Antwoord op schriftelijke vragen art 41 van Hilversums Belang over Mes in sociale uitgaven
Tekst van het document
G EMEENTE HILVERSUM POSTBUS 9900 1201 GM HILVERSUM BEZOEKADRES:
Aan de gemeenteraad Cc College van B&W Cc Pers
RAADHUIS DUDOKPARK 1 TELE FOONNUMMER: 14 0 35 WWW.HILVERSUM.NL
9 februari 2021 737208 BEHANDELD DOOR T. Leroi TELEFOON (035) 629 2954 DATUM
ZAAKNUMMER
UW KENMERK BIJLAGEN BETREFT
Beantwoording vragen ex artikel 41 RvO fractie HB: ‘het mes in sociale uitgaven’
Geachte dames en heren, Op 13 januari 2021 heeft de fractie van Hilversums Belang (HB) vragen gesteld op basis van artikel 41 van het Reglement van Orde over ‘het mes in sociale uitgaven’. De inleiding van HB: ‘In de Gooi- en Eemlander van 9/1 jl. stond een artikel met als kop: "het mes in sociale uitgaven" in de Regio. Dit artikel is gebaseerd op de notitie "Naar een financieel gezond sociaal domein" die door de Regio organisatie is opgesteld. Het gaat dan om meerjarige kostenbeheersing en kostenbesparing op de kosten van het sociaal domein in elk van de Regiogemeentes, w.o. Hilversum. Het Portefeuillehoudersoverleg (PFHO) van 10/12 jl. heeft het beleid al vastgesteld. In februari zou ook onze Raad alleen haar zienswijze nog moeten indienen en in maart wil het PFHO de uitvoeringmaatregelen dan finaal gaan vaststellen’. Hieronder treft u de vragen van HB en onze antwoorden aan. 1. Is het College het met ons eens dat onze raad ten volle moet worden betrokken bij de besluitvorming over deze bezuinigingen op de sociale zorg en dat hier geen zienswijzeprocedure zou moeten worden gevolgd maar een normale besluitvormende procedure? Ons antwoord: Het actieprogramma is door de wethouders Wmo en Jeugd uit de regio gezamenlijk opgesteld. Het is besproken in regionale portefeuillehoudersoverleggen.
U moet dit voorstel dan ook niet zien als een voorstel van de Regio Gooi- en Vechtstreek maar van de gezamenlijke wethouders. Het voorstel is door ons besproken en vastgesteld. Wij leggen dit nu voor aan de raadscommissie zodat de commissie ons kan adviseren. Inhoudelijk benadrukken wij allereerst dat dit actieprogramma ‘Naar een financieel gezond sociaal domein’ niet als doel heeft (enkel) ‘te bezuinigen’.
Het actieprogramma is bedoeld om te komen tot kostenbeheersing en kostenbesparing. Dat kan soms betekenen dat wij middels de maatregelen in dat actieprogramma efficiënter proberen te werken en een uitvoering zoeken die beter past bij het leveren van maatwerk en het stimuleren van de eigen kracht. Daarnaast is ook sprake van kostenbesparing (bezuinigen). Kostenbeheersing en kostenbesparing vinden wij, gelet op de stijgende vraag naar jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning en de stijgende kosten van die hulp en ondersteuning gerechtvaardigd, belangrijk en urgent. Wij zijn het met u eens dat de raad moet worden betrokken bij de besluitvorming over dit actieprogramma. Een zienswijze is naar ons idee gebruikelijk bij regiovoorstellen die raken aan de lokale kaderstelling. En dit landt als kaderstelling in de kadernota. Op 10 februari zal wethouder Walters, samen met de strategisch manager van de Regio, in de raadscommissie vragen beantwoorden over dit actieprogramma en over het bijbehorende raadsvoorstel van 12 januari jl. Op 3 maart wordt het actieprogramma in uw raad met u besproken. U kunt de zienswijze daarbij amenderen. Deze zienswijzeprocedure is de eerste stap om bij de raden op te halen hoe men kijkt naar de voorgestelde maatregelen. Nadat de zienswijzen binnen zijn wordt het definitieve actieprogramma vastgesteld door de wethouders in de regio.
Uiteindelijk landen de voorstellen financieel in de kadernota voor de begroting van 2022. De voorstellen geven dan invulling aan de taakstelling van 900.000 euro die reeds in de Begroting 2022 staat. Ook ontvangt u nog een raadsvoorstel voor extra kosten en baten in het huidige jaar voor de uitvoering van dit programma. Er komen dus nog meerdere beslismomenten aan voor de raad. 2. Is het College het met ons eens dat de zorgvragers gezien hun sociale kwetsbaarheid principieel moeten worden ontzien? Ons antwoord: Nee. Niet alle zorgvragers zijn even kwetsbaar. In onze beleidsstukken, zoals bijvoorbeeld de Visie en Agenda Jeugd en de Agenda Welzijn in de wijk (beiden uit oktober 2019) hebben wij aangegeven dat wij bepaalde uitgangspunten hanteren zoals: ‘inwoners helpen zichzelf en elkaar’, ‘zoveel als mogelijk lichte en tijdelijke ondersteuning’ en ‘zwaardere zorg als het niet anders kan’. Ook hebben wij in ons beleid aangegeven dat wij het belangrijk vinden om te ‘normaliseren’ en ‘te de-medicaliseren’. Dat alles betekent dat wij per geval (maatwerk) bekijken wanneer, hoe lang en welke hulp of ondersteuning een inwoner (zorgvrager) nodig heeft. Hierbij houden wij rekening met de mate van kwetsbaarheid van de inwoner.
Wij hebben in deze agenda’s en in onze andere correspondentie aan de raad ook steeds aangegeven dat inwoners die echt hulp nodig hebben altijd kunnen rekenen op deze hulp. Kwetsbare groepen inwoners zullen wij ook zoveel als mogelijk ontzien bij het beheersen en besparen. De hulp en ondersteuning aan de meeste kwetsbare groepen vinden wij fundamenteel voor de inrichting van het Hilversums sociaal domein. Maar er zijn nu ook eenmaal ook inwoners die met wat minder gemeentelijk hulp en wat meer hulp uit de omgeving voldoende kunnen functioneren en naar eigen tevredenheid kunnen meedoen met onze samenleving, of voor wie een andere en goedkopere vorm van hulp en ondersteuning ook prima werkt. De eigen mogelijkheden van inwoners staan hierbij altijd voorop. 3. Is het College het met ons eens dat, de adviezen van het KPMG Rapport volgend, op het Sociaal Plein in elk geval een structurele kostenbesparing zou moeten worden aangepakt? Dat gaat dan ook niet ten koste van de zorgvragers? Ons antwoord: Wij herkennen de suggestie niet dat uit de adviezen van KPMG zou volgen dat wij structureel moeten bezuinigen op de kosten van ons Sociaal Plein. Wij zien wel dat wordt geadviseerd om meer efficiënt en kostenbewust te werken en daarmee de kosten van de uitvoering te beheersen.
Het vergroten van kostenbewustzijn bij onze consulenten heeft onze aandacht en daarmee gaan wij – indachtig het KPMG rapport - verder aan de slag. Het is niet logisch om stevig te besparen op ons Sociaal Plein; het aantal inwoners blijft stijgen en zeker ook de vraag naar jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning. Wij hebben voldoende consulenten nodig om de inwoners te helpen, juist bij het goed en samen bepalen van het eerder genoemde maatwerk, afgestemd op behoeften en eigen mogelijkheden van de inwoners.
Uiteraard zijn wij kostenbewust als het gaat om ons personeelsbeleid op het Sociaal Plein. Uit het Benchmark onderzoek personeel in 2019 is gekomen dat we in het Sociaal Domein qua formatie gemiddeld tot aan de krappe kant zitten. 4. Is het College het met ons eens dat onze raad ruim de gelegenheid en de tijd moet krijgen om haar eigen besluitvorming m.b.t. dit buitengewoon belangrijke punt van bezuinigen op de sociale zorg in Hilversum allereerst zelf en grondig te gaan behandelen en het dus niet af te doen met alleen een in zijn aard voor de raad toch al beperkende zienswijzeprocedure? Ons antwoord: zie antwoord op vraag 1. 5. Is het College het met ons eens dat dit harde bezuinigen op de sociale zorg voor Hilversummers allereerst m.b.t. de effecten op en aanpassingen van de Meerjarenbegroting 2021-2024 (ook i.v.m. het budgetrecht van de raad) en van het gehele sociale beleid, door de raad moet worden behandeld en vastgesteld? Ons antwoord: zie ons antwoord op vraag 1 en vraag 2. Er is, zoals gezegd, geen sprake van ‘harde bezuinigingen’ maar van maatregelen tot kostenbeheersing en kostenbesparing (bezuinigen), in lijn met ons beleid. Beleid dat door uw raad is vastgesteld zoals de Visie en Agenda Jeugd en de Agenda Welzijn in de wijk (oktober 2019).
Wij maken de beweging/transformatie van individuele hulpverlening naar meer algemene voorzieningen, werken meer wijkgericht en benadrukken eigen kracht en mogelijkheden van mensen en hun netwerk. De financiële bomen groeien niet tot de hemel en de druk op de begroting sociaal domein in Hilversum en de andere Nederlandse gemeenten neemt enorm toe. Hierbij wijzen wij ook op de collegebrief van 24 december 2020 (onderzoek financiën jeugdhulp door AEF) waarin wij u aangaven dat het tekort voor alleen al Jeugd in alle Nederlandse gemeenten samen is opgelopen tot 1,7 miljard euro per jaar. Dat betekent dat wij wel in actie moeten komen, zeker zolang het Rijk de bijdrage niet verhoogt. Wij kiezen hierbij juist voor kostenbeheersing en kostenbesparing in plaats van ‘hard bezuinigingen’ zonder enig onderscheid. Zoals gezegd in antwoord 1 ontvangt de raad nog een raadsvoorstel voor de extra kosten en baten van het regionale actieprogramma in 2021 en wordt het regionale actieprogramma qua kosten en baten verwerkt in de Kadernota en de Begroting voor 2021. Zodoende wordt voldaan aan het budgetrecht van de gemeenteraad. Mocht u hierover nog vragen hebben, dan kunt u contact opnemen met Toine Leroi, strategisch adviseur, via 06 41 79 98 27. Wij gaan ervan uit dat wij u hiermee voldoende hebben geïnformeerd. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
D. Emmer
P.I. Broertjes