CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

24. Collegebrief inzake Derde voortgangsrapportage regionaal beleidsplan Bescherming en Opvang van psychisch kwetsbaren

GEMEENTERAAD 25 september 2024, gemeente HilversumBij agendapunt: Ter kennisnname11.903 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

GEMEENTE HILVERSUM POSTBUS 9900 1201 GM HILVERSUM BEZOEKADRES: RAADHUIS DUDOKPARK 1

Aan de gemeenteraad cc commissieleden cc pers

TELEFOONNUMMER: 14 035 WWW.HILVERSUM.NL

25 juli 2024 ZAAKNUMM ER 1512934 BEHA NDELD DOOR Kirsten Valk TELEFOON (035) 629 2022 DATUM

UW KENMERK

1 BETREFT Derde Voortgangsrapportage Bescherming & Opvang, van 2022 tot juni 2024

BIJLAGEN

Geachte raadsleden, Bijgaand sturen wij u ter informatie de derde voortgangsrapportage toe van het beleidsplan Bescherming en Opvang ‘Herstel de verbinding’ 2022 - 2025. Hierin kunt u lezen wat we, in samenwerking met onze maatschappelijke partners, van 2022 tot juni 2024 hebben gedaan om onze inwoners met psychische kwetsbaarheden zo optimaal mogelijk te ondersteunen in hun persoonlijke en maatschappelijke herstelproces. Veruit de meeste maatregelen worden zoals afgesproken uitgevoerd. Wij blijven actief sturen op de realisatie van een tweede Keerpunt in de Regio Gooi en Vechtstreek, aanvullend op het al bestaande Keerpunt Zuid. Dit is een woonvorm die gelijkenis vertoont met de zogeheten ‘Skaeve Huse’. Keerpunt biedt huisvesting aan psychisch kwetsbaren met een actieve verslaving en overlastgevend gedrag op een locatie waar de impact op andere inwoners minimaal is. Ook blijven we inzetten op een In between Places Plus (IBP+, tijdelijke huisvesting gecombineerd met begeleiding). Het eerste resultaat hiervan is dat er in de andere colleges in de regio een bestuursopdracht ligt om te onderzoeken of en waar deze voorzieningen gerealiseerd kunnen worden. Daarnaast hebben wij een werkbezoek georganiseerd voor de regionale portefeuillehouders aan Keerpunt Zuid, wat positief werd ontvangen. De stabiliteit van onze voorzieningen in de regio is noemenswaardig.

We staan er goed voor, zo blijkt ook uit de monitor dakloosheid en de monitor Beschermd Thuis. Landelijk is een trend te zien van een toename van dakloosheid en een toename van psychisch kwetsbaren. Hoewel de druk op onze opvang blijft, kunnen we aan de vraag naar opvangplekken voldoen. Dat neemt niet weg dat ondanks al onze inzet, soms toch inwoners op straat slapen. We blijven ons actief inzetten om iedereen die het nodig heeft met ondersteuning te bereiken. Ook werken de diverse maatschappelijke partners goed samen en zien we een groei van de aandacht voor en inzet van ervaringsdeskundigheid. Die stabiliteit en stevige samenwerking is van groot belang voor de toch complexe opgave van Bescherming en Opvang. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris,

de burgemeester,

mr. C.P. Torres Barrera

dr. ir. G.M. van den Top

Voortgangsrapportage beleidsplan Bescherming en Opvang Herstel de verbinding 2022 - 2025 Periode 2022 tot en met de eerste helft 2024

Ons kenmerk Versie Datum Contactpersoon E-mail

24005969 definitief 13 juni 2024 Sonja Hartkamp en Layla Kramer s.hartkamp@regiogv.nl l.kramer@regiogv.nl

INHOUD Inleiding

1

Landelijke ontwikkelingen Uitkomsten inkoop

1 3

Preventie en perspectief

4

Beschermd en veilig thuis

7

Waar bevinden de voorzieningen zich?

13

Een integrale benadering

14

Financiële ontwikkelingen

19

Landelijk Regionaal

19 20

Inleiding Het beleidsplan Bescherming en Opvang is sinds 1 januari 2022 in uitvoering genomen. De eerste voortgangsrapportage, over het gehele kalenderjaar 2022 is ten behoeve van de portefeuillehouders Gezondheid en Ondersteuning geagendeerd d.d. 15 december 2022. In dit portefeuillehouders-overleg is afgesproken dat er voor de daaropvolgende kalenderjaren ieder half jaar gerapporteerd zal worden en dat vanaf 2023 ook de gemeenteraden geïnformeerd zullen worden over de voortgang. Deze rapportage is dan ook wederom voorzien van een raadsinformatiebrief, zie bijlage. De rapportage betreffende het eerste half jaar van het kalenderjaar 2023 lag voor d.d. 8 juni 2023 en betreffende het tweede half jaar d.d. 1 februari 2024. Met deze versie ligt d.d. 11 juli 2024 voor bij het portefeuillehouders-overleg Gezondheid en Ondersteuning. Dit rapport wordt halfjaarlijks geactualiseerd en aangevuld waardoor er een totaalbeeld ontstaat van de gehele beleidsperiode. De voortgang wordt langs de drie inhoudelijke programmalijnen en onderliggende eenendertig maatregelen gerapporteerd. De drie programmalijnen zijn: 1. Preventie en perspectief 2. Beschermd en veilig thuis 3. Een integrale benadering De maatregelen (‘Wat gaan we doen?’) zijn genummerd zodat de structuur van het beleidsplan ook in de rapportage eenvoudig en herkenbaar gevolgd kan worden.

Sommige maatregelen vragen om aanvullende besluitvorming van gemeenten, daar waar van toepassing wordt hieraan gerefereerd en of zijn de reeds vastgestelde documenten ingevoegd. De rapportage voorziet niet in de voortgang van de financiële realisatie, deze wordt – conform afspraak tussen gemeenten en Regio - via de Planning & Control-cyclus gerapporteerd (met de Kaderbrief, Regiobegroting, Bestuursrapportage en Jaarstukken). In deze rapportage is het hoofdstuk ‘Financiële ontwikkelingen’ toegevoegd, hiermee wordt voldaan aan een in 2023 ontstane behoefte van de portefeuillehouders Gezondheid en Ondersteuning. Op pagina 16 van het beleidsplan Bescherming en Opvang staat het volgende citaat in het kader van evaluatie en bijstelling: Het sociaal domein is constant in beweging. Het netwerk breidt uit en onze kennis op het gebied van wonen, zorg & welzijn verbetert door te werken aan innovaties. Om te borgen dat gemeenten steeds anticiperen op ontwikkelingen worden de resultaten en ambities uit dit beleidsplan gemonitord en waar nodig bijgesteld. Periodiek worden betrokkenen daarover geïnformeerd. Zo blijven gemeenten voorop lopen in maatregelen die we treffen om kwetsbare inwoners zo goed mogelijk bij te staan. De hierboven genoemde evaluatie en bijstelling maken integraal onderdeel uit van de twee jaarlijkse rapportages.

De relevante ontwikkelingen die zich voordoen staan in de paragraaf hieronder beschreven.

Landelijke ontwikkelingen Daar waar gemeenten anticiperen op de zich voordoende ontwikkelingen, worden deze tevens verwerkt in de voortgangsrapportages. Voorbeelden hiervan zijn onder andere: ➢ Het Nationaal Actieplan Dakloosheid ‘Eerst een Thuis’ 2023 – 2030 (zie maatregel 10, 11 en 17); ➢ Het programma ‘Een thuis voor iedereen’ (woonzorgopgaven ten aanzien van de huisvesting van aandachtsgroepen (zie maatregel 17 t/m 21); ➢ De voor dit dossier relevante wetsvoorstellen zoals het Woonplaatsbeginsel Beschermd Wonen (BW) (zie maatregel 16) en ook de eerdere openstelling van de Wet langdurige zorg (Wlz) voor mensen met psychische stoornissen die hun leven lang intensieve Geestelijke Gezondheidszorg (GGz) nodig hebben;

1

➢ ➢

Integraal Zorg Akkoord (IZA) – inzake mentale gezondheid en specifiek voor dit dossier de relatie met de laagdrempelige zelfregie steunpunten (zie maatregel 1) en de samenwerking met EPA1-doelgroepen; Het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming (0-100) heeft nauwe samenhang met maatregel 24: Doorontwikkelen aanpak kwetsbare inwoners.

Het Nationaal Actieplan Dakloosheid is inmiddels vertaald naar een uitvoerend regionaal plan van aanpak. Dit plan van aanpak heeft een looptijd van medio 2024 t/m eind 2025 en geeft aanbevelingen mee voor de jaren 2026 en verder. D.d. 4 april 2024 heeft het regionale portefeuillehouders-overleg Gezondheid en Ondersteuning het plan van aanpak Dakloosheid vastgesteld, waarbij ook een voorbeeld raadsinformatiebrief door de Regio is meegegeven. Vervolgens hebben de zeven colleges het plan van aanpak vastgesteld en aansluitend de gemeenteraden geïnformeerd. Het programma ‘Een thuis voor iedereen’ is door gemeenten opgepakt, in samenwerking tussen het fysieke en sociale domein en met relevante maatschappelijke partners. Zo is er een regionale woonzorganalyse opgeleverd ten behoeve van de totale woonzorgopgaven (inclusief van het programma Wonen en Zorg voor Ouderen). In een gemeenschappelijk portefeuillehouders-overleg (Bouw & Wonen en Gezondheid & Ondersteuning) d.d. 18 april 2024, is de regionale woonzorganalyse vastgesteld en besloten om het vervolgproces ook gezamenlijk in te gaan, waarover de gemeenteraden geïnformeerd zijn. Ten aanzien van de Wet langdurige zorg GGz is er medio 2023 een landelijke opdracht verstrekt, waarmee regio’s uiterlijk 31 december 2023 een regioaanpak moesten opleveren ten behoeve van de kortetermijnmaatregelen.

Middels dit memo zijn de portefeuillehouders d.d. 5 oktober 2023 geïnformeerd over de landelijke opdracht en het regionale proces ten behoeve van het op te leveren plan van aanpak. Het plan van aanpak is vervolgens in het portefeuillehouders-overleg, d.d. 1 februari 2024, vastgesteld en in uitvoering genomen. Door het landelijk Bestuurlijk Overleg zijn 12 regio’s geselecteerd voor een verdiepend gesprek, met als doel om meer inzicht te krijgen in de regionale situatie over wat er speelt en waar de kansen en of belemmeringen liggen ten aanzien van de aanpak Wlz GGz. De regio Gooi en Vechtstreek (c.q. sub regio ’t Gooi van het zorgkantoor) is één van de geselecteerden. Het gesprek vond plaats d.d. 13 mei 2024, tussen de bestuurlijk aanjager en de direct betrokken contactpersonen vanuit Zorgkantoor Zilverenkruis en Regio.

De bestuurlijk aanjager neemt daarvan een aantal zaken mee, te weten; • Het aantal PGB gerelateerde indicaties voor Wlz GGz Wonen is relatief hoog (dit maakt echter regionaal en landelijk nog geen onderdeel uit van de aanpak en hier hebben Zorgkantoor en Regio ook geen invloed op, daar dit geen gecontracteerd aanbod betreft); • Onze regio heeft vergelijkbare tarieven voor Wmo Beschermd Wonen met die van het Wlz-GGzWonen (in de meeste regio’s zouden de Wmo tarieven aanzienlijk lager liggen); • En de wijze waarop er in deze regio samengewerkt wordt als positief voorbeeld mee terug genomen naar het Bestuurlijk Overleg. De cijfers laten een zekere daling van de instroom (Wlz GGz) zien, ook in onze regio, maar bevindt zich nog zeker niet op het niveau waar VWS op inzet (maximaal 100 cliënten per maand over heel Nederland). Het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming (0-100) (hierna TKS) is een landelijk ontwikkeld programma. Binnen het programma wordt uitgegaan van een nieuwe manier van werken waarbij hulp eerder komt en beter bij een gezin aansluit. Doel hiervan is om te komen tot een nieuw stelsel waarin toezicht, wetgeving, financiering en sturing ten dienste staan van efficiëntere hulp en zorg voor kinderen en gezinnen. Een systeemgericht aanbod voor inwoners van 0 tot 100 jaar. Een aantal acties binnen het TKS vindt in nauwe samenhang met de Hervormingsagenda Jeugd plaats.

In het bijzonder geldt dit voor het versterken van de toegang met expertise rondom veiligheid en bescherming. Voor de ontwikkelingen binnen het IZA geldt eveneens dat er op verschillende thema’s raakvlakken met het TKS zijn. Op 29 september 2022 stelde het regionaal portefeuillehoudersverleg Jeugd en Onderwijs het voorstel voor inzet van de tijdelijke, geoormerkte middelen voor het TKS in onze regio vast. En op 30 november 2023 stelden het regionaal portefeuillehoudersoverleg Jeugd en Onderwijs en Gezondheid en Ondersteuning de eerste versie van het regionale projectplan TKS vast. Op 30 mei zijn de raden middels een raadsinformatiebrief geïnformeerd dat ook onze regio aan de vooravond van het 1

EPA: Ernstige Psychiatrische Aandoeningen. 2

beproeven van een nieuwe werkwijze staat. Dit doen we in zogenaamde Toekomsttuinen. De gemeenten Gooise Meren, Hilversum en Huizen en ketenpartners gaan ervaring met ‘en-en regie’ opdoen. Hierbij staat de behoefte van het gezin centraal.

Uitkomsten inkoop Gedurende het kalenderjaar 2022 heeft er een inkooptraject versus aanbestedingsprocedure plaatsgevonden ten behoeve van 2023 en verder. Hierover zijn de gemeenteraden d.d. 10 januari 2023 geïnformeerd. Gedurende 2023 is er op diverse manieren ingezet om perceel 2 ‘Beschermd Wonen voor mensen met autisme in combinatie met een licht verstandelijke beperking’ alsnog in te kunnen kopen dan wel op een andere manier de zorg voor deze mensen te garanderen. Er zijn daarbij, fasegewijs, drie sporen bewandeld: 1. Onderhandelingsprocedure zonder (voorafgaande) aankondiging met ’s Heeren Loo (de bij de inkoop beoogde partij, die niet had ingeschreven); 2. Openbare marktconsultatie indien spoor 1 niet (tijdig) slaagt, waarbij een eventuele nieuwe inkoop nader verkend wordt (vond plaats in de tweede helft van 2023, waar zich drie partijen voor hadden aangemeld, waaronder ’s Heeren Loo, die gedurende het kalenderjaar 2023 een uitloopovereenkomst had). De andere twee partijen gaven aan meer specifieke informatie over de hulpvraag en het benodigd specialisme nodig te hebben om te kunnen beoordelen of en in welke vorm zij ten aanzien van deze specifieke hulpvragers c.q. perceel 2 van betekenis kunnen zijn. De door ’s Heeren Loo aangeleverde informatie leverde geen nieuwe inzichten op.

Ondertussen werden er in 2023 geen nieuwe cliënten aangemeld voor de wachtlijst beschermd wonen met een combinatie van autisme en licht verstandelijke beperking en konden/kunnen de resterende wachtlijst-cliënten ook bij de andere partijen geplaatst worden of bij het ouderinitiatief de Grasboom in Hilversum en/of gingen alsnog via de Wlz naar ’s Heeren Loo (dit proces is nog niet afgerond, maar voor alle cliënten is een passend aanbod in het vooruitzicht). 3. Het niet (meer) nodig hebben van dit specifieke Wmo-aanbod. Dit perceel zal niet meer ingekocht worden, daar de vraag – binnen de Wmo - zo goed als opgedroogd is. Een enkele Wmo-gerelateerde casus die zich voordoet wordt of bij de twee contractpartners of middels maatwerk contracten opgelost en bekostigd. Beschermd wonen verloopt grotendeels volgens afspraak. (Structureel) aandachtspunt daarbij is: • Het aantal fysiek, beschikbare beschermd wonen plekken, daar de betreffende woonvormen veelal een zogenaamde mix-financiering kennen (Wmo, Wlz en soms ook gecombineerd met Forensische Zorg/Justitie) en uitbreiding van het aantal fysieke plekken, dat ook daadwerkelijk geschikt (te maken) is, moeilijk te verkrijgen is. Kwintes zal eind 2024 één van haar beschermd wonen voorzieningen verbouwen waardoor er zes fysieke plekken bij zullen komen.

De bewuste woonvorm heeft een lange wachtlijst, welke hiermee na de verbouwing (deels) opgelost kan worden. Het Leger des Heils is tevens op zoek naar fysieke uitbreidingsmogelijkheden. Deze zoektocht loopt echter al enkele jaren, onzeker is of en wanneer zij hierin zullen slagen. De Maatschappelijke Opvang verloopt geheel volgens afspraak. De druk op de opvang blijft hoog, maar gemeenten en maatschappelijke organisaties doen wat nodig is en blijven zich inzetten op het voorkomen van dakloosheid, met extra focus en aanvullende acties middels het regionale plan van aanpak Dakloosheid. Voor de overige voortgang ten behoeve van de uitvoering van de diverse ingekochte voorzieningen en contracten, is deze terug te vinden in de bijbehorende beleidsmaatregelen in de hierop volgende hoofdstukken.

3

Preventie en perspectief In onderstaand tabel staat de voortgang per maatregel uitgeschreven. De programmalijn ‘Preventie en perspectief’ bestaat uit negen maatregelen. 1.

Continueren van het herstelnetwerk (a. t/m e.) doorlopend in uitvoering: - Het herstelteam is per 1 mei 2023 uitgebreid met een professioneel ervaringsdeskundige vanuit het Leger des Heils (de overige teamleden en teamcoach zijn ingehuurd via GGz Centraal en Kwintes). Ingaande 2023 zijn de nieuwe dienstverleningsovereenkomsten met dezelfde 3 partijen voor de periode 2024 2025 gesloten, met 2 verlengingsopties van 1 jaar. Jellinek (als 4e zorgpartij van Bescherming en Opvang) is daartoe ook uitgenodigd maar heeft aangegeven de komende jaren (nog) geen ervaringsdeskundige inzet in de regio bieden. - Ondersteuning van naasten vindt sinds 2022 structureel plaats, o.a. middels de daarvoor opgerichte herstelwerkgroep ‘Huiselijk geweld en kindermishandeling’. Voor alle activiteiten kijk op de website www.herstelnetwerk.nl - In 2023 is er een convenant ten behoeve van- en in samenwerking met het regionale samenwerkingsverband van het herstelnetwerk opgesteld. In het samenwerkingsverband participeren de volgende partijen; gemeenten, aanbieders Bescherming en Opvang, MEE-UGV en Versa Welzijn. Dit convenant is d.d. 30 november 2023 in het portefeuillehouders overleg vastgesteld en vervolgens lokaal aan de colleges ter besluitvorming voorgelegd. De ondertekening vond plaats d.d.

26 januari 2024 tijdens een inspiratiesessie voor de leden van het directie-overleg en voor de portefeuillehouders. Hier waren een afvaardiging van het herstelteam en de bestuurders van de betrokken partijen bij aanwezig. - Gooise Meren heeft herstelgericht werken en de inzet van ervaringsdeskundigheid in de eigen uitvoeringsdienst en in het lokaal welzijnswerk geïntroduceerd. De tweejarige pilot loopt tot eind 2024. Hierna wordt de inzet structureel. - Gooise Meren en Regio hebben in samenwerking met een ervaringsdeskundige uit het regionale herstelteam en met Kwintes de workshop ‘Ervaringskennis toepassen in beleid én ondersteuning’ verzorgd tijdens het Nazomerfestival Beschermd Thuis d.d. 13 september 2023. Deze workshop werd druk bezocht door gemeenten, het ministerie van VWS, zorgaanbieders en ervaringsdeskundigen. Eén van de opgaven in het kader van het Integraal Zorg Akkoord (IZA) is de ontwikkeling van mentale gezondheid. Onder andere middels het creëren van laagdrempelige zelfregie steunpunten. Gemeenten leggen de verbinding tussen mentale gezondheid en alle activiteiten die plaatsvinden in het kader van het herstelnetwerk (inclusief Retrovo, maatregel 3). Specifiek daar waar het gaat over de gewenste ‘laagdrempelige zelfregie centra’ zal het regionale Samenwerkingsverband Herstelnetwerk als klankbordgroep actief betrokken zijn.

2.

GGz Mantelzorg uitbreiden is ingaande 1-1-2023 ingekocht bij GGz Centraal: - De implementatie van dit nieuwe product wordt binnen GGz Centraal voorbereid en liep qua planning uit de pas; realisatiefase werd meerdere malen verschoven. GGz Centraal had in 2023 te maken met personele krapte en kreeg het nieuwe product gedurende 2023 niet van de grond. Uiteindelijk is het ‘lotgenotencontact’ gestart d.d. 13 mei 2024 en zal voortaan iedere 4 weken, in de avond, georganiseerd worden. Vanaf d.d. 2 september 2024 staat de ‘psycho-educatie’ in de planning en wordt momenteel de ‘familie coaching’ voorbereid, waarmee de implementatie gedurende 2024 voltooid zal worden.

3.

Continueren time-out voorziening; respijtvoorziening is ingaande 1-1-2023 ingekocht bij GGz Centraal en heet Retrovo. Deze voorziening bestond t/m 2022 op basis van een projectopdracht. De vraag naar deze voorziening is gegroeid, ook gedurende het aanbestedingstraject. Uitbreiding van het aantal bedden (van 4 naar 8) is gewenst, waartoe een voorstel is vastgesteld in portefeuillehouders overleg d.d. 5 oktober 2023 en financieel bekrachtigd is door het Algemeen Bestuur d.d. 14 december 2023. Met het vaststellen van dit voorstel heeft Retrovo voortaan gegarandeerd plek voor 8 logees en biedt daarbij tevens ruimte voor zogeheten daggasten (inloopfunctie). 4

4.

Continueren crisiskaart eind 2021 opnieuw ingekocht, uitvoering loopt. In totaal heeft de aanbieder voor onze regio 23 crisiskaarten in hun caseload. Dit is inclusief vijf nieuwe crisiskaarten die in 2023 zijn verschaft. Ook zijn er in 2023 vier crisiskaarten herzien.

5.

Monitor opzetten (doelgroep in beeld); de regionale pilot startte (gedurende de vorige beleidsperiode) in Gooise Meren en zou vervolgens verbreed worden naar alle gemeenten. Een eerste ambtelijke verkenning hiertoe is in het voorjaar van 2023 gestart, kennisnemend van de lokale wijkmonitor Sociaal Domein (SD) van Hilversum en van de landelijke ontwikkelingen i.r.t. de diverse monitors, te weten; OGGz, GSMD BW, Psychische Problematiek, Nationaal Actieplan Dakloosheid (pilot Ethos light-telling, dashboard Dakloosheid en monitor Dakloosheid). Daarnaast zijn er eind 2023 diverse regiobeelden opgeleverd, bijvoorbeeld in het kader van het IZA en van de landelijke opdracht regioaanpak Wlz GGz. In de tweede helft van 2023 is het dashboard Beschermd Wonen weer geactualiseerd; dit betreft een landelijk dasboard die de voortgang van de doordecentralisatie BW per regio inzichtelijk maakt (zie ook maatregel 16). In januari 2024 is de Regio geïnterviewd door Impuls Onderzoek, in het kader van de voortgang van het Nationaal Actieplan Dakloosheid (NAD), ten behoeve van het dashboard NAD. De eerste publicatie hiervan wordt d.d. 19 juni 2024 verwacht. En in de periode maart tot juni 2024 heeft er een uitvraag plaatsgevonden door CBS in het kader van een te ontwikkelen monitor Dakloosheid, waarbij in eerste instantie 2 van de 7 Ethos-light categorieën inzichtelijk gemaakt worden.

De Regio heeft, in samenwerking met opvangaanbieder Kwintes, de gegevens aangeleverd. De publicatie van deze monitor wordt in oktober 2024 verwacht. Gezien alle landelijke ontwikkelingen, waar gemeenten in de Gooi en Vechtstreek ook deel aan nemen, heeft een verbreding van de pilot Gooise Meren tot op heden geen prioriteit gekregen van gemeenten (lijkt deze monitor geen meerwaarde meer te hebben) en zal in 2025 terug op de agenda komen in voorbereiding op het volgende beleidsplan.

6.

Aansluiten op landelijke ontwikkelingen dashboard HG a) Maatregelen en activiteiten sluiten beter aan op behoeften van de doelgroep. b) Er is beter zicht op het effect van maatregelen en activiteiten Veilig Thuis is aangesloten op de Impactmonitor aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling en het landelijk dashboard Veilig Thuis van het CBS. Kanttekening hierbij is dat de data uit de landelijke monitor niet in alle gevallen goed te duiden en vergelijken is. Dit wordt veroorzaakt door verschillen in de manier waarop Veilig Thuis-regio’s afzonderlijk registreren. In 2024 gaat Veilig Thuis Gooi en Vechtstreek aan de slag met het beschikbaar stellen van regionale data aan gemeenten. Naar verwachting is dit in augustus beschikbaar.

7.

Continueren preventie-activiteiten (a. t/m e.) ingaande 1-1-2023 opnieuw ingekocht bij Jellinek (Arkin) en daarmee gecontinueerd, uitvoering loopt (in afstemming met de GGD). In 2023 organiseerde Jellinek onder andere 15 deskundigheidsbevorderingen voor professionals en 6 KOP/KOV2-groepen. Doel van de KOP/KOV-groepen is om de intergenerationele overdracht voor kinderen van ouders met verslavings-/psychiatrische problematiek te doorbreken. Preventieve verslavingszorg het Preventie- en handhavingsplan (PHP) 2023/2024 is d.d. 10 november 2022 vastgesteld door de portefeuillehouders. De evaluatie van 2023 wordt eind 2024 gepubliceerd. In 2023 zijn er onder andere tien voorlichtingsavonden voor ouders georganiseerd. Ook is bij een ouderpanel feedback over de inhoud van de preventieve activiteiten opgehaald. Daarnaast heeft de GGD verschillende campagnes uitgevoerd om verantwoord alcoholgebruik onder jongeren te stimuleren. In de procesevaluatie van het Uitvoeringsplan 2022-2023 voor Preventie en Vroegsignalering zijn de activiteiten en het bereik in deze periode weergegeven. Hiertoe behoren onder andere: - Trainingen voor professionals die via het Regionaal Leerhuis worden georganiseerd;

2

De afkorting KOP/KOV staat voor ‘Kinderen van Ouders met Psychiatrische-/Verslavingsproblematiek’. 5

- Regionale netwerkbijeenkomsten voor aandachtsfunctionarissen huiselijk geweld en kindermishandeling; - Ondersteunen van scholen bij het thema welbevinden van De Gezonde School; - Organiseren van verschillende webinars voor ouders In de evaluatie van het Preventie- en Handhavingsplan alcohol en drugs zijn de activiteiten en resultaten van de periode 2023 t/m maart 2024 opgenomen. In dit document is ook een tussentijds overzicht van de voortgang m.b.t. de doelstellingen uit het PHP te vinden. Aangezien de financiële middelen voor het Preventie en Handhavingsplan alcohol en drugs (PHP) zijn gekoppeld aan het beleidsplan B&O, lopen deze middelen ook in 2025 door. Om beide plannen gelijk op te laten lopen, wordt het PHP met één jaar verlengd. Hierover is het portefeuillehoudersoverleg op 6 juni 2024 middels een voorstel en memo geïnformeerd. Het Uitvoeringsplan PHP 2025 geeft de concrete activiteiten aan die in de periode 2025 worden ingezet. De activiteiten wijken niet van de oorspronkelijk vastgestelde activiteiten in het PHP af. Om de gemeenteraden in meer detail over de stand van zaken en over de verlenging te informeren, wordt tevens een raadsinformatiebrief verstuurd. Hierin worden de meest recente cijfers (peildatum 28 mei) omtrent alcohol- en drugsgebruik van de Gezondheidsmonitor Jeugd opgenomen. 8./9.

OGGz dagbesteding (doorontwikkeling en inkoop) + 5 werkgelegenheidsprojecten per jaar de OGGz (arbeidsmatige) dagbesteding, in doorontwikkelde vorm, is ingaande 1-1-2023 ingekocht bij Kwintes en is in uitvoering. De 5 werkgelegenheidsprojecten worden uitgevoerd, gemonitord en verantwoord binnen ‘Werk & Participatie’. Specifiek ten behoeve van deze rapportage wordt ingegaan op de bewezen effectieve methode Individuele Plaatsing en Support (IPS) waar mensen met psychische problematiek voor in aanmerking kunnen komen. Een beoogd effect van gemeenten is om 40 tot 50 inwoners per jaar deel te kunnen laten nemen aan werkgelegenheidsprojecten en zodoende economisch meer zelfredzaam te laten zijn. In 2022 namen 42 inwoners deel aan IPS. De bewezen effectieve methode IPS behoort tot het project ‘Hoofdzaak’3. Landelijke samenvatting tot juli 20234 ten behoeve van betaald werk via IPS: ➢ In kwartaal 2 van 2023 heeft gemiddeld 36,1% van de cliënten een betaalde baan en heeft 31,8% een duurzaam betaalde baan. ➢ Ten opzichte van kwartaal 1 van 2023 hebben in kwartaal 2 van 2023 relatief minder cliënten een betaalde baan en relatief meer cliënten een duurzame betaalde baan. Deze verschillen zijn echter klein. ➢ Er zijn in kwartaal 2 van 2023 meer cliënten gestart met betaald werk dan cliënten die hun betaalde baan zijn verloren.

NB: bovenstaande tekst en data, over de werkgelegenheidsprojecten, zijn afkomstig uit de vorige rapportage (d.d. 1 februari 2024).

Naast het project ‘Hoofdzaak’ is het werkgevers Service Punt (WSP) Gooi en Vechtstreek actief om inwoners met psychische kwetsbaarheden te bemiddelen naar betaald werk. Door deze regionale inzet zijn diverse inwoners - via leerwerktrajecten bemiddeld naar betaald werk, behorend tot de werkgelegenheidsprojecten ‘Perspectief op werk’ en ‘Werk aan werk’. 4 Bron: Publicatie Resultaten IPS-trajecten landelijke werkmonitor, Kenniscentrum Phrenos en Sterk Door Werk, d.d. 1 oktober 2023. 3

6

Beschermd en veilig thuis In onderstaand tabel staat de voortgang per maatregel uitgeschreven. De programmalijn ‘Beschermd en veilig thuis’ bestaat uit dertien maatregelen. 10./11.

Uitvoering geven aan Maatschappelijke Opvang en Vrouwenopvang (a. t/m c.) en Continueren maatschappelijke-, incl. jongerenopvang op basis van het volume 2021 (54 plekken): Maatschappelijke opvang is ingaande 1-1-2023 opnieuw ingekocht bij Kwintes en bestaat uit: ❖ de daklozen-, crisis- en jongerenopvang (inclusief inloopfunctie, winterkouderegeling en beveiliging); ❖ OGGz dagbesteding (zie ook maatregel 8) en; ❖ 24/7 bereik- en beschikbaarheid & crisisregiefunctie. ❖ De ‘Coördinatie, administratie en het beheer’ van Keerpunt Zuid (Skaeve huse) is (separaat) ingekocht bij Kwintes (gekoppeld aan het onderliggende convenant en in lijn met de daarmee gemoeide contractduur). Ondanks het vertrek van Weesp uit de regio Gooi en Vechtstreek, is de omvang van de daklozen-, crisis- en jongerenopvang gelijk gebleven (en daarmee is er indirect een uitbreiding gerealiseerd). Ook is met de inkoop de door gemeenten beoogde kwaliteitsverbetering in de daklozenopvang gerealiseerd betreffende de gewenste eenpersoonskamers. De druk op de opvang blijft desondanks hoog5 (o.a. door economisch daklozen, gezinnen en migranten).

Het voorkomen van dakloosheid en het huisvesten van daklozen zal de komende jaren landelijk, regionaal en lokaal hoog op de agenda staan in het kader van het Nationaal Actieplan Dakloosheid (NAD) 2023 – 2030 en wordt regionaal opgepakt via het regionaal plan van aanpak dakloosheid, via de regionale woonzorgopgaven in het kader van het programma ‘Een Thuis voor Iedereen’ door o.a. het waarmaken van de ambities uit het woonakkoord en de woondeal. Begin oktober 2023 heeft de Regio een opdracht verstrekt aan een externe kwartiermaker, met als doel; het opleveren van een uitvoerend regionaal plan van aanpak dakloosheid d.d. 1 februari 2024. Het memo hiertoe, inclusief een voorbeeldbrief voor de gemeenteraden, is vastgesteld in het portefeuillehouders overleg d.d. 5 oktober 2023. Het plan van aanpak is d.d. 4 april 2024 regionaal vastgesteld. Per d.d. 1 juni 2024 is de projectleider Dakloosheid ingehuurd. Minimaal 10 kleinschalige opvanginitiatieven voor gezinnen in de wijk: in Hilversum is de Orchidee (6 woonunits) gevestigd. Verkenning ten behoeve van een uitbreiding hiervan heeft een tijdelijk extra initiatief (2 tot 3 onzelfstandige woonunits) opgeleverd in Huizen voor de periode april 2023 tot en met december 2024, in het kader van het plan van aanpak ‘Terugdringen dak- en thuisloosheid, maatregel 5’.

In Between Places Plus zou mogelijk een beter passende optie zijn (voor kleine gezinnen), behorend tot maatregel 20, maar daar deze nog niet gerealiseerd is, is dit een tijdelijk, passend gemaakt alternatief. Of de kleinschalige opvang voor gezinnen ‘opvang’ of ‘wonen eerst’ betreft komt steeds meer als vraagstuk naar voren en zal in 2025 terug op de agenda komen in voorbereiding op het volgende beleidsplan (en in samenhang met het NAD). Vrouwenopvang: De inkoopprocedure voor Opvang en ondersteuning van slachtoffers van geweld in afhankelijkheidsrelaties is in 2023 afgerond. Per 1 januari 2024 is de overeenkomst met hoofdaannemer Blijf Groep ingegaan. De residentiële opvang van slachtoffers van geweld in afhankelijkheidsrelaties wordt in het Oranje Huis te Flevoland voortgezet. De ambulante ondersteuning van slachtoffers van geweld in afhankelijkheidsrelaties is als apart product binnen dit perceel ingekocht. Kwintes fungeert hiervoor als onderaannemer van Blijf Groep.

Bij Cocon (daklozenopvang) ging het in 2023 om 103 mensen die gemiddeld 99 dagen verbleven. Vluchtheuvel (crisisopvang voor gezinnen) ving - kinderen niet meegerekend - 34 personen op. De verblijfsduur hier is met gemiddeld 131 dagen het langst van alle opvangmogelijkheden. Bij Fast Forward (jongerenopvang tbv 16 – 23 jarigen) zijn in 2023 30 personen opgevangen met een gemiddelde verblijfsduur van 18 dagen. 7 5

Beleidskader bovenregionale plaatsing vrouwenopvang Als de situatie zo onveilig is dat slachtoffers van huiselijk geweld niet in de eigen gemeente/regio kunnen verblijven, dan hebben zij recht op hulp en opvang in een andere regio. Over deze 'bovenregionale plaatsingen' in de vrouwenopvang zijn nieuwe afspraken gemaakt. De afspraken zijn op 10 april 2024 door de centrumgemeenten vrouwenopvang en de leden van het Landelijk Netwerk Vrouwenopvang van Valente vastgesteld. En vastgelegd in het Beleidskader bovenregionale plaatsing in de vrouwenopvang. De afspraken zijn een actualisatie van het beleidskader ‘Landelijke in-, door- en uitstroom van crisisopvang en opvang in acute crisissituaties’ uit 2016. Ze worden periodiek tegen het licht gehouden en waar nodig bijgesteld, onder meer op basis van beleidsontwikkelingen en monitorgegevens. Reikwijdte van de afspraken Het Beleidskader heeft betrekking op de rol van gemeenten en van vrouwenopvangorganisaties in de opvang van slachtoffers van huiselijk geweld die vanwege directe- en/of structurele onveiligheid niet in hun eigen regio kunnen verblijven en daarom in een andere regio worden opgevangen. De afspraken gaan over de in-, door- en uitstroom en financiering. Het Oranje Huis Flevoland Gooi en Vechtstreek voldoet reeds al aan de in het kader genoemde afspraken. 12.

Onderzoek naar een gezamenlijke, regionale toegang BW: Onderzoek en advies is uitgevoerd door Xpertisezorg (Transitieteam Beschermd Thuis). Dit heeft geleid tot een voorstel om de toegang (toch) lokaal te houden, waarbij ook de voorgestelde aanbevelingen zijn overgenomen, geheel in lijn met de ingezette (verbeter)maatregel 14. Dit voorstel is d.d. 20 april 2023 vastgesteld door de portefeuillehouders.

13.

Her indiceren BW (alle beschikkingen): in 2022 is deze maatregel gerealiseerd en de regionale wachtlijstbeheerder neemt sindsdien periodiek6 alle wachtlijst-cliënten met de direct betrokken Wmo consulenten van de gemeentelijke uitvoeringsdiensten door. Het effect van deze terugkerende interventie is het schoon en actueel houden van de wachtlijst, met als resultaat dat het aantal ‘passief’ wachtenden aanzienlijk is afgenomen waardoor het proces van screening t/m plaatsing ook sneller gaat. Het aantal wachtenden neemt de afgelopen jaren gestaag af, er worden aanzienlijk minder beschikkingen afgegeven door de gemeentelijke uitvoeringsdiensten en de door- en uitstroom binnen het beschermd wonen neemt toe. In de voortgangsrapportage d.d. 15 mei 2023 stonden er 64 wachtenden op de lijst - met als peildatum 26 april 2023 – waarvan 56 actief en 8 passief wachtend. Peildatum 30 november 2023: 41 wachtenden7, waarvan 7 passief8, 1 van de actief wachtenden kon en wilde alsnog via het nieuwe product Beschermd Thuis geholpen gaan worden. Peildatum 30 mei 2024: 37 wachtenden, waarvan 9 passief en recent 4 aangemeld voor Beschermd Thuis, welke alle 4 in screening zijn.

14.

Intensiveren van passend toewijzen BW (a. t/m e.): a. Verscherpt regionaal afwegingskader is gerealiseerd en geïmplementeerd. De vertaling van dit kader c.q. toelatingscriteria naar lokale beleidsregels is in Blaricum, Eemnes, Gooise Meren, Huizen en Laren gerealiseerd, Hilversum is hier momenteel concreet mee aan de slag en Wijdemeren is op dit moment nog onbekend. Het werken vanuit dit kader helpt de gemeentelijke uitvoeringsdiensten weloverwogen keuzes te maken, zodat beschermd wonen ook echt als 24 uurszorg voorziening wordt ingezet en niet om bijvoorbeeld een primair woonvraagstuk op te lossen. b. Intervisie en scholing heeft in 2022 nagenoeg stilgelegen (o.a. vanwege het inkooptraject). Sinds januari 2023 is intervisie weer opgestart conform de

Met het Sociaal Plein, Hilversum, iedere 6 weken en de andere gemeentelijke uitvoeringsdiensten 1 x per 8 weken. Inclusief de 4 resterende wachtenden in het kader van perceel 2 ‘beschermd wonen voor mensen met autisme in combinatie met een licht verstandelijke beperking’, waarbij er voor 1 van deze 4 wachtenden recent een aanvraag voor de Wlz is gedaan. Het afgelopen jaar zijn er tevens 2 wachtenden voor dit perceel van de wachtlijst afgegaan doordat zij een Wlz indicatie kregen. 8 ‘Passief’ staat voor ‘(nog) niet gemotiveerd’ en of ‘(nog) niet plaatsbaar’ met diverse redenen, zoals bijvoorbeeld opname in een kliniek. 8 6 7

afgesproken frequentie – 1 x per kwartaal - en is de actuele scholingsbehoefte in kaart gebracht. Ten aanzien van de scholing hebben de betrokken Wmo consulenten aangegeven meer te willen weten over het afnemen van een assessment en over het nieuwe product Beschermd Thuis. Daarnaast willen zij een verdieping op de kennis in het kader van het beschermd wonen en willen zij ook de moeilijk te beoordelen cases multidisciplinair kunnen bespreken aan de hand van het in september 2023 gepubliceerde hulpmiddel ‘Duiding instroomcriteria GGz - Wlz’. De scholing wordt op dit moment ontwikkeld door de Regio, in samenwerking met gecontracteerde zorgpartijen c.q. partners, en in oktober aangeboden 2024. Het multidisciplinair bespreken van de moeilijk te beoordelen cases a.d.h.v. het gepubliceerde hulpmiddel, maakt onderdeel uit van de landelijke opdracht inzake de Wlz GGz en de regioaanpak c.q. het plan van aanpak Wlz GGz Wonen, hiervoor heeft een eerste multidisciplinair overleg plaatsgevonden d.d. 26 mei 2024 waarin 2 gemeenten vertegenwoordigd waren (Hilversum en Wijdemeren), 1 aanbieder (Kwintes) en het indicatieorgaan CIZ van de Wlz GGz. Regio en Zorgkantoor hebben dit overleg gefaciliteerd. Het werd goed ontvangen. c.

Klein praktijkonderzoek heeft uitgewezen dat een doorbraakmethode niet nodig is, daar er al een goed werkende overlegtafel is en er daarnaast per 2023 (middels het inkooptraject) nieuwe eisen gelden, waarmee de 2 gecontracteerde aanbieders (Kwintes en Leger des Heils) alle cliënten (in beginsel zouden moeten kunnen) bedienen. Dit wordt actief gemonitord en op momenten dat beide partijen geen passend aanbod hebben, wordt er een andere oplossing gezocht en geboden binnen of buiten de regiogrenzen. Bij dit monitoren wordt meegenomen of er sprake is van maatwerkoplossingen voor individuele cases of dat er sprake is van een trend dan wel een structureel tekort in het aanbod, zodat ook hierop geanticipeerd kan worden. Wat opvalt is dat het aantal aanvragen voor safehouses9 toeneemt. Gemeenten (zowel landelijk als ook in onze regio) zijn zoekende hoe zij zich hiertoe willen verhouden. Safehouses bestaan in verschillende verschijningsvormen en bieden daarmee niet per definitie een vorm van beschermd wonen aan. Op dit moment wordt er gewerkt aan een regionaal afwegingskader hieromtrent. Dit gebeurt in afstemming tussen de lokale en regionale beleidsadviseurs en tussen de beleidsadviseurs en de gemeentelijke uitvoeringsdiensten. Na het zomerreces zal dit kader te besluitvorming aan geboden worden.

Ook de landelijke handreiking safehouses (van maart 2022) wordt momenteel geëvalueerd en bijgesteld, in samenwerking tussen gemeenten, safehouses en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). De Regio is hier actief bij betrokken. d. Inzet van de regionale wachtlijstbeheerder continueren en versterken in adviesrol; het continueren is geborgd t.b.v. de gehele beleidsperiode en er is met de vaststelling van het voorstel (t.b.v. maatregel 12) aanvullend een achterwacht geregeld en de versterking van de adviesrol is mogelijk gemaakt door de wachtlijstbeheerder meer rechten te verstrekken (inzake AVG). Daarnaast is, mede n.a.v. de nieuwe inkoop, het uitvoerend wachtlijstproces in de eerste helft van 2023 geactualiseerd i.s.m. de betrokken Wmo consulenten van de gemeentelijke uitvoeringsdiensten en met de zorgadviseurs/-bemiddelaars van de gecontracteerde partijen. 15.

Scheiden wonen zorg door ontwikkelen naar Beschermd Thuis: in de vorige beleidsperiode zijn er diverse alternatieven voor beschermd wonen ontwikkeld om inwoners langer thuis te kunnen laten wonen en of eerder het beschermd wonen te kunnen laten verlaten. In de huidige beleidsperiode worden deze alternatieven c.q. voorzieningen gecontinueerd en is bij de inkoop het ‘Scheiden wonen zorg’-product (binnen de muren van een instelling) vervangen

Safehouses vormen een relatief nieuwe voorziening (in Nederland sinds circa 2021 in opmars) die steeds vaker wordt ingezet in aanvulling op behandeling van verslaving in een kliniek. De term ‘safehouse’ duidt op een veilige en gezonde, abstinente woonomgeving, waarin vaardigheden die essentieel zijn voor blijvend herstel na een verslaving worden aangeleerd en geoefend in een huiselijke omgeving met gelijkgestemden. Een safehouse is een plek waar je na een verslavingsbehandeling verder kunt herstellen. Een tussenstation op weg van de afkickkliniek terug naar de maatschappij. 9 9

door ‘Beschermd Thuis’ (24 uurszorg in de eigen woning). Per september 2023 is de implementatie van dit nieuwe product gefaseerd gestart. De daadwerkelijke in zorg name van inwoners, met behulp van het product Beschermd Thuis, komt traag op gang. Enerzijds is de hiertoe gecontracteerde partij Kwintes, het hele kalenderjaar drukdoende geweest met de werving van personeel (wat moeizaam verliep i.v.m. de huidige arbeidsmarktkrapte). Anderzijds melden de gemeentelijke uitvoeringsdiensten nog maar zeer beperkt inwoners daarvoor aan. Er zijn 3 inwoners in zorg genomen vanaf september 2023 en recent 4 in screening (peildatum 30 mei 2024). Uitvraag bij gemeenten heeft opgeleverd dat de Wmo consulenten nog onvoldoende beeld hebben bij dit nieuwe product, waardoor ze deze ook nog onvoldoende meenemen in het beoordelingsproces; hierop wordt door de Regio (extra) geïnvesteerd middels scholing (zie maatregel 14b.). Daarnaast is de recente stijging met 4 aanmeldingen het effect van het bezoeken van het Sociaal Plein in Hilversum, door de projectleider Beschermd Thuis van Kwintes en de wachtlijstbeheerder van de Regio. Daarnaast wordt met deze implementatie ook lokaal afgestemd in het kader van ‘zachte landing in de wijk’.

Gooise Meren is de de pilot ‘GGz landing in de wijk’ in januari 2024 gestart, in samenwerking met GGz Centraal, Kwintes, Leger des Heils, Maatjesproject, MEE-UGV en Versa Welzijn10. Hilversum gaat in 2024 tevens aan de slag met lokaal vastgesteld beleid, betreffende landing in de wijk en inzet van ervaringskennis. 16.

Implementatie wettelijke aanpassingen t.a.v. de doordecentralisatie BW (NvO, woonplaatsbeginsel BW, objectief verdeelmodel, modelovereenkomst): de regio voldoet aan de Norm van Opdrachtgeverschap (NvO) en heeft bij de inkoop rekening gehouden met de landelijke modelovereenkomst. Het wetsvoorstel Woonplaatsbeginsel Beschermd Wonen (BW) lag voor in de Tweede Kamer t.b.v. invoering per 2024 (na eerder uitstel voor invoering per 2023). De invoering van het objectief verdeelmodel (t.b.v. de financiële middelen BW) hangt hiermee samen. Met het vallen van het kabinet is de hervorming van het beschermd wonen controversieel verklaard, waarmee het invoeren van het woonplaatsbeginsel en het objectief verdeelmodel wederom is uitgesteld. De gemeenten in de Gooi en Vechtstreek lopen in de pas met de landelijke planning inzake de inhoudelijke doordecentralisatie en op onderdelen zelfs voor, zoals bij de interventies en voorzieningen die getroffen zijn in het kader van de maatregelen 12, 13, 14 en 22. In de zomer van 2023 zijn de landelijk geactualiseerde indicatoren vastgesteld en d.d. 8 december 2023 is het geactualiseerde dashboard Beschermd Wonen gepresenteerd aan de gemeentelijke bestuurders van de G40, tijdens het bestuurlijk netwerk MO-BW. Onze regio scoort op alle indicatoren goed/gereed.

17.

Invullen randvoorwaarden ‘ambulantisering’ (a. t/m f.) a. Woningen voor inwoners met GGz problematiek; krijgt – zover nodig11 - zijn beslag in de woonzorgopgaven voor aandachtsgroepen (Programma ‘Een thuis voor iedereen’), in het Woonakkoord (30% sociale huur) en tevens in het kader van maatregel 22 Huisvesting Maatschappelijke Doelgroepen (HMD). De regionale woonzorganalyse is d.d. 18 april 2024 2024 opgeleverd; het te doorlopen proces hiertoe vond gezamenlijk12 plaats en het vervolg hierop zal ook in deze samenstelling plaatsvinden. b. Tijdelijke huisvesting starten voor thuisloze inwoners die ook (tijdelijk) ondersteuning nodig hebben; krijgt zijn beslag in de ontwikkeling van een tweede In Between Places (IBP) – zie maatregel 11, kleinschalige opvanginitiatieven). Naast het bestaande IBP-concept (van Dudok Wonen, in

De pilot is recent opgenomen in het landelijke programma Welkome Wijken van Trimbos, Phrenos en Movisie. Vanuit dit programma wordt een handreiking ontwikkeld. De pilot in Gooise Meren is twee ledig. Enerzijds wordt ingezet op praktische samenwerking van formele en informele partijen bij individuele casuïstiek. Hierbij is niet alleen aandacht voor de cliënt maar ook voor naasten en de buurt. Anderzijds wordt ingezet op het 'GGZ vriendelijk' maken van diverse locaties en allerhande plekken in de gemeente. Dit doen we met behulp van een workshop, trainingen en/of de inzet van een GGZ-coach. De eerste resultaten zijn positief. 11 Niet iedere inwoner met GGz problematiek heeft huisvestingsproblemen. Er zijn geen woningen speciaal voor mensen met GGz-problemen. Het hebben van GGz problemen geeft geen specifieke huisvestingsopgave. 12 In gezamenlijkheid tussen gemeenten en relevante partners, waarbij zowel de aandachtsgroepen behorend tot dit beleidsplan als ook de bredere doelgroep, inclusief Ouderen, vertegenwoordigd wordt middels een stuur- en werkgroep. Gemeenten zijn bestuurlijk en ambtelijk vertegenwoordigd vanuit het fysieke en sociale domein en de relevante partners zijn woningcorporaties, VVT-instellingen (ouderen), B&O gecontracteerde instellingen, Tergooi MC en Zilverenkruis. 10 10

Hilversum) zijn gemeenten voornemens een tweede IBP te ontwikkelen in antwoord op ‘tijdelijke huisvesting starten voor thuisloze inwoners die (ook) tijdelijk ondersteuning nodig hebben’, zie verder maatregel 17c en 20. NB: een tweede IBP is tevens opgenomen in de regionale woonzorganalyse, in het plan van aanpak Dakloosheid en maakte al onderdeel uit van de Woondeal. c. Afspraken maken over solidariteit tussen gemeenten; bij voorkeur vindt er een evenredige spreiding van voorzieningen voor inwoners met kwetsbaarheden plaats en neemt iedere gemeente zijn/haar deel. Ten aanzien van bescherming en opvang gaat dit om de woonzorgopgaven zoals deze in het beleidsplan (maatregelen 18 t/m 21) zijn opgenomen. Onderlinge solidariteit kan bijvoorbeeld ingevuld worden doordat gemeente A er zorg voor draagt dat er een tweede Keerpunt (Skaeve huse) komt in gemeente A en dat gemeente B zorgdraagt voor een (tweede) In Between Places Plus in gemeente B. De hierboven genoemde voorzieningen bevinden zich op dit moment alleen in centrumgemeente Hilversum. Solidariteit zou ook overstijgend aan bescherming en opvang ingevuld kunnen worden, bijvoorbeeld in het kader van de huisvesting van ouderen en (andere) aandachtsgroepen, conform het ‘fair share’ principe zoals ook verwoord in de programma’s betreffende Wonen & Bouwen en neergelegd in de Woondeal met de MRA.

Vooralsnog blijft vanuit dit beleidsterrein de focus op onderlinge solidariteit in het kader van bescherming en opvang. Een eventuele kostenregeling (bij het niet voldoen van een af te spreken taakstelling) is in 2022 ambtelijk verkend op basis van de verhuisbewegingen in het kader van de in-, door- en uitstroom beschermd wonen; de daarmee gemoeide begeleidingskosten vallen aanzienlijk lager uit dan in het beleidsplan is verondersteld. Omdat de gezamenlijke woonzorgopgaven complex zijn en vooralsnog niet concreet van de grond komen, is een doorbraak gewenst. In het portefeuillehouders-overleg d.d. 30 november 2023 zijn de gemeentelijke bestuurders met elkaar in gesprek gegaan aan de hand van het memo Gezamenlijke opgaven, een gezamenlijke verantwoordelijkheid. D.d. 4 april 2024 hebben de portefeuillehouders hier een vervolg aan gegeven en zullen het d.d. 11 juli 2024 terug laten komen. d. Aanvullend op 17c. vragen gemeenten om een kostenregeling, waarin ook 17a. en b. worden meegenomen en er rekening wordt gehouden met lokale initiatieven die beschermd wonen voorkomen. Dit laatste is moeilijk aantoonbaar te maken en is nog niet opgepakt. Maatregel 17a. t/m d. is mede afhankelijk van de dossier-overstijgende woonzorgopgaven en van de twee wetsvoorstellen Woonplaatsbeginsel BW en Versterking regie Volkshuisvesting.

Desondanks blijft deze sub maatregel integraal onderdeel uitmaken van de totale opgave van maatregel 17 en is deze ook benoemd in het memo bij maatregel 17c. e. Kader kleinschalig beschermd wonen wordt integraal meegenomen in het voorstel t.b.v. maatregel 17, waarbij de relatie met het thema ‘landing in de wijk’ centraal zal staan, behorend tot maatregel 15. Contractueel is de omvang ten behoeve van nieuwe beschermd wonen locaties uit de voorgaande contractperiode overgenomen, te weten dertig. En met de beweging van beschermd wonen naar beschermd thuis, bieden gemeenten steeds vakere, steeds langer en daar waar nodig ook intensiever ondersteuning aan in de wijk (tot en met 24-uurszorg in de eigen woning). f. Monitor Beschermd Wonen (BW); de landelijke monitor BW is recent doorontwikkeld, zie maatregel 16. Daarnaast is een aantal te monitoren data nu ook al inzichtelijk, zoals het aantal wachtenden voor beschermd wonen en het aantal inwoners dat woonachtig is in het beschermd wonen. Zo nu en dan stellen gemeenten ad hoc vragen over data waarop de Regio tracht te anticiperen (zonder daarbij de administratieve lasten bij gemeenten en partners te verzwaren). Gezien de landelijke ontwikkelingen (zie ook maatregel 5 en 16) heeft deze sub maatregel geen prioriteit gekregen en zal deze in 2025 terug op de agenda komen in voorbereiding op het volgende 11

beleidsplan. 18.

Geclusterde woningen realiseren (nog circa 30 te realiseren); Hilversum heeft in de vorige beleidsperiode op het ‘Lucent-terrein’ 14 eenheden en een ontmoetingsplek voor de buurt gerealiseerd. Op dit moment zijn er geen concrete ontwikkelingen te melden, betreffende de nog te realiseren 30 eenheden. Gemeenten hebben nog geen mogelijkheden hiertoe gevonden en of beschikbaar gesteld. Daar het effect van de openstelling van de Wlz GGz ertoe heeft geleid dat aanzienlijk meer inwoners dan verwacht beschermd wonen ontvangen vanuit de Wlz in plaats vanuit de Wmo, zal in 2024 deze maatregel herijkt en eventueel (in aantal) bijgesteld worden. Uitkomst van de regionale woonzorganalyse tbv aandachtsgroepen en ouderen, heeft wel een behoefte in beeld gebracht ten aanzien van geclusterde woningen maar niet meer ten aanzien van de aandachtsgroepen behorend tot bescherming en Opvang (wel tot de categorie Ouderen). Hiermee wordt er door gemeenten geen inzet meer gepleegd op deze maatregel.

19.

Beschikbaarheid 45 woningen directe nabijheid BW/zorgsteunpunten: De mogelijkheid hiertoe op individueel niveau bestaat al wel binnen de urgentieregeling ten behoeve van beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Op advies van de gemeentelijke uitvoeringsdienst en of van de direct betrokken aanbieder kan een inwoner gericht urgentie aanvragen voor een woning in de directe nabijheid van een beschermde woonvorm. NB: zogenaamde ‘zorgsteunpunten’ zijn niet nader gedefinieerd door gemeenten. Daar het effect van de openstelling van de Wlz GGz ertoe heeft geleid dat aanzienlijk meer inwoners dan verwacht beschermd wonen ontvangen vanuit de Wlz in plaats vanuit de Wmo, zal ook deze maatregel (gelijk aan maatregel 18) in 2024 herijkt en eventueel bijgesteld worden. Dit zal ook terug te lezen zijn in de regionale woonzorganalyse, die d.d. 18 april 2024 is opgeleverd. Uitkomst: geen extra inzet op nodig, behoefte is niet meer naar voren gekomen. Daarmee zullen er geen 45 woningen beschikbaar gesteld worden, maar zal wel de mogelijkheid aanwezig blijven om de behoefte aan de directe nabijheid van een BW mee te nemen in het vinden van een woning (zonder maximum van 45 woningen).

20./21

Interventie woningen realiseren (20)/uitbreiding huisvesting overlastgevende zorgmijders (21): Ten aanzien van de interventiewoningen zetten gemeenten in op een tweede In Between Places (IBP) maar dan aangevuld met een lichte vorm van ondersteuning; IBP+. Het voorstel Interventiewoningen is d.d. 16 december 2021 vastgesteld door de portefeuillehouders. Ten aanzien van de benodigde uitbreiding huisvesting overlastgevende zorgmijders zetten gemeenten in op een tweede Keerpunt (Skaeve huse) elders in de regio, het voorstel is d.d. 29 september 2022 vastgesteld door de portefeuillehouders en vervolgens, d.d. 27 oktober 2022, zijn de gemeenteraden hierover geïnformeerd. Gemeenten – in onderlinge afstemming tussen fysiek- en sociaal domein - hebben daarbij afgesproken om met een top 3 ten aanzien van mogelijke locaties te komen. Op beide maatregelen zijn op dit moment geen verdere ontwikkelingen te melden, zie verder ook het memo ‘Gezamenlijke opgaven, een gezamenlijke verantwoordelijkheid’ bij maatregel 17c. Daarbij komen de in het memo genoemde voorzieningen (IBP+ en tweede Keerpunt) ook terug in de vastgestelde regionale woonzorganalyse en in het plan van aanpak dakloosheid.

22.

Doorontwikkeling Huisvesting Maatschappelijke Doelgroepen (HMD); Primaire focus van gemeenten is gericht op preventie en snelle interventie (vroeg erop af), secundaire focus richt zich op het aanpakken van problemen volgens HMD, onder andere middels inzet van HOV. - Regionaal worden gemiddeld 75 – 80 Huren Onder Voorwaarden (HOV) trajecten op jaarbasis aangegaan, omdat de betrokken aanbieders hiervoor kosten maken waar tot 2023 geen vergoeding tegenover stond is het voorstel Kostenvergoeding intermediaire verhuur d.d. 15 december 2022 door de portefeuillehouders vastgesteld. De eerste vergoedingen over het kalenderjaar 2023 worden momenteel uitgekeerd. Een eventueel groeiende vraag i.r.t. de Wlz-cliënten met een HOV-traject 12

-

-

wordt nauwlettend gevolgd13. Ook wordt er twee keer per jaar op uitvoeringsniveau afgestemd tussen gemeenten, betrokken aanbieders, woningcorporaties en Regio. Gemeenten hebben een nieuwe, doorontwikkelde huisvestingsverordening (HVV) ten behoeve van 2024 en verder. Beschermd wonen en maatschappelijke opvang hadden en houden hierin hun positie; waarbij inwoners die gebruik maken van beschermd wonen of maatschappelijke opvang in aanmerking komen voor urgentie bij uitstroom. Inwoners die gebruikmaken van de maatschappelijke opvang kunnen ingaande het kalenderjaar 2024 na 9 maanden14 in aanmerking komen voor urgentie (ten opzichte van de afgelopen kalenderjaren na 1 jaar). Nieuwe ontwikkelingen daarin zien we in het toevoegen van de mogelijkheid van uitstroomurgentie voor Wlzcliënten en bij complexe uitstroomsituaties uit de long stay GGz-kliniek in Gooise Meren (cases Medisch Noodzakelijk Verblijf). Voor uitstroom van jongeren uit de Jeugdzorg wordt door en in samenwerking met Wonen (fysiek domein) onderzocht of de mogelijkheid van zogenaamde ’friendscontracts’ uitkomst kunnen bieden, naast de andere opties die naar voren komen in de woonzorganalyse en in het plan van aanpak dakloosheid.

De werking van het tot dusver succesvolle concept HOV zal gemonitord blijven worden, zodat tijdig bijgestuurd kan worden mocht het aantal huisuitzettingen onverhoopt toenemen (wat overigens niet het geval is). De monitor is in 2023 doorontwikkeld en uitgebreid. De indicatoren die gezamenlijk gemonitord worden naast de aantallen - zijn onder andere de aanleiding voor HOV en het eindresultaat. NB: monitoring is alleen mogelijk in relatie tot de convenantpartners HOV (woningbouwcorporaties/sociale huurwoningen, aanbieders/begeleiding en gemeenten/procesregie). Begin juni 2024 hebben gemeenten geconstateerd dat er in de eerste 5 maanden van 2024 meer huisuitzettingen zijn geweest dan in de jaren ervoor. Deze uitzettingen hadden niet direct iets met HOV te maken, maar vragen wel om aandacht. Ten aanzien van de gesignaleerde cases ging het volgens de woningcorporaties 2x om woonfraude, 1x om huurachterstand waarbij de huurder niet uitgezet is maar wel vertrokken is, 1x om een huuropzegging vanwege (langdurige) detentie, 1x huurachterstand en 1x huurachterstand met 3 vonnissen (recidive, inclusief een mislukt HOV-traject).

De situaties ‘huurachterstand’ zullen nader verkend en gemonitord blijven en in het kader van het plan van aanpak Dakloosheid (bij actielijn 1 ‘Versterken vroegsignalering door het aanscherpen van de aanpak van geldzorgen, armoede en schulden’) in de uitvoering en het gesprek daaromtrent meegenomen worden.

Waar bevinden de voorzieningen zich? In deze paragraaf zijn de woonzorgvoorzieningen in het kader van Bescherming en Opvang opgenomen. In de vorige rapportage is de platte tekst vervangen door beeldmateriaal, ondersteund met tekst, zie hiervoor deze factsheet. Dit om de leesbaarheid en het leesplezier te vergroten. Tip: Scrol met je muis over het beeld van de regio, bij de ‘oogjes’ komt de tekst naar voren.

13

Tot op heden is er geen sprake van een significante groei.

14 Formele tekst uit de HVV:

-

(hvv 4.1.2.8 lid b) de algemeen geldende regel is urgentie mogelijk na 1 jaar verblijf in MO/BW. (hvv 4.1.2.8 lid d) de mogelijkheid bestaat het jaar te verkorten na 9 maanden voor ‘de aanvrager voor wie langer verblijf in de maatschappelijke opvang niet helpend is voor herstel en voor wie een andere dan sociale huurwoning geen oplossing van het woonprobleem is, deze kan met een positief advies van zorgpartij en gemeente, ook na negen maanden (i.p.v. één jaar) voor een urgentie in aanmerking komen’. 13

Een integrale benadering In onderstaand tabel staat de voortgang per maatregel uitgeschreven. De programmalijn ‘Een integrale benadering’ bestaat uit negen maatregelen. Deze programmalijn heeft in de periode tot juni 2023 slechts beperkt aandacht gekregen van gemeenten en Regio, onder andere door de beperkte personele capaciteit bij de Regio en de door gemeenten aangebrachte prioritering voor (personele) inzet op het Integraal Zorg Akkoord (IZA). Per medio juni 2023 is er bij de Regio een extra beleidsadviseur gestart. Diens aandachtsgebied betreft Zorg en Veiligheid. Dit leidde ertoe dat de grote behoefte aan (ambtelijke) afstemming op het gebied van thema’s die zowel zorg als veiligheid raken duidelijk zichtbaar werd. Tevens is gebleken dat er ambtelijk, bestuurlijk en onder ketenpartners behoefte is aan een brede ondersteuning en regievoering op zowel het bestuurlijk overleg Zorg & Veiligheid (BOZV) als op de beleidsmaatregelen in Programmalijn 3 Een integrale benadering vanuit Zorg en Veiligheid. Door het opnieuw activeren van een regionaal ambtelijk overleg op het gebied van zorg en veiligheid kunnen de vraagstukken uit Programmalijn 3, die vaak gemeente-overstijgend zijn, domeinoverstijgend worden aangepakt. Daarom stelde het Directieoverleg Sociaal Domein op 21 maart 2024 het voorstel Een integrale benadering vanuit Zorg en Veiligheid vast. 23.

Instellen bestuurlijk overleg Zorg & Veiligheid – Op Midden-Nederland niveau besloten Bureau RVS en de 38 gemeenten Zorg en Veiligheid niet langer van prioriteit te voorzien. De bestuurlijke portefeuille Zorg en Veiligheid is in de Gooi en Vechtstreek met het aflopen van de Regionale Veiligheidsstrategie overgedragen van Gooische Meren naar Blaricum. In juni 2023 vond het bestuurlijk overleg Zorg & Veiligheid plaats. Het hoofdthema van deze bijeenkomst was Jonge Aanwas. Het tweede overleg in oktober is in verband met afwezigheid van de voorzitter geannuleerd. In maart 2024 vond een BOZV plaats met als hoofdthema het verstevigen van de domeinoverstijgende samenwerking tussen Zorg en Veiligheid.

24.

Doorontwikkelen aanpak kwetsbare inwoners (a. t/m d., verward gedrag, Wvggz, MDA++ en voortzetting procesregie) a. Verward gedrag: Onze regio kent een jarenlange, goede samenwerking tussen (bovenregionale) partijen uit het sociaal-, zorg- en veiligheidsdomein. Met subsidiemiddelen van ZonMw die de regio de afgelopen jaren heeft ontvangen, zijn mooie stappen gezet. Er is een infrastructuur met overlegtafels ingericht waar casuïstiek besproken wordt. De afgelopen jaren heeft de doorontwikkeling van het Zorg- en Veiligheidshuis in de regio een impuls gekregen en is onder meer de aanpak Verward & Gevaarlijk ontwikkeld. Tot slot is er in 2022 vanuit een werkgroep met alle gemeenten een uniforme lokale (gemeentelijke) werkwijze ontwikkeld. Deze is gericht op niet acute zorg met betrekking tot onbegrepen gedrag. Het eindproduct is een integraal werkproces. De uitvoering hiervan is lokaal belegd. In onderstaand tabel staan cijfers betreffende maatregel 24a15: Gemeenten 2019 2020 2021 2022 2023 202416 Blaricum 37 80 127 37 25 24 Eemnes 34 36 39 35 51 15 Gooise Meren 309 392 428 527 470 154 Hilversum 731 794 1126 1075 1044 377 Huizen 247 414 347 408 245 106 Laren 79 48 28 49 45 20 Wijdemeren 46 46 86 107 99 21 Bron: politie Utrecht, peildatum/datum export 4 juni 2026

Let op: de hierboven gepresenteerde aantallen, zeggen alleen iets over het aantal zogeheten (E33-) meldingen ‘incidenten’ onbegrepen (c.q. verward) gedrag’ en niets over het aantal ‘personen’ met onbegrepen gedrag. 16 E-33 meldingen tot en met april 2024. 15

14

ZonMW kende in mei 2024 in het kader van het landelijk actieprogramma Grip op Onbegrip de subsidie Domeinoverstijgend samenwerken in hotspots en veiligheidsregio’s aan onze regio toe. Grip op Onbegrip zet in op het bouwen aan veerkrachtige netwerken voor mensen met onbegrepen gedrag. De subsidie is gericht op samenwerkingsverbanden en heeft het doel om sneller passende zorg en ondersteuning te kunnen bieden aan mensen met onbegrepen gedrag met (zeer) complexe problematiek. Dit vraagt om het versterken van domeinoverstijgende samenwerking tussen GGZ, politie, gemeenten en/of GGD. Het intensiveren en verbeteren van de samenwerking tussen het zorg-, veiligheids- en sociaal domein staat hierbij centraal. a. MDA++: project is in 2021 gerealiseerd, waarbij de uitvoering regionaal bij Veilig Thuis werd belegd en lokaal bij de gemeentelijke uitvoeringsdiensten. Dit is echter niet in uitvoering genomen. Veilig Thuis (VT) heeft - vanuit juridisch en praktisch oogpunt – onderzocht wat ervoor nodig is om alsnog tot uitvoering te kunnen komen. Gezien de huidige ontwikkelingen binnen het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming is er geen verdere opvolging aan de uitkomsten van het onderzoek gegeven. Aan de MDA++-doelgroep zal namelijk binnen de Toekomsttuinen van het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming (0-100) een plek worden gegeven.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=804b72c3-f26d-488f-bdb8-b95dd014112a