9. Raadsinformatiebrief 2024-41 inzake Ontwikkeling parkeerfinanciën in relatie tot M24-01
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Van
Burgemeester en Wethouder
Zaak nr.
1464419
Aan
Gemeenteraad
RIB nr.
2024 - 41
Portefeuillehouder
B. Heller
Datum
7 juni 2024
Informatie bij
Robbie Willems
Tel. nr.
(035) 629 2207
Onderwerp Ontwikkelingen financiën parkeren in relatie tot M24-01
Kernboodschap In motie 24-01 heeft u vastgesteld de parkeerbegroting tegen het licht te houden en op basis daarvan een nieuw besluit te nemen over de parkeertarieven. Op dit moment is er geen aanleiding om maatregelen te nemen die voor meer inkomsten of lagere kosten binnen de parkeerbegroting zorgen. Met als reden dat de inkomsten uit het straatparkeren in het eerste kwartaal 2024, ondanks de lagere inkomsten dan verwacht uit het bezoekersparkeren in ditzelfde kwartaal, het eerder voorziene structurele nadeel zoals benoemd in M24-01 mogelijk tenietdoen. We zeggen ‘mogelijk’, met enige voorzichtigheid dus, omdat de parkeerbegroting in ontwikkeling is ten gevolge van het nieuwe parkeerbeleid. Het nemen van maatregelen om de parkeerbegroting bij te stellen is nu prematuur. Wij adviseren daarom de parkeerbegroting op dit moment niet bij te stellen. In het vervolg van deze brief: 1. Beschrijven we de context (M24-01) waarbinnen deze ontwikkelingen plaats vinden. 2. Gaan we gedetailleerder in op de financiële ontwikkelingen in het eerste kwartaal van dit jaar. 3. Trekken we een conclusie voor M24-01 op basis van deze informatie.
Aanleiding In deze raadsinformatiebrief stellen wij u op de hoogte van een aantal relevante ontwikkelingen op het gebied van de parkeerfinanciën. Dit doen we in het licht van uw motie 24-01 ‘Repareren onbedoelde effecten parkeren’, daterend van 31 januari 2024, en daarnaast in het licht van T23-70 waarin het college tijdens de raadsvergadering over het parkeerbeleid op 19 juli 2023 u heeft toegezegd dat wanneer er signalen komen vanuit de raad of uit de stad dat onverwachte effecten optreden richting specifieke groepen of specifieke buurten en dit tot aanpassing van kaders of besluiten zal leiden, hij (red. wethouder Heller) proactief de raad zal betrekken. In een verdiepingssessie over de parkeerfinanciën op 16 april hebben wij u, conform T23-70, proactief geïnformeerd over de ontwikkelingen binnen de parkeerbegroting. De gepresenteerde sheets en geluidsopname zijn in de dagen na deze sessie door de griffie aan u allen ter beschikking gesteld. Via deze brief schetsen we de situatie aan u allen. De presentatie is in bijlage 1 toegevoegd. In bijlage 2 beantwoorden wij de specifieke vragen die gesteld zijn tijdens de presentatie. 1.
Context: M24-01 Op 6 maart 2024 heeft u per raadsbesluit de verordening parkeerbelastingen gewijzigd, zodat de eerste drie punten waartoe motie 24-01 opriep in de praktijk gebracht konden worden – wat inmiddels ook ruim twee maanden de staande praktijk is. Te weten: 1
1. Er wordt een maximum dagtarief ingesteld voor bewoner-bezoekers-parkeren (via de 2Park app) van € 3,50 per dag in het centrum en in de schil (waarbij boven € 3,50 de afgenomen uren wel doortellen, maar de kosten niet); 2. Het aantal uur dat inwoners van Hilversum kunnen gebruiken om bezoekers tegen een gereduceerd tarief te laten parkeren in de schil, net als in het centrum, vast te stellen op 120 uur per kwartaal; Het derde punt uit de motie riep op om de lagere opbrengsten uit parkeren voor maart tot december 2024 door deze maatregel ad. ± € 375.000 te dekken uit het Mobiliteitsfonds. De onttrekking van afgerond € 375.000 in 2024 is, op basis van het genomen raadsbesluit, verwerkt in de voorjaarsnota 2024. De voorjaarsnota wordt op 12 juni behandeld in de gemeenteraad. Mocht blijken dat de onttrekking in 2024 niet noodzakelijk is; dan wordt deze teruggedraaid in een eerstvolgend planning -en control product (eindejaarsrapportage of jaarrekening). Het vierde punt uit de motie betrof de opdracht om voorafgaand aan de behandeling van de Belastingverordening Parkeren 2025 (gelijktijdig met de begroting 2025) aan de commissie een voorstel te doen voor een parkeerbegroting waarin alles tegen het licht is gehouden en op basis waarvan de raad een nieuw besluit over de tarieven neemt.
In het raadsvoorstel van 6 maart is aangegeven dat dit voorstel in de prioriteitenagenda is opgenomen voor de raad van 25 september 2024. Wij zien op dit moment echter ontwikkelingen plaats vinden binnen de parkeerbegroting, waardoor het bij stellen van de parkeerbegroting op dit moment prematuur is. 2a. Ontwikkeling parkeerinkomsten – reguliere straatparkeren Een belangrijk onderdeel van de parkeerbegroting zijn de inkomsten van het reguliere straatparkeren. Onder het reguliere straatparkeren verstaan wij parkeerders die het volledige uurtarief betalen doormiddel van het betalen bij de parkeerautomaat of via een private mobiele provider zoals EasyPark of Yellowbrick (ook bekend als ‘belparkeren’). Deze inkomsten zijn veruit de grootste inkomstenpost op de parkeerbegroting. In 2023 waren de parkeerinkomsten in totaal 6,1 miljoen euro (straatparkeren + garageparkeren + naheffingsaanslagen). Hiervan was ongeveer 3,5 miljoen euro toe te schrijven aan de reguliere straatparkeerinkomsten (exclusief naheffingsaanslagen). Op basis van het vastgestelde parkeerbeleid hebben wij eind november 2023 een inschatting gedaan in de meerjarenbegroting parkeren voor de ontwikkeling van deze inkomstenpost. Onze prognose was (conform programmabegroting 2024) dat de reguliere straatparkeerinkomsten in 2024 ongeveer 4,1 miljoen euro (excl.
Naheffingsaanslagen) zijn en in 2026 (na het uitbreiden van het betaald parkeren) ongeveer 4,6 miljoen euro. In het eerste kwartaal van 2024 waren de reguliere straatparkeerinkomsten iets meer dan 1,5 miljoen euro. Dit is bijna een verdubbeling ten opzichte van het eerste kwartaal van 2023. Het verschil tussen 2023 en 2024 is voor de helft toe te schrijven aan het invoeren van een progressief parkeertarief. Ook de andere beleidsmaatregelen die opgenomen zijn in het parkeerbeleid 2023 dragen hier aan bij. 1. Het progressief parkeertarief geldt in het centrum en de winkelstraten. Voorheen gold er in deze gebieden een parkeerduurbeperking. Deze hebben we, zoals toegelicht in het Parkeerbeleid 2023, vervangen door het progressieve parkeertarief naar aanleiding van een rechterlijke uitspraak. Deze wijziging heeft met name een effect in het centrum waar de gemiddelde omzet per parkeeractie verdrievoudigd is. We verwachten dat (reguliere) bezoekers op termijn eraan zullen wennen dat het parkeren op straat in het centrum relatief duur is. Zij zullen dan verplaatsen naar de goedkopere parkeergarages waar voldoende hoogkwalitatieve parkeerruimte is. Onze verwachting is dat de extra inkomsten uit het progressief parkeertarief dus zullen afvlakken, maar hoe deze inkomsten zich precies verder gaan ontwikkelen, is nu niet duidelijk. 2.
De overige extra inkomsten zijn toe te schrijven aan de overige beleidsmaatregelen uit het Parkeerbeleid 2023, namelijk: de indexatie (10%) van de parkeertarieven, de extra verhoging van de parkeertarieven in de buitenschil en de uitbreiding van de reguleringstijden naar 24:00 uur. Op 2
basis van de beschikbare parkeerdata is niet met zekerheid te zeggen wat het financiële effect is van de extra verhoging in de buitenschil en de uitbreiding van de reguleringstijden. Een belangrijke noot is dat in de begroting voor 2024 (ongeveer 4,1 miljoen euro straatparkeerinkomsten excl. naheffingsaanslagen) rekening is gehouden met het uitbreiden van het betaald parkeren. De eerste uitbreiding van het betaald parkeergebied vindt plaats op 1 juli 2024, conform het uitvoeringsplan parkeerbeleid. De resultaten voor het eerste kwartaal van 2024 (ongeveer 1,5 miljoen euro) kunnen daarom niet geëxtrapoleerd worden naar de rest van het jaar. Tegelijkertijd verwachten, zoals gezegd, dat de extra inkomsten van het progressief tarief zullen afvlakken. € 4.500.000 € 4.000.000 € 3.500.000 € 3.000.000 € 2.500.000 € 2.000.000 € 1.500.000 € 1.000.000 € 500.000 €Realisatie Q1 2023
Realisatie Q1 2024 Parkeerautomaten
Realisatie 2023
Begroot 2024
Belparkeren
Figuur 1: straatparkeerinkomsten met daarin de realisaties van Q1 2023 en 2024, inclusief de realisatie 2023 en de inkomsten 2024 zoals deze vorig jaar waren begroot. We hebben expliciet geen aangepaste prognose gemaakt op basis van de realisatie uit Q1 2024, omdat er onzekerheden zijn waardoor deze extrapolatie niet gemaakt kan worden.
2b. Ontwikkeling parkeerinkomsten – bezoekersparkeren Onder bezoekersparkeren verstaan wij het parkeren middels de digitale bezoekersregeling. Dit is via de 2park app en dus exclusief het analoge bezoekersparkeren via de (per 1 juli 2024 verdwijnende) schrapkaarten (de schrapkaarten worden niet meer verkocht en zijn daarom niet meegenomen in de analyse). Per 1 januari 2024 was het bezoekerstarief verhoogd van 0,45 cent per uur naar € 1,45 / € 1,60 per uur. Naar aanleiding van motie 24-01 en het raadsvoorstel op 6 maart 2024 is er voor het bezoekersparkeren een maximum dagtarief van €3,50 ingevoerd. In eerdere prognoses omtrent de inkomsten van het bezoekersparkeren was er een aanname gedaan van het gebruik van de digitale bezoekersregeling. De aanname was dat elke houder van een digitale bezoekersregeling gemiddeld 2 uur per week gebruik maakt van de regeling. We hebben een aanname gedaan omdat in de jaren 2020 t/m 2022 de parkeerstatistieken sterk beïnvloed werden door de coronapandemie. Op basis van de jaarcijfers over 2023 blijkt het gebruik van de bezoekersregeling in de praktijk aanzienlijk minder te zijn. Namelijk ruim een half uur per week per gebruiker in plaats van twee uur. Daarnaast heeft het invoeren van het maximum dagtarief invloed op de inkomsten van de digitale bezoekersregeling.
Op basis van bovenstaande inzichten komen wij nu tot de voorlopige conclusie dat de inkomsten van het bezoekersparkeren voor 2024 niet ongeveer 1,2 miljoen euro bedragen zoals eerder verwacht (beschreven in de collegebrief over de meerjarenbegroting uit november 2023), maar ongeveer 200.000 euro. Het is een voorlopige conclusie, omdat de uitbreiding van het betaald parkeren een belangrijke factor is. We verwachten namelijk dat de digitale bezoekersregeling relatief meer gebruikt wordt verder weg van het centrum dan in en rondom het centrum omdat de OV-verbinding in en rondom het centrum van betere kwaliteit is dan verder weg van het centrum. Wat dit effect precies is, is nu nog onbekend. Daarnaast kan het zijn dat het afschaffen van de schrapkaarten per 1 juli 2024 zal leiden tot een groter 3
gebruik van de digitale bezoekersregeling in de tweede helft 2024 ten opzichte van 2023. Dit effect zal waarschijnlijk beperkt zijn. De mogelijke mindere inkomsten op het bezoekersparkeren vallen echter weg tegenover de meeropbrengsten uit het reguliere straatparkeren. 3. Verdere ontwikkeling parkeerbegroting Op dit moment spelen er vele grootschalige wijzigingen op het gebied van parkeren. De belangrijkste is het uitbreiden van het betaald parkeergebied. In de financiële prognoses zijn aannames gedaan van het aantal parkeervergunningen wat uitgegeven zal gaan worden en de hoeveelheid bezoekers die zullen parkeren in het uitbreidingsgebied. De precieze getallen worden pas bekend nadat het betaald parkeren ook daadwerkelijk voor het aangewezen gebied is ingevoerd. We zullen de komende jaren de ontwikkelingen op de parkeerbegroting proactief monitoren. In verband met de recente beleidswijzigingen is het echter praktisch onmogelijk om tussen verschillende jaren te vergelijken. Dit komt doordat er meerdere aspecten van het betaald parkeren tegelijkertijd zijn aangepast, waardoor het niet realistisch is de ontwikkelingen binnen de parkeerbegroting toe te schrijven aan één aspect. Op basis van de huidige uitvoeringsplanning, zal de parkeerbegroting pas vanaf 2026 in ‘rustig vaarwater’ komen. Tot die tijd zal de uitbreiding een grote impact hebben op de parkeerbegroting.
Tot die tijd zullen wij u, zoals ook al eerder toegezegd, halfjaarlijks informeren over de ontwikkelingen binnen de parkeerbegroting. Ons voorstel is om dit op een soortgelijke wijze op te pakken als wij dit moment doen; eerst via een verdiepingssessie waar u in gesprek met de portefeuillehouder, de ambtelijke coördinator parkeren en elkaar kunt spreken over hoe de ontwikkelingen eruitzien, gevolgd door een collegebrief aan u allen. Na 2 jaar vindt ook de toegezegde evaluatie over het parkeerbeleid in zijn geheel plaats (T23-71).
Vervolgtraject Op basis van bovenstaande ontwikkelingen rondom de inkomsten uit straat- en het bezoekersparkeren, alsmede de komende veranderende situatie door het uitbreiden van het betaald parkeergebied, is er voor het sluitend houden van de parkeerbegroting geen aanleiding om u in de raad van september een voorstel te doen dat extra inkomsten of minder kosten genereert. Waarbij de toezegging overeind blijft dat wanneer dit beeld verandert, wij u betrekken via de genoemde halfjaarlijkse informatiemomenten of zoveel eerder als nodig. Aangezien alle punten uit het dictum van M24-01 zijn geadresseerd, beschouwen wij deze hierbij als afgedaan. Met als gevolg dat ook de prioriteitenagenda wordt gewijzigd: het raadsvoorstel over structurele parkeerfinanciën komt te vervallen. Wel komt er een reguliere jaarlijkse wijziging van de Verordening Parkeerbelastingen met daarin, conform het Parkeerbeleid 2023, een indexatie. Hierin zullen we ook eventuele kleine beleidsmatige aanpassingen in meenemen conform de afspraak om de effecten van de uitbreiding van het betaald parkeren te evalueren. Op basis van binnengekomen reacties zien wij behoefte voor een vrijwilligersvergunning en een verhuisvergunning. Deze vergunningen willen wij conform die behoefte mogelijk maken. De vergunningen moeten toegevoegd worden in de Verordening Parkeerbelastingen, welke in het najaar aan u voorligt.
Op basis van verdere binnengekomen reacties op de uitbreiding van het betaald parkeren en de correspondentie die wij daarover hebben met inwoners, ondernemers en organisaties krijgen wij op dit moment niet het beeld dat er omissies zijn in het beleid die tot generieke aanpassingen van regels hoeven te leiden. De vragen die bij ons binnenkomen gaan voornamelijk over individuele gevallen, in het bijzonder betreffende het wel of niet tot beschikking hebben tot het parkeren op eigen terrein. In dat geval krijgen inwoners, ondernemers en organisaties persoonlijk een reactie vanuit de organisatie en worden er, indien noodzakelijk, aanpassingen gemaakt op individueel niveau of wordt er waar nodig maatwerk toegepast.
4
Uiterlijk in november 2024 informeren wij u over de voortgang van de implementatie van het nieuwe parkeerbeleid (conform Raadsvoorstel Parkeerbeleid 2023), waarbij wij u ook informeren over eventuele nieuwe type parkeervergunningen. Wij vertrouwen erop u voldoende te hebben geïnformeerd. Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
mr. C.P. Torres Barrera
dr. ir. G.M. van den Top
Bijlage(n): 1. Presentatie Parkeerbegroting 16 april 2024 2. Beantwoording vragen naar aanleiding van presentatie Deze raadsinformatiebrief is digitaal beschikbaar op internet onder “Vergaderstukken”, B en W-vergadering van 28 mei 2024.
5
20.00 – 20.10 20.10 – 20.45 20.45 – 21.00 21.00 – 21.45 21.45 – 22.00
Opening en doel Toelichting parkeerbegroting Koffiepauze Ontwikkelingen parkeerbegroting Afsluiting
“Voorafgaand aan de behandeling van de Belastingverordening Parkeren 2025 (gelijktijdig met de begroting 2025) aan de commissie een voorstel te doen voor een parkeerbegroting waarin alles tegen het licht is gehouden en op basis waarvan de raad een nieuw besluit over de tarieven neemt.”
• Parkeerbeleid 2023 • Parkeerverordening 2023 • Verordening Parkeerbelastingen 2024
• Input = realisatie 2023 + Q1 2024 (op onderdelen) • Parkeerbegroting kent risico’s en aannames • Uitbreiding zorgt voor extra onzekerheid m.b.t. inkomsten
Inkomsten
Uitgaven
• Straatparkeren
• • • •
• Reguliere inkomsten + bezoekers • Naheffingsaanslagen • Parkeervergunningen
• Garageparkeren • Gooische Brink • Gooiland • Leeuwenhoek
Coöperatie Parkeerservice Personeelskosten Straatparkeren Garageparkeren • Afschrijvingen + rente + OZB • Overig • Overig • Fietsparkeren
Inkomsten Straatparkeren Reguliere inkomsten Naheffingsaanslagen Vergunningen Garageparkeren Gooiland Gooische Brink Leeuwenhoek Totaal
2023 2026 € 4.776.102 € 7.250.000 € 3.542.121 € 4.650.000 € 635.232 € 1.000.000 € 598.749 € 1.600.000 € 1.340.164 € 1.350.000 € 474.068 € 350.000 € 816.650 € 900.000 € 49.446 € 100.000 € 6.116.266 € 8.600.000
Uitgaven Coöperatie Parkeerservice Personeelskosten (10 fte) Straatparkeren Garageparkeren Afschrijving, rente, OZB Onderhoud, energie, overig Overig Fietsparkeren (Zeedijk) Totaal
2023 € 1.485.238 € 769.647 € 501.650 € 1.293.094 € 378.726 € 955.599 € 185.546 € 347.836 € 4.525.161
2026 € 2.900.000 € 870.000 € 1.055.000 € 1.200.000 € 520.000 € 800.000 € 383.000 € 350.000 € 6.878.000
Coöperatie Parkeerservice Operationeel parkeerbureau Vergunningen Bezoekersvergunningen Naheffingen Bezwaren naheffingen Handhaving Geldgaring Meldkamer Contracten handhaving Service op locatie door beheerservices Totaal
2023 € 325.000 € 40.000 €€ 56.000 € 51.000 € 581.000 € 34.000 € 41.000 € 50.000 € 307.238 € 1.485.238
2026 € 725.000 € 230.000 € 98.000 € 84.000 € 90.000 € 1.200.000 € 23.000 € 50.000 € 100.000 € 300.000 € 2.900.000
• Reguliere straat inkomsten • Bezoekersvergunning
• Op basis van parkeerdata uit Q1 2024 zien we een toename in inkomsten. Dit is alleen ‘belparkeren’
€ 4.500.000 € 4.000.000 € 3.500.000 € 3.000.000 € 2.500.000 € 2.000.000 € 1.500.000 € 1.000.000 € 500.000 €Realisatie Q1 2023
Realisatie Q1 2024 Parkeerautomaten
Realisatie 2023 Belparkeren
Begroot 2024
• Collegebrief november 2023 m.b.t. meerjarenbegroting Parkeren • Bezoekersinkomsten van € 650.000 in 2023 naar €1.814.000 in 2026 • Deze cijfers zijn gebaseerd op het tarief van 2024 + aannames dat een vergunninghouder gemiddeld 104 uur per jaar bezoek aanmeld • Op basis van cijfers in 2023 blijkt dit minder te zijn, namelijk 32 uur per jaar
Prognose + Collegebrief Prognose dagtarief Jaar 2026 2026 2026 Aantal 11.700 in schil 12000 in schil 12000 in schil vergunningen + 300 centrum + 300 centrum + 300 centrum € 1,45 / € 1,60 Tarief p/u € 1,45 / € 1,60 € 1,45 / € 1,60 + max € 3,50 Uren per vergunning 104 32 32 Inkomsten € 1.814.280 € 564.680 € 299.281
• Opnieuw aanpassen van tarieven niet noodzakelijk op basis van huidige prognoses • Onttrekking uit Mobiliteitsfonds voor 2024 mogelijk niet noodzakelijk
Bijlage 2: beantwoording vragen presentatie parkeerbegroting 1. Waarom zit fietsparkeren (specifiek Zeedijk) in de parkeerbegroting? Dit is niet te herleiden naar specifieke besluitvorming. Het onderwerp fietsparkeren is, in de jaren, meegenomen in de parkeerbegroting omdat het parkeren betreft. 2. Waarom stijgen de kosten voor het uitgeven van parkeervergunningen van € 40.000 in 2023 naar € 230.000 in 2026. Deze stijging heeft twee redenen: 1. We verwachten dat het aantal uitgegeven parkeervergunningen tussen 2023 en 2026 bijna verdrievoudigd in verband met de uitbreiding van het betaald parkeren. 2. In de situatie van 2023 zijn alleen de kosten van het vergunningensysteem toegeschreven aan het onderwerp ‘vergunningen’, maar niet de personeelskosten horende bij het beheren van het vergunningensysteem en het beantwoorden van vragen over dit onderwerp. In verband met de overstap naar Coöperatie ParkeerService per 1 juli 2024 voor de uitgifte van parkeervergunningen, worden in 2026 de werkelijke kosten voor de uitgifte van parkeervergunningen toegeschreven aan het onderwerp ‘vergunningen’. 3. De kosten voor het uitgeven van vergunningen is een structureel hoog bedrag, dit is toch een geautomatiseerd systeem? De totaal kosten voor de vergunningen worden gebaseerd op basis van een vast bedrag per vergunning dat wij betalen aan Coöperatie ParkeerService.
Dit bedrag is hetzelfde voor alle leden van de Coöperatie. De meeste vergunningen (met name bewonersvergunningen) worden automatisch verleend op basis van data uit de Basis Registratie Personen en het RDW. Maar voor sommige vergunningen moeten verklaringen worden gecontroleerd. Het is daarnaast ook mogelijk om via een aanvraagformulier een vergunning aan te vragen. Dit vereist ook een handmatige controle. Naast het verlenen van de parkeervergunningen, beantwoord ParkeerService ook vragen over de parkeervergunningen per mail of telefonisch. Tot slot moet het systeem beheerd worden en is er een archiveringsplicht van de vergunningen. 4. Wat zijn de kosten en de opbrengsten van het betaald parkeren tussen 21:00 en 24:00? Op dit moment hebben wij niet de data om deze vraag te beantwoorden, maar wij zullen de data verzamelen en dit meenemen in de uiteindelijke evaluatie van het nieuwe parkeerbeleid (of eerder, indien mogelijk). 5. Hebben andere gemeenten ook meer inkomsten door het invoeren van een progressief parkeertarief? Op basis van een informele rondvraag bij andere gemeenten, blijkt dat er bij hen ook aanzienlijk meer inkomsten worden gegeneerd door het progressief parkeertarief. Daar ontstaat een vergelijkbaar beeld. 6.
Is het mogelijk om inzicht te krijgen in het type klachten en meldingen met betrekking tot de uitbreiding van het betaald parkeren? Wij registreren de type meldingen op hoofdlijnen (zijn het bijvoorbeeld praktische vragen over de werking van het systeem of algemene klachten over de maatregel). Na de invoering van het eerste uitbreidingsgebied op 1 juli 2024 zullen wij de gehele uitbreiding van dit gebied evalueren. Eind augustus 2024 nemen wij een aanwijzingsbesluit waarin wij het volgende uitbreidingsgebied zullen aanwijzen voor betaald parkeren. Wij zullen u daarover informeren. In die brief zullen wij de ervaringen en lessen beschrijven die wij meenemen vanuit de implementatie van het eerste gebied. 7. Welke gemeenten zijn lid van Coöperatie ParkeerService?
In 2023 had Coöperatie ParkeerService 14 leden, waarvan 13 gemeenten: Alphen aan den Rijn, Amersfoort, Barneveld, Bergen, Gouda, Hilversum, Hoogeveen, Lelystad, Nieuwegein, Nijkerk, Woerden, Zandvoort en Zeist. Het veertiende lid van de coöperatie is Parkeren Amersfoort B.V. (100% in eigendom van de gemeente Amersfoort). 8. Zijn de begrote personeelskosten voor 2026 inclusief of exclusief CAO wijzigingen? De personele kosten zijn destijds gebaseerd op het op dat moment geldende prijspeil excl. (eventuele toekomstige) cao wijzigingen. 9. De parkeermaatregelen zijn ingevoerd om een maatschappelijk effect te bereiken, wat kan hier over gezegd worden? Op dit moment is het te vroeg om hier uitspraken over te doen. Op termijn kan er bijvoorbeeld geanalyseerd worden of het invoeren van een progressief parkeertarief in het centrum leidt tot minder parkeren op straat en meer parkeren in de garages, of dat de uitbreiding van het betaald parkeren leidt tot kwalitatieve wijzigingen van de buitenruimte. Wij zullen dit soort type analyses meenemen in de uiteindelijke analyse (2 jaar na afronding uitvoering parkeerbeleid).