Bijlage - Collegebrief Financiën opvang ontheemden Oekraïne 2022 en afdoening toezeggingen T22-23, T22-34, T22-50, T22-52 (1217164)
Tekst van het document
GEMEENTE HILVERSUM POSTBUS 9900 1201 GM HILVERSUM BEZOEKADRES:
Aan de gemeenteraad cc college van B en W cc pers
RAADHUIS DUDOKPARK 1 TELEFOONNUMMER: 14 035 WWW.HILVERSUM.NL
1 november 2022 ZAAKNUMMER 1217164 BEHANDELD DOOR Arnoud Beens TELEFOON (035) 629 2759 DATUM
UW KENMERK BIJLAGEN BETREFT
Financiën opvang ontheemden Oekraïne 2022 en afdoening TZ 22/23, TZ 22/34, TZ 22/50, TZ 22/52 Geachte raads- en commissieleden, Met het uitbreken van de oorlog in Oekraïne eind februari dit jaar is de gemeente voor een nieuwe taak komen te staan. Onder hoge tijdsdruk is de opvang van ontheemden uit Oekraïne in onze gemeente heel snel tot stand gekomen. Bewondering en waardering wordt uitgesproken voor de inzet die hiervoor vanuit de ambtelijke organisatie, de diverse maatschappelijke partners en de vele vrijwilligers is en wordt getoond. Het Rijk heeft direct het standpunt ingenomen dat gemeentes er, als gevolg van deze extra taak, niet financieel op achteruit mogen gaan. De praktische uitwerking van dat standpunt heeft gaandeweg dit jaar, door verschillende vooraankondigingen en regelingen, vanuit het Rijk vorm gekregen. Voordat deze regelingen inhoudelijk waren vormgegeven, vond de uitvoering van deze opvang wel al plaats. Dit heeft een periode van onzekerheid qua handelingsbevoegdheid en financiële dekking tot gevolg gehad. Ook nu is er nog sprake van onzekerheid, omdat regelingen nog niet (helemaal) bekend zijn en ze doorgaans een tijdelijk karakter hebben. Het navigeren van die onzekerheid vindt met grote zorgvuldigheid plaats vanuit de inhoudelijke taak en maatschappelijke plicht om deze opvang te realiseren.
In de eindejaarsrapportage is een eerste beeld opgenomen van de kosten en vergoedingen voor de opvang van ontheemden uit Oekraïne in 2022. Vooruitlopend daarop informeren wij u als Raad over de huidige financiële situatie. De opvang van ontheemden uit Oekraïne bestaat uit verschillende onderdelen. Er is daarom vanuit het Rijk niet één allesomvattende regeling op deze taak van toepassing. De hoofdtaak is het organiseren van gemeentelijke opvang voor deze groep, zoals bijvoorbeeld in hotels en op de Heuvellaan 50 gebeurt. In de Regeling opvang ontheemden Oekraïne (hierna: ROOO) is vastgelegd waar deze opvang aan moet voldoen. In de Bekostigingsregeling opvang ontheemden Oekraïne (hierna: BOOO) is vervolgens de financiële compensatie van het uitvoeren van de ROOO uitgewerkt. De gemeente ontving in de periode maart tot en met medio oktober vanuit het Rijk een dagvergoeding van € 100 per gerealiseerde
opvangplek in een gemeentelijke opvanglocatie. Per 15 oktober is die dagvergoeding verlaagd naar € 83. Deze vergoeding wordt het “normbedrag” genoemd. Dit normbedrag moet alle kosten die te maken hebben met het organiseren van de gemeentelijke opvang, dekken. Hieronder vallen bijvoorbeeld de huur van een locatie, catering en locatiemanagement maar ook zaken zoals het leefgeld voor de bewoners van de gemeentelijke opvanglocaties en alle algemene gemeentelijke uitvoeringskosten met betrekking tot de ROOO. Verreweg de meeste kosten met betrekking tot de opvang van de ontheemden uit Oekraïne komen voort uit het uitvoeren van de ROOO. Het normbedrag dat daar als vergoeding tegenover staat, is de grootste compensatiebron vanuit het Rijk. Begin september is er een eerste normbedrag voorschot aanvraag van € 14,2 miljoen ingediend bij het Rijk. De totale vergoeding op basis van het normbedrag wordt in 2022 geraamd op ongeveer € 14,5 miljoen (€ 10,9 op basis van de opvang op de Heuvellaan 50 en € 3,6 miljoen voor hotelopvang). Op basis van het eerste beeld van de totaal verwachte kosten en vergoeding in de eindejaarsrapportage 2022 ziet het er naar uit dat dit normbedrag inderdaad het totaal aan kosten van deze opvang voor de gemeente dit jaar zal dekken. Daarbij de kanttekening dat de inzet van het reguliere ambtelijk apparaat hierbij buiten beschouwing is gelaten.
Naast deze hoofdtaak van het organiseren van de gemeentelijke opvang voor ontheemden uit Oekraïne, zijn er andere bijkomende taken met financiële gevolgen. Deze worden niet door het normbedrag gedekt maar worden door het Rijk op een andere manier vergoed of gecompenseerd: -
Transitiekosten: de kosten om een opvanglocatie bouwkundig klaar te maken voor opvang. De kosten moeten vooraf ter goedkeuring in de vorm van een business case aan het Rijk worden voorgelegd. Na goedkeuring van het Rijk worden de transitiekosten naar rato van de totale inzetbaarheid van de locatie vergoed. • Voor de Heuvellaan 50 heeft het Rijk de totale transitiekosten van zo’n € 467.000 goedgekeurd. Omdat de locatie voor de totale huurperiode van 12 maanden voor de opvang van ontheemden uit Oekraïne wordt ingezet, worden die kosten volledig door het Rijk vergoed. Ook voor deze kosten is begin september een vergoeding voorschot aangevraagd. Zowel deze kosten als de vergoeding zijn verwerkt in de eindejaarsrapportage 2022. • Voor de Thebe 22 wordt voor het eind van dit jaar ook een business case ingediend. Omdat deze locatie voor de publicatiedatum van de regeling al bij het Rijk is aangemeld, vindt de transitie van deze locatie al plaats voordat de business case is ingediend. De huurperiode betreft 5 jaar. Zodra de Thebe bouwtechnisch gereed is voor opvang, loopt het huurcontract voor deze locatie nog zo’n 4 jaar door. Het Rijk stemt in de regel telkens met periodes van 12 maanden in met de inzet van een opvanglocatie voor de ontheemden uit Oekraïne. Naar verwachting zal in eerste instantie daarmee naar rato 1/4e van de transitiekosten daarmee worden gecompenseerd.
Verdere compensatie is afhankelijk van de vervolginzet van de locatie. Bij het verlengen van de opvangperiode voor ontheemden uit Oekraïne, zal naar rato een aanvullend deel van de transitiekosten worden vergoed. • De business case van de Anton Philipsweg 1 is recentelijk door het Rijk goedgekeurd. De verwachte huurperiode betreft 3 jaar. Er is ingestemd met een aanvankelijke opvangperiode van 12 maanden. Afgezet tegen het totaal van de verwachte looptijd van deze locatie zal daarmee nu 1/3e van de transitiekosten worden vergoed. Ook hier is verdere compensatie afhankelijk van de vervolginzet van de locatie. 2
•
Met de accountant is overlegd over hoe financieel technisch met de transitiekosten voor meerjarige opvanglocaties moet worden omgegaan. De transitiekosten voor de Thebe 22 en de Anton Philipsweg 1 worden geraamd op zo’n € 9 miljoen, waarvan in eerste instantie minimaal € 2,4 miljoen wordt vergoed door het Rijk. Geadviseerd wordt om de transitiekosten te activeren over de maximale huurperiode van de desbetreffende opvanglocatie. Op deze wijze kunnen de transitiekosten gespreid worden over meerdere jaren. Het investeringsvoorstel om deze transitiekosten te activeren wordt nog middels een raadsvoorstel aan u voorgelegd. Dit zal voor de behandeling van de jaarrekening 2022 aan u worden aangeboden, zodat de financiële mutaties verbonden aan dat voorstel nog in die jaarrekening kunnen worden verwerkt.
-
Leefgeld particuliere opvang – Er wordt leefgeld uitgekeerd aan de ontheemden uit Oekraïne. In de BOOO wordt een onderscheid gemaakt tussen het leefgeld aan ontheemden in een gemeentelijke opvanglocatie (zoals de Heuvellaan 50) en ontheemden in particuliere opvang (bij mensen thuis). Het leefgeld voor ontheemden in een gemeentelijke opvanglocatie moet worden gedekt uit het normbedrag. Dit is meegenomen in de berekening van de kostendekkendheid van dat normbedrag zoals hiervoor beschreven. Het leefgeld aan ontheemden in de particuliere opvang staat daar echter los van en wordt als aparte kostenpost vergoed op basis van de werkelijke kosten. Voor het uitkeren van dit leefgeld worden ook uitvoeringskosten gemaakt door de gemeente. Om deze uitvoeringskosten te compenseren, keert het Rijk een opslag uit aan de gemeente op basis van het aantal personen dat per maand in de particuliere opvang in de gemeente zit. Een raming van de kosten en opbrengsten met betrekking tot het leefgeld particuliere opvang zijn opgenomen in de eindejaarsrapportage 2022.
-
Onderwijshuisvesting – om te kunnen voorzien in het onderwijsaanbod voor leerplichtige ontheemde kinderen uit Oekraïne, worden kosten gemaakt voor de onderwijshuisvesting. Hier staan vanuit het Rijk aparte regelingen tegenover. Op dit moment is er op de Thebe 22 op de begane grond onderwijshuisvesting voor deze groep leerlingen gerealiseerd. De hieraan verbonden kosten en vergoedingen worden in de jaarrekening toegelicht.
-
Leerlingenvervoer – via de algemene uitkering (de circulaires van het gemeentefonds) zal een generieke compensatie voor de kosten van het leerlingenvervoer van ontheemden uit Oekraïne worden ontvangen. De eerste compensatie hiervoor (€ 93.000) is toegekend bij de septembercirculaire 2022 en wordt gestort in de reserve opvang Oekraïners. De totale kosten voor het leerlingenvervoer van deze groep leerlingen zal vervolgens uit de reserve worden onttrokken. De verwachting is dat de kosten lager uitvallen dan de ontvangen vergoeding. Deze kosten en vergoedingen zijn nog niet in de eindejaarsrapportage verwerkt, maar worden in de jaarrekening 2022 inzichtelijk gemaakt.
-
Meerkosten reguliere zorgtaken – met de toestroom van ontheemden uit Oekraïne kunnen de kosten van reguliere zorgtaken, zoals bijvoorbeeld de Jeugdwet, ook hoger uitvallen. Hoeveel meerkosten dit werkelijk tot gevolg heeft, kan om meerdere redenen niet exact worden vastgesteld. Zo worden in het kader van privacy bijvoorbeeld geen persoonsgegevens, waaronder informatie over iemands nationaliteit, doorgegeven aan de gemeente. Voor de mogelijke meerkosten van deze zorgtaken zal het Rijk de gemeente een generieke compensatie uitkeren op basis van een schatting van de daadwerkelijke aantallen opgevangen Oekraïense 3
ontheemden. In de eindejaarsrapportage 2022 zijn deze kosten en vergoedingen nog niet verwerkt, ook deze worden in de jaarrekening 2022 inzichtelijk gemaakt. Daar waar vergoedingen niet kostendekkend blijken, zal het tekort uit de reserve opvang Oekraïners worden gedekt. Daar waar vergoedingen hoger uitvallen dan de gemaakte kosten, zal het overschot van die uitkering in diezelfde reserve worden gestort. Het Rijk heeft aangegeven dat als er meer normbedrag wordt ontvangen dan er totaal aan kosten wordt gemaakt, het overschot van deze vergoeding ook niet terugbetaald hoeft te worden aan het Rijk. Zo zal het totaal aan kosten door het totaal aan vergoedingen voor de opvang van de ontheemden uit Oekraïne worden gedekt. In de jaarrekening 2022 zal inzichtelijk zijn hoe het totaal van de diverse kosten en vergoedingen dit jaar uitkomt. Het eerste beeld nu bij de eindejaarsrapportage is vooralsnog in lijn met het uitgangspunt van het Rijk dat de gemeente er niet financieel op achteruit gaat als gevolg van de extra taak van de opvang van ontheemden uit Oekraïne. Hoe de oorlog in Oekraïne, en daarmee de opvang van de ontheemden, zich op de langere termijn ontwikkelt, is uiteraard nog een groot onzeker element. De uitvoering van de opvang voor ontheemden uit Oekraïne in onze gemeente beweegt mee met de geopolitieke ontwikkelingen en de vraag en (toekomstige) kaders vanuit het Rijk.
Daarnaast is er nog onzekerheid over de Algemene Maatregel van Bestuur die de huidige bekostigingsregeling zou moeten gaan vervangen. Ook het tussentijds naar beneden bijstellen van het normbedrag (zoals per 15 oktober is gebeurd) maakt het moeilijk om een bepaalde mate van zekerheid te geven voor de langere termijn. Daarmee valt de toekomstige vergoeding lager uit dan vooraf in de business cases van de locaties geprognotiseerd. Op basis van de huidige ramingen kan voor de korte termijn gesteld worden dat de totale opbrengsten en totale kosten in lijn zijn met elkaar. Zodra gemeenten meer kosten hebben dan opbrengsten kunnen zij in gesprek met het Rijk en komen zij wellicht in aanmerking voor de uitzonderingsclausule op basis waarvan de meerkosten eveneens worden vergoed door het Rijk. Dit is voor Hilversum tot op heden nog niet aan de orde. Een eerste meerjarig beeld zal, gezien de onzekerheden, bij de voorjaarsnota 2023 inzichtelijk zijn. Toezeggingen commissie 5 oktober jl. naar aanleiding van de bespreking collegebrief “Perspectief inzake opvanglocaties voor ontheemden uit Oekraïne”. Tijdens de bespreking van de “Collegebrief Perspectief inzake opvanglocaties voor ontheemden uit Oekraïne” op 5 oktober jongsleden zijn een aantal toezeggingen gedaan en is afgesproken deze in de volgende raadsinformatiebrief met u te delen. Via deze brief geven wij daar invulling aan.
In de commissie van 5 oktober jl. is door Wethouder Heller mondeling een toelichting gegeven op waar resultaat of inspanningsverplichting van toepassing is (T22/23). Antwoord/toelichting: Er is een inspanningsverplichting voor realiseren asielopvang. Er is een resultaatverplichting (regionaal) voor realiseren van 2000 plekken voor Oekraïneopvang en nog een inspanningsverplichting van 220 extra plekken. Het college heeft de raad het aanbod tijdens de commissie van 5 oktober jl. gedaan om in afwachting van de wetgeving, in januari een BVS te organiseren voor de taakstelling van reguliere asielopvang. Het college wil namelijk eerst de raad horen voordat zij acteert. Tot dat moment worden geen onomkeerbare besluiten op dit gebied genomen – met uitzondering voor crisis noodopvang, dit is als toezegging (T22/51) genoteerd en daar zullen we in januari invulling aan geven. 4
Daarnaast heeft wethouder Heller aan het einde van de raad van de 21e september jl. de toezegging gedaan om op een ander moment met de raad te spreken over de opvang van ontheemden (T22/34). Met de agendering en bespreking van de collegebrief in de commissie van 5 oktober jl. is daaraan invulling gegeven. Programma Opvang Vluchtelingen in Hilversum en criteria voor noodopvang De burgemeester zegt toe dat naar verwachting in 4 tot 6 weken een beeld is van de inrichting van de organisatie rond de opvang en dit in de volgende raadsinformatiebrief over de opvang te delen (T22/50). In deze brief worden ook de criteria voor noodopvang meegestuurd (T22/52). Hieronder vindt u de inleiding voor de programmaopzet en de na te streven resultaten en doelen. De opzet van de programmaorganisatie wordt op dit moment nog uitgewerkt en vraagt om bestuurlijke besluitvorming. Naar verwachting vindt besluitvorming hierover plaats begin december. Begin 2022 is een crisisorganisatie ingericht die als opdracht had het realiseren en exploiteren van opvangplekken en daarnaast het zorgen voor onderwijs, dagbesteding, zorg en leefgeld voor de ontheemden. Ondanks dat de druk nog steeds groot is en de kaders waar het gaat om onderscheid in groepen vluchtelingen, wetgeving en taakstelling zijn de processen binnen de gemeente en ook daarbuiten inmiddels beter uitgelijnd.
Naast de opvang van Oekraïense vluchtelingen wordt de situatie voor vluchtelingen uit andere landen ook steeds nijpender. Dat heeft geleid tot taakstellingen vanuit het Rijk om ook voor deze groep opvang te verzorgen. Het is niet de verwachting dat de stroom vluchtelingen op korte termijn zal afnemen. Niet vanuit Oekraine, en ook niet vanuit andere landen. Recente wetenschappelijke studies van het Clingendael instituut spreken van een toenemende stroom vluchtelingen in 2023 en 2024. Het is waarschijnlijk dat aanvullende crisis -en noodopvanglocaties nodig zijn in 2023 en verder om aan de taakstellingen te voldoen. De zoektocht en het operationaliseren van nieuwe geschikte locaties zal aanhouden. Ook moet er zicht zijn op locaties op lange termijn (na de lopende contracten), rekening houdende met de woningvraag in Hilversum zelf. Een lange adem in de opvang en begeleiding is nodig en daarom bereidt de gemeente Hilversum zich structureel voor op langdurige inzet op dit dossier. Belangrijke stap daarbinnen is het structureler organiseren van het werk dat binnen en buiten de gemeente plaatsvindt. De huidige crisisorganisatie wordt omgebouwd tot programmaorganisatie voor de komende 4 jaar die als dedicated team verantwoordelijk is voor de uitvoering van de vluchtelingenopgave in haar volle breedte.
De programmaorganisatie zal zich richten op de volgende taak- en resultaatverplichtingen vanuit het Rijk: • Vluchtelingen uit Oekraïne en uit andere landen. • Crisisopvang /Noodopvang (0 tot 6 maanden): (Gedeelde) wooneenheid, slaapvertrek, dagverblijf/eetzaal, sanitair. • Reguliere opvang (6 tot 24+ maanden): Zelfstandige wooneenheden met gemeenschappelijke voorzieningen (douches, toiletten en eten). • Plaatsing van statushouders. • En daarnaast richt het programma zich op de mensen die verblijven in gastgezinnen. En streeft daarbij de volgende doelen na: • Voldoen aan de taakstellingen vanuit het Rijk en de wetgeving voor Oekraïners. 5
• •
• • •
Voor de opvang inzet op leegstaande kantoorpanden om verdringing op de reguliere woningmarkt te voorkomen. Het realiseren van flexwoningen waarin voor een langere tijd (maximaal 10 jaar) zowel starters als spoedzoekers vanuit Hilversum als ook statushouders kunnen wonen. Het realiseren van flexwoningen vindt plaats in overleg met de wooncorporaties. Een goede spreiding over de verschillende wijken. Inburgering vanaf dag één: o.a. BSN, leefgeld, zorg, sport en taalonderwijs. In gesprek zijn en blijven met de directe omgeving.
De volgende criteria zijn toegepast voor inzet van de huidige locaties: • Locaties moet voldoende omvang hebben zodat er veel plekken op korte termijn gerealiseerd kunnen worden. • Liefst langere looptijd huurovereenkomsten, zodat de locatie kan worden ingezet op meerjarige beschikbaarheid (middellange termijn). • Type locaties. Er wordt ingezet op leegstaande kantoorpanden om verdringing op de reguliere woningmarkt te voorkomen. • Technisch in zo’n staat dat de transitie van panden tot tijdelijke opvanglocatie uitvoerbaar is binnen 3 tot 6 maanden. • Menselijke beheersbaarheid. De locaties moeten voldoende uitzicht op leefbaarheid voor Oekraïners bieden alsook uitzicht op een uitvoerbaar beheersplan voor de personele inzet (locatiemanagement). • Een business case met een redelijke kans van slagen bij aanvraag van goedkeuring bij de NOO/Ministerie J&V.
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
mr. C.P. Torres Barrera
dr. ir. G.M. van den Top
6