnen de wettelijke termijn van 8 weken afgehandeld. Hiermee wordt voldaan aan de doelstelling van 80% binnen 8 weken. De stijgende lijn in de afhandelingstermijn, die is ingezet in 2020, wordt dus voortgezet. De verwachting is dat het afhandelingspercentage hoger uit gaat komen dan in 2020. Vanwege het thuiswerken wordt een groot deel van de aanvragen telefonisch of met beeldbellen afgehandeld, tenzij een huisbezoek noodzakelijk is. In Q1is 98% van de aanvragen telefonisch of met beeldbellen afgehandeld en heeft er bij 2% van de behandeling van de aanvraag een huisbezoek plaatsgevonden. Het gaat dan om woningaanpassingen en/of gesprekken met zorgleveranciers en de inwoner over begeleiding. Hoe inwoners de veranderde dienstverlening ervaren, zal mogelijk blijken uit het cliëntervaringsonderzoek 2020. De resultaten hiervan wordt medio 2021 verwacht. In onderstaande grafiek wordt het verloop van de tijdigheid en aantal werkprocessen van de afgelopen 2 jaar weergegeven:
Begroting vs Realisatie Op grond van wat we nu weten ten tijde van dit dashboard 2021-Q1 zien we geen aanleiding te veronderstellen dat we niet binnen de beschikbare budgetten 2021 uitkomen. In het dashboard 2021-Q2 zijn we een kwartaal verder en kunnen we voor de prognose ook gebruik maken van de eindverantwoording 2020 die wij 1 juni 2021 van de Regio Gooi en Vechtstreek ontvangen. Het realisatiecijfer in dit dashboard 2021-Q1 zegt weinig en kan niet x4 vermenigvuldigd worden om te komen tot een prognose over heel 2021. Het is namelijk het totaal aan betaalde facturen in 2021-Q1. De realisatie is nog niet geschoond voor facturen die slaan op in 2020 geleverde zorg, en de realisatie omvat niet alle facturen die slaan op de in Q1 2021 geleverde zorg. Verdeling van meldingen De pilot Begeleiding in de Wijk, een algemene voorziening voor hulp in de buurt, loopt nu in alle wijken van Hilversum. In de periode van 1-1-2021 tot en met 1-4-2021 zijn bij Begeleiding in de Wijk 147 mensen ondersteund. Deze aanmeldingen komen deels van het Sociaal Plein en deels uit de eigen contacten van de betrokken organisaties in de buurten. In de tabel staat dat 147 mensen door het Sociaal Plein zijn verwezen naar de wijk, maar het is niet zo dat zij ook daadwerkelijk zijn ondersteund door Begeleiding in de Wijk.
Het komt namelijk voor dat bij het kennismakingsgesprek blijkt dat mensen beter geholpen zijn met een andere vorm van ondersteuning. In Q1 2021 hebben 55 inwoners een nieuwe maatwerk verwijzing voor begeleiding gekregen. Inwoners met meer complexe problematiek krijgen daarmee passende hulp. Het aantal maatwerk verwijzingen ligt in de buurt van het aantal in Q1 vorig jaar. Landelijk zien we dat er een groei is in het aantal mensen dat begeleiding nodig heeft. We zien deze groei in Hilversum dus niet terug in de maatwerkverstrekkingen en kunnen stellen dat dit wordt opgevangen door de voorziening Begeleiding in de Wijk. Verdeling van financiën Voor Begeleiding in de Wijk is in 2021 -evenals in 2020- een bedrag beschikbaar van € 350.000 per jaar (vanaf 2022 is er structureel een budget van € 170.000 beschikbaar). De totale uitgaven voor reguliere én specialistische begeleiding in Q1 2021 bedroegen € 1.375.231. De kosten voor het product "Begeleiding in de Wijk" bedragen tot nu € 202.910. Hiervan is € 170.000 een subsidie voor heel 2021 voor Versa. Daarnaast zijn er bedragen betaald aan Kwintes en Sherpa voor zorg in Q1 (circa € 19.000) en waren er advieskosten van ruim € 13.000. Verwacht wordt dat het budget van € 350.000 volledig besteed zal worden.
Beide kolommen in het plaatje “verdeling van financiën” kunnen overigens niet gekoppeld worden aan de aantallen meldingen van het plaatje “verdeling van meldingen”. Dit komt omdat in de “verdeling van financiën” betalingen opgenomen zijn voor alle in 2021 geleverde zorg; deze kan geleverd zijn aan cliënten waarvan de zorg in 2021 gestart is maar ook aan cliënten waarvan de zorg al voor 2021 gestart was en die doorloopt in 2021. De aantallen in “verdeling meldingen” betreffen alleen de nieuwe meldingen in 2021.
Tijdigheid In 98% van de gevallen wordt binnen 8 weken de beschikking verstuurd. De goede lijn van 2020 wordt voortgezet.
Begroting vs Realisatie In Q1 2021 zien we dat de uitgaven stijgen ten opzichte van vorig jaar. Dit komt door incidentele uitgaven aan het opzetten van het loket voor ondernemers, het uitbetalen van subsidies aan organisaties die vrijwillige ondersteuning bij schulden bieden, en kosten voor het onderzoek naar mogelijkheden voor het terugdringen van de uitgaven aan bewindvoering, waarover we u later zullen rapporteren.
Pro-actieve benadering Vóór 1 januari 2021 deden we een pilot met de meldingen Vroegsignalering van woningcorporaties. Sinds 1 januari 2021 melden zich wettelijk ook de zorgverzekeraars, energiebedrijven en waterbedrijven. Dat zijn significant meer signalen zoals te zien in de tabel. En er melden zich nog steeds nieuwe partners voor de Vroegsignalering bij ons. Alle mensen die gemeld worden, benaderen wij met een huisbezoek, telefonisch, per brief of met een flyer.
Totaal bereik Er hebben zich tot nu toe 80 personen gemeld voor schuldhulpverlening. Dit ligt in lijn met vorig jaar. We verwachten dit jaar een toename van het aantal meldingen omdat we gaan inzetten op communicatie om de toegang laagdrempeliger en beter vindbaar te maken.
Succes percentage In 2021 hebben tot nu toe 4 personen de stabilisatiefase met succes afgerond, dat is een percentage van 100. Er zijn in 2021 geen inwoners in deze fase uitgevallen. Door de te kiezen voor een stress-sensitieve aanpak beogen we zoveel mogelijk mensen met succes de stabilisatiefase te laten doorlopen zodat een schuldsanering gestart kan worden.
Tijdigheid In Q1 2021 hebben we 95% van de aanvragen binnen de termijn afgehandeld. Hiermee trekken we de goede lijn van 2020 door.
Begroting vs Realisatie Als we kijken naar Q1, blijven de uitgaven achter bij de begroting. Dit zal in de loop van het jaar een ander beeld laten zien vanwege posten die eenmaal per jaar gefactureerd worden, zoals bijvoorbeeld de collectieve zorgverzekering, en posten met hogere uitgaven rond de zomer in verband met de start van het nieuwe schoolen sportjaar. De verwachting is dat de realisatie ongeveer rond de begroting uit zal komen.
Bereik bij werkende armen Met de definitie “werkende armen” worden mensen bedoeld die een inkomen tussen de 110 en 130% hebben. De meeste regelingen (op het kindpakket en de regeling chronisch zieken na) hebben een maximum inkomensgrens van 120%. Er is dus een deel van de werkende armen die wij met onze regelingen niet kunnen bedienen. Het bereik zal daarom nooit 100% kunnen zijn. In Q1 hebben we 228 werkende armen bereikt (13%). Als deze ontwikkeling zich voortzet komen we hoger uit dan in 2020 (toen hadden we in totaal 829 werkende armen bereikt).
Bereik totale doelgroep In Q1 hebben wij 1.026 mensen bereikt (18%). Als deze ontwikkeling zich doorzet in 2021 komen we hoger uit dan vorig jaar. Toen hebben we in totaal 2.758 mensen bereikt. Voor de regelingen waar de inkomensgrenzen zijn verlaagd (activeringsregeling en regeling verduurzaming huishoudens) zien we dat er minder aanvragen worden ingediend en dat het afwijzingspercentage omhoog is gegaan.
Maatwerk kosten Alles wat buiten de reguliere minimaregelingen valt, telt mee onder maatwerk. Deze aanvragen, of het nu een toekenning of een afwijzing betreft, worden extra getoetst. Hiermee voorkomen we willekeur. In Q1 is €140.114 uitgegeven aan maatwerk, dit is in lijn met de uitgaven van 2020. Hiermee voldoen wij aan de wens van de Gemeenteraad om zo veel mogelijk maatwerk te leveren aan onze inwoners.
Tijdigheid In de eerste 3 maanden is 92 % van de aanvragen binnen de wettelijke termijn van 8 weken afgehandeld. Het streefcijfer 95% is hiermee helaas niet gehaald. Het is wel goed om op te merken dat een langere afhandelingstijd geen invloed heeft op de start van de zorg voor de cliënt. De zorg start vóór de afsluiting van het werkproces namelijk op het moment dat een jeugdconsulent de toekenning doet waarna de administratieve afsluiting nog volgt. Bij het gemeten percentage in dit dashboard gaat het om de afhandelingstermijn tot en met de administratieve afsluiting. In onderstaande grafiek wordt het verloop van de tijdigheid en aantal werkprocessen van de afgelopen 2 jaar weergegeven:
Begroting vs Realisatie Op grond van wat we nu weten ten tijde van dit dashboard 2021-Q1 zien we geen aanleiding te veronderstellen dat we niet binnen de beschikbare budgetten 2021 uitkomen. In het dashboard 2021-Q2 zijn we een kwartaal verder en kunnen we voor de prognose ook gebruik maken van de eindverantwoording 2020 die wij 1 juni 2021 van de Regio Gooi en Vechtstreek ontvangen. Het realisatiecijfer in dit dashboard 2021-Q1 zegt weinig en kan niet x4 vermenigvuldigd worden om te komen tot een prognose over heel 2021. Het is namelijk het totaal aan betaalde facturen in 2021-Q1. De realisatie is nog niet geschoond voor facturen die slaan op in 2020 geleverde zorg, en de realisatie omvat niet alle facturen die slaan op in Q1 2021 geleverde zorg.
Unieke jeugdigen Omschrijving Unieke Jeugdigen
Q1 1.955
Q2 1.962
Q3 1.944
Q4 1.943
2020 2.531
Q1 1.941
Gemeente Gemeente/ niet gemeente Niet gemeente Unieke Jeugdigen
467 245 1.243 1.955
484 256 1.222 1.962
503 247 1.194 1.944
478 231 1.234 1.943
531 409 1.591 2.531
470 217 1.254 1.941
Q2
Q3 -
-
Q4 -
-
-
2021 1.941
-
470 217 1.254 1.941
De aantallen unieke jeugdigen 2020 in deze raadsrapportage Q1 wijkt af van de unieke jeugdigen zoals gepresenteerd in de raadsrapportage Q4 2020. In de bijlage wordt hiervoor de verklaring gegeven. In het eerste kwartaal van dit jaar zijn er 1941 unieke jeugdigen die een vorm van jeugdhulp ontvingen. Het aantal jeugdigen dat hulp ontvangt is redelijk stabiel. Er lijkt een lichte daling, die is landelijk zichtbaar en heeft hoogstwaarschijnlijk te maken met de gevolgen van Corona, zoals de sluiting van scholen. In het eerste kwartaal hebben we 43 jeugdigen/gezinnen met versterkte procesregie. We hebben 51 PGB’s, een stijging ten opzichte van 2020 (39). Deze stijging heeft te maken met het wegvallen van enkele zorgaanbieders. Het aantal inwoners met een persoonsgerichte aanpak (PGA) nam ook toe, zie onderstaande tabel: Aantal inwoners met PGA Ultimo Categorie Q1 2020 2020 Q1 2021 18 min 8 10 11 18-23 7 7 11 23 plus 34 54 36 Totaal 49 71 58
We hebben een steekproef gedaan naar de meest voorkomende samenloop gemeente/niet-gemeente. In 60% van de gevallen (gemeente/niet-gemeente 734 gevallen) gaat het om een kind dat hulp ontvangt van de gemeente en via de huisarts. Het kan dan zijn dat een kind hulp via de gemeente ontvangt en daarna voor een nieuwe of aanvullende verwijzing naar de huisarts gaat (bv op advies van de hulpverlener) of een kind dat voor hulp naar de huisarts gaat en voor uitbreiding van de hulp bij de gemeente terecht komt.
Huisbezoeken in tijden van Corona Bij ongeveer een derde van de nieuwe aanmeldingen gaat de jeugdconsulent op huisbezoek. In de andere gevallen volstaat het om digitaal een afspraak met ouders te hebben. De overleggen Veilig Verder waar zorgen zijn over de veiligheid van kinderen vinden altijd live plaats in aanwezigheid van ouders en de Raad van de Kinderbescherming, evenals gesprekken in het kader van de PGA. Voorziening per gemeente en verwijzer In onderstaande tabel geven we inzicht in de ontwikkeling van het aantal voorzieningen per gemeente en wettelijke verwijzer, uitgesplitst naar licht, middel en zwaar. In het dashboard over 2020 gaven we aan dat er een daling leek te zijn voor wat betreft de ingezette voorzieningen door de gemeente, maar dat dat een vertekend beeld was. Dat beeld is nu hersteld, de gemeente geeft meer voorzieningen af dan de wettelijke verwijzers. De verdeling over de soorten blijft nagenoeg gelijk, de gemeente is enigszins in staat gebleken wat minder zware voorzieningen in te zetten. Voorzieningen
Q1
Q2
Q3
Q4
2020
Totaal
Q1
Aandeel Niet-gemeente Licht Middel Zwaar Totaal
49% 31 141 398 570
51% 14 77 294 385
52% 19 100 311 430
61% 18 79 354 451
53% 82 397 1.357 1.836
4% 22% 74% 100%
44% 10 76 272 358
Voorzieningen
Q1
Q2
Q3
Q4
2020
Totaal
Q1
Aandeel Gemeente Licht Middel Zwaar Totaal
51% 257 194 153 604
49% 93 146 126 365
48% 136 142 123 401
39% 85 110 96 291
47% 571 592 498 1.661
34% 36% 30% 100%
56% 178 202 83 463
Q2
Q3
Q2
Q4
Q3
-
Q4
-
-
2021
Totaal
44% 10 76 272 358
3% 21% 76% 100%
2021
Totaal
56% 178 202 83 463
38% 44% 18% 100%
Beweging specialistische zorg naar lichtere zorg In deze grafiek is te zien dat het merendeel van de ingezette voorzieningen in de categorie zwaar vallen. Zware voorzieningen worden met name ingezet door gecertificeerde instellingen, denk daarbij aan verblijf en maatregelen jeugdreclassering. In totaal gaat het om 3.249 voorzieningen die worden afgenomen door 1918 jeugdigen en dat betekent dat een jeugdige meerdere voorzieningen kan hebben. Het kan bijvoorbeeld zo zijn dat een jeugdige naar de dagbesteding gaat en ook vervoer nodig heeft. Er zijn meerdere logische combinaties van voorzieningen die worden afgegeven, zoals dat pleegzorg bijna altijd gepaard gaat met ambulante hulp. Omschrijving
Q1
Q2
Q3
Q4
2020
Q1
Licht Middel Zwaar Totaal Licht Middel Zwaar
582 842 2.172 3.596 16% 23% 60%
527 859 2.145 3.531 15% 24% 61%
536 902 2.146 3.584 15% 25% 60%
480 853 2.140 3.473 14% 25% 62%
947 1.496 3.476 5.919 16% 25% 59%
483 812 1.954 3.249 15% 25% 60%
Q2
Q3
-
Q4
-
2021
-
483 812 1.954 3.249 15% 25% 60%
In Q1 2021 zijn in totaal 13 klachten bij het Sociaal Plein ingediend. Hiervan zijn 8 klachten gegrond verklaard. De behandeling van de klachten heeft, gezien de corona-maatregelen, vooral telefonisch met inwoners plaatsgevonden. In een aantal gevallen hebben wel fysieke klachtgesprekken bij de gemeente plaatsgevonden. De klachten hebben betrekking op de normen administratieve zorgvuldigheid (1), voortvarendheid (4), bejegening (5) en informatievoorziening (2), rechtszekerheid (1). Klachten over de voortvarendheid gaan over de afhandelingsduur van aanvragen, maar ook op verzoeken tot terugbellen of mailen van inwoners. Deze situaties zijn in overleg met desbetreffende teammanager snel opgepakt en opgelost. Tevens zijn als gevolg van het onverwachte thuiswerken bij de teams duidelijke afspraken gemaakt over de (telefonische) bereikbaarheid van medewerkers voor inwoners. Bij de gegronde bejegeningsklachten zijn de klachten besproken met zowel de medewerkers en inwoners en zijn excuses aangeboden. De klachten over informatievoorziening gaan over het, voor de inwoner, onvoldoende informatie verstrekken Dit is alsnog na contact met de inwoner gebeurd en gecorrigeerd. Tevredenheid De tevredenheid van inwoners over onder andere de dienstverlening van het Sociaal Plein wordt jaarlijks na afloop van een jaar gemeten.
Dit cijfer betreft derhalve de tevredenheid over het jaar 2020 en is nagenoeg gelijk gebleven aan het cijfer over 2019 (een 7).
Bijlage Hieronder ziet u voorbeelden van een aantal grafieken die we vanuit beschikbare data hebben gemaakt. Op termijn zouden deze grafieken toegevoegd kunnen worden aan het dashboard. Hierbij geldt dat de gepresenteerde grafieken nog verder uitgewerkt en ook inhoudelijk nog geverifieerd dienen te worden.
Wmo
Huishoudelijke Hulp 2021 2.000.000 1.800.000 1.600.000 1.400.000 1.200.000 1.000.000 800.000 600.000 400.000 200.000 0 jan
feb Toegewezen
mar
Besteed
Unieke clienten met een lopende toewijzing Huishoudelijke Hulp 2019, 2020 en Q1 2021 2.200 2.100 2.000 1.900 1.800 1.700 1.600
mrt-21
jan-21
feb-21
dec-20
okt-20
nov-20
sep-20
aug-20
jul-20
jun-20
mei-20
apr-20
mrt-20
jan-20
feb-20
dec-19
nov-19
okt-19
sep-19
aug-19
jul-19
jun-19
apr-19
mei-19
mrt-19
jan-19
feb-19
1.500
Begeleiding en verzorging 2021 2.500.000 2.000.000 1.500.000 1.000.000 500.000 0 jan
feb Toegewezen
mar
Besteed
Unieke cliënten met een lopende toewijzing per maand - Begeleiding en verzorging 2019, 2020 en Q1 2021 1050 1000 950 900 850 800 750
feb-21
mrt-21
jan-21
dec-20
nov-20
okt-20
sep-20
jul-20
aug-20
jun-20
mei-20
apr-20
mrt-20
jan-20
feb-20
dec-19
okt-19
nov-19
sep-19
aug-19
jul-19
jun-19
apr-19
mei-19
feb-19
mrt-19
jan-19
700
Jeugd
Ambulante Jeugdhulp 2021 2.500.000 2.000.000 1.500.000 1.000.000 500.000 0 jan
feb Toegewezen
mar
Besteed
Unieke cliënten met een lopende toewijzing per maand Ambulante jeugdhulp 2019, 2020 en Q1 2021 1.550 1.500 1.450 1.400 1.350 1.300 1.250
jan-19 feb-19 mrt-19 apr-19 mei-19 jun-19 jul-19 aug-19 sep-19 okt-19 nov-19 dec-19 jan-20 feb-20 mrt-20 apr-20 mei-20 jun-20 jul-20 aug-20 sep-20 okt-20 nov-20 dec-20 jan-21 feb-21 mrt-21
1.200
Begeleiding en Verzorging Jeugd 2021 1.200.000 1.000.000 800.000 600.000 400.000 200.000 0 jan
feb Toegewezen
mar
Besteed
Unieke cliënten met een lopende toewijzing per maand Begeleiding en Verzorging Jeugd 2019, 2020 en Q1 2021 370 350 330 310 290 270
feb-21
mrt-21
jan-21
dec-20
okt-20
nov-20
sep-20
aug-20
jul-20
jun-20
apr-20
mei-20
feb-20
mrt-20
jan-20
dec-19
okt-19
nov-19
sep-19
jul-19
aug-19
jun-19
mei-19
apr-19
mrt-19
jan-19
feb-19
250
Verklaring verschillen in aantallen RDB Q4 en RDB Q1 In het RDB Q4 2020 hebben we voor de unieke Jeugdigen onderstaande tabel opgenomen: Omschrijving Gemeente Gemeente/ niet gemeente Niet gemeente Unieke Jeugdigen
Q1 404 300 972 1.676
Q2 420 308 1.053 1.781
Q3 430 309 1.104 1.843
Q4 404 302 1.131 1.837
2020 528 318 1.404 2.250
In het RDB Q1 2021 hebben we daarentegen de volgende tabel opgenomen: Omschrijving Gemeente Gemeente/ niet gemeente Niet gemeente Unieke Jeugdigen
Q1 467 245 1.243 1.955
Q2 484 256 1.222 1.962
Q3 503 247 1.194 1.944
Q4 478 231 1.234 1.943
2020 531 409 1.591 2.531
Q1 470 217 1.254 1.941
Q2
Q3
-
Q4
-
-
2021 470 217 1.254 1.941
Wat opvalt is dat de aantallen unieke jeugdigen in het RDB Q1 2021 (onderste tabel), voor het jaar 2020 hoger zijn dan de aantallen zoals weergegeven in het RDB Q4 2020 (bovenste tabel). Dat vraagt uiteraard om een verklaring, die hieronder wordt gegeven. De Regio is begin 2021 overgegaan op een andere manier van data-aanlevering. In de vorige systematiek is uitgegaan van het principe ‘Geen toegewezen budget = niet meetellen’. Toegewezen budget is het toegekende bedrag van de beschikking. Specifiek voor ambulante jeugdhulp treedt er in deze systematiek het volgende effect op. Ambulante Jeugdhulp wordt administratief anders verwerkt dan de andere zorgproducten van Jeugdzorg, namelijk het toegewezen bedrag wordt in 1 keer administratief geboekt in de periode en jaar dat de zorg start. Dus als een jeugdige in december 2019 een beschikking krijgt van € 15.000 voor 12 maanden ambulante Jeugdhulp, wordt het volledige bedrag toegewezen in december 2019. Met als gevolg dat deze jeugdige niet in 2020 wordt meegeteld, omdat het toegewezen bedrag niet verdeeld wordt over de jaren 2019 (1 maand) en 2020 (11 maanden). Echter de zorg wordt in 2020 nog gewoon 11 maanden geleverd.
In de nieuwe manier van data-aanlevering wordt een jeugdige meegeteld in een bepaalde periode, bijvoorbeeld Q1 2020, als deze periode valt tussen de ‘startdatum zorg’ en ‘einddatum zorg’ zoals in de beschikking is vastgelegd. Immers er is een verplichting (beschikking) aangegaan voor een bepaalde periode, en het is niet van belang hoe het toegewezen budget administratief wordt verwerkt. De jeugdige in het voorbeeld hierboven, die 1 maand zorg heeft in 2019 en 11 maanden zorg in 2020, wordt dus in de nieuwe manier van data-aanlevering meegeteld als unieke jeugdige in 2020. In de oude manier alleen in 2019. Wij hebben de definitie wijziging beoordeeld en overgenomen, immers onze verplichting ontstaat zodra de zorg start conform de startdatum van de beschikking. De KPI en tabel Unieke Jeugdigen hebben we hierop aangepast. De wijziging in de gepresenteerde aantallen betekent dus niet dat in de werkelijkheid meer of minder kinderen zijn geholpen. En het heeft ook geen financieel effect. Datagedreven werken De verschillen die door een andere definitie zijn opgetreden is een effect wat hoort bij een proces van het meer en meer datagedreven werken in een organisatie. Het toont het belang aan van het goed zicht hebben op de definities die onder tabellen en KPI’s liggen. Bovenstaande tabellen zijn dan ook beide juist, alleen laat de een wat anders zien dan de andere.