4. Participatieovereenkomst SIF
Tekst van het document
114992.01.BL
1 Participatieovereenkomst Stichting Sportinvesteringsfonds Hilversum
De ondergetekenden: 1. de stichting: Stichting Sportinvesteringsfonds Hilversum, gevestigd te Hilversum, kantoorhoudende te [adres], ingeschreven in het handelsregister onder nummer @ hierna ook te noemen: de stichting; 2. [participant] hierna ook te noemen: de participant, nemen het volgende in aanmerking: de stichting stelt zich als doel: het verstrekken van leningen aan sportclubs (verenigingen en/of stichtingen) in de gemeente Hilversum en die sportclubs die gevestigd zijn op het sportpark Loosdrecht gelegen te Loosdrecht aan 't Jagerspaadje, dan wel aan een sportclub verbonden rechtspersoon voor de stichting, ten behoeve van verduurzaming, verbouwing en/of verbetering van de sportaccommodatie van die sportclubs; de leningen worden aan de bedoelde sportclubs verstrekt als zij onder andere een participatieovereenkomst met de stichting heeft gesloten; de stichting heeft een Reglement Stichting Sportinvesteringsfonds Hilversum vastgesteld. Dit reglement is op deze participatieovereenkomst van overeenkomstige toepassing. komen het volgende overeen: Artikel 1 de participatieovereenkomst 1. Deze participatieovereenkomst wordt aangegaan voor onbepaalde tijd. 2. Deze participatieovereenkomst eindigt: a. door opzegging door de participant; b. door opzegging door de stichting; c.
doordat de participant ophoudt te bestaan, failliet wordt verklaard of in surseance van betaling komt te verkeren. 3. Opzegging van deze participatieovereenkomst door de participant of door de stichting kan slechts schriftelijk of langs elektronische weg geschieden en tegen het einde van een boekjaar van de stichting en met inachtneming van een opzeggingstermijn van ten minste één jaar, tenzij de stichting en de participanten anders overeenkomen. 4. De participant is niet bevoegd deze participatieovereenkomst op te zeggen indien en zolang de participant niet alle verplichtingen uit een met de stichting gesloten
2 leningsovereenkomst is nagekomen. 5.
Na het beëindigen van deze participatieovereenkomst blijft de participant gerechtigd tot het batige saldo als bedoeld in artikel 15 van de statuten van de stichting, tenzij de stichting en de participant anders overeenkomen.
Artikel 2 Financiële verplichtingen van de participant 1. De participant is verplicht om gedurende deze participatieovereenkomst elk jaar een bedrag aan de stichting te betalen. Dit jaarlijkse bedrag is gelijk aan een procent (1%), met een maximum van vierduizend euro (€ 4.000,00), van de totaal ontvangen contributie van de participant zoals blijkt uit het laatste door de algemene ledenvergadering van de participant goedgekeurde jaarverslag. 2. De participant is verplicht jaarlijks uiterlijk op 1 december van een kalenderjaar het laatste door de algemene ledenvergadering van de participant goedgekeurde jaarverslag, aan de stichting te overhandigen. 3. De betaling dient te geschieden op 1 januari van elk kalenderjaar. De participant ontvangt hiervoor tijdig van de stichting een brief met een verzoek om een financiële bijdrage voor het betreffende jaar. De genoemde bijdrage dient binnen een termijn van veertien (14) dagen na het verzoek betaald te zijn. Indien de participant in het jaar van oprichting toetreedt, dient de eerste betaling te geschieden binnen een termijn van veertien (14) dagen na het verzoek tot betaling betaald te zijn. 4. Indien het goedgekeurde jaarverslag niet tijdig door de stichting is ontvangen, zal de bijdrage van de participant voor het volgende jaar voorlopig vastgesteld op de laatst ontvangen bijdrage van de participant.
Na ontvangst van het goedgekeurde jaarverslag wordt de bijdrage overeenkomstig gecorrigeerd. Een eventueel bij te betalen bedrag dient de participant te betalen binnen veertien (14) dagen na ontvangst van het betalings-verzoek van de stichting betaald te hebben. Een eventueel door de stichting te crediteren bedrag dient door de stichting binnen twee weken na het opmaken van de brief waaruit het terug te betalen bedrag blijkt creditfactuur aan de participant betaald te zijn. 5. Indien de participant bedragen van de stichting te vorderen heeft, is de participant niet tot verrekening bevoegd.
Artikel 3 Te verstrekken leningen door de stichting 1. De participant is bevoegd een verzoek tot het verstrekken van een lening voor de
3
2. 3. 4.
5.
stichting, verduurzaming, verbouwing en/of verbetering van de sportaccommodatie van de participant, bij de stichting in te dienen. Een dergelijk verzoek dient uiterlijk op 31 maart van een kalenderjaar door de stichting en ook door de Stichting Waarborgfonds Sport (SWS). te zijn ontvangen. Voor de aanvraag van een lening dient de participant gebruik te maken van het standaard aanvraagformulier van de SWS. De kosten van de SWS komen voor rekening van de participant en zullen door de participant rechtstreeks worden betaald. De stichting zal de lening uitsluitend verstrekken indien de aanvraag is voorzien van een positief advies van de SWS én de stichting en de participant overeenstemming hebben gevonden over de verdere leningsvoorwaarden. De leningsovereenkomst dient schriftelijk te worden vastgesteld. De stichting is niet bevoegd voor de verstrekking van de lening zekerheden van de participant voor de nakoming van diens verplichtingen te verlangen. Tegen een besluit van de stichting tot het niet verstrekken van een lening is geen beroep mogelijk.
Artikel 4 Overige verplichtingen 1. De participant is verplicht deel te nemen aan de vergadering van participanten als bedoeld in artikel 7a van de statuten van de stichting. 2. De participant is verplicht eventueel statutaire goedkeuring van haar leden voor het aangaan van deze participatieovereenkomst aan de stichting over te leggen. 3. De stichting is verplicht de participant het jaarverslag als bedoeld in artikel 11 lid 2 van de statuten van de stichting toe te zenden. Deze verplichting eindigt indien de participant niet meer gerechtigd is tot het batig saldo van de stichting zoals bedoeld in artikel 15 van de statuten van de stichting.
Artikel 5 Geschillen In geval partijen van mening verschillen omtrent de interpretatie en/of de uitvoering van deze deelnemersovereenkomst zullen zij moeten trachten de gerezen geschilpunten door bemiddeling via een mediator tot een oplossing te brengen. Dit is een inspanningsverplichting die op de betrokken partijen rust. Eerst indien deze
4 bemiddeling niet tot resultaat leidt zullen partijen desgewenst zich elk tot een eigen advocaat wenden die dan het geschilpunt eventueel aan de rechter kan voorleggen. Getekend te Hilversum