Bijlage 3: Bezonningsstudie Heuvellaan 50
Tekst van het document
Heuvellaan 50
Hilver sum
Bezonning s s t udie
2 3 n ovem b er 20 2 2
1
PROJECT Heuvellaan Hilversum Projectnummer: SR180107
INITIATIEFNEMER Local
OPSTELLER Buro SRO ‘t Goylaan 11 3525 AA Utrecht Contactpersoon: Jeroen van Nuland T
030 - 267 91 98
E
utrecht@buro-sro.nl
DATUM & STATUS 13 januari 2023 2
2
Inhoud Contents 1. Inleiding 5 1.1 1.2
Aanleiding 5 Landelijke normen 5
2. Uitgangspunten 5
2.1 2.2 2.3
Opzet 3D Model 5 TNO-norm 5 Beoordelingsmomenten (tijdstippen) 6
3 Bezonningsdiagrammen 3.1 Bezonningsdiagrammen noordoostelijke richting
6 7
4. Conclusie 25 4.1 Groenzone 25 4.2 Gebouwen ten nooden van de planlocatie 25
5. Addendum 27 5.1 Wijzigingsbevoegdheid 27
3
Godelin
deweg
Ja
situatieoverzicht
4
n llaa uve He
eg w nn e sP u b co
huidige planologische situatie
nieuwe planologische situatie
1. Inleiding
1.1
Aanleiding
2. Uitgangspunten
2.1
Opzet 3D Model
Buro SRO is door Local verzocht om een bezonningsstudie op te stellen voor de woningbouwont-
Voor deze studie is gebruik gemaakt van een 3D computermodel. Hierin zijn twee situaties weerge-
wikkeling ter hoogte van de Heuvellaan te Hilversum. Dit om het effect van het bouwplan op de
geven die met elkaar vergeleken worden. Ten eerste de ‘huidige planologische situatie’. Hierin zijn
bezonningssituatie in de omgeving te bepalen.
de maximale bouwmogelijkheden weergegeven die er op basis van het huidige bestemmingsplan bestaan. Ten tweede de ‘nieuwe planologische situatie’. Hierin zijn de maximale bouwmogelijkhe-
1.2
Landelijke normen
den weergegeven die er ontstaan met het nieuwe bestemmingsplan dat wordt opgesteld om het
Voor bezonningsstudies gelden geen wettelijk vastgestelde normen. In het kader van de Wet ruim-
bouwplan mogelijk te maken. In beide gevallen gaat deze studie dus uit van een worstcase scena-
telijke ordening dient bij wijziging van een planologische situatie, bijvoorbeeld ten behoeve van
rio op basis van het bestemmingsplan.
nieuwbouw, in het besluit gemotiveerd te worden of de wijziging ruimtelijk acceptabel is. De wet gebruikt hiervoor de term goede ruimtelijke ordening. Bij een planologisch besluit dan wel het
De situatie is geïmplementeerd in een 3D omgeving rondom het betreffende plan. De 3D omge-
plaatsen van een (vergunningsvrij) bouwwerk, dient er beoordeeld te worden of er sprake is van
ving is door Buro SRO gegenereerd in het programma Sketch-up. Als ondergrond van de 3D omge-
een goede ruimtelijke ordening. Afhankelijk van de opgave kan het wenselijk zijn om een bezon-
ving is gebruik gemaakt van de Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT) en de Kadastrale
ningsstudie uit te voeren.
ondergrond. De bouwmassa’s in de omgeving van het plangebied zijn op basis van gemaakt foto’s van de locatie, door middel van luchtfoto’s en op basis van het Actueel Hoogtebestand Nederland
Bezonningsstudies worden veel toegepast om inzicht te krijgen op de bezonningseffecten en vor-
(AHN) bepaald.
men ook de basis voor planschaderisicoanalyses. Voor de inhoud wordt landelijk veelal gebruik gemaakt van de zogenaamde ‘TNO-norm’. De ‘TNO-norm’ bevat een aantal uitgangspunten voor
2.2
TNO-norm
de mate van bezonning en tijdstippen die algemeen gehanteerd worden. Daarbij is er een onder-
Er is een lichte en een strenge ‘TNO-norm’ geformuleerd. Deze geven een richtlijn of er sprake is
scheid tussen een ‘lichte’ TNO-norm en een ‘strenge’ TNO-norm.
van voldoende (lichte norm) bezonning of dat er sprake is van goede (strenge norm) bezonning. De normen zijn in principe gericht op de bezonning door een raam in de woonkamer, maar zijn ook
Er zijn meerdere mogelijkheden voor het uitwerken van een bezonningsstudie. Onder andere
te gebruiken om te bepalen of er voldoende bezonning is op balkons, tuinen en/of andere buiten-
een bezonningsdiagram, een maquette op een bezonningstafel of door middel van een 3D
ruimtes.
computermodel. De ‘lichte’ TNO-norm: Voldoende bezonning (lichte norm) ▪ Ten minste 2 mogelijke bezonningsuren per dag in de periode van 19 februari tot 21 oktober (gedurende 8 maanden) gemeten in de woonkamer op de begane grond, aan de binnenkant van het raam in het midden van de vensterbank De ‘strenge’ TNO-norm: Goede bezonning (zware norm) ▪ Ten minste 3 mogelijke bezonningsuren per dag in de periode van 21 januari tot en met 22 november (gedurende 10 maanden) gemeten in de woonkamer op de begane grond, aan de binnenkant van het raam in het midden van de vensterbank.
5
3 Bezonningsdiagrammen De ‘TNO-norm’ geeft voor tuinen, dakterrassen en balkons geen ijkpunt, zoals bij ramen, waaraan bepaald wordt of er sprake is van schaduw of van zon. In deze beoordeling wordt uitgegaan dat
In de bezonningsstudie is gekeken naar de gevelvlakken van verschillende gebouwen met wonin-
50% van het betreffende vlak zon heeft.
gen aan de Godelindeweg, die noordelijk staan van de planlocatie en die mogelijk schaduwhinder ondervinden als gevolg van de toekomstige ontwikkeling.
Omdat in Nederland geen wettelijke eisen gesteld zijn aan de bezonning van woningen of andere bouwwerken, zijn gemeenten vrij om hun eigen richtlijnen op te stellen. De meeste gemeenten hanteren hierbij de lichte TNO-norm. Voor planontwikkelingen binnen bestaand stedelijk gebied wordt eveneens veelal uitgegaan van de lichte norm. Dit omdat bij binnenstedelijke herontwikkeling het veelal niet mogelijk is te voldoen aan de strenge norm. Voor dit plan is uitgegaan van het behoud van zoveel mogelijk groen in het gebied en is aanvullend de groenzone aan de noordzijde van het plangebied juridisch geborgd. In het kader van toetsing aan de norm wordt bestaand en aan te planten groen niet meegenomen in de beoordeling van bezonning. Voor deze ontwikkeling zal de aanwezigheid van groen mede bepalend zijn voor de bezonning en daglichttoetreding.
2.3
Beoordelingsmomenten (tijdstippen)
Om inzicht te geven in de toekomstige bezonningssituatie is de huidige planologische situatie met de nieuwe planologische situatie vergeleken. Daarbij zijn de volgende dagen gehanteerd: ▪
19 februari:
de eerste dag van de lichte ‘TNO-norm’
▪
21 maart:
de dag dat de zon op ‘half’ staat, namelijk precies tussen
de stand van 22 december en 21 juni in
▪
21 juni:
de zon staat het hoogst
▪
23 september:
de dag dat de zon op ‘half’ staat, namelijk precies tussen de
stand van 21 juni en 22 december in
▪
21 oktober:
de laatste dag van de lichte ‘TNO-norm’
▪
22 december:
de dag dat de zon het laagst staat.
De tijdstippen 9:00 uur, 12:00 uur, 15:00 uur en 18:00 uur zijn relevant om de bezonning voldoende in beeld te krijgen, omdat deze tijdstippen een goed beeld geven van de stand van de zon gedurende de dag. Op 22 december is het tijdstip van 18:00 uur niet relevant, omdat op dat moment de zon al onder is. Op 21 juni is tevens naar de bezonning op het tijdstip van 20:00 uur gekeken, omdat de zon op die dag later ondergaat. 6
3.1 Bezonningsdiagrammen noordoostelijke richting
7
bestaande planologische situatie 19 februari 9:00 uur
toekomstige planologische situatie 19 februari 09:00 uur
bestaande planologische situatie 19 februari 12:00 uur
toekomstige planologische situatie 19 februari 12:00 uur
bestaande planologische situatie 19 februari 15:00 uur
toekomstige planologische situatie 19 februari 15:00 uur
bestaande planologische situatie 19 februari 18:00 uur
toekomstige planologische situatie 19 februari 18:00 uur
9
bestaande planologische situatie 21 maart 09:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 maart 09:00 uur
bestaande planologische situatie 21 maart 12:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 maart 12:00 uur
10
bestaande planologische situatie 21 maart 15:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 maart 15:00 uur
bestaande planologische situatie 21 maart 18:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 maart 18:00 uur
11
bestaande planologische situatie 21 juni 09:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 juni 09:00 uur
bestaande planologische situatie 21 juni 12:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 juni 12:00 uur
12
bestaande planologische situatie 21 juni 15:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 juni 15:00 uur
bestaande planologische situatie 21 juni 18:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 juni 18:00 uur
13
bestaande planologische situatie 21 juni 20:00 uur
14
toekomstige planologische situatie 21 juni 20:00 uur
15
bestaande planologische situatie 23 september 09:00 uur
toekomstige planologische situatie 23 september 09:00 uur
bestaande planologische situatie 23 september 12:00 uur
toekomstige planologische situatie 23 september 12:00 uur
bestaande planologische situatie 23 september 15:00 uur
toekomstige planologische situatie 23 september 15:00 uur
bestaande planologische situatie 23 september 18:00 uur
toekomstige planologische situatie 23 september 18:00 uur
17
bestaande planologische situatie 21 oktober 09:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 oktober 09:00 uur
bestaande situatie 21 oktober 12:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 oktober 12:00 uur
18
bestaande planologische situatie 21 oktober 15:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 oktober 15:00 uur
bestaande planologische situatie 21 oktober 18:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 oktober 18:00 uur
19
bestaande planologische situatie 22 december 09:00 uur
toekomstige planologische situatie 22 december 09:00 uur
bestaande planologische situatie 22 december 12:00 uur
toekomstige planologische situatie 22 december 12:00 uur
20
bestaande planologische situatie 22 december 09:00 uur
toekomstige planologische situatie 22 december 09:00 uur
bestaande planologische situatie 22 december 12:00 uur
toekomstige planologische situatie 22 december 12:00 uur
21
bestaande planologische situatie 22 december 15:00 uur
toekomstige planologische situatie 22 december 15:00 uur
bestaande planologische situatie 22 december 18:00 uur
toekomstige planologische situatie 22 december 19:00 uur
22
23
24
4. Conclusie De afbeeldingen in het vorige hoofdstuk maken inzichtelijk hoe de bezonningssituatie in de nieuwe situatie verschilt ten opzichte van de huidige planologische situatie. Er zijn zowel verbeteringen als verslechteringen. Per tijdstip is dit voor de verschillende omliggende woongebouwen anders.
4.1 Groenzone Tussen het te ontwikkelen gebied en de bestaande woningen aan de noordzijde van het plangebied is voorzien in een groenzone, dit mede op verzoek van de omwonenden. In de bezonningsdiagram is deze zone (in lijn met de TNO norm) buiten beschouwing gelaten. Het effect van de groenzone in praktijk is wel dat de vermindering van bezonning als gevolg van het beoogde woon- en werkprogramma feitelijk niet waarneembaar is dan wel daadwerkelijk optreedt. De beoogde en reeds aanwezige beplanting zijn in praktijk maatgevend voor wat betreft daglichttoetreding en bezonning in de woningen en achtertuinen.
van de Godelindeweg. In het kader van de lichte norm wordt december, liggende tussen 21 oktober en 19 februari, buiten beschouwing gelaten Op basis van bovenstaande uiteenzetting valt te concluderen dat er met de beoogde planontwikkeling sprake blijft van passende bezonningssituatie voor de omliggende woningen. Het plan heeft daarmee geen onaanvaardbare gevolgen voor het woon- en leefklimaat van de omliggende woningen.
4.2 Gebouwen ten nooden van de planlocatie Om de effecten te beoordelen voor zon- en daglicht toetreding wordt gekeken naar de lichte TNO norm. De norm gaat uit van ten minste 2 mogelijke bezonningsuren per dag in de periode van 19 februari – 21 oktober (gedurende 8 maanden ) in midden vensterbank binnenkant raam. De nieuwe bebouwing heeft geen tot weinig schaduwwerking op achtertuinen of gevels in de maanden maart, juni en september op elk gegeven tijdstip. de lichte TNO-norm wordt hierbij ruimschoots gehaald. De nieuwe bebouwing op de planlocatie zorgt in de middag voor schaduw in de tuin van de woningen aan de Godelindeweg (huisnummers 2,2a, 6,8, 10,12 en 14). In de maanden februari en oktober, leidt dit om 12.00 uur en/of 14.00 tot verslechteringen in de achtertuinen. In december is er een verslechtering op de gevels van huisnummers 2, 2a, 6 en 8 op de Godelindeweg. In de huidige situatie van het bestemmingsplan hebben de woningen aan de Godelindeweg in december 4 uur daglicht op de zuidelijke gevels. Het nieuwe bestemmingsplan komen er meerdere bouwvlakken bij, die weliswaar lager zijn maar ook dichtbij de bestaande woningen komen te staan. Hierdoor valt er langer schaduw op de gevels 25
Godelin
Heuve llaan
deweg
situatieoverzicht
26
huidige planologische situatie
5. Addendum Buiten het plangebied Heuvellaan 50 ligt ten westen een wijzigingsgebied genaamd ‘Wijzigingsbevoegdheid II’. Dit gebied ligt in het vigerende bestemmingsplan ‘Herziening Noordwestelijk Villagebied (2010)’. De huidige bestemming van dit gebied is een bedrijfsbestemming en wordt gebruikt als service-garage. In de huidige situatie staat een bouwwerk van circa 5 m bouwhoogte.
5.1 Wijzigingsbevoegdheid De wijzigingsbevoegdheid luidt als volgt:
Qua bezonning van de nieuwe situatie t.o.v. de huidige situatie ontstaat er verslechtering aan de oostzijde van het wijzigingsgebied bij zonsopkomst tot circa 14:00, het wijzigen naar de functie Wonen wordt niet onmogelijk gemaakt. Door het huidige gebruik van de kavel ten westen van het plangebied is er geen negatief effect, het betreft immers een bedrijfsfunctie.
e. het wijzigen van de bestemming van de gronden met de nadere aanduiding Wijzigingsbe voegdheid II (garagebedrijf Jacobus Pennweg 14) in de bestemming Wonen, met dien verstan de dat,
1. het beleid er op is gericht dat de verhouding tussen bebouwd/ onbebouwd (steden
bouwkundige structuur), individualiteit van de kavel en hoofdgebouw richtinggevend zijn
bij ontwikkelingen. Tevens kunnen in het bestemmingsplan mogelijkheden opgenomen
worden om negatief gewaardeerde invullingen zodanig te wijzigen dat verbeteringen ont
staan. De bebouwing aan Jacobus Pennweg 14 is van zodanige omvang, architectuur en
ruimtelijke uitstraling, dat dit niet past binnen de structuur en uitstraling van Trompen-
berg Zuid. Op de kavel bevindt zich een garagebedrijf waarvan de bebouwing zich in één
bouwlaag over vrijwel de gehele kavel uitstrekt. Bovendien is de resterende onbebouwde
ruimte geheel verhard;
2. de maximale totale bebouwingsoppervlakte voor een hoofdgebouw 400 m² bedraagt;
3. de afstand van de perceelsgrenzen tot het hoofdgebouw tenminste 5 meter bedraagt;
4. de ondergrondse ruimte kan behouden blijven als parkeergarage, evenals de helling
baan naar de garage;
5. de onbebouwde ruimte moet worden ingericht als tuin;
De volgende afbeeldingen zijn gemaakt met de lichte TNO-normen, waarbij de huidige en toekomstige planologische situaties zijn belicht. In de toekomstige planologische situatie is de wijzigingsbevoegheid maximaal benut ten behoeve van een woonbestemming met bouwvlak. Hierbij is de maximale goot- en bouwhoogte van het geldende bestemmingsplan toegepast. Er is geen sprake van een concreet plan op de kavel van de garage. De gemeente Hilversum en het College van B&W moet eerst goedkeuring verlenen voor het gebruik van de wijzigingsbevoegdheid. Daar is momenteel geen sprake van. Ten behoeve van het onderzoek is een fictief (maximaal) bouwvolume gebruikt. Dit heeft geen status. 27
bestaande planologische situatie 19 februari 9:00 uur
toekomstige planologische situatie 19 februari 09:00 uur
bestaande planologische situatie 19 februari 12:00 uur
toekomstige planologische situatie 19 februari 12:00 uur
28
bestaande planologische situatie 19 februari 15:00 uur
toekomstige planologische situatie 19 februari 15:00 uur
bestaande planologische situatie 19 februari 18:00 uur
toekomstige planologische situatie 19 februari 18:00 uur
29
bestaande planologische situatie 21 maart 09:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 maart 09:00 uur
bestaande planologische situatie 21 maart 12:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 maart 12:00 uur
30
bestaande planologische situatie 21 maart 15:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 maart 15:00 uur
bestaande planologische situatie 21 maart 18:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 maart 18:00 uur
31
bestaande planologische situatie 21 juni 09:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 juni 09:00 uur
bestaande planologische situatie 21 juni 12:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 juni 12:00 uur
32
bestaande planologische situatie 21 juni 15:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 juni 15:00 uur
bestaande planologische situatie 21 juni 18:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 juni 18:00 uur
33
bestaande planologische situatie 21 juni 20:00 uur
34
toekomstige planologische situatie 21 juni 20:00 uur
35
bestaande planologische situatie 23 september 09:00 uur
toekomstige planologische situatie 23 september 09:00 uur
bestaande planologische situatie 23 september 12:00 uur
toekomstige planologische situatie 23 september 12:00 uur
36
bestaande planologische situatie 23 september 15:00 uur
toekomstige planologische situatie 23 september 15:00 uur
bestaande planologische situatie 23 september 18:00 uur
toekomstige planologische situatie 23 september 18:00 uur
37
bestaande planologische situatie 21 oktober 09:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 oktober 09:00 uur
bestaande situatie 21 oktober 12:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 oktober 12:00 uur
38
bestaande planologische situatie 21 oktober 15:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 oktober 15:00 uur
bestaande planologische situatie 21 oktober 18:00 uur
toekomstige planologische situatie 21 oktober 18:00 uur
39
bestaande planologische situatie 22 december 09:00 uur
toekomstige planologische situatie 22 december 09:00 uur
bestaande planologische situatie 22 december 12:00 uur
toekomstige planologische situatie 22 december 12:00 uur
40
bestaande planologische situatie 22 december 15:00 uur
toekomstige planologische situatie 22 december 15:00 uur
bestaande planologische situatie 22 december 18:00 uur
toekomstige planologische situatie 22 december 18:00 uur
41
buro-sro.nl
stedenbouw + ruimtelijke ordening + ontwikkelingsmanagement 42