Bijlage 1 - 1ste uitwerking verkenningen naar een financieel gezond sociaal domein
Tekst van het document
Bijlage 1: 1ste uitwerking verkenningen naar een financieel gezond sociaal domein
OPLEGGER Algemeen Onderwerp Verspreiden Contactpersoon Eenheid E-mail Kenmerk Datum Voorstel Nummer Voorstel 1. Voorstel 2.
Verkenningen naar een financieel gezond sociaal domein Ja Hans Uneken Sturing h.uneken@regiogv.nl 21.0004251 9 juni 2021
Omschrijving Kennisnemen van de zienswijzen van de gemeenteraden en de zorgorganisaties. Vaststellen van de volgende uitgangspunten voor de uitwerking van de maatregelen: a. maatregelen zorgen voor een structurele versterking van de uitvoering; b. maatregelen zorgen voor eenheid en eenvoud in het zorgstelsel; c. maatregelen worden uitgevoerd op basis van ‘lokaal wat kan, regionaal wat moet’.
Voorstel 3.
De Regio opdracht geven een voorstel te doen voor de uitwerking van de volgende maatregelen: a. Van vindplaats naar werkplaats (m.b.t. speciaal onderwijs); b. In dialoog verwijzen naar effectieve (jeugd)hulp en waar nodig afschalen; c. Borgen en intensiveren uitvoeringsagenda (inclusief evaluatie van uitvoeringsagenda, waarna keuze voor onderzoek naar andere inrichting bekostiging van en toegang tot verblijf); d. Versoberen levering Huishoudelijke Hulp (onderdeel maatregel 5); e. Eenvoudige zorg bij complexe situaties; f. Heronderzoek wachtlijst + bestaande cliënten (inclusief onderzoek naar andere inrichting bekostiging van en toegang tot verblijf); g. Verhogen eigen bijdrage Wmo-vervoer; h. Stimuleren van de uitstroom jeugd en Wmo (nieuwe maatregel).
Voorstel 4.
De Regio opdracht geven een voorstel te doen voor het ondersteunen/faciliteren van gemeenten bij de lokale uitwerking van de volgende maatregelen: a. Van vindplaats naar werkplaats (m.b.t. regulier onderwijs); b. Aanscherpen toegangscriteria huishoudelijke hulp (onderdeel maatregel 5); c. Normenkader HHM toepassen; d. Algemene voorziening huishoudelijke hulp (ontwikkeling voorziening bij gemeenten); e. Toegang aanscherpen begeleiding en dagbesteding; f. Algemene voorziening begeleiding en dagbesteding (ontwikkeling voorziening bij gemeenten); g. Grip op uitgaven; h. Versterken kostenbewustzijn.
Pagina 1 van 2
Behandeling Datum 17-06-21
Overleg Directie-overleg
Doel Adviseren
30-06-21
Portefeuillehoudersoverleg
Bespreken
02-09-21
Directie-overleg
Adviseren
Pagina 2 van 2
Toelichting Portefeuillehoudersoverleg adviseren over de voorgestelde richting Richting met elkaar bespreken (nog niet vaststellen) Portefeuillehoudersoverleg adviseren over richting plus financiële en
16-09-21
Portefeuillehoudersoverleg
Vaststellen
Najaar
Gemeenteraden en/of colleges
Zienswijze / besluitvorming
organisatorische uitwerking Richting plus financiële en organisatorische uitwerking vaststellen Afhankelijk van de gekozen richting moeten er wel/geen besluiten naar colleges en/of raden
Toelichting Beknopte toelichting Op basis van de zienswijzen van gemeenteraden en zorgorganisaties met elkaar bespreken welke maatregelen op welke wijze het beste uitgewerkt kunnen worden. Op basis van deze bespreking werkt de Regio de regionale onderdelen van de maatregelen financieel en organisatorisch uit, zodat in september er een uitgewerkt pakket ter vaststelling voorgelegd kan worden. Bijlage(n) Nummer Bijlage 1. Bijlage 2.
Pagina 3 van 2
Omschrijving Memo – 1ste uitwerking verkenningen naar een financieel gezond sociaal domein Matrix zienswijzen gemeenteraden en zorgorganisaties
Algemeen Onderwerp Verspreiden Contactpersoon Eenheid E-mail Kenmerk Datum
1ste uitwerking verkenning naar een financieel gezond sociaal domein Ja Hans Uneken Sturing h.uneken@regiogv.nl 21.0004266 10 juni 2021
Voorstel 1.
Kennisnemen van de zienswijzen van de gemeenteraden en de zorgorganisaties.
2.
Vaststellen van de volgende uitgangspunten voor de uitwerking van de maatregelen: a. maatregelen zorgen voor een structurele versterking van de uitvoering; b. maatregelen zorgen voor eenheid en eenvoud in het zorgstelsel; c. maatregelen worden uitgevoerd op basis van ‘lokaal wat kan, regionaal wat moet’.
3.
De Regio opdracht geven een voorstel te doen voor de uitwerking van de volgende maatregelen: a. Van vindplaats naar werkplaats (m.b.t. speciaal onderwijs); b. In dialoog verwijzen naar effectieve (jeugd)hulp en waar nodig afschalen; c. Borgen en intensiveren uitvoeringsagenda (inclusief evaluatie van uitvoeringsagenda, waarna keuze voor onderzoek naar andere inrichting bekostiging van en toegang tot verblijf); d. Versoberen levering Huishoudelijke Hulp (onderdeel maatregel 5); e. Eenvoudige zorg bij complexe situaties; f. Heronderzoek wachtlijst + bestaande cliënten (inclusief onderzoek naar andere inrichting bekostiging van en toegang tot verblijf); g. Verhogen eigen bijdrage Wmo-vervoer; h. Stimuleren van de uitstroom jeugd en Wmo (nieuwe maatregel).
4.
De Regio opdracht geven een voorstel te doen voor het ondersteunen/faciliteren van gemeenten bij de lokale uitwerking van de volgende maatregelen: a. Van vindplaats naar werkplaats (m.b.t. regulier onderwijs); b. Aanscherpen toegangscriteria huishoudelijke hulp (onderdeel maatregel 5); c. Normenkader HHM toepassen; d. Algemene voorziening huishoudelijke hulp (ontwikkeling voorziening bij gemeenten); e. Toegang aanscherpen begeleiding en dagbesteding; f. Algemene voorziening begeleiding en dagbesteding (ontwikkeling voorziening bij gemeenten); g. Grip op uitgaven; h. Versterken kostenbewustzijn.
Aanleiding Begin mei 2020 hebben de portefeuillehouders sociaal domein de bestuursopdracht ‘Naar een financieel gezond sociaal domein’ vastgesteld. De gemeenten in de Gooi en Vechtstreek verkenden in de afgelopen maanden de gezamenlijke opgaven en de noodzakelijke maatregelen om te komen tot een betere kostenbeheersing en kostenbesparing in het sociaal domein. Kansrijke maatregelen zijn beschreven in de verkenning, die in december is opgeleverd. Het portefeuillehoudersoverleg sociaal domein vroeg gemeenteraden, adviesraden sociaal domein en zorgorganisaties de afgelopen maanden een zienswijze uit te brengen op de ‘Verkenning naar een financieel gezond sociaal domein’.
Pagina 1 van 17
Gemeenten, adviesraden, en organisaties hebben aangegeven overwegend positief te zijn over de maatregelen binnen de verkenning (zie bijlage voor samenvatting zienswijze, komt later). Wel zijn er enkele opmerkingen geplaatst over het inbedden van deze projecten binnen de organisatie, regionaal optrekken binnen maatregelen, gemiste kansen, of risico’s. Op basis van deze opmerkingen is besloten uitgangspunten te beschrijven waaraan de maatregelen moeten voldoen. De maatregelen en bijbehorende geadviseerde aanpassingen zijn beschreven in het licht van deze uitgangspunten. Op basis van de zienswijzen gaan de gemeenten over tot vaststelling en uitvoering van maatregelen die leiden naar een financieel gezond sociaal domein voor gemeenten.
Zienswijzen Hieronder is per maatregel de zienswijze van gemeenten en zorgorganisaties weergegeven. 1.
Aanpak van vindplaats naar werkplaats
Zienswijze gemeenten Alle gemeenten geven aan positief te zijn over deze maatregel. Enkele opmerkingen zijn gemaakt over de uitvoering en randvoorwaarden van de maatregel. Zo geven de gemeenten Huizen, Blaricum en Laren aan rekening te houden met lokale activiteiten (‘lichte ambulante jeugdhulp lokaal organiseren’) om overlap te voorkomen. Gemeenten Hilversum en Gooise Meren geven aan dat deze maatregel zorgt voor een snellere inzet van zorg en het minimaliseren van individuele indicaties, in het bijzonder binnen het speciaal onderwijs. Daarnaast geeft gemeente Hilversum aan dat deze maatregel in eerste instantie op kleine schaal onder de juiste randvoorwaarden moet worden uitgevoerd. Gemeente Gooise Meren geeft aan dat de aanzuigende werking een risico is, waar rekening mee moet worden gehouden. Zienswijze zorgorganisaties De zorgorganisaties geven in de consultatie aan te geloven in inzet van zorg in eigen context, daar waar het kind de problemen ervaart. Daarom willen zij jeugdhulp dichterbij jeugdigen en gezin gaan organiseren. Bijvoorbeeld in de vorm van ‘Vindplaats naar werkplaats’ zoals beschreven in de eerder genoemde Verkenning naar een gezond financieel domein. Door laagdrempelige vormen van jeugdhulp zonder indicatie (door) te ontwikkelen, zien zij een mogelijkheid om eerder en dus tijdiger passende vormen van hulp te kunnen inzetten. 2.
In dialoog verwijzen naar effectieve jeugdhulp en waar nodig afschalen
Zienswijze gemeenten Over het algemeen zijn gemeenten positief over deze maatregel. Echter geeft gemeente Gooise Meren aan dat het moeilijk is om een algemeen geldende verwijsrichtlijn te vormen, immers verwijsbevoegdheden zijn geborgd in de Jeugdwet. Wel kunnen er afspraken worden gemaakt met verwijzers. Ze geven aan dat er wel een verbeterslag gemaakt kan worden in de verwijzingen van de gemeenten, zonder dat deze taak wordt overgenomen door een verwijsteam. Zienswijze zorgorganisaties Zorgorganisaties geven aan de autonomie en handelingsruimte en deskundigheid voor de professionals te willen bevorderen. Een succesfactor hiervoor is dat professionals voldoende tijd hebben om te reflecteren op het handelen. Tijd vrijmaken voor reflectie is essentieel om tot nieuwe inzichten te komen en de juiste beslissingen te nemen. Het verhoogt de kwaliteit van de beslissing. Hierbij denken ze ook aan ‘In dialoog verwijzen naar effectieve hulp’ zoals benoemd in de Verkenning.
Pagina 2 van 17
Ze zetten ook hiervoor in op intervisie in gezamenlijkheid van de professionals van onze welzijnsorganisaties, in onze gemeentelijke uitvoeringsorganisaties, bij Jeugd en Gezin, bij de jeugdhulpaanbieders en de gecertificeerde instellingen. Daarbij bieden we de verwijzers en jeugdhulpprofessionals vanuit hun vakmanschap handelingsruimte zodat zij eerder en dus tijdiger passende vormen van hulp (maatwerk) kunnen inzetten. Hierbij denken we aan ‘In dialoog verwijzen naar effectieve hulp’ zoals benoemd in de Verkenning. 3.
Het borgen en intensiveren uitvoeringsagenda verblijf en 4. gezamenlijke bekostiging van en toegang tot verblijf (via onafhankelijke commissie)
Zienswijze gemeenten Alle gemeenten zijn positief over het borgen en intensiveren van de uitvoeringsagenda verblijf. Hilversum, Wijdemeren, en Gooise Meren geven aan dat maatregel 4, namelijk de gezamenlijke bekostiging van en toegang tot verblijf, een ongefundeerde koerswijziging betreft. Volgens deze gemeenten is er eerst een gedegen evaluatie van de doorbraaktafel nodig, alvorens er een koerswijziging plaatsvindt. Zienswijze zorgorganisaties Ondanks ieders inzet zijn de ambities van de uitvoeringsagenda verblijf Zo thuis mogelijk opgroeien nog nauwelijks behaald volgens de zorgorganisaties. Om de ambities te verwezenlijken zijn er volgens de zorgorganisaties wezenlijke veranderingen nodig die aansluiten op de uitvoeringsagenda. Deze veranderingen hebben betrekking op: Veranderen van de wijze van bekostiging zodat dit beter aansluit bij de ambities uit de uitvoeringsagenda verblijf en de doelen die we willen behalen. Zorgen dat bestaande capaciteit past bij het doel van zo thuis mogelijk opgroeien waaronder ombouw naar alternatieve vormen van verblijf zoals gezinshuizen. hulp in gezinnen waarbij de focus ligt op thuis blijven wonen en een uithuisplaatsing wordt gezien als een zeer tijdelijke maatregel. Sturen op samenwerking en verbinding zodat we samen leren wat werkt. 5.
Het versoberen van de levering en aanscherpen van de toegang tot huishoudelijke hulp
Zienswijze gemeenten Er zijn een aantal gemeenten die opmerkingen hebben geplaats met betrekking tot deze maatregel. Zo neemt Laren financiële draagkracht al mee sinds dit jaar en wordt dit bij positieve resultaten doorgevoerd in Huizen, Blaricum en Eemnes. Zij vragen rekening te houden met lokale activiteiten om overlap te voorkomen. In Gooise Meren wordt eigen kracht al ingezet om de aangeboden hulp te verkleinen, maar vinden zij dat er ruimte moet zijn om maatwerk te blijven leveren. Daarnaast vindt Wijdemeren het in eerste plaats een lokale aangelegenheid. Gemeenten nemen lokaal al stappen, waarbij zij willen zien hoe de regionale samenwerking een aanvulling kan bieden. Zienswijze zorgorganisaties Zorgorganisaties geven aan dat de kwaliteit van de toegang beter kan. Toegang is een belangrijke factor in het beheersen en besparen van kosten binnen het sociaal domein volgens hen. Het is beter als de wijze waarop het recht op huishoudelijke hulp tot stand komt overal gelijk is, waar er nu grote verschillen zijn tussen gemeenten en consulenten. Hetzelfde geldt voor de wijze waarop dit recht gecommuniceerd wordt met de zorgorganisatie. Zorgorganisaties zouden graag in de toewijzing meer informatie willen over de situatie van de cliënt, de activiteiten die de zorgorganisatie moet uitvoeren, de frequentie van levering en wat de gemeente van de inwoner zelf verwacht.
Pagina 3 van 17
Zorgorganisaties geven aan dat het versoberen van de levering ook een goed idee is, mits de versobering de dienstverlening aan kwetsbare groepen (financieel/medisch) niet raakt en gemeenten zorgorganisaties steunen /rugdekking geven bij het verlenen van een versoberde dienstverlening aan medisch en/of financieel voldoende draagkrachtige inwoners. Daarbij geven zorgorganisaties aan dat gekeken kan worden naar frequentie van levering, vervanging bij ziekte en levering tijdens vakantieperiodes. 6.
Het toepassen van het normenkader huishoudelijke hulp
Zienswijze gemeenten Huizen, Blaricum, Eemnes, en Laren trekken niet regionaal op bij het uitwerken van deze maatregel, omdat zij dit lokaal al geïmplementeerd en gefinancierd hebben. Gooise meren voert deze maatregel ook sinds 2020 uit, waardoor het voor hen minder relevant is. Wijdemeren vindt het in eerste plaats een lokale aangelegenheid. Hilversum heeft geen verdere opmerkingen met betrekking tot de maatregel. Zienswijze zorgorganisaties Zorgorganisaties geven aan dat het prima is als gemeenten overstappen op het indiceren op basis van het normenkader HHM, maar dat er gelet op de ervaringen in andere gemeenten in financieel opzicht niet te veel van verwacht moet worden. Het toepassen van het normenkader kan wel leiden tot lagere indicaties, maar het uitnuttingspercentage van die indicaties wordt hoger omdat op activiteitenniveau vaak dezelfde handelingen nog moeten worden verricht. Het scheelt financieel wel iets, maar de verschuiving is nooit zo groot als gemeenten aan de voorkant verwachten. 7.
Algemene voorziening voor thuisondersteuning
Zienswijze gemeenten Hilversum ziet meerwaarde om anders te kijken naar de inzet van huishoudelijke hulp. Daarnaast denkt Gooise Meren dat het zinvol is om bepaalde taken als algemene voorziening uit te voeren, en wordt door Huizen, Blaricum, Eemnes, en Laren momenteel een was- en strijkservice verkend. Gemeenten zien dus allen meerwaarde in het omvormen van huishoudelijke hulp en zijn hier op verschillende manieren mee bezig. Zienswijze zorgorganisaties De aanbieders zien ook meerwaarde om anders te kijken naar de inzet van huishoudelijke hulp. Zij vragen gemeenten echter om een andere maatregel, namelijk het afschaffen van de huishoudelijk hulp toelage (HHT) te heroverwegen. De HHT helpt zorgorganisaties om aan inwoners die ondersteuning nodig hebben en dat in grote mate zelf kunnen dragen met een beperkte subsidie vanuit de gemeente toch te leveren. De verwachting is dat vooral de financieel draagkrachtige inwoners van deze dienst gebruik willen maken. Hiermee kan het als alternatief worden gezien voor de versoberde maatwerkvoorziening, genoemd in maatregel 5. 8.
Eenvoudige zorg bij complexe situaties (pilot)
Zienswijze gemeenten Huizen, Blaricum, Eemnes, en Laren hebben geen verdere opmerkingen met betrekking tot deze maatregel. Hilversum geeft verder aan dat de pilot binnen de juiste randvoorwaarden op kleine schaal moet worden uitgevoerd om uitkomsten te monitoren. Wijdemeren geeft hiernaast aan dat 1 aanbieder voor deze zorg een belangrijke randvoorwaarde is. Gooise Meren geeft aan dat deze maatregel niet alleen tot financiële besparing, maar ook tot betere zorg moet leiden. Gemeenten zijn
Pagina 4 van 17
dus positief over de maatregel, maar geven wel aan dat de randvoorwaarden goed in het oog gehouden moeten worden om tot een besparing & betere zorg te komen. Zienswijze zorgorganisaties Zorgorganisaties geven aan deze pilot een goede maatregel te vinden, die ook wenselijk is voor de cliënt. Echter vragen zij zich af of het haalbaar is om 1 aanbieder te vinden die het totale pakket verzorgt. Een risico ligt daarbij dat je de kleine, specialistische, partijen buitenspel zet; soms zijn diverse specialismen nodig. Een alternatief kan zijn om 1 partij te contracteren voor de regiefunctie of een beperkte groep van aanbieders te contracteren. Ook zien zij een nadeel voor de inwoners, namelijk beperking van keuzevrijheid ten aanzien van de inzet van zorg bij 1 aanbieder. 9.
Toegang begeleiding/dagbesteding aanscherpen
Zienswijze gemeenten Huizen, Blaricum, Eemnes, en Laren trekken niet regionaal op bij het uitwerken van deze maatregel, omdat zij dit lokaal al geïmplementeerd en gefinancierd hebben. Zij zien wel meerwaarde in het uitwisselen van kennis en het leren van ervaringen. Gooise Meren geeft ook aan de maatregel al uit te voeren, echter zien zij eventuele regionale winst. Hilversum en Wijdemeren hebben geen opmerkingen met betrekking tot de maatregel. Zienswijze aanbieders Zorgorganisaties geven aan dat er grote winst te behalen valt binnen de toegang. Het is beter als de wijze waarop het recht op begeleiding/dagbesteding tot stand komt overal gelijk is, waar er nu grote verschillen zijn tussen gemeenten en consulenten. Ze geven aan dat er winst te behalen valt bij het verbeteren van de deskundigheid van de consulenten, zodat zij beter kunnen beoordelen wie welke zorg nodig heeft. Daarnaast vinden zij werken met vaste consulenten een goed idee. Daarnaast zouden zorgorganisaties graag in de toewijzing meer informatie willen over het te behalen resultaat, de situatie en doelen van de cliënt, de activiteiten die de zorgorganisatie moet uitvoeren, de frequentie van levering en wat de gemeente van de inwoner zelf verwacht. Concluderend denken zorgorganisaties dus dat er winst te behalen valt in zowel het verbeteren van werkprocessen als deskundigheid van consulenten. 10.
Algemene voorziening lichte vormen begeleiding en dagbesteding
Zienswijze gemeenten Huizen, Blaricum, Eemnes, en Laren trekken niet regionaal op bij het uitwerken van deze maatregel, omdat zij dit lokaal al geïmplementeerd en gefinancierd hebben. Zij zien wel meerwaarde in het uitwisselen van kennis en het leren van ervaringen. Wijdemeren geeft aan dat de besparing door een algemene voorziening niet ervoor mag zorgen dat de zorg verslechterd. Verder geeft Gooise Meren aan dat zij deze maatregel steunen, omdat deze aansluit op de transformatiegedachte, maar dit wel een lokale investering vraagt die (nog) niet begroot is. Verder zijn zij al bezig met het uitbreiden van de dagbesteding voor dementerende ouderen als alternatief. Zienswijze zorgorganisaties Zorgorganisaties zien de invoering van deze maatregel als een goed idee. Zo experimenteert Kwintes al met de inzet van algemene voorzieningen in plaats van maatwerkvoorzieningen. Wel zien zij algemene voorzieningen als een aanvulling op maatwerkvoorzieningen. Zij verwachten wel dat het lastiger is voor cliënten en (personeel van) algemene voorzieningen. Immers willen cliënten niet zomaar de vuile was buiten hangen en vragen sommige zaken om meer expertise dan er bij een algemene voorziening geboden kan worden.
Pagina 5 van 17
11.
Sturen op arbeid in plaats van zorg
Zienswijze gemeenten Huizen, Blaricum, Eemnes, en Laren trekken niet regionaal op bij het uitwerken van deze maatregel, omdat zij dit lokaal al geïmplementeerd en gefinancierd hebben. Ook Hilversum voert dit al uit binnen hun meerjarenplan participatie. Gooise Meren geeft aan dat de besparing minimaal lijkt, omdat zij geen hoge doorstroom verwachten. Gemeenten voeren dit dus ofwel al uit, ofwel zien hier geen heil in. Zienswijze zorgorganisaties Zorgorganisaties zien dit als een goede maatregel. Echter zien zij een heel aantal kantpunten. Zo zijn de doorstroommogelijkheden heel erg beperkt, vanwege onvoldoende expertise. Het gat tussen begeleiding en behandeling is te groot. Er zouden goede afspraken gemaakt moeten worden over begeleiding bij werkgevers. Daarnaast zijn consulenten vaak onvoldoende op de hoogte van de plekken bij bedrijven. Ook is het aanvullend: de balans moet verschuiven naar de werkplek, maar je kunt de behandeling niet vervangen. 12. Heronderzoek wachtlijst + bestaande cliënten en 13. gezamenlijke bekostiging van en toegang tot beschermd wonen Zienswijze gemeenten Alle gemeenten geven aan dat zij geen standpunt innemen op dit moment, omdat ze deze maatregelen willen bespreken in de context van het beleidsplan bescherming en opvang. Dit kan wel op korte termijn.
Daarnaast geeft Gooise Meren aan dat er lokaal andere maatregelen nodig zijn, omdat het probleem niet alleen zit in toegang, maar ook sterk bepaald worden door de beschikbaarheid van lokale mogelijkheden om je zelfstandig te redden zoals passende woonvormen (geclusterd wonen). Zij zien ook oplossingen in bijvoorbeeld GGZ vriendelijke wijken en voldoende mogelijkheden voor een daginvulling. Zienswijze zorgorganisaties Zorgorganisaties geven aan dat deze maatregelen herkenbaar en passend zijn. Zij geven aan dat visie en beleid verbonden moeten worden aan de maatregelen, het beleidsplan bescherming en opvang geeft voldoende haakjes voor deze maatregelen. Ook willen zij meegeven dat er niet alleen focus moet liggen op heronderzoek en toegang, maar ook op het vinden van creatieve oplossingen ten aanzien van het creëren van huisvesting. Ten behoeve van maatregel 12 geven zij mee een kwaliteitskader te ontwikkelen ten behoeve van het heronderzoek. Met betrekking tot de gezamenlijke bekostiging van en toegang tot beschermd wonen, geven zij mee dat in algemene zin expertise onvoldoende aanwezig is bij de uitvoeringsdiensten. Daarnaast is verwijzing veelal (te) persoonsafhankelijk. 14.
Verhogen eigen bijdrage Wmo vervoer
Zienswijze gemeenten Alle gemeenten zijn positief over de maatregel. Hilversum wil daarnaast een apart project benoemen om het aantal ritten naar Ter Gooi te verminderen; vrijwilligers die helpen met digitalisering zodat afspraken, wanneer dit kan, digitaal kunnen plaatsvinden.
Pagina 6 van 17
15.
Grip op uitgaven
Zienswijze gemeenten Elke gemeente ziet de meerwaarde van kostenbeheersing door middel van data-analyse. Wel wordt er nadruk gelegd op goede afspraken over dataverzameling, het analyseren van de data, het duiden van de data, en de monitoring. Zienswijze zorgorganisaties Organisaties zien deze maatregel als een goede voortzetting van bestaande data-analyses. Het is daarbij volgens de zorgorganisaties een goed idee om te kijken naar de behaalde effecten per aanbieder, in relatie tot de daarmee gemoeide kosten (uren, duur en prijs), differentiërend voor zorg die aanbieders leveren. Volgens jeugdzorgorganisaties is het ook mogelijk om bij te sturen op basis van data. We verzamelen ook data om de maatschappelijke effecten (kwaliteit) van de ingezette zorg en ondersteuning en het uitgavenpatroon te kunnen beoordelen en te besluiten tot bijsturing. 16.
Versterken kostenbewustzijn
Zienswijze gemeenten Alle gemeenten zijn positief over deze maatregel, waarbij de gemeente Gooise meren wel aanmerkt dat de juiste hulp geleverd moet worden ongeacht de (bekendgemaakte) kosten. Zienswijze zorgorganisaties Volgens zorgorganisaties is het goed om kostenbewust te zijn. Het is een voortzetting van de weg die al een paar jaar geleden is ingeslagen. Wel moet er worden uitgekeken dat we niet doorslaan en cliënten belasten met de kosten. Zorgorganisaties geven eenduidig aan cliënten niet onnodig zenuwachtig te willen maken.
17.
Belemmerende factoren uitstroom wegnemen
Zienswijze gemeenten Twee gemeenten geven aan dat er een noodzaak is om belemmerende factoren met betrekking tot uitstroom te onderzoeken. De gemeente Hilversum geeft aan dat er stagnatie is in de uitstroom met betrekking tot jeugdhulp. Er is een goede analyse nodig om de belemmeringen te identificeren en passende maatregelen te nemen. De gemeente Wijdemeren geeft aan dat problemen op de verschillende terreinen binnen het sociaal domeinontstaan doordat de instroom gelijk blijft of toeneemt, maar vooral de uitstroommogelijkheden zeer beperkt zijn. Zij vinden dat sterker gestuurd moet worden op de vergroting van de (duurzame) uitstroom. Zienswijze zorgorganisaties (Jeugd)zorgorganisaties willen ook dat ondersteuning en hulp ook weer tijdig stopt of vermindert. Om af te kunnen schalen naar een lichtere vorm van ondersteuning of naar een situatie zonder individuele maatwerkondersteuning faciliteren zij momenteel vormen van waakvlam constructies (vinger aan de pols, tijdelijke oplossingen).
Uitgangspunten 1.
Maatregelen zorgen voor een structurele versterking van de uitvoering
De afgelopen jaren zijn er binnen de regionale samenwerking veel (incidentele) projecten opgestart als antwoord op structurele vraagstukken. Als handvatten gemist worden, organiseren de gemeenten een project. Deze overlappen elkaar deels, zorgen voor versnippering binnen de regionale samenwerking
Pagina 7 van 17
en worden vaak niet goed ingebed. Door deze manier van werken creëer je minder overzicht binnen het zorgveld en verlies gemeenten en zorgorganisaties overzicht en grip over zowel kosten als kwaliteit van zorg. Met het uitvoeren van de maatregelen als losse projecten dragen we onvoldoende bij aan een goede kostenbeheersing in het sociaal domein. Het is daarom van belang dat maatregelen niet op projectmatige basis worden uitgevoerd. Het is van belang dat maatregelen uitgevoerd worden op een wijze waarmee de uitvoering bij zorgorganisaties, gemeenten of Regio structureel wordt versterkt. Het financieel gezond krijgen en houden van het sociaal domein is een structureel probleem. Om bij te dragen aan een oplossing, kijken we niet alleen naar maatregelen genoemd in de verkenning, maar ook naar de structuur van de organisatie én hoe de maatregelen binnen de uitvoering van de organisaties passen. 2.
Maatregelen zorgen voor eenheid en eenvoud in het zorgstelsel
De Wmo en de Jeugdwet zijn binnen de regionale samenwerking en gemeenten verschillend georganiseerd op cruciale onderdelen. Hierbij kun je denken aan onder andere toezicht op zorg of de toegang van zorg, en de manier waarop dit gefaciliteerd is. Zo heeft het consulatie en adviesteam een rol binnen jeugdzorg, maar niet binnen maatschappelijke ondersteuning. Binnen maatschappelijke ondersteuning is dan weer een toezichtshouder aangesteld, terwijl dit binnen de Jeugdwet niet het geval is. Ook bestaan er verschillende namen voor eenzelfde soort functie; denk aan een schakelfunctionaris binnen de jeugdwet ten opzichte van een wachtlijstbemiddeling binnen de Wmo. Hierdoor wordt de zorg onnodig ingewikkeld. We zouden meer kunnen doen met onze kennis en expertise op het moment dat er meer eenheid in de organisatie van taken en verantwoordelijkheden zou zijn. Daarom pleiten wij niet alleen voor eenheid in het stelsel met betrekking tot de Jeugdwet en de Wmo (een zelfde basis voor zowel Wmo als de Jeugdwet), maar ook voor een vereenvoudiging van dit zorgstelsel. 3.
Lokaal waar het kan, regionaal waar het moet
De basis voor de regionale samenwerking is gelegd in 2011 met de vaststelling van de gezamenlijke Wmo visie Gooi en Vechtstreek. De visie maakt inzichtelijk op welke wijze gemeenten zorg en ondersteuning organiseren en aansturen.
Lokale vormgegeven algemeen toegankelijke basisvoorzieningen en preventie in de wijk worden evenals toegang tot individuele maatwerkvoorzieningen en jeugdzorg lokaal georganiseerd. De regionale samenwerking richt zich op de gezamenlijke beleidsvoorbereiding, de inkoop en het beheer van de maatwerkvoorzieningen en jeugdzorg in het sociaal domein.
Pagina 8 van 17
Hoewel deze scheiding tussen lokale organisatie en regionale organisatie een harde lijn kent in de gezamenlijke visie, is het wel van belang om ook binnen deze blokken samen te werken: lokaal waar het kan, regionaal waar het moet. Door de grote verschillen in toegang en het brede aanbod (Naast ons enorme aanbod is ook lokaal aanbod aanwezig ) vormen we namelijk een onoverzichtelijk zorgveld, waardoor het moeilijk is toezicht te houden op de kwaliteit van zorg. De regionale samenwerking kan kennis en expertise bieden bij het vormen van laagdrempelige basisvoorzieningen en de toegang tot maatwerkvoorzieningen, als ook deze facetten faciliteren en versterken, zonder de taak over te nemen bij de gemeente.
Pagina 9 van 17
Voorstel In onderstaande tabel zijn adviezen op basis van de zienswijzen weergegeven ten aanzien van inhoudelijke aanpassingen, prioritering en regionale samenwerking. Advies inhoudelijke aanpassen Prioritering Regionale Toelichting Samenwerking Jeugdhulp Van vindplaats naar werkplaats
Onderscheid tussen speciaal en regulier onderwijs. a. b. -
In dialoog verwijzen naar effectieve jeugdhulp en waar nodig afschalen
Pagina 10 van 17
Speciaal onderwijs (2 stappen) Voeren we al uit bij Donnerschool en Wijngaard. Doorzet aanpak bij speciaal onderwijs; Bij goede evaluatie uitbreiden.
Prioritering speciaal onderwijs: Hoog (2021/2022) Prioritering regulier onderwijs: Midden (2022/2023)
Regionale samenwerking speciaal onderwijs: Volledig Regionale samenwerking regulier onderwijs: Gedeeltelijk
Regulier onderwijs (2 stappen) Onderzoek effectiviteit aanpak regulier onderwijs; Eventuele uitvoering aanpak regulier onderwijs.
Regionaal kijken we naar effectiviteit van verwezen zorg door: - onderzoek naar effectiviteit van zorg; - faciliteren van toezicht over effectiviteit van zorg; - In gesprek gaan met verwijzers en zorgorganisaties; - Beslissing afschalen zorg (borgen bij inkoop en contractbeheer);
Hoog (2021/2022)
Volledige regionale samenwerking
Coördinatie en uitvoering van de maatregel voor speciaal onderwijs ligt bij regionale samenwerking in samenwerking met de gemeenten. Betreft in eerste instantie uitvoering bij Wijngaard en Donnerschool, bij goede resultaten vindt uitbreiding plaats. Coördinatie van de maatregel voor regulier onderwijs ligt bij regionale samenwerking, uitwerking wordt lokaal ingezet. Dit wordt mogelijk, na onderzoek effectiviteit, uitgevoerd na inzet bij speciaal onderwijs en heeft daardoor een lagere prioriteit. Coördinatie en uitvoering van de maatregel gebeurt door regionale samenwerking. Voor de uitvoer van de maatregel schrijft de regionale samenwerking in samenspraak met de afdelingen inkoop en contractbeheer en het C&A-team een nadere uitwerking voor een bussinesscase C&Ateam, inclusief plan voor structurele inbedding en begrotingswijziging.
Het monitoren van effectiviteit van jeugdhulp beleggen we bij C&A team (verwijzingen worden lokaal uitgevoerd). De inzet en rol van het C&Ateam werken we uit in een bussinesscase voor C&Ateam. Deze maatregel in het kader van de uitgangspunten ook voor Wmo uitvoeren.
Advies inhoudelijke aanpassen Verblijf Jeugd Borgen en intensiveren uitvoeringsagenda verblijf
Prioritering
Voorstel om niet alleen de uitvoeringsagenda te Hoog (2021/2022) borgen en intensiveren, maar ook een gedegen evaluatie uit te voeren naar de uitvoeringsagenda (doorbraaktafels) en daarbij aanbevelingen te onderzoeken om de instroom te temmen.
Regionale Samenwerking
Toelichting
volledige regionale samenwerking
Maatregel 3 vindt uitvoering zoals afgesproken in de uitvoeringsagenda, waarbij de regionale samenwerking coördineert en uitvoert. Voor de evaluatie nemen we een kwartiermaker aan. Deze stelt een commissie samen en fungeert als secretaris van de commissie, bestaand uit instellingen, gemeenten en regionale samenwerking Gooi en Vechtstreek. Deze evaluatie heeft grote urgentie, vanwege uitblijvende resultaten ambities.
Gezamenlijke bekostiging van en toegang tot verblijf
Pagina 11 van 17
Uitvoeren: - Aan de hand van de evaluatie (maatregel 3) nadenken over mogelijke andere inrichting van zorgtraject verblijf.
Midden (2022/2023)
volledige regionale samenwerking
De regionale samenwerking coördineert en voert de evaluatie, benoemd bij maatregel 3, uit. Maatregel 4 heeft een lagere prioriteit,
omdat aan de hand van de evaluatie bij maatregel 3 wordt nagedacht over herinrichting, zonder deze onmiddellijk uit te voeren.
Uitstellen/schrappen: - Gezamenlijke bekostiging van en toegang tot verblijf vindt nog niet plaats.
Huishoudelijke Hulp Versoberen levering en aanscherpen toegangscriteria
Advies inhoudelijke aanpassen
Prioritering
Regionale Samenwerking
Onderscheid tussen versoberingen levering en aanscherpen toegangscriteria.
Versoberen Levering: Hoog (2021/2022)
Ondanks de lokale insteek van de toegang is het van belang samen te werken aan versoberen van levering van huishoudelijke hulp. Dit betreft namelijk aanpassing van regionale contracten.
Aanscherpen toegangscriteria: Hoog (2021/2022)
Versoberen Levering: voorgesteld traject: volledige regionale samenwerking 1. De versoberingen onder maatregel 5 uitwerken in beleidsregels en Aanscherpen werkinstructies, waarbij regionaal toegangscriteria: contracten aangepast worden voor Gedeeltelijke versobering; regionale 2. Aanscherpen toegangscriteria en samenwerking normenkader HHm toevoegen binnen deze werkinstructie en beleidsregels; 3. De richtlijn in zijn geheel tot uitvoer brengen; 4. Uitrol van maatregel en eventuele herindicatie ligt lokaal bij de gemeenten. 5. Onderhouden van de beleidsregels en werkinstructies ligt bij de regio.
Bij de versobering van zorg ligt de focus op inwoners die niet (financieel/medisch) kwetsbaar zijn. Daarbij kijken we naar frequentie van levering, vervanging bij ziekte en levering tijdens vakantieperiodes. Voorstel is om eerst versobering uit te werken door middel van regionale contracten, en vervolgens beleidsregels en werkinstructies aan te passen, waarbij ook aanscherping van de toegang en normenkader HHm wordt meegenomen.
Normenkader HHm
Pagina 12 van 17
Maatregel 5 en 6 worden samengenomen.
Hoog (2021/2022)
Gedeeltelijke
Toelichting
Maatregel 5 en 6 worden
toepassen
Zie maatregel 5 voor toelichting.
Algemene voorziening voor thuisondersteuning
Voorstel voor onderzoek naar HHT- toelage als algemene voorziening die bedoeld is voor niet-kwetsbare groepen.
regionale samenwerking Gedeeltelijke regionale samenwerking.
samengenomen. Zie maatregel 5 voor toelichting. Coördinatie en uitvoering van de maatregel/het onderzoek gebeurt door regionale samenwerking. De eventuele ontwikkeling van de HHT-toelage vindt bij gemeenten plaats.
Prioritering
Regionale Samenwerking
Toelichting
Hoog (2021/2022)
Volledige regionale samenwerking
Coördinatie en uitvoering van de maatregel/het onderzoek gebeurt door regionale samenwerking (vormgegeven door beleid, met hulp van inkoop en contractbeheer).
Hoog (2021/2022)
Gedeeltelijke regionale samenwerking
Voorgesteld traject: 1. Indicatieprotocol opstellen en onderhouden door regionale samenwerking; 2. De richtlijn in zijn geheel tot uitvoer brengen;
Midden (2022/2023)
De HHT-toelage kan een alternatief zijn voor de versoberde versie voor niet- kwetsbare groepen benoemd in maatregel 5/6. Er is dan een keuze tussen de (versoberde) maatwerkvoorziening of de algemene voorziening voor mensen die niet financieel/medisch kwetsbaar zijn. Advies inhoudelijke aanpassen Begeleiding en dagbesteding Eenvoudige zorg bij Het draait hier om een pilot, waarbij benoemde complexe situaties randvoorwaarden gemonitord worden. Er komt (pilot) een apart inkooptraject voor deze maatregel waarbij naar 1 aanbieder gezocht wordt. Om pilot vorm te geven wordt gekeken naar doorbraakmethode. 1 Toegang aanscherpen
1
Het aanscherpen van toegang wordt genoemd als het middel om te besparen en zorg te verbeteren: 1. Indicatieprotocol herzien om de wijze waarop het recht tot stand komt gelijk te maken.
https://www.doorbraakmethode.nl/
Pagina 13 van 17
3.
2. Richtlijn voor informatie in de toewijzing.
4.
Uitrol van maatregel en eventuele herindicatie ligt lokaal bij de gemeenten. Onderhouden van de beleidsregels en werkinstructies ligt bij de regio.
algemene voorziening
Voorstel: Hoog (2021/2022) 1. Binnen de regionale samenwerking in gesprek om lichte begeleiding/dagbesteding af te bouwen. 2. Het is aan gemeenten om lokaal een aanvullende algemene voorziening te vormen passend bij de behoefte.
Gedeeltelijke regionale samenwerking
De urgentie ligt hoog voor het in gesprek gaan met gemeenten over het afbouwen van maatwerkvoorzieningen. Vervolgens is het aan gemeenten om aanvullende lokale voorzieningen verder te ontwikkelen en uit te voeren.
sturen op arbeid in plaats van zorg
Binnen de zienswijzen geven gemeenten aan hier ofwel al mee bezig te zijn, ofwel de meerwaarde niet in te zien ten aanzien van besparingen. Zorgorganisaties geven daarnaast een groot aantal kanttekeningen. Daarom besloten om de maatregel te schrappen uit de verkenning.
-
-
Beschermd wonen heronderzoek wachtlijst + bestaande cliënten gezamenlijke bekostiging van en toegang tot beschermd wonen
Pagina 14 van 17
-
Advies inhoudelijke aanpassen
Prioritering
Regionale Samenwerking
Toelichting
Maatregel 12 vindt doorgang: er vindt een heronderzoek plaats naar personen op de wachtlijst + bestaande cliënten.
Hoog (2021/2022)
Volledige regionale samenwerking
Coördinatie en uitvoering van de maatregel/het onderzoek gebeurt door regionale samenwerking
De commissie genoemd in maatregel 3/4 voert ook een evaluatie uit naar de voorziening beschermd wonen en geeft aanbevelingen voor (financiële) verbetering, waarbij gezamenlijke
Midden (2022/2023)
Volledige regionale samenwerking
Het multidisciplinaire team dat is samengesteld door de kwartiermaker voor verblijf jeugd houdt zich ook bezig met de evaluatie van beschermd wonen. De regionale samenwerking
bekostiging van en toegang tot verblijf een van de mogelijke aanbevelingen is.
coördineert deze maatregelen en voert deze ook uit. Maatregel 13 heeft een lagere prioriteit, omdat aan de hand van de evaluatie bij maatregel 12 wordt nagedacht over herinrichting, zonder deze onmiddellijk uit te voeren.
Vervoer verhogen eigen bijdrage Wmo vervoer
Kostenbeheersing grip op uitgaven
versterken kostenbewustzijn
Pagina 15 van 17
Er wordt eenduidig aangegeven dat deze maatregel op deze manier doorgang kan vinden in 2022. Wordt door de regio momenteel uitgevoerd.
Hoog (2021/022)
Volledige regionale samenwerking
De regionale samenwerking coördineert deze maatregel momenteel en voert deze ook uit.
Advies inhoudelijke aanpassen
Prioritering
Regionale Samenwerking
Toelichting
Vanuit de regionale samenwerking wordt beschikbare data verzameld en geanalyseerd (waarbij ook een koppeling wordt gemaakt met andere verwijzers). Het is aan gemeenten om deze te verrijken met lokale data.
Hoog (2021/2022)
Gedeeltelijke regionale samenwerking
Voorgesteld traject: 1. Vanuit regionale samenwerking kijken welke data benodigd is; 2. Doorontwikkelen data DLP (en overige gevraagde data); 3. Verbinding met andere verwijzers maken; 4. Na analyse regionale samenwerking verrijkt gemeente regionale analyse met lokale data.
Uitvoeren: Aanstellen projectleider om sturingsinformatie bij aanbieder, inwoner en consulent te laten landen.
Midden (2022/2023)
Gedeeltelijke regionale samenwerking
De urgentie is lager dan maatregel 15, omdat maatregel 15 eerst doorgang moet vinden, voordat maatregel 16 uitgevoerd wordt.
Extra maatregelen Stimuleren van de uitstroom Jeugd en Wmo
Er is een goede analyse nodig om de belemmeringen te identificeren en passende maatregelen te nemen. Het advies is deze taak structureel in te passen binnen de regionale samenwerking. Hierbij kijken we naar inpassing binnen het C&A team. Deze taak nemen wij mee bij het schrijven van een bussinesscase C&A team. Deze maatregel geldt zowel voor jeugdzorg als maatschappelijke ondersteuning.
Pagina 16 van 17
hoog (2021/2022)
Volledige regionale samenwerking
Een stagnatie in uitstroom is een van de belangrijkste factoren in oplopende tekorten. Daarom stellen wij deze maatregel met een hoge urgentie voor. De regionale samenwerking zal deze maatregel coördineren en uitvoeren, waarbij wordt nagedacht over een structurele inbedding.
Hoe verder? Voor de zomer richting bepalen Met dit voorstel zetten de gemeenten een eerste stap met elkaar om de richting te bepalen ten aanzien van het wel/niet uitvoeren van maatregelen en de mate waarin de gemeenten dat gezamenlijk (regionaal) of lokaal doen. In de praktijk en de zienswijzen van de gemeenten is zichtbaar dat sommige gemeenten lokaal al maatregelen uitvoeren of uitgevoerd hebben, waardoor het nodig is nu goed met elkaar te bepalen wat de gemeenten gezamenlijk doen. Er zijn tempi verschillen tussen gemeenten en ook verschillen in opvatting over welke maatregel lokaal dan wel regionaal uitgevoerd moeten worden. Daarom is het van belang om nu goed met elkaar per maatregel te bepalen in welke mate de gemeenten hierop lokaal dan wel regionaal in op willen trekken. In de zomer de uitwerking Nadat gemeenten met elkaar de richting hebben bepaald, kan de stap gezet worden om duidelijkheid te geven over financiële en organisatorische uitwerking van die richting. Regio Gooi en Vechtstreek werkt daarbij uitsluitend de regionale onderdelen uit, waarbij de vastgestelde uitgangspunten zoals opgenomen in voorstel 2 richting gevend zijn. De uitwerking gaat verder dan het eerste financiële inzicht dat in de verkenningen is geboden. De uitwerking gaat over de vraag hoe we de maatregelen gaan borgen in de uitvoeringspraktijk.
Dat betekent bijvoorbeeld dat als het C&A team een grote rol heeft bij een bepaalde maatregel, dat dan niet alleen naar de maatregel gekeken wordt, maar naar het gehele C&A team (bijstelling van de business case). Daarbij kan het zijn dat taakonderdelen en bijbehorende financiering verschuiven van de Regio naar de gemeenten. En visa versa. Zoals opgenomen in de uitgangspunten is het streven van de Regio dat maatregelen niet projectmatig worden uitgevoerd, maar zoveel als mogelijk bijdragen aan een structurele verbetering van de inrichting van het zorglandschap en houdbaarheid van de financiën van gemeenten. Dit is dan ook het uitgangspunt voor de verdere financiële uitwerking. Daarbij wordt gekeken naar het totale kosten- baten plaatje van de taak / eenheid waar een maatregel wordt geborgd. Na de zomer de richting en de uitwerking vaststellen Direct na de zomer wordt de gemeenten gevraagd de richting en de uitwerking van de regionale onderdelen vast te stellen. Het is dan dus ook nog mogelijk om als gemeente(n) op basis van de uitwerking aan te geven dat een bepaalde richting toch niet ingeslagen moet worden. Bij de uitwerking wordt ook de inrichting van het verdere besluitvormingstraject op de regionale onderdelen meegenomen.
Pagina 17 van 17