Bestemmingsplan Esbeekseweg 15-17 (9i bijlage 9 Beeldkwaliteitsparagraaf)
Tekst van het document
Beeldkwaliteitsparagraaf
Plangebied Het plangebied betreft de percelen aan de Esbeekseweg 15 en 17, kadastraal bekend als: gemeente Hilvarenbeek, sectie P en perceelnum-
Inleiding
mers 1784 en 2838. Het plangebied ligt grofweg tussen de kernen Es-
Aan de Esbeekseweg 15 en 17 worden enkele ruimte-voor-ruimte wo-
beek en Hilvarenbeek, aan een bebouwingslint in het buitengebied ten
ningen ontwikkeld. Om deze ontwikkeling aan te laten sluiten op de om-
noorden van het industrieterrein Mierbeek. Het plangebied is momenteel
geving en de huidige bebouwing, is een beeldkwaliteitsparagraaf opge-
in gebruik als een woon- en agrarisch perceel.
steld. Voor deze herziening dient te worden aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke inpassing die aansluit op het behoud en bevordering van de ruimtelijke kwaliteit van de omgeving. Bij het toestaan
Planvoornemen
van een ruimtelijke ontwikkeling is het van belang dat alle ruimtelijke
De wens bestaat om zes extra woningen te realiseren, verdeeld over
waarden worden meegewogen. Een plan kan immers afbreuk doen aan
drie nieuwe bouwmassa’s. De agrarische bestemming zal met het initia-
bestaande landschappelijke of cultuurhistorische waarden.
tief plaats maken voor de bestemming wonen.
Voorliggend paragraaf vormt het kwalitatieve beeldvormend kader voor
De bestaande agrarische bedrijfsbebouwing (schuren en stallen) zal
de locatieontwikkeling. Aan de orde komen stedenbouwkundige aspec-
daarbij grotendeels worden geamoveerd. Het perceel van de woning
ten zoals rooilijnen, massa’s en architectonische aspecten zoals materi-
aan de Esbeekseweg 15 zal worden gehalveerd. Hierdoor ontstaat er
aaltoepassing, kleurgebruik en kapvormen. Daarnaast komt de open-
ruimte om een woonerf te creëren waarin verschillende ruimte-voor-
bare ruimte aan de orde. Hierbij wordt aandacht besteed aan onder an-
ruimte woningen een plek kunnen vinden.
Figuur 1: Luchtfoto plangebied
dere de overgangen tussen openbaar en privé (bijvoorbeeld erfafscheidingen) en de inrichting van het openbaar gebied. Concreet dient de
Historisch kaartmateriaal laat zien dat de locatie ook al gedurende een
beeldkwaliteitsparagraaf als inspiratiebron en richtinggevend kader voor
lange periode als een geclusterde bebouwingsconcentratie heeft gefun-
de architect(en) van de nieuwe bebouwing en de ontwerper(s) van de
geerd in het buitengebied van Hilvarenbeek. De nieuwe woningen be-
openbare ruimte. Daarnaast wordt het gebruikt als toetsingskader voor
staan uit twee langgevelvolumes en een vrijstaande woning. De huidig
de welstandscommissie bij de beoordeling van de bouwplannen op re-
inrit zal worden verplaatst naar het zuiden Hiermee komt het bestaande
delijke eisen van welstand in het kader van de omgevingsvergunning.
woonperceel aan het nieuwe erf te liggen. De sloot zal worden overkluisd, maar blijft dienst doen als afwateringsvoorziening. Het parkeren wordt voorzien op eigen terrein, bezoekers parkeren op het erf.
1
Richtlijnen bebouwing Hoofdmassa en oriëntatie De nieuwe woningen op het erf zijn ondergeschikt aan, maar wel in samenhang ontworpen met de bestaande boerderijwoning aan de Esbeeksweg (hoofdgebouw). Het gezamenlijke erf wordt hoofdzakelijk begeleid door de langgerekte volumes van de woningen. De hoofdmassa’s bestaan uit één of twee bouwlagen met kap. Om het eenvoudige karakter van de hoofdmassa te realiseren, is het gewenst om aan de voorzijde dakkappellen, bijgebouwen en aanbouwen te vermijden. Om de relatie en samenhang tussen de woningen te versterken, zijn de hoofdmassa’s direct grenzend aan het erf geplaatst en daarop georiënteerd. Dat mag direct met de voordeur zijn maar ook met een smalle ‘intermediaire zone’. Iedereen woont samen rondom het erf en ontmoet elkaar daar. Figuur 2: Bestaande woning Esbeekseweg
Figuur 3: Kapvorm is een variant van een zadeldak met wolfseind
Figuur 4: Tweekapper met variërende goothoogte (een of twee lagen met kap)
Figuur 5: Sterke oriëntatie van de woningen aan het gezamenlijke erf
Op de percelen wordt ruimte gecreëerd om op eigen terrein te parkeren. Alleen voor de tussenwoning is het nodig om parkeerplaatsen te realiseren op het gezamenlijke erf. Situering
De rooilijn grenst direct aan het collectieve erf
Oriëntatie van de voorgevel is op het collectieve erf/ openbare Ruimte gericht
De gevel aan de erfzijde heeft in ieder geval een voordeur of gevelopening
Meerdere wooneenheden binnen één bouwmassa vormgeven
2
Hoofdvormen
De bouwmassa bestaat uit één of twee lagen met kap, zie figuur 4.
De bouwmassa heeft een langgerekte volume
de bouwmassa staat met de langsrichting evenwijdig aan het erf
Nokhoogte van de bouwmassa is maximaal 10m en goothoogte is maximaal 6m
Zadeldak (of varianten met wolfseinden) en schilddak behoren tot de mogelijke dakvormen
Detaillering Het is gewenst dat de gebouwen op een erf samenhang vertonen. De samenhang wordt enerzijds gecreëerd door de ruimtelijke compositie aan het erf, anderzijds is het ook van belang dat er architectonische samenhang na wordt gestreefd. Dit kan gezocht worden in de kapvorm,
Figuur 6: Situering van de woningen rondom een gezamenlijk erf
gelijke materialen, kleurgebruik, raamvormen, etc. Dit zorgt voor samenhorigheid van het erf en het geeft een sterke identiteit en herkenbaarheid aan het buurtschap. Op planniveau is er juist wel sprake van diversiteit in architectonische vormgeving om de individuele expressie binnen het buurtschap uit te drukken. De woningen zijn sober doch zorgvuldig vormgegeven. De gevels van de woningen zijn eveneens eenvoudig doch zorgvuldig vormgegeven en gedetailleerd. Eventuele aan-/uitbouwen en dakkapellen dienen qua uiterlijk (materialisering en detaillering) mee ontworpen worden in de architectuur van het hoofdgebouw. Eventuele aanbouwen of andere constructies zijn een uitvloeisel van de hoofdmassa. Ook overdekte buitenruimtes en bijkeukens worden geïntegreerd in het hoofdvolume. Losse bijgebouwen (zoals schuren en carports) worden mee ontworpen in dezelfde architectuur, stijl, materialisering en detaillering als het hoofdvolume. Figuur 7: Situering van de woningen rondom een gezamenlijk erf
3
De bouwmassa heeft een eenvoudige hoofdvorm
Eventuele bijgebouwen/aanbouwen worden geïntegreerd in het hoofdvolume en de kap
Eventuele aan-/uitbouwen, bijgebouwen en dakkapellen passen bij de architectuur, stijl, materialisatie en detaillering van de hoofdmassa
Eventuele losse bijgebouwen (zoals schuur/berging en carport) worden mee ontworpen in dezelfde architectuur, stijl, materialisering en detaillering als het hoofdvolume
Eventuele dakkapellen zijn integraal onderdeel van het dak met dezelfde nok van de kap en worden versleept uit het dakvlak, ze zijn ondergeschikt aan het dakvlak
Eventuele aan-/uitbouwen, bijgebouwen en dakkapellen bij voorkeur aan de achterzijde situeren
Het vlak van beide kopgevels is symmetrisch opgebouwd Figuur 8: Overdekte buitenruimtes zijn geïntegreerd in het hoofdvolume
Figuur 9: Aan-/ uitbouwen zijn geïntegreerd in het hoofdvolume
Figuur 10: Losse bijgebouwen passen bij de stijl van het hoofdvolume
4
Materiaal en kleur Het kleur- en materiaalgebruik is gedekt en ingetogen, bestaande uit donkere aardse tinten en/of houttinten. Als basismateriaal voor de gevels wordt gekozen voor warme natuurlijke materialen zoals baksteen, hout of vergelijkbare duurzame materialen zoals zink. Gedacht wordt aan toepassing van genuanceerde kleur, textuur en diverse verbanden. Er is steeds één dominant materiaal als basis, eventueel aangevuld met een ondergeschikt, duurzaam en natuurlijk materiaal zoals hout, zink, natuursteen of cortenstaal. Het dak is bekleed met dakpannen, hout, riet of een ander duurzaam materiaal zoals zink. Het kleur- en materiaalgebruik is gedekt en ingetogen, bestaande uit donkere aardse tinten
Als basismateriaal voor de gevels wordt gekozen voor warme natuurlijke materialen zoals baksteen, hout of vergelijkbare duurzame materialen
Bij voorkeur materiaaleigen kleuren gebruiken zoals baksteen
Figuur 11: Kleur- en materiaalgebruik zijn ingetogen, warm en natuurlijk
Figuur 12: Dak is bekleed met dakpannen, hout of riet
Figuur 13: Bij voorkeur materiaaleigen kleur gebruiken zoals baksteen en hout
Figuur 14: Er worden hoofdzakelijk 2 materialen gebruikt in de gevels
en hout
Er worden hoofdzakelijk maximaal 2 materialen gebruikt in de gevels
Daken zijn uitgerust met dakpannen, hout, riet of een ander duurzaam materiaal zoals zink
Materiaalkeuze worden op elkaar afgestemd
Kleur- en materiaalgebruik van eventuele aan- en uitbouwen is afgestemd op de hoofdmassa
Witte en gele bakstenen zijn uitgesloten
Kunststoffen zijn uitgesloten
Zonnepanelen bij voorkeur in het dakvlak
Geglazuurde dakpannen zijn uitgesloten
Zandkleur is uitgesloten
Hoogglanzende en/of spiegelende materialen zijn uitgesloten
Felle en/of fluorescerende tinten zijn uitgesloten
5
Richtlijnen gezamenlijk erf Ruimtelijke opzet Het gezamenlijk erf is de ontmoetingsruimte. De inrichting stimuleert de sociale interactie onder bewoners. Het erf is flexibel en eenvoudig van opzet, kwalitatief hoogwaardig en sluit aan bij de sfeer van de bebouwing. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen rijbaan en verblijfsruimte. Naast (manoeuvreer-)ruimte voor de auto, biedt het erf voldoende ruimte om te verblijven en te spelen. Door overruimte ontstaat bewegingsvrijheid voor de bewoners. Het erf is nadrukkelijk een verblijfsruimte en geen verkeersruimte. De ruimtelijke opzet met de centrale ontmoetingsruimte als pleintje versterkt de ruimtelijke en sociale samenhang aan het totale erf, het bindt de woningen. Langs de randen kan een informele strook van maximaal 1,5 meter worden toegewezen als overgangszone tussen woningen en het erf waarin bankjes, potten, etc. kunnen worden opgenomen door bewo-
Figuur 15: Overgangsstrook in bestrating met bankje, luiken en bloempot
Figuur 16: Hagen als erfgrens versterken het landschap
Figuur 17: Het erf is een verblijfsruimte en bestaat uit hoogwaardig materiaal
Figuur 18: Het erf bestaat uit één type materiaal (bijv grind)
ners. Deze ruimte langs de gevel, de intermediaire zone, draagt bij aan het informele gebruik van het erf. Bestrating en materialen Hoogwaardige materialen moeten worden toegepast in een verhard of halfverhard vlak, zoals gebakken klinkers of grind. De inrichting bestaat uit erfverharding dat bestaat uit één type materiaal. Bij gebakken klinkerbestrating wordt één type verband toegepast op het totale oppervlak. De kleur van de klinker sluit aan bij de gebruikte baksteen kleur in de bebouwing.
Het erf is primair een verblijfsruimte; er is geen onderscheid tussen verblijfsruimte en verkeersruimte
Het erf bestaat uit één type hoogwaardig materiaal: gebakken klinkers, grind of ander soort halfverharding
Beton en asfalt zijn uitgesloten (m.u.v. grasbeton)
Wegmarkeringen zijn uitgesloten.
6
Groenelementen Bestaande groensingel Het perceel aan de Esbeekseweg 15 is hedendaags omzoomd door een groensingel. Met de realisatie van woningen aan een gezamenlijk erf, dient de noord- en oostzijde van de groensingel te worden gewaarborgd. Knip- en scheerhagen Om de nieuwe percelen aan het erf in te passen, worden er lage knipen scheerhagen aangeplant van ca. 1 meter hoog aan de voorzijde van de percelen (voor de voorgevel). Deze knip- en scheerhagen zorgen voor een duidelijke scheiding tussen de percelen en de openbare weg. Ten oosten van het perceel aan de Esbeekseweg 17 en aan de achterzijden van de nieuwe percelen worden hoge knip en scheerhaag aangeplant. Deze hagen zijn maximaal 2m. hoog en zorgen ervoor dat het zicht op het industrieterrein De Mierbeek en de achtererven wordt weggenomen. Erfbomen Ter markering van de inrit en nieuwe woonpercelen worden er erfbomen aangeplant. Deze bomen zorgen voor een herkenningspunt en breken het directe zicht op de woningen van de weg. Leilinden De nieuwe RvR- woningen zullen bestaan uit 2 langgevelvolumes en één vrijstaande woning. Ter versterking van het ensemble en het gezamenlijke erf worden er enkele leilinden aangeplant. Hiermee wordt het erf groen ingericht en wordt er aangesloten op de beeldkwaliteit van de huidige woning aan de Esbeekseweg 15.
7