15 definitieve REKS (5 bijlage bij REKS - Ruimtelijke kwaliteit van herkenbare landschappen)
Tekst van het document
Ruimtelijke kwaliteit VAN HERKENBARE LANDSCHAPPELIJKE EENHEDEN IN HART VAN BRABANT
27 02 2020
Landschap in lagen: herkenbare landschappelijke eenheden
2
Inhoudsopgave
3 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Inleiding
5
Landschappelijke eenheden Overdiepse polder Maas + uiterwaarden Polder Waalwijk Eiland van Heusden Polder van Bokhoven Drongelens kanaal Langstraat Moer & Vaart Loonse & Drunense duinen Landgoed Pauwels De Lange Rekken Boswachterij Dorst Stadsbos 013 Park Moerenburg Mozaiek landschap Oisterwijk/Haaren/Udenhout Oisterwijkse vennen Molenakker Oisterwijkse heide Het land van Hilver Landgoed de Baest Esdekkenlandschap van Hilvarenbeek Gorp & Roovert Regte Heide Rielsche heide Gilzesche heide Chaamse bossen & Alphense Bergen
6 6 10 12 14 18 20 22 24 26 28 30 32 34 36 38 40 42 44 46 48 50 52 54 56 58 60
Literatuurlijst
62
Colofon
63
Bijlage 1: Landschappelijke analyse regio Hart van Brabant
64
Bijlage 2: Ruimtelijke visie Hart van Brabant
71
4
Inleiding Inleiding Voor u ligt een rapport over de ruimtelijke kwaliteiten van de herkenbare landschappelijke eenheden in het plangebied van de REKS in de regio Hart van Brabant. Deze rapportage geeft een goed beeld van de verschillende ruimtelijke kwaliteiten in de regio. De beschrijvingen zijn gebaseerd op de gemeentelijke beleidsplannen buitengebied en landschapsvisies (zie literatuurlijst). De regio bestaat uit 9-10 gemeenten, Loon op Zand, Oisterwijk, Tilburg, Waalwijk, Dongen, Gilze en Rijen, Goirle, Heusden, Hilvarenbeek, inclusief Haaren en Biezenmortel. De landschapseenheden zijn vaak gemeentegrens overschrijdend. Aanleiding In de REKS wordt een bod gedaan voor de daadwerkelijke energieopgave voor de regio Hart van Brabant. De beschrijving van de landschapseenheden was een van de ontwerptools om de keuzes te maken voor de duurzame opwek.
Waterstructuur; Beken
Leeswijzer De 25 herkenbare landschappelijke eenheden in de regio Hart van Brabant worden één voor één omschreven op eenzelfde wijze, voor zowel het huidige landschap met haar geschiedenis als de ruimtelijke kwaliteiten van het omschreven landschap. Daarnaast worden er per landschappelijke eenheid een historische kaart gegeven met een kaart van nu, zodat duidelijk is of het landschap veranderd is door de jaren heen of niet. In de bijlagen is de landschappelijke analyse voor het gehele gebied van de REKS te vinden. We wensen u veel leesplezier. Mariëlle Kok, Esther Kruit en Marianne Bekkers
Groenstructuur; Natura 2000 gebieden
5 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Overdiepse polder
6
Ontwikkeling van het landschap De Overdiepse polder is ontstaan in 1904, toen de Bergsche Maas gereed kwam in het kader van de verbetering van de afvoer van de Maas. Het gebied was laag en slecht ontwaterd en werd voornamelijk gebruikt voor extensieve hooiwinning. De kaart van 1900 vermeldt een ‘Grondbergplaats’, deze plek wordt nu ‘het stort’ genoemd en de ophoging is er nog steeds en beslaat ongeveer 48 ha. De polder was in opstrekkende slagen verkaveld in percelen met breedte van 20 tot 30 meter en maximaal 1300 meter lang en deze kavels werden gescheiden door ondiepe sloten. Door de slechte waterhuishouding heeft hier lang geen bebouwing gestaan. In 1948 is er herverkaveling uitgevoerd waardoor het verkavelingspatroon verdween en een nieuw rationele blokverkaveling ontstond. In de jaren ‘70 is er een tweede herverkaveling uitgevoerd waarbij nieuwe boerderijen gesticht werden in de polder en de wegen verhard werden. De Overdiepse polder dient bij hoog water als overstromingsgebied, zodat de Bergsche Maas meer ruimte krijgt. Ontpoldering betekent meestal dat er in het gebied niet langer ruimte is voor bewoners en boerenbedrijven. Wonen en werken in de Overdiepse polder blijft mogelijk door uitvoering van het plan van de door de agrariërs opgerichte Belangenvereniging Overdiepse Polder: zij ontwierpen een voorstel voor de aanleg van terpen. 1900
2019
7 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Dit terpenplan is samen met de provincie Noord-Brabant uitgewerkt en vervolgens opgenomen in het programma Ruimte voor de Rivier. Naast ruimte voor rivier en landbouw is er extra ruimte voor natuur en recreatie gekomen. Door de zandwinning die nodig is om de terpen en de nieuwe dijk aan te leggen is de Westplas ontstaan. Deze plas van zo’n 5,5 hectare heeft een ecologische functie gekregen.
1900
Overdiepse polder in 1850
8 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Ruimtelijke kwaliteiten • De Overdiepse polder is opgebouwd uit de dijk langs de Oude Maas, een “oogvormige” polder ,met in het noorden de gebogen zomerdijk. De boog van de zomerdijk wordt versterkt door de brede strook van 250 meter buitendijks, opgebouwd uit smallere weides en een strook langs de Maas met de bakenbomen. • Openheid door ruime percelering. De percelen zijn gemiddeld 500 m breed, de lengte varieert door de uitbuigende vorm van de polder van 500 m tot 1, 5 km). • Het gebied staat sporadisch onder water omdat het dient als overstromingsgebied door ontpoldering, dit trekt veel toeristen aan. • De verschillende terpen met boerderijen (als het plan volledig is uitgevoerd) hebben consequent dezelfde voetprint, passend in de verkavelingsrichting. Daardoor ontstaan aan de zuidelijke dijk overhoeken. De erven zijn omgeven met erfbeplanting. • Lange zichtlijnen: In het open landschap van de polder zijn ook zichten naar de omgeving belangrijk. Plaatselijk is het mogelijk zeer ver te kijken en landschappelijke elementen en structuren te ervaren die op grote afstand liggen. Dit is een bijzonder kwaliteit van het gebied. Vanuit de polder zijn opvallende elementen zoals de Amer-centrale, de brug over de Bergse Maas en de windmolens bij Waalwijk zichtbaar.
Ook de kerktorens in de directe omgeving zijn vanuit bepaalde posities te ervaren, zoals de torens van Capelle, Raamsdonk en Hank. Opvallend is ook het zicht op de dorpenreeks van de Langstraat; de rand met bebouwing en beplanting steekt duidelijk herkenbaar af tegen de horizon kijkend in zuidelijke richting.
Modellenstudie voor windmolens in de polder: afgewezen in het REKSbod.
9
Maas + uiterwaarden
10
Ontwikkeling van het landschap De Maas met zijn uiterwaarden zijn onderdeel van het jonge rivierlandschap van de Maas met hogere zandige oeverwallen en lager gelegen komgronden, aansluitend op de brede dekzandrug die de overgang naar het Brabant van het zand markeert. Het rivierenlandschap is systematisch door de eeuwen heen ingedijkt, waardoor verschillende landschapseenheden ontstonden, die in de rapportage besproken worden. We beperken ons nu tot de bedijking van de Maas en het buitendijkse gebied. De Maasdijk Is bijzonder vanwege zijn boombeplanting op de dijk. Langs de dijk komt stroomdalflora voor, vanwege het kalkrijke water bij hoog water. Langs de rivier de Maas staan consequent de bakenbomen. Deze zijn zeer karakteristiek zijn voor deze rivier. De uiterwaarden zijn in gebruik als weidegrond, als eendekooi, of onderdeel van nattere natuurgebieden, gecombineerd met vroeger nevengeulen, strangen of oudere rivierlopen. Voorbeelden in het gebied zijn het ‘Oude Maasje’, de Hedikhuizensche Maas en het Haarsteegs wiel. Het landschap toont door zijn onregelmatige verkavelingspatroon de geschiedenis van de strijd tegen het water. Het gebied was onderdeel van de voormalige defensielinie van de Zuiderwaterlinie met de vestingsteden, forten en stellingen.
De open ligging van de vesting Heusden met zijn fortificaties geeft nog een goed beeld van het functioneren van deze linie in vroegere tijden. 1900
2019
11 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Ruimtelijke kwaliteiten • Het contrast tussen de hoge beplante Maasdijk en de overige dijken, en de open uiterwaarden. • De zichtlijnen vanaf de dijk als balkon richting Maas, panorama van een rivierengebied. • De uiterwaarden hebben over het algemeen een zeer functionele percelering, en bestaan uit weidegronde, natuurgebieden en eendekooien. • Plaatselijk kleinschalige en onregelmatige verkavelingspatronen; gebaseerd op de kronkelende loop van het ‘Oude Maasje’, de Hedikhuizensche Maas en het Haarsteegs wiel. • Overwegend rustige overgangen tussen stedelijke vormen en open landschap met de bijzondere ligging van de vesting Heusden. • Cultuurhistorische waarde van het gebied, ook in relatie met oude rivierloop (toen Heusden en Nederhemert één samenhangend gebied was).
Polder Waalwijk
12
Ontwikkeling van het Landschap De huidige polder van Waalwijk wordt begrensd door de dijken van de uiterwaarden in het noorden en de A59 in het zuiden. Het gebied kent een lange ontstaansgeschiedenis en heeft in de loop der tijd vele ruimtelijke verscheidingsvormen gehad. Oorspronkelijk ontstond de ontginning van dit veengebied in de 12e eeuw vanaf het noorden vanaf de oeverwal langs de Maas. Na de ontginning van het veen ging men op de dekzandrug wonen tussen Maas en Heide. Van hieruit werd het gebied van de zuidkant ontgonnen via het cope stelsel, dit waren in het algemeen circa 800 meter lange en 100 meter brede kavels of slagen, die omgeven waren door ondiepe sloten. Door het ontginnen van het veen, klonk de bodem in en ontstond wateroverlast. Het gebruik van de copes werd veranderd van akkers in extensieve hooilanden en weides. Door ruilverkaveling is het landschap later zo optimaal mogelijk ingericht voor de landbouw. Het gebied wordt nu gekenmerkt door openheid en dit is te ervaren doordat de percelen grootschalig zijn met relatief weinig perceel- en laanbeplanting
1900
2019
13 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Ruimtelijke kwaliteiten • Openheid; door de leegte in de lage polder en de grootschaligheid. • Potentieel weidevogelgebied. • Lange zichtlijnen in oost-west richting en zuidwaarts op de dekzandrug in het zuiden.
Voor 1980 landschap het slagenlandschap bij Baardwijk (Foto: Piet de Jongh, Waalwijk)
Eiland van Heusden
14
Ontwikkeling van het Landschap Binnen de overstromingsvlakte van de Maas-Gement, Baardwijkse Overlaat en polder Bokhoven en Vlijmen- ligt het omdijkte Eiland van Heusden. Tot aan de middeleeuwen was het gebied ongeschikt voor bewoning door de lage ligging en aanwezigheid van veen. Na de middeleeuwen is er begonnen met het ontginnen van de polder vanuit het noorden, hierdoor is al het veen verdwenen. Het omdijkte eiland van Heusden ontstond. De zandopduiking te midden van de overstromingsvlakte is een landbouwkundig intensief gebruikt (tuinbouw) gebied. Karakteristiek voor de verstedelijking binnen het eiland van Heusden is de lintbebouwing. Identiteitsdragers van deze polder zijn kronkelige dijken, weteringen, oude Maasmeanders, wielen en kloostercomplexen. Het zuidelijk deel van de polder is onderdeel van de Beerse Maas en fungeert als overlaat tussen de Beerse Maas en de Dieze of de Baardwijksche overlaat.
1900
2019
15 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Ruimtelijke kwaliteiten • Openheid; tussen de Hooibroeken en Elshout en de omgeving van de Elshoutse Zeedijk. • Regelmatige noord-zuid gerichte strokenverkaveling. • Grote landschappelijke diversiteit in de vorm van het rivierenlandschap; rivierkommen en de oeverwallen in de noordelijke helft, het slagenlandschap in de rand van de dekzandrug, de overlaatzone en de meer besloten zuidelijke bosgebieden in de Hooibroeken met bosstroken en eendenkooien. • De recreatieve aspecten van de waterstructuur; de vesting Heusden en de Poort van Heusden zijn grote publiekstrekkers in de dagrecreatieve markt. • Hoge cultuurhistorische waarde; vesting Heusden, Giersbergen en omgeving, het slagenlandschap in samenhang met het Nederhemertsche landschap aan de overkant van de Maas, lintstructuren in Haarsteeg en Elshout. • Cultuurhistorische rijkdom in het landschap; eendenkooien, het fort, molens, de oude dijkring langs Voordijk, Inlaagdijk en de Zeedijk als gehele landschappelijke structuur met zijn wielen (zoals de Koppelwiel en Buitenwiel), bomen en bosjes en de gedeeltelijk nog herkenbare loop van het oude Maasje. • Zicht op bijzonder landschappelijke gebieden; overlaatzone en zichtlijnen naar kernen en kerken. • Grote verscheidenheid van kernen, linten en gehuchten. • Hiërarchische slotenstructuur, waarbij de Koningsvliet ook een belangrijke ecologische waarde heeft.
16 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Vuurtoreneiland is een klein eiland in het Markermeer en bestaat uit een fort, vuurtoren en bijzondere natuur. Bijzondere uitdaging was om dit eiland, dat behalve beperkt elektra geen nutsvoorzieningen heeft, geschikt te maken voor publieke toegankelijkheid met een duurzaam karakter. D.m.v. van zonne-energie wordt in de zomer overtollige warmte in het fort gebracht. Die warmte slaat de massa van het fort natuurlijk op, om die ’s winters uit te stralen. Een kleine warmtepomp, WTW systeem en houtkachels houden de temperatuur voor de gasten in de winter op peil. Omdat er geen riool is, wordt het afvalwater van de keuken en toiletten d.m.v. een rietfilter gereinigd. (uit: https://www.degroenemenukaart.nl/forten/voorbeeldprojecten/)
17
Polder van Bokhoven
18
Ontwikkeling van het landschap Het landschap van de polder van Bokhoven is te vergelijken met het landschap van de eiland van Heusden. De polder van Bokhoven was vroeger ook een laaggelegen, nat zandgebied dat voornamelijk bestond uit veen. Ook hier was het gebied ongeschikt voor bewoning tot aan de middeleeuwen, door de lage ligging en aanwezigheid van veen. Na de middeleeuwen is er begonnen met het ontginnen van de polder vanuit het noorden, hierdoor is al het veen verdwenen. Op de historische kaart is te zien dat voornamelijk rondom de Luisbroeksche Wetering een slagenlandschap bestond met smalle percelen en ondiepe sloten. Deze zijn door de latere ruilverkaveling verdwenen, het landschap bestaat nu voornamelijk uit grote blokverkaveling met lintbebouwing, eendenkooien en het Engelermeer.
1900
2019
19 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Ruimtelijke kwaliteiten • Openheid; door de grote blokverkaveling (onder andere in de omgeving van De Bellaard). • De recreatieve aspecten van de waterstructuur; het strandbad Engelermeer is een grote publiekstrekker in de dagrecreatieve markt. • Cultuurhistorische rijkdom in het landschap; eendenkooien, bomen en bosjes en de gedeelteijk nog herkenbare loop van het oude Maasje. • Zicht op bijzonder landschappelijke gebieden; overlaatzone en zichtlijnen naar kernen en kerken.
Drongelens Kanaal
Kaart Baardwijkse Overlaat 1754
20
Ontwikkeling van het landschap Het kanaal is tussen 1907 en 1911 gegraven om wateroverlast te voorkomen in de lage gebieden rond ’s-Hertogenbosch (Bossche Broek) en in de polders ten westen van de stad. Het kanaal is ruim 19 kilometer lang. Het kanaal werd gegraven in een gebied waar men al eeuwen lang water van de Maas opving in tijden van overstromingen, de Baardwijkse Overlaat. Het Drongelens Kanaal ligt op de overgang van de hogere zandgronden aan de zuidkant naar het rivierenlandschap aan de noordkant. Toen het kanaal werd aangelegd is alleen de bovenkant van de dijk en het talud aangeplant met bosplantsoen, de overige delen werden ingezaaid met gras en zodanig ook beheerd door maaien en begrazen. In de loop van de 20e eeuw nam de watervervuiling sterk toe, hierdoor was er in de jaren 70 nog nauwelijks vis te vangen. Daarna is de waterkwaliteit weer sterk verbeterd en heeft het kanaal en zijn oevers zelfs een ecologische functie gekregen. De afgelopen jaren heeft het bos zich sterk uitgebreid, ook aan de kanaalzijde van de kade. Alleen nog ten noorden van de Overlaatweg in Waalwijk is geen opgaande beplanting aanwezig. Ten noorden van het kanaal zijn meerdere natuurgebieden aan elkaar gekoppeld, bijv. het waardevolle natte Natura 2000gebied ten zuiden van Vlijmen (omgeving Vlijmensch Ven), waardoor een natuurzone ontstaat. 1900
2019
21 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Ruimtelijke kwaliteiten • Bijzondere landschappelijke corridor door het lange gebruik als overlaatzone tijdens hoog water. De lage ligging wordt geaccentueerd door de dijkbegrenzingen. • Het gebied heeft een relatief regelmatig verkavelingspatronen gebaseerd op de wegenstructuur. • De herkenbare noordelijke begrenzing met de kernen door de Meerdijk en Heidijk als smalle en groene overgang. • De herkenbare zuidelijke begrenzing in de vorm van het kanaal Drongelen ‘s Hertogenbosch met daarlangs gelegen bosstroken. • Het kanaal dient als ecologische verbindingszone; deze zone moet de versnippering van natuurgebieden tegengaan. Bestaande en nog te ontwikkelen natuurgebieden worden aan elkaar gekoppeld en zodoende groter. De verbindingszones functioneren als trekroutes en als (tijdelijk) leef- en voortplantingsgebied. • Recreatieve functie; er is een goed fietspadenstructuur langs het kanaal en er wordt veel gevist. • Lange zichtlijnen over het kanaal.
Langstraat
22
Landschap Langstraat is een natuurgebied dat op de overgang van zand naar klei ligt, ook wel de ‘Naad van Brabant’ genoemd. Het gebied is gesitueerd tussen Waalwijk en Waspik en het kenmerkt zich door het slagenlandschap met zijn lange smalle percelen die omzoomd zijn met elzenheggen. Door de bijzondere kwaliteit en samenstelling van het kwelwater en overgangen tussen klein, veen en zand zijn bijzondere gradienten ontstaan. Grote delen van de Langstraat zijn om die reden aangewezen als Ecologische Hoofdstructuur, o.a. de gebieden Den Dulver, De Dullaart, De Hoven, De Dellen en het Labbegat. Den Dulver bestaat voornamelijk uit Elzenbroekbossen met daaromheen schraallanden en een eendenkooi. Het wordt gekenmerkt door zijn rijkdom aan planten en dieren zoals een zeldzame Zeggesoort en een grote verscheidenheid aan vegetatietypen. De Dullaart is ongeveer 40 ha groot en is ontgonnen tussen 1936 en 1939 en is daarna nooit cultuurland geworden vanwege de enorme kwel. Hierdoor zijn er in dit gebied ook zeldzame planten te vinden.
1900
Het Labbegat is een gebied waar nog een deel van het oude slagenlandschap te vinden is, dat een grote cultuurhistorische waarde heeft. De andere gebieden kenmerken zich door een open landschap met brede sloten. Ruimtelijke kwaliteiten • Hoge cultuurhistorische waarde; het nog aanwezige slagenlandschap en het gehele cultuurlandschap is opgenomen als ‘Belvedère gebied’ in de Nota Belvedère (1999). • Grote diversiteit in landschap; lange smalle percelen omzoomd met elzenheggen in het slagenlandschap, open landschap met brede sloten in andere delen van het gebied, Elzenbroekbossen met schraallanden in Den Dulver en eendenkooien. • Ecologische Hoofdstructuur; grote verscheidenheid in flora en fauna.
2019
23 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Moer & Vaart
24
Landschap Moer & Vaart bestaat uit een veenlandschap in het noorden tegen de Langstraat aan en uit een zandgronden landschap met restanten veen en bijzondere gradiënten naar de dekzandruggen in het zuiden en het oosten. Het noordelijke deel was oorspronkelijk verkaveld in oost-west richting in lange slagen met houtwallen, het was een zeer besloten landschap. In het zuidelijke deel, het moerlandschap, draait de slagen verkaveling door de hogere langgerekte zandopduikingen in het landschap. De kronkelige hogere routes met de lintbebouwing zijn kenmerkend voor dit landschap. De afwatering was oorspronkelijk zeer slecht, door diepe en ondiepe kwel vanaf de dekzandruggen. Door de aanleg van vele rechte sloten en de langere turfvaarten verbeterde de agrarische situatie. In de jaren ’60 werd de waterbeheersing in kader van ruilverkavelingen nogmaals verbeterd en zijn de percelen verbreed, veel houtsingels zijn verdwenen. Het landschap is opener geworden. De turfvaarten en de linten zijn nu de verdichte elementen en geven structuur aan het landschap. Diagonaal door het gebied gaat de hoogspanningsleiding. Deze zorgt voor exta benadrukking van de openheid.
1900
2019
25 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Ruimtelijke kwaliteiten • Het slagenlandschap; lintvormige bebouwingspatronen en het slagenpatroon in verkaveling dat versterkt wordt door lineaire beplantingselementen. • Het moerlandschap; openheid en grotere percelen in het verkavelingspatroon. • De lange lijnen van de turfvaarten en de linten.
Loonse & Drunense duinen
26
Landschap De Loonse & Drunense duinen is een dekzand- en duingebied van 270 ha wat verspreid ligt over de gemeenten Heusden, Loon op Zand, Haaren en Vught. Kenmerkend voor het gebied is de aanwezigheid van de laat glaciale dekzandrug die een oriëntatie heeft van west naar oost. Door te intensief gebruik (maaien en plaggen) van de heidevelden op de dekzandrug zijn daar vanaf de middeleeuwen grote zandverstuivingen ontstaan: de Loonse en Drunense Duinen. Kenmerkend voor het Nationale Park is de centrale ligging van het stuifzand met kleine heidebegroeiingen, met daar omheen een rand van naaldbos om de dynamiek van het zand te beteugelen. De bodem is droog en voedselarm en de temperatuur kan tussen dag en nacht verschillen tot 50 graden Celsius. Dit zorgt ervoor dat er leefgebied ontstaat voor verschillende unieke flora en fauna. In de omgeving rondom het Nationale Park is onder andere landgoed Plantloon te vinden. Dit is een landgoed in Engelse landschapsstijl met oude lanen, loofbossen, hoeves en weilanden omgeven door houtwallen.
1900
2019
27 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Ruimtelijke kwaliteiten • Weinig bebouwing binnen het gebied. • Uniek natuurgebied met diversiteit in landschap; met name bossen, heide en stuifduinen. • Contrast in openheid van de stuifduinen met heide en de dichtheid van de bossen daar omheen. • Oude kampenontginningen in de omgeving van Giersbergen als halfopen en enigszins besloten gebieden in het bos. • De wind zorgt voor dynamiek in het landschap. • Geen zonering in recreatief gebruik; bezoekers mogen struinen waar ze willen.
Landgoed Pauwels
28
Landschap Landgoed Pauwels is een gebied van ongeveer 6.500 ha, ingeklemd tussen Tilburg en Nationaal Park de Loonse en Drunense Duinen. Dit gebied is het groene uitloopgebied van Tilburg aan de noordzijde en vangt de recreatieve druk op van de Loonse en Drunese Duinen. Het gebied bestaat uit drie verschillende landschapseenheden; het landschap van de voormalige woeste gronden, het moerasbos-landschap van De Brand met bossen, plantages en kleinschalige weides en het agrarische cultuurlandschap. Het landschap van de voormalige woeste gronden bestaat voornamelijk uit heidebebossing afgewisseld met grootschalige heidevelden met vennen en enkele stuifzandcomplexen. Tot honderd jaar geleden kwamen in het gebied grote oppervlakten met woeste gronden voor, dit waren heidelandschappen die niet geschikt waren voor de landbouw. In totaal waren er drie grote heidelandschappen, de Loonsche Heide de Zwaluwenbunders/Hemeltjens en de omgeving van de Leemkuilen. Deze laatste twee zijn getransformeerd van beboste terreinen tot grootschalige open landschappen en bij de Loonsche Heide is het tegenovergestelde gebeurd. Hier zijn alleen nog recent herstelde vennen van over. Veel van het gebied werd dus omgevormd tot landbouwgebied, dit waren jonge heideontginningen met grootschalige blokvormige kavels zoals in de omgeving van de Vossenberg en de Zwaluwenbunders.
1900
Het moerasbos-landschap van De Brand met bossen, plantages en kleinschalige weides ligt ten zuiden van de dekzandrug en is een kwelgebied. Het langgerekte onderliggende slotenpatroon en de stegen komen oorspronkelijk uit de Late Middeleeuwen. Aan de westrand van De Brand ligt het kasteeldomein van de Strijdhoef met boomgaarden en (moes)tuinen en een inrichting met lanen in een schaakbordpatroon. De Brand ontwikkelt zich in de komende jaren verder door als moerasboslandschap met kleinschalige beemden. Het agrarisch cultuurlandschap wordt ontwikkeld tot een kleinschalig coulissen landschap, in samenhang met een levensvatbaar landbouwgebruik. In dit gebied is de landbouwsector de drager van het landschap en er wordt gewerkt aan een inrichting met houtwallen en singels, (bloemrijke) akkerranden, lanen en natte ecologische verbindingen, gecombineerd met verschillende vormen van recreatieve routes. Ruimtelijke kwaliteiten • Grote diversiteit in landschapseenheden en contrast tussen de voormalige woeste gronden, moerasbos-landschap en het agrarische cultuurlandschap. • De kleinschaligheid in combinatie met de dichtheid van het moerasbos-landschap. • De kleinschaligheid van het agrarisch cultuurlandschap met lineaire beplantingselementen.
2019
29 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
De Lange Rekken
30
Landschap De Lange Rekken is een beekdallandschap van 32 ha groot, dat zich bevindt tussen Dongen, Rijen en Tilburg. Het landschap bestaat uit de beken de Donge en de Grote en Kleine Leij. Het is een vochtig, open en rationeel verkaveld agrarisch cultuurgebied met enkele bospercelen en verspreide wegen en bebouwing met transparante wegbeplanting. Het geisoleerde gebied is de leefomgeving van bijzondere plantensoorten, vossen, reeën en vele soorten vogels. Ruimtelijke kwaliteiten • Open en wijdse karakter van het landschap met een sfeer van een eeuwenoud natuurlijk beekdal. • Structuur van dijken; Slapende dijk, de Hoge dijk/Lange dijk, de Dwarsdijk en Brouwersdijk. • Oevers en gronden grenzend aan de Donge zijn van ecologisch belang. • Wegbeplantingen. • Kansen voor buffering van water
1900
2019
31 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Boswachterij Dorst
32
Landschap Boswachterij Dorst is een uitgestrekt bosgebied van 1.117 ha groot tussen Rijen, Oosterhout, Teteringen en Dorst. Het gebied bestaat voornamelijk uit grove dennenbos dat is aangeplant op het voormalig heidegebied Seterse Heide in het begin van de 19e eeuw. Tientallen jaren later werd het bos weer gekapt, zodat het als militair oefenterrein kon dienen. Hierdoor ontstonden zandverstuivingen, waardoor eikenhakhout houtwallen geplaatst moesten worden nabij de buurtschappen om zich te beschermen tegen het zand. Toen het aan het einde van de 19e eeuw in bezit kwam van Staatsbosbeheer, werd het opnieuw beplant als bos. In de loop der tijd is het gebied veranderd in een grove dennenbos, met een gedeelte jonge bebossing van naald- en loofhout en veel houtopslag in de oudere bossen. De vegetatie is nogal arm en bestaat uit grassoorten, struikheide en dergelijke. Het Cadettenkamp en de Dongense Heining zijn de enige overgebleven zandverstuivingen. Verspreid liggen restanten van voor de ontginning; oude eikenberkenbosjes en heideveldjes en verder nog een aantal leemputten en het terrein wordt doorsneden door de spoorlijn Breda-Tilburg.
1900
Doordat de bossen zijn ingesloten door verstedelijkte kernen, komen er veel recreanten. De omliggende bossen worden weer gevarieerder gemaakt, zodat de vroegere eenzijdige oriëntatie op houtproductie wordt doorbroken. Naar het noordoosten zet de boswachterij zich voort in het natuurgebied De Duiventoren. Ruimtelijke kwaliteiten • Diversiteit in landschappelijke elementen; oud dennenbos, jong naalden loofhoutbos, kleine heide vegetaties, leemputten en een paar kleine zandverstuivingen. • Grote recreatieve functie voor omwonenden, het is een uitloopgebied voor het stedelijk gebied.
2019
33 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Stadsbos013
34
Landschap De afwisseling in de natuurlijke ondergrond bestaande uit reliëf, samenstelling van de bodem en het bijzondere watersysteem, geeft een grote diversiteit aan landschappen op een klein oppervlakte, zeer dicht bij de stad gelegen. De ligging boven op de Feldbissbreuk is een van de oorzaken van de grote diversiteit aan bijzondere geomorfologische en hydrologische situaties. Van droge heide complexen, rijke loofbossen, monumentale landgoederen, tot drasse en moerige beekdalen. Door grote afwisseling in de natuurlijke ondergrond in combinatie met relatieve rust en continu natuurbeheer zijn met name in het zuidelijk deel van het stadsbos enkele waardevolle natuurlandschappen ontstaan met hoge natuurwaarde. De beekdalen van de Oude Leij, Groote Leij en Hultense Leij zijn potentiele ecologische verbindingen die verschillende natuurkernen met elkaar kunnen verbinden. Het stadsbos heeft ook een zeer hoge cultuurhistorische waarde. De ontstaansgeschiedenis is nauw verbonden met zowel de geschiedenis van Tilburg als met de ontwikkeling van het Brabantse landschap. Er zijn parken ontworpen door beroemde landschapsarchitecten en er is een schat aan bijzondere architectonische gebouwen van alle tijden en van alle stijlen. Het jaarlijkse evenement Lustwarande brengt hedendaagse kunst in het stadsbos. 1900
Er is een grote verzameling aan recreatieve functies aanwezig in het stadsbos. Sommige functies hangen samen met het verleden, maar ook nieuwe recreatieondernemers gericht op lifestyle en gezondheid vinden nu al hun plek in het stadsbos. De contramal van de stad biedt rust, ruimte, sport, gezondheid, vertier en ontspanning. Het recreatief gebruik concentreert zich voornamelijk rondom de landgoederenzone en de Oude Warande langs de Bredaseweg. Het gebied ten westen van de Oude Leij wordt echter weinig bezocht. Het stadsbos is meer dan alleen de bosgebieden aan de oostzijde van de Oude Leij. Juist de aanwezigheid van besloten bosgebieden én open landschappen met lange zichtlijnen en de mogelijkheid om de horizon te zien bepalen de identiteit van het stadsbos. Ruimtelijke kwaliteiten • Verhalen van vroeger; de agrarische geschiedenis van Brabant is af te lezen aan het landschap en ook kent Tilburg een rijke geschiedenis. • Afwisseling in natuurlijke ondergrond • Diversiteit aan natuurgebieden met hoge biodiversiteit • Hoge culturele waarde • Rijke verzameling aan diverse recreatieve functies • Krachtige ondernemers, bewoners, gebruikers en grondeigenaren • Goede bereikbaarheid • Afwisseling in bosgebieden en open gebieden
2019
35 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Park Moerenburg
36
Landschap Park Moerenburg is een aantrekkelijk kleinschalig mozaiëklandschap met alle kenmerken van een pre-industrieel landschap dat gecombineerd werd met recreatieve voorzieningen, boerderijhoeves en andere historische bebouwing. Het gebied is herkenbaar door cultuurhistorische iconen als de 19e eeuwse Abdij Koningshoeven en de moderne contouren van Huize Moerenburg dat verwijst naar het middeleeuwse kasteel. Duurzame landbouw (biologische veeteeltbedrijven, stadsgroentetuin etc), kleinschalige weide- en akkerpercelen, hakhoutwallen, struwelen, poelen en bloemrijke graslanden zijn kenmerkend voor dit landschap. Ruimtelijke kwaliteiten • Diversiteit aan landschappelijke elementen door het kleinschalig mozaiëklandschap; weides en akkers, hakhoutwallen, struwelen, poelen en bloemrijke graslanden. • Hoge cultuurhistorische waarde; cultuurhistorische iconen, boerderijhoeves etc. • Goede samenwerking van landschap en landbouw. • Hoge recreatieve waarde; recreatieve voorzieningen, fiets- en wandelpaden structuur. • Poort van het Groene Woud. 1900
2019
37 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Mozaiek landschap Oisterwijk/Haaren/Udenhout
38
Landschap Het landschap tussen Udenhout, Oisterwijk en Haaren is zeer gevarieerd. Het bevindt zich op een dekzandrug en wordt doorkruisd door de N65. Voorheen bevond zich rondom deze hoofdweg dichte bebossing, her en der wat heide en percelen met boomteelt. Vandaag de dag zijn dit voornamelijk percelen met boomteelt. Rond 1890 is in dit gebied begonnen met het winnen van leem en zand, waardoor de Leemputten ontstaan zijn. Rondom Udenhout en Oisterwijk, bevindt zich een agrarisch cultuurlandschap met grotere en kleine esdekken. De structuur van wegen, bebouwing en blokvormige percelering is nog goed zichtbaar in het huidige landschap. Het bodemgebruik was voornamelijk bouwland en boomteelt. Van oorsprong liggen de esdekken rond de dorpen en gehuchten, zoals ook hier het geval is. Kenmerken voor dit landschap zijn houtwallen, houtsingels, slootjes, poelen en bosjes. Verder zijn de bolle ligging, openheid, steilranden en zandpaden ook karakteristieke kenmerken van een esdekken landschap. Ruimtelijke kwaliteiten • Cultuurhistorisch gebied met variatie in landschapselementen zoals houtwallen en bosjes. • Hoge cultuurhistorische waarde door de aanwezigheid van de esdekken. 1900
2019
39 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Oisterwijkse vennen
40
Landschap De Oisterwijkse vennen is een heidegebied dat beplant is met dennenbos, waarin een groot aantal vennen en enkele heiderestanten liggen. De uitgestrektheid en verscheidenheid aan bos in het Natura 2000-gebied bepaalt de rijkdom aan bosvogels en aan bos gebonden dieren zoals de eekhoorn. Het gebied heeft een eigen uitstraling, met name de karakteristieke afwisseling van soms reliëfrijke, oude bosopstanden op voormalig heide- en stuifzandgebied, afgewisseld met vele vennen. De bossen hebben een hoge landschappelijke waarde door de aanwezigheid van oude, monumentale dennenbomen. Vooral de drogere, inheemse, gemengde bossen zijn beeldbepalend, deze bossen bevatten grove den, eik, beuk, berk met hier en daar kleine delen naaldbos met douglas en fijnspar en het vochtigere hoogveenbos met berk en wilg. Een deel van het dennenbos behoort tot de oudste dennenbossen van Nederland met dennen die aangeplant zijn in het begin van de negentiende eeuw. Vooral langs het Van Esschenven groeien indrukwekkende grove dennen, van wel 150 tot 200 jaar oud, die een speciale sfeer geven aan de beleving van de bosrand langs het ven. In het zuidelijk deel wordt het bos afgewisseld met hoogveenbos in met veenmos verlande laagtes, zoals de Achterste en Middelste Kolkvennen. 1900
Daarnaast hebben de Oisterwijkse vennen een lange recreatiehistorie. Van oudsher kwamen er mensen om te kuren, het water in de vennen had namelijk de naam goed te zijn voor de gezondheid. Deze historie van zwemmen in de vennen wordt momenteel voortgezet in het Staalbergven waar een deel van het ven is ingericht als openluchtzwemvoorziening dat in beheer is bij de gemeente. Ruimtelijke kwaliteiten • Uitgestrekt gebied met een verscheidenheid aan bos. • Eigen uitstraling met karakteristieke afwisseling van bosopstanden, heidegebied en vele vennen. • Hoge recreatieve waarde door zijn geschiedenis als kuuroord en huidige openluchtzwemvoorziening, en het enorme aanbod in fiets- en wandelvoorzieningen.
2019
41 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Molenakker
42
Landschap De Molenakker ligt op een uitloper van een dekzandrug, die de waterscheiding tussen de Reusel en de Rosep vormt. De beeksystemen werden optimaal landbouwkundig gebruikt. Op de lagere delen waren de weides en beemden en op de rijkere hogere gronden van buurtschappen Hild, Heiligeboom en ‘t Stokske lagen grotere akkerpercelen. Uittredend kwelwater van de dekzandrug vind ook plaats in het gebied ten zuiden en zuidwesten van het Allemansven. In het hart van het gebied ligt een min of meer noord- zuid georiënteerde hogere zandrug. Ruimtelijke kwaliteiten • Vergezichten door hogere ligging op dekzandrug. • Twee beekdalen die het gebied doorkruisen.
1900
2019
43 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Oisterwijkse heide
44
Landschap De Oisterwijkse Heide is ook een jonge heide ontginning en het gebied ligt op een uitloper van een dekzandrug, die de waterscheiding tussen het Beerze en de Rosep vormt. Het bosrijke landschap was in de middeleeuwen van bosrijk omgevormd door houtkap en overbeweiding naar woeste grond, bestaande uit droge en natte heidecomplexen, vele vennen, kwelgebieden langs de voet van de dekzandrug en broekgebieden in de beekdalen. Aan het einde van de 19e en het begin van de 20e eeuw zijn veel woeste gronden ontgonnen. Door gebruik van kunstmest voor de bemesting van de akkers verloren de heidevelden hun oorspronkelijke functie voor de landbouw in de potstalcultuur. Op de uitgestrekte Loghtse heide en Klein Oisterwijkse heide zorgden landbouwontginningen en uitgebreide bebossingprojecten voor een landschappelijke ommekeer van open gebieden naar verdichte en kleinschaligere landschappen. Een deel van de Oisterwijkse heide werd militair oefenterrein en bleef heidegebied. Rijke handelaren kochten de landen en vormde ze om tot landgoederen. Men legde een rechthoekig patroon van wegen en waterlopen aan, waarbinnen percelen landbouwgrond of bos werden aangelegd. Nieuwe pachtboerderijen werden gebouwd op plaatsen die tot dan onbewoond waren geweest, bestaande boerderijen in de buurt aangekocht en omgevormd tot een meer modern agrarisch bedrijf. 1900
Maar het belangrijkste was het reguleren van de ontwatering van het gebied. De heide gebieden waren vaak nat en dras, de beemden van de Rosep zeer moerassig. Bestaande greppels werden sloten, en nieuwe sloten werden gegraven naar deze treksloten en de Rosep, zodat het drasse terrein voldoende werd drooggelegd en omgevormd werd naar graslanden en akkers. De hogere droge heidegronden bestemden men na doelmatige bewerking van ploegen, begreppeling, bemesting, en inzaai van lupine tot een bosplantage. De zeer moerige gronden aan de Rosep werden niet direct ontgonnen. Ruimtelijke kwaliteiten • Nieuwe heideontginning met restanten van het oorspronkelijke gebruik van de heide, o.a. beplantte stuifduinen, houtwallen en zandwallen en routes naar Gilzen en Alphen. • Groot open gebied met vergezichten en decorwerking van de opgaande beplantingen. • Zeer slechte delen zijn ingericht als productiebos, overig landbouwgebied, veeteelt en akkerbouw. • Efficiënte en ruime kavels, ruimmazig netwerk van enkele beplantte wegen. • Kavelbomen langs (verdwenen) zandpaden. • Akker- en struweelvogelgebied. • Voormalige landgoederen.
2019
45 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Het land van Hilver
46
Landschap Het land van Hilver bestaat onder andere uit verschillende landgoederen. Landgoed Groenendaal omvat een deel van het beekdal van het Spruitenstroompje, met smalle strookvormige percelen bouw- en grasland en buitenplaats Groenendaal op de westelijke oever van de beek. Langs de beek liggen enkele oudere en recent gegraven leemputten, waar broekbosjes zijn ontstaan. Het landhuis heeft een tuin in landschapsstijl met aan het Spruitenstroompje gekoppelde vijvers, oude loofbomen, een monumentale oprijlaan en diverse graslanden. De Utrecht is een bijzonder omvangrijk landgoed, grotendeels bestaande uit productiebossen en landbouwgronden. Van zuid naar noord loopt het beekdal van de Reusel door het gebied, met verschillende middeleeuwse ontginningen. Bij de aanleg van het landgoed zijn deze buurtschappen met hun akkercomplexen grotendeels bebost, maar ze zijn nog herkenbaar door hun hogere ligging, steilranden en wallen. Annanina’s Rust is een landgoed uit het begin van de 20e eeuw, aangelegd op de vroegere Diessensche Heide. Het zuidwestelijk deel is aangelegd in landschapsstijl met loofbossen, bosschages en slingeren zandpaden, en in de overige delen wordt het rationele patroon van ontginningsbossen gehanteerd met een gelijke verdeling tussen loof- en naaldbos. 1900
Annanina’s Rust grenst in het oosten aan Diessens Broek. Hier is over een oppervlakte van 60 hectare de overbemeste bodemlaag afgegraven. Sindsdien bepaalt de Reusel zelf haar loop, over een breedte van 100 meter. Het beekdal was al rijk aan weidevogels, maar nu broeden er nog veel meer. Daarnaast kan door deze natuurontwikkeling veel water worden geborgen, waardoor Moergestel droge voeten houdt. Ten westen en noorden van Hilvarenbeek liggen twee grote akkercomplexen met esdek, bolle ligging, openheid, steilranden en zandpaden. Het huidige bodemgebruik is grotendeels grasland, een kleiner gedeelte bouwland en enkele percelen boomteelt. De percelering op het akkercomplex is tamelijk onregelmatig blokvormig. Het land van Hilver dient als brongebied voor de Reusel als de Beerse, hierdoor komt er watergebonden natuur voor in de brede beekdalen en dit is ideaal voor weidevogels. Ruimtelijke kwaliteiten • Diversiteit aan landschappelijke elementen; beboste landgoederen, open beekdalen en open en uitgestrekte akkercomplexen. • Hoge cultuurhistorische waarden; verschillende oude landgoederen met oorspronkelijke inrichting en landschap. • Overgang van grootschalig geperceleerde akkercomplexen naar kleinschalig geperceleerde akkers in het beekdal. • Verschillende landschappelijke elementen per landgoed.
2019
47 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Landgoed de Baest
48
Landschap Landgoed Baest kent een geschiedenis van meer dan 800 jaar. Het landgoed is ontstaan in de 12e eeuw door de abdij van Berne en later uitgebreid door de abdij van Tongerlo, op de plaats waar de kern van het landgoed zich nog steeds bevindt. Na de kerkelijke herindeling in 1559 komt de abdij van Tongerlo onder het bezit van Bisdom ’s-Hertogenbosch. Het werd door Bisschoppen gebruikt als zomerhuis|buitenplaats om de stad te ontvluchten, maar de bezetting van ’s-Hertogenbosch in 1629 maakte hieraan een einde en alle kerk- en kloostergoederen werden verkocht aan particulieren. Landgoed Baest bestond uit één herenhuysinge en twee hoeves met omliggende landerijen en bos en daarna zijn er nog eens drie boerderijen bijgebouwd, de Beukehoef, de Lindehoef en de Masthoef. Rond 1850 wordt het huis wordt verbouwd tot het huidige formaat en in die tijd ontstonden een aantal nieuwe ontwikkelingen, namelijk vloeiweides. Later wordt er ook geëxperimenteerd met nieuwe bosbouwtechnieken en breiden de gronden uit door aankopen.
1900
In de afgelopen 250 jaar is er een landschapspark ontstaan met formele elementen uit de 17e en 18e eeuw, zoals strakke lanenpatronen en de ganzepoot. De latere ontginningen van de heide zijn in dezelfde strakke patronen. Rond 1800 ontstaan er in het park hier en daar ook stukjes landschapsstijl, kronkelende paden, met doorzichten naar de Beerze, weides of woeste grond en rond 1850 worden er nog een aantal lanen toegevoegd. Het wordt nooit helemaal een landschapspark zoals bij vele andere landgoederen uit die periode te zien is. Het blijft een productiebos en akkercomplex met parkelementen. Rond 1962 wordt een prachtige formele tuin aangelegd rondom het huis en elementen zoals de moestuinmuur hersteld. In 2008 wordt de eigendom van het Landgoed over gedragen aan Stichting Landgoed Baest. Ruimtelijke kwaliteiten • Grote cultuurhistorische waarde voor zowel de bebouwing als de tuin en omgeving. • Diversiteit aan landschappelijke elementen; bebossing, vloeiweides, lanen en weides. • Zichtbaar landschap door zichtlijnen en uitzichtplekken.
2019
49 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Esdekkenlandschap van Hilvarenbeek
50
Landschap Het esdekkenlandschap is een kleinschalig cultuurlandschap wat ontstaan is in de vroege middeleeuwen. De kleinschaligheid sluit aan op de landbouwmethoden die men destijds hanteerden. Deze landbouwmethoden zijn sterk veranderd in de loop der jaren, waardoor het landschap ook veranderde. Op een paar plekken rondom Hilvarenbeek is dit kleinschalige cultuurlandschap met esdekken nog te vinden, zoals in akkercomplex Hilvarenbeek en akkercomplex Biest|Westerwijk. Dit zijn grote akkercomplexen met esdek en het huidige bodemgebruik is voornamelijk grasland, bouwland en enkele percelen boomteelt. De structuur van wegen, paden, bewoning en blokvormige percelering is weinig veranderd in de akkercomplexen en is daardoor nog goed zichtbaar in het landschap. Van oorsprong liggen de esdekken rond de dorpen en gehuchten en ze worden getypeerd door houtwallen, houtsingels, slootjes, poelen en bosjes. Verder zijn de bolle ligging, openheid, steilranden en zandpaden ook karakteristieke kenmerken van een esdekken landschap.
1900
Door de grote verscheidenheid in biotopen en landschapselementen is de biodiversiteit van dit kleinschalige cultuurlandschap hoog, er leven veel planten en dieren. Omdat dit landschap van oudsher rond de dorpen en gehuchten liggen, zijn er typische dorpsrand planten- en diersoorten te vinden. Door juist op de plaatsen waar dit landschap nog aanwezig is het kleinschalige cultuurlandschap te versterken zal de biodiversiteit rond de dorpen toenemen. Ruimtelijke kwaliteiten • Kleinschalig gebied met variatie in landschapselementen zoals houtwallen en bosjes. • Hoge cultuurhistorische waarde door de aanwezigheid van de esdekken. • Hoge biodiversiteit; dorpsrand biotoop.
2019
51 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Gorp & Roovert
52
Landschap Landgoed Gorp en Roovert ligt in de brede beekdalzone van de Leijen en kent een karakteristieke opbouw van nat naar droog, vele gradiënten en bijzondere ruimtelijke en hydrologische ontwikkeling. Deze karakteristiek opbouw wordt versterkt door de introductie van kleinschalige landschapselementen vooral op de flanken van het beekdal, het vasthouden van water en het uitbreiden van het recreatieve netwerk richting Beekse Bergen. Het landgoed zelf bestaat uit uitgestrekte oude loofbossen, naaldbossen en gemengde bossen, waarbinnen grote en kleine enclaves van grasland en akkers liggen. De sterk meanderende Rovertsche Leij, de grote heidevelden van de Roovertsche Heide en de Aalstheide en diverse vennen zijn nog aanwezige onderdelen van het oorspronkelijke landschap. In het oostelijke deel laat het reliëf zien dat hier vastgelegde stuifzanden aanwezig zijn.
1900
Het gebied is doorsneden door lanen en zandpaden en voorzien van diverse gebouwen. Het landgoed Gorp en Rovert is te beschouwen als een kasteelgehucht met verspreid liggende boerderijen. Het landgoed bezit een warende/sterrenbos uit 1758 en een bijzonder bouwwerk betreft het jachthuis uit 1870-1900, nu gekend als het kasteeltje met karakteristieke spietorentjes. In 1920 kwam het landgoed in bezit van textielfabrikant Van Puijenbroek. Hij liet grote delen beplanten met naald- en loofbos binnen een rationeel patroon van parallellen en dwarsen.Het landgeod leverde goed grondwater en biomassa-energie aan de textielindustrie in Goirle. Ruimtelijke kwaliteiten • Beekdalzone met verbindingen tussen rand Goirle en het landgoed Gorp en Roovert. • Droge deel van het beekdal overgang naar landgoed heeft geringe ruimtelijke aandacht. • Afwisseling van landschappelijke elementen; dichte bebossing en open enclaves van grasland en akkers. • Cultuurhistorische waarde; kasteelgehucht met verspreid liggende boerderijen.
2019
53 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Regte Heide
54
Landschap De Regte Heide wordt ingekaderd door twee beekdalen, de Oude Leij in het westen en de Poppelsche Leij in het oosten, en een landgoederenzone. De overgang van de heide naar beekdal is over een lengte van 3 km ongeschonden. Dat levert voor Brabant spectaculaire hoogteverschillen op van wel 5 meter. Het beekdal dat door de Oude Leij wordt gevormd in het westen van de Regte Heide heet ook wel Riels Laag en biedt een scherp contrast ten opzichte van de droge heide. Het gebied vormt een natuurhart en bestaat uit een grote diversiteit aan landschappen en het is goed beleefbaar door een goed routenetwerk waarbij de kwetsbare natuur wordt ontzien. Daarnaast is het gebied is open en weids, wat karakteristisch is voor heide. De Regte Heide is een Natura 2000 gebied en ook de Brakelse Heide en de beekdalen binnen dit gebied bieden hoge actuele of potentiële natuurwaarden. Je hebt een mooi uitzicht op die beekdalen vanaf de ‘Vijfberg’: een reeks grafheuvels uit de Bronstijd (2000-700 vóór Christus). De heuvels zijn een spoor van een nederzetting uit die tijd en ze zijn in de jaren ‘30 opgegraven. Daarnaast heb je vanuit het gebied een mooi uitzicht op de skyline van Tilburg.
1900
2019
55 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Ruimtelijke kwaliteiten • Regte heide ligt op maasterrasmassief tussen de twee beekdalen, bestaande uit hooggelegen (droge) voedselarme heide naar een laaggelegen (nat) voedselrijk beekdal. • Kwetsbaar Natura 2000 gebied. • Ontginning Landgoederen van verschillende periodes, gelegen in de zone van overgangen dekzandruggen en de bovenloop van de beken. • Landgoed Nieuwkerk, Landgoed De Hoevens en Het Ooievaarsnets. • Spectaculaire hoogteverschillen in de middenloop van de twee beekdalen. • Beekdal bestaat uit beemden, overstromingsvlakten (daterend uit de middeleeuwen), gestuurde bergingen en moerputten. • Bijzondere hydrologische samenhang, infiltratie boven op de zandrug en uittredend kwelwater aan de voet van de zandrug. • Katsbogte kent rijke historie, is een bronnengebied maar verrommelt nu.
Rielsche Heide
56
Landschap De Rielsche Heide is een jonge heide ontginning, een ruim opgezet open landbouwgebied met efficiënt ingerichte verkaveling en verspreid liggende erven, enkele historische routes en lanen en hier en daar beplantte stuifduinen en zandwallen. De Hultensche Leij doorsnijdt het open gebied en heeft potentie tot een natuurlijke beek en waterbuffer. Door de ontwikkeling van een netwerk van kruidenrijke bermen en randen ontstaat een biodivers agrarisch landschap. Ruimtelijke kwaliteiten • Nieuwe heideontginning met restanten van het oorspronkelijke gebruik van de heide, o.a. beplantte stuifduinen, houtwallen en zandwallen en routes naar Gilzen en Alphen. • Groot open gebied met vergezichten en decorwerking van de opgaande beplantingen. • Zeer slechte delen zijn ingericht als productiebos, overig landbouwgebied, veeteelt en akkerbouw. • Efficiënte en ruime kavels, ruimmazig netwerk van enkele beplantte wegen (1 of 2 rijen). • Kavelbomen langs (verdwenen) zandpaden. • Akker- en struweelvogelgebied. 1900
2019
57 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Gilzesche Heide
58
Landschap De Gilzesche Heide is ook een jonge heide ontginning en net als de Rielsche Heide een open landbouwgebied met ruim opgezette percelen. De verkaveling is efficiënt ingericht en de erven liggen verspreid door het gebied. Hier en daar zijn nog historische routes zichtbaar. Het gebied vormt ook de buffer tussen het agrarische gebied aan de ene kant en aan de andere kant de natuur- en bosgebieden rond Chaam. Ruimtelijke kwaliteiten • Groot open gebied met vergezichten en decorwerking van de opgaande beplantingen. • Zeer slechte delen zijn ingericht als productiebos, overig landbouwgebied, veeteelt en akkerbouw. • Efficiënte en ruime kavels, ruimmazig netwerk van enkele beplantte wegen (1 of 2 rijen). • Kavelbomen langs (verdwenen) zandpaden. • Akker- en struweelvogelgebied.
1900
2019
59 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Chaamse bossen & Alphense Bergen
60
Landschap De bosgebieden rondom Chaam zijn ontstaan uit vroegere woeste gronden. Een groot deel van het gebied bestaat uit dit landschapstype en bestaat voornamelijk uit bosgebied afgewisseld met vennen en heidevelden. De bosgebieden liggen voornamelijk op de droge, hoge zandgronden, de dekzandruggen. Deze door de wind afgezette grofzandige gronden waren onvoldoende vruchtbaar voor agrarisch gebruik en waren eeuwenlang alleen bruikbaar als gemeenschappelijke heidegrond waar schaapskudden de schaarse mineralen bij elkaar graasden. Na het overbodig worden van de schaapskuddes, bleken deze gronden voldoende geschikt voor houtteelt en ook aantrekkelijk voor de aanleg van landgoederen. Het gebied vormt structuurbepalende elementen. Ze zijn over het algemeen dicht beplant en worden doorsneden door een raster aan onderhoudspaden. In de bossen zijn nog enkele open plekken aanwezig in de vorm van vennen en heidevelden. Buiten deze grootschalige eenheden zijn in het agrarisch gebied enkele kleinere boseenheden aanwezig, die zorgen voor een coulisseachtig effect.
1900
2019
61 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Ruimtelijke kwaliteiten • Contrast in open heidevelden en dichte bebossing. • Structuurbepalende elementen; dichte bebossing die doorsneden wordt door onderhoudspaden en afwisseling met open plekken. • Coulisseachtig effect in het agrarisch gebied door kleinere boseenheden.
Literatuurlijst Beleid gemeenten Archeologische verwachtingskaart voor de gemeenten Haaren, Heusden, Loon op Zand en Vught, 2013 Ontwikkelingsvisie gemeente Heusden, 2010 Groenstructuurplan gemeente Waalwijk, 2017 Landschapsvisie en Uitvoeringsprogramma Dongen, Loon op Zand en Waalwijk, 2010 Projectplan Gebiedsontwikkeling De Moer: Realisatie EVZ De Wildertse Arm, 2019 Structuurvisie Dongen 2020 Deel A: Visie op hoofdlijnen, 2009 Structuurvisie Dongen 2020 Deel B: Toelichting, 2009 Masterplan Pauwels, 2019 Structuurvisie Buitengebied gemeente Gilze en Rijen, 2008 Ruimtelijk Raamwerk Stadsbosdiagonaal, 2019 Omgevingsvisie gemeente Tilburg 2040, 2015 Cultuurhistorie in de gemeente Hilvarenbeek, 2013 Structuurvisie gemeente Goirle, 2010 Landschapsbeleidsplan gemeente Goirle deel B: Aan de Slag, 2016 Cultuurhistorie in de gemeente Hilvarenbeek, 2013 Landschapsontwikkelingsplan Hilvarenbeek, 2014 Overige documenten Natura 2000 Beheerplan Kampina & Oisterwijkse Vennen (Provincie Noord-Brabant), 2017 Natuurvisie Kampina & Oisterwijkse Bossen en Vennen (Natuurmonumenten), 2015 Spiegelproject Overdiepse polder, 2003 Meer biodiversiteit & minder bos langs het Drongelens Kanaal (Waterschap Aa en Maas), 2015 Internet https://www.ruimtevoorderivier.nl/project/rivierverruiming-overdiepse-polder/ http://www.geologievannederland.nl/landschap/landschapsvormen/uiterwaarden
https://www.bhic.nl/ontdekken/verhalen/afwateringskanaal-s-hertogenbosch-drongelen http://www.natuurgebied-langstraat.nl/ https://www.natuurmonumenten.nl/natuurgebieden/nationaal-park-loonse-en-drunense-duinen/over-dit-natuurgebied https://www.visitbrabant.com/nl/locaties/2558488508/nationaal-park-loonse-en-drunense-duinen https://pilot.ruimtelijkeplannen.nl/documents https://www.natuurpoorten.nl/locaties/de-seterse-hoeve http://www.wandelpaden.com/seters.html https://www.genietenbijbeum.nl/omgeving/landgoed-dorst https://www.landgoedbaest.nl/ https://www.brabantslandschap.nl/ontdek-de-natuur/natuurgebieden/ten-oosten-van-tilburg/regte-heide-and-riels-laag/ https://www.brabantslandschap.nl/ontdek-de-natuur/natuurgebieden/de-kempen/new-bl-content-pagina-t2.2-t2.3-t3.3-2/
62
Colofon Titel: Kwaliteit & identiteit van herkenbare landschappelijke eenheden Opdrachtgever:
Regio Hart van Brabant, Paul van Dijk
Uitgevoerd door: Kruit|Kok Landschapsarchitecten, RHo adviseurs, Dominic Tegelbeckers Team: Mariëlle Kok Esther Kruit Marianne Bekkers Contactpersoon:
Mariëlle Kok
Email : marielle@kruitkok.nl Plaats en datum:
Eindhoven, 27 02 2020
Projectnummer:
L1907
Documentnummer:
L1907 R003c
Adres: Eindhoven Strijp-S SWA 4.013 Torenallee 45, 5617 BA Eindhoven 040-2516114 Oss Raadhuislaan 2a 5341GM Oss 0412-624468 Website: www.kruitkok.nl
63 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Bijlage 1: Landschappelijke analyse regio Hart van Brabant Geomorfologie | Bodem Heusden
Waalwijk
Dongen
Loon op Zand
Tilburg Oisterwijk
Gilze en Rijen
Goirle
Hilvarenbeek
Projectgebied met gemeentegrenzen
Maaiveldhoogte
Geologie en breuken
Geohydologie
Geomorfologie
Bodemtype
64 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Water Waterschap Rivierenland
Waterschap Aa en Maas
Waterschap Brabantse Delta
Waterschap De Dommel
v
Kweltypen Regionale kwel (vanuit oude zeearmen) mogelijk brak
Kwelgebied op basis van historische kaart
Regionale kwel (diep)
Grens geohydrologisch deelgebied
Lokale kwel (ondiep) geinfiltreerd in landbouwgebied Lokale kwel (ondiep) geinfiltreerd in natuurgebied
Lokale kwel (ondiep) geinfiltreerd vanuit open water
Supra regionale kwel (zeer diep)
Watersysteem
Waterschapsgrenzen
Kwel op regionale schaal 0
Kwel en infiltratie | Huidige situatie
65 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Kwel en infiltratie | Historische situatie
5
Grondwatertrappen
10
20 Kilometers
Grondwaterbeschermingsgebieden
Beschermde gebieden waterhuishouding + Natte Natuurparels
Natuurlijke en historische overstromingsgebieden
Waterkering en waterberging
Historisch natte gebieden
Waterfuncties
66 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Natuur
Antropogeen Natuurnetwerk Brabant
Natuurbeheertypen | Huidig
Natuurbeheertypen | Ambitie
Landgebruik
Veehouderij en natuur
Energie uit de grond KWO
67 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Cultuurhistorie | Erfgoed
Historische kaart 1798-1822 (Krayenhoffkaart)
Historische kaart 1836 - 1843
Zuiderwaterlinie, ontwikkelingsvisie
Cultuurhistorische waardenkaart
Monumenten
Archeologie
68 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Recreatie
Fietsknooppunten netwerk
Wandelknooppunten netwerk
Ruiterroutes
Vestingroute West-Brabant
Biesbosch route
Rondje Heusden Rondje Den Bosch Biesbosch routes
Jachthaven Scharloo
AA kanoroute De Mark VV en rondje Breda
Turfvaart route Essche Stroom Kanoroute Beneden Dommel Kanoroute enkel VV - De Mark - Breda
Piushaven
Mountainbike routes
69 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
Vaarroutes
Kanoroutes
70 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
A2
A27
Bijlage 2: Ruimtelijke visie Hart van Brabant Ontwikkelingsperspectief Groengebieden met ruimte voor extensieve leisure
Landelijke kamers met ruimte voor extensieve leisure en ararische functie N261
A59
nt
Braba istics West
ce & Log aintanan
M
ure
is Le
o / fo
o
dN
o ord
t
os
82
A6
5
N2
A2
8
re B
elg ië
A5
/ slo w le
isu
A58
ood
Bra
ort
Reg
io E
ind
hov en
N260
Slo wf
inp
0 N6 3
95
71 L1907 R003b Ruimtelijke kwaliteit landschapseenheden
N3
69 N2
6
Logistieke knooppunten Hoogwaardige multifunctionele economie Care Leisure intensief Aero & maintenance Bergsche Maas, Wilhelminakanaal Beekdalen en waterlopen Verbeteren doorstroming oost/west corridors (extern) Verbeteren doorstroming (in-/extern) Optimaliseren interne bereikbaarheid O vntwikkeling hoogwaardig openbaarvervoer verbinding (HOV) Verkenning doortrekken HOV Beekse Bergen Verbreding Wilhelminakanaal Haven ontwikkeling Jachthavens Aanpakken hoofdspoorwegnet Efteling Binnenstad van de 21e eeuw Beekse Bergen Vesting Heusden Energiepark Transformatie spoorzones Ziekenhuis / zorghotel Vliegveld Gilze-Rijen Optimalisatie bestaande stations Verkenning Station Berkel-Enschot Campusontwikkeling