16 bp Gelderakkers 2 (11 bijlage 10 Aanvullend verkeersonderzoek Gelderakkers 2)
Tekst van het document
Titel
Gelderakkers – beantwoording aanvullende verkeerskundige vragen
Opdrachtgever
Gemeente Hilvarenbeek
Datum
11 november 2021
Auteur
Danique Gommers, Ruben Ratgers
Kenmerk
010344.20210902.N1.04
Status
Definitief
Pagina
1/8
1.
Inleiding
Als gevolg van de ontwikkeling Gelderakkers in Hilvarenbeek zijn vanuit bewoners vragen gesteld over langzaam en gemotoriseerd verkeer: •
Gemotoriseerd verkeer: Welke aanpassing aan de huidige structuur van eenrichtingswegen wordt doorgevoerd? Door de ontwikkeling van het westen van Gelderakkers is het wenselijk dat het gemotoriseerde verkeer zich kan verplaatsen via de oostelijke ontsluiting richting het westen van de wijk.
•
Langzaam verkeer: Wat is het effect van de aanpassingen van de structuur van eenrichtingswegen op het langzame verkeer in de wijk? En met name, wat betekent dit voor de schoolgaande kinderen, bij Kindcentrum De Driehoek?
•
Gemotoriseerd verkeer: In het plan is een parkeerkoffer voorzien in het noordwesten van het plangebied, deze wordt ontsloten op de Langecruysstraat. De gemeente is voornemens om mitigerende maatregelen te nemen om het aantal verkeersbewegingen op het kruispunt Langecruysstraat – Bolakker te beperken. Wat zijn de verkeerseffecten van de mitigerende maatregelen?
In voorliggende notitie is het resultaat van het onderzoek beschreven.
Goudappel BV werkt vanuit Amsterdam, Den Haag, Deventer, Eindhoven en Leeuwarden en via onze partners in het buitenland
Snipperlingsdijk 4
Postbus 161
+31(0) 570 666 222
BTW NL 0072 11 879 B01
7417 BJ Deventer
7400 AD Deventer
info@goudappel.nl
KVK
Nederland
Nederland
www.goudappel.nl
IBAN NL09 INGB 0001 2746 32
3801 7479
2.
Verkeerscirculatie Gelderakkers
2.1
Huidige situatie
Gemotoriseerd verkeer Bij de huidige interne verkeersstructuur is sprake van een aantal straten met eenrichtingsverkeer rondom de school. Dit zorgt ervoor dat het gemotoriseerd verkeer niet gemakkelijk van oost naar west kan rijden. Gemotoriseerd verkeer dat vanuit het oosten naar het nieuwe wijkdeel in het westen wil, rijdt als gevolg van het eenrichtingsverkeer langs de ingang van de school.
Huidige interne verkeersstructuur Huidige route van oost naar west (Hoofd)ingang basisschool
Figuur 1: Verkeerscirculatie Gelderakkers (verplichte rijrichting aangegeven met blauwe pijl).
Naar verwachting zal een aanzienlijk deel van de basisschoolkinderen te voet of per fiets komen. Een hoofdontsluiting voor gemotoriseerd verkeer van de nieuwe woonwijk langs de hoofdingang van de basisschool leidt daarom mogelijk tot verkeersonveilige situaties. De volgende alinea’s verdiepen zich in het langzaam verkeer: wat is de herkomst (welke windrichting) van de basisschoolkinderen? Wonen zij op loop- of fietsafstand? Door hier meer inzicht in te hebben, kan in beeld worden gebracht welke manier van ontsluiten het meest passend is in deze situatie, rekening houdend met het langzame verkeer.
2
Langzaam verkeer Figuur 2 laat zien waar de leerlingen van OBS De Driehoek vandaan komen. Leerlingen woonachtig binnen 500 tot 1.500 meter van de school wonen op loop-/fietsafstand. Voor deze leerlingen is het wenselijk dat zij lopen en/of fietsen naar school. Het grootste deel van de leerlingen, circa 85%, woont binnen loop- en/of fietsafstand (<1.500m) van de basisschool.
Basisschool Herkomst leerlingen 500m 1.000m 1.500m
Figuur 2: Herkomst leerlingen OBS De Driehoek (CBS Statline, eigen bewerking).
Uit de figuur blijkt daarnaast dat een groot deel van de leerlingen ten noorden van de basisschool woont (circa 70%) en de school vanuit noordelijke richting bereikt. De overige 30% komt uit de overige windrichtingen. Ten noorden van de basisschool is een drietal ontsluitingen enkel voor langzaam verkeer aanwezig, zie figuur 3. Een hoofdontsluiting voor gemotoriseerd verkeer langs de noordzijde van de basisschool is daarom niet wenselijk.
Figuur 3: Langzaam verkeer ontsluitingen.
3
2.2
Mogelijke aanpassingen
Om de verbinding voor het noordwestelijke wijkdeel van oost naar west voor gemotoriseerd verkeer eenvoudiger te maken en rekening te houden met de school, zijn een tweetal oplossingsrichtingen mogelijk. Namelijk het instellen van tweerichtingsverkeer op de Schoenmaker tussen de Wagenmaker of het instellen van tweerichtingsverkeer op de volledige Schoenmaker. Deze paragraaf beschrijft de voor- en nadelen van beide mogelijkheden. Oplossing 1: Instellen tweerichtingsverkeer op de Schoenmaker tussen de Wagenmaker Nieuwe interne verkeersstructuur Nieuwe route van oost naar west Hoofdingang basisschool
Figuur 4: Mogelijke verkeerscirculatie Gelderakkers. Aanpassingen ten opzichte van de huidige situatie In deze optie is er tweerichtingsverkeer ingesteld op een klein deel van de Schoenmaker (tussen de Wagenmaker en Klompenmaker). Door de route voor gemotoriseerd verkeer richting het westen via de Klompenmaker te leiden, kan het langzame verkeer vanuit andere windrichtingen richting de basisschool via de Zadelmaker en Schoenmaker rijden. Op deze manier zijn de routes voor langzaam en gemotoriseerd verkeer van elkaar gescheiden. Wel bestaat de kans dat automobilisten gebruik maken van het westelijke deel van de Schoenmaker (tweerichtingsverkeer) en vervolgens een klein stukje tegen het verkeer
4
inrijden om zo bij het oostelijke tweerichtingsverkeer te komen. Het rijden van west naar oost (wijk uit) blijft gelijk aan de huidige situatie. Effect op langzaam verkeer en schoolgaande kinderen Bij deze vorm van ontsluiten is de hoeveelheid verkeer dat langs de hoofdingang van de school rijdt beperkt. Ook heeft deze optie een positief effect op de ontsluitingen voor langzaam verkeer aan de noordzijde, figuur 3. Het gemotoriseerd ontmoet in deze optie niet of nauwelijks het langzame verkeer en/of de schoolgaande kinderen uit de noordelijke richting. De leerlingen uit overige windrichtingen, die wellicht gebruik maken van de secundaire ingang aan de zuidzijde, komen het gemotoriseerd verkeer richting het westen niet of in beperkte mate tegen. Doordat het gemotoriseerd verkeer via de Klompenmaker rijdt en het langzame verkeer via de Schoenmaker.
5
Oplossing 2: Instellen van tweerichtingsverkeer over de gehele Schoenmaker Nieuwe interne verkeersstructuur Nieuwe routes van oost naar west Hoofdingang basisschool
Figuur 5: Mogelijke verkeerscirculatie Gelderakkers. Aanpassingen ten opzichte van de huidige situatie Een andere mogelijkheid is om over de volledige lengte van de Schoenmaker tweerichtingsverkeer in te stellen. Hierdoor ontstaan er verschillende route opties om bij de nieuwe wijk in het noordwesten te komen. Dit betekent dat het verkeer zich kan verdelen over de verschillende wegen. In deze optie zal de Schoenmaker en het kruispunt met de Zadelmaker drukker worden. Effect op langzaam verkeer en schoolgaande kinderen Het verkeer richting het wijkdeel in het noordwesten wordt voornamelijk via de zuidzijde van de school afgewikkeld. Dit heeft een positief effect op de ontsluitingen voor langzaam verkeer aan de noordzijde en de schoolgaande kinderen uit noordelijke richting. De leerlingen uit de overige windrichtingen, die wellicht gebruik maken van de secundaire ingang aan de zuidzijde, zullen wel een deel van het gemotoriseerd verkeer tegenkomen. Dit geldt voor zowel de voetgangers als fietsers.
6
3.
Parkeerkoffer noordwesten
In het eerder uitgevoerde onderzoek naar de verkeerseffecten van de ontwikkeling Gelderakkers II en III zijn een viertal varianten doorgerekend. Dit onderzoek heeft geleid tot een uitgangsscenario voor de ontsluiting van de nieuwe wijk, namelijk via de bestaande ontsluiting Zadelmaker – Gelderakkers en een nieuwe ontsluiting ten westen van het plangebied. Dit betekent dat al het verkeer uit de wijk Gelderakkers wordt afgewikkeld over deze twee ontsluitingen. In het nieuwe wijkdeel in het noordwesten zijn parkeerkoffers voorzien. Een mogelijkheid is om een parkeerkoffer en twee parkeerstroken te ontsluiten op de Langecruysstraat. Een belangrijk aandachtspunt is het kruispunt Langecruysstraat – Bolakker – Alidapad. Dit kruispunt is namelijk niet haaks op het wegvak aangesloten, wat tot een mogelijk knelpunt kan leiden in verband met verkeersonveiligheid (zicht). De gemeente is voornemens om mitigerende maatregelen, zoals het instellen van eenrichtingsverkeer, te nemen om het aantal verkeersbewegingen op de Langecruysstraat – Bolakker te verminderen. Hieronder wordt toegelicht wat het effect is van het instellen van eenrichtingsverkeer op onder andere het aantal verkeersbewegingen.
Figuur 6: Parkeerkoffer en ontsluiting nieuwe woonwijk in het noordwesten van Gelderakkers
7
Uitgangsscenario In het eerder uitgevoerde onderzoek is de volledige wijk ontsloten via de Gelderakkers. Dit scenario bestaat uit een bestaande ontsluiting via de Zadelmaker – Gelderstraat en een nieuwe ontsluiting in het westen via de Bolakker. Ten slotte blijft de bestaande ontsluiting voor enkel langzaam verkeer op de Langecruysstraat gehandhaafd. Alternatief A: Eenrichtingsverkeer op Langecruysstraat van west naar oost (alleen in) De gemeente is, zoals beschreven in de inleiding, voornemens om de parkeerkoffer in het noordwesten van de nieuwe woonwijk te ontsluiten op de Langecruysstraat (via de Bolakker). De wens is om het aantal verkeersbewegingen op deze route te beperken. Een mogelijke oplossing hiervoor is het instellen van eenrichtingsverkeer op de Langecruysstraat. Als gevolg van het instellen van een eenrichtingsstructuur op de Langecruysstraat kan het verkeer alleen vanaf de Bolakker het wegvak oprijden richting het oosten. Als gevolg van het instellen van eenrichtingsverkeer op de Langecruysstraat moet de huidige ontsluiting voor langzaam verkeer ook voor gemotoriseerd verkeer toegankelijk zijn. Het verkeer rijdt dan namelijk richting het westen (Langecruysstraat – Hendrik Pannecoeckstraat) het gebied uit.
Het instellen van eenrichtingsverkeer kan zorgen voor een toename van verkeer op de Langecruysstraat als gevolg van het realiseren van een nieuwe route van west naar oost (via de Langecruysstraat). Alternatief B: Eenrichtingsverkeer op Langecruysstraat van oost naar west (alleen uit) Een tweede alternatief in het kader van eenrichtingsverkeer is dat het verkeer enkel de Langecruysstraat kan uitrijden richting de Bolakker. Dit houdt eveneens in dat de huidige ontsluiting voor langzaam verkeer ook voor gemotoriseerd verkeer toegankelijk moet zijn. Het verkeer rijdt dan namelijk vanuit de Langecruysstraat richting de nieuwe woonwijk. Het instellen van eenrichtingsverkeer kan daarnaast zorgen voor toename van verkeer op de Langecruysstraat als gevolg van de realisatie van een nieuwe route van oost naar west (via de Langecruysstraat). Ook blijkt het zichtprobleem op het kruispunt Bolakker – Langecruysstraat – Alidapad bij dit alternatief bestaan en hoort het noordwestelijke wijkdeel meer bij woonwijk de 3 Eilanden dan bij de Gelderakkers. Alternatief C: Parkeerkoffer volledig ontsloten via Langecruysstraat In het derde alternatief is er geen sprake van een doorgaande route via de Langecruysstraat vanaf of richting de Bolakker. De parkeerkoffer is volledig ontsloten via de Langecruysstraat – Hendrik Pannecoeckstraat.
Dit betekent dat het gemotoriseerde verkeer via de parkeerkoffer niet in westelijke richting kan rijden. Op deze locatie blijft de langzame verkeersverbinding intact.
8
Effect op het aantal verkeersbewegingen Met behulp van het verkeersmodel1 is in beeld gebracht wat het verkeerseffect is van het instellen van eenrichtingsverkeer op de Langecruysstraat, van de Bolakker tot en met de huidige fietsontsluiting (alternatieven A en B). Voor alternatief C is de verschuiving van verkeer over het wegennet afgeleid uit het resultaat van de modelberekeningen (alternatief A en B). Het realiseren van een ontsluiting via de Langecruysstraat in combinatie met het instellen van eenrichtingsverkeer (alternatieven A en B) en een volledige ontsluiting van de parkeerkoffer op de Langecruysstraat (alternatief C) zorgt voor een verschuiving van verkeer op de Zadelmaker. Op dit wegvak nemen de intensiteiten met 300 motorvoertuigen per etmaal af ten opzichte van het uitgangsscenario. Ook op de nieuwe ontsluiting in het westen is een afname van verkeer waarneembaar. Dit betekent dat een deel van het verkeer uit het noorden, dat in het uitgangsscenario gebruik maakt van de ontsluiting via de Zadelmaker of de nieuwe ontsluiting in het westen, gebruik gaat maken van de ontsluiting via de Langecruysstraat. Dit zorgt in alternatieven A en B voor een lichte toename van het verkeer op het noordelijke deel van de Bolakker en de Hendrik Pannecoeckstraat.
In alternatief C zorgt dit voor een toename van 400 motorvoertuigen per etmaal op de Hendrik Pannecoeckstraat en een lichte afname van verkeer op het noordelijke deel van de Bolakker. Nr.
Intensiteit (mvt/etm)2
Wegvak
Uitgangs-
Alternatief
Alternatief
Alternatief
scenario
A
B
C
1
Bolakker noord
800
900
900
700
2
Bolakker zuid
400
500
500
400
-
400
400
<100
Nieuwe doorgaande 3
ontsluiting Langecruysstraat
4
Hendrik Pannecoeckstraat
400
600
500
800
5
Zadelmaker
1.500
1.200
1.200
1.200
6
Nieuwe ontsluiting west
400
300
300
300
Tabel 1: Intensiteiten uitgangsscenario en alternatieven A en B (mvt/etm).
1
Het verlengen van de Langecruysstraat is geïmplementeerd in het verkeersmodel BBMA2018 Midden-Brabant. Ook zijn twee
alternatieven meegenomen met het eenrichtingsverkeer in beide richtingen (alternatieven A en B) in het model. Gezien de schaal van het verkeersmodel is het detailniveau van het eenrichtingsregime in de wijk de 3 Eilanden niet volledig meegenomen in het model. 2
Het verkeersmodel geeft een voorspelling van de werkelijke situatie. Om schijnnauwkeurigheid te voorkomen zijn de cijfers
afgerond op 100-tallen.
9
Figuur 7: Thermometerpunten effect verkeersbewegingen.
Conclusie Het ontsluiten van de parkeerkoffer op de Langecruysstraat en het instellen van eenrichtingsverkeer aldaar zorgt niet voor een afname van het aantal verkeersbewegingen op de Bolakker (noord) - Langecruysstraat. Het aantal verkeersbewegingen neemt daar juist licht toe. Door de parkeerkoffer volledig op de Langecruysstraat te ontsluiten neemt het verkeer op de Bolakker (noord) af en het verkeer op de Hendrik Pannecoeckstraat toe.
10