Belastingverordeningen 2024 (1 raadsvoorstel)
Tekst van het document
Zaaknummer: 1010511
gemeente Hilvarenbeek
In de vergadering van Behandeld in college op Behandeld in commissie(s) Agendapunt Beleidsveld Onderwerp
: 9 november 2023 : 26 september 2023 : 25 oktober 2023 : : Gemeentelijke belastingen : Belastingverordeningen 2024
Voorstel Onderstaande belastingverordeningen 2024 vast te stellen: 1. De verordening op de heffing en de invordering van onroerende-zaakbelastingen 2024 2. De verordening op de heffing en de invordering van leges 2024 incl. tarieventabel 2024 en incl. bouwkostentabel 2024 3. De verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting 2024 4. De verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting 2024 5. De verordening op de heffing en de invordering van vermakelijkhedenretributie 2024 6. De verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2024 7. De verordening op de heffing en de invordering van marktgelden 2024 8. De verordening op de heffing en de invordering van rioolheffing 2024 9. De verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing 2024 inclusief tarieventabel 2024 10. De verordening op de heffing en de invordering van een eenmalig rioolaansluitrecht 2024 incl. tarieventabel 2024 11. De verordening kwijtschelding 2024.
Inleiding Op 9 november 2023 stelt uw raad de begroting 2023 vast. Hierin hebben we opgenomen op welke wijze de kosten door eigen inkomsten - zoals onze belastingen - worden afgedekt. In de paragraaf lokale heffingen van de begroting 2024 hebben we per belasting aangegeven welke inkomsten we willen behalen en wat het belastingtarief is. Deze tarieven moeten jaarlijks formeel door uw raad worden vastgesteld in afzonderlijke belastingverordeningen. Dit voorstel ziet daarop en is een uitwerking van eerdere besluitvorming en de beleidsvoornemens zoals geformuleerd in de begroting 2024. Ons algemene uitgangspunt bij de vaststelling van de tarieven is om de lastendruk zo laag mogelijk te houden en aan te laten sluiten bij het voorzieningenniveau dat we bieden. Conform onze jaarlijkse gedragslijn verhogen we de belastingtarieven met een percentage van 2,25%. Bij een aantal specifieke belastingtarieven wijken we hiervan af door wettelijke verplichtingen of expliciete keuzes die we gemaakt hebben. Dit benoemen we dan in het raadsvoorstel.
1
Raad van 9 november 2023, nr.
Argumenten 1.1. Extra indexatie op basis van besluitvorming voorjaarsnota 2023 Op grond van de Wet waardering onroerende zaken waarderen we jaarlijks alle onroerende zaken die gelegen zijn binnen gemeente Hilvarenbeek. Voor het belastingjaar 2024 geldt dat de aanslagen onroerende-zaakbelastingen (ozb) worden opgelegd met als maatstaf de waarde in het economisch verkeer van een onroerende zaak op peildatum 1 januari 2023. De onroerende-zaakbelastingen berekenen we naar een percentage van de waarde van de onroerende zaak. Bij de berekening van de tarieven ozb houden we rekening met de: • Met de vaststelling van de voorjaarsnota 2023 (knop 81) is besloten tot een extra indexatie van 1,5% OZB-woningen en 26,5% OZB-niet woningen; • Nacalculatie waarde-ontwikkeling waardepeildatum 1 januari 2022. Voor woning komt dit neer op +0,5% en voor niet-woningen komt dit neer op +9,0%; • Waardeontwikkeling naar waardepeildatum 1 januari 2023. Voor woningen komt dit neer op + 3,0% en voor niet-woningen komt dit neer op +2,0%; • Conform bestaand beleid vastgestelde correctie van 2,25%; De percentages onroerende-zaakbelastingen 2024 komen daarmee uit op: eigenarenheffing woningen: eigenarenheffing niet-woningen: gebruikersheffing niet-woningen:
Tarief 2023 0,0888% 0,1787% 0,1493%
Voorstel Tarief 2024 0,0898% 0,2476% 0,2069%
2.1 Voor de leges houden we rekening met de kostendekkendheid en de wettelijke tarieven De legesverordening omvat de belastingtarieven voor onder andere burgerzaken, de APV en de omgevingsvergunningen. Voor de legesverordening en de daarbij behorende tarieventabel is het van belang om de tarieven niet zodanig vast te stellen dat de geraamde baten uitkomen boven de geraamde lasten. We spreken ook wel over de opbrengstenlimiet ofwel de kostendekkendheid. Dit is expliciet bepaald in artikel 229b lid 1 Gemeentewet. De totale kostendekkendheid komt neer op 71%. 2.2 Kaders legestarieven Per 1 januari 2024 treden de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) in werking. Bezien vanuit het huidig regime zal de Omgevingswet de Wabo vervangen. Bij het opstellen van de tarieventabel onder de Omgevingswet is aan de hand van het VNG model en de input van het adviesbureau en de vakafdeling de tarieventabel qua belastbare feiten vormgegeven. Het uitgangspunt hierbij is dat bestaand beleid nieuw beleid is. Anders gezegd zijn de belastbare feiten die nu ook onder de Wabo zijn opgenomen en die vergelijkbaar zijn met hetgeen onder de Omgevingswet van toepassing zijn terug te vinden in de voorliggende tarieventabel. Uiteraard is het geheel qua wet- en regelgeving wel aangepast. Het gaat dan bijvoorbeeld om de kapactiviteit, inrit-uitrit etc.
Een van de belangrijkste wijzigingen onder het nieuwe stelsel is dat de huidige bouwactiviteit wordt ‘opgeknipt’ in een technische en een ruimtelijk deel qua omgevingsvergunning. Voor de zogenaamde gevolgklasse 1 (laag risico qua brandveiligheid bijv. woningen) zal de bouwtechnische toets niet meer legesplichtig zijn per 1 januari 2024. Dit onderdeel en daarmee de toetsing zal worden uitgevoerd door de kwaliteitsborger. De ruimtelijke toets (aan het omgevingsplan en het deel welstand) is nog wel aan de orde en hier mag de gemeente voor alle bouwwerken (gevolgklasse 1, 2 en 3) nog wel leges in rekening brengen bij de aanvrager.
2
Raad van 9 november 2023, nr.
Om zorg te dragen dat zoveel mogelijk het huidige legesbeleid intact blijft is voor het onderdeel bouwen gekozen voor een tariefstelling die lijkt op de huidige setting. Indien de aanvrager voor een bouwwerk onder gevolgklasse 2/3 een aanvraag indient dan is zowel een technische en ruimtelijke toets aan de orde. Voor deze toetsing zijn leges verschuldigd en de tarieven corresponderen (in totaliteit) met hetgeen de aanvrager voor de huidige bouwactiviteit qua leges is verschuldigd. Voor de eerste bouwcategorie is en blijft dit dan 5,90% van de bouwsom onder de € 40.000,-. Indien slechts de ruimtelijke toets aan de orde is, is slechts een deel van het huidige percentage qua bouwleges van toepassing. In het voorliggende voorstel voor deze categorie betreft het percentage dan 3,60%. Verder is qua tariefstelling waar mogelijk aangesloten bij de huidige belastbare feiten. Het gaan dan bijvoorbeeld om de kapactiviteit en de inrit/uitrit activiteit als voorbeeld. Voor deze belastbare feiten is slechts de indexatie doorgevoerd. Tegelijkertijd zijn ook een aantal nieuwe belastbare feiten van toepassing. Het gaat dan bijvoorbeeld om de intaketafel waarbij de wenselijkheid van een initiatief wordt getoetst. Om juist het omgevingsoverleg en daarmee de voorfase te stimuleren is gekozen om dit overleg gratis te maken.
Een ander voorbeeld betreft het feit dat het vanaf volgend jaar mogelijk is om voor een milieubelastende activiteit leges in rekening te brengen. Hiervoor is ook gekozen en qua tariefstelling is aangesloten bij de kostprijs van de OMWB. De voorgestelde werkwijze en de kaders zijn In september 2022 al tijdens de commissievergadering besproken voor de legestarieven, ervan uitgaande dat de Omgevingswet toen nog per 1 januari 2023 in werking zou treden. Met de voorliggende legesverordening 2024 met bijbehorende tarieventabel 2024 is uitvoering gegeven aan de eerder vastgestelde kaders waarbij nu wordt uitgegaan dat de Omgevingswet per 1 januari 2024 in werking zal treden. 2.3 Tarieven Hoofdstuk 1: De meeste tarieven zijn geïndexeerd. Bij reisdocumenten, Nederlandse identiteitskaart en rijbewijzen gelden wettelijke maximumtarieven. Er is gerekend met de voorlopige wettelijke tarieven per belastingjaar 2023 omdat de nieuwe wettelijke tarieven nog niet bekend zijn. Hoofdstuk 2: Voor de intaketafel waarbij de wenselijkheid van het initiatief centraal wordt getoetst is gekozen om dit overleg gratis te maken. We willen graag stimuleren dat aanvragers in de voorfase in overleg met ons treden.
Zoals hiervoor al aangehaald zijn onder de Omgevingswet twee afzonderlijke vergunningen nodig bij een bouwproject als het gaat om een Gevolgklasse 2 of 3 bouwwerk: één voor de bouwtechnische activiteit (bouwtechnische omgevingsvergunning) en één voor de omgevingsplanactiviteit (ruimtelijke omgevingsvergunning). Voor gevolgklasse 1 is alleen de ruimtelijke omgevingsvergunning nodig. De legestarieven hebben nog steeds een degressieve tariefstructuur waarbij de hoogte van de bouwkosten als grondslag dienen. Een ander is al hiervoor nader toegelicht. Onder de Omgevingswet is het weer mogelijk om leges te heffen voor milieuvergunningen. Het gaat hierbij om een vergunning per Milieubelastende Activiteit (MBA). De werkzaamheden voor de vergunning wordt uitgevoerd door de OMWB.
3
Raad van 9 november 2023, nr.
Voor belastbare feiten die vergelijkbaar zijn onder het huidige regime is qua tarief een indexatie doorgevoerd. Hoofdstuk 3: De tarieven zijn geïndexeerd. Samengevat en gelet op de onderstaande tabel voldoet de gemeente Hilvarenbeek aan de opbrengstennorm zoals opgenomen in de Gemeentewet. Op begrotingsbasis komt de totale kostendekkendheid uit op 71%.
Recapitulatie kostendekkendheidsonderzoek tarieventabel Hilvarenbeek 2024 Personeels lasten
Overhead
Lasten OMWB
Overige kosten
Totale kosten
Opbreng sten
Kosten dekkend heid
Totaal
€ 854.163
€ 843.841
€ 134.732
€ 247.548
€ 2.080.285
€ 1.471.043
71%
Hoofdstuk 1 Paragraaf 1.1 Paragraaf 1.2 Paragraaf 1.3
€ 161.126 € 18.260 € 60.507 € 29.490
€ 159.185 € 18.040 € 59.778 € 29.135
€0 €0 €0 €0
€ 208.251 € 19.147 € 126.587 € 24.294
€ 528.562 € 55.448 € 246.872 € 82.918
€ 470.590 € 48.801 € 235.777 € 78.816
89% 88% 96% 95%
€ 7.032
€ 6.947
€0
€ 1.252
€ 15.230
€ 1.810
12%
€ 13.046
€ 12.889
€0
€ 19.029
€ 44.964
€ 24.416
54%
€ 31.974 € 816
€ 31.589 € 807
€0 €0
€ 9.039 € 8.904
€ 72.602 € 10.527
€ 70.577 € 10.393
97% 99%
€ 647.624
€ 639.786
€ 134.732
€ 39.297
€ 1.461.438
€ 919.431
63%
€ 66.498 € 478.091
€ 65.697 € 472.296
€ 33.683 € 19.951
€0 € 37.610
€ 165.877 € 1.007.948
€ 22.800 € 774.578
14% 77%
€ 3.069
€ 3.032
€0
€0
€ 6.101
€ 624
10%
€ 2.046
€ 2.021
€ 81.098
€0
€ 85.166
€ 81.098
95%
€ 31.714 € 46.037 €0 €0 € 16.205 € 2.813 € 1.151 €0
€ 31.332 € 45.482 €0 €0 € 16.008 € 2.779 € 1.137 €0
€0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0
€0 €0 €0 €0 €0 € 1.687 €0 €0
€ 63.047 € 91.519 €0 €0 € 32.213 € 7.280 € 2.288 €0
€ 4.929 € 13.120 €0 €0 € 31.699 € 7.684 -€ 17.100 €0
8% 14% 0% 0% 98% 106%
€ 45.413
€ 44.871
€0
€0
€ 90.285
€ 81.023
90%
€ 6.612 €0 €0 € 38.801 €0
€ 6.533 €0 €0 € 38.338 €0
€0 €0 €0 €0 €0
€0 €0 €0 €0 €0
€ 13.145 €0 €0 € 77.139 €0
€ 12.429 €0 €0 € 68.594 €0
95% 0% 0% 89% 0%
€0 €0
€0 €0
€0 €0
€0 €0
€0 €0
€0 €0
0% 0%
Algemene dienstverlening Burgerlijke stand Reisdocumenten en Nederlandse Rijbewijzen Verstrekkingen in het kader van de Paragraaf 1.4 basisregistratie persoonsgegevens Paragraaf 1.5 Bestuursstukken Paragraaf 1.6 Vastgoedinformatie Paragraaf 1.7 Overige publiekszaken Paragraaf 1.8 Gemeentearchief Paragraaf 1.9 Bijzondere wetten Paragraaf 1.10 Diversen Hoofdstuk 2 Dienstverlening en besluiten in het kader van de omgevingswet Paragraaf 2.1 Algemene bepalingen Paragraaf 2.2 Voorfase Paragraaf 2.3 Activiteiten met betrekking tot bouwwerken Activiteiten met betrekking tot cultureel Paragraaf 2.4 erfgoed en werelderfgoed Paragraaf 2.5 Milieubelastende activiteiten Paragraaf 2.6 Lozingsactiviteiten Paragraaf 2.7 Aanlegactiviteiten Paragraaf 2.8 Overige activiteiten Paragraaf 2.9 Maatwerkvoorschriften Paragraaf 2.10 Gelijkwaardigheid Paragraaf 2.11 Overige tarieven Paragraaf 2.12 Modaliteiten Paragraaf 2.13 Vermindering Paragraaf 2.14 Teruggaaf Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder de dienstenrichtlijn en niet vallend onder hoofdstuk 2 Paragraaf 3.1 Horeca Paragraaf 3.2 Seksbedrijven Paragraaf 3.3 Winkeltijdenwet Paragraaf 3.4 Organiseren evenement of markt Paragraaf 3.5 Standplaatsen Paragraaf 3.6 Gereserveerd: Huisvestigingswet 2014 Paragraaf 3.6a Overige APV activiteiten Paragraaf 3.7 In dit hoofdstuk niet benoemd besluit
3.1 We handhaven de tarieven toeristenbelasting. Bij de voorjaarsnota 2020 heeft u gekozen om de toeristenbelasting stapsgewijs te verhogen met 17% per jaar tot en met 2025. We constateren dat we als gemeente boven het regionale gemiddelde tarief zitten. Daarom is door het college voorgesteld om niet te kiezen voor het doorzetten van deze stijging. Daarnaast is gebleken dat het aantal overnachtingen is gestegen. De huidige tarieven worden niet verhoogd.
4
Raad van 9 november 2023, nr.
Per overnachting voor groepsaccommodatie Per overnachting voor mobiel kampeeronderkomen / vaste standplaatsen op mini camping Per overnachting voor mobiel kampeeronderkomen / vaste standplaatsen op niet zijnde mini camping Per overnachting voor overige accommodaties Jaartarief mobiel kampeeronderkomen of stacaravan op vaste standplaats
2023 1,90
Voorstel 2024 1,90
1,90
1,90
2,15 2,65
2,15 2,65
382,40
382,40
4.1 We handhaven de tarieven forensenbelasting. De forensenbelasting kent een laag en een hoog tarief. Of een belastingplichtige onderworpen dient te worden aan het lage dan wel het hoge tarief is afhankelijk van de WOZ-waarde van het object. Voor het belastingjaar 2023 gold voor objecten tot € 65.000,00 het lage tarief en voor objecten vanaf € 65.000,00 het hoge tarief. Voor 2024 handhaven we beide categorieën en we handhave de tarieven. Laag tarief Hoog tarief
2023 € 382,40 € 792,40
Voorstel 2024 € 382,40 € 792,40
5.1 We verhogen het tarief van de vermakelijkhedenretributie. De vermakelijkhedenretributie bedraagt € 0,17 per bezoeker. We verhogen het tarief naar € 0,18 voor 2024. 6.1 De tarieven precariobelasting terrassen indexeren we met 2,25 %. We verhogen de tarieven voor 2024 van € 21,85 naar € 22,30 per m2. 7.1 De tarieven marktgelden indexeren we met 2,25 %. We verhogen het tarief van € 67,70 naar € 69,20 per kwartaal per standplaats van vier strekkende meter. 8.1 We indexeren de tarieven van het eenmalig rioolaansluitrecht met 2,25 %. De verschillende tarieven voor het eenmalig rioolaansluitrecht zijn het gevolg van de kostprijzen van PVC buizen en fittingen. Enkelvoudige rioolaansluiting: - diameter 125 mm - diameter 160 mm - diameter 200 mm Dubbele rioolaansluiting: - 2 x diameter 125 mm - 2 x diameter 160 mm
2023
Voorstel 2024
€ 1.166,30 € 1.263,00 € 1.661,85
€ 1.192,55 € 1.291,40 € 1.699,20
€ 1.828,75 € 2.072,40
€ 1.869,90 € 2.119,00
9.1 Voor de afvalstoffenheffing houden we rekening met de kostendekkendheid. Met de opbrengsten van de afvalstoffenheffing betalen we voor 100% de kosten die we kwijt zijn aan inzamelen en verwerken van huishoudelijk restafval. Het huishoudelijk restafval en GFT -afval zamelen we in via afzonderlijke minicontainers. Een aantal (appartementen)complexen heeft een eigen inzamelsysteem met ondergrondse containers. Er vindt een grote wijziging plaats met betrekking tot restafval. Zo wordt de frequentie van ophalen verlaagd van eens in de drie weken naar eens in de vier weken. Daarnaast worden de huidige minicontainers met een inhoud van 270 liter, vervangen door minicontainers met een inhoud van 120 liter. De minicontainers voor restafval worden eind maart 2024 uitgezet. Voor het GFT afval geldt dat de frequenties van ophalen van eens in de drie weken verhoogd wordt naar eens per twee weken. De minicontainers van 180 liter blijven gehandhaafd, waarbij 5
Raad van 9 november 2023, nr.
huishoudens in het buitengebied ook de mogelijkheid krijgen een 180 liter minicontainer af te nemen en aan te bieden. In de huidige systematiek geldt dat ongeveer de helft van de opbrengst gehaald wordt via vast recht en het overige deel via variabel recht op basis van het aantal ledigingen en tarieven bij de milieustraat. Bij het variabel deel komt het overgrote deel binnen via de ledigingen restafvalcontainers. Dit terwijl de kosten van het product afval voor zo’n 80% ‘vast’ zijn. De vaste kosten voor het ophalen van rest, gft- en pmd-afval gaan omhoog van jaarlijks € 170.000 naar € 340.000 met ingang van 2024. Door het tarief van ‘vast recht’ substantieel te verhogen, kan het tariefbedrag per lediging gematigd worden. Het extra verhogen van het ‘vast recht’ is ook te rechtvaardigen door het aandeel van de vaste kosten binnen het product afval. Bijkomend voordeel is dan ook dat een groter deel van de opbrengst ‘gegarandeerd’ wordt. We gaan ervan uit dat het aantal ledigingen van de restafval minicontainer aanzienlijk terugloopt. Omdat 2024 een overgangsjaar is hanteren we dezelfde tarieven voor het ledigen van een restafval minicontainer van 270 liter (tot en met maart 2024) en het ledigen van een restafval minicontainer van 120 liter (met ingang van april 2024).
We verhogen het vast recht tarief en we verlagen het variabel tarief voor de ledigingen van restafval minicontainers. We verhogen het tarief GFT afval en de tarieven van de milieustraat met de reguliere index van 2,25%. Vast tarief per maand Lediging restafvalcontainer Lediging gft-afvalcontainer Inworp 60 ltr zak ondergrondse container
2023 € 7,87 € 12,85 € 2,39 € 1,90
Voorstel 2024 € 12,50 € 10,95 € 2,44 € 5,47
10.1 We indexeren de tarieven rioolheffing met 2,25%. De tariefstijging beperkt zich tot trendmatig met 2,25%. We hanteren een kostendekkendheid van 100%. Eigenaren Eigenaren woningen Eigenaren niet-woningen Eigenaren garageboxen Gebruikers Gebruikers afgevoerd water tot en met 130 m3 Gebruikers afgevoerd water van 131 tot en met 250 m3 Gebruikers afgevoerd water van 251 tot en met 500 m3 Gebruikers afgevoerd water van 501 tot en met 1.500 m3 Gebruikers afgevoerd water van 1.501 tot en met 5.000 m3 Gebruikers afgevoerd water van 5.001 en meer
2023
Voorstel 2024
111,17 190,05 55,90
113,67 194,32 57,15
32,16 134,16 301,92 693,00 1.386,00 2.772,24
32,88 137,16 308,76 708,60 1.417,20 2.834,64
11.1 Kwijtschelding. Geen wijzigingen ten opzichte van 2023. Kanttekeningen 1.1 De herwaardering van de WOZ-waardes is nog niet afgerond. De WOZ-beschikkingen en aanslagen gemeentelijke heffingen 2023 zijn eind februari 2023 opgelegd. Het aantal ingediende bezwaren tegen de WOZ-beschikking is fors hoger dan voorgaande jaren. Momenteel is de afhandeling van deze bezwaren nog niet afgerond waardoor ook de herwaardering nog niet geheel is afgerond. Hierdoor zijn er geen definitieve waardebepalingen beschikbaar. Dit heeft tot gevolg dat er geen duidelijkheid is omtrent de feitelijke waardeontwikkeling in Hilvarenbeek. We houden daarom rekening met de gemiddelde 6
Raad van 9 november 2023, nr.
waardeontwikkeling zoals deze in de meicirculaire zijn opgenomen voor woningen en voor nietwoningen. Als gevolg hiervan is momenteel niet alle informatie beschikbaar om tot een volledige analyse en berekening voor de belastingopbrengsten 2024 te komen. 9.1 Wijzigingen afvalbeleid Omdat we overgaan naar een nieuwe wijze van inzameling zitten er in het uitgewerkte scenario een groot aantal aannames. We moeten ons daarom realiseren dat we 2024 beschouwen als een overgangsjaar. Samenwerking N.v.t. Financiën De financiële effecten als gevolg van deze belastingverordeningen hebben we verwerkt in de begroting 2024. Communicatie Na vaststelling van de belastingverordeningen 2024 moeten de belastingverordeningen worden gepubliceerd via een eigen elektronisch gemeenteblad. Het internetadres waarop het elektronisch gemeenteblad wordt geplaatst is https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ Uitvoering De belastingverordeningen 2024 treden in werking op 01 januari 2024. Bijlagen 1. Verordening onroerende-zaakbelastingen 2024 2. Legesverordening 2024 incl. tarieventabel 2024 en incl. bouwkostentabel 2024 3. Verordening toeristenbelasting 2024 4. Verordening forensenbelasting 2024 5. Verordening vermakelijkhedenretributie 2024 6. Verordening precariobelasting 2024 7. Verordening marktgelden 2024 8. Verordening rioolheffing 2024 9. Verordening afvalstoffenheffing 2024 incl.
tarieventabel 2024 10. Verordening eenmalig rioolaansluitrecht 2024 incl. tarieventabel 2024 11. Verordening kwijtschelding 2024. Ter inzage gelegde stukken Niet van toepassing
burgemeester en wethouders van Hilvarenbeek,
burgemeester Evert Weys
secretaris Frank Jansen
7