CConstaterende datHilvarenbeek
Koppel je AI →
Document · PDF

18 Regionaal publiek ontwikkelbedrijf (1 raadsvoorstel)

Gemeenteraad 13 juli 2023, gemeente HilvarenbeekBij agendapunt: Raadsvoorstel Regionaal Publiek Ontwikkelbedrijf.4.546 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zaaknummer: 1007743

gemeente Hilvarenbeek

In de vergadering van Behandeld in college op Behandeld in commissie(s) Agendapunt Beleidsveld Onderwerp

: 12 juli 2023 : 8 juni 2023 : Ruimte van 22 en 29 juni 2023 : 18 : Duurzaamheid : Raadsvoorstel deelname RPO

Voorstel 1. Geen wensen en bedenkingen in te brengen bij het voorgenomen besluit van het college om deel te nemen aan de besloten vennootschap "Publiek Ontwikkelbedrijf REKS B.V.". 2. Vast te stellen dat de oprichting van de besloten vennootschap ‘Publiek Ontwikkelbedrijf REKS B.V.’ een publiek belang dient. 3. Een krediet ter grootte van € 430.000,- beschikbaar te stellen ten behoeve van de aankoop van aandelen in de besloten vennootschap ‘Publiek Ontwikkelbedrijf REKS BV’ en de rentelasten die gemoeid gaan met deze investering te dekken in de begroting. Inleiding Op 1 juli 2021 is het REKS-bod 1.0 aangeboden aan het Rijk. Alle gemeenten in Hart van Brabant, de provincie en de waterschappen in de regio hebben ingestemd met dit bod. In de REKS zijn o.a. voorstellen opgenomen voor het ontwikkelen van Hubs waarin duurzame elektriciteit wordt opgewekt en er zijn voorstellen gedaan voor klimaatadaptatie. In de REKS is geconstateerd dat de regio een belangrijke verantwoordelijkheid heeft om tot uitvoering van de REKS-plannen te komen. Er zijn daarom in de REKS voorstellen gedaan om een Regionaal Publiek Ontwikkelbedrijf (RPO) (voor het ontwikkelen van Hubs) en een Regionaal Klimaatfonds (voor het financieel ondersteunen van klimaatadaptatie-projecten) op te richten.

Met uitzondering van de gemeente Waalwijk, hebben de samenwerkende gemeenten in Hart van Brabant en de Provincie NoordBrabant in december 2021 de intentie uitgesproken om deel te gaan nemen aan het RPO en het Regionaal Klimaatfonds. In oktober/november 2022 hebben alle deelnemende gemeenten – m.u.v. Hilvarenbeek – ingestemd met deelname aan het RPO. In oktober 2022 heeft het college namelijk besloten nog niet in te stemmen met aansluiten bij de BV ‘Publiek Ontwikkelbedrijf REKS’ omdat zij eerst een tussenstap wilde zetten. Deze tussenstap omvatte een analyse van het gebied dat in beeld is voor de realisatie van de energiehubs. Dit om meer duidelijkheid te krijgen over de positie van Hilvarenbeek binnen de regionale samenwerking en om meer inzicht te krijgen in de financiële haalbaarheid van de hubs. Daartoe zijn in de afgelopen maanden onder andere de ruimtelijke aspecten van de ontwikkelingen van de energiehubs nog een keer getoetst om hiermee een beter inzicht te krijgen in de potentie van energie opwek (o.b.v. Ruimtelijke Studie Kattenberg & De Baars, zie bijlage 1). Dit hebben wij gedaan om een zorgvuldige afweging te kunnen maken over deelname aan het RPO. In de analyse (of ‘Second opinion Regionaal Publiek Ontwikkelbedrijf REKS’ zoals de analyse ook wel wordt 1

Raad van 12 juli 2023, nr. 18

genoemd, zie bijlage 2) is ook geïnventariseerd wat de alternatieve mogelijkheden zijn voor de gemeente bij ‘niet-instappen’ in het RPO. Dit kan zijn door een eigen gemeentelijk ontwikkelbedrijf op te richten of door marktpartijen te vragen de ontwikkeling op te pakken. Daarbij blijkt uit de analyse van Enter Next Level dat ook bij het wél instappen in he t Regionaal Publiek Ontwikkelbedrijf mogelijkheden in termen van een energiegemeenschap of lokale participatie anderszins blijven bestaan. Sterker nog, dit is de lijn die één van de andere regiogemeenten aan het uitwerken is waarbij de intentie is uitgesproken om hier samen in op te trekken en van elkaar te leren. Naast het uitvoeren van de analyse zijn er op ambtelijk niveau veelvuldig gesprekken gevoerd met onder andere de regiogemeenten. Dit om zowel de positie van Hilvarenbeek toe te lichten als om samen met deze regiopartners onze eerste bevindingen van de analyse te delen en te bezien in hoeverre de regiopartners zich in deze bevindingen kunnen herkennen. Ter ondersteuning van de besluitvorming is een korte notitie opgesteld waarin de resultaten van het doorlopen traject van de afgelopen maanden worden geanalyseerd (bijlage 3).

Zoals in deze notitie is te lezen is het op dit moment niet mogelijk om een cijfermatige vergelijking te maken tussen wél deelnemen aan het publiek ontwikkelbedrijf en níet deeln emen aan het publiek ontwikkelbedrijf. In ruimtelijke zin zijn er op dit moment nog te veel onzekerheden (radarverstoring, laagvliegzones etc.) om met enige zekerheid te kunnen zeggen hoeveel en op welke locaties windmolens kunnen worden gerealiseerd en daarmee uitspraken te kunnen doen over de opbrengsten. In bedrijfseconomische zin bleek het niet mogelijk vanuit de businesscases uit de Ruimtelijke Studie Kattenberg & De Baars van Bosch & Van Rijn een goede verbinding te leggen met de businesscase van het RPO. Toch heeft de tussenstap heel veel ook wél duidelijk gemaakt. Het heeft helderheid gebracht in de positie van Hilvarenbeek en duidelijk gemaakt wat de voors en tegens zijn van deelname aan het RPO. Deze staan hieronder beschreven in de argumenten en kanttekeningen. De analyse van Enter Next Level is uitgevoerd op een aantal documenten. Dit betreft openbare documenten, zoals de statuten en de aandeelhoudersovereenkomst van de vennootschap, en geheime documenten, zoals de ruimtelijke analyse die is uitgevoerd vanuit de regio en het bedrijfsplan voor het RPO.

Aangezien de rapportage van Enter Next Level uitgebreid en in detail ingaat op alle documenten, waaronder dus ook die documenten waar eerder geheimhouding voor is opgelegd, is ook de rapportage van Enter Next Level geheim. Dit omdat in deze rapportage wordt verwezen naar potentiële ontwikkellocaties en bedrijfseconomisch gevoelige informatie. Het college heeft op 8 juni 2023 geheimhouding opgelegd. Argumenten 1.1. Het besluit om deel te nemen is aan het college, maar de raad moet wel in de gelegenheid worden gesteld om wensen en bedenkingen in te brengen. Artikel 160 Gemeentewet bepaalt dat het college bevoegd is om te besluiten over privaatrechtelijke rechtshandelingen van de gemeente. Artikel 160 lid 2 Gemeentewet bepaalt dat het besluit tot oprichting of deelname in een vennootschap niet wordt genomen nadat de raad een ontwerpbesluit is toegezonden en in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen aan het college mee te geven. Ons college is van mening dat deelname aansluit bij zowel de regionale als onze eigen lokale ambities, zoals hierna wordt toegelicht, en is voornemens positief te besluiten over deelname aan het Regionaal Publiek Ontwikkelbedrijf REKS. De raad wordt daarom geadviseerd om inhoudelijk geen wensen en bedenkingen naar voren te brengen bij het ontwerpbesluit tot deelname aan het Publiek Ontwikkelbedrijf REKS BV met de daarbij behorende bijlagen.

1.2. Uit de second opinion die wij hebben laten uitvoeren blijkt het RPO een passend instrumentarium te vormen om uitvoering te geven aan onze REKS doelstellingen De onderliggende stukken geven inhoud aan de verschillende argumenten om een RPO op te richten:

2

Raad van 12 juli 2023, nr. 18

• • • • •

Het RPO en het Regionaal Klimaatfonds geven invulling aan de doelstellingen uit het nationale Klimaatakkoord zoals uitgewerkt in de REKS Regio Hart van Brabant. Het is een goede manier om de REKS-ambities waar te maken. Met het RPO is het mogelijk om de REKS-ambitie van een substantieel percentage lokaal eigendom en behoud van revenuen voor de regio waar te maken. Met het RPO kunnen we sturen op een betrouwbaar, inclusief en betaalbaar energiesysteem. Het RPO biedt meer economische kansen voor de regio Hart van Brabant. Het RPO maakt de bundeling van kennis en kunde mogelijk en vergroot daarmee de effectiviteit in de realisatie van de energiehubs.

1.3. Met de door ons opgestelde agendapunten stelt deelnemen aan het RPO ons beter in staat om regie te voeren op de complexe (gebieds)vraagstukken dan wanneer we dat solitair doen De energietransitie en de gebiedsontwikkelingen De Baars en Kattenberg zijn vraagstukken die verder reiken dan onze eigen gemeentegrenzen. Dit vraagt om regie, zowel binnen onze eigen gemeente als tussen de partners binnen de regio. U heeft hier als raad in motie MV-01NIEUW ook aandacht voor gevraagd. Juist door deelname aan het RPO blijft de gemeente aan tafel zitten met de regiopartners en is er een structuur waarlangs overleg en besluitvorming kan plaatvinden. Doordat we de afgelopen maanden de tussenstap hebben gezet hebben wij belangrijke agendapunten voor de komende periode gedefinieerd. Belangrijke punten voor zowel de gemeente Hilvarenbeek als voor de overige regiopartners. Deze agendapunten zijn onder andere benoemd in bijlage 4. Door deze agendapunten in zowel ambtelijke als bestuurlijke overleggen expliciet in regio verband in te brengen kunnen we (gezamenlijke) onzekerheden verder reduceren en afspraken maken over de vervolgstappen. Wanneer we niet instappen in het RPO hebben wij nog steeds een aantal van deze aandachtspunten maar is de verwachting dat het op de agenda zetten hiervan in regionaal verband veel lastiger zal zijn.

In lijn met voorgaande zullen wij ook uw motie MV-01NIEUW in uitvoering brengen. 1.4. Bij deelname aan het RPO kunnen we gebruik maken van de middelen uit het Regionaal Klimaatfonds. Vanuit het RPO wordt een Regionaal Klimaatfonds opgericht. Hiermee wordt een directe koppeling tussen de ambities in de REKS op het gebied van grootschalige energieopwek en klimaatadaptatie geborgd. Vanuit het RPO wordt een eenmalig bedrag van € 4 mln. in het fonds gestort. Hiermee kunnen projecten uit de Regionale Uitvoeringsagenda Klimaatadaptatie mede gefinancierd en kan een cofinanciering ontstaan voor bijdragen vanuit het Rijk en de provincie. Gemeenten die deelnemen aan het RPO kunnen een beroep doen op deze cofinancieringsregeling. Op 24 november 2022 heeft het regionaal portefeuillehoudersoverleg Energie, Klimaat en Grondstoffen een besluit genomen over de regionale klimaatagenda. Voor Hilvarenbeek staan er verschillende projecten op de lijst. Hiermee wordt nu al voor ongeveer € 170.000,-- aan financiële middelen geput die vanuit het Regionaal Klimaatfonds beschikbaar zijn gesteld voor projecten op Hilvarenbeeks grondgebied. 1.5. Het RPO levert de expertise en capaciteit die wij zelf niet in huis hebben. Op het beleidsterrein duurzaamheid komt er veel op ons af. Los van de lokale ontwikkelingen en opgaven zijn we ook actief in de regio.

De uitvoering van de REKS vraagt veel van onze ambtelijke organisatie. Momenteel zijn we met 1 fte op het beleidsterrein duurzaamheid onvoldoende in staat om invulling te geven aan al onze lokale én regionale ambities. Daarom stellen wij ook voor om de basiscapaciteit op orde te brengen en deze behoefte inzichtelijk te maken bij het vaststellen van het programmaplan ‘Duurzaam Hilvarenbeek’ later dit jaar. Het RPO staat opgesteld om na oprichting de volgende werkzaamheden te verrichten: • Afspraken maken en vastleggen over rolverdeling tussen de overheden met andere publieke partijen zoals waterschappen. 3

Raad van 12 juli 2023, nr. 18

• • • • • • •

Onderzoeken en vormgeven van eventuele afspraken met private partijen (Green Deal). Per zoekgebied voor een hub ruimtelijk onderzoek doen naar mogelijkheden en beperkingen en een gebruiks- of eigendomsrecht vestigen alsmede afstemmen benodigde netaansluiting. Per gebied opstellen van een integrale gebiedsvisie en een bijbehorende grondexploitatie. Doorlopen van de benodigde planologische procedures Vormgeven burgerparticipatie per gebied Regelen benodigde subsidies Indien aan de orde regelen financiering voor de uitvoering van de energieprojecten.

Om dit te realiseren bestaat de organisatie van het RPO in ieder geval uit een directeur, een grondverwerver, twee of meer proces-/projectmanagers en secretariële en boekhoudkundige ondersteuning. Indien naast de benodigde gemeentelijke basiscapaciteit ook de hierboven beschreven werkzaamheden komen die samenhangen met het werk dat het RPO voor ons (en andere regiogemeenten) gaat doen vraagt dat om aanvullende expertise waardoor extra inhuur of extra uitbreiding van de ambtelijke capaciteit nodig is. Nog los van de vraag of dit wenselijk is kan het in de huidige markt als zeer onwaarschijnlijk worden gezien dat die specifieke expertise voor het schaalniveau van Hilvarenbeek kan worden gevonden. Het RPO lost voor de gemeente derhalve een deel van het personele vraagstuk op. 1.6. Een gezamenlijke aanpak is efficiënter, effectiever en spreidt de risico’s onder de deelnemers Het RPO kent als opdracht het ontwikkelen van energiehubs en de realisatie van klimaatopgaven via zes gebiedsopgaven. Twee van de energiehubs liggen binnen ons gemeentelijk grondgebied: energiehub de Baars en energiehub Kattenberg. Het RPO heeft als opdracht om te voorzien in een projectleider voor beide gebieden en het opstellen van een integrale gebiedsvisie (klimaatadaptatie en landschap, energie en economie) voor deze beide gebieden. Dit onder regie van de desbetreffende gebiedsstuurgroepen.

Van de zes gebiedsopgaven klimaat liggen er twee binnen ons grondgebied: Brongebied en Voortse Stroom. Zowel de energiehubs als de klimaatopgaven zijn grens overstijgend en liggen in meerdere gemeenten. Een gezamenlijke aanpak is daarmee efficiënter, effectiever en qua organisatie handiger. Door de ontwikkeling van de energiehubs onder te brengen in het RPO wordt dit niet alleen bedrijfsmatig en naar verwachting (kosten)efficiënt aangepakt, maar worden ontwikkelrisico’s ook naar rato van het aandeelhouderschap gedeeld. Dit betekent voor de gemeente Hilvarenbeek dat de financiële risico’s relatief klein zijn. 1.7. Deelname aan het RPO bestendigt de noodzakelijke goede werkrelaties binnen de regio De komende jaren zullen resultaten steeds vaker vooral in regionaal verband behaald kunnen en moeten worden. Dat geldt behalve voor de energietransitie ook voor vele andere thema’s. We hebben elkaar daarbij nodig. Het RPO en de het feit dat de regiogemeenten daar samen als aandeelhouders direct bij betrokken zijn vormt een omgeving waardoor wij in staat zijn in goede verhouding met elkaar belangrijke uitwerkingsvragen verder te bespreken.

Niet deelnemen aan het RPO betekent nog steeds dat veel van dergelijke uitwerkingsvragen in regionaal verband besproken moeten worden, maar wat dan ontbreekt is die gezamenlijke omgeving waardoor dergelijke gesprekken hoogstwaarschijnlijk meer inspanning en tijd kosten. 1.8 De overige regiogemeenten staan positief ten opzichte van deelname Met uitzondering van de gemeente Waalwijk, heeft in alle regiogemeenten het besluitvormingsproces rondom deelname aan het Publiek Ontwikkelbedrijf REKS B.V. eind vorig jaar plaatsgevonden. Geen van de geconsulteerde gemeenteraden heeft zich uitgesproken tegen deelname of heeft wensen en bedenkingen ingebracht. Verwacht mag worden dat de andere colleges ook het definitieve besluit tot deelname aan het Publiek Ontwikkelbedrijf REKS BV zullen 4

Raad van 12 juli 2023, nr. 18

nemen. 1.9 Deelname aan het RPO levert potentiële ontwikkel- en exploitatierevenuen op Deelname in de vennootschap betekent dat mogelijke ontwikkel- en exploitatierevenuen op termijn naar rato van deelname aan de vennoten worden uitgekeerd. 1.10 Deelnemen aan het RPO betekent een ander perspectief op regie en autonomie Instappen in een samenwerking betekent ogenschijnlijk minder eigen regie en inleveren van autonomie. En in zekere zin is dat ook zo. Je kunt niet meer alles zelf beslissen en samenwerken is geven en nemen. Dit gaat wel uit van de aanname dat je ook zelf tot resultaat kunt komen en dat is in dit vraagstuk niet het geval. Zowel de gebiedsopgaven als de energieopgaven zijn grensoverstijgend en vragen om een gezamenlijke aanpak. Daarbij is autonomie ook betrekkelijk. Steeds vaker geldt voor complexe en regionale vraagstukken als deze dat eigen regie en autonomie tot op zekere hoogte mogelijk is. Wordt het vraagstuk te veelomvattend of blijft zicht op een oplossing te lang uit dan vindt interventie door bovenliggende overheden plaats. Ook vanuit dat perspectief is de verwachting dat we sneller tot oplossingen komen door samen te werken dan door het alleen te doen en zo in ieder geval voorkomen dat we geconfronteerd worden met een provinciale- of Rijksaanwijzing. 2.1. De raad moet besluiten dat deze vennootschap het publiek belang dient.

Voor deelname in een dergelijke vennootschap dient de procedure van artikel 160 lid 2 Gemeentewet gevolgd te worden. Dit lid bepaalt dat het college slechts besluit tot deelname in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen, indien dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen publiek belang. Aan uw raad wordt gevraagd hierover een expliciet besluit te nemen met inachtneming van de argumenten die in dit raadsvoorstel zijn opgenomen. 3.1. Voor deelname is krediet nodig gebaseerd op een bijdrage van € 27,- per inwoner De beoogde kapitaalstortingen in het ontwikkelbedrijf zijn als volgt: Partij

Aantal inwoners per 1-12022

EFB Gemeente Tilburg Gemeente Dongen Gemeente Gilze en Rijen Gemeente Goirle Gemeente Heusden Gemeente Hilvarenbeek Gemeente Loon op Zand Gemeente Oisterwijk

nvt 224.459 26.480 26.557 23.979 45.580 15.812 23.777 32.503

Totaalkapitaal dat beschikbaar wordt gesteld in € 5.900.000 5.900.000 714.960 717.039 647.433 1.230.660 426.924 641.979 877.581 17.056.576

De berekening van de bedragen is gebaseerd op een verdeling naar inwoneraantal. Gerekend met circa € 27,- per inwoner voor alle gemeenten in de regio Hart van Brabant excl. de gemeente Waalwijk, komt dit bedrag voor de gemeente Hilvarenbeek met ca. 15.800 inwoners neer op een bedrag van ca. € 430.000,-. Alleen de rentelast van het bedrag komt ten laste van de begroting. Bij een omslagrente van ca. 0,8% is dit voor de begroting een bedrag van ca. € 3.500,- structureel per jaar. Deze rentelast moet in de begroting een plaats krijgen vanaf 2023. Bij de voorbereiding van de begroting 2023 is in het beschikbare budget voor duurzaamheid nog geen rekening gehouden 5

Raad van 12 juli 2023, nr. 18

met deze rentelast. Daarom moet de raad voor dit bedrag een aanvullend krediet beschikbaar stellen. Partijen besluiten nu voor het beschikbaar stellen van het totaal benodigde kapitaal van het ontwikkelbedrijf. Dit kapitaal zal gefaseerd gestort worden in het bedrijf afhankelijk van de voortgang van de bedrijfsactiviteiten. Kanttekeningen 1.1 Er is geen ruimte tot het wijzigen van de voorwaarden tot deelname aan het RPO De resultaten van onze tussenstap hebben wij voorgelegd aan onze regiopartners. Wij hebben hen tevens enkele vragen voorgelegd, zoals daarover is gesproken tijdens de informatieve bijeenkomst met de raadsfracties op 14 februari 2023. Uit de reactie die hierop vanuit de regiopartners is gegeven blijkt dat er geen bereidheid is om ten aanzien van de door Hilvarenbeek ingebrachte punten opnieuw een discussie te voeren. Hierover stuurden wij u op 3 mei 2023 een raadsinformatiebrief. Eventuele amendementen die worden ingediend die toezien op het wijzigen van de voorwaarden tot deelname aan het RPO betekenen automatisch dat er niet kan worden overgegaan tot deelname aan het RPO. De overige aandeelhouders accepteren immers geen wijzigingen in de voorwaarden. 1.2 De formele zeggenschap binnen de vennootschap is gering Door het beperkte aandeel van 2,5 % is de zeggenschap binnen de vennootschap gering.

Daarbij staat de gemeente als aandeelhouder op afstand doordat de feitelijke besturing van de vennootschap bij de statutaire directie ligt die wordt gecontroleerd door drie, door de aandeelhouders benoemde, commissarissen. Een van deze drie commissarissen treedt op namens de ‘kleine gemeenten’. Om voldoende zeggenschap te organiseren is het van belang om als ‘kleine gemeenten’ ook na oprichting van het RPO zowel bestuurlijk als ambtelijk goed met elkaar in overleg te blijven. 1.3 Deelname aan het RPO is niet zonder risico’s Deelname aan het Publiek Ontwikkelbedrijf is niet zonder financiële risico’s. Het kopen van aandelen kost geld en aan elke bedrijfsmatige activiteit kleeft het risico dat er iets misgaat of anders loopt dan vooraf ingeschat. Om de risico’s in te schatten is een risicoanalyse gemaakt en is bekeken op welke wijze de risico’s gemitigeerd kunnen worden zodat de risico’s geminimaliseerd kunnen worden. De belangrijkste risico’s zijn de volgende: • Verslechteren businesscase hubs door afwijkende energieprijzen en/of wegvallen prijsgarantie via SDE. Momenteel is de elektriciteitsprijs erg hoog zodat de businesscase erg gunstig is. De prijs is echter volatiel en er kan niet vanuit worden gegaan dat deze (lange tijd) op dit niveau blijft. De SDE-subsidie garandeert een minimum-prijs, de verwachting is dat die garantie zal blijven.

• Ruimtelijke risico’s zoals het niet op tijd krijgen van vergunningen of onvoldoende grondposities. Een specifiek risico betreffen de restricties aan de realisatie van windprojecten vanwege hoogtebeperkingen door de defensieradar. Op dit moment wordt overleg gevoerd om te bezien op welke wijze we hiermee kunnen omgaan. • Geen tijdige aansluiting op netwerk Enexis. Er is intensief overleg met TenneT en Enexis. De verwachting is dat wanneer de projecten uit de hubs tot realisatie komen (2027) er voldoende capaciteit op het net beschikbaar is om aansluiting te realiseren. • Tekort aan grondstoffen of personeel voor realisatie hubs. • Kapitaalstortingen in het ontwikkelbedrijf worden alsnog aangemerkt als onrechtmatige staatssteun (zie hieronder hoe dit risico geminimaliseerd wordt). Het is van belang het risico op staatssteun expliciet nader toe te lichten.

6

Raad van 12 juli 2023, nr. 18

Het verrichten van een kapitaalstorting in het ontwikkelbedrijf, dan wel het op enigerlei andere wijze verlenen van financiële ondersteuning aan het ontwikkelbedrijf, kan kwalificeren als staatssteun in de zin van artikel 107 lid 1 van het EU-Werkingsverdrag (‘VWEU’). Dit kan onder andere het geval zijn wanneer de overheden genoegen nemen met een lager rendement dan waartoe commerciële partijen (aandeelhouders) bereid zouden zijn geweest. Om er zeker van te zijn dat er geen sprake is van (ongeoorloofde) staatssteun kan een melding bij de Europese Commissie worden gedaan. Deze route wordt niet verkozen omdat die naar verwachting veel tijd in beslag zal nemen. Meldingstrajecten van een half jaar tot een jaar zijn geen uitzondering. Als alternatief voor een melding wordt voorgesteld een beroep te doen op een van de bestaande vrijstellingen binnen het staatssteunrecht, op grond waarvan geoorloofd steun kan worden verleend (zoals hieronder nader wordt toegelicht). Ecorys concludeert in haar rapport dat de aandelenparticipaties van de overheden - gelet op de (in de toekomst) te verwachten rendementen – marktconform zijn, als gevolg waarvan zeer waarschijnlijk geen sprake is van staatssteun.

Op advies van AKD zullen, om eventuele resterende twijfel weg te nemen, de overheden desondanks een beroep doen op het DAEBVrijstellingsbesluit (2012/21/EU), en het ontwikkelbedrijf belasten met de uitvoering van dienst(en) van algemeen economisch belang. Voor zover sprake is van staatssteun, wordt deze op grond van voornoemd besluit geacht geoorloofd te zijn, mits aan de daarin opgenomen voorwaarden is voldaan. Daarvoor is noodzakelijk dat een aanwijzingsbesluit wordt genomen, het college neemt dit definitieve besluit nadat bij de gemeenteraad wensen en bedenkingen zijn opgehaald, gelijktijdig met het definitieve besluit tot toetreding tot het ontwikkelbedrijf en na afloop van het informeel overleg met de Europese Commissie (zie hieronder). Parallel aan de DAEB-aanwijzing zullen de overheden zekerheidshalve in contact treden met de Europese Commissie, teneinde de voorgenomen maatregelen (informeel) aan de commissie voor te leggen. Deze prenotificatie is gedaan en er is een eerste reactie binnengekomen waarin er ambtelijk is aangegeven dat op basis van de informatie in de documenten (o.a. het advies van AKD) geen bezwaar gezien wordt voor de toepassing van het DAEB Vrijstellingsbesluit, omdat aan de vereisten van het DAEB Vrijstellingsbesluit lijkt te zijn voldaan. Er is echter nog geen definitieve reactie van de Europese Commissie op de pre-notificatie. 1.4.

De belangen van het RPO en de gemeente Hilvarenbeek t.a.v. de energiehubs kunnen gedurende de ontwikkelingsfase uiteen lopen Het Publiek Ontwikkelbedrijf REKS B.V. heeft als taak om de energiehubs, die in de REKS zijn aangewezen, te realiseren. Twee van de energiehubs zijn (gedeeltelijk) op grondgebied van de gemeente Hilvarenbeek gelegen (De Baars en Kattenberg). Hiermee kan de schijn gewekt worden dat de beslissingen die het RPO neemt ook altijd de beslissingen zijn van de gemeente Hilvarenbeek als publiekrechtelijk orgaan. Dat is niet zo, want formeel staat deelname aan het RPO los van de realisatie van deze energiehubs. Deelname betekent niet dat impliciet ook ingestemd wordt met de realisatie van deze energiehubs. Iedere gemeente behoudt altijd haar publiekrechtelijke mogelijkheid om een ruimtelijke ontwikkeling als ongewenst te beschouwen en een bestemmingsplan niet vast te stellen. Dat daarmee de situatie zou kunnen ontstaan dat de gemeente privaatrechtelijk (als aandeelhouder van een ontwikkelende partij) een ander belang heeft dan de gemeente vanuit publiekrechtelijk perspectief laat deze mogelijkheid onverlet. Uiteraard geven wij hier blijvende aandacht in de communicatie de komende periode.

Ook is van belang te beseffen dat het RPO een uitvoeringsorganisatie is die, ten aanzien van het Hilvarenbeeks grondgebied, op dit moment alleen toeziet op twee energiehubs en twee klimaatopgaven. Mogelijkheden die erop toezien om projecten buiten deze kaders tot uitvoering te brengen kunnen pas dan worden geaccepteerd als hierover door de gemeenteraad besluiten worden genomen waarbij uiteraard ook kaders als de REKS en de Omgevingsvisie een rol spelen.

7

Raad van 12 juli 2023, nr. 18

3.1. Deelname kan alleen als de gemeenteraad een krediet beschikbaar stelt. In de gemeentelijke begroting zijn geen financiële middelen opgenomen om deel te kunnen nemen aan het Regionaal Publiek Ontwikkelbedrijf REKS. Daarom wordt de raad gevraagd een krediet beschikbaar te stellen. Samenwerking De REKS en het daaraan gerelateerde Publiek Ontwikkelbedrijf REKS is het resultaat van samenwerking in de regio Hart van Brabant. Financiën De gemeente Hilvarenbeek zal bij deelname aan het Regionaal Publiek Ontwikkelbedrijf REKS circa € 430.000 (€ 27,- per inwoner, ca. 15.850 inwoners) aan vermogen inleggen in het Regionaal Publiek Ontwikkelbedrijf REKS Hart van Brabant BV. De storting zal gefaseerd plaatsvinden zoals beschreven in de Aandeelhoudersovereenkomst. De eerste storting is een bedrag van € 129.881,05. De raad dient het krediet voor de aankoop van deze aandelen beschikbaar te stellen. Bij storting verkrijgt de gemeente een deelneming die als financiële vaste activa ter grootte van het gestorte bedrag op de balans terecht komt. De deelname als zodanig vertaalt zich in een even grote toename van de bezittingen, derhalve een balansmutatie. De rentelasten van de daarvoor aan te trekken extra lening dienen wel in de begroting te worden afgedekt.

Conform het BBV zal de gemeente jaarlijks, bij het opmaken van haar eigen jaarrekening, moeten bepalen of de ontwikkelingen binnen deze vennootschap zodanig zijn dat mag worden verwacht dat de te ontwikkelen hubs ook worden gerealiseerd en geprognosticeerde resultaten kunnen worden behaald. Mocht dit onverhoopt niet het geval zijn dan zullen de kosten die het Publiek Ontwikkelbedrijf in deze al heeft gemaakt niet meer kunnen worden terugverdiend en zal er ten laste van het resultaat een voorziening uit hoofde van afwaardering van deze deelneming moeten worden gevormd. Het is gelet op de investering van € 430.000 die de gemeente moet doen, niet noodzakelijk om daarvoor een aparte reserve op te richten. Dit kan op dat moment gedekt worden vanuit de Algemene Bedrijfsreserve (ABR). Communicatie Wij hebben het voorgenomen besluit van het college gecommuniceerd met onze regiopartners. Dat hebben we met hen afgesproken in reactie op een brief vanuit de regiopartners waarin zij ons vragen om in juni met een besluit te komen over deelname. Omdat uw raad het besluit pas neemt in juli, is dat voor ons niet haalbaar. Het definitieve besluit communiceren wij uiteraard opnieuw aan onze regiopartners. Uitvoering Na besluitvorming door uw raad neemt het college een definitief besluit over deelname.

Via tussentijdse (regionale) informatiebijeenkomsten en/of middels een raadsinformatiebrief houden wij uw raad op de hoogte van de ontwikkelingen. Ter inzage gelegde stukken 1. Ruimtelijke studie Kattenberg & De Baars (onder geheimhouding) 2. Eindrapport Second opinion Enter Next Level (onder geheimhouding) Burgemeester en Wethouders van Hilvarenbeek, secretaris, burgemeester,

Frank Jansen

Evert Weys

8

Raad van 12 juli 2023, nr. 18

Advies raadscommissie Dit voorstel is behandeld in de raadscommissie Ruimte op 29 juni 2023. De commissie is van oordeel dat het voorstel rijp voor besluitvorming is. Voor de fractie van HOI Werkt is het een hamerstuk en voor de fracties van VVD en CDA een bespreekstuk, voor de VVD in afwachting van de toegezegde informatie. De griffier,

Maarten Janus

Eindvoorstel Het college handhaaft de voorstellen genoemd onder de paragraaf “Voorstel”.

Burgemeester en Wethouders van Hilvarenbeek, secretaris, burgemeester,

Frank Jansen

Evert Weys

Bijlagen (digitaal in raadsinformatiesysteem) 1. Ruimtelijke studie Kattenberg & De Baars 2. Eindrapport Second opinion Enter Next Level 3. Notitie analyse tussenstap deelname RPO 4. Notitie deelname RPO (JA of NEE) Enter Next Level 5. Raadsbesluit

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12969045/1