CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen van D66 over Burap en zienswijze begrotingswijze (Toegevoegd 26 november 2025)

GEMEENTERAAD 10 december 2025, gemeente HilversumBij agendapunt: Bestuursrapportage Regio Gooi en Vechtstreek 2025 en zienswijze begrotingswijziging 2025 (1882867)1.267 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording Technische vragen voor de gecombineerde commissie Ruimtelijke Ordening en Projecten en Bestuur en Economie van woensdag 26 november 2025 agendapunt 8. Vragen van Aan wethouder Over

: D66 : N.G.T. van Voorden : Beeldvorming Bestuursrapportage Regio Gooi en Vechtstreek 2025 en zienswijze begrotingswijziging 2025-001

Technische vragen met betrekking tot agendapunt 8 van de Commissie RO&P van 26 november (Beeldvorming Bestuursrapportage Regio Gooi en Vechtstreek 2025 en zienswijze begrotingswijziging 2025-001) In het Raadsvoorstel wordt genoemd dat de Regio een saldo-overschot verwacht van €1.939.351. Dit bedrag is niet rechtstreeks terug te vinden In 'bijlage 3 Begrotingswijziging’. De hierin genoemde gewijzigde baten (€113.785) zijn niet hetzelfde als wat genoemd is in bijlage 2 ‘bestuursrapportage 2025’ in de tabel op p4 onder 'prognose 2025' (€115.725). Het verschil is €1.94 miljoen en is dit het saldo-overschot dat genoemd wordt in het Raadsvoorstel? Waarom is dit dan niet zo gepresenteerd in de begrotingswijziging? 1. Volgens het Raadsvoorstel worden reeds besloten dienstverleningsovereenkomsten en maatwerkafspraken toegevoegd aan de gemeentelijke bijdrage. Wat is hiervan het effect op de begroting 2025 van Hilversum? 2. Het Raadsvoorstel noemt financiële heroverwegingen. Voor beleidsarme wijzigingen kan het algemeen bestuur van de regio in december 2025 al besluiten nemen. Is het proces al zover en zijn er wijzigingen voorzien (en welke)? 3. In het Raadsvoorstel wordt genoemd dat GAD lagere kapitaalasten heeft (676k€). Een oorzaak is de lange doorlooptijd van VTAs in kabel- en leidingennetwerk. Daardoor treedt vertraging op voor ondergrondse vuilcontainers.

Wat betekent dit voor de kosten van ophalen van vuil op de ‘oude manier’ op de langere termijn? 4. In het Raadsvoorstel wordt genoemd dat ca €280.595 terug gaat naar het Rijk in verband met pandemische paraatheid. Wat is de reden dat dit geld niet besteed kon worden? 5. Uit de ‘staat van reserves’ op p47 van de burap kan afgeleid worden dat vele bestemmingsreserves niet aangesproken worden van 2026 t/m 2029. Waarvoor zijn deze reserves bedoeld? (alleen de reserves voor toekomstbestendige GGD, uitvoeringsprogramma sociaal domein en organisatie in ontwikkeling worden substantieel aangesproken). Dank voor jullie hulp. Met vriendelijke groet, Gertjan Reichman

Commissielid D66 g.reichman@wxs.nl Mob: +31 6 121 734 82

Antwoord -penvoerder is: Vincent Raats 035-6292608 Vraag 1: In het Raadsvoorstel wordt genoemd dat de Regio een saldo-overschot verwacht van €1.939.351. Dit bedrag is niet rechtstreeks terug te vinden In 'bijlage 3 Begrotingswijziging’. De hierin genoemde gewijzigde baten (€113.785) zijn niet hetzelfde als wat genoemd is in bijlage 2 ‘bestuursrapportage 2025’ in de tabel op p4 onder 'prognose 2025' (€115.725). Het verschil is €1.94 miljoen en is dit het saldo-overschot dat genoemd wordt in het Raadsvoorstel? Waarom is dit dan niet zo gepresenteerd in de begrotingswijziging? Antwoord vraag 1: Het in het raadsvoorstel genoemde saldo-overschot van € 1.939.351 betreft het geprognosticeerde resultaat 2025 ná bestemming, zoals opgenomen in de Bestuursrapportage 2025. De bedragen die in de verschillende bijlagen vermeld staan, hebben betrekking op verschillende momenten in het proces: • De baten van € 115.725 in bijlage 2 – Bestuursrapportage 2025 (tabel p. 4, ‘prognose 2025’) betreffen de geprognotiseerde baten vóór zienswijze. • De gewijzigde baten van € 113.785 in bijlage 3 – Begrotingswijziging zijn de geprognotiseerde baten na verwerking van de zienswijzen (uitgaande van een positieve zienswijze). Het verschil tussen deze bedragen en het saldo-overschot van € 1,94 miljoen ontstaat doordat de genoemde batenposten slechts één onderdeel vormen van het totaalbeeld.

Het saldo-overschot is het eindresultaat na verwerking van alle baten, lasten en de bestemming van het resultaat. De Begrotingswijziging geeft de financiële verwerking weer na zienswijze en sluit daarmee aan op de wijze waarop de Bestuursrapportage wordt overgenomen in de begroting. Daarom wordt het totale saldo-overschot in de Begrotingswijziging niet als afzonderlijk bedrag gepresenteerd, maar verwerkt in de mutaties van baten, lasten en resultaatbestemming.

Vraag 2: Volgens het Raadsvoorstel worden reeds besloten dienstverleningsovereenkomsten en maatwerkafspraken toegevoegd aan de gemeentelijke bijdrage. Wat is hiervan het effect op de begroting 2025 van Hilversum? Antwoord vraag 2 Doordat deze DVO/ maatwerkafspraken al waren begroot door Hilversum is het effect hierop nihil. Vraag 3: Het Raadsvoorstel noemt financiële heroverwegingen. Voor beleidsarme wijzigingen kan het algemeen bestuur van de regio in december 2025 al besluiten nemen. Is het proces al zover en zijn er wijzigingen voorzien (en welke)? Antwoord vraag 3: In de vergadering van 27 november 2025 neemt het Algemeen Bestuur van de regio een besluit omtrent beleidsarme wijzigingen. Een aantal beleidsarme opties voor ombuigingen vragen geen uitgebreide politieke afweging en kunnen daarom eerder doorgevoerd worden. Besluitvorming wordt verwerkt in de bestuursrapportage 2026 en in de Regiobegroting 2027-2031. Vraag 4: In het Raadsvoorstel wordt genoemd dat GAD lagere kapitaalasten heeft (676k€). Een oorzaak is de lange doorlooptijd van VTAs in kabel- en leidingennetwerk. Daardoor treedt vertraging op voor ondergrondse vuilcontainers. Wat betekent dit voor de kosten van ophalen van vuil op de ‘oude manier’ op de langere termijn? Antwoord vraag 4: Inmiddels is meer dan 85% van het aantal ondergrondse vuilcontainers (OVC’s) geplaatst.

Voor de plaatsing van de nog resterende OVC’s in de openbare ruimte wordt er zeer uitgebreid onderzoek gedaan naar kabels en leidingen om zoveel als mogelijk VTA’s te voorkomen. Een VTA is een verzoek tot aanpassing van de ondergrondse infrastructuur van kabels en leidingen. Ondanks een zeer zorgvuldige uitvoering van deze processtap in de locatietoewijzing is - op dit moment - in ruim 65% van de locatietoewijzingen een VTA onontkoombaar. Dit heeft tot gevolg dat wij - waar mogelijk - tijdelijk (bovengrondse) BVC’s plaatsen. Hiermee halen we zoveel als mogelijk de efficiëntie voordelen op het gebied van de inzameling naar voren. Voor de locaties waar dit niet kan worden de huidige inzamelmethoden en voorzieningen langer in stand gehouden. De financiële effecten voor zowel de investeringen als operationele kosten worden jaarlijks bij het opmaken van de werkbegroting bijgewerkt naar de laatste stand van zaken.

Vraag 5: In het Raadsvoorstel wordt genoemd dat ca €280.595 terug gaat naar het Rijk in verband met pandemische paraatheid. Wat is de reden dat dit geld niet besteed kon worden? Antwoord vraag 5: In 2025 was in totaal EUR 799.697 beschikbaar binnen de SPUK Pandemische Paraatheid. Deze is onderverdeeld in vijf verschillende pijlers, die voorschrijven waaraan het geld moet worden uitgegeven. Deze uitgaven moeten worden verantwoord volgens de Sisa verantwoording. Een van de pijlers is aansluiting van de eigen GGD op de Landelijke Functie opschaling Infectieziektebestrijding. De LFI heeft echter landelijk vertraging opgelopen waardoor er nu nog niets is om op aan te sluiten. Daarom hebben we hier maar beperkt capaciteit opgezet. Een tweede pijler was versterking infectieziektebestrijding. Doel hiervan is meer personeel aan te nemen voor de infectieziektebestrijding. Door de druk op de arbeidsmarkt konden de benodigde verpleegkundigen en artsen niet allemaal op korte termijn geworven worden en zijn deze middelen in 2025 niet volledig besteed. Inmiddels zijn alle functies vervuld en in 2026 zullen de middelen wel volledig besteed worden. Voor de overige pijlers (surveillance, opleidingen en bovenregionale samenwerking) geldt dat de middelen volledig zijn besteed.

Vraag 6: Uit de ‘staat van reserves’ op p47 van de burap kan afgeleid worden dat vele bestemmingsreserves niet aangesproken worden van 2026 t/m 2029. Waarvoor zijn deze reserves bedoeld? (alleen de reserves voor toekomstbestendige GGD, uitvoeringsprogramma sociaal domein en organisatie in ontwikkeling worden substantieel aangesproken). Antwoord vraag 6: Het doel van elke bestemmingsreserve staat omschreven in de nota reserves en voorzieningen 2025. Er is niet bij alle reserves sprake van jaarlijkse onttrekkingen. Zo is bijvoorbeeld het doel van de bestemmingsreserve GHOR inzet voor tekorten bij rampenbestrijding en hieraan wordt alleen onttrokken als deze situatie zich daadwerkelijk voordoet.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=ecd50e1b-2445-4b50-9019-364b1b9f1755