CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen van Fractie Durlacher over Garantstelling Tomingroep GR aan Tomingroep BV (toegevoegd 25 maart 2026)

COMMISSIE Zorg, Welzijn en Samenleving 25 maart 2026, gemeente HilversumBij agendapunt: Garantstelling Tomingroep GR aan Tomingroep BV (1944972)1.160 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording technische vragen voor de Commissie Zorg Welzijn & Samenleving van woensdag 25 maart 2026 agendapunt 2. Vragen van Aan wethouder Over

: Fractie Durlacher : B. Heller : Garantstelling Tomingroep GR aan Tomingroep BV

Geacht College, Graag ontvangen wij zo concreet mogelijke beantwoording, inclusief cijfers en onderliggende stukken waar beschikbaar.

1. Kan het college exact toelichten onder welke juridische grondslag en voorwaarden de deelnemende gemeenten verplicht zijn om eventuele tekorten binnen de GR Tomingroep aan te vullen? 2. Kan het college de meest recente liquiditeitsprognose (2026–2027) van Tomingroep BV delen, inclusief de onderliggende aannames en scenario’s? 3. Kan het college een overzicht verstrekken van de financiële resultaten van Tomingroep BV over de afgelopen vijf jaar, inclusief een toelichting op de belangrijkste oorzaken van de tekorten per jaar? 4. Welke concrete maatregelen zijn in 2025 genomen om de financiële positie van Tomingroep BV te verbeteren, en wat was het meetbare financiële effect van deze maatregelen? 5. Wat zijn de exacte voorwaarden waaronder de voorgestelde garantstelling van €15,2 miljoen wordt aangesproken? 6. Is er een benchmark of vergelijking uitgevoerd met andere organisaties binnen het sociale domein met vergelijkbare taken (werk/participatie), en zo ja, wat zijn de belangrijkste verschillen in kostenstructuur en financieel resultaat? Anita Leeuwin Antwoord -penvoerder is Wouter van den Berg 035-6292095 Durlacher heeft technische vragen gesteld over agendapunt 2 van de commissie Zorg, Welzijn & Samenleving van 25 maart 2026: Garantstelling Tomingroep GR aan Tomingroep BV. De vragen en de antwoorden daarop vindt u hieronder. 1.

Kan het college exact toelichten onder welke juridische grondslag en voorwaarden de deelnemende gemeenten verplicht zijn om eventuele tekorten binnen de GR Tomingroep aan te vullen? De aanvullingsverplichting vloeit voort uit artikel 23 van de gemeenschappelijke regeling Tomingroep. Daarin is bepaald dat de deelnemende gemeenten ervoor zorgdragen dat het werkvoorzieningsschap over voldoende middelen beschikt. Het

algemeen bestuur kan een additionele bijdrage vaststellen wanneer subsidies en opbrengsten ontoereikend zijn, dan wel bij een negatief nettoresultaat in combinatie met onvoldoende eigen vermogen bij de GR en de BV. Een eventuele bijdrage wordt omgeslagen naar rato van het tienjaars voortschrijdend gemiddelde van het aantal SE sw-werknemers per gemeente. In het voorgenomen besluit van 26 januari 2026 is expliciet opgenomen dat wanneer aanvullende maatregelen onvoldoende effect sorteren, in het uiterste geval een beroep op artikel 23 wordt gedaan. 2. Kan het college de meest recente liquiditeitsprognose (2026–2027) van Tomingroep BV delen, inclusief de onderliggende aannames en scenario’s? De directie van Tomingroep BV heeft begin 2026 een liquiditeitsbegroting opgesteld. De strekking ervan is verwerkt in het raadsvoorstel: vanaf medio 2026 tekent zich een groeiend liquiditeitstekort af dat zonder aanvullende maatregelen oploopt tot ruim € 6,5 miljoen eind 2027, als gevolg van een structureel negatieve kasstroom. Onderliggende aannames zijn onder meer een debiteurenomzet van circa € 30 miljoen op jaarbasis, voortzetting van de vigerende prijsafspraken tussen gemeenten en Tomingroep, en kwartaalsgewijze vooruitbetaling van de Wsw-subsidie.

De prognose is mede afhankelijk van de hoogte van de begeleidingsvergoeding, de instroom van doelgroepmedewerkers, de aangegane orderportefeuille en de financiële randvoorwaarden van de transitie.

3. Kan het college een overzicht verstrekken van de financiële resultaten van Tomingroep BV over de afgelopen vijf jaar, inclusief een toelichting op de belangrijkste oorzaken van de tekorten per jaar? In het voorgenomen besluit van het algemeen bestuur van 26 januari 2026 is een meerjarig verloopoverzicht opgenomen van het eigen vermogen en de resultaten van zowel de BV als het werkvoorzieningsschap over de periode 2020–2027. Daaruit blijkt dat de BV structureel verlieslatend is, met een dalend eigen vermogen als gevolg. Belangrijkste oorzaken zijn een beprijzing van de dienstverlening die structureel onder de kostprijs ligt, hogere Wsw-uitstroom, achterblijvende Pw-instroom en operationele verstoringen door de implementatie van een nieuw ERP-pakket in 2024. Een verdieping per jaar is mogelijk via de jaarstukken die jaarlijks aan u zijn voorgelegd: •

Jaarstukken 2024 en Zienswijze Begroting Tomin 2026 — Gemeenteraad 9 juli 2025

•

Jaarstukken 2023 en Zienswijze Begroting Tomin 2025 — Gemeenteraad 10 juli 2024

•

Jaarstukken 2022 en Zienswijze Begroting Tomin 2024 — Gemeenteraad 14 juni 2023

•

Zienswijze Conceptbegroting 2023 en Jaarrekening 2021 — Gemeenteraad 9 juni 2022

•

Zienswijze Begroting 2022 en Jaarrekening 2020 — Gemeenteraad 9 juni 2021

4. Welke concrete maatregelen zijn in 2025 genomen om de financiële positie van Tomingroep BV te verbeteren, en wat was het meetbare financiële effect van deze maatregelen? In 2025 is een Taskforce Liquiditeiten ingericht waarin gemeenten en Tomingroep gezamenlijk de liquiditeitspositie hebben gemanaged. Dat heeft geleid tot een aantal concrete maatregelen. De bevoorschotting van de Wsw-subsidie is gestroomlijnd: alle gemeenten betalen inmiddels voorafgaand aan het kwartaal, waardoor de kasstroom voorspelbaarder is geworden. Daarnaast zijn afspraken gemaakt over versnelde facturering van het onderhanden werk en het sneller innen van openstaande debiteuren. Het investeringsplan van de BV is kritisch herijkt en teruggebracht tot wat onuitstelbaar en onvermijdbaar is. Verder is de exploitatiebijdrage vanuit het werkvoorzieningsschap aan de BV in de loop van 2025 verhoogd van oorspronkelijk € 3,6 miljoen naar uiteindelijk € 7,6 miljoen om het eigen vermogen van de BV boven de ondergrens van de waardering van de deelneming te houden. Het gecombineerde effect van deze maatregelen is dat de acute liquiditeitsproblemen in 2025 zijn afgewend. 5.

Wat zijn de exacte voorwaarden waaronder de voorgestelde garantstelling van €15,2 miljoen wordt aangesproken? De garantstelling is door het algemeen bestuur op 26 januari 2026 verleend onder een aantal expliciete voorwaarden, vastgelegd in het voorgenomen besluit (bijlage 1 bij het raadsvoorstel). De garantstelling bedraagt maximaal € 7,6 miljoen per jaar en wordt uitsluitend per afzonderlijk kalenderjaar verleend: een zelfstandige garantstelling voor 2026 en een zelfstandige garantstelling voor 2027. Voor zover de bijdragen in een jaar niet worden benut, vloeien deze na vaststelling van de jaarrekening van de BV onverkort terug naar het werkvoorzieningsschap, zonder dat hieraan rechten voor volgende jaren kunnen worden ontleend. Aan de garantstelling zijn de volgende voorwaarden verbonden: de directie en de Raad van Commissarissen leveren binnen twee weken een uitgewerkte begroting voor 2026 aan, de begroting voor 2027 wordt gelijktijdig met de begroting van het werkvoorzieningsschap aangeboden, en binnen zes weken wordt een optimalisatieplan opgeleverd gericht op het verbeteren van het operationeel resultaat in 2026 en 2027. Deze voorwaarden worden vastgelegd in een addendum op de samenwerkingsovereenkomst tussen het werkvoorzieningsschap en de BV. 6.

Is er een benchmark of vergelijking uitgevoerd met andere organisaties binnen het sociale domein met vergelijkbare taken (werk/participatie), en zo ja, wat zijn de belangrijkste verschillen in kostenstructuur en financieel resultaat? Eind 2025 is in opdracht van het algemeen bestuur een benchmark uitgevoerd door een landelijk expertiseteam van de VNG. Dit traject bevindt zich in de afrondende fase. De benchmark vergelijkt de prestaties en kostenstructuur van Tomingroep met andere sw-bedrijven en biedt daarmee een referentiekader voor de beoordeling van het operationeel resultaat. De uitkomsten worden betrokken bij de totstandkoming van het optimalisatieplan. Bij bespreking van dat plan in het algemeen bestuur zullen ook

nadere afspraken worden gemaakt over de wijze waarop over de bevindingen wordt gerapporteerd en langs welke bestuurlijke lijnen die informatie beschikbaar komt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=c8c29f6d-bdcb-4d29-9a03-b39bb2b33e39