Belastingverordeningen 2026 - Raadsvoorstel
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL zaaknummer:
1597995
afdelingsnaam:
Interne Dienstverlening
steller:
Bjorn Schras
telefoonnummer
+31356292882
onderwerp:
Belastingverordeningen 2026
Voorstel
1. De Verordening Afvalstoffenheffing 2026 inclusief bijbehorende tarieven vast te stellen; 2. De Verordening Havengelden 2026 inclusief bijbehorende tarieven vast te stellen; 3. De Legesverordening 2026 inclusief bijbehorende tarieven vast te stellen; 4. De Verordening Marktgelden 2026 inclusief bijbehorende tarieven vast te stellen; 5. De Verordening Onroerende zaakbelastingen 2026 inclusief bijbehorende tarieven vast te stellen; 6. De Verordening Parkeerbelastingen 2026 inclusief bijbehorende tarieven vast te stellen; 7. De Verordening Precariobelasting 2026 inclusief bijbehorende tarieven, kaart en adressen overzicht indeling terrassen vast te stellen; 8. De Verordening Rioolheffing 2026 inclusief bijbehorende tarieven vast te stellen; 9. De Verordening Toeristenbelasting 2026 inclusief bijbehorende tarieven vast te stellen; 10. De betaaltermijnen automatische incasso voor gemeentelijke belastingen uit te breiden van 8 naar 10 termijnen.
Planning Titel
Toelichting
BEELDVORMING
OORDEELSVORMING
BESLUITVORMING
Belastingverord eningen 2026
Vast stellen belastingverordeningen belastingjaar 2026
Gezamenlijke commissies 5 november 2025
Gezamenlijke commissies 5 november 2025
Gemeenteraad 12 november 2025
Samenvatting
Bij dit besluit worden de belastingverordeningen 2026 vastgesteld, volgens de uitgangspunten van de begroting 2026. Hieronder treft u per belasting de voorgestelde aanpassingen, in de bijlage treft u per belasting de verordening en de afzonderlijke tarieven.
Inleiding
Onderdeel van de Programmabegroting 2026 is de paragraaf Lokale heffingen. Om de uitgangspunten voor de lokale heffingen in 2026 uit te kunnen voeren, dienen de belastingverordeningen (en tarieven) aangepast en door de gemeenteraad vastgesteld te worden.
Probleemstelling/doel 1
Met de inkomsten uit de belastingen (ongebonden heffingen: onroerendezaakbelasting, precariobelasting en toeristenbelasting) generen we eigen inkomsten voor de gemeente om de gewenste voorzieningen in stand te kunnen houden of te kunnen creëren. De inkomsten uit de retributies (gebonden heffingen: afvalstoffenheffing, rioolheffing, marktgelden en leges) zorgen ervoor dat de kosten die de gemeente maakt voor te leveren of geleverde diensten (volledig of gedeeltelijk) worden vergoed. Bij het bepalen van de tarieven 2026 zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd, te weten: Woonlasten: Afvalstoffenheffing, onroerende zaakbelastingen en rioolheffing Ongebonden heffingen • Deze zijn gebaseerd op de verwachte loon- en prijsstijgingen zoals aangegeven vanuit het CPB. In 2026 2,6%. Voor de periode 2027 – 2029 houden we een inflatiepercentage van 2,6% aan. Gebonden heffingen • Deze tarieven zijn zo veel mogelijk kostendekkend. De kosten zijn gebaseerd op het prijspeil van de begroting. • Wettelijk vastgestelde tarieven zijn van kracht ongeacht de voorgaande uitgangspunten. • Een eerlijke verdeling van de lasten. • Voorkomen wordt dat tarieven te veel schommelen. Hiervoor wordt onder meer de egalisatiereserve ingezet bij afvalstoffen- en rioolheffing.
Uitgangspunten Voorjaarsnota 2025 In de eerste twee jaren van de bestuursperiode (2022-2026) is op begrotingsbasis minder inflatie toegerekend. De werkelijke inflatie (CPI) lag hoger. In de praktijk is 5,1% inflatie niet aan inwoners toegerekend. • De 5,1% inflatie die niet is toegerekend wordt voor 2026 ingezet bij de berekening van de woonlasten begroting 2026. Boven op dit percentage komt de inflatie van 2,6% voor 2026. De totale woonlasten mogen daarmee voor de begroting met maximaal 7,7% stijgen. • Conform bovenstaande uitgangspunten was in de voorjaarsnota de verwachting dat er een bedrag van € 2,35 miljoen aan baten extra ontvangen zal worden (€ 350.000 OZB en € 2.000.000 door stijging kostendekkenheid van het tarief afvalstoffenheffing).
Financiën, middelen & capaciteit
Ontwikkeling Woonlasten: Afvalstoffenheffing, onroerende zaakbelastingen en rioolheffing Woningeigenaren betalen in Hilversum afvalstoffenheffing, onroerende zaakbelasting en rioolheffing. Huurders betalen alleen afvalstoffenheffing. Voorgesteld wordt om de kostendekking van afval te verhogen van 85% naar 93%. De tarieven voor afvalstoffenheffing stijgen daarmee met 18,6%. Huurders betalen alleen afvalstoffenheffing. Met het toewerken naar een volledige kostendekking binnen afval stijgen de lasten van huurders voor 2026 in verhouding harder dan de lasten van woningeigenaren. Het tarief voor eenpersoonshuishoudens stijgt met € 47,90, voor tweepersoonshuishoudens stijgt het tarief met € 63,84 en voor meerpersoonshuishoudens stijgt het tarief met € 79,56. Door de wijziging van de heffing van riool van gebruiker naar eigenaar per belastingjaar 2022, zijn de lasten van huurders over de gehele bestuursperiode 2022-2026 gedaald:
2
HUURDERS Tarief huurder 1 persoons hh Tarief huurder 2 persoons hh Tarief huurder meer persoons hh Stijging in % huurder 1 persoons hh Stijging in % huurder 2 persoons hh Stijging in % huurder meer persoons hh
2021 390,72 459,72 528,12 3,6% 4,0% 4,4%
2022 226,38 301,26 375,67 -42,1% -34,5% -28,9%
2023 229,92 305,88 381,36 1,6% 1,5% 1,5%
2024 239,98 319,36 398,24 4,4% 4,4% 4,4%
2025 257,74 342,99 427,71 7,4% 7,4% 7,4%
2026 Totaal 305,68 -85,04 406,79 -52,93 507,26 -20,86 18,6% -21,8% 18,6% -11,5% 18,6% -4,0%
Voor riool wordt voorgesteld de kostendekking te verhogen van 89% naar 99%. Het tarief daalt met € 2,08 (-0,9%). De daling van het tarief is het gevolg van lager uitvallende kosten voor riolering. De wijzigingen worden onder het kopje woonlasten nader toegelicht. Voor de OZB wordt voorgesteld het tarief voor woningen te verhogen met 2,4%. De OZB voor een woning met een gemiddelde WOZ-waarde stijgt daarmee met € 9,44. Voor de tarieven OZB nietwoningen (eigenaren en gebruikers) wordt voorgesteld de tarieven met 7,7% te verhogen. Met deze ontwikkeling van de woonlasten wordt voldaan aan het uitgangspunt uit de voorjaarsnota om in totaal € 2,35 miljoen extra opbrengsten te realiseren binnen de woonlasten. Gemiddeld stijgen de woonlasten voor woningeigenaren met € 71,17 (7,4%). Omdat huurders alleen afvalstoffenheffing betalen stijgen de lasten voor huurders met een tweepersoonshuishouden € 63,84 (18,6%).
Lokale woonlastendruk 2025 2026 2027 2028 2029 Onroerendezaakbelasting eigenaren € 390,24 € 399,68 € 395,69 € 423,38 € 446,25 Rioolheffing € 225,99 € 223,91 € 218,95 € 218,95 € 224,17 Afvalstoffenheffing € 427,68 € 507,24 € 551,90 € 551,90 € 551,90 (meerpersoonshuishouden) Totaal € 1.043,91 € 1.130,83 € 1.166,53 € 1.194,23 € 1.222,32 Procentuele wijziging voor woningeigenaren: * Eenpersoonshuishouden 7,5% 6,3% 1,9% 2,9% 2,9% * Tweepersoonshuishouden 7,5% 7,4% 2,6% 2,6% 2,6% * Meerpersoonshuishouden 7,5% 8,3% 3,2% 2,4% 2,4% Gemiddelde stijging woningeigenaren 7,5% 7,4% 2,6% 2,6% 2,6% Procentuele wijziging voor huurders van woningen * Eenpersoonshuishouden * Tweepersoonshuishouden * Meerpersoonshuishouden
7,4% 7,4% 7,4%
18,6% 18,6% 18,6%
8,8% 8,8% 8,8%
0,0% 0,0% 0,0%
0,0% 0,0% 0,0%
Woonlasten: Afvalstoffenheffing, onroerende zaakbelastingen en rioolheffing Afvalstoffenheffing (1.) Voorgesteld wordt om de kostendekking voor afval te verhogen van 85% naar 93%. De totale kosten voor de afvalinzameling bedragen in 2026 € 19,2 miljoen. Hiervan wordt € 17,9 miljoen van de kosten doorbelast aan onze inwoners. € 1,3 miljoen van de kosten worden betaald uit de algemene middelen. De tarieven afvalstoffenheffing stijgen daarmee met 18,6%. De tariefstijging wordt veroorzaakt door een hogere bijdrage aan het GAD en stijging in de kostendekking naar 93%. De tariefstijging wordt deels gedempt door de mutatie egalisatiereserve. Bedragen x 1.000 Berekening heffingspercentage Afval
2025
2026
2027
2028
2029
Bijdrage GAD (Regio Gooi & Vechtstreek)
11.478
12.495
12.644
12.731
12.747
2
0
0
0
1
Kosten exploitatie
3
Dubieuze debiteuren
150
110
110
160
161
Kapitaallasten
12
11
11
11
11
Directe personeels- en organisatiekosten
78
78
78
78
78
11.719
12.694
12.843
12.980
12.998
Kwijtscheldingen
859
859
859
859
859
Heffing en inning
226
234
234
234
234
2.133
2.212
2.212
2.212
2.212
167
115
115
115
120
Btw
2.877
3.106
3.138
3.156
3.159
Totale kosten
17.981
19.220
19.401
19.556
19.582
Dekkingspercentage
85%
93%
99%
99%
99%
Toe te rekenen kosten
15.275
17.917
19.137
19.291
19.447
Totale opbrengst
15.275
17.917
19.137
19.291
19.447
Opbrengst mutatie egalisatievoorziening
317
450
0
0
0
Overige opbrengsten
313
258
258
258
259
Opbrengst heffingen
14.645
17.209
18.879
19.033
19.188
0
0
0
0
0
Netto kosten taakveld Toe te rekenen kosten via andere taakvelden
Straatreiniging en zwerfafval Overhead
Stand van voorziening 31 december Afvaltarieven
2025
2026
2027
2028
2029
Tarief eenpersoonshuishouden
€ 257,74
€ 305,64
€ 332,58
€ 332,58
€ 332,58
Tarief tweepersoonshuishouden
€ 342,96
€ 406,80
€ 442,59
€ 442,59
€ 442,59
Tarief meerpersoonshuishouden
€ 427,68
€ 507,24
€ 551,90
€ 551,90
€ 551,90
7,4%
18,6%
8,8%
0%
0%
Procentuele verandering (t-1)
Toelichting mutaties ten opzichte van 2025: • Bijdrage GAD (Regio G&V): Op basis van de begroting van het GAD stijgt de bijdrage aan het GAD met € 1 miljoen. De stijging van de lasten komt voort uit de keuze voor nascheiding, dit leidt tot hogere kosten voor het verzamelen van afval. Daarnaast speelt de stijgende loonkosten een rol bij de GAD in de hogere bijdrage GAD. • Opbrengst mutatie egalisatiereserve: De egalisatiereserve afval is op dit moment € 450.000. Dit bedrag wordt in 2026 ingezet om het afvalstoffentarief te dempen. • De kostendekking: Voor afval stijgt van 85% in 2025 naar 93% in 2026. Om de kostendekking afval te verhogen naar 93% en de opbrengsten met € 2 miljoen te laten stijgen, moet het tarief met 18,6% stijgen. Voor een meerpersoonshuishouden is dit een stijging van € 79,56. • Belasting: Over de toegevoegde waarde (Btw): Over de kosten wordt ook een BTW percentage geheven (21%). De BTW lasten vallen hoger uit doordat de overige kosten stijgen. Onroerende zaakbelastingen (OZB) (5.) Om te voldoen aan het uitgangspunt om in totaal € 2,35 miljoen extra opbrengsten te realiseren binnen de woonlasten wordt voorgesteld om het tarief voor OZB woningen met 2,4% te verhogen. De woonlasten als geheel stijgen daarmee met gemiddeld 7,4%. Voor niet-woningen (eigenaren en gebruikers) wordt voorgesteld het tarief met 7,7% te verhogen.
Voor 2026 wordt rekening gehouden met een waardeontwikkeling woningen van 9% en voor niet woningen met een stijging van 0,8%. De verwachte waardeontwikkeling 2026 voor woningen en niet4
woningen is verwerkt in het tarief. In de begroting 2026 wordt voor dubieuze debiteuren 1% ten laste van de opbrengst OZB meegenomen: dit betreft circa € 268.000. Omschrijving Woningen Gemiddelde woningwaarde Onroerendezaakbelasting eigenaren Niet - woningen gebruikers Gemiddelde waarde Onroerendezaakbelasting gebruiker Niet -woningen eigenaren Gemiddelde waarde Onroerendezaakbelasting eigenaren
2025
2026
Verschil
%
608.940 € 390,24
663.745 € 399,68
54.805 € 9,44
9,0% 7,5%
834.260 € 1.690,46
840.934 € 1.820,96
6.674 € 130,50
0,8% 7,7%
834.260 € 2.530,82
840.934 € 2.726,20
6.674 € 195,38
0,8% 7,7%
Rioolheffing (8.) De totale kosten voor 2026 voor riolering vallen lager uit door met name de wijzigingen bij de kosten exploitatie, directe personeels- en organisatiekosten en overhead. Dit heeft een positief effect op het door te berekenen tarief aan inwoners. Als gevolg van de lagere kosten stijgt de kostendekking van 89% naar 99% in 2026. Ten opzichte van 2025 dalen de toe te rekenen kosten licht (- € 115.000) met als gevolg dat het tarief in 2026 daalt met -0,9%, dit heeft een dalend effect van € 2,08 op het tarief. Bedragen x 1.000 Kostendekkendheid rioolheffing
2025
2026
2027
2028
2029
Kosten exploitatie
1.913
1.674
1.574
1.574
1.574
Dubieuze debiteuren
100
110
110
110
110
Kapitaallasten
981
988
960
1.074
1.016
Investering ideaalcomplex
3.436
4.262
4.262
4.412
4.662
Voorziening i.v.m. fasering investeringen
1.050
Directe personeels- en organisatiekosten
1.178
696
700
697
697
Netto kosten taakveld
8.658
7.730
7.606
7.867
8.059
Heffing en inning
240
213
214
213
213
Straatreiniging en zwerfafval
516
550
550
550
550
Waterwegen
403
385
382
375
366
Overhead
1.316
977
981
978
978
733
720
685
672
659
11.866
10.575
10.418
10.655
10.825
Dekkingspercentage
89%
99%
99%
98%
99%
Toe te rekenen kosten
10.584
10.469
10.314
10.390
10.717
Totale opbrengst
10.584
10.469
10.314
10.390
10.717
-
-
-
-
-
Opbrengst heffingen
10.493
10.469
10.314
10.390
10.717
Overige opbrengsten
91
0
0
0
0
€ 225,99
€ 223,91
€ 218,95
€ 218,95
€ 224,17
10,1%
-0,9%
-2,2%
0,0%
2,4%
Toe te rekenen kosten via andere taakvelden
Btw Totale kosten
Opbrengst mutatie egalisatievoorziening
Tarief Procentuele verandering (t-1)
5
De belangrijkste mutaties ten opzichte van 2025 zijn: •
•
•
•
Kosten exploitatie: De budgetten voor energie zijn in 2024 en 2025 incidenteel verhoogd. Op basis van de realisatiecijfers over 2024 is de begroting van de energielasten voor 2026 weer naar beneden bijgesteld. De energiemarkt blijft in beweging, en ontwikkelingen op het gebied van prijsstijgingen en -dalingen blijven onzeker. Investering ideaalcomplex: Jaarlijks wordt een uitvoeringsprogramma opgesteld waarin de vervangingsinvesteringen zijn opgenomen. Omdat de investeringen in de riolering minder zijn dan begroot, hoeven we tussen 2026 en 2029 tijdelijk minder geld opzij te zetten voor onderhoud van de riolen. In totaal gaat het om € 1.050.000 minder in die periode. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar de paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen. Directe personeels- en organisatiekosten: De kosten zijn voornamelijk gestegen door de nieuwe CAO. Echter, voor de begroting 2025 is de kostentoerekening personeel niet conform de laatste actualisatie toegepast. Hierdoor is de kostendekkendheid niet boven de 100% gekomen. Dit heeft geen effect gehad op de tarieven in 2025. Voor 2026 is de kostentoerekening conform laatste actualisatie (voor toelichting zie de Paragraaf Bedrijfsvoering). Hierdoor vallen de directe personeels- en organisatiekosten lager uit ten opzichte van 2025. Overhead: De overhead wordt jaarlijks opnieuw berekend.
In 2026 vallen de kosten voor de overhead voor riolering lager uit. Dit heeft een positief effect op de kosten en bijbehorende tarieven.
Overige belastingen Havengelden (2.) Voorgesteld wordt de tarieven in 2026 met 2,6% (inflatie) te verhogen ten opzichte van 2025. De opbrengsten uit de havengelden zijn beperkt. Bij de harmonisatie van de belastingen met Wijdemeren wordt een voorstel gedaan om de tarieven havengelden in te passen in de verordening precariobelasting en de nieuw in te voeren verordening roerende zaakbelastingen. Leges (3.) De legesverordening bevat de tarieven voor een groot aantal gemeentelijke producten en diensten. Het gaat hierbij altijd om diensten waar inwoners of ondernemers zelf om gevraagd hebben bij de gemeente. Voor de door de gemeente geleverde diensten kunnen leges in rekening worden gebracht. Bij de legesheffing worden de kosten die de gemeente maakt, verhaald op de aanvrager. De model verordening van de VNG is als basis gebruikt voor het opstellen van de verordening. Ontwikkeling tarieven In enkele gevallen worden tarieven bij wet vastgesteld. Tarieven waarbij wettelijke maxima gelden, zijn onder meer paspoorten en identiteitskaarten, verklaringen omtrent het gedrag en rijbewijzen. Voor de Omgevingsvergunning blijft het tarief gehandhaafd. Het merendeel van de overige tarieven stijgt met de inflatiecorrectie van 2,6%. Bij een aantal artikelen zijn de in rekening te brengen leges in afwijking van de inflatiecorrectie bijgesteld, deze worden hieronder toegelicht.
De reden hiervan is om de te heffen leges in overeenstemming te brengen met de ambtelijke inzet voor de te verrichten werkzaamheden. Toelichting gewijzigde artikelen Paragraaf 1 Burgerlijke stand Jaarlijks worden de kosten en opbrengsten per product inzichtelijk gemaakt. Hieruit blijkt dat voor een aantal tarieven de inflatie niet de gestegen kosten dekt. De activiteiten vragen naast voorbereidingen ook voor de daadwerkelijke uitvoer (relatief) veel personele inzet. In het bijzonder de kosten van personeel dat hiervoor ingezet moet worden zoals medewerkers Burgerzaken, bodes en babsen zijn de oorzaak voor de stijging.
6
Voor de hieronder weergegeven tarieven uit paragraaf 1 Burgerlijke stand wordt voorgesteld om de tarieven met meer dan 2,6% inflatie te laten stijgen. Voorstel ontwikkeling tarieven Burgerlijke stand voorstel tarief 2026 Artikel 1.1.1.a 1.1.1.b 1.5.1 1.5.1.a. 1.5.1.b. 1.6.1 1.7.1 1.7.2 1.7.4 1.7.5 1.8.1
Wijzigingen: maandag tussen 11.00 en 13.00 uur, inclusief trouw/partnerschapsboekje maandag om 9.00 en om 10.00 uur, inclusief trouw/partnerschapsboekje om bij besluit een buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand aan te wijzen voor één dag: als beëdiging bij de rechtbank al heeft plaatsgevonden: als beëdiging bij de rechtbank nog niet heeft plaatsgevonden: voor het op verzoek van gemeentewege beschikbaar stellen van getuigen, per getuige voor het annuleren van een huwelijk of geregistreerd partnerschap uiterlijk één maand voor de vastgelegde datum voor het annuleren van een huwelijk of geregistreerd partnerschap binnen één maand voor de vastgelegde datum voor het wijzigen van de vastgelegde datum, tijd, locatie of getuigen(n), per wijziging voor het annuleren van een gratis huwelijk of geregistreerd partnerschap voor het verstrekken van een trouw-/partnerschapsboekje
voorstel tarief 2026
Huidige tarief 2025
kostendekking tarief 2026 2025
kostendekking stijging 2025 tarief
€ 160,00
28% € 139,00
24%
15%
€ 245,00
43% € 224,00
39%
9%
€ 200,00 € 300,00
79% € 167,00 79% € 224,00
66% 59%
20% 34%
€ 42,00
100%
€ 32,50
77%
29%
€ 80,00
63%
€ 54,00
43%
48%
€ 98,00
77%
€ 86,00
68%
14%
€ 50,00
39%
€ 27,00
21%
85%
€ 80,00 € 25,00
63% 79%
€ 54,00 € 22,50
43% 71%
48% 11%
1.32.1 Telecommunicatiewet, tarief kabels en leidingen Berekening tarief op basis van werkelijk gemaakte kosten, tijdbesteding ambtelijke inzet en licentiekosten applicatie voor uitvoering. Op basis van de geraamde kosten wordt voorgesteld het tarief voor 2026 als volgt te laten stijgen: 1.32 Kabels en leidingen
2024
2025
2026
Tarief
€ 590,00
€ 530,00
€ 665,10
Mutatie in procenten
-4%
-10%
24%
Daarnaast wordt voorgesteld om de volgende tarieven toe te voegen: 1.32.2 Het vaste tarief (1.32.1) wordt verhoogd: 1.32.2.1 met een lengte van meer dan 15 meter tot en met 500 meter, per meter 1.32.2.2 met een lengte van meer dan 500 meter tot en met 1.000 meter (5% korting op 1.32.2.1), per meter 1.32.2.3 met een lengte van meer dan 1.000 meter tot en met 2.000 meter (5% korting op 1.32.2.2), per meter 1.32.2.4 met een lengte van meer dan 2.000 meter (5% korting op 1.32.2.3), per meter 1.32.3 Het aanbrengen van wijzigingen in een verleende vergunning of instemminsbesluit als bedoeld in artikel 1.2, lid 1 van de Leidingverordening Gemeente Hilversum 2024 1.32.4 Het tarief genoemd in lid 1 wordt verhoogd voor iedere bovengrondse voorziening, met een bedrag van: 1.32.5 Het tarief genoemd in lid 1 wordt verhoogd indien een vooroverleg plaatsvindt met de aanvrager met betrekking tot een aanvraag als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 van de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuur 2022 met een bedrag van:
7
€ 2,37 € 2,25 € 2,14 € 2,03 € 381,00 € 254,00 € 127,00
De voorgestelde wijzigingen zijn gebaseerd op de inmiddels vastgestelde leidingverordening gemeente Hilversum 2024 en de bestaande Telecommunicatieverordening gemeente Hilversum 2008. De capaciteit en middelen die nodig zijn voor het opstellen van de vergunningen zijn opnieuw in beeld gebracht om zo goed mogelijk aan te sluiten bij de gevraagde leges. Een van de grootse wijzigingen is het toepassen van staffels boven tracés langer dan 15 meter. Door het toepassen van de staffels sluiten de legeskosten meer aan bij de daadwerkelijke kosten en zullen de kosten meer kostendekkend zijn. Daarnaast hebben wij voor deze staffels gekozen omdat de gemeente Wijdemeren momenteel eenzelfde berekenwijze toepast. Hierdoor sluiten de berekenmethodes meer op elkaar aan en zal dit bij de fusie gestroomlijnd in elkaar over kunnen gaan. 1.35.3 a. vergunning voor het plaatsen van voorwerpen op, aan of boven de weg Jaarlijks worden circa 800 aanvragen ingediend voor het plaatsen van voorwerpen op, aan of boven de openbare weg. In de praktijk is gebleken dat de gemiddelde tijdsbesteding voor het afgeven van een vergunning is toegenomen. Voorgesteld wordt daarom om het tarief te verhogen van € 68,75 naar € 128,50.
2.4.3 Maatwerkinitiatief Het maatwerkinitiatief is een begeleid proces waarmee initiatiefnemers hun ruimtelijk plan in stappen kunnen afstemmen met de gemeente, als voorbereiding op een Omgevingsvergunning. Dit proces is bedoeld om de haalbaarheid te toetsen en te ondersteunen bij kwalitatieve planvorming. Voorgesteld wordt om de volgende wijzigingen door te voeren:
De genoemde bedragen en opties zijn opgesteld vanuit het oogpunt verbetering van doorloopsnelheid, klantvriendelijkheid en praktische oogpunten. Flexibelere inzet van adviesrondes Naast de reguliere Omgevingstafel wordt een schriftelijke adviesronde als alternatief toegevoegd. Deze kan worden ingezet als begin-, tussen- of eindstap in het proces, en draagt bij aan snellere doorlooptijden. 8
Specifieke rol voor de CRK&M De Commissie Ruimtelijke Kwaliteit & Monumenten doet niet standaard mee aan de Omgevingstafel. Als hun advies nodig is, wordt dit geregeld via een aparte consultatieronde, met bijbehorende kosten. Dit voorkomt inefficiëntie en dubbel werk. Staffeling naar omvang van het initiatief Door onderscheid te maken tussen kleinere en grotere initiatieven, sluiten de kosten beter aan bij de werkelijke inzet en complexiteit. Dit draagt bij aan een eerlijkere kostenverdeling. Deze wijzigingen verruimen de mogelijkheden van de eerder beoogde 'menukaart' en dragen bij aan een klantvriendelijker, transparanter en efficiënter maatwerkproces. Marktgelden (4.) Marktgelden is een gebonden belasting die moet worden betaald voor een standplaats op de markt in Hilversum. Jaarlijks worden de marktgeldtarieven vastgesteld door de gemeenteraad. De heffing van marktgelden mag maximaal 100% kostendekkend zijn. In onderstaande tabel is aangegeven welke kosten wij toerekenen aan de markt, welk bedrag daarbij hoort en voor welk percentage wij deze doorbelasten in het tarief. Voorgesteld wordt om de tarieven in lijn met voorgaande jaren te verhogen op basis van de inflatie. De inflatie bedraagt 2,6%. Bedragen x 1.000 Omschrijving
2025
2026
2027
2028
2029
Kapitaallasten (1)
15
14
14
14
14
Organisatiekosten
238
252
252
252
252
Schoonmaakkosten (2)
137
60
60
60
60
Nutsvoorziening etc.
3
3
3
3
3
Kosten markt
393
329
329
329
329
Verwachte inkomsten
216
223
230
230
230
Dekkingspercentage
55,0%
68,0%
70,0%
70,0%
70,0%
Promotie (3)
17
13
13
13
13
Energie (4)
9
9
9
9
9
1. Kapitaallasten voor de herinrichting van het plein bedragen € 1,5 miljoen. Omdat de markt op twee van de zeven dagen per week plaatsvindt, worden de kapitaallasten voor 29% doorbelast (2/7e deel). Hoewel de markt niet het volledige plein in beslag neemt, wordt het gehele plein gebruikt vanwege doorlooppaden, aanlooproutes en parkeergelegenheid voor de markt. 2. Betreft enkel schoonmaak markt. Schoonspuiten van het plein gebeurt maandelijks, maar dit is niet alleen voor de markt, en dit wordt sinds 2026 ook niet meer volledig toegerekend aan de markt aangezien andere evenementen ook bijdragen aan vervuiling. 3. Promotiekosten kent een apart tarief van € 0,05 per vierkante meter per dag, het bedrag dat door de gemeente wordt ontvangen wordt niet door de gemeente besteed maar door de markt zelf. 4. Energielasten worden op basis van gerealiseerd verbruik doorbelast aan de verbruiker. Tarieven per dag in € per m2
2025
2026
2027
2028
2029
Basistarief
€ 0,99
€ 1,02
€ 1,04
€ 1,07
€ 1,10
Promotietarief
€ 0,05
€ 0,05
€ 0,05
€ 0,05
€ 0,05
Zaterdag
9
Totaal
€ 1,04
€ 1,07
€ 1,09
€ 1,12
€ 1,15
Basistarief
€ 0,86
€ 0,88
€ 0,91
€ 0,93
€ 0,95
Promotietarief
€ 0,05
€ 0,05
€ 0,05
€ 0,05
€ 0,05
Totaal
€ 0,91
€ 0,93
€ 0,96
€ 0,98
€ 1,00
Woensdag
Parkeerbelastingen (6.) Er is sprake van een tweetal parkeertarieven. De tarieven voor straatparkeren en voor vergunningen. Daarnaast is er de naheffingsaanslag parkeerbelastingen (parkeerboete) die wordt opgelegd als er niet betaald is voor straat- of vergunning parkeren. Voorgesteld wordt om de parkeertarieven voor de vergunninghouders, inclusief de digitale bezoekersregeling, te halveren. Dat betekent dat de tarieven voor de vergunningen als volgt worden gewijzigd: Parkeergebied
Soort vergunning
Kosten (per jaar) 2025
2026
Centrum
Bewonersvergunning
€ 75,00
€ 37,50
Centrum
Combinatievergunning
€ 300,00
€ 150,00
Centrum
Bedrijfsvergunning
€ 200,00
€ 100,00
Centrum
Autodatevergunning
€ 75,00
€ 37,50
Schil
Eerste bewonersvergunning
€ 40,00
€ 20,00
Schil
Tweede bewonersvergunning
€ 150,00
€ 75,00
Schil
Derde bewonersvergunning
€ 225,00
€ 112,50
Schil
Eerste bedrijfsvergunning
€ 200,00
€ 100,00
Schil
Tweede bedrijfsvergunning
€ 400,00
€ 200,00
Schil
Derde bedrijfsvergunning
€ 500,00
€ 250,00
Schil
Forensenvergunning
€ 400,00
€ 200,00
Schil
Autodatevergunning
€ 50,00
€ 50,00
Schil
Overloopvergunning
€ 40,00
€ 20,00
Algemene kaart
€ 1.850,00
€ 925,00
Hulpverlenersvergunning
€ 200,00
€ 100,00
Marktparkeerplaats
€ 60,00
€ 30,00
Maatschappelijke vergunning
€ 100,00
€ 12,50
Centrum + schil
Voor het straatparkeren wordt voorgesteld om de tarieven in het centrum (€ 3,20 per uur) gelijk te houden aan de tarieven in 2025. Voor de tarieven in de schil (€ 2,90 per uur) stellen we voor om deze te verminderen met € 0,20 per uur naar € 2,70 per uur. De kosten die de gemeente moet maken voor de 'naheffing' worden bij de parkeerder in rekening gebracht. Het tarief voor de naheffingsaanslag is wettelijk gemaximeerd. De gemeente mag dit bedrag alleen naheffen als de kosten die de gemeente moet maken voor de handhaving hoger zijn dan de opbrengst van de naheffingsaanslagen. Voor 2026 wordt voorgesteld om het tarief voor een naheffingsaanslag vast te stellen op het maximumbedrag van € 82,00.
10
Bedragen x 1.000 Kostendekkendheid naheffingen parkeren
2025
2026
Vaste informatieverwerkingskosten
96
22
Variabele informatieverwerkingskosten
216
153
Personeelskosten
872
1.220
Overhead
136
120
Netto kosten taakveld
1.320
1.515
Belasting toegevoegde waarde (btw 21%)
277
318
Totaal toe te rekenen kosten inclusief btw
1.597
1.833
Opbrengst heffingen
1.000
1.000
Dekkingspercentage
63%
55%
Precariobelasting (7.) Voorgesteld wordt om de tarieven precario te verhogen met 2,6%. Dit geldt voor het gebruik van gemeentegrond voor de tarieven voor bouwmaterialen, containers, incidentele en vaste standplaatsen. Voor de terrassen wordt voorgesteld de precario gelijk te houden aan de tarieven voor 2025. Tarieven terrassen per m2
2025
2026
Klasse 1 Centrumgebied
€ 53,00
€ 53,00
Klasse 2 Gijsbrecht van Amstelstraat
€ 38,00
€ 38,00
Klasse 3 Overige terrassen
€ 23,00
€ 23,00
Toeristenbelasting (9.) In de begroting 2025 is besloten om met ingang van het belastingjaar 2026 toeristenbelasting in te voeren. De te realiseren opbrengsten zijn begroot op € 400.000. Toeristenbelasting is een extra bedrag dat gasten betalen als ze overnachten in een hotel, B&B of andere accommodatie. Na afloop van het belastingjaar ontvangen de ondernemers van de gemeente een aangifteformulier waarop het aantal overnachtingen doorgegeven kan worden. Op basis van deze aantallen volgt een aanslag toeristenbelasting. In 2025 hebben alle ondernemers uitleg gekregen over de toeristenbelasting en de registratieplicht voor het bijhouden van het aantal overnachtingen. In de tarieven toeristenbelasting wordt voorgesteld onderscheid te maken in een tarief voor campings en overige overnachtingen zoals hotels en B&B. De verblijfskosten op een camping zijn per gast gemiddeld lager, waardoor een evenredige belastingdruk vraagt om een lager tarief. Bij andere gemeenten is dit ook een gebruikelijk onderscheid. In 2025 is onderzoek gedaan naar het aantal overnachtingen in de gemeente. Op basis van het aantal overnachtingen worden onderstaande tarieven voorgesteld: Tarieven toeristenbelasting
2026
Tarief kamperen, per persoon per overnachting
€ 1,80
Tarief, per persoon per overnachting
€ 4,40
Met deze tarieven is de verwachting dat € 425.000 aan opbrengsten gerealiseerd worden (€ 400.000 begrote opbrengsten toeristenbelasting, € 25.000 kosten voor heffing en invordering toeristenbelasting).
11
Betaaltermijnen automatische incasso Voorgesteld wordt, om de betaaltermijn van belastingaanslagen die doormiddel van automatische incasso betaald kunnen worden, te verlengen van 8 termijnen naar 10 termijnen. Door verruiming van de betaaltermijn bieden we inwoners en ondernemers die gebruik maken van automatische incasso de mogelijkheid over een ruimere periode te betalen waardoor het maandbedrag lager wordt. Naast automatische incasso blijft het voor inwoners ook mogelijk om zelf een aangepaste betalingsregeling af te spreken met de gemeente. Dit kan eenvoudig geregeld worden in de digitale belastingbalie van de gemeente. In de verschillende belastingverordeningen is de betaaltermijn aangepast van 8 naar 10 termijnen.
Uitvoering
De verordeningen zullen worden gepubliceerd op de overheidswebsite voor publicaties (www.officiëlebekendmakingen.nl). Bij aanvang van het nieuwe belastingjaar zal relevante informatie uit de verordeningen nogmaals worden gepubliceerd als toelichting bij de verschillende aanslagen gemeentelijke belastingen 2026 en op de gemeentelijke website. Communicatie Rond de besluitvorming van de begroting en het vaststellen van de belastingverordeningen wordt aandacht besteed aan de communicatie richting onze inwoners. Hierin wordt o.a. informatie gegeven over hoe de verschillende belastinginkomsten worden besteed. Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris,
23 september 2025 de burgemeester,
mr. C.P. Torres Barrera
dr. ir. G.M. van den Top
Bijlage(n) 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.
Verordening afvalstoffenheffing 2026 Verordening havengelden 2026 Legesverordening 2026 Verordening marktgelden 2026 Verordening onroerende zaakbelastingen 2026 Verordening parkeerbelastingen 2026 Verordening precariobelastingen 2026 Verordening rioolheffing 2026 Verordening toeristenbelasting 2026
12