12 Verordening Starterslening 2025 (1 raadsvoorstel)
Tekst van het document
Zaaknummer: 1025883
gemeente Hilvarenbeek
Voorstel aan de raad In de vergadering van Behandeld in college op Behandeld in commissie(s) Agendapunt Beleidsveld Onderwerp
: 17 april 2025 : 11 februari 2025 : Ruimte van 27 maart en 3 april 2025 : 12 : Volkshuisvesting/ Financiën : Leenproducten SVN/ Verordening starterslening 2025
Voorstel 1. Vanaf heden te stoppen met het toepassen van de Verzilverlening en Blijverslening en de bijbehorende verordeningen in te trekken; 2. Vanaf heden te stoppen met het toepassen van de Duurzaamheidslening en derhalve de bijbehorende verordening in te trekken; 3. De nieuwe Verordening Starterslening gemeente Hilvarenbeek 2025 vast te stellen, en de vigerende Verordening starterslening gemeente Hilvarenbeek 2023 in te trekken; 4. Het resterende budget van max. € 280.000,-, dat niet meer ingezet wordt voor de Duurzaamheidslening vanaf heden beschikbaar stellen voor de Starterslening. 5. Bij de behandeling van de Voorjaarsnota 2025 ter integrale afweging te betrekken een extra budget, met de bijbehorende structurele last, voor de Starterslening van 2 miljoen, waarvan € 1.250.000 wordt geoormerkt tbv CPO projecten.
Inleiding Bij de Voorjaarsnota 2024 besloot uw raad tot het direct beschikbaar stellen van extra middelen voor de starterslening aangezien het beschikbare budget volledig benut was. Deze winter is het nieuw beschikbaar gestelde budget opnieuw volledig benut waardoor op dit moment geen nieuwe aanvragen toegekend worden. Uw raad heeft gevraagd om aandacht voor het vervolg van deze regeling. Het college meent in dit verband meteen een bredere afweging te kunnen maken in relatie tot de andere leenproducten die onze gemeente aanbiedt. Het gaat hierbij naast de Starterslening om de Blijverslening, Verzilverlening en Duurzaamheidslening.
Argumenten 1.1 Van de Verzilverlening en Blijverslening is nauwelijks gebruik gemaakt. Sinds de vaststelling van de verordeningen Verzilverlening en Blijverslening in april 2019, is slechts enkele malen hiervan gebruik gemaakt. Het gaat om 1 maal Blijverslening en 2 maal een Verzilverlening tot op heden, voor totaal ca. € 60.000. Met de Verzilverlening is het mogelijk om de overwaarde op het huis aan te wenden voor aanpassingen in de woning die bijdragen aan het levensloopbestendig maken daarvan. Het is een hypothecair product, met een maximaal leenbedrag van € 35.000 waarbij geen maandelijkse aflossing en rentebetaling plaats vindt, maar waarbij de rente (huidig 1,7%) jaarlijks bij de restschuld wordt opgeteld. Schuld wordt afgelost bij einde looptijd, verkoop van het pand of bij overlijden. 1
Raad van 17 april 2025, nr. 12
Met de Blijverslening kunnen zowel huurders als eigenaren middels consumptief krediet (max. €10.000, rente 2,3%) danwel hypothecaire lening (eigenaren, max. €35.000, rente 1,7%) geld lenen voor het aanpassen van de woning a.g.v. een zorgvraag danwel t.b.v. levensloopbestendigheid. Vermoedelijke oorzaak van het beperkte gebruik van deze producten is dat reguliere geldverstrekkers tegenwoordig ook beschikken over vergelijkbare producten. Het beperkte gebruik lijkt ons onvoldoende om te beargumenteren dat we hiermee kennelijk in een brede maatschappelijke behoefte voorzien, en achten we het daardoor niet wenselijk om deze producten te blijven hanteren. In het verleden is door de raad bij vaststelling van de verordeningen voor de Verzilverlening en Blijverslening bepaald dat voor de toekenning van deze producten gebruik kon worden gemaakt van beschikbare middelen voor de starterslening. Daar was op dat moment nog volop budget. Door het stoppen met deze producten, eindigt ook dat (potentiële) gebruik. Door de wijze waarop dit in het verleden is besloten, resteert er dan ook geen budget bij het beëindigen ervan. Bij toekomstige aflossingen ligt het voor de hand dat die uiteindelijk opnieuw ter beschikking komen voor de Starterslening. Gelet op de beperkt toegekende middelen zal het jaarlijkse aflossingsbedrag laag zijn.
Met name omdat op de verzilverlening in beginsel überhaupt geen tussentijdse aflossing plaats vindt, zal het geen noemenswaardig direct effect hebben in het (korte termijn)budget van de starterslening. 2.1 Er zijn andere manieren om duurzaamheidmaatregelen te financieren In het Samenlevingsakkoord 2022-2026 is opgenomen dat we inwoners een helpende hand middels financieringsregelingen bieden wanneer ze maatregelen op het vlak van energiebesparing niet zelf kunnen financieren. Met de Duurzaamheidslening is het bij ons mogelijk om middels een consumptief krediet maximaal € 25.000 te lenen tegen op dit moment 1,7% rente, tbv duurzaamheidsmaatregelen aan de eigen woning. Eerder (27 juni 2023) hebben we vragen van fractie Hoiwerkt over de Duurzaamheidslening schriftelijk beantwoord, zie bijlage. Daarin hebben wij laten zien op welke wijze de duurzaamheidslening tot dan gebruikt is in onze gemeente. De laatste anderhalf jaar zijn aanvullend daarop 26 duurzaamheidsleningen verstrekt voor een totaal bedrag van ca. € 380.000. Gemiddeld is dat ca. €15.000 per aanvraag. Het gros daarvan wordt besteed aan zonnepanelen en warmtepompen. Dat is geen substantieel ander beeld dan in juni 2023. Op dit moment is van het beschikbaar gestelde bedrag voor het aangaan van leningen nog een deel van ca. € 280.000 niet toegekend.
In de bijlagen is tevens een actualisatie van de gegevens uit de voornoemde brief opgenomen. Met de brief uit 2023, en de actualisatie daarvan in het achterhoofd zijn wij van mening dat er voor onze inwoners ook mogelijkheden zijn via het Warmtefonds om tot financiering van duurzaamheidsmaatregelen te komen. Voor de inwoners met de smallere beurs lijkt dit sowieso een regeling met meer kansen gelet op een lager instapbedrag en 0% rente. Daarnaast zijn de mogelijkheden er daar ook voor de hogere inkomens, enkel zal in dat geval een marktconformere rente (nu ca. 3,6% tot 4%) betaald moeten worden dan de 1,7 % die bij onze Duurzaamheidslening van toepassing is. Gelet hierop zouden wij de Duurzaamheidslening in onze gemeente willen beëindigen en per direct geen nieuwe leningen meer uitschrijven.
2
Raad van 17 april 2025, nr. 12
3.1 Voortzetten starterslening onder gewijzigde voorwaarden biedt mogelijkheid meer starters te ondersteunen. Hilvarenbeek is een van de meest vergrijzende gemeenten in de regio. Om als gemeente volhoudbaar voorzieningen overeind te houden en om een vitale samenleving te houden is behoud van de jeugd voor Hilvarenbeek essentieel. De keuze om te blijven investeren in de starterslening is dan ook een strategische keuze. Die investering zorgt ervoor dat jonge(re) mensen in onze gemeente kunnen blijven/komen wonen, waar de Hilvarenbeekse samenleving in de toekomst de vruchten van plukt. De starterslening zoals we die nu kennen is beschikbaar in de vorm van een hypothecaire (extra) lening voor de aankoop van een woning door een starter voor een koopsom van maximaal de NHG grens (in 2025 is dat €450.000). De maximale leensom bedraagt 20% van de aankoopsom met een absoluut maximum van € 71.000. Het afgelopen jaar is veel gebruik gemaakt van de starterslening. Het extra budget van 1 miljoen euro dat bij de Voorjaarsnota 2024 werd beschikbaar gesteld, is binnen het jaar al weer opgenomen. Dit valt te verklaren door een groot nieuwbouwproject (15 aanvragers) dat is verkocht in deze periode maar daarnaast ook nog de nodige bestaande woningen (7 aanvragers). We zien sinds de invoering van het verruimd maximaal leenbedrag van € 71.000 in 2022, dat een gemiddelde starterslening ca.
€ 56.000 bedraagt (bij totaal 52 toegekende aanvragen). In de loop der jaren zien wij dat de starterslening met golfbewegingen benut wordt. Vaak valt dat direct te koppelen aan nieuwbouwprojecten en is dat ook niet zo vreemd. We zien dat met een gemiddelde leensom van € 56.000 het van de gemeente substantiële bedragen vraagt om het middel beschikbaar te houden. Het is een revolverend systeem maar de (reguliere) aflossingen van gemiddeld kleinere leningen uit het verleden, maken dat er nog steeds substantieel geld bij moet om het draaiend te houden. We zijn van mening dat het middel nog steeds een toegevoegde waarde heeft maar gelijktijdig ook van mening dat het plafondbedrag van max. € 71.000 lager gelegd mag worden. Om het middel beschikbaar te kunnen houden maar bij voorkeur meer mensen te kunnen bedienen met een nieuwe financiële impuls, is ons voorstel de maximale leensom te verlagen tot € 55.000. Gelet op het gemiddelde sinds de laatste wijziging van de verordening zal dit voor velen nog een prima bijdrage betekenen. Ten aanzien van de vigerende verordening stellen wij behalve de maximale hoogte van de lening nog een wijziging voor m.b.t. de categorieën binnen de verordening. Op dit moment bestaan die uit bestaande bouw en nieuwbouw. We zien geen reden om principieel onderscheid te maken door één van deze categorieën uit te sluiten van de regeling.
Wel zien we reden om opnieuw een categorie ‘CPO projecten’, op te nemen in de verordening. Reden hiervoor is dat CPO projecten een lange voorbereidingstijd kennen en het voor deelnemers vooraf goed is te weten waar zij vanuit mogen gaan om niet achteraf van een koude kermis thuis te komen. Het CPO project in De Welder te Haghorst is zo’n project dat nu in voorbereiding is en later dit jaar wenst te starten met de realisatie. Het zal deelnemers makkelijker aan het project binden als er uitsluitsel is over de beschikbaarheid van de starterslening. In combinatie met het opnemen van deze categorie in de verordening stellen we dan ook een geoormerkt bedrag voor dat enkel voor die categorie kan worden ingezet. Dat bedrag blijft dan uitsluitend daarvoor beschikbaar. In de verordening is dit geborgd in de begripsomschrijving van CPO project. 4.1/5.1 Gelet op voorstaande argumenten is een nieuwe financiële impuls noodzakelijk In onze gemeente wordt sinds 2008 gelegenheid geboden aan starters op de woningmarkt om gebruik te maken van de SVN starterslening. Daarvoor zijn in het verleden op verschillende 3
Raad van 17 april 2025, nr. 12
momenten middelen beschikbaar gesteld. Met inbegrip van het budget dat bij de VJN 2024 beschikbaar kwam is tot op heden € 3.1 miljoen gestort op de rekening bij SVN. Om de starterslening voor de korte termijn (tot aan de integrale besluitvorming bij de VJN) nog te voorzien van extra middelen stellen we voor het resterende bedrag uit de Duurzaamheidslening (max. € 280.000) direct aan te wenden voor de starterslening. Om de Starterslening voor een langere termijn voort te zetten is een nieuwe financiële impuls nodig. Voor de nieuwe categorie ‘CPO project’ is een bedrag van € 1.250.000 geraamd. Dat bedrag is gebaseerd op in elk geval het reeds bij ons bekende CPO project in de Welder wat een omvang kent van maximaal 25 woningen. Uit contact met het bestuur daar blijkt dat vermoedelijk ca. 50 % van de deelnemers een starterslening wil gebruiken. Uitgaande van het voorgestelde nieuwe maximum van € 55.000 per lening, vraagt dat om een ‘reservering’ van ca. € 690.000 voor die categorie. De resterende gelden kunnen benut worden door andere (nog) te vormen CPO projecten. Voor overige aanvragen achten wij het reëel om het bedrag (van € 1,25 miljoen tbv CPO) nog aan te vullen tot € 2 miljoen. De nieuw beschikbaar te stellen bedragen leiden tot een structurele extra jaarlast bestaande uit beheerkostenvergoeding en rente.
We gaan er voor de financiële opzet van uit dat we in 2025 een bedrag van € 2 miljoen vermeerderd met een restant uit de Duurzaamheidslening van max € 280.000 storten op de rekening van SVN en dat het bedrag ook dit jaar in leningen aan starters wordt omgezet. De lasten bestaan dan uit een rentelast van € 80.000 in de jaren 2026 tot en met 2028 (rekenend met een rente van 3,5% en het gegeven dat leningen de eerste drie jaren voor de starter aflossings- en rentevrij zijn). Voor de jaren daarna gaan we ervan uit dat onze rentelast gecompenseerd wordt door de rente die we ontvangen voor de opgenomen leningen. Verder betalen we een beheervergoeding aan SVN voor het bedrag aan uitstaande leningen van ongeveer 0,6% per jaar. Dit komt neer op een structureel bedrag van € 14.000 vanaf 2026. Hier staat per saldo een voordeel tegenover a.g.v. wegvallen van kosten bij de duurzaamheidslening.
Kanttekeningen 2.1 Als gemeente bereiden we duurzaamheidsacties voor Rond de zomer willen we als gemeente de Lokale Aanpak Isolatie gaan uitvoeren. Ondanks dat een onderdeel hiervan een isolatiesubsidie is, zal het alsnog investeringen gaan vragen van bewoners. Gevoelsmatig zou het kunnen knellen dat we hier geen lokale financieringen voor hebben en dat bewoners de stap naar het Warmtefonds moeten zetten. Gelet op de bredere mogelijkheden die het Warmtefonds biedt, menen we dat dit opweegt tegen het ontbreken van een lokale regeling. 5.1 Door de dekking van de extra kosten (i.r.t. de 2 miljoen extra) te betrekken in de VJN 2025 is dat geld niet direct beschikbaar In dit voorstel besluit u tot vaststelling van een nieuwe verordening voor de starterslening. M.b.t. de dekking van de gevraagde extra middelen stellen wij voor dit integraal te wegen bij de Voorjaarsnota 2025. Dat betekent dat totdat er een besluit genomen wordt bij de Voorjaarsnota 2025 nog geen inzet van de extra gevraagde middelen plaats vindt. Dit geeft enige onzekerheid voor het lopende CPO project. Samenwerking N.v.t. 4
Raad van 17 april 2025, nr. 12
Financiën In de begroting is nog geen rekening gehouden met de lasten van het extra budget voor de starterslening. Hieronder de financiële gevolgen in beeld. Tabel met de budgettaire consequenties van het voorstel Begroting en meerjarenraming
Baten / lasten
Struct. / inci.
2025
L L L L B B
S S S S S S
-
Verwachte kosten Rentelast extra startersleningen 2 mln Rentelast extra startersleningen 280K Beheerkosten extra startersleningen 2 mln Beheerkosten extra startersleningen 280K Rentebaten extra startersleningen 2 mln Rentebaten extra startersleningen 280K Totaal te verwachten kosten Huidig budget
2026
2027
2028
2029
-70 -10 -12 -2 -
-70 -10 -12 -2 -
-70 -10 -12 -2 -
-70 -10 -12 -2 70 10
-94
-94
-94
-14
-
Vervallen rentelast duurzaamheidsleningen 280K
L
S
-
10
10
10
10
Vervallen beheerkosten duurzaamheidsleningen 280K
L
S
-
2
2
2
2
Vervallen rentebaten duurzaamheidsleningen 280K
B
S
-
-5
-5
-5
-5
Totaal huidig budget
-
7
7
7
7
Verschil te verwachten kosten en huidig budget L S Voor structureel en incidenteel hanteren we de richtlijnen van de provincie.
-
-87
-87
-87
-7
Tabel met het effect op de begrotingsresultaten Bijgestelde begroting en meerjarenperspectief waarbij - = nadelig
2025
2026
2027
2028
2029
-44
157
78
-298
-298
Structureel saldo
516
-234
-313
-258
-258
Incidenteel saldo
-560
391
391
-40
-40
Bijstelling voorstel
-
-87
-87
-87
-7
Structureel saldo
0
-87
-87
-87
-5
Incidenteel saldo
0
0
0
0
0
Bijgestelde begroting 2025-2029 ná najaarsnota 2024
Stand saldi begroting
-44
70
-9
-385
-303
Structureel saldo
516
-321
-400
-345
-263
Incidenteel saldo
-560
391
391
-40
-40
In deze tabel is geen rekening gehouden met eventuele andere besluiten die een financieel effect hebben op onze begrotingssaldi.
Effect op de solvabiliteitsratio (omdat het over een investering gaat van gelijk of meer dan 1 miljoen): Effect Solvabiliteit
2025
2026
2027
2028
2029
Stand Begroting 2025-2028
0,26
0,26
0,21
0,21
0,21
Stand Begroting 2025-2028, incl raadsvoorstel
0,26
0,25
0,20
0,21
0,21
In deze tabel is geen rekening gehouden met eventuele andere besluiten die een financieel effect hebben op onze solvabiliteit.
5
Raad van 17 april 2025, nr. 12
Communicatie De wijzigingen mbt de diverse leenproducten worden door ons afgestemd met SVN. Ook de website van de gemeente en SVN zullen aangepast worden in lijn met het besluit. Uitvoering Zodra de raad positief heeft besloten zal de verordening op de gebruikelijke en voorgeschreven wijze kenbaar worden gemaakt. De aangepaste Verordening Starterslening Gemeente Hilvarenbeek 2025 zal in werking treden op de dag na de publicatie van het besluit. De Verordening Starterslening Gemeente Hilvarenbeek 2023 vervalt op datzelfde moment. Burgemeester en wethouders van Hilvarenbeek
Burgemeester Evert Weys
secretaris Frank Jansen
Advies raadscommissie Dit voorstel is op 3 april 2025 oordeelsvormend behandeld in de commissie Ruimte. Alle fracties geven aan dat het voorstel rijp voor besluitvorming is en als bespreekstuk op de voorlopige agenda van de raadsvergadering van 17 april 2025 kan worden geplaatst. De griffier, Maarten Janus
Eindvoorstel Gelet op de uitgewisselde standpunten en gedachten tijdens de behandeling van het voorstel in de commissievergaderingen, ziet het college aanleiding het raadsvoorstel aan te passen. Om het lopende cpo project in Haghorst geen hinder te laten ondervinden van een verlaging van het maximale leenbedrag, mede gelet op de lange voorbereiding die al in dit project zit, stellen wij voor om de voorgelegde verordening aan te passen. Hierdoor ontstaat een situatie waar dat project mee verder kan en er voor toekomstige aanvragen van nieuwe CPO projecten de aangepaste grens van toepassing wordt. Vanuit het CPO hebben wij nog informatie ontvangen dat er naar verwachting voor 6 woningen de oude bovengrens van € 71.000 relevant is. De aanpassing in de verordening betreft het toevoegen van het begrip ‘lopende CPO projecten’ met het daarbij vastleggen van een separaat maximaal leenbedrag. In het verleden hebben we iets vergelijkbaars opgenomen in de Verordening starterslening 2012. In artikel 1 voegen we aan de begrippen het volgende toe: Lopende CPO projecten: projecten voor bouwen middels collectief particulier opdrachtgeverschap welke op het moment van vaststelling van deze verordening in voorbereiding zijn om tot uitvoering te komen, waar uiterlijk 1 januari 2025 een vereniging voor is opgericht.
In artikel 5 lid 7 vindt een toevoeging plaats van de maximum lening ter hoogte van 71.000 voor lopende CPO projecten. De tekst wordt daardoor: 7. In de toewijzing wordt de maximale hoogte van de Starterslening vastgesteld. Dit wordt gedaan op basis van maximaal 20% van de kostengrens van NHG met een absoluut maximum van € 71.000 voor lopende CPO projecten en € 55.000 voor alle overige aanvragen, of op basis van het nog beschikbare budget. 6
Raad van 17 april 2025, nr. 12
De definitieve weging om budget voor startersleningen ter beschikking te stellen vindt plaats bij de Voorjaarsnota 2025. Burgemeester en Wethouders van Hilvarenbeek, secretaris, Frank Jansen
burgemeester, Evert Weys
Bijlagen (digitaal in raadsinformatiesysteem) 1. Brief 27 juni 2023 (1007241) als reactie op vragen mbt duurzaamheidslening 2. Actualisatie achtergronden uit brief 27 juni 2023 3. Verordening Starterslening gemeente Hilvarenbeek 2025 (1022723)
7