02 Gemeente Hilversum - Accountantsverslag 2025 (Gewaarmerkt)
Tekst van het document
Accountantsverslag 2025
Publieke Sector Accountants B.V. Arcadialaan 20 E 1813 KN Alkmaar www.publiekesectoraccountants.nl info@psa-ra.nl
Aan de gemeenteraad van de gemeente Hilversum Postbus 9900 1201 GM HILVERSUM Onderwerp Accountantsverslag 2025 Datum 26 mei 2026 Kenmerk 312018008.26.535
Geachte leden van de gemeenteraad, Wij hebben de controle van de jaarrekening 2025 van uw gemeente afgerond. De jaarrekening van gemeente Hilversum is opgesteld onder verantwoordelijkheid van het college van burgemeester en wethouders. Met dit accountantsverslag informeren wij u over onze belangrijkste controlebevindingen. Op 18 mei 2026 hebben wij onze bevindingen met de concerncontroller en medewerkers CCA besproken en op 3 juni 2026 bepreken wij deze met de Audit- en Rekeningcommissie. Bij de jaarrekening 2025 hebben wij op 26 mei 2026 een controleverklaring met goedkeurend oordeel afgegeven voor de getrouwheid van de jaarrekening, inclusief de daarin opgenomen rechtmatigheidsverantwoording. Ons accountantsverslag is bedoeld om u te ondersteunen in de beoordeling van de jaarrekening 2025. De bevindingen en beschouwingen in dit verslag komen voort uit onze controlewerkzaamheden en diverse besprekingen die wij met uw medewerkers hebben gevoerd. Voor de goede orde vermelden wij dat uw controlerende taak uiteraard verder gaat dan uitsluitend het financieel getinte perspectief vanuit de accountantscontrole. Wij maken u erop attent dat voor dit accountantsverslag een beperkte verspreidingskring geldt. Het accountantsverslag is uitsluitend bestemd voor de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders.
Wij geven u toestemming om dit accountantsverslag te publiceren via de agenda’s van de raadscommissies en gemeenteraad. Met vriendelijke groet, Publieke Sector Accountants B.V. ValidSigned door A. Booij RA op 26-05-2026
A. Booij RA
Publieke Sector Accountants B.V. is ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel te Utrecht onder nummer 69411409.
Inhoudsopgave Contact: De volgende personen kunnen benaderd worden bij vragen met betrekking tot dit accountantsverslag:
Arie Booij 06 – 1509 2689 abooij@psa-ra.nl
Onze uitkomsten in 1 oogopslag 1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij . 1 2. Financiële positie en resultaat............................ 6
Jan Scholten 06 – 2832 1383 jscholten@psa-ra.nl
3. Bevindingen eindejaarscontrole ....................... 12 4. Interne beheersing........................................... 24 5. Overige aangelegenheden................................ 28 6. Verplichte tabel SiSa ........................................ 33
Onze uitkomsten in 1 oogopslag
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
Onze uitkomsten in 1 oogopslag
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
1
1.
Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
Reikwijdte van de controle
1
1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij Met de opdrachtbevestiging van 1 september 2025 (kenmerk 312018008.25.614) heeft u ons de opdracht gegeven tot het controleren van de jaarrekening 2025. De doelstelling van de controle is het afgeven van een controleverklaring bij de jaarrekening 2025 van de gemeente Hilversum. De reikwijdte van onze controle staat omschreven in deze opdrachtbevestiging. Er is gedurende het verloop van de controle op geen enkele wijze sprake geweest van een beperking in de reikwijdte van onze controle. Wij achten de reikwijdte van onze controle voor 2025 voldoende voor de doelstelling van onze controle. In dit accountantsverslag geven wij een toelichting op de bevindingen naar aanleiding van de controle. Onze controle is verricht in overeenstemming met Nederlands recht, waaronder de Nederlandse Controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), de Nota verwachtingen accountantscontrole 2025, het door de gemeenteraad op 10 december 2025 vastgestelde “Controleprotocol 2025”, met bijhorend “Normen- en toetsingskader 2025 gemeente Hilversum”, eveneens vastgesteld door de raad op 10 december 2025 en het Controleprotocol WNT 2025 vallen.
Materialiteitsbepaling is overeenkomstig het Besluit accountantscontrole decentrale overheden en uw controleprotocol
De wijze waarop wij de materialiteit bepaald hebben, sluit aan op het Bado en uw controleprotocol. Voor afwijkingen, zijnde fouten en onzekerheden tezamen, is deze gebaseerd op 2% van de lasten exclusief toevoegingen aan de reserves. Bron: jaarrekening 2025 *
Fouten
Goedkeuringsmaterialiteit
€ 8.347.000
*de totale lasten (excl. stortingen in de reserves) op basis van de jaarrekening 2025 bedragen € 417.363.000.
De gemeenteraad heeft in het controleprotocol de rapporteringstolerantie vastgesteld op € 300.000.
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
Voor de controle van de jaarrekening 2025 onderkennen wij een aantal aandachtspunten. Deze aandachtspunten brengen mogelijk een verhoogd risico met zich mee op afwijkingen in de financiële verslaggeving, vóór toepassing van beheersmaatregelen. Dit kan mogelijk leiden tot materiële afwijkingen in de jaarrekening en impact hebben op de bedrijfsvoering. De aandachtspunten zijn hieronder weergegeven en hebben wij op 29 oktober 2025 ook afgestemd met de Audit- en rekeningcommissie (ARC). Het opnemen van een onderwerp in deze lijst betekent niet dat er daadwerkelijk sprake is van een probleem. De aandachtspunten geven aan waar wij tijdens onze controle extra alert op zullen zijn. De aandachtspunten die wij voor 2025 onderkend hebben zijn: Kaderstelling, interne beheersing en opvolging: ▪ De mogelijke en noodzakelijk aanpassingen in de kaderstelling voor het college (verantwoordingsgrens, rapporteringsgrens en normenkader) als gevolg van wijzigingen in het Besluit begroting en verantwoording (BBV) en in de kaderstelling voor de accountant (controleprotocol, materialiteit en rapporteringstolerantie) als gevolg van wijzigingen in het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado). ▪ De kwaliteit van de interne beheersing, waaronder de voortgang en uitkomsten van de verbijzonderde interne controle 2025. ▪ De doorontwikkeling van de organisatie i.r.t.
uw ambities en de aanstaande fusie met gemeente Wijdemeren. ▪ De follow up ten aanzien van eerder gerapporteerde aandachtpunten vanuit de interne en externe controle. ▪ Ontwikkelingen en actualiteiten op IT-gebied, waaronder de continuïteit en betrouwbaarheid van de IT-omgeving. ▪ De (actualisatie van de) (fraude-)risicoanalyse, waarbij wij nader zullen inzoomen op risico’s ten aanzien van de prestatieverklaring en de onderbouwing van de prestatielevering in het inkoopproces. ▪ De stand van zaken met betrekking tot de duurzaamheidsparagraaf die mogelijk opgenomen moet gaan worden in de jaarstukken (specifieke vraag van de ARC). Waarderingen en schattingen: ▪ De waardering van uw grondexploitaties, waarbij wij in zullen gaan op: • De betrouwbaarheid van de toegepaste schattingen (onderbouwing en validatie uitgangspunten en backtesting). • De actualisatie van de kansen en risico’s i.r.t. de waardering en ontwikkeling van het verwachte resultaat van het Stationsgebied, gelet op de omvangrijke nog te maken kosten en nog te realiseren opbrengsten. • De afwikkeling van Anna’s Hoeve in 2025. ▪ Het beheer en de waardering van de vorderingen (belastingen en sociale zaken). ▪ De presentatie en waardering van onderhoudsvoorzieningen voor uw kapitaalgoederen.
In voorgaande jaren was sprake van doorschuiven van gepland onderhoud, waardoor als gevolg van prijsstijgingen aanvullende dotaties noodzakelijk waren. Van belang is dat uw onderhoudsplannen in 2025 geactualiseerd zijn. ▪ De waardering van personeel gerelateerde voorzieningen, specifiek de pensioenvoorziening voor (oud) bestuurders in verband met de waardeoverdracht per 1 januari 2028 aan het ABP.
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
2
Onze aanpak is gericht op risico’s
Ook dienen wij vanuit de controlerichtlijnen specifiek aandacht te besteden aan de mogelijkheid die het management heeft om specifieke controlemaatregelen te omzeilen. Dit risico is niet uniek voor uw gemeente. Belangrijke voorbeelden zijn de memoriaalboekingen (handmatige (correctie)boekingen) en posten die gezien hun aard schattingselementen in zich hebben. Wanneer wij tijdens onze werkzaamheden concrete bevindingen hebben opgedaan, rapporteren wij daarover in dit accountantsverslag of hebben wij dat gedaan in onze managementletter. Wij verwijzen u daarvoor naar het hoofdstuk ‘bevindingen eindejaarscontrole en het hoofdstuk ‘Interne beheersing’.
De rechtmatigheidsverantwoording is getrouw in de jaarrekening opgenomen, waarbij het college de geconstateerde afwijkingen op een juiste wijze heeft gepresenteerd
In de jaarrekening legt het college met de rechtmatigheidsverantwoording verantwoording af over een drietal rechtmatigheidscriteria die niet expliciet blijken uit het getrouw opnemen van baten, lasten alsmede balansmutaties. Dit betreffen het begrotings-, het voorwaarden- en het misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het college toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten, lasten alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten, lasten alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door de raad vastgestelde normenkader voor de financiële rechtmatigheid. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door de raad vastgestelde normenkader verder toegelicht. De rechtmatigheidsverantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door de raad bepaald en bedraagt 2% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 8.347.000. Uit de rechtmatigheidsverantwoording blijken afwijkingen van in totaal € 17.533.000, waarvan een bedrag van € 17.111.000 als
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
3
Processen en jaarrekening gerelateerde posten en onderwerpen: ▪ De voortgang van uw investeringsplanning en de beheersing van kredieten. ▪ Inkoop- en aanbesteding, waarbij wij inzoomen op: • De grip op (Europese) aanbestedingen gelet op afwijkingen in voorgaande jaren (2024 afwijking € 1.300.000). • De factuurverwerking, waaronder de controle op prestatielevering en betalingen. • De betaalorganisatie. ▪ De dekking van investeringen inzake riolering i.r.t. het saldo van de spaarvoorziening, waarbij in 2024 sprake was van een onderbesteding (€ 3,2 mln.) t.o.v. spaarsaldo. ▪ De besteding van ontvangen subsidievoorschotten en het realiseren van overeengekomen voorwaarden. Beheersing van risico’s en onzekerheden (uitkomsten onderzoek prestatielevering van zorg 2025) in het sociaal domein.
In hoofdstuk 3 van dit accountantsverslag gaan wij nader in op de rechtmatigheidsverantwoording.
De baten en lasten, alsmede balansmutaties met betrekking tot specifieke uitkeringen zijn rechtmatig
Op basis van uw “Controleprotocol 2025” en uw normenkader 2025 hebben wij de naleving van het financieel rechtmatigheidskader voor uw gemeente met betrekking tot de specifieke uitkeringen gecontroleerd. Hierbij zijn geen materiële bijzonderheden geconstateerd. Uw gemeente voert 37 regelingen met betrekking tot specifieke uitkeringen uit (2024: 35 regelingen). Deze zijn verantwoord via de SiSa-bijlage in uw jaarrekening.
De jaarrekening voldoet aan het BBV
Significante verslaggevingsgrondslagen en de toepassing hiervan zijn belangrijk voor de presentatie van de financiële positie en de baten en lasten van de gemeente Hilversum. Daarnaast vereisen zij van het college van burgemeester en wethouders het toepassen van oordeelsvorming ten aanzien van moeilijke, subjectieve en complexe posities, die vaak – vanwege de noodzaak om inschattingen te moeten maken over het effect van zaken – inherent onzeker zijn.
Onze conclusie is dat de baten en lasten, alsmede de balansmutaties met betrekking tot specifieke uitkeringen, rechtmatig zijn weergegeven in de jaarrekening 2025.
De belangrijkste verslaggevingsgrondslagen van de gemeente Hilversum zijn uiteengezet in de jaarstukken in onderdeel 5.2.1 ‘Waarderingsgrondslagen”. In de jaarrekening 2025 hebben zich ten opzichte van 2024 geen materiële wijzigingen voorgedaan in de toegepaste verslaggevingsgrondslagen, die van invloed zijn op de baten en lasten en/of de financiële positie van uw gemeente. Wij hebben het door het college van burgemeester en wethouders toegepaste proces voor belangrijke verslaggevingsgrondslagen geëvalueerd en hebben gegevensgerichte controlewerkzaamheden uitgevoerd. Wij hebben de toepassing van de juiste methodiek, de aannames, de berekeningen en de consistente toepassing van de betrokken modellen en/of de van toepassing zijnde financiële verslaggeving beoordeeld. Wij zijn van mening dat de verslaggevingsgrondslagen en de toegepaste inschattingen redelijk zijn en consistent zijn gebruikt: de jaarstukken voldoen aan het BBV (Besluit begroting en verantwoording).
Geen resterende geïdentificeerde materiële fouten en tekortkomingen in de jaarstukken
Naar aanleiding van onze jaarrekeningcontrole, resteren er geen van materieel belang zijnde ongecorrigeerde afwijkingen of onzekerheden. Door ons gerapporteerde bevindingen zijn derhalve niet materieel (dus hebben geen invloed op de strekking van onze controleverklaring), maar zijn naar onze mening vooral van belang voor uw beoordeling van de jaarstukken en de verdere kwaliteitsverbetering van de administratieve organisatie en interne beheersing.
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
4
acceptabel kwalificeert. Deze afwijkingen hebben betrekking op het begrotingscriterium (€ 17.111.000) en het voorwaardecriterium (€ 442.000). In de jaarstukken (paragraaf bedrijfsvoering) geeft het college hier een nadere toelichting op.
Goedkeurende controleverklaring
Wij zijn van oordeel dat de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening 2025 van de gemeente Hilversum een getrouw beeld geeft van de grootte en de samenstelling van de baten en lasten over 2025 en van het vermogen op 31 december 2025 in overeenstemming met het BBV. Onze conclusie is tevens dat de baten en lasten, alsmede de balansmutaties met betrekking tot specifieke uitkeringen, rechtmatig zijn weergegeven in de jaarrekening 2025. Daarnaast zijn wij van mening dat de door het college afgegeven rechtmatigheidsverantwoording een getrouwe weergave geeft van de rechtmatigheid van het door haar gevoerde financieel beheer. Hierbij geldt als voorwaarde dat de door ons gecontroleerde jaarrekening ongewijzigd door de raad wordt vastgesteld. Wij verzoeken u derhalve ons een door de voorzitter van de raad en de griffier ondertekend besluit van de vastgestelde jaarrekening te verstrekken. Mochten nog wijzigingen worden aangebracht in de definitieve versie van de jaarrekening dan dienen wij deze te beoordelen alvorens onze controleverklaring hierbij mag worden opgenomen.
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
5
Voor de niet materiële fouten en tekortkomingen in de jaarstukken verwijzen wij u naar de diverse onderdelen van dit rapport.
6
2.
Financiële positie en resultaat
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
6
2. Financiële positie en resultaat 3.
Voor een nadere toelichting verwijzen wij u naar de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing in de jaarstukken en het vervolg in dit hoofdstuk.
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
In het BBV, de verslaggevingsregels voor gemeenten, wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen resultaatbepaling en resultaatbestemming. Alle baten en lasten dienen via het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening te lopen. Er mogen geen baten of lasten rechtstreeks in het eigen vermogen (dat bestaat uit de algemene reserve en de bestemmingsreserves) worden gemuteerd. De mutaties in het eigen vermogen vinden plaats door middel van de resultaatbestemming. Het gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten 2025 bedraagt € 5.331.000 nadelig. Per saldo is tussentijds € 6.392.000 aan de reserves onttrokken, zodat het uiteindelijk gerealiseerde resultaat over 2025 € 1.061.000 voordelig bedraagt. Dit resultaat is afzonderlijk vermeld onder het eigen vermogen in de balans. In het hiernavolgende overzicht hebben wij de ontwikkeling van het eigen vermogen opgenomen. Eigen vermogen (in € 1.000)
2024
2023
2022
2021
Eigen vermogen per 1 januari
97.028
92.108
87.585
74.878
77.757
Tussentijdse resultaatbestemming
-/-6.392
658
695
-/- 5.885
-/- 4.166
Gerealiseerd resultaat (-/- = nadelig)
1.061
4.262
4.153
18.592
1.587
-/- 5.331
4.920
4.848
12.707
-/- 2.579
87.585
74.878
Totaal (‘gerealiseerd saldo van baten en lasten’) Rechtstreekse vermogensmutatie
-/- 325
Eigen vermogen per 31 december
91.697
97.028
92.108
De tussentijdse resultaatbestemming bestaat uit de stortingen in en onttrekkingen uit de reserves, in overeenstemming met de besluiten van de gemeenteraad. De omvang van het eigen vermogen bedraagt ultimo 2025 circa 22,1 % van het balanstotaal (2024: circa 24,8 % van het balanstotaal). Zowel in absolute zin als in relatieve zin is het vermogen afgenomen. In de toelichting op balans (paragraaf 5.2.5) bij het onderdeel eigen vermogen van de jaarrekening alsmede in het onderdeel Staat van reserves (paragraaf 5.4) geeft het college een nadere toelichting op de mutaties in het eigen vermogen over het jaar 2025 Wij verwijzen u naar deze toelichting.
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
7
De vermogenspositie van uw gemeente neemt zowel in absolute zin als relatieve zin af
Het feitelijke saldo van baten en lasten in een jaar wordt weergegeven als het gerealiseerde totaalsaldo van baten en lasten. Daarnaast kent de gemeente Hilversum ook het gerealiseerde resultaat. Dit is het gerealiseerde totaalsaldo van baten en lasten plus of min de tussentijdse resultaatbestemmingen. Deze bestemmingen bestaan uit in de loop van het jaar gedane onttrekkingen uit reserves minus de tussentijdse stortingen in reserves. De stortingen dan wel onttrekkingen aan reserves vinden plaats op basis van de door u genomen besluiten. Het gerealiseerde resultaat is dus mede het gevolg van de bestuurlijke besluitvorming. Concreet betekent dit voor uw gemeente het volgende:
Exploitatieresultaat (in € 1.000)
Realisatie 2025
Begroting na wijziging 2025
Totale baten Totale lasten
412.032 417.363
408.578 407.732
Gerealiseerde saldo van baten en lasten Af: toevoegingen aan reserves Bij: onttrekkingen uit reserves
-/- 5.331 14.826 21.219
846 14.202 18.671
Saldo mutaties reserves (per saldo onttrokken)
6.392
4.469
Gerealiseerd resultaat (voordelig)
1.061
5.315
De exploitatie over 2025 laat een nadelig gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten van € 5,331 miljoen zien, ten opzichte van een voordelig begroot (na wijziging) resultaat van € 0,846 miljoen. Dit is een nadeel van € 6,177 miljoen. Het gerealiseerde voordelig resultaat ad € 1,061 miljoen is afzonderlijk op de balans onder het eigen vermogen opgenomen. Bij het vaststellen van de jaarstukken over 2025, zal de gemeenteraad ook een besluit nemen tot het bestemmen van het resultaat over 2025. In de jaarstukken wordt op diverse plaatsen een nadere toelichting gegeven op de totstandkoming van het resultaat en worden de verschillen tussen de begroting (na wijziging) en de gerealiseerde baten en lasten verklaard. Wij verwijzen u hiervoor naar hoofdstuk 4.2. Voor de verschillenanalyse verwijzen wij u tevens naar de toelichting op de programmaverantwoording (onderdeel “Financiële analyse”) waarin per thema de belangrijkste verschillen nader zijn geanalyseerd. Het nadelige resultaat 2025 (vóór bestemming) is mede ontstaan na een aantal incidentele baten en lasten. Door het effect van de incidentele baten en lasten buiten beschouwing te laten, ontstaat meer inzicht in de reguliere baten en lasten. Het inzicht in de reguliere baten en lasten is van belang, omdat het een betere indicatie geeft van de toekomstige baten en lasten, overigens zonder
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
8
Resultaat 2025 is beïnvloed door reservemutatie(s)
Het college van burgemeester en wethouders kwalificeert het weerstandsvermogen als uitstekend om de onderkende risico’s af te kunnen dekken
Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit vanwege ingeschatte risico’s. De beschikbare weerstandscapaciteit (voor de samenstelling, zie de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing) heeft het college bepaald op € 54,1 miljoen. In 2024 bedroeg deze € 67,1 miljoen. De beschikbare weerstandscapaciteit is derhalve gedaald ten opzichte van 2024. De daling wordt vooral veroorzaakt door de inzet van de algemene reserve (totaal € 9,8 miljoen), waarvan de storting van € 6,4 miljoen in de bestemmingsreserve herindeling de grootste post is geweest. Met de inwerkingtreding van de Nota Financieel Beleid 2022 worden bestemmingsreserves ad € 37,6 miljoen (2024: € 29,9 miljoen) en de onbenutte belastingcapaciteit overigens niet meer meegerekend bij de bepaling van de beschikbare weerstandscapaciteit. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing heeft het college een opsomming gegeven van ingeschatte risico’s. In Hoofdstuk 7.1 van de jaarstukken worden deze inhoudelijk verder uitgewerkt. De onderkende risico’s cumuleren voor 2025 tot een bedrag van € 7,0 miljoen (2024: €4,2 miljoen). Ten opzichte van 2024 is sprake van een stijging van de gekwantificeerde risico’s.
De inventarisatie van risico’s geeft een indicatie van de financiële omvang van de belangrijkste (specifieke) risico’s, om zo de benodigde weerstandscapaciteit te bepalen. Daarbij wordt een inzicht gegeven in de (naar de inschatting van het college) belangrijkste risico’s voor uw gemeente. Ook zijn de aan deze risico’s gekoppelde beheersingsmaatregelen opgenomen en wordt een inhoudelijke toelichting gegeven op nieuw gedefinieerde en gewijzigde risico’s in de top van grootste risico’s. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing en hoofdstuk 7.1 zijn de toelichting op het risicoprofiel, de top 10 risico's en de ontwikkelingen in het risicoprofiel opgenomen. De doorontwikkeling van het risicomanagement in de gemeente is vanaf het jaar 2020 geïntensiveerd. Om de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing compacter en leesbaarder te maken, is meer op hoofdlijnen in deze paragraaf gerapporteerd en zijn gedetailleerdere risico’s in een bijlage (hoofdstuk 7.1 van de jaarstukken) opgenomen. De focus van risicomanagement binnen de gemeente is daarmee verschoven van de details van individuele risico’s naar een overkoepelende blik op en analyse van het risicoprofiel. Dit maakt de ingezette ontwikkeling van risico-inventarisatie naar strategisch risicomanagement transparanter.
Ten behoeve van de jaarstukken 2025 heeft het college ingeschat dat, op basis van de geactualiseerde risicoanalyse, het benodigde weerstandsvermogen € 7,0 miljoen bedraagt (kwantificering van het optreden van de meest waarschijnlijke risico’s). Ten opzichte van de beschikbare weerstandscapaciteit (deze is door het college vastgesteld op € 54,1 miljoen) kwalificeert het college het weerstandsvermogen in de jaarstukken 2025 als “uitstekend”.
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
9
rekening te houden met beleidswijzigingen. In de toelichting op het overzicht van baten en lasten is in hoofdstuk 4.3 inzicht in de incidentele baten en lasten gegeven. Kortheidshalve verwijzen wij u naar deze uiteenzetting.
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
10
Voor meer gedetailleerde informatie over uw weerstandspositie, de onderkende risico’s en de kwantificering daarvan verwijzen wij u naar de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing en hoofdstuk 7.1 van uw jaarstukken 2025. Overigens merken wij hierbij op dat deze cijfers niet aan accountantscontrole of een beoordelingsopdracht zijn onderworpen.
11
3.
Bevindingen eindejaarscontrole
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
De rechtmatigheidsverantwoording 2025 is getrouw
12
3. Bevindingen eindejaarscontrole Uw rechtmatigheidsverantwoording 2025 De rechtmatigheidsverantwoording is opgenomen in de jaarrekening. Wij hebben vastgesteld dat deze voldoet aan het voorgeschreven model en dat daarbij de door de raad vastgestelde kaders zijn gehanteerd. Deze kaders zijn in overeenstemming met richtlijnen die vanuit de commissie BBV zijn gegeven. Verantwoording Op basis van de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening 2025 blijkt dat er rechtmatigheidsafwijkingen zijn geconstateerd groter dan de verantwoordingsgrens (€ 8.347.000). De geconstateerde rechtmatigheidsafwijkingen hebben betrekking op het begrotingscriterium en op het voorwaardencriterium. Uit de rechtmatigheidsverantwoording blijken afwijkingen van in totaal €17.533.000, waarvan een bedrag van € 17.111.000 als acceptabel kwalificeert. Deze afwijkingen hebben betrekking op het begrotingscriterium (€ 17.111.000) en het voorwaardecriterium (€ 442.000). In de jaarstukken (paragraaf bedrijfsvoering) geeft het college hier een nadere toelichting op.
Samenvatting rechtmatigheidsverantwoording
Bedragen
Begrotingscriterium (bruto)
€ 17.111.000
Begrotingscriterium (netto)
€0
Voorwaardencriterium (afwijkingen Europese aanbestedingen)
€ 442.000
M&O-criterium
€0
Rechtmatigheidsfouten bruto
€ 17.533.000
Rechtmatigheidsfouten netto
€ 442.000
De omvang van de rechtmatigheidsafwijkingen is groter dan de verantwoordingsgrens. In de paragraaf bedrijfsvoering heeft het college derhalve een toelichting opgenomen op de rechtmatigheidsbevindingen, welke hoger uitvallen dan de door de gemeenteraad vastgestelde rapporteringsgrens van € 300.000.
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
Toelichting voorwaardencriterium – afwijkingen naleving Europese aanbestedingsrichtlijnen Onder het voorwaardencriterium staan de bevindingen ten aanzien van de Europese aanbestedingen vermeld. In het kader van de verbijzonderde interne controle heeft het college onderzocht of de opdrachtverleningen overeenkomstig de richtlijnen voor Europese aanbestedingen zijn gedaan. Het college heeft daarbij voor een drietal opdrachten vastgesteld dat dit niet het geval is. In twee gevallen (totaal € 201.516) betreft het doorlopende contracten, welke reeds voor 2025 zijn afgesloten en in 2025 nog door lopen. Daarnaast is sprake van één contract (€ 240.502) wat in 2025 is aangegaan, waarbij is afgeweken van de Europese aanbestedingsregels, maar waarvan het college verwacht dat dit contract op korte termijn (in 2026) beëindigd kan worden. De hiermee samenhangende lasten die in de jaarrekening 2025 zijn opgenomen, bedragen in totaal € 442.000. Op basis van onze controle komen wij tot dezelfde afwijkingen. Het college heeft deze afwijkingen meegewogen in de rechtmatigheidsverantwoording. Wij adviseren u toe te zien op stringente naleving van de interne en Europese aanbestedingsregels.
Toelichting voorwaardencriterium – identificatie cliënten WMO Het uitvoeren van een verplichte identificatie met een identificatiebewijs (geldig reisdocument of rijbewijs) bij intakegesprekken is onderdeel van het proces, zoals u deze heeft ingericht voor het Sociaal Domein. In dat verband is het van belang dat sprake is van een consistente vastlegging van deze waarneming in het dossier, waaruit ook achteraf kan worden vastgesteld of deze controle daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. Deze controle is wel een vereiste is vanuit de wetgever (Wet op de identificatieplicht) en maakt het documenteren van het identificatiebewijs in het cliëntdossier noodzakelijk. Een vastlegging dat de controle heeft plaatsgevonden kan bijvoorbeeld plaatsvinden door de laatste vier tekens van het identificatiebewijs en de datum van afgifte als unieke kenmerken vast te leggen. Bij de uitvoering van de detailcontroles in het sociaal domein voor de WMO hebben wij geconstateerd dat de vastlegging van de identificatie aandacht behoeft. Deze is niet altijd aanwezig in de cliëntdossiers, waardoor sprake is van een “formele onrechtmatigheid”, die wij moeten rapporteren. De afwijking heeft zich vooral voorgedaan bij cliëntdossiers welke zijn aangemaakt vóór 2024, maar nog doorlopen in 2025 en verder. Bij nieuwe dossiers blijkt dat de vastlegging van de controle op de identiteit verbeterd is.
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
13
Toelichting begrotingscriterium Uitsluitend op programma 04 Bestuur en programma 5 Financiën en grondexploitaties is sprake van lastenoverschrijdingen van respectievelijk € 1.253.000 en € 15.119.000. In totaal € 16.372.000. Daarnaast is sprake van overschrijdingen van investeringskredieten voor een bedrag van € 739.000. De totale begrotingsoverschrijding bedraagt derhalve € 17.111.000. Gelet op de kaders die uw raad in het normenkader aan het college heeft meegegeven, kwalificeren deze afwijkingen als acceptabel. In de paragraaf bedrijfsvoering geeft het college hier een meer inhoudelijke toelichting op, waarnaar wij u verwijzen.
Ons oordeel bij uw rechtmatigheidsverantwoording Op basis van onze toetsing aan de wettelijke voorschriften inzake de rechtmatigheidsverantwoording en de kaderstelling door de raad hebben wij vastgesteld dat de rechtmatigheidsverantwoording van het college van burgemeester en wethouders een getrouw beeld geeft. De jaarrekening (rechtmatigheidsverantwoording) en het jaarverslag (paragraaf bedrijfsvoering) bevat alle voorgeschreven informatie. Alle verplichte onderdelen zijn toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering. De boekwaarde van het onderhanden werk is in 2025 per saldo met € 3.102.000 toegenomen tot € 8.055.000 positief. Een positieve Actualisatie van de boekwaarde betekent dat sprake is (geweest) van kosten die hoger zijn geweest dan de gerealiseerde opbrengsten. De ontwikkeling grondexploitaties leidt tot van de boekwaarde per complex is als volgt: een verhoging van de getroffen verliesvoorziening 31-12-2024 31-12-2025 voor Stationsplein; Anna’s Anna’s Hoeve -/- 1.571.000 0 Hoeve is afgesloten met een Stationsplein 6.524.000 8.055.000 totaal gerealiseerde Totaal 4.953.000 8.055.000 cumulatieve winst van € 20 miljoen De waardering van elke grondexploitatie afzonderlijk, is afhankelijk van het verwachte exploitatieresultaat. Deze worden jaarlijks door het college geactualiseerd.
Wanneer sprake is van een, naar verwachting, winstgevende exploitatie, dan behoeft geen voorziening getroffen te worden. Is het verwachte resultaat naar verwachting nadelig, dan moet een voorziening worden herzien (bij lopende exploitaties waar eerder al een nadelig resultaat werd ingeschat door het college) of gevormd (nieuwe exploitaties). De voorzieningen worden (conform BBV) in mindering gebracht op de boekwaarde van de grondexploitaties. Bij de exploitatie Stationsplein heeft het college ingeschat dat naar verwachting sprake is van een verwacht nadelig resultaat, en is derhalve een voorziening getroffen. Deze is per 31-12 2025 door het college ingeschat op € 8.620.000. Omdat het totaal verwachte verlies (€8.620.000) bij de exploitatie Stationsplein hoger is dan de boekwaarde per 31-12-2025 (€ 8.055.000), is het meerdere van dit bedrag (€ 565.000), in overeenstemming met het Bbv, aan de creditzijde op de balans opgenomen.
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
14
Toelichting M&O-criterium Vanuit zowel de interne controlewerkzaamheden als onze controlewerkzaamheden zijn geen indicaties gebleken dat sprake is geweest van misbruik dan wel oneigenlijk gebruik. Daarom is geen sprake van daadwerkelijke afwijkingen die mee moeten worden genomen in de rechtmatigheidsverantwoording en/of behoeven te worden toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering.
Anna’s Hoeve De grondexploitatie Anna’s Hoeve is in 2025 afgesloten. Het uiteindelijke voordelige resultaat bij afsluiting bedraagt € 877.000. Dit is € 322.000 hoger dan vorig jaar werd verwacht. Dit voordeel is geheel gerealiseerd op lagere kosten voor woonrijp maken (€ 290.000) en lagere kosten voor planontwikkeling (€ 32.000). Met het afsluiten van de grondexploitatie in 2025 is een totaal voordelig resultaat gerealiseerd van € 20 miljoen. Stationsplein Ook in 2025 is sprake geweest van enige vertraging in de planning, waardoor de gerealiseerde kosten zijn achter gebleven bij de raming voor 2025 en zijn uitgekomen op een bedrag van € 1.547.000. Daarnaast zijn er geen opbrengsten gerealiseerd. De belangrijkste reden van de vertraging had te maken met de afwikkeling van de bezwaren tegen het bestemmingsplan. In 2025 heeft de Raad van State deze behandeld, waarbij alle bezwaren ongegrond zijn verklaard. Het bestemmingsplan is daarmee onherroepelijk geworden. Met het MPG 2026 heeft het college de grondexploitatie geactualiseerd. De financiële effecten daarvan zijn in de jaarrekening verwerkt. Bij deze actualisatie zijn de ramingen voor de nog te maken kosten en nog te realiseren opbrengsten per saldo met € 5.092.000 bijgesteld ten opzichte van de actualisatie bij de jaarrekening 2024.
De actualisatie van de grondexploitatie heeft tot gevolg dat het verwachte resultaat ten opzichte van 2024 € 4.781.000 nadeliger uitvalt. De getroffen verliesvoorziening is derhalve met dit bedrag toegenomen tot € 8.620.000. De toename van het verwachte verlies wordt vooral veroorzaakt door hogere plankosten en lagere geraamde opbrengsten. De kosten voor planontwikkeling zijn met circa € 1 miljoen gestegen, onder meer doordat in 2025 aanzienlijk meer kosten zijn gerealiseerd dan begroot (circa € 400.000 ten opzichte van € 220.000), hogere advieskosten als gevolg van een niet-geslaagde aanbesteding en extra inhuur van personeel (circa € 135.000). Vooruitkijkend zijn de ramingen verder verhoogd op basis van geactualiseerde capaciteitsinschattingen en verwachte kosten voor aanbesteding en juridisch advies in 2026. Daarnaast zijn de geraamde grondopbrengsten met ruim € 4 miljoen naar beneden bijgesteld op basis van een herijking door een extern adviesbureau. Deze neerwaartse bijstelling hangt samen met marktomstandigheden, waaronder hogere aanvangsrendementen voor middenhuur, effecten van de Wet betaalbare huur en gestegen bouwkosten. De planning van de bouwblokken is ongewijzigd; wel bestaat onzekerheid doordat de voortgang afhankelijk is van de uitkomst van de lopende één-opéén gunning.
Wij verwijzen u verder naar het MPG 2026, waarin het college gedetailleerd ingaat op ontwikkelingen en verschillen ten opzichte van voorgaande actualisatie.
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
15
In de paragraaf Grondbeleid en in toelichting op de balans geeft het college per lopende exploitatie inzicht in de mutaties 2025. Wij verwijzen u daarnaar. De belangrijkste bevindingen en adviezen die wij u mee willen geven zijn:
Open grondexploitatie Koninginneweg leidt tot afboeking boekwaarde aangekochte panden
Uw gemeente heeft in de periode 2022–2025 panden aan de Koninginneweg aangekocht met de intentie deze in te brengen in een toekomstige grondexploitatie. Tot en met 2025 zijn deze panden, in overeenstemming met het BBV, tegen de historische kostprijs (aanschafwaarde) onder de materiële vaste activa verantwoord. Omdat de panden verhuurd werden, en er daarmee opbrengsten werden gegenereerd, behoefden deze in voorgaande jaren niet te worden afgewaardeerd. Met het opstellen van het raadsvoorstel en het daaropvolgende besluit van de raad van 13 mei 2026 tot opening van de grondexploitatie is de bestuurlijke intentie definitief geworden en staat sloop van de panden in 2026 vast. Gegeven deze onomkeerbare ontwikkeling zijn de panden ultimo 2025, in overeenstemming met de Notitie Materiële Vaste Active van de commissie BBV, afgewaardeerd tot de directe opbrengstwaarde. Dit heeft geleid tot een nadeel van € 12,2 miljoen in de jaarrekening 2025. De raad is hierover op 12 januari 2026 met de collegebrief 'afwaardering panden aankoop Koninginneweg (1917998)' geïnformeerd. In de in 2026 te openen grondexploitatie, met een verwacht nadeel van € 17 miljoen waarvoor een voorziening wordt getroffen, wordt gerekend met deze afgewaardeerde inbrengwaarde en de nog aan te kopen panden binnen het boekjaar 2026.
Verhelder de kaders voor de aanwending van de reserve stedelijke ontwikkeling
Aan de reserve Stedelijke Ontwikkeling is in 2025 een onttrekking gedaan van € 6,1 miljoen. Deze onttrekking is daarmee € 3,6 miljoen hoger dan in de begroting was voorzien. De hogere onttrekking houdt met name verband met de dekking van verliezen op grondexploitatie Stationsplein. In de financiële verordening is opgenomen dat onttrekkingen aan reserves niet hoger mogen zijn dan begroot en door de raad geautoriseerd. In de nota grond- en vastgoedbeleid 2025-2028, maar ook de nota grond- en vastgoedbeleid 2020-2023, is echter aangegeven dat verliezen in de grondexploitatie gedekt kunnen worden uit deze reserve.
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
16
Naar verwachting van het college zal de exploitatie in 2029 afgerond kunnen zijn. Dit is onveranderd ten opzichte van vorig jaar. Zowel de nog te maken kosten alsnog te realiseren opbrengsten zijn omvangrijk en worden in de komende jaren gerealiseerd. Naarmate de periode langer is waarop de inschatting van nog te maken kosten en nog te realiseren opbrengsten gebaseerd is, kan de schattingsonzekerheid toenemen. Wij adviseren u de realisatie van de kosten- en opbrengsten en de inschatting van de restramingen die die daarbij horen, goed te blijven volgen. Deze zijn immers van invloed op het uiteindelijke resultaat en de vraag of de thans ingeschatte voorziening juist gewaardeerd is. daarbij horen, goed te blijven volgen. Deze zijn immers van invloed op het uiteindelijke resultaat en de vraag of de thans ingeschatte voorziening juist gewaardeerd is.
Gelet op de systematiek van grondexploitaties, waarbij de omvang van verliezen en de benodigde dekking via reserves pas bij actualisaties in beeld komen, adviseren wij u om, in de lijn van de nota grond- en vastgoedbeleid 2025-2028, expliciet vast te leggen dat de bepaling uit de financiële verordening, niet van toepassing is op de reserve Stedelijke Ontwikkeling.
Saldo spaarvoorziening riolering blijft oplopen
In 2025 is het saldo van de spaarvoorziening riolering verder toegenomen van € 3,16 miljoen naar € 4,12 miljoen. Met een dotatie van € 4,49 miljoen en gerealiseerde investeringen van € 3,44 miljoen blijft sprake van een structurele onderbesteding ten opzichte van de jaarlijkse toevoegingen. Deze ontwikkeling past in het beeld van de afgelopen jaren, waarin investeringen later worden gerealiseerd dan gepland, waardoor het beoogde “ideaalcomplex” – waarbij uitgaven en toevoegingen in balans zijn – nog niet wordt bereikt. Het college heeft in de afgelopen periode maatregelen genomen en stuurt inmiddels actief op het terugbrengen van de investeringsachterstanden en het beter laten aansluiten van dotaties en uitgaven: lopende vervangingsinvesteringen worden conform een vaste systematiek jaarlijks afgeboekt ten laste van de voorziening, het investeringsniveau is tijdelijk verlaagd en gefaseerd ingezet om de uitvoerbaarheid te verbeteren, de dotatie is incidenteel neerwaarts bijgesteld en het aanwezige surplus wordt ingezet om openstaande investeringen weg te werken, met als doel om naar verwachting rond 2027 weer aan te sluiten op een structureel evenwichtige investeringsplanning en weer aan te sluiten op het beoogde ideaalcomplex. Wij benadrukken het belang van een realistische en goed gemonitorde uitvoeringsplanning.
Dit is nodig om te kunnen beoordelen of de huidige spaarcomponent in het tarief toereikend is en om te voorkomen dat de voorziening verder oploopt. Daarbij achten wij het van belang dat inzicht bestaat in de haalbaarheid van de investeringsprogrammering en de aansluiting tussen planning, uitvoering en tariefstelling.
Noodzakelijke storting voorziening pensioenverplichtingen (gewezen) wethouders
Vanaf 1 januari 2028 zal het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) verantwoordelijk worden voor uitvoeren van de pensioenregeling voor politieke ambtsdragers, waaronder de (oud) wethouders van uw gemeente. Uw gemeente moet hiervoor begin 2028 een eenmalige kapitaalstorting doen en vanaf dan pensioenpremies afdragen aan het ABP. Vanaf 1 januari 2028 is uw gemeente vervolgens jaarlijks pensioenpremies aan het ABP verschuldigd.
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
17
De gemeenteraad heeft bij de vaststelling van de actualisatie van de grondexploitaties (MPG 2026) ingestemd met de omvang van de verliesvoorzieningen en de daarmee samenhangende hogere onttrekking aan de reserve. Deze besluitvorming heeft plaatsgevonden voorafgaand aan de vaststelling van de jaarrekening 2025.
▪ ▪ ▪
de voor de overdracht beschikbare middelen (waaronder de pensioenvoorziening) het vermogen dat nodig is om op basis va de Wet toekomst pensioenen (Wtp) in te kopen bij het ABP (de eenmalige kapitaalstorting); en de toekomstige aan het ABP verschuldigde pensioenpremie.
Op 3 december 2025 heeft de Commissie BBV een antwoord op een vraag gepubliceerd over de verantwoording en waardering van de pensioenvoorziening in de jaarrekening 2025. De Commissie BBV heeft daarbij de volgende stellige uitspraak gedaan: ▪
▪
▪ ▪
Decentrale overheden die aan het recente onderzoek naar de omvang van de overdrachtswaarde van Appa naar ABP hebben meegedaan, dienen bij de verantwoording over begrotingsjaar 2025 de hoogte van de voorziening en eventueel aanwezige kapitaalverzekeringen per 31 december gelijk te stellen aan de prognose op basis van het uitgevoerde onderzoek (benodigd vermogen op 1 januari 2025 op basis van inkoop Wtp bij ABP) en rekening te houden met de gewijzigde verplichtingen over 2025; Decentrale overheden die niet aan het onderzoek hebben deelgenomen moeten de pensioenverplichting voor ambtsdragers eveneens analoog aan de gehanteerde berekening van het onderzoek onderbouwen. Uitgaande van het uitgevoerde onderzoek zal de pensioenverplichting per 1 januari 2025 naar verwachting tussen de 10% en 20% moeten worden verhoogd om deze per 31 december 2025 op het juiste niveau te krijgen; Bovenstaande bedragen dienen tot het moment van overdracht aan het ABP jaarlijks herzien te worden; In de jaarrekening dient een toelichting te worden opgenomen waarin de mogelijkheid voor eventuele vrijval van de voorziening door bijvoorbeeld rentestijging wordt benoemd alsmede de einddatum waarop de overdracht naar het ABP plaatsvindt.
Het college is ten behoeve van de jaarrekening 2025 nagegaan wat de totale pensioenverplichting zou moeten zijn en op welke wijze in dekking daarvan is voorzien. Op basis van actuele actuariële berekeningen bedraagt de totale verplichting ultimo 2025 € 6.810.000, waarbij het college rekening heeft gehouden met een dekkingsgraad van 120 %. In de jaarrekening 2025 heeft het college derhalve een storting van € 1.022.000 gedaan in de voorziening pensioenverplichtingen (gewezen) wethouders. De door het college gehanteerde dekkingsgraad van 120% is gebaseerd op de brief die het college in 2025 van het ministerie van BZK heeft ontvangen, waarin zij inging op de financiële gevolgen en risico’s die voor uw gemeente zouden kunnen spelen. In de stellige uitspraak van de commissie BBV is aangegeven dat voor de bepaling van de verplichting per 31 december 2025 rekening gehouden moest worden met “de gewijzigde verplichtingen over 2025”. Eén van deze gewijzigde verplichtingen is de dekkingsgraad welke het ABP hanteert. Deze bedroeg per 31 december 2025 123,5 % en is derhalve hoger dan de dekkingsgraad waarmee het college heeft
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
18
Uw gemeente heeft in de zomer van 2025 meegedaan aan een landelijk onderzoek van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK), het Interprovinciaal Overleg (IPO), de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de Unie van Waterschappen, waarbij is ingegaan op:
De jaarlijks wijzigende rekenrente en de dekkingsgraad die het ABP hanteert zijn de komende jaren medebepalend voor omvang van de totale verplichting die uw gemeente per 1 januari 2028 zal hebben. De waardering van de totale verplichting blijft daarmee een aandachtspunt de komende jaren.
Uw onderhoudsplanning wordt niet gerealiseerd: werkzaamheden worden doorgeschoven en aanvullende dotaties zijn noodzakelijk geweest
In de balans zijn diverse voorzieningen voor groot onderhoud opgenomen. Deze voorzieningen zijn bepaald op basis van meerjarenonderhoudsplannen (MJOP’s). In december 2025 zijn de geactualiseerde MJOP’s voor het gemeentelijk vastgoed en sportaccommodaties 2024-2033 door de raad vastgesteld. De toevoegingen aan de betreffende voorzieningen zijn gebaseerd op deze geactualiseerde plannen. Ultimo 2025 hebben de onderhoudsvoorzieningen een gezamenlijke waarde van € 9,3 miljoen: Stand 1-1-2025
Voorziening (bedragen x € 1.000) Onderhoud parkeergarages
856
Onderhoud begraafplaatsen Onderhoud culturele huisvesting Onderhoud sportaccommodaties
Toevoegingen
Aanwendingen
Stand 31-12-2025
445
261
1.040
229
90
50
268
830
121
93
858
3.223
1.354
1.314
3.263
Onderhoud sluizen, gemalen en recreatie
248
62
61
249
Onderhoud gymlokalen schoolgebouwen
384
423
93
713
Onderhoud voorzieningen jeugd Onderhoud gemeentelijke huisvesting Onderhoud overige gebouwen Totaal
474
262
47
689
1.245
692
152
1.785
369
256
176
449
7.858
3.705
2.247
9.314
Voor de beoordeling van de voorzieningen in de jaarrekening is, mede op basis van de geactualiseerde plannen, onderzocht of planning en uitvoering nog met elkaar in de pas lopen en zo niet, wat dat voor eventuele financiële gevolgen heeft of kan hebben. Net als in voorgaande jaren het geval was, constateerde het college daarbij dat sprake was van een onderbesteding ten opzichte van het beschikbare budget (zie de tabel op de volgende pagina):
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
19
gerekend. In de jaarrekening 2025 is de toevoeging aan de voorziening te laag bepaald voor een bedrag van € 199.000. Wij hebben dit verschil als controleverschil meegewogen in ons oordeel.
Gerealiseerde aanwending
20
Geraamde aanwending
Voorziening (bedragen x € 1.000)
Verschil
Onderhoud parkeergarages
799
261
538
Onderhoud begraafplaatsen
222
50
172
Onderhoud culturele huisvesting
782
93
689
Onderhoud sportaccommodaties
2.755
1.314
1.441
Onderhoud sluizen, gemalen en recreatie
69
61
8
Onderhoud gymlokalen schoolgebouwen
223
93
130
Onderhoud voorzieningen jeugd
107
47
60
Onderhoud gemeentelijke huisvesting
1137
152
985
Onderhoud overige gebouwen
390
176
214
6.484
2.247
4.237
Totaal
In 2025 is, net als in voorgaande jaren, sprake van een aanzienlijke onderbesteding op het groot onderhoud ten opzichte van de raming (circa € 4,2 miljoen). Daarmee zet het patroon van voorgaande jaren zich voort. In ons accountantsverslag 2024 zijn wij ook ingegaan op het inmiddels structurele karakter van het doorschuiven van gepland, maar niet uitgevoerd onderhoud en verwezen wij ook naar de bevindingen van CCA. Daarin werd onder meer aangegeven dat de haalbaarheid van de onderhoudsplannen onder druk staat. De realisatie in 2025 laat zien dat, ondanks de uitgesproken intentie om de uitvoering in te halen, de geplande onderhoudsproductie wederom niet volledig is gerealiseerd. Dit wijst erop dat de spanning tussen ambitie, beschikbare capaciteit en uitvoerbaarheid nog onvoldoende wordt ondervangen in het planningsproces. Voor een deel wordt dit verklaard door nog uit te voeren duurzaamheidsinvesteringen welke zoveel als mogelijk gecombineerd zullen worden met planmatig (groot) onderhoud. Wij achten het van belang dat uw gemeente in het plannings- en begrotingsproces nadrukkelijker borgt dat onderhoudsplannen realistisch en uitvoerbaar zijn. Dit vraagt om een tijdige en expliciete haalbaarheidstoets, waarbij onder meer rekening wordt gehouden met beschikbare capaciteit, marktomstandigheden en uitvoeringsrisico’s.
Indien structureel blijkt dat de geplande productie niet kan worden gerealiseerd, ligt het in de rede om de planning en bijbehorende meerjarige dotaties hierop aan te passen. Daarnaast adviseren wij om inzicht te geven in de omvang van eventueel opgebouwde achterstanden en te bezien op welke wijze deze, waar nodig, beheerst kunnen worden ingelopen.
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
aspecten waar de accountant van de Regio nog onvoldoende informatie kon verkrijgen om de uitgaven goed te keuren. Dit bedrag hebben wij ook meegewogen als onzekerheid in onze oordeelsvorming. De verantwoording van de Regio is dit jaar laat door uw gemeente ontvangen. Dit is veroorzaakt doordat een (grote) zorgaanbieder niet tijdig heeft voldaan aan de met de Regio afgesproken informatieplicht. De productieverantwoording met bijbehorende controleverklaring is pas op 21 mei 2026 aangeleverd bij de gemeente. Aangezien de Regio de prestatielevering van gefactureerde en betaalde zorg vaststelt op basis van deze verantwoording, was tot die datum sprake van een materiële onzekerheid voor de Regio, die ook doorwerkte in de verantwoording van onzekerheden voor de gemeente Hilversum. Wij adviseren u om met de Regio in overleg te treden over de mogelijkheid om de prestatielevering van zorg (aanvullend) op een andere wijze vast te stellen dan op basis van productieverantwoordingen met controleverklaringen. Hiermee kan de afhankelijkheid van individuele zorgaanbieders worden verminderd en kan tevens versnelling in het verantwoordings- en controleproces worden gerealiseerd. Wij verwijzen in dit kader tevens naar de SDO-notitie “Controle interne beheersing Jeugd en Wmo voor gemeenten en accountants” d.d.
21 januari 2019, waarin nadere handvatten zijn opgenomen voor de inrichting van de interne beheersing.
Geen fouten en onzekerheden met betrekking tot de SiSabijlage 2025
Op grond van het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), artikel 5, lid 4, rapporteren wij in dit accountantsverslag over de fouten en onzekerheden van de specifieke uitkeringen die in 2025 onder Single information, Single audit (SiSa) vallen. Wij doen dit met een tabel, die ook opgenomen moet worden als er geen fouten of onzekerheden geconstateerd zijn. Per regeling is hierin aangegeven of, en zo ja welke financiële fouten of onzekerheden zijn geconstateerd. Wij merken op dat wij geen fouten of onzekerheden hebben geconstateerd die groter zijn dan € 125.000 (of groter dan de rapporteringsgrens) zoals voorgeschreven via de Nota verwachtingen accountantscontrole SiSa (en het door de gemeenteraad vastgestelde controleprotocol met bijhorend normenkader voor de rechtmatigheidscontrole). In overeenstemming met de Nota verwachtingen accountantscontrole SiSa is de tabel leeg als er geen bevindingen zijn. De tabel met fouten en onzekerheden treft u in hoofdstuk 6 van dit accountantsverslag aan.
Wet normering topinkomens (WNT)
De Wet normering topinkomens (WNT) stelt eisen aan de hoogte en openbaarmaking van bezoldigingen en ontslagvergoedingen van topfunctionarissen en, onder voorwaarden, overige medewerkers binnen publiek gefinancierde organisaties. Ook als geen sprake is van overschrijding van de geldende norm, bestaat de verplichting om deze informatie te verantwoorden in de jaarrekening.
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
21
Belangrijke (administratieve) onderdelen van de WMO en Jeugdwet worden voor uw gemeente door de Regio Gooi- en Vechtstreek Bevindingen controle (hierna: de Regio) uitgevoerd. De Regio heeft op 21 mei 2026 de eindverantwoording 2025 aan uw gemeente verstrekt over de Sociaal domein – bestedingen. Bij deze verantwoording is een controleverklaring opgenomen dat de in deze verantwoording opgenomen bedragen (in verantwoording Regio Gooi- materiële zin) zijn verantwoord in overeenstemming met de tussen uw gemeente en de Regio gemaakte afspraken. Er is door de en Vechtstreek accountant een bedrag als onzeker aangemerkt voor de gemeente Hilversum van € 215.000 (2024: € 929.000) als gevolg van diverse
Wij wijzen erop dat de accountant op grond van het Controleprotocol WNT geen zekerheid kan verkrijgen over de volledigheid van nevenfuncties en bezoldigingen die bij andere WNT-plichtige instellingen zijn ontvangen (anticumulatiebepaling). De naleving van deze bepaling maakt daarom geen onderdeel uit van de controleverklaring. Het toezicht hierop ligt bij de aangewezen WNT-toezichthouders, die zelfstandig onderzoek kunnen doen en zo nodig handhavend kunnen optreden. Daarnaast attenderen wij het college op de wettelijke openbaarmakingsplicht om de WNT-verantwoording over kalenderjaar 2025 uiterlijk 1 juli 2026 via internet algemeen toegankelijk te maken.
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
22
In het onderdeel “WNT-verantwoording 2025 Gemeente Hilversum” (welke onderdeel is van de jaarrekening 2025 zijn de verplichte onderdelen vanuit de WNT verantwoord. Op basis van onze controle over 2025 constateren wij dat bij gemeente Hilversum geen sprake is van niet-acceptabele overschrijdingen van de WNT-normen voor topfunctionarissen en overige medewerkers. De bezoldigingen blijven binnen de wettelijke kaders.
23
4.
Interne beheersing
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
Kernboodschappen interim-controle 2025
24
4. Interne beheersing Naar aanleiding van de controle 2025 hebben wij met onze managementletter van 22 december 2025 met kenmerk 312018008.25.768 onze bevindingen gedeeld met het college van burgemeester en wethouders. De managementletter is op 4 februari 2026 met de Audit- en Rekeningcommissie besproken. In de managementletter hebben wij een samenvatting van de belangrijkste bevindingen en aanbevelingen opgenomen. Het college heeft met de collegebrief van 18 februari 2026 (zaaknummer 1936937) een bestuurlijke reactie op de managementletter gegeven, waarbij ook een meer gedetailleerde ambtelijke reactie vanuit de organisatie is gegeven op de detailbevindingen uit de managementletter. Hieronder hebben wij de samengevatte bevindingen en aanbevelingen “1 op 1” overgenomen. Bij de controle van de jaarrekening hebben wij vastgesteld dat de aanbevelingen welke van belang waren voor de jaarrekening(-controle) zijn opgevolgd. Bevindingen en aanbevelingen die te maken hebben met de doorontwikkeling van de interne beheersing worden richting 2026 en verder uitgewerkt. Het college ziet een groeiende ‘in control’-bewustwording en een verdere verschuiving van controleverantwoordelijkheden naar de 1e en 2e lijn, waarbij CCA meer een toetsende en adviserende rol krijgt.
Vooruitkijkend ligt de focus op verdere versterking van IT-beheersing, verduurzamingsrapportage, AI-beleid en het borgen van interne beheersing in het licht van de ambtelijke fusie. Bevindingen inzake de interne beheersing Gemeente Hilversum beschikt over een interne beheersing van hoog niveau. De ambitie was om deze verder te versterken en aantoonbaar naar een nog hoger niveau te brengen. Door de voorbereidingen voor de ambtelijke fusie met Wijdemeren per 1 januari 2026 zijn deze verbeteringen niet volledig gerealiseerd. Maak een plan van aanpak om vanaf 2026 weer stappen te kunnen gaan zetten, waarbij voldoende aandacht is voor taak- en rolverdeling in de 1e, 2e en 3e lijn (procesbeschrijvingen) en IT. Wijs een verantwoordelijke medewerker aan om de realisatie van het plan te monitoren. Belangrijke aandachtspunten zijn: ▪
De borging van continuïteit van de VIC en kwaliteitscontroles tijdens fusie. Heb aandacht voor personeelswisselingen op belangrijke functies hierbij.
▪
Het actualiseren van de beschrijvingen van financiële processen in 2026 en het bijvoegen van bewijsdocumentatie.
▪
Het meer risicogericht inrichten van de interne controle en het verminderen van de afhankelijkheid van gegevensgerichte controles achteraf.
▪
Actualiseren van de frauderisicoanalyse in 2026, deze integraal maken en verankeren in de P&C-cyclus. Kwantificeer risico’s, koppel maatregelen en eigenaarschap en neem corruptierisico’s expliciet op.
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
Het is nog niet duidelijk wanneer de duurzaamheidsrapportage wordt ingevoerd voor gemeenten. Ons advies is om een start te maken met het formuleren van duurzaamheidsdoelstellingen, het uitwerken van indicatoren om de doelstellingen te meten en te rapporteren.
Aandachtspunten voor de (ambtelijke) fusie In het kader van de fusie met gemeente Wijdemeren per 2027 zien wij dat u veel aandacht besteedt aan onderwerpen die van invloed zijn op het financieel beleid, beheer en de jaarrekening vanaf 2027. De raad wordt hierover ook periodiek geïnformeerd. Wij hebben enkele punten uitgelicht die relevant kunnen zijn voor onze controle. Deze opsomming is niet volledig en wij erkennen dat u voor diverse onderdelen al voorbereidingen heeft getroffen: ▪
Harmoniseer grondslagen, beleid en rekeningschema’s tijdig.
▪
Stel een plan op voor integratie van IT-systemen en borg back-ups en migratie.
▪
Voer een risicoanalyse uit voor procesverstoring en tref tijdelijke beheersmaatregelen.
▪
Inventariseer lopende contracten en verplichtingen en leg afspraken vast.
▪
Neem alle eerdere aanbevelingen (Hilversum én Wijdemeren) op in het plan voor een integraal overzicht.
IT & informatiebeveiliging Uit de (interne) controle blijken aandachtspunten ten aanzien van rechten en rollen in de autorisatiematrix van de betaalapplicatie BNG en het in functiescheiding autoriseren van facturen < € 10.000. Voer in 2026 een IT-audit uit op IT General Controls (toegangsbeheer, wijzigingsbeheer, back-up). Het is van belang om de organisatie voor te bereiden op de Cyberbeveiligingswet (NIS2). Stel een jaarplan op, betrek bestuur bij risicobeoordeling, en versterk ketenbeveiliging. Daarnaast is het van belang om een AI-beleid te ontwikkelen, met duidelijke kaders voor gebruik, privacy en ethiek. Nagenoeg alle financiële processen kwalificeren als “groen”. Bij het proces “factuurafhandeling en betalingsorganisatie ”is sprake van tekortkomingen De bevindingen en conclusies met betrekking tot de gecontroleerde processen liggen grotendeels in lijn met voorgaande jaren. Het proces van de grondexploitaties is tussentijds niet beoordeeld door CCA en is doorgeschoven naar een later moment. De kwalificatie bij het proces “Factuurafhandeling en betalingsorganisatie” is achteruitgegaan als gevolg van bevindingen met betrekking tot de registratie/vastlegging van de prestatielevering en prijscontrole door de kredietbeheerder/budgethouder en het monitoren van een
Aanpak en uitkomsten
Financiële positie
Bevindingen controle
Interne beheersing
Overige onderwerpen
Bijlage
25
▪
Er zijn aandachtspunten voor de jaarrekening 2025 ten aanzien van de waardering van schattingsposten en wijzigingen in het Bbv en Bado In hoofdstuk 5 van deze managementletter hebben wij een aantal aandachtspunten opgenomen, die van belang zijn voor het opstellen van de jaarrekening 2025. Wij vragen daarbij specifiek aandacht voor het beoordelen van de waardering van de pensioenvoorziening wethouders, de waardering van de onderhoudsvoorzieningen, de actualisatie van de grondexploitaties, de analyse van investeringen in de riolering in relatie tot de getroffen spaarvoorziening en de waardering van de grondexploitatie Stationsplein. Tenslotte zijn er wijzigingen in het Bbv en het Bado doorgevoerd, welke van invloed zijn op de jaarrekening en controle 2025. Onder meer moet een paragraaf overige gegevens worden opgenomen en zijn de kaders voor de verantwoordingsgrens en materialiteit aangepast. Interne controle voldoet en levert waardevolle adviezen op Intern rapporteert het team van CCA haar bevindingen en aanbevelingen naar aanleiding van de beoordeling van de financiële processen en overige relevante werkzaamheden door CCA. Uit onze controlewerkzaamheden blijkt dat wij tot vergelijkbare bevindingen als CCA komen, waarmee de rapportage van CCA derhalve een goede basis vormt om verbeteringen door te voeren.