2. Collegebrief inzake Uitvoeringsplanning natuurverbinding Laapersveld
Tekst van het document
GEMEENTE HILVERSUM POSTBUS 9900 1201 GM HILVERSUM BEZOEKADRES: RAADHUIS
Aan de gemeenteraad cc commissieleden cc pers
DUDOKPARK 1 TELEFOONNUMMER: 14 035 WWW.HILVERSUM.NL
5 juni 2024 ZAAKNUMM ER 1467348 BEHA NDELD DOOR Joost Volkers TELEFOON (035) 629 2481 DATUM
UW KENMERK
BETREFT Uitvoeringsplanning natuurverbinding Laapersveld
BIJLAGEN
Geachte raadsleden, In de Raadscommissie Duurzaamheid en bereikbaarheid van 24 januari 2024 is het jaarplan Programma Groen besproken. Daarin is de stand van zaken van de verschillende projecten van Programma Groen toegelicht. Eén van de projecten is de Natuurverbinding Laapersveld over het spoorviaduct aan de Diependaalselaan. Aanvankelijk werd rekening gehouden met een uitvoering van de natuurverbinding in Q2 van 2024. In het jaarplan is tevens aangegeven dat de uitvoering van de natuurverbinding afhankelijk is van de uitvoering van Plan Huydecopersweg. Eén van de onderdelen van Plan Huydecopersweg is het realiseren van een persleiding tussen het pompgemaal Laapersveld en het meest zuidelijke bergingsbassin van het Plan Huydecopersweg. Die persleiding wordt in de periode september-november 2024 d.m.v. een gestuurde boring aangebracht. Voor het bereiken van de boorlocatie en voor het aanvoeren van materiaal moet gebruik worden gemaakt van het viaduct over de Diependaalselaan. Omdat het gebruik van het viaduct door zwaar transport grote gevolgen zou hebben voor de aan te leggen natuurverbinding is besloten om pas te starten met de realisatie van de natuurverbinding nadat de gestuurde boring is afgerond. De start van de realisatie van de natuurverbinding Laapersveld staat nu gepland op Q1 2025.
Voor de zomervakantie is er een informatieavond waarin de omgeving een toelichting krijgt over het ontwerp van een optimaal functionerende natuurverbinding en de uitvoeringsplanning. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
mr. C.P. Torres Barrera
dr. ir. G.M. van den Top