Collegebrief inzake Afdoening toezegging T21-107 - inventarisatie van maatregelen tegen energiearmoede
Tekst van het document
GEMEENTE HILVERSUM POSTBUS 9900 1201 GM HILVERSUM BEZOEKADRES:
Aan de gemeenteraad cc college van B en W cc pers
RAADHUIS DUDOKPARK 1 TELEFOONNUMMER: 14 035 WWW.HILVERSUM.NL
3 februari 2022 1095436 BEHA NDELD DOOR Sanne Noordijk TELEFOON (035) 629 2699 UW KENMERK BIJLAGEN 2 Afdoening toezegging T21-107 (inventarisatie van BETREFT maatregelen tegen energiearmoede) DATUM
ZAAKNUMM ER
Geachte raads- en commissieleden, Met deze brief informeren wij u over de aanpak energiearmoede. Op 6 oktober 2021 is in de gemeenteraadsvergadering de volgende toezegging gedaan: •
Wethouder Heller zegt toe te inventariseren welke mogelijkheden er (buiten de al bestaande mogelijkheden) zijn om maatregelen te treffen tegen energiearmoede (T21-107).
Resultaat Burgers die te maken hebben met energiearmoede hebben een laag inkomen, hoge energiekosten en/of wonen in een huis met een lagere energetische kwaliteit. Zij kunnen de energierekening niet of nauwelijks betalen. Het grootste deel van deze huishoudens woont in een huurwoning van een woningcorporatie. Maatregelen ter ondersteuning van huishoudens die te maken hebben met energiearmoede Momenteel geeft de gemeente Hilversum uitvoering aan de Regeling Reductie Energiegebruik Woningen die op 2 november 2021 door het college is aangenomen. We bereiken met deze regeling ongeveer 5.000 huishoudens, waarvan 80% in een huurhuis woont. Deze regeling loopt tot en met 31 juli 2022. Deze regeling is niet specifiek gericht op huishoudens met een minimuminkomen. Om de energiearmoede in deze doelgroep te bestrijden is gekeken naar succesvolle interventies in andere gemeentes, zoals Leeuwarden. We willen uitvoering geven aan de aanpak middels het opzetten van een werkgelegenheidsproject voor uitkeringsgerechtigden en dit te koppelen aan de invoering van energiecoaches voor minima. Dit idee is besproken met medewerkers van het team duurzaamheid van de gemeente Hilversum, woningcorporaties (Overleg De Brede Kijk) en Hilverzon.
In het project krijgen uitkeringsgerechtigden een opleiding tot energiecoach en gaan de energiecoaches voor minima drie keer op huisbezoek om zo duurzaam energiebewust gedrag te stimuleren. De energiecoaches leveren en monteren een pakket aan energiebesparende maatregelen en maken middels een energiemeter financieel inzichtelijk hoeveel geld ze maandelijks kunnen besparen Met dit project wordt tegelijkertijd invulling gegeven aan de minimaregeling verduurzaming huishoudens waarin is opgenomen dat een minima advies kan vragen aan een energiecoach. We streven er naar in het laatste kwartaal van 2022 te gaan starten met het afleggen van de eerste huisbezoeken. In januari 2022 ontvangt de gemeente Hilversum een specifieke uitkering van het Ministerie van Binnenlandse Zaken onder de voorwaarden dat deze middelen worden besteed aan ondersteuning van huishoudens (huurders en eigenaar bewoners) met een laag besteedbaar inkomen die te maken hebben met de hoge energielasten als gevolg van gestegen energieprijzen in combinatie met de lagere energetische kwaliteit van woningen.
Overeenkomstig het nieuwe financiële beleid van de gemeente is in deze specifieke situatie het college bevoegd de begroting te muteren met een bedrag van € 689.845 (het betreft een specifieke uitkering), voor wat betreft bestaand beleid door: budgetverhoging op een doel als gevolg van inkomsten van derden (financieel beleid art 5 lid c). Dit zal worden verwerkt in de Voorjaarsnota. De besteding van deze middelen dient uiterlijk 01-5-2023 te zijn afgerond en wordt verantwoord middels SiSa. Compensatieregeling Energie De gemeente Hilversum ontvangt van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een tegemoetkoming om inwoners met een minimuminkomen een eenmalige compensatie in de energielasten te verstrekken ter hoogte van € 200,00. De Compensatieregeling Energie loopt via de gebruikelijke verwerking bij de algemene uitkering via de circulaire. Middels een Raadsinformatiebrief zal de raad worden geïnformeerd. De verwerking in de begroting zal, afhankelijk van datum ontvangst van de bijdrage in de algemene uitkering, plaatsvinden in het daarop eerst volgende P&C document. Wij beschouwen hiermee toezegging T21-107 als afgedaan. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
P. Torres Barrera
P.I. Broertjes
> Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag
De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Prinses Irenestraat 6 2595 BD Den Haag
2595BD6
Datum Betreft
Postbus 90801 2509 LV Den Haag Parnassusplein 5 T 070 333 44 44 www.rijksoverheid.nl
Onze referentie 2021-0000208098
10 december 2021 Eenmalige energietoeslag lage inkomens
De kosten voor energie stijgen fors voor huishoudens. Het kabinet compenseert met de verlaging van de energiebelastingen al een aanzienlijk deel van de prijsstijging. Het betekent voor een huishouden met een gemiddeld verbruik een compensatie van ruim 400 euro. Daarnaast heeft het kabinet middelen vrijgemaakt om huishoudens die door de stijging in de knel komen tegemoet te komen. Bij motie van de leden Hammelburg (D66) en Inge van Dijk (CDA)1 is het kabinet verzocht om te onderzoeken hoe huishoudens met een laag inkomen via bestaande regelingen een energietoelage kunnen ontvangen. Daarnaast is het kabinet via de motie van Nijboer en Van der Lee2 verzocht de koopkracht van huurders in slecht geïsoleerde woningen te verbeteren. In reactie hierop heeft het kabinet bij brief van 8 november jl.3 aangegeven in gesprek te zijn met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), Divosa en gemeenten om te verkennen welke rol gemeenten kunnen spelen in het extra tegemoetkomen van huishoudens met een minimuminkomen of minimumuitkering voor de stijgende energieprijzen. Gemeenten hebben daarbij aanvankelijk een voorkeur uitgesproken voor een centraal uitgevoerde regeling, maar een dergelijke vormgeving is uiteindelijk onmogelijk gebleken. Met deze brief informeer ik uw Kamer over de mogelijkheid van een eenmalige energietoeslag voor huishoudens met een laag inkomen.
In de gesprekken heb ik grote betrokkenheid van de VNG, Divosa en gemeenten ervaren om dit vraagstuk samen met het Rijk op te pakken. De gezamenlijke conclusie is dat een gerichte oplossing voor alle huishoudens die als gevolg van de stijging van de energierekening in financiële moeilijkheden raken, voor gemeenten niet uitvoerbaar is. Een dergelijke oplossing zou namelijk vergen dat gemeenten in individuele gevallen zouden moeten vaststellen of er sprake is van een sterk gestegen energierekening, waarbij ook zou moeten worden vastgesteld dat het financiële probleem het gevolg is van een sterk gestegen energierekening. De groep huishoudens die door de stijging van de energierekening mogelijk in de knel komt, is dermate groot dat het voor gemeenten niet uitvoerbaar is om via individueel maatwerk in de bijzondere bijstand tegemoetkomingen te verstrekken. Met name huishoudens met lagere inkomens in slecht geïsoleerde woningen Kamerstukken II 2021/22, 35925, nr. 129 Kamerstukken II 2021/22, 35925, nr. 130 3 Kamerstukken II 2021/22, 35927, nr. 29 1 2
Pagina 1 van 3
hebben te maken met energiearmoede. In de zoektocht naar een oplossing is het kabinet in samenspraak met de VNG, Divosa en gemeenten daarom tot de conclusie gekomen dat alleen een meer generieke oplossing via de categoriale bijzondere bijstand, waarbij een eenmalige tegemoetkoming ambtshalve kan worden uitgekeerd, uitvoerbaar is voor gemeenten. Op die wijze kan het beroep op het maatwerk van de bijzondere bijstand voor een belangrijk deel worden voorkomen. De generieke maatregel kent een aantal aandachtspunten. De oplossing zorgt ervoor dat gemeenten kunnen aansluiten bij hun lokaal minimabeleid en dat de gemeentelijke uitvoering zoveel mogelijk wordt ontlast. Voorwaarde is dan wel dat gemeenten geen rekening hoeven te houden met de vermogenspositie van huishoudens en de financiële tegemoetkoming voor de doelgroep voldoende substantieel is om de gestegen energierekening op te kunnen vangen, zodat huishoudens niet alsnog een beroep op bijzondere bijstand behoeven te doen. Daarnaast is het bij een meer generieke oplossing onvermijdelijk dat niet alle huishoudens die het nodig hebben, direct door de gemeente worden bereikt met de tegemoetkoming. Huishoudens aan wie de energietoeslag niet ambtshalve, dus automatisch zonder aanvraag, kan worden toegekend door de gemeente, kunnen via een aanvraag in aanmerking komen voor de tegemoetkoming.
Om die groepen, waaronder werkende armen, IOW- gerechtigden, AOW-gerechtigden zonder aanvullend pensioen en zelfstandigen met een laag inkomen, ook te bereiken zal ik hiervoor samen met de VNG en Divosa publiekscommunicatie uitwerken om voldoende bekendheid te geven aan de tegemoetkoming. Tenslotte betekent een meer generieke oplossing dat, naast de huishoudens met risico op energiearmoede, ook huishoudens worden ondersteund, die niet in de financiële problemen zijn gekomen als gevolg van de stijging van de energierekening. Het kabinet acht dit acceptabel, omdat ook de meer generieke oplossing zal worden beperkt tot huishoudens met een laag inkomen. Via de gemeentelijke regeling komt er derhalve ruimte voor aanvullende compensatie voor de huishoudens met een laag inkomen bovenop de verlaging van de energiebelastingen.
Datum
10 december 2021 Onze referentie 2021-0000208098
Met VNG en Divosa is afgesproken dat wordt ingezet op het bereiken van maximaal 800.000 huishoudens met een eenmalige energietoeslag van 200 euro als richtbedrag. Kabinet en gemeenten willen dit zo snel mogelijk praktisch vormgeven zodat gemeenten in de uitvoering alvast aan de slag kunnen met deze belangrijke extra compensatie. Het kabinet stemt ermee in dat op deze manier vorm wordt gegeven aan de compensatie. In formele zin vereist het besluit een wetswijziging. Die zal zo snel mogelijk worden ingediend. Daarnaast zal het kabinet samen met de VNG en Divosa een uniforme uitvoering - ten aanzien van de doelgroep en het richtbedrag - zoveel mogelijk bevorderen door het opstellen van (niet-bindende) richtlijnen. De kaders hiervan volgen zo mogelijk nog dit jaar. Het kabinet houdt de ontwikkeling van de energieprijzen in relatie tot de lage inkomens in de gaten en indien nodig gaat het Rijk in gesprek met gemeenten. Voor de uitvoering en uitgifte van de eenmalige aanvullende tegemoetkoming – voor huishoudens met een lager inkomen - heeft het kabinet een eenmalig budget van 200 miljoen euro in 2022 beschikbaar gesteld. Een hoger beroep op de bijzondere bijstand kan met dit eenmalige budget worden gefinancierd. De middelen zullen via de algemene uitkering van het gemeentefonds aan gemeenten worden verstrekt.
De uitvoering via de categoriale bijzondere bijstand impliceert dat er geen verantwoording aan het rijk over de besteding van de middelen hoeft plaats te vinden. De 200 miljoen euro komt naast het bedrag van 3,2 miljard euro Pagina 2 van 3
dat het kabinet al beschikbaar heeft gesteld om een verlaging van de energiebelasting mogelijk te maken. In afwachting van de toekenning van een eenmalige energietoeslag is niet te voorkomen dat sommige huishoudens met een laag inkomen financiële risico’s lopen. De energieleveranciers ondersteunen klanten bij energiebesparing en verwijzen hen naar financiële hulp, zoals Geldfit.nl, en zodra een eenmalige energietoeslag in zicht is, kunnen energieleveranciers ernaar verwijzen. Het komt vaker voor dat om diverse redenen betalingsachterstanden op de energierekening ontstaan. Daarom hebben energieleveranciers incassoprocedures en geldt regelgeving om energieafsluiting zoveel mogelijk te voorkomen. Als het de leveranciers en netbeheerders niet lukt met het huishouden een oplossing te vinden of het niet lukt contact te krijgen, geven zij contactgegevens en de hoogte van de betalingsachterstand door aan de gemeente. Vanuit de gemeente (vroegsignalering/schuldhulpverlening) wordt vervolgens contact gezocht met het huishouden om een aanbod voor schuldhulpverlening te doen.4
Datum
10 december 2021 Onze referentie 2021-0000208098
Ook huishoudens met schulden hebben direct profijt van de tegemoetkoming. Op een tegemoetkoming via de bijzondere bijstand geldt een beslagverbod. Voor zover nodig zal ik dit bij gemeenten en in een gesprek met de Koninklijke Beroepsvereniging van Gerechtsdeurwaarders onder de aandacht brengen. Ten slotte is er in de begroting van het ministerie van BZK 150 miljoen euro vrijgemaakt die via een specifieke uitkering aan gemeenten beschikbaar wordt gesteld ter bestrijding van energiearmoede.5 Gemeenten kunnen deze middelen gericht inzetten om de huishoudens die te maken hebben met energiearmoede en zich in een kwetsbare positie bevinden – vanwege de gestegen energielasten – op korte termijn te ondersteunen bij het nemen van energiebesparende maatregelen om de energierekening te verlagen. In de context van de gestegen energierekening is voor huurders ook de isolatie van huurwoningen van belang. De minister van BZK zal invulling geven aan de motie van Nijboer (PvdA) en Bromet (GL).6 Daarmee is verzocht te onderzoeken op welke wijze het WWS verder kan worden aangescherpt, zodat voor woningen met de labels E, F en G een lagere huur dan nu mag worden gevraagd. De minister van BZK zal uw Kamer daarover separaat informeren. De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
A.D. Wiersma
Zie ook de beantwoording van recente Kamervragen van de leden Erkens (VVD) en Bontenbal (CDA) door de staatssecretaris van EZK, Kamerstukken II 2021/22, Aanhangsel van de Handelingen, nr. 314 5 Kamerstukken II 2021/22, 35925 VII, nr. 50 6 Kamerstukken II 2021/22, 39925, nr. 71 4
Pagina 2 van 3
*
Ontvangen door Informatiebeheer
1 * DEC. 7071 as Zaaktypegroep
w
7
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
> Retouradres Postbus 20011 2500 EA Den Haag
Gemeente Hilversum (NH) T.a.v. College Burgemeester en Wethouders Postbus 9000 1201 GM HILVERSUM
Directoraat-Generaal Bestuur, Ruimte en Wonen Directie Bouwen en Energie Turfmarkt 147 Den Haag Postbus 20011 2500 EA Den Haag www.linkedin.com/company/ ministerie-van-bzk
Kenmerk
2021-0000645993 Uw kenmerk
Datum
10 december 2021
Betreft
Middelen aanpak energiearmoede
Geacht college van Burgemeester en Wethouders,
Via deze brief informeer ik u over in de Kamerbrief van 15 oktober jl? aangekondigde specifieke uitkering die in januari beschikbaar komt voor uw gemeente om huishoudens die te maken hebben met energiearmoede te ondersteunen bij het nemen van energiebesparende maatregelen. De middelen worden zo snel mogelijk in januari 2022 aan uw gemeente beschikbaar gesteld. In deze brief licht ik het belang en inrichting van deze maatregel toe. De brief is afgestemd met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en enkele gemeenten om de richting van de regeling te toetsen.
Stijgende energielasten Sinds de zomer is er sprake van een uitzonderlijke situatie op de gasmarkt. De energieprijzen, en in bijzonder die van gas, zijn in de afgelopen maanden fors gestegen. Het kabinet ziet dat deze situatie onzekerheid oplevert. Veel Nederlanders maken zich zorgen of de prijzen blijven stijgen en of ze hun energierekening nog kunnen betalen. Het kabinet heeft daarom aangekondigd de prijsstijging volgend jaar voor iedereen te dempen met twee tijdelijke aanpassingen in de energiebelastingen. Voor een huishouden met gemiddeld verbruik betekent dit een tegemoetkoming van 422 euro (incl. btw). Specifieke maatregel voor huishoudens met lage inkomens Recent onderzoek van TNO^ laat zien dat ongeveer 550.000 huishoudens in Nederland te maken hebben met energiearmoede. Zij hebben een laag inkomen en hoge energiekosten en/of wonen in een huis van lagere energetische kwaliteit en kunnen hun energierekening niet of nauwelijks betalen. Daarom heeft het kabinet 150 miljoen euro gereserveerd voor gemeenten om deze huishoudens die in het bijzonder hard worden getroffen - door de huidige problematiek op korte termijn gerichter te ondersteunen bij het verlagen van hun energierekening. Ongeveer 75% van deze huishoudens woont in een corporatiewoning, circa 12%
* Kamerstukken II 2021/22, 29013, nr. 272 TNO: De feiten over energiearmoede in Nederland - Energiearmoede en de energietransitie, september 2021
Jl
Directoraat-Generaal Bestuur, Ruimte en Wonen Directie Bouwen en Energie
in koopwoningen en een vergelijkbaar percentage huurt van een particuliere verhuurder. De aanpak richt zich derhalve zowel op huur- als koopwoningen.
Specifieke uitkering verlagen energierekening De middelen worden als specifieke uitkering (SPUK) in januari 2022 aan u uitgekeerd. U kunt de uitkering gericht inzetten om de huishoudens die te maken hebben met energiearmoede en zich in een kwetsbare positie bevinden vanwege de gestegen energielasten - op korte termijn te ondersteunen bij het nemen van maatregelen om de energierekening te verlagen. De middelen zijn op basis van de data van TNO naar rato van het aantal huishoudens in energiearmoede per gemeente over alle gemeenten in Nederland verdeeld. Zie voor een overzicht van de bedragen per gemeente de nota van wijziging op de begroting van BZK^. Verantwoording vindt plaatst door middel van single information, single audit (SiSa). We willen onder andere weten hoeveel huishoudens u heeft bereikt en welke maatregelen zijn toegepast om de energierekening te verlagen. Inzet middelen aan gemeenten Ik realiseer me dat de aanpak van energiearmoede niet eenvoudig is en intensieve begeleiding en een gerichte inzet vraagt. Verduurzaming van de woning of het nemen van andere energiebesparende maatregelen is vaak niet de eerste prioriteit voor huishoudens die moeite hebben met de (woon- en energiejiasten. Veel gemeenten hebben een armoede-aanpak waar ook energiekosten een onderdeel van zijn.
Daarnaast is er al veel lokaal beleid gericht op reductie van energiegebruik van alle typen huishoudens opgetuigd, met een bijbehorende infrastructuur zoals energieloketten en buurtteams. Waar mogelijk zou ik u - gezien de urgentie van het probleem - willen vragen zoveel mogelijk aan te sluiten bij bestaande infrastructuur of aanpakken die kansrijk zijn voor deze doelgroep en daarop voort te bouwen. De financiële gevolgen van de gestegen energieprijzen zijn in een deel van de gevallen nu al merkbaar en daarom is de inzet van deze middelen op korte termijn wenselijk zodat de besparingseffecten waar mogelijk deze en anders de volgende winter merkbaar zijn voor de huishoudens. De besteding van deze middelen voor de gemeente moet dan ook uiterlijk 1 mei 2023 zijn afgerond.
Samenwerking woningcorporaties Omdat 75% van de huishoudens die te maken heeft met energiearmoede in een corporatiewoning woont, is samenwerking met woningcorporaties voor de hand liggend. Woningcorporaties kunnen helpen de huishoudens te selecteren op basis van o.a. betaalachterstanden of andere betalingsproblematiek. Aedes - de vereniging van woningcorporaties - zal de problematiek en aanpak ook bij haar leden onder de aandacht brengen. Daarnaast zijn we met Aedes in gesprek om tot afspraken te komen over de wijze waarop de extra middelen die beschikbaar zijn gemaakt voor de verlaging van de verhuurderheffing zo effectief mogelijk kunnen worden ingezet. Wat betreft verduurzaming staat de sector voor een forse opgave die een langere doorlooptijd kent. In het licht van de actuele problematiek, is het doel om afspraken te maken
’ Kamerstukken 11 2021/22, 35925-VII, nr. 50
Kenmerk
2021-0000645993
A
Directoraat-Generaal Bestuur, Ruimte en Wonen Directie Bouwen en Energie
die toezien op het versneld doorvoeren van verduurzamingsmaatregelen in slecht geïsoleerde woningen. De afspraken die worden gemaakt zullen richtinggevend zijn voor de extra investeringen die woningcorporaties de komende jaren met de middelen doen. Dit betekent dat de afspraken op lokaal niveau benut moeten kunnen worden bij het maken van prestatieafspraken door gemeenten, woningcorporaties en huurder. Aan welke maatregelen valt te denken Juist vanwege de diversiteit in aanpakken, krijgen gemeenten een grote mate van vrijheid bij de besteding van deze middelen. Er valt te denken aan een breed scala aan maatregelen en activiteiten, van maatregelen die direct effect hebben en snel toepasbaar zijn zoals energiedisplays en radiatorfolie tot een bijdrage aan grotere isolatiemaatregelen zoals vloer- of spouwmuurisolatie. Buurtteams en energiecoaches kunnen de huishoudens hierbij ondersteunen. Zolang de aanpak maar tot doel heeft de energierekening van huishoudens die te maken (kunnen) hebben met energiearmoede te verlagen. Daarbij is het ook mogelijk de aanpak te combineren met bestaande activiteiten en middelen binnen de gemeenten. Ook zijn combinaties met de inzet van provincies denkbaar.
Ondersteunend aanbod Om gemeenten te ondersteunen, heeft TNO op energy.nl op gemeentelijk niveau data beschikbaar gesteld die gemeenten een beeld opleveren in welke buurten energiearmoede specifiek aan de orde kan zijn en welke doelgroepen het betreft (bijvoorbeeld éénoudergezinnen of gepensioneerden). Ook de Datavoorziening Energietransitie Gebouwde Omgeving (DEGO) van de VNG kan hierbij behulpzaam zijn. Op wijk- en buurtniveau is bijvoorbeeld het percentage huishoudens met een hoge energiequote en percentage huishoudens met een laag inkomen en hoog gasverbruik te vinden. DEGO is te raadplegen via deqo.vnq.nl. Tevens treft u in bijlage I een lijst met veel gestelde vragen en antwoorden over hoe de middelen ingezet mogen worden (FAQ-lijst). \Ne organiseren begin volgend jaar ook een aantal online informatiebijeenkomsten waarbij gelegenheid is om vragen te stellen en goede voorbeelden uit te wisselen. Medewerkers van de gemeente, zowel uit het sociale- als energiedomein, kunnen zich daarvoor aanmelden. Voor verdere inhoudelijke vragen over deze uitkering, kunt u een email verzenden naar aanpak.enerqiearmoede@minbzk.nl.
Nationaal isolatieprogramma Naast deze 150 miljoen euro die het kabinet heeft vrijgemaakt ter bestrijding van energiearmoede, is er ook 514 miljoen euro beschikbaar gesteld in de periode 2022 t/m 2024 voor een nationaal isolatieprogramma. Het doel van het nationaal isolatieprogramma is het isoleren van woningen die nu nog slecht geïsoleerd zijn. Dit draagt bij aan COz-reductie en leidt bovendien tot lagere energielasten voor bewoners. De hooflijnen van het nationaal isolatieprogramma zijn medio november 2021 naar de Tweede Kamer gestuurd.Een onderdeel van het nationaal isolatieprogramma is de lokale aanpak, waarvoor gemeenten in de loop van 2022 plannen kunnen indienen. Gemeenten kunnen hun plannen hiervoor
Kamerstukken II 2021/22, 30196, nr. 770
Kenmerk 2021-0000645993
4
Directoraat-Generaal Bestuur, Ruimte en Wonen Directie Bouwen en Energie Datum
bijvoorbeeld laten aansluiten bij de transitievisies warmte, hun aanpak energiearmoede of ter bevordering van opschaling van isolatiemaatregelen bij (soortgelijke) woningen. Hierbij heeft de Kamer een duidelijke focus op energiearmoede gelegd via de motie Grinwis c.s.®, waarin de regering is verzocht de focus te leggen op woningen met label G, F, E en D en voorrang te geven aan wijken met energiearmoede. Hoe de lokale aanpak van het nationaal isolatieprogramma exact vorm krijgt en op welke criteria de plannen zullen worden beoordeeld, wordt in het voorjaar van 2022 bekend.
Financiële compensatie Daarnaast verzoekt de Motie Hammelburg/Van Dijk® het kabinet te onderzoeken hoe huishoudens met een laag inkomen een energietoelage kunnen ontvangen. Het kabinet is in gesprek met de VNG en gemeenten over of en hoe huishoudens met een laag inkomen een extra tegemoetkoming kunnen ontvangen voor de stijgende energieprijzen.
Tot slot De aanpak vraagt nauwe samenwerking tussen het sociale domein, energiedomein en externe partijen zoals woningcorporaties, verhuurders en huurdersorganisaties. Ik heb er alle vertrouwen in dat hier goede aanpakken uit volgen voor huishoudens die dat nodig hebben. Hoogachtend,
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Namens deze.
I
drs. ƒ B.F. Ku ij pers i Dïre teur-generaal Bestuu\ Ruimte en Wonen
5 Motie Grinwis, Boulakjar, Bromet, Kamerstukken 11 2021/22 32813, nr. 924. 6 Kamerstukken 11 2021/22, 35925, nr. 129
Kenmerk 2021-0000645993
Bijlage I FAO lijst - aanpak enerqiearmoede:
1. Wanneer krijgen gemeenten het geld op hun rekening? Januari 2022 krijgen alle gemeenten een beschikking toegestuurd, met daarin het bedrag dat aan de
betreffende gemeente wordt over gemaakt. 2. Moeten ze hiervoor een plan indienen en wat zijn de eisen die hieraan worden gesteld? Voor het ontvangen van de specifieke uitkering hoeft geen plan ingediend te worden. De middelen
zijn verdeeld op basis van de data uit het recente rapport van TNO over energie armoede. Het geld wordt naar rato van het aantal huishoudens met energiearmoede verdeeld. Wel moet de gemeente achteraf via de SiSa systematiek aangeven hoe de middelen zijn ingezet. De verantwoording vindt plaats in de jaarrekening van de gemeente en wordt gecontroleerd door de accountant. 3. Wat gebeurt er als het geld niet of gedeeltelijk wordt gebruikt? Als het geld niet of gedeeltelijk wordt gebruikt zal BZK het geld (gedeeltelijk) terugvorderen. 4. Hoe bepalen gemeenten welke huishoudens hiervoor in aanmerking komen? Gemeenten dienen de middelen gericht in te zetten om huishoudens in een kwetsbare positie vanwege de hoge energielasten te ondersteunen bij het nemen van maatregelen om het
energieverbruik te verminderen. De manier waarop dit wordt aangepakt is aan de gemeenten. Ze kunnen hiervoor aansluiting zoeken bij de kennis en ervaring vanuit het sociale domein. TNO heeft naast de data per gemeente ook de beschikking over verschillende data op wijk- en buurtniveau die inzicht en handvatten bieden aan gemeenten om de activiteiten specifiek te richten. Deze data zijn (binnenkort) te vinden op: https://energy.nl/category/themas/energie-rechtvaardigheid/
5. Krijgen gemeenten de gegevens van TNO ook zelf beschikbaar? Het rapport van TNO 'De feiten over energiearmoede in Nederland - inzicht op nationaal en lokaal niveau', is online gepubliceerd en te vinden op: TNO-2021-P11678 (2).pdf. Zoals in vraag 3 is vermeld, heeft TNO ook data op wijk- en buurtniveau die met de gemeenten worden gedeeld. Moet het geld voor kleine energiebesparende maatregelen worden gebruikt of mag het ook naar grote isolatie maatregelen gaan? De specifieke manier waarop de middelen worden ingezet, is aan de gemeenten. Wel is het de bedoeling dat met de middelen huishoudens in een kwetsbare positie vanwege de hoge energielasten worden ondersteund. Bij voorkeur sluit de gemeente aan bij initiatieven die al lopen. Het nemen van
6.
grote isolatie maatregelen (op korte termijn) zal tot gevolg hebben dat minder huishoudens worden geholpen. Die afweging is aan de gemeente om te maken.
7. Kunnen we het systeem via vouchers uitgeven? Dit is aan de gemeente zelf, maar gelet op de doelgroep lijkt dat niet de meest kansrijke route. 8. Hoe moeten de gemeenten dit geld verantwoorden? De gemeente zal worden gevraagd om achteraf via de SiSa (Single Information Single audit) systematiek aan te geven hoe de middelen zijn ingezet. De verantwoording vindt plaats in de jaarrekening van de gemeente en wordt gecontroleerd door de accountant. De indicatoren zullen in de beschikking worden aangegeven.
9. Tot wanneer mogen gemeenten het geld inzetten? Het streven is om nog deze winter of komende winter deze huishoudens te bereiken. De besteding van deze middelen voor de gemeente moet uiterlijk 1 mei 2023 zijn afgerond.
10. Mogen gemeenten samenwerken? la, gemeenten mogen samenwerken. Het geld wordt echter per gemeente uitgekeerd. 11. Mogen gemeenten het geld aan laten sluiten bij plannen uit de RREW? Ja, zeker. Veel gemeenten hebben reeds beleid ontwikkeld gericht op de reductie van energiegebruik van huishoudens (onder andere via de RRE en RREW) en daar een infrastructuur voor staan via
bijvoorbeeld energieloketten, energiecoaches, energie coöperaties etc. Omdat uit het TNO rapport blijkt dat veel kwetsbare huishoudens in de sociale huursector zitten, kan met name de aanpak voor de huurwoningen uit de RREW van nut zijn om bij aan te sluiten.
12. Waar kunnen gemeenten terecht voor vragen? Deze middelen worden direct door BZK aan gemeenten uitgekeerd. Vragen kunnen gestuurd worden naar de volgende postbus: aanoak.eneraiearmoede@mlnbzk.nl. Daarnaast zullen ook een aantal
Webinars of andere online sessies gefaciliteerd worden, waar gemeenten en BZK van gedachten kunnen wisselen over aanpakken die effectief zijn.
13. Mogen uit de middelen ook energiecoaches worden betaald? Ja. Gemeenten mogen zelf bepalen hoe ze de middelen inzetten om huishoudens te ondersteunen. 14. Mag er ook (korting op) energiezuinig witgoed mee worden aangeschaft? Ja. Alles wat ondersteuning biedt aan huishoudens in een kwetsbare positie vanwege de hoge energielasten (gas en elektra) is in principe mogelijk. Zeker als de gemeente daar al een effectieve actie op heeft ontwikkeld.
15. Hoe zit het met de BTW? De bedragen worden exclusief BTW overgemaakt. Er kan aanspraak worden gemaakt op BTWcompensatie via het BTW compensatiefonds. 16. Kunnen andere partijen (bijvoorbeeld provincies) ook deelnemen? Nee. Het bedrag is bestemd voor gemeenten maar het kan wel besteed worden aan een aanpak die
ook door de provincie wordt ondersteund. 17. Zijn er voorbeelden van effectieve aanpakken? Ja. Deze voorbeelden worden online beschikbaar gesteld. 18. Mogen gemeenten de middelen ook aan huishoudens uitkeren als financiële compensatie? Nee. Daar is een aparte compensatie van de energierekening voor. De middelen die gemeenten nu krijgen, dienen ingezet te worden door de gemeenten voor maatregelen ter ondersteuning van huishoudens voor de gestegen kosten voor energie, en/ofeen slechte energetische staat van hun woning.
19. Mogen met de middelen ook verhuurders worden ondersteund voor isolatie? Ja, in principe is er een ruime beleidsvrijheid. Gemeenten moeten wel voldoen aan de staatssteun regels en ze moeten verantwoorden hoeveel huishoudens ze met hun aanpak hebben bereikt.
20. Mogen de middelen ook besteed worden voor energie opwek? Er is een ruime beleidsvrijheid voor gemeenten, uiteraard dienen de middelen wel ten goede te komen aan de doelgroep, dient de gemeente deze middelen uiterlijk 1 mei 2023 te besteden en dient aan de staatssteunregels te worden voldaan.
*
21. Kunnen gemeenten huishoudens benaderen met gegevens uit het sociaie domein en hoe zit dat dat met de AVG? Uit de voorbeelden van gemeenten blijkt dat het effectief kan zijn actief samen te werken met de
collega's van de sociale zaken afdeling van de gemeenten. Dat de AV6 daarbij gerespecteerd moet worden spreekt voor zich. 22. Zitten er nog eisen aan de ondersteuningskosten die gemaakt mogen worden? Nee, er zijn geen eisen aan de ondersteuningskosten zoals bij de RREW. De gemeente heeft een grote mate van beleidsvrijheid. Omdat deze doelgroep een actieve benadering vereist, kan het zijn dat de
gemeente meer middelen voor ondersteuning van de activiteiten nodig heeft dan bij de RREW het geval is. 23. Mogen de middelen ingezet worden om quickscans voor VvE's uit te voeren? Als deze quickscans onderdeel zijn van de gemeentelijk aanpak om te achterhalen wat voor de doelgroep juiste maatregelen zijn, dan is die ruimte er. 24. Waar kan ik mij aanmelden voor de webinars? Via aanpak.eneraiearmoede@minbzk.nl kunt u zich aanmelden voor de webinars waarin meer informatie wordt gegeven en er ruimte is voor verdere vragen.
25. Gelden er staatssteunregels? Ja. Bij het verlenen van de specifieke uitkeringen dient rekening te worden gehouden met de Europese staatssteunregels, zoals vastgelegd in het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie (artikelen 107 tot en met 109 VWEU). Zie voor algemene informatie: https://europadecentraal.nl/onderwerp/staatssteun/
26. Wanneer is er geen sprake van staatssteun? Bij het beschikbaar stellen van advies, energiebesparende materialen of het inregelen van een cvinstallatie voor een eigenaar-bewoner is er in ieder geval op dat niveau geen sprake van staatssteun, omdat dit particulieren betreft en geen ondernemingen in Europeesrechtelijke zin. 27. Mogen gemeenten het geld overdragen aan woningcorporaties? Dit ligt aan de aard van de maatregelen die de woningcorporaties hiermee financieren. De
maatregelen moeten de huurder ten goede komen en niet de woningcorporatie zelf. Woningwaarde verhogende maatregelen zoals bijvoorbeeld glasisolatie, is wel staatssteun en dient de woningcorporatie zelf te financieren. Voor het beschikbaar stellen van advies, energiebesparende materialen of het inregelen van een cv-ketel voor een huurder via de verhuurder, is er geen sprake van staatssteun. Wanneer de gemeente in het kader van de specifieke uitkering afspraken maakt met verhuurders bij
de aanpak, moeten de afspraken zijn gericht op het geven van informatie en bieden van (eenvoudige) energiebesparende maatregelen aan huurders om deze aan te brengen In de woningen. In dat geval
is er geen sprake van een voordeel dat de verhuurders toekomt, mits de specifieke uitkering wordt
ingezet voor de huurder. De informatie en de maatregelen worden immers ter beschikking gesteld aan de huurders en komt hen ook ten goede in het energieverbruik.