CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 was wordt lijst verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning gemeente

GEMEENTERAAD 2 april 2025, gemeente HilversumBij agendapunt: Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning Hilversum 2025 (1751807)3.706 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

1 Was-wordt lijst Verordening ambtelijke bijstand 2002 en verordening fractieondersteuning 2010 ten opzichte van Verordening op de ambtelijke bijstand en fractieondersteuning Hilversum 2024 Bepaling uit de verordening ambtelijke bijstand 2002

Bepaling uit de verordening op de ambtelijke bijstand en fractieondersteuning Hilversum 2024

Inhoudelijke wijziging?

Toelichting

Niet opgenomen.

Artikel 1. Definities In deze verordening wordt verstaan onder: - ambtelijke bijstand: bijstand, verleend door onder het gezag van het college werkzame ambtenaren; - bijstand: ondersteuning bij het opstellen van voorstellen, amendementen en moties of andere ondersteuning niet zijnde een verzoek om informatie; - commissielid: een door de raad benoemd persoon niet zijnde raadslid behorend bij een in de raad aanwezige fractie.

Ja

In dit artikel is onderscheid gemaakt tussen bijstand door de griffie en ambtelijke bijstand door onder het gezag van het college werkzame ambtenaren. -in de modelverordening is de definitie van fractiemedewerker opgenomen. In Hilversum spreekt men alleen van commissieleden.

Artikel 1 Informatie 1. Een raadslid wendt zich tot een ambtenaar met een verzoek om: a. feitelijke informatie van geringe omvang; b. inzage in of afschrift van documenten die openbaar zijn. 2. Om praktische redenen kan een raadslid zich met een dergelijk verzoek altijd tot de griffier wenden. Deze geleidt het verzoek door naar de desbetreffende ambtenaar. 3. Indien de ambtenaar twijfelt of het verzoek betrekking heeft op informatie bedoeld onder het eerste lid, onderdeel a of

Artikel 2. Verzoek om informatie 1. Een raadslid kan de griffier of een ambtenaar verzoeken om feitelijke informatie van geringe omvang of om inzage in of afschrift van bij de raad, burgemeester en wethouders of de burgemeester berustende schriftelijke stukken en ander materiaal dat gegevens bevat. 2. De griffier of de ambtenaar verstrekt zo spoedig mogelijk de verzochte informatie, voor zover deze daarover kan beschikken. Indien een ambtenaar niet aan het verzoek

Ja

Op verzoek van het presidium is het nog mogelijk om feitelijke informatie of informatie van geringe omvang rechtstreeks bij ambtenaren op te vragen. Indien een ambtenaar niet voldoet aan het verzoek dan informeert het raadslid de griffier hierover. Lid 3 tm 5 zijn vervangen door lid 3 en 4 van art 3. Lid 6 is opgenomen onder art 3 lid 4 Lid 7 is opgenomen onder art 5.

2 b, stelt hij de secretaris daarvan in kennis. De secretaris beslist. 4. De secretaris kan de gevraagde informatie weigeren indien het raadslid niet aannemelijk heeft gemaakt dat de informatie betrekking heeft op de werkzaamheden van de raad. 5. Indien de gevraagde informatie door de secretaris wordt geweigerd deelt hij dit met redenen omkleed mee aan de griffier en aan het raadslid dat het verzoek heeft ingediend. 6. Indien het verzoek om informatie door de secretaris wordt geweigerd kan de griffier of het betrokken raadslid het verzoek voorleggen aan het college van burgemeester en wethouders. Het college beslist zo spoedig mogelijk over het verzoek. 7. Een raadslid kan aangeven dat een verzoek om informatie geheim wordt gehouden. Indien het college van burgemeester en wethouders of leden van het college informatie wensen over een verzoek om informatie wenden zij zich daartoe rechtstreeks tot het betrokken raadslid.

kan voldoen informeert het raadslid de griffier hierover. Voor zover niet aan het verzoek voldaan is, verzoekt de griffier de secretaris één of meer ambtenaren aan te wijzen die voor zover mogelijk de resterende informatie zo spoedig mogelijk verstrekken.

Artikel 2 Advies 1. Een raadslid wendt zich tot de secretaris met een verzoek om advies. Onder advies wordt verstaan: het kenbaar maken van een deskundig oordeel. 2. Een raadslid kan zich met een dergelijk verzoek ook rechtstreeks richten tot de

Is komen te vervallen.

Ja

Valt nu onder art 3 Verzoek om bijstand

3 ambtenaar die daarvoor door de secretaris is aangewezen. 3. De secretaris kan het gevraagde advies weigeren indien het raadslid niet aannemelijk heeft gemaakt dat het advies betrekking heeft op de werkzaamheden van de raad of indien dit naar zijn oordeel het belang van de gemeente kan schaden. 4. Indien het gevraagde advies door de secretaris wordt geweigerd deelt hij dit met redenen omkleed mee aan de griffier en aan het raadslid dat het verzoek heeft ingediend. 5. Indien het verzoek om advies door de secretaris wordt geweigerd kan de griffier of het betrokken raadslid het verzoek voorleggen aan het college van burgemeester en wethouders. Het college beslist zo spoedig mogelijk over het verzoek. 6. Een raadslid kan aangeven dat de inhoud van een gevraagd advies geheim wordt gehouden. Indien het college van burgemeester en wethouders of leden van het college informatie wensen over een verzoek om advies wenden zij zich daartoe rechtstreeks tot het betrokken raadslid. 7. Indien een verzoek om advies wordt ingewilligd geeft de secretaris daarvan kennis aan de griffier met het oog op opneming van de desbetreffende gegevens in het register als bedoeld in artikel 5 lid 2. Artikel 3 Bijstand

Artikel 3. Verzoek om bijstand

Ja

In dit nieuwe artikel is het onderscheid gemaakt tussen

4 1. Een raadslid wendt zich tot de griffier met een verzoek om bijstand. Onder bijstand wordt verstaan: het geven van ondersteuning bij het opstellen van voorstellen, amendementen en moties. 2. De gevraagde bijstand wordt gegeven door de griffier of een medewerker van de griffie. Indien de gevraagde bijstand niet door de griffier of een medewerker van de griffie kan worden verleend kan de griffier de secretaris verzoeken, één of meer ambtenaren aan te wijzen, die de gevraagde bijstand zo spoedig mogelijk verlenen. 3. De griffier kan de gevraagde bijstand weigeren indien het raadslid niet aannemelijk heeft gemaakt dat de bijstand betrekking heeft op de werkzaamheden van de raad of indien dit naar zijn oordeel het belang van de gemeente kan schaden. 4. Indien de gevraagde bijstand door de griffier wordt geweigerd deelt hij dit met redenen omkleed mee aan het raadslid dat het verzoek heeft ingediend. 5. Indien het verzoek om bijstand door de griffier wordt geweigerd kan het betrokken raadslid het verzoek voorleggen aan de burgemeester. De burgemeester beslist zo spoedig mogelijk over het verzoek. 6. Een raadslid kan aangeven dat de inhoud van de gevraagde bijstand geheim wordt gehouden. Indien het college van burgemeester en wethouders of leden van het college informatie wensen over een

1. Een raadslid kan de griffier verzoeken om bijstand. Een verzoek kan namens een raadslid gedaan worden door een commissielid. 2. De verzochte bijstand wordt zo spoedig mogelijk verleend, voor zover dit naar het oordeel van de griffier in redelijkheid kan worden gevergd. Als de griffier de verzochte bijstand niet kan verlenen, verzoekt hij de secretaris om een of meer ambtenaren aan te wijzen die ambtelijke bijstand verlenen. 3. De secretaris weigert het verzoek om ambtelijke bijstand als: a. naar zijn oordeel niet aannemelijk is gemaakt dat de ambtelijke bijstand betrekking heeft op raadswerkzaamheden of b. dit naar zijn oordeel het belang van de gemeente kan schaden of c. het verlenen van de verzochte ambtelijke bijstand naar zijn oordeel in redelijkheid niet kan worden gevergd. 4. Als de secretaris het verzoek om ambtelijke bijstand weigert, deelt hij dit met redenen omkleed mee aan de griffier en aan het raadslid door of namens wie het verzoek is ingediend. De griffier of het raadslid kan het verzoek voorleggen aan de burgemeester. De burgemeester beslist zo spoedig mogelijk over het verzoek.

bijstand van de griffie en ambtelijke bijstand door ambtenaren. Lid 3: De weigeringsgronden voor de secretaris zijn duidelijk omschreven.

5 verzoek om bijstand wenden zij zich daartoe rechtstreeks tot het betrokken raadslid. Artikel 4 Overige ambtelijke ondersteuning 1. Een raadslid wendt zich tot de griffier met een verzoek om overige ambtelijke ondersteuning. Onder overige ambtelijke ondersteuning wordt verstaan: ondersteuning, niet zijnde informatie, advies of bijstand. 2. De gevraagde ondersteuning wordt gegeven door de griffier of een medewerker van de griffie. Indien de gevraagde ondersteuning niet door de griffier of een medewerker van de griffie kan worden verleend kan de griffier de secretaris verzoeken, één of meer ambtenaren aan te wijzen, die de gevraagde ondersteuning zo spoedig mogelijk verlenen. 3. De griffier kan de gevraagde ondersteuning weigeren indien het raadslid niet aannemelijk heeft gemaakt dat de ondersteuning betrekking heeft op de werkzaamheden van de raad of indien dit naar zijn oordeel het belang van de gemeente kan schaden. 4. Indien de gevraagde ondersteuning door de griffier wordt geweigerd deelt hij dit met redenen omkleed mee aan het raadslid dat het verzoek heeft ingediend. 5. Indien het verzoek om ondersteuning door de griffier wordt geweigerd kan het betrokken raadslid het verzoek voorleggen

Is komen te vervallen.

Ja

Valt nu onder artikel 3 verzoek om bijstand. Zie toelichting bij artikel 3.

6 aan de burgemeester. De burgemeester beslist zo spoedig mogelijk over het verzoek. 6. Een raadslid kan aangeven dat de inhoud van de gevraagde ondersteuning geheim wordt gehouden. Indien het college van burgemeester en wethouders of leden van het college informatie wensen over een verzoek om ondersteuning wenden zij zich daartoe rechtstreeks tot het betrokken raadslid. Artikel 3 lid 7 en 8 7. Indien een raadslid niet tevreden is over door een ambtenaar verleende bijstand, doet hij of de griffier hiervan mededeling aan de secretaris, die zo spoedig mogelijk over de zaak beslist. Indien overleg met de secretaris niet leidt tot een voor beide partijen bevredigende oplossing leggen zij de zaak voor aan de burgemeester. Het college van burgemeester en wethouders beslist zo spoedig mogelijk over de zaak. 8. Indien een raadslid niet tevreden is over door de griffier verleende bijstand, doet hij hiervan mededeling aan de burgemeester, die zo spoedig mogelijk over de zaak beslist.

Artikel 4. Geschil over verleende ambtelijke bijstand 1. Een raadslid dat niet tevreden is over de aan hem verleende ambtelijke bijstand, kan de griffier verzoeken hierover in overleg te treden met de secretaris. 2. Indien overleg met de secretaris niet leidt tot een voor beide partijen bevredigende oplossing leggen zij de zaak voor aan de burgemeester. De burgemeester beslist zo spoedig mogelijk over de zaak.

Ja

Op verzoek van het Presidium beslist de burgemeester bij een geschil over verleende ambtelijke bijstand.

Artikel 4 Overige ambtelijke ondersteuning 6. Een raadslid kan aangeven dat de inhoud van de gevraagde ondersteuning geheim wordt gehouden. Indien het college van burgemeester en wethouders of leden van

Artikel 5. Verstrekking informatie over verzoeken om ambtelijke bijstand Als het college of een of meer leden van het college informatie wensen over een verzoek om ambtelijke bijstand of over de

Ja

Volgens de modelverordening kan een raadslid niet meer aangeven dat de inhoud van de gevraagde ondersteuning geheim wordt gehouden.

7 het college informatie wensen over een verzoek om ondersteuning wenden zij zich daartoe rechtstreeks tot het betrokken raadslid.

inhoud van verleende ambtelijke bijstand, wenden zij zich daartoe rechtstreeks tot het betrokken raadslid.

Artikel 5 Rechten van het raadslid Is komen te vervallen. 1. Elk raadslid heeft recht op advies, recht op bijstand en recht op overige ondersteuning. 2. De griffier houdt een register van het gegeven advies, de verleende bijstand en de verleende overige ondersteuning, waarin per verzoek wordt opgenomen: a welk raadslid het verzoek heeft gedaan; b welk onderwerp het verzoek betreft; c welke ambtenaar voor inwilliging van het verzoek is ingezet; d hoeveel tijd met de inwilliging van het verzoek is gemoeid; e of door het raadslid is aangegeven dat de inhoud van de gevraagde bijstand geheim wordt gehouden f de reden waarom een verzoek is geweigerd.

Conform modelverordening.

Artikel 6Rechten van het college van burgemeester en wethouders De griffier verstrekt het college van burgemeester en wethouders dan wel de desbetreffende portefeuillehouder in het college een afschrift van het verzoek uit het register.

Conform modelverordening.

Is komen te vervallen.

8 Artikel 7Rechten van fractieassistenten De rechten die deze verordening toekent aan raadsleden worden in gelijke mate toegekend aan fractie-assistenten.

Fractieassistent is vervangen door commissielid. Dit artikel is komen te vervallen. De rechten van commissieleden zijn opgenomen in artikel 2 en 3.

Artikel 8 Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na die van bekendmaking. 2. Alsdan vervalt de ‘Regeling ambtelijke dienstverlening aan de leden van de gemeenteraad van Hilversum’, zoals vastgesteld in de openbare vergadering van de gemeenteraad van 13 oktober 1994. 3. Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening op de ambtelijke ondersteuning 2002’.

Is komen te vervallen.

Nee

Zie art 14 van de nieuwe verordening.

6.1

In dit lid is de modelverordening van de VNG gevolgd.

6.2

Hierbij is de tekst van het VNG model geconsolideerd met de tekst uit de verordening uit 2010, omdat het in deze verordening het jaartal genoemd wordt.

Bepaling uit de verordening op de fractieondersteuning 2010 Artikel 1 Financiële bijdrage Artikel 6. Recht op financiële bijdrage 1. De fracties, zoals bedoeld in artikel 9 1. De raad verstrekt een in de raad van het ‘Reglement van orde voor de vertegenwoordigde fractie voor de vergaderingen van de gemeenteraad duur van de zittingsperiode een van Hilversum’, ontvangen jaarlijks financiële bijdrage ter een financiële bijdrage als ondersteuning van het tegemoetkoming in de kosten voor functioneren van de fractie. het functioneren van de fractie. 2. Deze bijdrage bestaat op 1 januari 2024 uit: een basisbedrag van 2. Deze bijdrage bestaat op 1 januari 2012 uit: een vast deel van €1865, 33 per fractie, vermeerderd met een bedrag van €283,57 per € 1.314,30 voor elke fractie, vermeerderd met een bedrag van raadszetel. € 199,77 per raadszetel.

9 3. De in het tweede lid genoemde bedragen worden per 1 januari van elk kalenderjaar bij besluit van de raad gewijzigd met het hetzelfde percentage als de tegemoetkoming in de kosten, die de leden van de raad krachtens artikel 95 van de Gemeentewet ontvangen wijzigt.

3. De in het tweede lid genoemde bedragen worden per 1 januari van elk kalenderjaar bij besluit van de raad gewijzigd met het hetzelfde percentage als de tegemoetkoming in de kosten, die de leden van de raad krachtens artikel 95 van de Gemeentewet ontvangen wijzigt.

Artikel 2 Besteding 1. Fracties besteden de bijdrage om hun volksvertegenwoordigende, kaderstellende en controlerende rol te versterken. 2. De bijdrage mag gebruikt worden voor uitgaven voor: a. scholing voor de fractie als geheel; b. kosten voor kleine representatie (bloemetje in geval ziekte fractielid, visitekaartjes ed.) c. bijeenkomsten zoals themavonden en werkbezoeken rechtstreeks ten behoeve van het fractiewerk d. kantoorbenodigdheden, druk en portokosten e. kosten voor het aanhouden van een bankrekening, website, inschrijving KvK ed.

Artikel 7. Besteding financiële bijdrage 1. De financiële bijdrage wordt uitsluitend besteed aan ondersteuning die ertoe strekt de volksvertegenwoordigende, kaderstellende of controlerende rol van de fractie te versterken. 2. De financiële bijdrage wordt in ieder geval niet gebruikt ter bekostiging van: a. betalingen, inclusief die ter voldoening van contributie, aan politieke partijen, met politieke partijen verbonden instellingen of natuurlijke personen anders dan ter vergoeding van diensten of goederen geleverd ten behoeve van de versterking van de ondersteuning van de fractie op basis van een gespecificeerde, reële

6.3

Hier is de tekst uit de verordening uit 2010 aangehouden.

7.1

Hier is de tekst uit de modelverordening aangehouden. Er was een mogelijkheid te kiezen tussen varianten. Hierbij is de variant aangehouden dit het dichtst bij de verordening uit 2010 ligt. Hier is de modelverordening aangehouden. Dit betekent dat enkel nog gespecificeerd is waar de bijdrage niet aan mag worden besteed.

7.2

10 3. De bijdrage mag niet gebruikt worden ter bekostiging van: a. uitgaven die in strijd zijn met wettelijke bepalingen, de gedragscode bestuurlijke integriteit gemeente Hilversum en overige regelingen; b. betalingen aan politieke partijen, met politieke partijen verbonden instellingen of natuurlijke personen anders dan ter vergoeding van prestaties (diensten of goederen) geleverd ten behoeve van de fractie op basis van een gespecificeerde, reële declaratie; c. giften; d. uitgaven welke dienen bestreden te worden uit vergoedingen die de personen rechtstreeks ingevolge het rechtspositiebesluit raadsen commissieleden of de rechtspositieverordening gemeente Hilversum toekomen; e. kosten voor verkiezingscampagnes;

declaratie of arbeidsovereenkomst; b. giften, leningen, beleggingen en voorschotten; c. uitgaven die op grond van enige andere wettelijke regeling in aanmerking komen voor vergoeding van overheidswege, inclusief uitgaven in verband met verkiezingsactiviteiten; 3. In geval van twijfel over de bepalingen in dit artikel neemt de fractie vooraf contact op met de griffier.

11 f.

kosten voor de afdeling van de politieke partij, zoals ledenvergadering, ledenblad of g. ledenadministratie; h. diners. 4. In geval van twijfel over de bepalingen in dit artikel neemt de fractie vooraf contact op met de griffier. Artikel 3 Voorschot 1. De bijdrage voor fractieondersteuning wordt, vóór 31 januari van een kalenderjaar, als voorschot op dat kalenderjaar verstrekt. 2. In een jaar waarin verkiezingen plaatsvinden wordt het voorschot verstrekt voor de maanden tot en met de maand waarin de verkiezingen plaatsvinden. In de eerste maand na de maand waarin de eerste vergadering van de nieuw gekozen raad plaatsvindt wordt het voorschot verstrekt voor de overige maanden van dat jaar. 3. Het voorschot wordt verrekend met teveel ontvangen voorschotten in jaren waarvoor de raad de bedragen heeft vastgesteld.

Artikel 8. Voorschot financiële bijdrage 1. De bijdrage voor fractieondersteuning wordt, vóór 31 januari van een kalenderjaar, als voorschot op dat kalenderjaar verstrekt. 2. In een jaar waarin verkiezingen plaatsvinden wordt het voorschot verstrekt voor de maanden tot en met de maand waarin de verkiezingen plaatsvinden. In de eerste maand na de maand waarin de eerste vergadering van de nieuw gekozen raad plaatsvindt wordt het voorschot verstrekt voor de overige maanden van dat jaar. 3. Het voorschot wordt verrekend met teveel ontvangen voorschotten in jaren waarvoor de raad de bedragen heeft vastgesteld.

Ongewijzigd

De verordening uit 2010 bood hier meer helderheid en voorkomt ingewikkelde wijzigingen van afspraken en achterliggende processen.

12 Artikel 4 Tussentijdse wijzigingen 1. Indien het zeteltal van een fractie ten gevolge van verkiezingen verandert, wijzigt de bijdrage a. bij vermindering van het zeteltal: op de eerste dag van de maand na de maand waarin de eerste vergadering van de nieuw gekozen raad plaatsvindt. b. bij vermeerdering van het zeteltal: op de eerste dag van de maand waarin de eerste vergadering van de nieuw gekozen raad plaatsvindt. 2. Bij splitsing van een fractie wordt de op grond van artikel 1, tweede lid, vastgestelde bijdrage voor de oorspronkelijke fractie verdeeld over de betrokken fracties naar evenredigheid van het aantal bij de splitsing betrokken leden. 3. Bij splitsing van een fractie wordt het aan de oorspronkelijke fractie verstrekte voorschot verrekend overeenkomstig de verdeling die volgt uit het tweede lid.

Artikel 9. Gevolgen splitsen en einde bestaan fractie 1. Als één of meer raadsleden van één of meer fracties als zelfstandige fractie gaan optreden of zich aansluiten bij een andere fractie, wordt het voor elk van deze zetels beschikbaar gestelde variabele deel van de financiële bijdrage ter ondersteuning van de fractie waar zij uittreden, toebedeeld aan de nieuw gevormde fractie of aan de fractie waarbij aangesloten wordt. 2. Als zich een situatie als bedoeld in het eerste lid voordoet, worden de verleende voorschotten naar evenredigheid van het nog resterende aantal maanden van het jaar waarvoor het voorschot is verleend onverwijld bijgesteld overeenkomstig de uit het eerste lid voortvloeiende verdeling. 3. Als een fractie tijdens een zittingsperiode ophoudt te bestaan, vervalt de aanspraak op de financiële bijdrage ter ondersteuning van die fractie met ingang van de maand volgend op de maand waarin hiervan kennisgeving is gedaan aan de raad.

Gewijzigd

De modelverordening is aangehouden. Het eerste lid (artikel 4.1) uit de verordening uit 2010 is daarmee geschrapt. De bijdrage volgt na de verkiezingen zoals geregeld in artikel 8 en is daarmee overbodig.

13 Niet opgenomen in de verordening uit 2010.

Artikel 1. Financiële bijdrage • De fracties stellen uiterlijk 15 februari van elk jaar een opgave van de bestedingen ten laste de bijdrage van gemeentewege in het voorgaande kalenderjaar met daarbij de onderliggende bewijsstukken in handen van de voorzitter van de raad. Deze stelt op zijn beurt deze opgaven in handen van de controller van de Dienst

Artikel 10. Administratieve verplichtingen 1. De financiële administratie wordt gevoerd op basis van het stelsel van baten en lasten. Deze administratie wordt op een zodanige wijze gevoerd dat deze steeds een volledig en juist inzicht geeft in alle bezittingen en schulden, verplichtingen, reserves, baten en lasten, alsmede overige gegevens die voor de financiële verantwoording van belang zijn. 2. Andere inkomensbronnen dan de financiële bijdrage worden afzonderlijk geadministreerd. 3. De administratie wordt zodanig ingericht dat op eerste aanvraag van de raad nadere informatie kan worden gegeven en bescheiden of bewijsstukken met betrekking tot de uitgaven kunnen worden overgelegd. 4. Bij uitgaven worden de onderliggende bescheiden door ten minste twee personen geautoriseerd. Artikel 11. Verantwoording , controle en vaststelling financiële bijdrage 1.De fracties stellen uiterlijk 15 februari van elk jaar een opgave van de bestedingen ten laste de bijdrage van gemeentewege in het voorgaande kalenderjaar met daarbij de onderliggende bewijsstukken in handen van de voorzitter van de raad. Deze stelt op zijn beurt deze opgaven in handen van de controller. Ten behoeve van een eventuele controle

Modelverordening is hier gevolgd.

Ongewijzigd

Op verzoek van het Presidium is de tekst van de oude verordening overgenomen. Lid 4 is overgenomen uit de oude verordening.

14

• •

Bestuur. Ten behoeve van een eventuele controle bewaren de fracties bewijsstukken van de uitgaven. De controller stelt een rapportage op die wordt besproken in het Presidium. Uitgaven die in strijd zijn met de verordening of waarvan de bewijsstukken ontbreken worden teruggevorderd.

bewaren de fracties bewijsstukken van de uitgaven. 2.De controller stelt een rapportage op die wordt besproken in het Presidium. 3.Uitgaven die in strijd zijn met de verordening of waarvan de bewijsstukken ontbreken worden teruggevorderd. 4.Indien het positieve saldo van de van de gemeente ontvangen bijdrage minus de rechtmatig gedane uitgaven in een jaar meer dan € 500,- euro bedraagt, wordt het overige door de fractie teruggestort naar de gemeente.

Art 13 tm 21 Commissieleden

Komen in de nieuwe verordening te vervallen en worden opgenomen in het Reglement van Orde van de gemeenteraad Artikel 12. Intrekking oude verordening en overgangsrecht 1. De verordening op de ambtelijke bijstand 2002 en de verordening op de fractieondersteuning 2010 worden ingetrokken. 2. De verordening op de fractieondersteuning 2010 blijft van toepassing ten aanzien van de op basis van die verordening verleende financiële bijdragen en de verantwoording, controle, vaststelling en afrekening van die financiële bijdragen.

15 Artikel 13. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning Hilversum 2025.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=f0e7dbd4-c6d6-4a33-879d-4ee04798b5b1