13 bestemmingsplan Roovert 3B, Hilvarenbeek (5a Bijlage 6 bij de toelichting Vleermuizenonderzoek)
Tekst van het document
__________________________________________________________________________________ Tegelseweg 3 5951 GK Belfeld Tel: 077-4642999 www.faunaconsult.nl KvK Limburg 09116138 BTW nr: NL819024831B01 __________________________________________________________________________________
Faunaconsult
Gorp en Rovert BV t.a.v. Guus van Puijenbroek Bergstraat 28 5051 HC Goirle Belfeld 2 oktober 2012
Vleermuizenonderzoek op Landgoed Gorp & Roovert Door: Dr. ir. Toon Rijkers en ir. Hans Hovens In opdracht van: Gorp& Rovert BV
Werkwijze Op het landgoed Gorp en Roovert zijn twee locaties onderzocht op het voorkomen van vleermuizen, te weten de Roovertsche schuur en het Pompgebouw (Fig. 2 en 3, respectievelijk). Het onderzoek is uitgevoerd in de nacht van 18 op 19 september 2012 in twee blokken van drie uur. Daarbij werd de Roovertse Schuur geobserveerd vanaf een uur voor zonsondergang en het voormalige pompgebouw vanaf twee uur voor zonsopgang. Vroeg in de avond zijn de twee gebouwen geïnspecteerd op de aanwezigheid van geschikte verblijfplaatsen en op sporen van de aanwezigheid van vleermuizen. Vleermuizen werden opgespoord met behulp van een heterodyne detector. Van lastig te determineren soorten worden met een time-expansion dectector/recorder geluidsopnamen gemaakt, waarvan achteraf het sonogram op de computer wordt geanalyseerd. Eventuele verblijfplaatsen worden in kaart gebracht door te zoeken naar zwermende vleermuizen. Passerende, foeragerende en baltsende vleermuizen worden ook in kaart gebracht. Tijdens het onderzoek was het windstil, onbewolkt tot lichte sluierbewolking en er was geen neerslag. De temperatuur was ongeveer 10 ˚C. Midden in de nacht tussen 24.00 – 03.00 uur waren er twee korte regenbuien.
Figuur 1. De Roovertsche schuur
Figuur 2. Het voormalige pompgebouw
1
Resultaten Bij het onderzoek werden twee soorten vleermuizen waargenomen: de gewone dwergvleermuis en de gewone grootoorvleermuis. Direct na zonsondergang vlogen twee gewone dwergvleermuizen solitair langs het zandpad voor de Roovertsche schuur. Twee gewone dwergvleermuizen vlogen solitair over, boven het grasveld aan de achterzijde van de Roovertsche schuur. Vroeg in de avond werd er aan de oostzijde van de Roovertsche schuur een gewone grootoorvleermuis waargenomen. In de zeer vroege ochtend, 05.00 uur, werden aan de oostzijde van de Roovertsche schuur enkele gewone grootoorvleermuizen waargenomen. Deze dieren foerageerden naast de Roovertse schuur. In de ochtend zijn er geen vleermuizen waargenomen bij het voormalige pompgebouw. Conclusies Bij het voormalige pompgebouw werden geen vleermuizen waargenomen. Daarom, en wegens de openheid van het gebouw is het onaannemelijk dat er vaste rust- en verblijfplaatsen van vleermuizen in dit gebouw aanwezig zijn. Bij de sloop van het voormalige pompgebouw hoeft daarom geen rekening met vleermuizen te worden gehouden. Bij de Roovertse schuur zijn twee vleermuissoorten aangetroffen: de gewone grootoorvleermuis en de gewone dwergvleermuis. Paarverblijven, zomerverblijven, of vaste vliegroutes van deze soorten zijn tijdens het onderzoek in de Roovertse schuur niet aangetroffen, evenals winterverblijven van de gewone dwergvleermuis.
Omdat de waargenomen gewone dwergvleermuizen geen link met de Roovertse schuur bleken te hebben, is het voorkomen van kraamverblijven of andere vaste rust- en verblijfplaatsen van deze soort niet te verwachten. Met de gewone dwergvleermuis hoeft daarom geen rekening te worden gehouden bij de werkzaamheden aan de Roovertse schuur. Het voorkomen van winterverblijven en kraamverblijven van de gewone grootoorvleermuis is niet onderzocht conform het vleermuisprotocol (Vleermuizenvakberaad Netwerk Groene Bureaus et al., 2012). Wegens het feit dat er ’s avonds en ’s ochtends gewone grootoorvleermuizen bij de Roovertse schuur aanwezig waren, is het niet uitgesloten dat de Roovertse schuur in de winter als vaste rust- en verblijfplaats van de gewone grootoorvleermuis dient. Als kraamverblijf is de Roovertse schuur ongeschikt wegens het feit dat deze een goed sluitende dakbetimmering onder de pannen heeft (van binnen geïnspecteerd door Faunaconsult). De gewone grootoorvleermuis is streng beschermd onder de Flora- en faunawet (artikels 9 en 10), evenals zijn vaste rust- en verblijfplaatsen (artikel 11). Het met de sloop van de Roovertse schuur mogelijk gepaard gaande verlies van een winterverblijf dient daarom te worden gemitigeerd.
Door de omvorming van de twee schuilkelders tot vleermuizen-winterverblijf elders op het landgoed, wordt voor het mogelijke verlies aan winterverblijven ruimschoots gecompenseerd. Bij de sloop van de Roovertse schuur dient een aangepaste werkwijze te worden gehanteerd. Hiermee wordt voorkomen dat er grootoorvleermuizen worden gedood. Conform de soortenstandaard gewone grootoorvleermuis Plecotus auritus (Dienst Regelingen, 2011), wordt het dak van de Roovertse schuur gesloopt in de minst kwetsbare periode van de gewone grootoorvleermuis: buiten de winterslaap en buiten de kraamtijd. In de periode 15 april – 15 mei of in de periode 15 juli – 15 september dienen alle dakpannen handmatig te worden verwijderd. Daardoor wordt het gebouw ongeschikt als verblijf voor de gewone grootoorvleermuis. Na minimaal een week kan de Roovertse schuur vervolgens jaarrond worden gesloopt. Als de voorgestelde mitigatie (omvorming van 2 schuilkelders in vleermuiskelders) en aangepaste werkwijze bij de sloop worden uitgevoerd, dan wordt de Flora- en faunawet niet overtreden. De functionaliteit van het plangebied blijft dan immers intact, en er worden geen vleermuizen gedood. Het is in dat geval niet nodig een ontheffing op artikel 11 (verbod op vernietigen vaste rust- en verblijfplaatsen) van de Flora- en faunawet aan te vragen.
Zo’n ontheffing is overigens niet te verkrijgen, omdat de gewone grootoorvleermuis staat vermeld op bijlage 4 van de Habitatrichtlijn en ruimtelijke ontwikkelingen geen in de Habitatrichtlijn genoemd belang zijn. 2
Literatuur
Dienst Regelingen. 2011. Soortenstandaard Gewone grootoorvleermuis Plecotus auritus. Ministerie van EL&I, Den Haag. Vleermuisvakberaad Netwerk Groene Bureaus, Zoogdiervereniging en Gegevensautoriteit Natuur. 2012. Vleermuisprotocol 2012. Gegevensautoriteit Natuur, Netwerk Groene Bureaus en Zoogdiervereniging.
3