CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Ecologische inventarisatie

GEMEENTERAAD 15 oktober 2025, gemeente HilversumBij agendapunt: Advies buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) kleinschalig zonnepark Vliegveld Hilversum (1584865)2.758 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Quick scan ecologie Vliegveld Hilversum

21 maart 2022

Pagina 1

Samenvatting Op het perceel van vliegveld Hilversum worden plannen voorbereid om de parkeerplaats te overkappen met zonnepanelen en om een strook gras aan het noordwesten van het vliegveld om te bouwen naar een zonnepanelenveld. Op de planlocatie staan geen gebouwen. Het parkeerterrein is half verhard en op de strook gras ten noordwesten van het vliegveld staan een aantal bomen en struiken, maar is voornamelijk gras aanwezig. Voor het parkeerterrein geld dat op voorhand de aanwezigheid van vleermuis, huismus en gierzwaluw uitgesloten kan worden. Dit komt door het afwezig zijn van geschikte plekken voor de soorten om zich te vestigen. Voor deze soorten is een afdoend onderzoek niet noodzakelijk. Voor de groene strook geld dat op voorhand de aanwezigheid van gierzwaluw kan worden uitgesloten. Er zijn geen geschikte nestplekken voor deze soort waargenomen. Vleermuizen en huismus kan hier niet op voorhand worden uitgesloten in verband met de aanwezige bomen op het perceel. Als de bomen en dichte struiken worden verwijderd voor de plannen, dan is een afdoend onderzoek naar deze soorten noodzakelijk. Gezien de aard en de omvang van de werkzaamheden is een stikstofberekening niet noodzakelijk.

Inhoud 2 – Inleiding 3 – Beschrijving gebied 4 – Waarnemingen 7 – Analyse 9 – Advies & Bronnen

Inleiding Op het perceel van vliegveld Hilversum worden plannen voorbereid om de parkeerplaats te overkappen met zonnepanelen en om een strook gras aan het noordwesten van het vliegveld om te bouwen naar een zonnepanelenveld. Onderdeel van de procedure is een onderzoek naar de potentiële aanwezigheid van beschermde soorten en het maken van een analyse van de mogelijke effecten op die soorten, als gevolg van de werkzaamheden. Hiervoor is door bureau Els & Linde een oriënterend onderzoek uitgevoerd. Het voorliggende rapport geeft een beschrijving van het oriënterend onderzoek naar de effecten op natuurwaarden. Om een goed oordeel te geven over de potentieel aanwezige beschermde planten en dieren, is op 21 maart 2022 door een ecoloog van bureau Els & Linde, een bezoek gebracht aan de planlocatie. Ter plekke is beoordeeld of er beschermde soorten aanwezig kunnen zijn, die schade kunnen ondervinden van de geplande ontwikkelingen. Daarbij is gezocht naar sporen van dieren en is op basis van de begroeiing en de opbouw van het landschap, geschat of er beschermde soorten aanwezig kunnen zijn. De effecten worden beoordeeld als gevolg van de veranderde omgeving en het veranderde gebruik. Verder wordt geanalyseerd of de werkzaamheden die noodzakelijk zijn om de veranderingen te bereiken, een effect veroorzaken.

Colofon Opdrachtgever Projectnummer Datum Auteur Gecontroleerd Status

TB Noord Advies 22.079 21 maart 2022 F. A. Neuteboom P.J.H. van der Linden concept

Els & Linde B.V. Spechtstraat 59 1223 NX Hilversum mob 06 - 27564247 e-mail vanderlinden@elsenlinde.nl Ligging van de planlocatie

Pagina 2

H02

Planomgeving: locatie, omgeving en beschermde natuurgebieden

De planlocatie ligt aan de Noodweg en de Rading aan de rand van de bebouwde kom in Hilversum. De planlocatie wordt ingesloten door een bedrijven terrein, een natuurgebied en een vliegveld. De planlocatie ligt op ongeveer 900 m afstand van Natura 2000- gebied “Oostelijke Vechtplassen” en op ongeveer 9.5 km afstand naar het Natura 2000- gebied “Naardermeer”. De overige Natura 2000 gebieden liggen op meer dan 10 km afstand van de planlocatie. De planlocatie ligt aan het Natuurnetwerk Nederland vast. De werkzaamheden zijn : Plaatsen van zonnepanelen. Natura 2000 Via de Natura 2000 zijn gebieden beschermd van internationaal belang. Voor deze gebieden zijn doelstellingen geformuleerd voor het behoud van habitats en planten en dieren. Deze Natura 2000-gebieden zijn ook beschermd tegen invloeden van buiten, zoals stikstofdepositie en grondwaterstromen. Voor de functie waardoor de depositie van stikstofverbindingen toeneemt, is een berekening noodzakelijk van de effecten.

Ligging van de Natura 2000-gebieden.

Natuurnetwerk Nederland Door nieuwe natuur te ontwikkelen, kunnen natuurgebieden met elkaar worden verbonden. Zo kunnen planten zich over verschillende natuurgebieden verspreiden en dieren van het ene naar het andere gebied gaan. Het totaal van al deze gebieden en de verbindingen ertussen vormt het natuurnetwerk Nederland.

Ligging van het Natuurnetwerk Nederland.

Pagina 3

H03

Waarnemingen: veldgegevens en gegevens uit de literatuur Werkwijze Het onderzoek is uitgevoerd als een quick scan ecologie. Voor een dergelijk onderzoek wordt door een ecoloog beoordeeld of er een kans is op aanwezigheid van beschermde soorten. Daarbij wordt gelet op de structuur van de omgeving, aanwezige habitats en landschapselementen. Tevens wordt gezocht naar sporen van beschermde soorten. Een quick scan is tevens bedoeld als afbakening van een eventueel afdoend onderzoek. De quick scan bestaat uit de volgende activiteiten: • Een literatuur/bronnenonderzoek met betrekking tot de potentieel aanwezige beschermde soorten binnen de planlocatie. • Een veldbezoek waarbij de locaties worden beoordeeld op habitatgeschiktheid voor beschermde soorten. Hierbij worden bijvoorbeeld de te kappen bomen beoordeeld op geschiktheid voor vleermuizen en jaarrond beschermde nesten. • Voor de aangetroffen strikt beschermde soorten wordt, door een beschrijving van de ecologische functionaliteit van het gebied (foerageergebied, migratieroute, voortplantingsgebied of winterverblijf, enz.), aangegeven hoe het gebied door iedere soort wordt gebruikt. • Een schatting van de impact van de werkzaamheden op de (potentieel) aanwezige beschermde soorten. • Een effectbeoordeling gericht op (eventueel) nabij gelegen beschermde natuurgebieden (Natura 2000-gebieden, Natuurnetwerk en Weidevogelleefgebied).

Om een goed oordeel te kunnen geven is op 21 maart 2022 door een ecoloog een bezoek gebracht aan de planlocaties. Tijdens het veldbezoek is onderzocht of er in potentie beschermde planten en dieren aanwezig zijn binnen de planlocaties. Daarvoor is gezocht naar sporen en andere aanwijzingen van planten en dieren. Op basis van de aanwezige herkenbare begroeiing en habitats, is beoordeeld of er leefgebieden aanwezig zijn voor beschermde soorten. Aanvullend is een bureaustudie uitgevoerd naar de potentieel voorkomende planten en dieren in de directe omgeving van de planlocaties. Hierbij is een bronnenonderzoek uitgevoerd, waarbij de verschillende relevante en actuele informatiebronnen zijn geraadpleegd. Bij de analyse van de effecten is gelet op de effecten veroorzaakt door de veranderde omgeving en het veranderde gebruik. Daarnaast zijn de effecten bepaald die veroorzaakt worden door de ruimtelijke ontwikkelingen. Daarbij is naast de planlocaties sec. gelet op de directe omgeving en de effecten op soorten in de omgeving. In de voorliggende notitie worden de resultaten van de quick scan ecologie besproken. Waarnemingen In onderstaande paragrafen worden de soortengroepen beschreven die binnen de planlocaties en de directe omgeving zijn aangetroffen of te verwachten.

Tijdens het veldbezoek van 21 maart 2022 is onderzocht of er in potentie beschermde planten en dieren aanwezig zijn binnen de planlocaties. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de parkeerplaats van het vliegveld en de groene strook ten noordwesten van het vliegveld.

Pagina 4

Bronnenonderzoek Voor het onderzoek naar potentieel aanwezige beschermde soorten zijn de beschikbare regionale en landelijke verspreidingsatlassen en enkele digitale bronnen geraadpleegd. Bekend is dat in de omgeving een – tegenwoordig stabiele – populatie van de das (Meles meles) aanwezig is. De das foerageert onder andere op de weilanden ten zuiden van het vliegveld en ten zuiden van Nieuw Loosdrecht. De beide percelen liggen niet op de route van de das en zijn geen essentieel onderdeel van het leefgebied van de das. Andere beschermde soorten zijn uitsluitend buiten de invloedssfeer van de percelen bekend. Vegetatie en planten Op de parkeerplaats van het vliegveld is grasachtige vegetatie waargenomen en aan de rand staan lage bomen en struiken. Op de groene strook zijn een aantal eiken en corniveren waargenomen en een grote doornstruik. Verder is er grasachtige vegetatie waargenomen. Geen van de waargenomen soorten is beschermd. Zoogdieren Juridisch zwaarder beschermde soorten Vleermuizen zijn de belangrijkste groep strikt beschermde dieren die verwacht kunnen worden. Vleermuizen kunnen schade ondervinden van de ruimtelijke ontwikkelingen en kunnen hierdoor een belemmering zijn.

De planlocaties en de directe omgeving zijn daarom nauwkeurig onderzocht op de aanwezigheid van potentieel geschikte verblijfplaatsen voor vleermuizen, evenals essentiële vliegroutes en foerageergebieden. Verblijfplaatsen Vleermuizen zijn in twee groepen te verdelen; enerzijds de soorten die in gebouwen een verblijfplaats hebben en anderzijds de soorten die in bomen een verblijfplaats hebben. De kraamkolonie van de laatvlieger (Eptesicus serotinus) en de gewone dwergvleermuis (Pipistrellus pipistrellus) komen – voor zover bekend - alleen in gebouwen voor. Ze wonen in de spouwmuur, achter betimmering, onder daklijsten en dakpannen. De vaste verblijfplaatsen van de ruige dwergvleermuis (Pipistrellus nathusii) en de watervleermuis (Myotis daubentonii) kunnen zowel in spleten en gaten in bomen, als in gebouwen voorkomen. Ze kiezen in de regel gebieden met een groot aanbod aan geschikte holten op een klein oppervlak. Op de parkeerplaats is de aanwezigheid van vleermuizen op voorhand uit te sluiten. Hier is geen afdoend onderzoek nodig. Op de groene strook staan een aantal grote bomen met holtes die geschikt zijn voor vleermuizen. De aanwezigheid van boombewonende vleermuis soorten is niet op voorhand uit te sluiten. Er zijn geen sporen van vleermuizen waargenomen op de planlocatie.

Als de bomen worden verwijderd voor de plannen, is op de groene strook een afdoend onderzoek noodzakelijk. Potentiële vliegroutes en foerageergebieden Langs de weg kunnen mogelijke vliegroutes of foerageergebieden aanwezig zijn. De werkzaamheden hebben hier geen invloed op.

Pagina 5

Overig beschermde zoogdieren Op de planlocatie kunnen kleine grondgebonden zoogdieren voorkomen. Beschermde soorten zijn uitgesloten op basis van de stedelijkheid van het gebied waarin de planlocatie zich bevind. Voor eventueel aanwezige soorten geld de zorgplicht. Vogels Jaarrond beschermd nest Tijdens het ecologisch onderzoek is gezocht naar aanwijzingen voor het voorkomen van vogels met een vaste verblijfplaats binnen het plangebied. Gekeken is naar potentieel geschikte nestplekken voor vogels met een jaarrond beschermd nest. Op voorhand kan op beide locaties de aanwezigheid van gierzwaluw worden uitgesloten. Er is geen geschikte plek voor deze soort waargenomen. Er is geen afdoend onderzoek nodig. Op het parkeerterrein kan op voorhand de aanwezigheid van huismus worden uitgesloten. Er is geen geschikte plek voor deze soort waargenomen. Hier is geen afdoend onderzoek nodig. Op de groene strook staan een aantal bomen en struiken waar de aanwezigheid van huismus niet op voorhand kan worden uitgesloten; de bomen kunnen functioneren als voedselbron. Als deze bomen en struiken worden verwijderd voor de plannen, dan is een afdoend onderzoek naar deze soort noodzakelijk. Algemene broedvogels Er is mogelijkheid voor algemene broedvogels om zich in de bomen op de groene strook van de planlocatie te vestigen.

Als de bomen worden verwijderd voor de plannen, dan moeten deze werkzaamheden buiten het broedseizoen plaats vinden. Herpetofauna en vissen Langs de groene strook is een kleine oppervlakkige watergang waargenomen. De aanwezigheid van beschermde soorten kan worden uitgesloten, vanwege de oppervlakkigheid van de watergang. Overige soorten Er zijn, gezien de voorkomende biotopen, geen beschermde bijzondere insecten of overige soorten te verwachten binnen de planlocaties. Deze soorten stellen hoge eisen aan hun leefgebied; de planlocatie voldoet hier niet aan. De aanwezigheid van beschermde overige soorten worden daarom uitgesloten binnen de planlocaties.

Pagina 6

H04

Analyse: beoordeling van de effecten op de natuurwaarden Bij de analyse wordt gelet op de effecten als gevolg van het veranderde gebruik en de veranderde inrichting. Daarnaast wordt gelet op de effecten als gevolg van de werkzaamheden om de veranderingen te bereiken. Voor zover planlocaties binnen het Natuurnetwerk Nederland, het weidevogel leefgebied, Natura 2000 of andere beschermde natuurgebieden liggen, worden de effecten op deze beschermde natuurgebieden getoetst. Voor de Natura 2000-gebieden is de externe werking eveneens van belang; de belangrijkste externe effecten worden veroorzaakt door toename van depositie, geluid en licht. Daarnaast kunnen veranderde grondwaterstromen een effect veroorzaken. Wet natuurbescherming De Wet natuurbescherming kent een afdeling voor soortbescherming en een afdeling voor gebiedsbescherming. Binnen de gebiedsbescherming zijn de Natura 2000-gebieden beschermd. De bescherming geldt ook voor externe factoren; zoals grondwaterstromen en stikstofdepositie. De soortbescherming binnen de Wet natuurbescherming richt zich op de internationale afspraken, en geeft een uitbreiding van de beschermde soorten door aan de rode lijst (bedreigd en ernstig bedreigd) een beschermd status te koppelen. Binnen de bebouwde kom is de belangrijkste wijziging in de beschermde soorten het vervallen van de bescherming op muurplanten en orchideeën.

Beschermde soorten Op de parkeerplaats kan de aanwezigheid van gierzwaluw, vleermuizen en huismus op voorhand worden uitgesloten. Hier is geen afdoend onderzoek noodzakelijk. Voor de groene strook ten noordwesten van het vliegveld is de aanwezigheid van gierzwaluw op voorhand uit te sluiten. De aanwezigheid van vleermuizen en huismus is niet op voorhand uit te sluiten, deze kunnen zich in de begroeiing op het perceel op houden. Als de bomen en struiken worden verwijderd voor de plannen is een afdoend onderzoek naar deze soorten noodzakelijk. Zorgbeginsel Binnen het gebied is een geringe kans op algemeen voorkomende soorten waarmee rekening moet worden gehouden. Aangetroffen dieren die niet uit zich zelf het werkgebied kunnen verlaten, dienen – onder begeleiding van een ecoloog - in veiligheid te worden gebracht en buiten het werkgebied te worden uitgezet. Schuilplekken zoals bladhopen, hout- en steenstapels e.d. dienen eerst te worden gecontroleerd op schuilende dieren. In zijn algemeenheid dienen geschikte schuil- en overwinteringsplekken voor dieren buiten het werkterrein intact te worden gelaten.

Eventueel noodzakelijk kap moet buiten de kwetsbare periode (winter) worden uitgevoerd en voorafgaand aan de kap (of het anderszins vrijstellen van een werkplek) is het verstandig een ecoloog te laten beoordelen of effecten zijn te verwachten en eventueel maatregelen te (laten) nemen om die effecten te verminderen.

Pagina 7

Natura 2000 De planlocatie ligt aan de Noodweg en de Rading aan de rand van de bebouwde kom in Hilversum. De planlocatie wordt ingesloten door een bedrijven terrein, een natuurgebied en een vliegveld. De planlocatie ligt op ongeveer 900 m afstand van Natura 2000- gebied “Oostelijke Vechtplassen” en op ongeveer 9.5 km afstand naar het Natura 2000- gebied “Naardermeer”. De overige Natura 2000 gebieden liggen op meer dan 10 km afstand van de planlocatie. De werkzaamheden zijn : Plaatsen van zonnepanelen. Een stikstofberekening is niet noodzakelijk, gezien de aard en de omvang en van de werkzaamheden en de afstand van het dichtstbijzijnde natura 2000 gebied. Natuurnetwerk Nederland De planlocatie ligt aan het Natuurnetwerk Nederland vast. Gelet op de aard en de omvang van de geplande werkzaamheden, wordt echter geen effect verwacht.

Pagina 8

H05

Conclusie, advies en gebruikte bronnen Op het perceel van vliegveld Hilversum worden plannen voorbereid om de parkeerplaats te overkappen met zonnepanelen en om een strook gras aan het noordwesten van het vliegveld om te bouwen naar een zonnepanelenveld. Voorliggend rapport betreft een onderzoek naar effecten op natuurwaarden. Door een ecoloog van bureau Els & Linde B.V. is op 21 maart 2022 beoordeeld of er beschermde planten diersoorten aanwezig zijn binnen de planlocatie en of deze soorten schade ondervinden van de gewenste ontwikkelingen. Beschermde soorten Op de parkeerplaats kan de aanwezigheid van gierzwaluw, vleermuizen en huismus op voorhand worden uitgesloten. Hier is geen afdoend onderzoek noodzakelijk. Voor de groene strook ten noordwesten van het vliegveld is de aanwezigheid van gierzwaluw op voorhand uit te sluiten. De aanwezigheid van vleermuizen en huismus is niet op voorhand uit te sluiten, deze kunnen zich in de begroeiing op het perceel op houden. Als de bomen en struiken worden verwijderd voor de plannen is een afdoend onderzoek naar deze soorten noodzakelijk. Natura 2000 en Natuurnetwerk Nederland De planlocatie ligt aan de Noodweg en de Rading aan de rand van de bebouwde kom in Hilversum. De planlocatie wordt ingesloten door een bedrijven terrein, een natuurgebied en een vliegveld.

De planlocatie ligt op ongeveer 900 m afstand van Natura 2000- gebied “Oostelijke Vechtplassen” en op ongeveer 9.5 km afstand naar het Natura 2000- gebied “Naardermeer”. De overige Natura 2000 gebieden liggen op meer dan 10 km afstand van de planlocatie.

– – – – – – – – – – – – –

Anonymus (2017). Kennisdocument huismus, BIJ12 Anonymus (2017). Kennisdocument gierzwaluw, BIJ12 Anonymus (2017). Kennisdocument gewone dwergvleermuis, BIJ12 Dietz, Chr., O. von Helversen & D. Nill (2012) Vleermuizen. Alle soorten van Europa en Noordwest-Afrika. Trition Natuur Hoogeboom, D.M., F. Visbeen, J. Wondergem, W. Ruitenbeek (2014) Atlas van de Noord-Hollandse zoogdieren. NOZOS, Landschap Noord-Holland. Kaag, K. (2012) Vlinders van Duin tot Dijk. De dagvlinders van Noord-Holland 20002009. Vlinderstichting, Landschap Noord-Holland. Kapteyn, K. (1995) Vleermuizen in het landschap. Schuyt & co, Haarlem. Riet, B. van, H. van der Goes, Th. Baas, C. van den Tempel, W. Menkveld & F. Visbeen (2014) Atlas van de Noord-Hollandse flora. Landschap Noord-Holland. Scharringa, C.J.G., W. Ruiterbeek & P.J. Zomerdijk (2010) Atlas van de Noord-Hollandse broedvogels 2005-2009. SVN, Landschap Noord-Holland. Simon, M., S. Hüttenbügel & J. Smit-Viergutz (2004) Ökologie und Schutz von Fledermäusen in Dörfern und Städten. Bundesamt für Naturschutz, Bonn. Synbiosis Alterra natura 2000 provincienoordholland.nl waarneming.nl

De werkzaamheden zijn : Plaatsen van zonnepanelen. Een stikstofberekening is niet noodzakelijk, gezien de aard en de omvang en van de werkzaamheden en de afstand van het dichtstbijzijnde natura 2000 gebied. De planlocatie ligt aan het Natuurnetwerk Nederland vast. Gelet op de aard en de omvang van de geplande werkzaamheden, wordt echter geen effect verwacht.

Pagina 9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=01cd03da-2d49-46ce-898f-569e68c4b906