CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

1a Technische vragen raadsleden VJN 2026 en Kadernota 2027 totaal incl. antwoorden (Toegevoegd 23 juni 2026)

GEMEENTERAAD 1 juli 2026, gemeente HilversumBij agendapunt: Voorjaarsnota 2026 (1966013)7.414 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording

Voorjaarsnota en kadernota: Vragen per fractie

Burgemeester / wethouder

Vraagnr.

Fractie

Hoofdstuk/paragraaf

Paginanr.

1

HvH

Voorjaarsnota

4

Pagina 4 "Jeugdwet en andere overgedragen taken van het Rijk aan gemeente..." Welke taken specifiek?

Dit betreft een algemene constatering dat in tegenstelling tot voorgaande jaren het Rijk geen extra compensatie biedt. Het Ravijnjaar en de Jeugdwet worden specifiek benoemd, omdat hiervoor eerder compensatie is ontvangen (zie voorjaarsnota 2025).

Kalk

2

HvH

Voorjaarsnota

4

Pagina 4 "Jeugdwet en andere overgedragen taken van het Rijk aan gemeente..." Waarom komt daar geen compensatie vanuit het Rijk?

Het Rijk heeft tot en met 2027 extra compensatie verleend, echter voor de jaren daarna is hierover nog geen uitspraak gedaan (zie voorjaarsnota 2025).

Kalk

Technische vraag

Antwoord

Dit is nader toegelicht op pagina 32 van de voorjaarsnota 2026:

3

HvH

Voorjaarsnota

8

Formatie: 340 inburgerplichtig, maar reëel 690. Waar komen die ineens vandaan?

'Sinds 2024 is de doelgroep Wet Inburgering 2021 sterk toegenomen. Van begin 2024 tot februari 2026 nam het aantal inburgeringsplichtige toe van 340 naar 690 (meer dan verdubbeld). Daarnaast wordt voor 2026 aanvullend een toename van 78 statushouder verwacht. Hiermee voldoet gemeente Hilversum aan de taakstelling, zoals opgelegd door het Rijk. Voorgesteld wordt om de beschikbare fte in lijn te brengen met het aantal inburgeringsplichtige. Dit zal resulteren in een uitbreiding van de formatie met 4 fte (€490.000)'

Heller

Het aantal inburgeringsplichtige is van begin 2024 tot begin 2026 toegenomen van 340 naar 690.

4

HvH

Voorjaarsnota

8

Formatie: Waarom is 1 fte 25.5 uur?

Vanuit de participatiewet is voorgeschreven dat werkgevers een bepaald aantal mensen met een arbeidsbeperking in dienst dienen te nemen. Voor deze specifieke regeling geld dat een fulltime betrekking 25,5 uur betreft. Een reguliere fulltime dienstbetrekking bij de gemeente betreft inderdaad 36 uur.

Göbbels

5

HvH

Voorjaarsnota

8

Formatie: Normaal is dat 36-40 uur?

Vanuit de participatiewet is voorgeschreven dat werkgevers een bepaald aantal mensen met een arbeidsbeperking in dienst dienen te nemen. Voor deze specifieke regeling geld dat een fulltime betrekking 25,5 uur betreft. Een reguliere fulltime dienstbetrekking bij de gemeente betreft inderdaad 36 uur.

Göbbels

Opvang Oekraïne vluchtelingen.: Vraag/Opmerking 1: Opvang Oekraïne vluchtelingen. Maar gaat over asielopvang. 6

23-6-2026

HvH

Voorjaarsnota

13

Per reserve wordt de mutatie toegelicht en ondanks dat het doel van de reserve inmiddels breder is geformuleerd is de naam niet gewijzigd door de raad. de onttrekking van € 31.000 en € 640.000 heeft betrekking op 2 verschillende boekjaren. U schrijft dat dekking voldoende is om aan asielopvang te voldoen, echter bij de jaarstukken • In de resultaatbestemming van de jaarstukken 2025 wordt voorgesteld om € 31.000 te onttrekken uit de vraagt u 31.000 overheveling asielopvang Opvang. “reserve opvang ontheemden Oekraïne” voor de kosten van asielopvang in 2025. Vraag 2: Is het 640.000 of 640.000 plus 31.000 overhevelen uit jaarstukken? • In de voorjaarsnota 2026 wordt voorgesteld om incidenteel € 640.000 in 2026 in te zetten voor de Dat is echt storend!!! voorbereidingskosten van 2 asiellocaties en deze uitgaven te dekking uit de reserve opvang Oekraïners.

Op pagina 30 en 36 wordt voorgesteld om € 117.000 structureel vanaf 2027 in te zetten voor verbinding in de omgeving/buurt (1 fte opbouwwerker / wijkverbinder). Dit gaat over structurele uitgaven vanaf 2027. voorjaarsnota nog een keer asielopvang nu intensiveren asielopvang nu structurele opname In de voorjaarsnota wordt voorgesteld om in 2026 incidenteel € 640.000 in te zetten voor de van 117.000 euro. Heller voorbereidingskosten van 2 asiellocaties. Dit moet gedekt worden uit de reserve opvang Oekraïners. Vraag 1:Graag een compleet beeld kosten en begroting asielopvang! Eventuele aanpassingen in de openbare ruimte rond de twee asiellocaties, bijvoorbeeld naar aanleiding van de buurtschouwen met omwonenden, zullen incidenteel worden gedekt uit de reserve opvang Oekraïners.

7

HvH

Voorjaarsnota

30

8

HvH

Voorjaarsnota

34

9

HvH

Kadernota

7

10

HvH

Kadernota

18

Heller

Arbobudget: Structureel 50.000 en voor RIenE 80.000 extra. Nee, de beschikbare budgetten zijn ontoereikend voor het uitvoeren van deze risico-inventarisatie en evaluatie Göbbels Vraag 1: Ri en E zijn wettelijke taken en keren telkens terug. Zitten ze niet in het personeel (RI&E’s). en organisatie budget? Personeel kosten Wijdemeren: Hilversum: 2 oud-wethouders Göbbels Hoeveel oud college leden ontvangen nog wachtgeld? In Hilversum en Wijdemeren? Wijdemeren: 3 oud-wethouders " De trouwlocaties in de gemeenten veranderen niet, de trouwlocatie in Wijdemeren Rading 1 Per 1 januari is locatie Rading 1 in Loosdrecht niet meer in gebruik als gemeentehuis en vervalt als gevolg Göbbels in Loosdrecht vervalt" ! daarvan als trouwlocatie. Waarom? Wat is de reden hier achter?

1

Beantwoording

Voorjaarsnota en kadernota: Vragen per fractie Vraagnr.

11

12

13

14

15

16

23-6-2026

Fractie

Hoofdstuk/paragraaf

Paginanr.

Technische vraag

Antwoord

Burgemeester / wethouder

Van de Linde A - Aanmeldingen

1) Kan het college per aanmelding in een overzicht aangeven of deze voortkomt uit: a) een wettelijke verplichting; b) een contractuele of indexatieverplichting; c) bestaande raads- of collegebesluitvorming; d) autonome uitvoeringsdruk; e) een nieuwe bestuurlijke keuze? Graag per aanmelding ook aangeven of de post incidenteel of structureel is, en welke afwegingsruimte de raad nog heeft.

Wij begrijpen de vraag, maar is niet altijd eenduidig te beantwoorden. en te categoriseren. Op wettelijke verplichtingen kunnen ook contractuele en/of indexatieverplichtingen rusten. Wij zijn onder meer verantwoordelijk voor het onderhouden van wegen, hebben contractuele verplichtingen daarvoor met aannemers en moeten meerjarenonderhoudsplannen worden geindexeerd. Bij de verschillende aanmeldingen kunnen meerdere factoren een rol spelen. Bij de aanmeldingen hebben wij onder andere de afspraak gehanteerd dat deze dienen te voldoen aan de drie O's (Onvoorzien, Onvermijdelijk, Onuitstelbaar). Voor de inhoudelijke afweging van de aanmeldingen verwijzen wij u graag naar de antwoorden die zijn gegeven op de vragen die gesteld op basis van artikel 169 gemeentewet.

Allen

Van de Linde A - Aanmeldingen

2) Waarom worden posten zoals strategische huisvesting, formatie-uitbreiding, sociaal werkgeverschap en “overig” als beleidsarm gepresenteerd? Kan het college per post aangeven welke beleidsmatige of politieke afweging hierin besloten ligt en welke keuzevrijheid de raad nog heeft?

Elke indeling is arbitrair, ook vanuit dit oogpunt is deze vraag te begrijpen. Strategische Huisvesting is een organisatievraagstuk en daarmee minder een politiek vraagstuk. En tegelijkertijd is dit wel een gevolg van bestuurlijke keuzes die gemaakt zijn.De raad heeft keuzevrijheid in goedkeuring van de voorliggende Voorjaarsnota en de mogelijkheid om door middel van moties en amendementen . Sociaal Werkgeverschap is een wettelijke verplichting waar op dit moment nog niet aan wordt voldaan. Het voorstel voor de formatieuitbreiding is een antwoord op de toename van de druk op uitvoering van bestaand beleid.

Göbbels

Van de Linde B - Investeringen

Het investeringsvolume van € 94,6 miljoen voor 2027 is gespecificeerd opgenomen in de Programmabegroting 2026, op pagina 168. In de toelichting wordt vermeld in hoeverre de raming is aangepast als gevolg van 1) Kan het college het investeringsvolume in 2027 (zowel de reeds begrootte €94,6 mln als indexering. De mutatie van € 94,6 miljoen naar € 132,2 miljoen is toegelicht in de Voorjaarsnota op pagina 43 de mutatie naar €132,2 mln), uitsplitsen per investeringsproject? Graag per project aangeven tot en met 53. Daarbij wordt inzicht geboden in de aard van deze mutatie, waaronder actualisatie en indexering, of sprake is van: verschuivingen in planning of startdatum en eventuele nieuwe beleidsmatige of bestuurlijke keuzes. Bij de a) een bestaand raadsbesluit; Kalk vaststelling van de Programmabegroting 2027 autoriseert de raad de jaarschijf van het betreffende b) actualisatie of indexatie; begrotingsjaar, met uitzondering van de sterretjesposten. Dit is in lijn met artikel 5, derde lid, van de Financiële c) verschuiving in planning en/of startdatum; verordening gemeente Hilversum, waarin is bepaald dat de in de begroting opgenomen investeringen door de d) een nieuwe beleids- of bestuurlijke keuze.

raad worden geautoriseerd bij de vaststelling van de begroting en dat investeringen die als sterretjespost zijn aangemerkt eerst afzonderlijk ter besluitvorming aan de raad worden voorgelegd.

Van de Linde B - Investeringen

2) Wat betekent deze investeringspiek in 2027 concreet voor de kapitaallasten en schuldquote enerzijds, en voor de uitvoeringscapaciteit/uitvoeringsdruk anderzijds vanaf 2028?

Voor de berekening van de kapitaallasten wordt in Hilversum uit gegaan van een realisatie, uitvoering, van € 30 miljoen aan investeringen en wordt er rekening gehouden met de uitvoeringscapaciteit van de organisatie. Wij monitoren de realisatie en mocht blijken dat dit cijfer moet worden aangepast dan zullen wij dit voorstellen bij het eerst mogelijke P&C-product. Voor verwijzing van de berekening van de schuldquote zie bladzijde 17 van de Voorjaarsnota 2026, de investeringen in de Voorjaarsnota zijn onderdeel van deze berekening

3) Welke investeringen (bestaand of nieuw) heeft het college zelf beoordeeld op mogelijke fasering, temporisering of versobering? Graag daarbij aangeven welke opties zijn onderzocht, welke zijn afgevallen en waarom.

De stand van zaken van de investeringsopgaven wordt periodiek inzichtelijk gemaakt via het Meerjaren Perspectief Grondexploitaties Gebiedsontwikkeling (MPG), de begroting en de jaarrekening. Het college heeft in het kader van de Voorjaarsnota geen investeringsopgaven geschrapt of versoberd. Grote investeringen, zoals strategische vastgoedaankopen, investeringen in de openbare ruimte binnen gebiedsontwikkeling of investeringen in het kader van calamiteiten (zoals de persleiding), worden via een afzonderlijk besluit aan de raad voorgelegd. Na vaststelling door de raad worden deze investeringen verwerkt en vastgelegd in het Kalk relevante P&C-document. De raad besluit bij de voorjaarsnota 2026 over het vrijgeven van de (aangepaste) kredieten voor de jaarschijf 2026. Bij de Programmabegroting 2027 wordt de jaarschijf van het betreffende jaar geautoriseerd, met uitzondering van sterretjesposten. Dit sluit aan op artikel 5, derde lid, van de Financiële verordening gemeente Hilversum. Het gesprek over de verdere ontwikkeling van de investeringsopgaven wordt in het najaar voortgezet bij de reguliere behandeling van de financiële stukken.

1) Kan het college in één overzicht aangeven hoeveel fte de Voorjaarsnota toevoegt aan de reguliere formatie? Graag uitsplitsen naar: a) structureel of tijdelijk; b) taakveld of programma; c) dekking; d) doorwerking in structurele apparaatslasten; e) verhouding tot overhead en ondersteunende functies.

Zie bijlage "Bijlage - Antwoord vraag 16".

Van de Linde B - Investeringen

Van de Linde

C - Formatie en uitvoeringscapaciteit

Kalk

Göbbels

2

Beantwoording

Voorjaarsnota en kadernota: Vragen per fractie Vraagnr.

Fractie

17

Van de Linde

18

D66

Hoofdstuk/paragraaf

C - Formatie en uitvoeringscapaciteit

Aanvullende heffingen

Paginanr.

Technische vraag

Antwoord

2) Hoeveel van het aangevraagde budget is bedoeld voor tijdelijke capaciteit, externe inhuur, projectondersteuning of externe adviescapaciteit? Graag hierbij onderscheid maken tussen: Het gevraagde budget betreft algemeen capaciteitsbudget met de veronderstelling dat dit aan vaste mensen a) tijdelijke uitvoeringscapaciteit; wordt uitgegeven. In de praktijk kan blijken dat de middelen voor inhuur worden ingezet (hetzelfde geldt voor b) specialistische externe expertise; ziekte of piekbelasting). De budgetten worden incidenteel of structureel aangevraagd. Incidentele budgetten c) projectondersteuning; kunnen uiteraard niet gebruikt worden om de formatie structureel uit te breiden. Het budget wat wordt gedekt d) vervanging wegens piekbelasting of ziekte. vanuit de activa (gemaakte lasten zijn een bijdrage aan activa) kan geplaats worden onder Graag ook aangeven op welke posten structurele inhuur wordt gepleegd, maar die niet projectondersteuning. worden voorgesteld om te zetten naar vaste formatie. Zie bijlage "Bijlage - Schema vraag 17".

Burgemeester / wethouder

Göbbels

1. Kunt u een tabel maken per procentpunt OZB-stijging aan opbrengsten in 2027 tot uiteindelijk de maximale belastingcapaciteit?

Na harmonisatie bedraagt de geraamde opbrengst OZB voor woningen ongeveer € 19 miljoen en de opbrengst voor niet-woningen (eigenaren én gebruikers) € 16 miljoen. Totale opbrengst voor de nieuwe gemeente: € 35 Kalk miljoen. 1%punt OZB-stijging levert derhalve ongeveer € 350.000 op.

19

D66

Aanvullende heffingen

2. Kunt u inzichtelijk maken wat de invoering van hondenbelasting in geheel nieuw samengesteld Hilversum zou opleveren?

De tarieven die voor Hilversum (1e hond € 109,20, 2e hond € 183,12) golden, lagen hoger dan de huidige tarieven van Wijdemeren (1e hond € 103,44, 2e hond € 130,08). In het laatste jaar van de hondenbelasting leverde dit in Hilversum 452.000 op (begroting was 500.000). De huidige opbrengst in Wijdemeren is 105.000 (begroot 135.000). Een exact bedrag voor de nieuwe gemeente Hilversum is zonder controle niet te geven. Ook zal een keuze gemaakt moeten worden in de ''oude'' tariefstelling Hilversum of de huidige tariefstelling van Kalk Wijdemeren. Op basis van de laatste gerealiseerde opbrengsten zou het gezamenlijk circa 600.000 kunnen opleveren. Hierbij is een controle van het aantal honden in de gemeente noodzakelijk. Een eerste inschatting van de kosten voor de invoering van hondenbelasting, controle en inventarisatie voor Hilversum 50.000k zou zijn (incidenteel). Raming van de structurele kosten voor de invoering van hondenbelasting wordt geschat op € 80.000 (1 fte schaal 8).

20

D66

Aanvullende heffingen

3. Kunt u inzichtelijk maken wat de potentiële opbrengsten van reclamebelasting zouden zijn?

Reclamebelasting is een belasting voor openbare aankondigingen die vanaf de openbare weg zichtbaar zijn. Het gaat hierbij om gevelreclames, lichtbakken, raamstickers of vlaggen bij een winkel of bedrijf. Een indicatie Kalk van mogelijke opbrengsten is niet te geven. Dit is mede afhankelijk van de hoogte van de tarieven en kan pas na een inventarisatie van het aantal reclame-uitingen ingeschat worden.

21

D66

Aanvullende heffingen

4. Kunt u inzichtelijk maken welke ruimte er is om de forensenbelasting te verhogen (ten opzichte van de kadernota)? Indien nodig graag hier stappen aangeven, met bijvoorbeeld het Voor beantwoording op deze vraag verwijzen wij naar de collegebrief lagere reële opbrengsten maximale bedrag in lijn met een gerechtelijke uitspraak en het werkelijke maximale bedrag. Forensenbelasting. Wellicht zinnig om indien hier onderscheid is ook een toelichting te geven waarom het ambtelijk advies zou zijn om niet tot het maximale te gaan.

Kalk

De gerealiseerde kostendekkendheid van de leges bedroeg over 2025 in totaal 81%. Per hoofdstuk was de kostendekkendheid als volgt: •Hoofdstuk 1 (Algemene dienstverlening): 67% •Hoofdstuk 2 (Dienstverlening fysieke leefomgeving): 91% •Hoofdstuk 3 (Dienstverlening vallend onder de Europese Dienstenrichtlijn): 88% Voor 2026 wordt op basis van de programmabegroting een totale kostendekkendheid van 84% geraamd. Per hoofdstuk bedraagt deze naar verwachting respectievelijk 69%, 99% en 89%.

22

D66

Aanvullende heffingen

5. Leges, kunt u toelichten of alle leges al 100% kostendekkend zijn? Is er nog ruimte om, bijvoorbeeld voor de leges voor nutsbedrijven, indirecte personeelskosten nog meer te alloceren zodat deze stijgen?

Hieruit blijkt dat de leges momenteel niet volledig kostendekkend zijn, dit geldt ook voor de leges voor de nutsbedrijven (in hoofdstuk 1). Op grond van de geldende wet- en regelgeving mag de gemeente met leges geen winst maken. Dit betekent dat de geraamde baten van de leges gezamenlijk niet hoger mogen zijn dan de Kalk geraamde lasten waarvoor de leges worden geheven. Er is daarmee in theorie nog ruimte om de kostendekkendheid te verhogen, mits wordt voldaan aan de wettelijke kaders en bestuurlijke en politieke afwegingen, waarbij onder andere de betaalbaarheid voor inwoners en bedrijven wordt betrokken. Bij de berekening van de leges worden zowel directe als indirecte kosten toegerekend. Het verder toerekenen van indirecte personeelskosten is alleen mogelijk wanneer deze kosten aantoonbaar en volgens de geldende financiële uitgangspunten aan de betreffende dienstverlening kunnen worden toegerekend. Bij het opstellen van de voorjaarsnota hebben wij geen aanvullende directe of indirecte kosten kunnen identificeren die op rechtmatige en verdedigbare wijze aan de betreffende dienstverlening konden worden toegerekend. Er is daarom op dit moment geen grondslag om de kostentoerekening verder te verhogen met indirecte personeelskosten of andere kostenposten uitsluitend met het doel de leges te verhogen.

23-6-2026

3

Beantwoording

Voorjaarsnota en kadernota: Vragen per fractie Vraagnr.

23

23-6-2026

Fractie

D66

Hoofdstuk/paragraaf

Paginanr.

Technische vraag

Antwoord

Burgemeester / wethouder

Aanvullende heffingen

6. Kunt u inzichtelijk maken wat de opbrengsten van parkeren zouden zijn als de oorspronkelijke parkeertarieven (bij invoering van het beleid in 2023) zouden zijn gehandhaafd? Hoeveel verschilt dit van de huidige opbrengst? (voor de eenvoud en snelle beantwoording nu mag als uitgangspunt gebruikt worden dat de nu goedkopere tarieven niet tot ander gedrag hebben geleid)

De afgelopen jaren zijn er meerdere wijzigingen gemaakt aan het parkeerbeleid. Het college heeft een aantal brieven verstuurd aan de raad en ook verdiepende sessies georganiseerd met de raad. In al deze contactmomenten hebben wij aangegeven dat het voorspellen van de parkeerbegroting lastig is. We hebben aan veel knoppen gedraaid: tarieven, vergunningen, het gebied, digitalisering en handhaving. Zoals ook aangegeven wordt in de vraag, gaat het terugbrengen van die samenhangende factoren naar een eenvoudige Heller berekening voorbij aan de complexiteit van de realiteit. Elk bedrag wat wij hier dan ook noemen, is op zijn best een grove inschatting en geen vertrekpunt voor een beleidsdiscussie. Ter beantwoording van uw vraag hebben wij gekeken naar de verschillende aanpassingen die er zijn gemaakt en wat, ten tijde van die aanpassingen, de inschatting was van het financieel effect. Op basis daarvan komen wij tot € 2,4 miljoen. In lijn met voorgaande jaren wordt de subsidie-indexatie bepaald met de Consumentenprijsindex (cpi) raming maart. Voor 2027 komt deze uit op 2,1%. Dit resulteert in een ophoging van de subsidiebudgetten van €570.000. Vanwege de verslechterde financiële situatie is het niet mogelijk gebleken om in lijn met de motie ‘M25-128: Geen stille bezuiniging voor maatschappelijke organisaties’ een hogere indexatie op te nemen.

Voor de aanmelding ten aanzien van Energie zijn geen percentages gebruikt, maar betreft het een inschatting. De Van Voorden energieprijzen zijn gezien ontwikkelingen op het wereldtoneel (actueel en afgelopen jaren) lastig in een percentage te vangen. Onder de indexaties van contractuele verplichtingen worden diverse % gebruikt, afhankelijk van onderliggende contracten. Dit kan het CPI zijn, maar ook andere zoals het geval bij de zorgcontracten.

24

D66

Oplossingsrichtingen

1. Is inzichtelijk te maken welk percentage van prijsstijgingen gekoppeld is aan: a. Subsidie indexatie b. Energie c. Contractuele verplichtingen d. Overig

25

D66

Oplossingsrichtingen

2. Wat is de technische reden om de zorgindexaties voor 2027 opnieuw op 3% te ramen terwijl in 2026 6% nodig bleek?

De indexatie voor 2026 is ongeveer 6%, echter we verhogen het budget met 3% vanwege de onderbesteding van 2025 (een deel wordt structureel verondersteld). In lijn met voorgaande jaren wordt een indexatie van 3% verondersteld voor de indexatie voor 2027. Dit ligt in lijn met de verwachte prijsontwikkeling van de Nederlandse Zorgautoriteit (Nza). Recentelijk heeft de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) op haar website de voorlopige prijsindexcijfers voor het jaar 2027 gepubliceerd. De verwachte inflatie is 3,3%.

van Voorden

26

D66

Oplossingsrichtingen

3.Aangezien taken en capaciteit mede volgen uit budget en ambities is niet duidelijk wat uw technische onderbouwing is van vrijval riolering en beheer en onderhoud. Waar is de in de VJN opgenomen balans beschreven?

De balans is verder in de VJN niet beschreven, maar in de onderliggende beleidsproducten zoals het GWP en beheerplan Riool. De taken en capaciteit voor de vervanging van de riolering en het bijbehorende beheer en onderhoud is gebaseerd op de reguliere vervanging en niet op het inhalen van achterstanden. Door tijdelijk op te schalen in capaciteit worden achterstanden Heller weggewerkt, echter blijkt dit niet voldoende te zijn om binnen de door de accountant gestelde advies de volledige achterstand weg te werken. In 2027 en 2028 worden de onderliggende beheer- en beleidsproducten geactualiseerd om de balans tussen taken en ambities met budget en capaciteit verder te duiden, waarbij de in de vjn genoemde balans het uitgangspunt is. Met betrekking met de besparing op Beheer en Onderhoud verwijzen we naar het antwoord bij vraag 31.

27

D66

Oplossingsrichtingen

4. Welk plan / onderbouwing op hoofdlijnen is beschikbaar voor de vrijval spaarvoorziening riolering? Graag dit (hooflijnen) plan toesturen.

Door onderbesteding en verschuiving in de tijd (van de realisatie) op de vervangingsinvesteringen van de riolen is het saldo van de spaarvoorziening ultimo 2025 opgelopen naar € 4,2 mln (zie ook de constatering in het accountantsverslag bij de jaarstukken 2025). Jaarlijks wordt gedoteerd aan de spaarvoorziening. Met het resulterende saldo in de spaarvoorziening zijn daarmee voldoende middelen beschikbaar om voor die periode de geplande investeringen uit te voeren en achterstanden in te halen.

Heller

Jaarlijks wordt, mede aan de hand van de uitgevoerde inspecties, de vervangingen voor het komende jaar vastgesteld. Uiteindelijk worden alle integrale projecten uitgevoerd, als projecten tijdelijk worden afgemeld worden deze later in de tijd weer aangemeld binnen de begroting en heeft geen effect op de vrijval uit de spaarvoorziening. Dit kan ontstaan bijvoorbeeld door knelpunten zoals bereikbaarheid, verschuiving in de uitvoering van lopend projecten (bijvoorbeeld door werken derden) en beschikbare capaciteit. De genoemde verlaging van de voorziening in 2027 en 2028 is mogelijk door reeds geplande verschuiving in de uitvoering van lopend projecten.

Heller

28

D66

Oplossingsrichtingen

5. Welke projecten binnen riolering gaat u niet uitvoeren? (of hoeveel jaar later gaat u die uitvoeren?)

29

D66

Oplossingsrichtingen

6. Is op basis van de meest recente inspectiegegevens een technische onderbouwing te Het schuiven van projecten later in de planning kan alleen wanneer dit ook technisch verantwoord is, dit wordt geven dat later uitvoeren van rioleringsonderhoud verantwoord is? Zo ja wanneer verwacht u op basis van rioolinspecties gedaan. Het water- en rioolprogramma 2026-2028 wordt binnenkort met de raad een actualisatie van het GWP op te leveren? gedeeld.

Heller

4

Beantwoording

Voorjaarsnota en kadernota: Vragen per fractie Vraagnr.

30

Fractie

D66

Hoofdstuk/paragraaf

Oplossingsrichtingen

Paginanr.

Technische vraag

7. In de BBV is het mogelijk om een spaarvoorziening voor riolering te maken, Hilversum heeft besloten toe te willen werken naar een ideaalcomplex maar besluit nog steeds om individuele projecten te activeren (denk aan de persdrukleiding). Kunt u toelichten waarom projecten soms wel en soms niet uit de spaarvoorziening volgen? Is dit een technische of een politieke reden?

Antwoord

Burgemeester / wethouder

Het betreft hier een technische-, en geen politieke reden. Voor de afboeking van investeringen ten laste van de spaarvoorziening worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: 1. Uitgaven voor planmatige vervangingsinvesteringen worden jaarlijks afgeboekt vanuit de spaarvoorziening, 2. Nieuwe investeringen voor de riolering, niet zijnde planmatige vervangingsinvesteringen voor bestaande riolering, worden niet afgeboekt ten laste van de spaarvoorziening, maar worden geactiveerd en conform de afschrijvingstabel afgeschreven, 3. Voor oude investeringen (2018 en ouder) geldt een uitsterfconstructie, deze worden niet afgeschreven ten laste de spaarvoorziening, 4. Als aanvullende (niet planmatige) investeringen voor de riolering worden geraamd, dan wordt het Heller aanschafbedrag afgeschreven conform de afschrijvingstabel in de financiële verordening. Dit bedrag is namelijk te hoog om in een keer uit de spaarvoorziening te kunnen dekken. Een ideaalcomplex gaat uit van een vast volume aan geplande investeringen. De vervanging van de persleiding valt niet onder een planmatige vervanging, maar betrof een calamiteit. Hiervoor waren dan ook geen middelen in de spaarvoorziening aanwezig. Het is niet toegestaan om achteraf te sparen voor calamiteiten en alsnog ten laste te brengen van de voorziening.

In de toekomst zullen reguliere vervangingen van persleidingen zijn opgenomen in het IP en komen daarmee wel ten laste van de voorziening.

31

D66

Oplossingsrichtingen

De besparing op beheer en onderhoud is een recent voorstel van het college. Er zal nog moeten worden uitgezocht waar dit gaat landen. Groen , verharding of vastgoed. Waarschijnlijk gaat dit gepaard met een 8. Welk plan / onderbouwing is beschikbaar voor de besparing beheer en onderhoud? Graag aangepaste planning en uitgavepatroon. Hiertoe zullen varianten worden uitgewerkt, waarna deze in dit plan toesturen. besluitvorming zullen worden gebracht. Dit zal in de begroting worden verwerkt. Daarna worden in de reguliere cycli op basis van inspecties onderhoudsplannen opgesteld.

32

D66

Oplossingsrichtingen

9. Welke projecten binnen “beheer en onderhoud” gaat u niet uitvoeren?

De besparing op beheer en onderhoud is een recent voorstel van het college. Er zal nog moeten worden uitgezocht waar dit gaat landen. Groen , verharding of vastgoed. Waarschijnlijk gaat dit gepaard met een aangepaste planning en uitgavepatroon. Hiertoe zullen varianten worden uitgewerkt, waarna deze in besluitvorming zullen worden gebracht. Dit zal in de begroting worden verwerkt. Daarna worden in de reguliere cycli op basis van inspecties onderhoudsplannen opgesteld.

Heller

33

D66

Oplossingsrichtingen

De besparing op beheer en onderhoud is een recent voorstel van het college. Er zal nog moeten worden uitgezocht waar dit gaat landen. Groen , verharding of vastgoed. Waarschijnlijk gaat dit gepaard met een 10. Indien beheer en onderhoud diverse activa raakt graag een optelling van activa en een onderbouwing op basis van inspectiegegevens waaruit blijkt dat onderhoud niet noodzakelijk aangepaste planning en uitgavepatroon. Hiertoe zullen varianten worden uitgewerkt, waarna deze in is. besluitvorming zullen worden gebracht. Dit zal in de begroting worden verwerkt. Daarna worden in de reguliere cycli op basis van inspecties onderhoudsplannen opgesteld.

Heller

34

D66

Oplossingsrichtingen

De besparing op beheer en onderhoud is een recent voorstel van het college. Er zal nog moeten worden 11. Kunt u toelichten wat de huidige categorie van onderhoud betreft (volgens mij B) en of u uitgezocht waar dit gaat landen. Groen , verharding of vastgoed. Waarschijnlijk gaat dit gepaard met een in dit CROW-onderhoudsniveau blijft of dat de besparing op beheer en onderhoud ook een aangepaste planning en uitgavepatroon. Hiertoe zullen varianten worden uitgewerkt, waarna deze in daling in onderhoudsniveau tot gevolg heeft? Is dit verschillend per wijk en indien nodig kunt besluitvorming zullen worden gebracht. Dit zal in de begroting worden verwerkt. Daarna worden in de reguliere u dit uitsplitsen tussen de diverse activasoorten. cycli op basis van inspecties onderhoudsplannen opgesteld.

Heller

35

D66

Oplossingsrichtingen

12. Wat zou de besparing zijn als heel het beheer en onderhoudsniveau voortaan in categorie C zou vallen?

Om te sturen op het gewenste onderhoudsniveau, zijn twee mechanismes: 1. Is minder operationeel doen (exploitatie kosten lager, waardoor het areaal sneller degradeert. De vervangingsopgave wordt dan groter en duurder (hogere investeringen). 2. minder preventief doen, (lagere exploitatielast), maar daardoor zullen vrij snel de meldingen en storingen toenemen, wat de exploitatielasten juist doet toenemen. Dit goed in balans brengen vraagt een veel steviger informatiepositie en sturing conform de methodiek van assetmanagement. Dit jaar gaat hier een start mee worden gemaakt.

Heller

Heller

Wat de besparing zou zijn als het onderhoudsniveau in categorie C zou vallen is vanwege genoemde variabelen niet goed in te schatten.

36

23-6-2026

D66

Oplossingsrichtingen

Ja, het college heeft inzicht in de taken en activiteiten die vallen binnen het taakveld verkeer en vervoer. Het grootste deel van dit bedrag is bestemd voor regulier Beheer en Onderhoud van wegen en installaties zoals 13. Kunt u inzichtelijk maken (op hoofdlijnen per 300 k) welke taken / activiteiten er vallen verkeerslichten. Ongeveer 10% van dit budget betreft kosten voor de voorbereiding en uitvoering van binnen de 18 miljoen die we uitgeven aan verkeer en vervoer? Welk deel hiervan valt binnen mobiliteitsbeleid en -maatregelen. Dat betekent niet dat die 10% daarmee ook past binnen de de definitie waar besteding uit het mobiliteitsfonds mogelijk is? financieringsvoorwaarden uit het mobiliteitsfonds. Of en in hoeverre dat mogelijk is, moet onderzocht worden. In de beantwoording op vraag 45 gaan wij hier nader op in.

Göbbels/Heller

5

Beantwoording

Voorjaarsnota en kadernota: Vragen per fractie Fractie

Hoofdstuk/paragraaf

37

D66

Oplossingsrichtingen

14. Kunt u toelichten welk % van investering in wegen wordt gedekt vanuit het Er worden geen investeringen in wegen gedekt vanuit het mobiliteitsfonds. Dat past niet binnen de mobiliteitsfonds? Indien mogelijk ook welke systematiek u gebruikt om per weg inzichtelijk te bestedingscriteria zoals geformuleerd in artikel 5 van het mobiliteitsfonds. We gebruiken geen systematiek om Göbbels/Heller maken hoeveel m2 parkeerplekken dit betreft? (telt u deze, maakt u een inschatting etc./?) per weg inzichtelijk te maken hoeveel m2 parkeerplekken dit betreft.

38

D66

Oplossingsrichtingen

15. Kunt u toelichten of beheer en onderhoud van parkeerplekken in de buitenruimte nu ten Het beheer en onderhoud van parkeerplekken in de buitenruimte worden niet ten laste gebracht aan middelen laste worden gebracht aan middelen uit het mobiliteitsfonds? Indien dit niet het geval is, is uit het mobiliteitsfonds. Ten eerste betreft het structureel onderhoud van parkeerplaatsen, terwijl het dit een technische keuze waarom beheer en onderhoud niet onder accommoderen valt? Of is mobiliteitsfonds bedoeld is voor incidentele investeringen. Ten tweede past het onderhouden van dit een politieke keuze? parkeerplekken niet binnen de bestedingscriteria zoals geformuleerd in artikel 5 van het mobiliteitsfonds.

39

40

23-6-2026

Burgemeester / wethouder

Vraagnr.

D66

D66

Oplossingsrichtingen

Oplossingsrichtingen

Paginanr.

Technische vraag

Antwoord

Göbbels/Heller

16. Wat zou het gevolg zijn als de bijdrage voor citymarketing gehalveerd wordt? Welke activiteiten gaan dan niet gebeuren?

Een halvering van de subsidie zou voor Hilversum Marketing betekenen dat zowel de organisatie als het meerjarenplan compleet opnieuw zouden moeten worden ingericht. Effectief betekent dit dat een groot deel van de activiteiten voor Hilversum niet meer kunnen worden uitgevoerd. Hilversum Marketing is door de raad aangewezen als Dienst van Algemeen Economisch Belang, waarmee wordt erkend dat het om wenselijke, Heller maar onrendabele marktactiviteiten gaat die niet zonder overheidsfinanciering worden aangeboden. Bij het halveren van een langer lopende subsidie (drie of meer aansluitende tijdvakken) dient de gemeente bovendien een redelijke termijn in acht te nemen die Hilversum Marketing in staat stelt de negatieve effecten van de beëindigde subsidierelatie op te vangen (art. 4.51 Awb).

17. Welke taakvelden worden geraakt door ombuigingen organisatie/personeel?

De besparingen zullen bij de begroting verder zijn geconcretiseerd. Op dit moment kan niet worden aangegeven welke specifieke taken zouden vervallen als gevolg van eventuele ombuigingen op organisatie en personeel. De verdere uitwerking van eventuele taakstellingen moet nog plaatsvinden. Daarbij gelden onder meer de reguliere procedures voor medezeggenschap en arbeidsvoorwaardelijke consultatie. De besparingen zullen niet leiden tot gedwongen ontslagen. Er zal worden ingezet op het beperken van inhuur en incidenteel Göbbels niet invullen van vacatures. Daarnaast zullen met het doorvoeren van deze besparingen ook een aanpassingen worden doorgevoerd in de werkzaamheden. Zoals is toegelicht in de voorjaarsnota 2026 is dit nog niet concreet ingevuld. Het is daarom niet mogelijk de taakstelling te verdelen naar taakvelden. Indien de raad bij toekomstige besluitvorming specifieke beleidsmatige randvoorwaarden of prioriteiten meegeeft, zullen deze worden betrokken bij de verdere uitwerking.

41

D66

Oplossingsrichtingen

18. Welke taken worden niet meer uitgevoerd door ombuigingen organisatie/personeel?

De besparingen zullen bij de begroting verder zijn geconcretiseerd. Op dit moment kan niet worden aangegeven welke specifieke taken zouden vervallen als gevolg van eventuele ombuigingen op organisatie en personeel. De verdere uitwerking van eventuele taakstellingen moet nog plaatsvinden. Daarbij gelden onder meer de reguliere procedures voor medezeggenschap en arbeidsvoorwaardelijke consultatie. De besparingen zullen niet leiden tot gedwongen ontslagen. Er zal worden ingezet op het beperken van inhuur en incidenteel Göbbels niet invullen van vacatures. Daarnaast zullen met het doorvoeren van deze besparingen ook een aanpassingen worden doorgevoerd in de werkzaamheden. Zoals is toegelicht in de voorjaarsnota 2026 is dit nog niet concreet ingevuld. Het is daarom niet mogelijk de taakstelling te verdelen naar taakvelden. Indien de raad bij toekomstige besluitvorming specifieke beleidsmatige randvoorwaarden of prioriteiten meegeeft, zullen deze worden betrokken bij de verdere uitwerking.

42

D66

Oplossingsrichtingen

19. Is er een overzicht van taken gekoppeld aan fte? Is hier een onderscheid beschikbaar tussen wettelijke taken en niet-wettelijke taken?

Er wordt geen overzicht bijgehouden wat wettelijke taken en niet-wettelijke taken zijn. Dit is ook niet specifiek per afdeling / team / functie aan te geven.

Göbbels

6

Beantwoording

Voorjaarsnota en kadernota: Vragen per fractie Vraagnr.

43

Fractie

VVD/DH/CDA/ PvdA en GL

Hoofdstuk/paragraaf

Paginanr.

Technische vraag

Antwoord

Burgemeester / wethouder

a) Zie de bijlage "Bijlage vraag 44 - Overzicht IHP posten" voor een overzicht van de ihp-posten waarop indexatie volgens de BDB-index wordt toegevoegd. In april 2024 is het IHP 2024 - 2039 vastgesteld. In het voorstel is vermeld: De gemeenteraad heeft in 2020 ook besloten over financiën voor projecten in de periode 2024-2035, deze middelen blijven beschikbaar voor 1. Integraal Huisvestingsplan (IHP): onderwijshuisvestingsprojecten. De indexatie op dit restant is opgenomen, concrete projectbesluiten moet voor a. Kunt u de aanmeldingen m.b.t. onderwijshuisvesting specificeren naar volume (een lijst deze post echter volgen. van welke gebouwen het betreft) en prijs (het effect van de BDB index). Kunt u daarbij Hetzelfde geldt voor inzet van de stelpost tegen vertraging en de stelpost netcongestie die nog niet gekoppeld duidelijk maken voor welke gebouwen er nog een besluit genomen moet worden, aangezien is aan projecten. het huidige IHP tot en met 2027 loopt. b) Zie bijlage "Bijlage vraag 44 - Mutaties Reserve Onderwijshuisvesting". b. Kunt u de stortingen en onttrekkingen uit de reserve voor tijdelijke huisvestiging voor 2027 c) De optelsom in de tekst van € 90,3 mln. is een onjuist bedrag en moet € 77,5 mln. zijn (zoals correct Göbbels – 2030 op een rij zetten (voor welk project), inclusief het saldo van de voorziening? genoemd in de tabel op p.15).

Dit bedrag (€ 77,5 mln) is beschikbaar voor alle investeringen in 2026 voor c. Kunt u uitleggen of u denk het totale investeringsvolume van in totaal € 90.3 miljoen gemeente Hilversum, dus niet alleen voor scholen. (pagina 15) realistisch is om uit te voeren? Realisme qua tijdpad: Wat betreft de onderwijshuisvestingsinvesteringen geldt dat schoolbesturen krediet d. Kunt u uitleggen waarom u alleen in 2026 en 2027 extra formatie nodig heeft, en daarna aanvragen om projecten uit te voeren. Het genoemde investeringsvolume is nodig om kredieten beschikbaar te niet meer? stellen en is in lijn met de verwachting volgens het huidige IHP en de opvolgende voortgangsrapportages. In de uitvoering zien wij echter vertraging ten opzichte van de IHP-planning vanwege diverse redenen, waardoor ook de uitbetaling van kredieten later plaatsvindt. Het investeringsvolume achten wij daarmee realistisch als meerjarige opgave, maar de uitvoering en uitgaven zullen naar verwachting over een langere periode worden gespreid evenals de uitbetaling van kredieten.

Qua omvang van het bedrag: Het investeringsvolume gaat uit van het vastgestelde Hilversumse normbedrag dat is gehanteerd voor alle project. Zoals bekend staat het Hilversumse normbedrag onder druk. Heroverweging van het normbedrag zal plaatsvinden bij totstandkoming van een nieuw IHP. Daarbij is het van belang om dit vraagstuk niet geïsoleerd van project tot project te bekijken, maar in samenhang met het gehele investeringsprogramma. Een generieke verhoging van het normbedrag heeft namelijk gevolgen voor alle opgenomen onderwijshuisvestingsprojecten binnen het investeringsprogramma van de gemeente en raakt daarmee ook de hoogte van het genoemde investeringsbedrag. d) De extra formatie incidentele formatie in 2026 en 2027 hangt samen met een aantal tijdelijke werkzaamheden, waaronder de ontwikkeling van een nieuw IHP, het verder op orde brengen van de basisprocessen en de professionalisering van de uitvoering van onderwijshuisvesting. Daarnaast is er aandacht voor de continuïteit van de reguliere werkzaamheden, mede gezien verloop en ziekte van personeel.

23-6-2026

44

VVD/DH/CDA/ PvdA en GL

2. OZB-indexatie o.b.v. inflatie: a. Kunt u aantonen dat de totale woonlastenontwikkeling in Hilversum over de periode 2023–2027 binnen de cumulatieve inflatie blijft? En kunt u aangeven op basis van welke officieel gepubliceerde bron of instantie het college de afwijkende inflatieraming van 5,1% voor 2026 als uitgangspunt voor de OZB-indexatie hanteert in plaats van de reguliere CPIraming van 2,1%? b. Op pagina 9 en 10 wordt voorgesteld de woonlasten in lijn te brengen met de aangepaste CPI-raming. Kunt u exact toelichten of de genoemde 2,2% ziet op een jaarlijkse verhoging of Antwoord volgt. op een cumulatief verschil over 2026 en 2027? En kunt u daarbij aangeven welke referentieraming is gebruikt (CBS maart, CPB maart of een andere raming)? En hoe dit percentage precies is vertaald naar de geraamde voordelen van €750.000, €1.050.000 en €1.450.000 in de jaren 2027-2030? c. Het hogere inflatiecijfer wordt gebruikt aan de inkomstenkant om de woonlastenstijging te bepalen. Wordt dit hogere inflatiecijfer alleen gebruikt voor de inkomstenkant van de gemeente, of ook aan de uitgavenkant (denk aan de indexering van subsidies bijvoorbeeld)?

45

VVD/DH/CDA/ PvdA en GL

3. Mobiliteitsfonds Kunt u een overzicht geven van de begrotingsposten die volgens het college voortaan uit het Het mobiliteitsfonds is de laatste jaren weinig benut. Het fonds biedt in lijn met de oorspronkelijke bedoeling de mogelijkheid om het breder in te zetten. De beoogde oplossingsrichting die gezocht wordt binnen het mobiliteitsfonds kunnen worden gedekt, inclusief de jaarlijkse bedragen per post, en onderbouwen waarom deze uitgaven passen binnen het oorspronkelijke doel van het fonds? mobiliteitsfonds moet nader uitgewerkt worden. Het college rapporteert hierover in de eindejaarsrapportage. Hoe is het bedrag van € 1,2 miljoen per jaar opgebouwd?

Kalk

Göbbels/Heller

7

Beantwoording

Voorjaarsnota en kadernota: Vragen per fractie Vraagnr.

46

Fractie

VVD/DH/CDA/ PvdA en GL

Hoofdstuk/paragraaf

Paginanr.

Technische vraag

Antwoord

Burgemeester / wethouder

a) Beide voorjaarsnota’s geven een meerjarenperspectief alsof beide gemeenten per 1 januari 2027 niet fuseren. De effecten van de harmonisatie van belastingen en financieel beleid zijn opgenomen in de kadernota. De reden dat zaken als strategische huisvestingsvisie, indexaties, IHP, economische visie, 4. Fusie gerelateerde kosten in de Hilversumse voorjaarsnota a. De Voorjaarsnota gaat over Hilversum alsof er niet gefuseerd wordt. Kunt u een overzicht huurcontract Wilhelminastraat etc. opgenomen zijn in de voorjaarsnota betekent dat Hilversum deze zaken ook verstrekken van alle aanmeldingen die geheel of gedeeltelijk samenhangen met de fusie met zonder fusie zou doorzetten. Enerzijds betreft dit onderwerpen die nog onderdeel uitmaakte van het Wijdemeren? Denk hierbij aan de aangemelde indexaties, verbonden partijen, GNR, sociaal coalitieakkoord en al in gang waren gezet. Anderzijds zijn dit onderwerpen die voortkomen uit de ambtelijke fusie waarvan de effecten al wel in de begroting en de voorjaarsnota zijn opgenomen. werkgeverschap, overhead, strategische huisvesting, IHP-formatie, economische visie, Indexaties: regulier onderdeel in de voorjaarsnota, het op prijspeil van komend jaar brengen van alle kosten en arbobudget, huurcontract Wilhelminastraat, ICT/recordmanagement, projectbeheersing en gemeentelijke huisvesting.

Kunt u per post aangeven waarom deze kosten zijn opgenomen opbrengsten. Verbonden partijen: ontwikkelingen bij bestaande verbonden partijen zijn zoals ieder jaar opgenomen in de in de Hilversumse voorjaarsnota en niet in de gezamenlijke kadernota? voorjaarsnota. Hierin zijn geen effecten van de fusie verwerkt. b. De Voorjaarsnota’s 2026 van Hilversum en Wijdemeren zijn opgesteld als financiële Kalk doorkijk alsof beide gemeenten zelfstandig zouden voortbestaan tot en met 2030. Wanneer GNR: het effect van de fusie (hogere bijdrage doordat aantal inwoners stijgt door de fusie en Wijdemeren nu geen onderdeel van de GNR is) is verwerkt in de kadernota. de aanmeldingen worden afgezet tegen de oorspronkelijke begrotingsstand en het begrotingsvolume (begroting 2026), lijkt de relatieve VJN-druk in Hilversum echter aanzienlijk Sociaal werkgeverschap, overhead, IHP-formatie en Arbo-budget betreft het op peil brengen van de hoger te liggen dan in Wijdemeren (ongeveer twee keer zo hoog). Dit verschil lijkt niet alleen Hilversumse budgetten en ziet niet toe op Wijdmeren. Economische visie en huisvestingsvisie zijn beide onderwerpen die al in gang waren gezet en nu financieel verklaarbaar door omvang, inwonertal of begrotingsvolume. Kan het college toelichten waardoor deze relatief hogere VJN-druk in Hilversum wordt veroorzaakt, en daarbij expliciet worden doorvertaald.

Dit betreft budgetten die zonder fusie per 1 januari 2027 ook aangevraagd zouden zijn. aangeven of in de Hilversumse aanmeldingen posten zijn opgenomen die samenhangen met Huur Wilhelminastraat komt voort uit de ambtelijke fusie per 1 januari 2026, hierbij wordt rekening gehouden met een bijdrage vanuit Wijdemeren. Het verschil met de huisvestingsbudgetten Wijdemeren is opgenomen in de fusie, de nieuwe/samengevoegde organisatie of beleidsmatige keuzes bovenop strikt de kadernota. noodzakelijke wettelijke taakuitvoering? ICT/recordmanagement: dit heeft deels wel betrekking op de fusie en wordt ook gedeeltelijk vanuit ARHImiddelen betaald. b) De voorjaarsnota van Wijdemeren is beleidsarm. De voorjaarsnota van Hilversum is beleidsarm met uitzondering van aanmeldingen die invulling geven aan projecten die al in het coalitieakkoord stonden of waar al besluitvorming over heeft plaatsgevonden. Te denken valt aan de strategische huisvestingsvisie en de economische visie. Deze onderwerpen staan in principe los van de bestuurlijke visie per 1 januari 2027.

47

48

23-6-2026

VVD/DH/CDA/ PvdA en GL

VVD/DH/CDA/ PvdA en GL

5. Besparing beheer en onderhoud & riool a. Welke concrete beheer- en onderhoudsactiviteiten worden verminderd, uitgesteld of beëindigd om de geraamde besparing van € 250.000 in 2027 oplopend tot € 750.000 in 2028 en 2029 te realiseren, en wat zijn daarvan de effecten op kwaliteitsniveau, risico's en achterstallig onderhoud? b. In de VJN staat dat de rioleringsinvesteringen/GWP worden geïndexeerd omdat anders de a.: In de komende begroting zal invulling worden gegeven aan de verlaging van het beheer en onderhoud. Dit noodzakelijke werkzaamheden niet volledig kunnen worden uitgevoerd. Hoe verhoudt deze is nu nog niet bekend. noodzaak tot indexatie zich tot de gelijktijdige vrijval van €500.000 in 2027 en €500.000 in b.: Conform de systematiek worden de vervangingsinvesteringen voor de riolering en de spaarvoorziening 2028 uit de spaarvoorziening riolering? jaarlijks geïndexeerd. Dit heeft een structureel effect op de voorziening. De vrijval van de spaarvoorziening c. Leidt de besparing op beheer en onderhoud tot een lager onderhoudsniveau, uitstel van betreffen incidentele verlagingen zal gevolg van de huidige omvang van de voorziening.

onderhoud of hogere vervangingsinvesteringen in latere jaren? Zo nee, waaruit blijkt dat c.: Ja, de besparing op het reguliere Beheer en onderhoud over de periode 2027 tm 2030 leidt tot een lager dezelfde kwaliteit en onderhoudsniveaus kunnen worden gehandhaafd met een lager onderhoudsniveau en uitstel tot onderhoud. Uiteindelijk kan dit leiden tot hogere vervangingsinvesteringen. budget? d.: De vrijval is niet gebaseerd op een lagere opgave, maar op het oplopen van de saldo van de Heller d. In de VJN wordt voorgesteld om in 2027 en 2028 telkens €500.000 vrij te laten vallen uit spaarvoorziening. Momenteel zijn voldoende middelen aanwezig om de planmatige vervangingen uit te voeren de spaarvoorziening riolering. De toelichting verwijst daarbij naar opmerkingen van de en achterstanden in te lopen. accountant zonder verdere uitleg. Kan het college toelichten of deze vrijval is gebaseerd op e.: De vrijval van de spaarvoorziening hangt samen met achterblijvende realisatie en niet met een lagere een lagere feitelijke rioolvervangingsopgave, of uitsluitend op het gegeven dat de geraamde rioolvervangingsopgave. De technische opgave, gebaseerd op inspecties en vastgelegd in het GWP en investeringen de afgelopen jaren niet volledig zijn gerealiseerd? beheerplannen, blijft leidend. Met de accountant is afgesproken dat de achterstanden eind 2028 zijn e.

Indien de vrijval vooral voortkomt uit achterblijvende realisatie: hoe wordt voorkomen dat weggewerkt. Inmiddels is duidelijk dat dit, ondanks tijdelijke opschaling, niet volledig haalbaar is. Er zullen een uitvoeringsachterstand financieel wordt verwerkt als lagere benodigde reservering, terwijl daarmee projecten schuiven naar latere jaren en worden opnieuw geprogrammeerd; zij vervallen niet. de fysieke vervangings- en onderhoudsopgave van het rioolstelsel blijft bestaan? Kan het college daarbij aangeven hoe de vrijval zich verhoudt tot de actuele technische rioolopgave uit het Water- en rioolprogramma en of na verwerking van de vrijval nog steeds voldoende middelen beschikbaar zijn om eventuele niet-gerealiseerde rioolinvesteringen uit eerdere jaren alsnog uit te voeren?

6. Ombuiging organisatie/personeel Welke functies, taakvelden of organisatieonderdelen komen in aanmerking voor de voorgestelde besparing van € 500.000 in 2027 oplopend tot € 1 miljoen structureel vanaf 2028, en hoeveel fte betreft dit naar huidige inschatting?

De besparingen zullen bij de begroting verder zijn geconcretiseerd. Op dit moment kan niet worden aangegeven welke specifieke taken zouden vervallen als gevolg van eventuele ombuigingen op organisatie en personeel. De verdere uitwerking van eventuele taakstellingen moet nog plaatsvinden. Daarbij gelden onder meer de reguliere procedures voor medezeggenschap en arbeidsvoorwaardelijke consultatie. Zoals is Göbbels toegelicht in de voorjaarsnota 2026 is deze nog niet concreet ingevuld. Het is daarom niet mogelijk de taakstelling te verdelen naar taakvelden. Indien de raad bij toekomstige besluitvorming specifieke beleidsmatige randvoorwaarden of prioriteiten meegeeft, zullen deze worden betrokken bij de verdere uitwerking.

8

Beantwoording

Voorjaarsnota en kadernota: Vragen per fractie Vraagnr.

23-6-2026

Fractie

Hoofdstuk/paragraaf

Paginanr.

Technische vraag

49

VVD/DH/CDA/ PvdA en GL

7. Stelpost Algemene uitkering In de VJN wordt vanaf 2028 een structurele stelpost Algemene uitkering van €1,6 miljoen opgenomen. Kunt u toelichten waarop dit bedrag door de toezichthouder is gebaseerd? Hoe verhoudt dit bedrag zich tot de genoemde daling van de algemene uitkering van €6 miljoen vanaf 2028? En welk risico resteert als de veronderstelde compensatie of lastenverlaging in de Jeugdwet niet of slechts gedeeltelijk wordt gerealiseerd?

50

VVD/DH/CDA/ PvdA en GL

8. Afgevallen denkrichtingen Welke alternatieve maatregelen of denkrichtingen met een financieel effect groter dan € 500.000 per jaar zijn door het college onderzocht maar niet opgenomen in de voorjaarsnota, en wat was per maatregel de reden om deze af te wijzen?

Antwoord De toezichthouder staat toe om een deel van deze daling door middel van een taakstelling neutraal te verwerken in de begroting. Landelijk gaat het om een bedrag van €328 miljoen. Het Hilversumse deel is ongeveer 0,5% en daarmee €1.600.000. Vooralsnog wordt verondersteld dat het Rijk met passende maatregelen komt. Zodra de maatregelen door het Rijk worden bekend gemaakt kan een inschatting gemaakt worden ten aanzien lokale gevolgen in Hilversum. Redelijkerwijs mag worden aangenomen dat zolang het Rijk geen maatregelen neemt dat de korting niet wordt geeffectueerd in 2028. In de bijlage "Bijlage bij vraag 49 VNG ledenbrief-begrotingsadvies-2027-2030" is de te hanteren methodiek met betrekking tot de stelposten beschreven.

Hiervoor verwijzen we naar de beantwoording van de gestelde vragen op basis van artikel 169.

Burgemeester / wethouder

Kalk

Allen

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=3ccf4799-686f-47bf-8c58-5485d240cac0