02. Beantwoording technische vragen van D66 over PvE stedenbouwkundig plan centrumgebied Hilversumse Meent (Toegevoegd 11 februari 2026)
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen voor de commissie Ruimtelijke Ordening en Projecten van woensdag 11 februari agendapunt 6. Vragen van Aan wethouder Over
: D66 : F.G.J. Voorink : Programma van eisen voor het stedenbouwkundig plan centrumgebied Hilversumse Meent
Naar aanleiding van het bestuderen van alle stukken en bijwonen van de BVS willen wij als D66 graag de volgende technische vragen stellen om beter zicht te kunnen krijgen op de vraag die aan de Raad is voorgelegd op dit dossier:
1. Kunt u de ramingen delen voor het maatschappelijk vastgoed/voorzieningen van dit plan en het plan wat op 5 maart 2024 is vastgesteld? 2. Wat is de reden dat de opbrengsten van de woningen te hoog zijn ingeschat? 3. Welke opties zijn er om de businesscase positiever uit te laten pakken en wat zijn de effecten daarvan op de vastgestelde kaders: kort gezegd wat zijn de knoppen waar we aan kunnen draaien? 4. Is er voor de maatschappelijke voorzieningen (o.a. sporthal, wijkcentrum en parkeren) vanuit andere programma's al budget opgenomen en zo nee waarom niet? 5. Welke kansen voor subsidiemogelijkheden om de business case te versterken ziet u op dit moment en is iets te zeggen over de kansrijkheid hiervan? 6. Deze ontwikkeling ligt tegen het projectgebied van het Buurtenergieplan Hilversumse Meent Noord wat in januari van dit jaar is vastgesteld. Zijn de kansen en bedreigingen van dit plan (met een eigen WKO) hierin meegenomen en zo ja hoe?
Vriendelijke groet,
Bonne van Hattum – D66 Hilversum
Antwoord -penvoerder is Rozemarijn de Heer 1. Kunt u de ramingen delen voor het maatschappelijk vastgoed/voorzieningen van dit plan en het plan wat op 5 maart 2024 is vastgesteld? De sporthal was destijds geraamd op € 3,7 mln en het wijkcentrum op € 3,6 mln. Uit nader onderzoek bleek dat de kengetallen, die destijds waren gehanteerd, te algemeen waren en geen rekening hielden met de ingewikkelde bouwconstructie van het multifunctionele woonzorgcomplex. Tabel: samenvatting business case 2024
2. Wat is de reden dat de opbrengsten van de woningen te hoog zijn ingeschat? Er was toen gerekend met € 5.750 en € 5.850/m². De marktgegevens voor bestaande rijwoningen in de Hilversumse Meent liggen gemiddeld rond € 4.506/m². Voor de nieuwe cijfers is gerekend met € 5.000/m² voor de appartementen. Een vierkante meterprijs hangt af van de ligging, maar ook het type gebouw en de afwerking én de inbegrepen faciliteiten. De vierkante meterprijs ligt voor nieuwbouwwoningen gemiddeld iets hoger en voor woonzorgcomplexen ligt deze prijs nog weer iets hoger. De vorige opbrengsten waren niet onrealistisch maar wel optimistisch berekend. Nu hebben we ervoor gekozen om conservatief te rekenen. 3. Welke opties zijn er om de businesscase positiever uit te laten pakken en wat zijn de effecten daarvan op de vastgestelde kaders: kort gezegd wat zijn de knoppen waar we aan kunnen draaien? Toen bleek dat de financiële consequenties rooskleuriger waren voorgesteld dan de berekening die het externe bouwkostenbureau liet zien, hebben we gekeken waar draaiknoppen zitten voor een positiever resultaat. Er zijn vier ‘draaiknoppen’: a) Woningen: enerzijds door de verhouding in prijsklassen te wijzigen: denk aan een groter aandeel dure woningen. Anderzijds door meer woningen toe te voegen.
Deze draaiknop is vooralsnog niet wenselijk aangezien we ons aan de verhouding van de Woonvisie willen houden: 33% sociaal, 50% middensegment en 17% duur. Bovendien betekenen meer woningen dat er meer parkeerplaatsen nodig zijn, waardoor het parkeergebouw moet worden uitgebreid wat ook weer geld kost. Tenslotte hebben bewoners zorgen over de omvang van het gebouw. Meer
woningen betekent ook een groter volume en dat sluit niet aan bij de behoefte die uit de participatie is voortgekomen. b) Vormgeving/ opzet gebouw: door efficiënt ruimtegebruik, een efficiënte indeling en slimme stijgpunten kunnen de bouwkosten naar beneden. Voor het ontwerpend onderzoek willen we de architectenbureaus uitdagen om juist ook hierop mee te denken. c) Maatschappelijke voorzieningen: kleiner wijkcentrum en/ of van sportzaal naar gymzaal. Gezien het grote belang van het wijkcentrum in de wijk ligt het niet gelijk voor de hand om deze kleiner te maken. We gaan wel onderzoeken of we ruimtes efficiënter in kunnen richten en te kijken waar we met slim dubbelgebruik, bijvoorbeeld in combinatie met de sportzaal, ruimte kunnen winnen. Voor wat betreft de sportzaal is het voor de inwoners van de Hilversumse Meent van groot belang “de hardware”, huidige sportzaal na het afbreken ook in deze vorm weer terugkomt in het nieuwe plan. Dus een sportzaal met 2 volwaardige zaaldelen met een vrije hoogte van 7m en een scheidingswand in het midden. Dit is in lijn ook met het Sportbeleid. Bovendien hebben we als doel om de gezondheid in de wijk te bevorderen en daarvoor zijn juist dergelijke maatschappelijke voorzieningen van belang. d) ‘Reken knop’: Investeren in de maatschappelijke voorzieningen in de Hilversumse Meent levert op andere plekken in de organisatie een besparing op.
Zo staat er in het MJOB voor het gemeentelijk vastgoed voor de komende 5 jaar €1,2 mln opgenomen. Dit onderhoud hoeft niet te worden uitgevoerd als het gemeentelijk vastgoed wordt vernieuwd. Ook is er nu geen geld gereserveerd voor het verduurzamen van het gemeentelijk vastgoed in de Hilversumse Meent. Het verduurzamen van de gebouwen is onvermijdelijk aangezien ze label E hebben, dus ook op die kosten kan worden bespaard. Bovendien levert een woonzorgcomplex naar verwachting ook een besparing op in de zorgkosten. Deze zijn moeilijk te kwantificeren, maar uit verschillende onderzoeken blijkt dat deze er wel degelijk zijn, zoals uit onderzoek van RIGO naar Liv In blijkt. 4. Is er voor de maatschappelijke voorzieningen (o.a. sporthal, wijkcentrum en parkeren) vanuit andere programma's al budget opgenomen en zo nee waarom niet? In de programmabegroting is geen geld gereserveerd voor de vervanging van de sporthal en het wijk- en jongerencentrum, of het oprichten van een parkeergebouw. In de programmabegroting zijn wel lasten en baten opgenomen voor de jaarlijkse exploitatie van de sporthal en het wijk- en jongerencentrum. In z’n algemeenheid geldt dat er voor vervanging of het toevoegen van maatschappelijke voorzieningen in principe geen budget is opgenomen. Dit gebeurt pas als onderdeel van een project, zoals nu bij de Hilversumse Meent het geval is.
5. Welke kansen voor subsidiemogelijkheden om de business case te versterken ziet u op dit moment en is iets te zeggen over de kansrijkheid hiervan? Op dit moment zien wij geen subsidiemogelijkheden om de business case te versterken. Dit komt vooral omdat het niet waarschijnlijk is binnen 5 jaar kan worden gestart met de bouw van het multifunctioneel woonzorgcomplex en voor alle huidige subsidieregelingen geldt dat er binnen 5 jaar zicht moet zijn op start bouw. We zitten nog in een voorfase van het hele project. Eerst moet het stedenbouwkundig plan worden vastgesteld, vervolgens het Omgevingsplan worden gewijzigd en pas daarna kan de projectontwikkeling daadwerkelijk starten. Pas als er zicht op start bouw is, kan er subsidie worden aangevraagd. Het is nog onbekend welke subsidieregelingen tegen die tijd gelden. Gezien het belang van woonzorgcomplexen (ingegeven door vergrijzing, langer zelfstandig wonen, vermindering van eenzaamheid, ontlasting van mantelzorgers en efficiëntere zorgverlening) en dat dit belang in de nabije toekomst niet afneemt verwachten wij dat er tegen die tijd wellicht nieuwe subsidiemogelijkheden komen. 6. Deze ontwikkeling ligt tegen het projectgebied van het Buurtenergieplan Hilversumse Meent Noord wat in januari van dit jaar is vastgesteld.
Zijn de kansen en bedreigingen van dit plan (met een eigen WKO) hierin meegenomen en zo ja hoe? Er is afstemming geweest met de projectleider van het Buurtenergieplan Hilversumse Meent Noord. De timing en het tempo van de twee projecten zijn verschillend, hierdoor is een technische koppeling niet mogelijk. Voor het Buurtenergieplan voor de Hilversumse Meent Noord zijn oplossingen met bodemenergie uitgewerkt die in de periode tot 2028 gerealiseerd worden binnen het projectgebied. Aangrenzende projecten zoals het Centrumgebied die ook met bodemenergie aan de slag willen, zullen in de uitwerking en locatiekeuze rekening moeten houden met bestaande systemen in de omgeving om onderlinge beïnvloeding te voorkomen. In 2024 is een verkenning uitgevoerd naar de bodempotentie voor energieprojecten in Hilversum irt de energievraag. Hieruit is voor de Hilversumse Meent geen knelpunt vastgesteld. Dat betekent dat er voldoende ondergrondse ruimte is om naast het Buurtenergieplan voor de noordelijke Meent het centrumgebied van De Meent met een WKO te bedienen.