Bijlage 2. Nog niet vastgestelde wijzigingen uit de zienswijzennota van 19 juli 2023
Tekst van het document
Bijlage 2 - Nog niet vastgestelde wijzigingen uit de zienswijzennota Op 19 juli 2023 lag het raadsvoorstel ‘zienswijzennota Omgevingsvisie’ voor met 69 voorgestelde wijzigingen van de ontwerp Omgevingsvisie. De wijzigingen waren gerubriceerd naar onderdelen, bijvoorbeeld ‘hoofdkeuze’, ‘buitengebied, water en bodem’ etc. In amendement A23/94 heeft de gemeenteraad expliciet besloten welke wijzigingen wel en nog niet vast te stellen. Over de wijzigingen die al wel zijn vastgesteld, bevat het commissievoorstel een voorstel voor de wijze van verwerken. Deze bijlage bevat een overzicht van de 29 wijzigingen die niet zijn vastgesteld. De teksten bij de wijzigingen zijn voor de overzichtelijkheid samengevat en gerubriceerd naar de categorieën: - Niet (meer) opnemen in de Omgevingsvisie: op basis van de bijeenkomsten van de commissie schatten wij in dat deze voorgestelde wijzigingen té gedetailleerd zijn en dus niet hoeven worden opgenomen. - Gewijzigd opnemen in de Omgevingsvisie: de bijeenkomsten van de commissie zijn aanleiding om te veronderstellen dat de commissie deze voorstellen gewijzigd (t.o.v. de zienswijzennota) wil opnemen. - Ongewijzigd overnemen in de Omgevingsvisie: wij schatten in dat u deze voorstellen uit de zienswijzennota ongewijzigd wilt overnemen.
Daarbij hebben wij meegewogen: - Is de voorgestelde wijziging nog actueel? - Is de mate van detail passend bij het idee van een compacte en kernachtige Omgevingsvisie? - Is er reden om aan te nemen dat er sterk uiteenlopende politieke inzichten over bestaan? De nummers die tussen haakjes staan, verwijzen naar nummering van wijzigingen in de oorspronkelijke zienswijzennota.
Niet (meer) opnemen in de Omgevingsvisie Rubriek Hoofdkeuzes
Eerder voorgestelde wijziging (zienswijzennota) Aandachtspunten op te nemen voor plekken die nog niet geordend zijn en een bredere kijk op duurzaamheid (advies CRK+M) (50) Buitengebied, Indien gereed conclusies van lopende water, onderzoeken naar biodiversiteit opnemen bodem (advies cie MER) (46) Benoem kansen voor beschermde soorten en de ecologische relaties van de stad met natuur in het buitengebied (advies MER) (46) Wonen Een onderscheid maken tussen harde en zachte woningbouwplannen en de conclusie uit de toetsing op het verstedelijkingsconcept MRA opnemen bij de woningbouwaantallen (advies MER) (44)
Argument voor niet opnemen Niet noodzakelijke detaillering
Niet noodzakelijke detaillering
Niet noodzakelijke detaillering
Niet noodzakelijke detaillering. In de Omgevingsvisie staat al dat het grootste deel van de plancapaciteit in Hilversum ‘zacht’ is.
1
Wonen
Enkele tekstuele aanscherpingen over wonen: Inzet voor ‘onzelfstandige woonruimtes’ voor opvang in alle wijken aanvullen met: - inzet op flexwoningen voor statushouders. - Aan voorrang cruciale beroepsgroepen wordt al gewerkt in de huisvestingsverordening. - De woon-zorgvisie gaat opgesteld worden. Eerst komt er een regionale woon zorg visie, waarna de uitwerking per gemeente volgt. Voor 1 januari 2026 moet Hilversum een visie op wonen en zorg hebben (63)
Niet nodig: wordt al uitgevoerd. De beschreven inzet op flexwoningen is niet onze ambitie
Gewijzigd opnemen in de Omgevingsvisie Rubriek Mobiliteit
Energie
Overig hoofdstuk 5
Doorvoeren uitwerkingen
Eerder voorgestelde wijziging (zienswijzennota) Benoemen van de belangrijkste veranderingen die in de parkeernormennota worden uitgewerkt (verantwoordelijkheid van ontwikkelaars, eigenaren en aanvragers van een omgevingsvergunning, rechten op parkeervergunningen, verlaging van de parkeernormen in de parkeernormennota met een mogelijkheid tot maatwerk, werken met een parkeereis en een mobiliteitsfonds) (27) Indien gereed conclusies van lopende onderzoeken opnemen (advies MER): De benodigde energie-infrastructuur uit gesprekken met netbeheerders (46)
Actualiseren van de paragraaf in hoofdstuk 5 over het Omgevingsplan, waarin een Plan van Aanpak wordt aangekondigd en toegelicht en uitleg wordt gegeven over de overgangsperiode. (64)
Onder de geldende Wet Ruimtelijke Ordening is de Omgevingsvisie een zogenaamde Structuurvisie. In het besluit over de definitieve Omgevingsvisie zal staan: - De Omgevingsvisie als ‘Structuurvisie Omgevingsvisie Hilversum 2040’ vast te stellen, onder intrekking van de Structuurvisie Hilversum 2030. - Per 1 januari 2024 de Structuurvisie te beschouwen als Omgevingsvisie (66) Alle indicatoren uit bijlage D in de Omgevingsvisie verwerken bij de bijbehorende doelen in hoofdstuk 4. Na vaststelling van
Aangepast voorstel Dit zijn uitwerkingen die in een parkeernormennota thuishoren. Enkel het duiden van de relatie tussen de Omgevingsvisie en de parkeernormennota is relevant. Dit kan kort.
De infrastructuur kent een ruimtebeslag, vooral middenspanningstations. De belangrijkste infrastructuur wordt getoond in een structuurkaart Energie Het is van belang de relatie tussen de Omgevingsvisie en het Omgevingsplan goed te schetsen. Op mogelijke keuzes die de gemeenteraad in het PvA maakt, hoeft echter niet te worden vooruitgelopen. Dit is niet meer aan de orde als de Omgevingswet per 1 januari 2024 in werking treedt. Wel moet de Structuurvisie Hilversum 2030 worden ingetrokken. Hierbij moeten we zorgvuldig onderzoek doen naar waar de Structuurvisie thans als onderlegger voor dient. We bekijken de indicatoren nog een keer of ze output- of impactindicatoren zijn. Het 2
indicatoren het toetsingskader verder uitwerken zoals beschreven in bijlage D, als bijlage bij de Omgevingsvisie (2)
De methodiek in bijlage E deels opnemen in hoofdstuk 5 (kaart met gebiedstypen en een korte beschrijving van de methodiek voor ruimtelijke kwaliteit). De methodiek verder uitwerken in een bijlage van de Omgevingsvisie (CRK) (3). Bijlage F (aanzet voor gebiedsagenda’s) uit te werken in hoofdstuk 5 van de Omgevingsvisie, zodat de verhouding tussen de Omgevingsvisie en gebiedsagenda’s duidelijker wordt (CRK) (48)
Het toevoegen van kaarten over: Historische structuren en kwaliteiten vanuit cultuurhistorie, stedenbouw en landschap; kaart 11 uit het programma Groen is hiervoor een goede basis (zie figuur 5) Kaart ingrepen energietransitie Onderscheidende gebiedstypen (zie figuur 4) Een totaaloverzicht van de belangrijkste maatregelen uit de visiekaarten in hoofdstuk 4 (hoofdkaart ingrepen) (geen nummer)
toetsingskader wordt niet als bijlage bij de Omgevingsvisie uitgewerkt, maar pas na vaststelling. De Omgevingsvisie zal de contouren bevatten. We nemen de methodiek op in de Omgevingsvisie, maar werken die pas na vaststelling van de Omgevingsvisie uit tot een startdocument Gebiedsagenda’s. We nemen de methodiek op in de Omgevingsvisie, maar werken die pas na vaststelling van de Omgevingsvisie uit tot een startdocument Gebiedsagenda’s. We voegen als kaarten toe a. In hoofdstuk 4 (identiteit en kwaliteiten) een kaart opnemen met cultuurhistorische waarden b. Een kaart met een gebiedsindeling voor gebiedsagenda’s in hoofdstuk 4. c. Structuurkaarten voor de belangrijkste onderwerpen: wonen, werken, voorzieningen, mobiliteit, groen/klimaat en energie in hoofdstuk 5. d. Een visiekaart in hoofdstuk 3 die de strategische hoofdkeuzes/leidende principes illustreert.
3
Ongewijzigd overnemen in de Omgevingsvisie Rubriek Eerder voorgestelde wijziging (zienswijzennota) Buitengebied, Tekstuele aanscherping over het effect van water en waterpeilverhoging (advies cie MER) (45) bodem Mobiliteit
Energie
Meedoen
Schrappen van de ABC-mobiliteitsmilieus en het principe van de 15-minutenstad (23)
Overnemen van de vijf uitgangspunten voor het parkeerbeleid (hanteren STOMP principe, verlagen van de parkeerdruk tot aan de buitenring, terugbrengen van het aantal parkeervergunningen, sturing naar minder auto’s op straat en stimuleren van parkeren op eigen terrein en in parkeergarages) (25) Een mobiliteitskaart opnemen in hoofdstuk 4, op te bouwen uit de kaarten die horen bij het uitvoeringsprogramma mobiliteit (24) Opnemen van een kaart met de gebiedsindeling voor parkeernormen 2023 en verdere actualisaties daarvan op te nemen in de parkeernormennota (26) Schrappen van geothermie uit paragraaf 4.3 (56).
Het onderzoek naar benodigde (ondergrondse) infrastructuur voor de energietransitie laten vervallen omdat het al is uitgevoerd (57). Uit de Visie sociaal domein de kernwaarden overte nemen in hoofdstuk 5 waar het gaat over de rol van de gemeente: vertrouwen, eenvoud en betrokkenheid (58) Doel 2a van het thema ‘meedoen’ (het versterken van de ingezette beweging van het (vooral) bekostigen van maatwerk en zorg naar (vooral) bekostiging van preventie en collectieve voorzieningen) aanvullen met: de beweging van ‘van ziekte en zorg naar gezondheid en gedrag’ (59). Aan doelen voorzieningen toevoegen Benutten sportparken en -hallen voor andere maatschappelijke functies en meervoudig gebruik (ook niet-leden). In de kadertekst ‘cultuur als kans’ opnemen dat stedelijke cultuurvoorzieningen in het centrum
Argument voor handhaving Het is goed de mogelijke effecten van waterpeilverhoging (+ en -) in beeld te hebben. Hoewel ingebracht via een motie van de raad, kreeg het in het uitvoeringsprogramma mobiliteit en het parkeerbeleid geen opvolging. Met het STOMP principe is al voldoende prioriteringskader beschikbaar. Deze uitgangspunten zijn in de parkeernota en de nota parkeernormen (al) uitgewerkt. Het opnemen van de hoofdlijn in de Omgevingsvisie is passend. Dit wordt onderdeel van een structuurkaart mobiliteit en parkeren Dit wordt onderdeel van een structuurkaart mobiliteit en parkeren Onze verwachting is dat geothermie geen realistische maatregel is waar we onze energietransitie op kunnen baseren. Bevindingen worden opgenomen in de structuurkaart Energie. Kernwaarden zijn door de raad vastgesteld in de visie Sociaal domein Dit is door de raad vastgesteld in de visie Sociaal domein
Hoewel hier sprake lijkt van ‘uitvoering’ (argument om dit te schrappen) vinden wij het belangrijk dit hier op te nemen. De ruimte voor 4
Onderwijs
Veiligheid
Overig hoofdstuk 5
Doorvoeren uitwerkingen
zijn gericht op beleving, en die in de wijken gericht op meedoen. Suggesties voor benutten van kerkgebouwen voor cultuur en ontmoetingsplekken in de wijk. De 1% regeling bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen voor kunst in de Openbare Ruimte terugbrengen. De tekst over ‘onderzoek naar benodigde omvang voorzieningen’ aanvullen met de elementen spreiding en kansen voor combinaties/multifunctionaliteit. In dat licht ook de toekomstige Integrale Kindcentra (IKC’s) noemen en de behoefte aan passend basisaanbod aan maatschappelijke voorzieningen (60) Verankeren van een aantal aandachtspunten voor toekomstig onderwijsbeleid: Aandacht voor de verbinding tussen onderwijsbeleid en onderwijshuisvesting Aandacht voor de verbinding tussen onderwijs en zorg (61) Tekst over speerpunten uit het Integraal Veiligheidsplan (IVP) aanpassen aan de speerpunten die in januari 2023 zijn vastgesteld: ondermijnende criminaliteit, digitale veiligheid, maatschappelijke (on)rust en drugshandel op (62) De nota kostenverhaal te zijner tijd als een ‘programma’ van de Omgevingsvisie vast te stellen.
Voorgesteld wordt dit te doen (65) De lijst met definities aan te vullen met definities van herstructurering, transformatie, innovatiecluster en campus (67) Opnemen van een indicator voor cultuurhistorie (31) De Hilversumse ruimtelijke kwaliteit, waarden en het cultureel erfgoed duidelijker op te nemen in de cirkel met ‘opgaven’ op pagina 42 in de ontwerp Omgevingsvisie (CRK+M) (49)
maatschappelijke functies is beperkt en het speelveld waarin veel organisaties bewegen verandert. De gemeente heeft hier wellicht een steviger rol te spelen.
Het onderwijsbeleid moet nog verder vorm krijgen. De genoemde punten sluiten aan op de trends en ontwikkelingen die in de Omgevingsvisie zijn gesignaleerd. Dit betreft actualisatie van teksten na raadsbesluit januari 2023.
Dit is een technische vereiste voor een juridisch houdbaar kostenverhaal. Dit betreft gevraagde definities nav artikel 41 vragen. Deze indicator ontbrak nog, maar is wel relevant. De onderwerpen stonden in het centrum van de cirkel. Dit is – klaarblijkelijk – niet duidelijk. De onderwerpen krijgen een duidelijker plek als ‘taartpunt’.
5