Belastingverordeningen 2026 (9 bijlage Verordening marktgelden 2026)
Tekst van het document
Zaaknummer: 1045417
De raad van de gemeente Hilvarenbeek; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 12 september 2025; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de Gemeentewet;
besluit:
vast te stellen de: Verordening op de heffing en de invordering van marktgelden 2026
Artikel 1 Definities Deze verordening verstaat onder: a. markt: de wekelijkse warenmarkt; b. standplaats: de op en voor de duur van een markt door burgemeester en wethouders aangewezen ruimte voor het uitoefenen van de markthandel.
Artikel 2 Aard van de belasting Onder de naam ‘marktgeld’ wordt een recht geheven voor het innemen van een standplaats op voor de markt aangewezen plaatsen en gedurende voor de markt aangewezen tijden.
Artikel 3 Belastingplicht Het recht wordt geheven van degene, die van een standplaats als bedoeld in artikel 2 gebruik maakt, dan wel van degene, die in zijn plaats treedt.
Artikel 4 Grondslag van de belasting Het recht wordt geheven per standplaats van vier strekkende meter of een gedeelte daarvan.
Artikel 5 Tarief
Zaaknummer: 1045417 Het recht bedraagt € 72,30 per kwartaal per standplaats van vier strekkende meter of een gedeelte daarvan.
Artikel 6 Wijze van heffing Het recht wordt geheven bij wege van een gedagtekende schriftelijke mededeling.
Artikel 7 Termijn van betaling Het recht moet worden betaald binnen twee weken na de dagtekening van de mededeling als bedoeld in artikel 6.
Artikel 8 Kwijtschelding Bij de invordering van marktgelden wordt geen kwijtschelding verleend.
Artikel 9 Nadere regels door het College van Burgemeester en Wethouders Het college van Burgemeester en Wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van marktgelden.
Artikel 10 Overgangsrecht, inwerkingtreding en citeertitel 1. De "Verordening marktgelden Hilvarenbeek 2025", vastgesteld bij raadsbesluit van 7 november 2024, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van de bekendmaking. 3. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026. 4. Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening marktgelden 2026". Aldus besloten in zijn openbare vergadering van 6 november 2025,
de griffier,
de voorzitter,
de heer M. Janus
de heer E.M.L. Weys 2