CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage bij vraag 16 Eindrapport-Waar-blijft-het-vijverpeil-van-35m+NAP-def2-inclusief-bijlage (1)

COMMISSIE - Vragenuur 28 februari 2024, gemeente HilversumBij agendapunt: Vragen aan burgemeester Van den Top en wethouders Walters, Van Hunnik, Scheepers, Heller en van Voorden11.071 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Bart van der Velde | Gemeente Hilversum | “Waar blijft het vijverpeil van 3,5m+NAP?” pag. 34

“Waar blijft het vijverpeil van 3,5m+NAP?” In 2010 is er zeer veel water gevallen, de intensiteit kan worden vergeleken met een T=60. Deze bui werd als zeer heftig ervaren maar toch werd het maximale vijverpeil van 3,5 m + NAP niet bereikt. Uit dit onderzoek is gebleken dat de berging in voornamelijk de oevers van de vijvers behoorlijk is, wat verklaart dat het vijverpeil in 2010 weliswaar gestegen is maar niet tot maximaal. Ook kan worden geconcludeerd dat een T=100, wat het hemelwatersysteem in Hilversum-oost met de bijbehorende vijvers Anna’s Hoeve moet kunnen bergen, niet is opgetreden sinds de Laarder Wasmeren in 2006 zijn afgekoppeld. Dit onderzoek geeft een getal voor de bergingscapaciteit die beschikbaar is in de vijvers Anna’s Hoeve, namelijk 110.000 m³ bij een grondwaterstand van 2,5 m+NAP. De berging neemt toe bij een lagere grondwaterstand. Een waterbezwaar dat bij een T=100 tot afvoer kan komen, hier berekend op 192.000 m3, zal het vijverpeil wel doen stijgen tot NAP+3,5 m. Bij een grondwaterstand hoger dan NAP + 1,75 m kan deze hoeveelheid niet volledig worden geborgen in de vijvers Anna’s Hoeve. Extra bergingscapaciteit is dan benodigd Of de 192.000 m3 ook daadwerkelijk tot afvoer komt richting de vijvers zal met behulp van veldmetingen (debietmetingen en vijverpeilen) en een zo goed mogelijk gekalibreerd model van de riolering nader moeten worden onderzocht.

Bart van der Velde | Gemeente Hilversum | “Waar blijft het vijverpeil van 3,5m+NAP?” pag. 35

8.1 aanbevelingen Runoff coëfficiënt en waterbezwaar uit de stad Om de runoff coëfficiënt beter uit te werken is verder onderzoek verreist. Denk hierbij aan het meten van debieten richting de vijvers Anna’s Hoeve. Tevens is het belangrijk de relatie Bui-intensiteitafvoer richting de Vijvers te definiëren. Dit geeft extra zicht op de werking en berging van het stelsel. Deze gegevens kunnen worden gebruikt om het bestaande SOBEK model te kalibreren.

Maximale grondwaterstand De gebruikte maximale grondwaterstand is een grove benadering. Inmiddels zijn alle peilbuizen van de gemeente geanalyseerd (2014) en zijn de relaties met grondwateronttrekking en neerslag nauwkeuriger bekend. Aanbevolen wordt om de maximale grondwaterstand hieruit nauwkeuriger te bepalen.

Oever verzadiging De oever verzadiging wordt in dit onderzoek als benadering berekend. Doormiddel van een boring en bodemlaagdikte bepaling zou een nauwkeurige kD-factor bepaald kunnen worden. Met deze factor kan de uitstraling exacter berekend worden. Door dit te combineren met veldwerk berekeningen kan de formule van Ernst gevalideerd en gekalibreerd worden.

Pompcapaciteit Om een T=100 bui van 24uur zo snel mogelijk uit de stad te krijgen is een optimaal werkend hemelwater afvoerstelsel noodzakelijk. Om een gevoel te krijgen, bij een T=100 bui valt er 192.000m³ per 24uur. Dit zou betekenen dat er 8000 m³/uur moet worden afgevoerd. De hoofdleiding richting de Vijvers Anna’s Hoeve heeft een capaciteit van krap 6000 m³/u onder vrij verval. Dit betekent dat er nog 2000 m³/u extra noodzakelijk is. Tevens zou er vanaf een vijverpeil van 2,5m+NAP een pomp moeten draaien van 8000 m³/u om de overlast in de binnenstad weg te houden. Uitgezocht moet worden of alle 192.000m³ ook daadwerkelijk tot afvoer komen.

Bart van der Velde | Gemeente Hilversum | “Waar blijft het vijverpeil van 3,5m+NAP?” pag. 36

Hoofdstuk 9 Bronvermelding Literatuur 1 Literatuur 2 Literatuur 3 Literatuur 4 Literatuur 5 Literatuur 6 Literatuur 7 Literatuur 8 Literatuur 9

NBW-toetsing Hilversum-Oost, Nelen & Schuurmans, 10-april-2009 Aanvullende berekeningen watersysteem Hilversum-Oost, Acacia-Water, Jouke Velstra, 08-april-2009 Effect peilopzet Vijvers Anna’s Hoeve Hilversum, Wareco ingeniers, G.J.Willems, 24-november-2014 Kalibratie rioleringsmodel Hilversum, Cornelis Dingemans, juli 2013 5 minuten regens, Grontmij, 1970 Onderzoek watersysteem Hilversum-Oost, Dienst Waterbeheer en Riolering, 17-september-2003 The auger hole method, W.F.J. Beers, 1979 Verhoging van grondwaterstanden en vermindering van afvoer door opstuwing van beken, L.F. Ernst, 1959 Double Ring Infiltrometer, Eijkelkamp, april-2012

Bart van der Velde | Gemeente Hilversum | “Waar blijft het vijverpeil van 3,5m+NAP?” pag. 37

Bijlage 1 KNMI neerslagreeks van December-2014

Bart van der Velde | Gemeente Hilversum | “Waar blijft het vijverpeil van 3,5m+NAP?” pag. 38

KNMI Bezoekadres Utrechtseweg 297 3731 GA De Bilt Postbus 201 3730 AE De Bilt T 030-220 69 11 F 030-221 04 07 www.knmi.nl

Voor duren korter dan 24 uur kan voor een willekeurige plaats in Nederland tabel 1 worden gebruikt. Er zijn geen plaatselijke verschillen binnen Nederland aangetoond voor deze duren.

Voor duren van 1 etmaal of langer dient rekening gehouden te worden met regionale verschillen en geldt tabel 2. De gebieden, waar de neerslagregimes L, G, H en H+ heersen, zijn weergegeven in de figuur op de volgende bladzijde. Tabel 1 Hoeveelheid neerslag (in mm) gedurende een gegeven aantal minuten of uren met de frequentie van overschrijding (geen verschillen binnen Nederland aangetoond). minuten

10 x per jaar 5 x per jaar 2 x per jaar 1 x per jaar 1 x per 2 jaar 1 x per 5 jaar 1 x per 10 jaar 1 x per 20 jaar 1 x per 50 jaar 1 x per 100 jaar

Datum 2 december 2014

uren

5

15

30

60

2

4

6

8

12

4 5 7 9 11 12 15 17

3 4 6 9 11 15 18 21 26 29

4 6 8 11 14 19 23 27 32 37

5 7 10 14 18 23 27 32 38 43

7 10 13 17 21 26 31 36 42 48

9 12 16 21 25 31 36 41 49 55

11 14 19 23 27 34 39 45 53 59

12 15 20 24 29 36 41 47 56 62

13 17 23 27 32 40 46 52 61 68

Tabel 2 Hoeveelheid neerslag (in mm) gedurende een gegeven aantal etmalen met de frequentie van overschrijding voor de verschillende neerslagregimes volgens de kaart op de volgende bladzijde. etmalen etmalen L G H

10 x per jaar 5 x per jaar 2 x per jaar 1 x per jaar 1 x per 2 jaar 1 x per 5 jaar 1 x per 10 jaar 1 x per 20 jaar 1 x per 50 jaar 1 x per 100 jaar

H+

1

2

4

7

10

1

2

4

7

10

1

2

4

7

10

1

2

4

7

10

14 20 26 31 36 44 50 57 66 73

18 24 33 38 45 54 60 68 78 86

42 48 56 66 74 83 93 101

54 61 71 82 91 100 111 118

63 74 85 98 106 115 126 133

15 21 28 33 39 47 54 61 71 79

19 26 35 41 48 58 65 73 84 92

45 52 60 71 80 89 100 109

58 66 76 88 98 107 119 127

68 80 91 105 114 124 135 143

16 23 30 36 42 51 58 66 77 85

21 28 38 44 52 63 70 79 91 99

49 56 65 77 86 96 108 118

63 71 82 95 106 116 129 137

73 86 98 113 123 134 146 154

17 24 32 38 44 54 62 70 81 90

22 30 40 47 55 66 74 83 96 105

51 59 68 81 91 101 114 124

66 75 87 100 112 122 136 145

78 91 104 120 130 141 154 163

Voorbeeld In een tijdsduur van 60 minuten is gemiddeld eens in de 2 jaar een neerslaghoeveelheid van minstens 18 mm te verwachten. In een tijdsduur van 7 etmalen is gemiddeld eens in de 2 jaar een neerslaghoeveelheid van minstens 71 mm te verwachten voor een plaats in het gebied met regime L tot minstens 87 mm voor een plaats in het gebied met regime H+.

Pagina 1 van 2

KNMI Bronnen Voor de kortere duren (2 uur of minder): ● Buishand, T.A., J.B.M. van Acker en H. van Luijtelaar, 1991. Analyse van kwartiersommen van de neerslag. H2O, 24, 294-299. ● Buishand, T.A. en J.B. Wijngaard, 2007. Statistiek van extreme neerslag voor korte neerslagduren. Technical Report TR-295, KNMI, De Bilt. De gegevens voor overschrijdingsfrequenties voor duren van 4 uur of langer zijn afkomstig uit: ● Smits, A, J.B. Wijngaard, R.P. Versteeg en M. Kok, 2004. Statistiek van extreme neerslag in Nederland. STOWA publicatie 2004-26. STOWA, Utrecht.

Bezoekadres Utrechtseweg 297 3731 GA De Bilt Postbus 201 3730 AE De Bilt T 030-220 69 11 F 030-221 04 07 www.knmi.nl

Datum 2 december 2014

● Buishand, T.A., R. Jilderda en J.B. Wijngaard, 2009. Regionale verschillen in extreme neerslag. Scientific report WR 2009-01, KNMI, De Bilt.

Versie: april 2009

Neerslagregimes in Nederland volgens Buishand, T.A., R. Jilderda en J.B. Wijngaard, 2009

Pagina 2 van 2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=d2315eb1-25b0-4699-8a97-c986d6161417