Beantwoording technische vragen van Democraten Hilversum en D66 over Eindejaarsrapportage 2025 (Toegevoegd 3 december 2025)
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen voor de Commissie Bestuur en Economie van woensdag 3 december 2025 agendapunt 6. Vragen van Aan wethouder Over
: Democraten Hilversum & D66 : J. Kalk : Eindejaarsrapportage 2025
Eindejaarsrapportage 2025 Het doel van de Eindejaarsrapportage is het verschaffen van inzicht in de stand van de budgetten en het verwachte financiële resultaat aan het einde van het jaar. In deze eindejaarsrapportage wordt de raad geïnformeerd in ieder geval over financiële afwijkingen groter dan € 250.000 in lasten of baten per programma, en over belangrijke afwijkingen in de besteding van investeringskredieten. 1. In de financiële verordening onder artikel 7. lid 4 wordt het volgende beschreven: “Als er in de eindejaarsrapportage een afwijking van € 250.000 of meer wordt vastgesteld, worden de posten met een afwijking van meer dan € 100.000 verder toegelicht.” Vraag: bij de toelichtingen op de wijzigingen worden ook posten genoemd met een wijziging van minder dan € 100.000 verder toegelicht. Waarom zijn posten < € 100.000 toch toegelicht? Is dit alleen ter informatie, of verwacht u hier een goedkeuring van de raad? Zo ja waarom is dat niet expliciet gemaakt? Het college schrijft bij de verschillende programma’s het volgende: De Raad is op de hoogte gesteld van het voordelige effect van de septembercirculaire 2025 van €7.055.000. De extra middelen die voortvloeien uit de septembercirculaire worden als baten geboekt in programma 5.
Een deel van de extra middelen wordt verdeeld over de diverse programma's: Programma 1 Wonen en leven: Lasten €2.000 Programma 2 Zorg: Lasten €114.000 Programma 3 Werken: Lasten €288.000 Programma 4 Bestuur: Lasten €323.000 Programma 5 Financiën en grondexploitaties: Baten €7.782.000 2. welke mutaties/verdeelelementen zorgen ervoor dat het geboekte voordeel (€7.782.000) hoger is dan het effect uit de circulaire (€7.055.000)? – Vraag geldt ook voor de meicirculaire. Op pagina 4 staat het volgende: Het resultaat van de voorgestelde wijzigingen in deze eindejaarsrapportage leidt, voor reservemutaties, tot een voordelig bedrag van €11.369.000, waarvan €7.055.000 voordelig als gevolg van de septembercirculaire 2025. Er wordt voorgesteld om per saldo €2.407.000 toe te voegen aan de reserves. Na reservemutatie
resulteert het saldo van de voorgestelde wijzigingen in deze eindejaarsrapportage, in een bedrag van €8.962.000 voordelig. Aan de raad wordt voorgesteld de begroting hiervoor te wijzigen. 3. Wat is de motivering van het college om niet meer of minder toe te voegen aan de reserves (en of algemene reserve)? Op basis van welke overwegingen/risicoinschattingen is dit bedrag gekozen (buffer, toekomstige verplichtingen, beleidsdoelen etc.)?
Op pagina 6 staat het volgende: Na verwerking van de voorgestelde mutaties van voorliggende eindejaarsrapportage ziet het financieel beeld er als volgt uit. Het begrotingssaldo na wijzigingen betreft een voordeel van €5.315.000. 4. Klopt het dat bij een positief begrotingssaldo vervolgens bij de jaarrekening wordt voorgesteld om dit bedrag toe te voegen aan de algemene reserve? 5. Kunt u toelichten waarom er geld wordt onttrokken aan de reserve stedelijke ontwikkeling, was het niet de bedoeling dat deze juist zou groeien? Klopt het op deze manier nog dat we wennen aan hogere kapitaallasten, of is dit niet vastgelegd? Overhevelingen 6. Kunt u aangeven of alle voorgestelde overhevelingen voldoen aan de gestelde eisen? (Overhevelingen zijn mogelijk als het budget incidenteel is en de uitvoering al gestart is of als het gaat om door medeoverheden of anderen voor een specifiek beschikbaar gestelde middelen. ) 7. Zo nee, waarom stelt u dan toch voor om deze over te hevelen? Normenkader 8. U geeft aan dat een verantwoordingsgrens van 2% goedkoper is dan 1 %. Hoeveel euro besparing verwacht u te realiseren? En is hierbij een verschil tussen potentiële besparingen in 2025 en in 2026. 9. Waarom is er gekozen voor een vast bedrag van 300 K als rapportagegrens en niet gekozen om een percentage te hanteren? Alvast bedankt voor de beantwoording. Met vriendelijke groeten, Diego Degives Mas
Jos van Nistelrooij
Antwoord -penvoerder is: Arnoud Zijpveld 035-6291257
Democraten Hilversum en D66 hebben technische vragen gesteld over agendapunt 6 van de Commissie Bestuur en Economie van woensdag 3 december 2025. Het betreffen de onderstaande vragen 1 tot en met 7. De vragen 8 en 9 betreffen agendapunt 8 waar Michiel van Oosterom de steller is. Antwoord vraag 1: Uit de verordening blijkt wat ten minste is afgesproken met de raad. Met oog op transparantie licht het college alle voorgestelde wijzigingen toe. De raad wordt voorgesteld alle wijzigingen te verwerken in de begroting (zie ook artikel 7 lid 5) “Bij vaststelling van de eindejaarsrapportage door de raad wordt de lopende begroting hierop aangepast” Antwoord vraag 2: Zie voor de verdeling van de lasten en baten van de meicirculaire de raadsinformatiebrieven 2025-45 en 2025-53 en voor de septembercirculaire de collegebrief “Septembercirculaire 2025 Gemeentefonds” van 7 oktober 2025. Voor een deel van de extra baten geldt dat deze ook tot uitgaven budgetten leiden. Een voorbeeld hiervan zijn de budgetten voor de “Vervroegde Tweede kamer verkiezingen” (item 7 van collegebrief inzake septembercirculaire). Hiervoor krijgen we extra geld vanuit het Rijk (hogere baten programma 5). Dit leidt echter tot een extra uitgaven budget (hogere lasten programma 4/ Item 11). Per saldo betekent dit dat het budget neutraal is verwerkt. Antwoord vraag 3: Dit betreffen mutaties van bestemmingsreserves.
De raad heeft het doel van deze reserves bepaald. De voorgestelde mutaties hebben betrekking tot deze doelen. De voorgestelde reserve mutaties in deze eindejaarsrapportage 2025 worden nader toegelicht in hoofdstuk 3 en worden daar allen aangeduid als “reservemutatie”. De hoogte van de reserve mutatie van €2.407.000 is derhalve niet bepaald op basis van een risico inschatting. Risico inschattingen ten aanzien van de reserves maakt veelal onderdeel uit van de jaarrekening en programmabegroting waar de weerstandratio wordt bepaald en beoordeeld. Antwoord vraag 4: Dat is juist. Na het in mindering brengen van de overhevelingen en andere resultaatbestemmingen wordt het rekeningresultaat toegevoegd/onttrokken aan de algemene reserve. Antwoord vraag 5: Het doel van de reserve stedelijke vernieuwing is om winsten uit de verkoop van vastgoed en grond (de bezittingen van Hilversum) opnieuw te investeren in de ontwikkeling van de stad. De onttrekkingen betreffen dus investeringen in de stad (met in acht neming van amendement A19-159).
In eerste instantie werd deze reserve ook gevuld vanuit de algemene middelen. Deze stortingen zijn echter in afgelopen jaren komen te vervallen. Antwoord vragen 6 en 7: Ja, met de huidige inzichten voldoen de overhevelingen aan de gestelde eisen. Vooralsnog wordt de raad enkel geïnformeerd over de verwachte overhevelingen. Ten tijde van de jaarrekening wordt de raad voorgesteld om budgetten over te hevelen.