Bijlage 1 Zienswijze H'sum MRA conceptmeerjarenbegroting 21-24
Tekst van het document
GEMEENTE HILVERSUM POSTBUS 9900 1201 GM HILVERSUM
Metropoolregio Amsterdam MRA Bestuur Strawinskylaan 1779 (WTC, I-toren) 1077XX Amsterdam
DATUM ZAAKNUMMER
BEZOEKADRES: RAADHUIS DUDOKPARK 1 TELEFOONNUMMER: 14 035 WWW.HILVERSUM.NL
13 juli 2022 1131531
UW KENMERK
4 april 2022 BETREFT Zienswijze MRA-conceptbegroting 2021-2024
UW BRIEF VAN BIJLAGEN
Geachte leden van het MRA bestuur,
Op 13 juli 2022 heeft onze gemeenteraad de MRA-conceptmeerjarenbegroting 2021-2024 besproken. Wij danken u hartelijk voor het toezenden van de conceptmeerjarenbegroting 2021 – 2024 en de inspanningen die u heeft gedaan om tot dit ontwerp te komen in deze overgangsperiode. De MRAsamenwerking is voor Hilversum en onze regio van belangrijke meerwaarde waar het gaat om verstedelijking (wonen en werk), mobiliteit en landschap en deze samenwerking krijgt steeds beter vorm. Met deze brief informeren wij u over onze wensen en opvattingen ten aanzien van deze begroting. De financiën van gemeenten staan nog steeds onder grote druk, zo ook die van ons en de omliggende regiogemeenten in Gooi en Vechtstreek. Wij beoordelen de concept-meerjarenbegroting dan ook vanuit de volgende uitgangspunten: - Terughoudendheid op nieuw beleid met risico’s voor de gemeente; - Kritisch beoordelen van de noodzaak van activiteiten en begrotingsposten met aandacht voor niet noodzakelijke reserves en waar mogelijk onvoorziene kosten opvangen binnen de begroting. Lijnen die al zijn vastgesteld – zoals de ambities in de MRA-agenda, de samenwerkingsafspraken en bijdrage van € 1,53 per inwoner – voeren wij graag in samenwerking met alle deelnemers en de MRAdirectie uit. Onze wensen en opvattingen richten zich daarom ook primair op de financiële uitwerking van de ontwerp meerjarenbegroting.
Wensen & opvattingen MRA-agenda De voorstellen passen binnen de inhoudelijke kaders van de MRA-agenda en wij zien dan ook geen aanleiding om over de inhoud daarvan specifieke wensen en opvattingen in te brengen. Daarbij vinden wij de verschuiving van de middelen naar samenwerking met het rijk en de Europese Unie en naar wonen een goede zaak. Dit zijn thema’s waarop samenwerking in de MRA ons veel kan opleveren. Onderbouwing voor versterking door om niet bijdrage
In uw aanbiedingsbrief geeft u aan dat er door de ‘om-niet’-bijdrage aan de MRA-directie ruimte ontstaat in de begroting om de samenwerking verder te versterken. Deze ruimte is er bij ons en in onze deelregio niet. Immers, ook de bijdrage ‘om-niet’ moet gefinancierd worden. Wij ondersteunen de ‘omniet’-bijdrage aan de MRA-directie, omdat hiermee het draagvlak en eigenaarschap worden vergroot. Tegelijk vinden wij het belangrijk dat het financiële effect van de ‘om-niet’-bijdrage niet automatisch ‘verdwijnt’ in de MRA-begroting. De vrijgekomen middelen dienen wat ons betreft met een goede onderbouwing ingezet te worden voor de versterking van inhoudelijke dossiers of terug te keren naar de deelnemers. In de huidige meerjarenbegroting zien wij deze onderbouwing nog onvoldoende terug. Prudent financieel beleid Gelet op onze lokale context vinden wij het van belang dat ook binnen de MRA een prudent financieel beleid wordt gevolgd. In de ontwerp meerjarenbegroting zien wij dit nog onvoldoende terug. Wij willen u verzoeken heel kritisch naar alle uitgaven te kijken en uw voorstel voor de vorming of het vullen van reserves te heroverwegen. Voor twee uitgavenposten vragen wij in het bijzonder uw aandacht.
- De verhoging van de kosten voor het onderdeel MRA als netwerk: Wij begrijpen dat het faciliteren van de MRA als een netwerk de nodige middelen vergt en dat het beter betrekken van raden en staten extra middelen vraagt. Het huidige budget is echter buitengewoon royaal. Door bijvoorbeeld meer online te doen en locaties voor bijeenkomsten te gebruiken waar deelnemers een overeenkomst mee hebben, kunt u de uitgaven beperkt houden. Bovendien zorgt dit voor een betere inbedding van de MRA in de regio’s. - Aanjaagbudget: Wij ondersteunen het idee van een budget om waardevolle initiatieven een kans te geven. Echter zodra een initiatief substantiële middelen vraagt, dient het een plek te krijgen in MRAagenda of in de termijn agenda, zodat de deelnemers hier een oordeel over kunnen vellen. Wij vragen u met dat argument het aanjaagbudget met minimaal 50% te halveren. Uitwerking indexatie inwonerbijdrage Bij de vorige bijstelling van de inwonerbijdrage is door onder andere de deelregio Gooi en Vechtstreek gevraagd om een indexering vast te stellen, zodat we in de toekomst niet overvallen worden door bijstellingen van het bedrag. Het is goed om te zien dat de meerjarenbegroting een uitwerking van de indexatie bevat. Wij hebben over de uitwerking van de indexatie een drietal opmerkingen.
- Bij het definitieve ontwerp van de meerjarenbegroting zouden wij graag per deelnemer een berekening van de inwonerbijdrage over de verschillende jaren willen zien, zodat de hoogte van de inwonerbijdrage herleidbaar is voor de gemeente. - Ook willen wij u vragen om bij het uitwerken van de indexatie rekening te houden met een aantal uitgangspunten. Hanteer voor de indexatie van de personeelskosten de cao-ontwikkeling van de deelnemers en laat voor de materiële kosten alleen de lopende contracten stijgen met inflatie. In uw meerjarenbegroting past u nu het maximale kader voor indexatie uit de samenwerkingsafspraken toe. Zoals in de samenwerkingsafspraken opgenomen, is dat kader van toepassing voor situaties waarin de berekende situatie hoger uitpakt. En is dat kader dus niet van toepassing voor het berekenen van de indexatie bij het opstellen van de jaarrekening. - Tot slot gaat u uit van een gemiddelde bevolkingsgroei over de afgelopen tien jaar om de jaarlijkse groei van het aantal inwoners voor de komende jaren te bepalen. Wat ons betreft een prima methode om de ontwikkeling meerjarenbegroting beter voorspelbaar te maken voor gemeenten. Wij vragen hier wel aandacht voor de uitwerking in de begroting.
In de jaarlijkse uitwerking van de begroting (de werkbegroting) en bij het opstellen van de jaarrekening verzoeken wij u rekening te houden met de werkelijke ontwikkeling van het aantal inwoners bij de deelnemers. Daarbij adviseren wij u om in de werkbegroting uit te gaan van het CBSinwonertal op 1 januari van het voorgaande jaar en bij de jaarrekening uit te gaan van het CBSinwonertal op 1 januari van het betreffende uitvoeringsjaar.
Inzicht in de personele invulling om niet bijdrage Voor onze deelregio (Gooi en Vechtstreek) betekent de bijdrage ’om-niet’ aan de MRA-directie dat er totaal 1,3fte aan de MRA geleverd moet worden. Wij kiezen bij voorkeur voor het leveren van formatie en niet voor financiële afkoop. Ook hebben wij een voorkeur voor de inzet van personeel deels bij de MRA en deels in de eigen deelregio. Zo kan het eigenaarschap bij de MRA en de deelregio verder worden versterkt. In de zienswijzen bij de samenwerkingsafspraken hebben wij gevraagd om inzicht in de personele invulling van de MRA. Dit is nog niet zichtbaar in de meerjarenbegroting. In opvolging van de eerdere zienswijzen verzoeken wij u om de inzet in de MRA-directie vanuit de verschillende deelnemers inzichtelijk te maken.
Wij zien het definitieve ontwerp van de meerjarenbegroting 2021-2024 graag tegemoet en wij kijken ook voor de komende jaren weer uit naar een positieve samenwerking. .
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 13 juli 2022.
de griffier,
de burgemeester,
mr. P.M.H. van Ruitenbeek CMC
dr. ir. G.M. van den Top